Valt uw bedrijf onder de Wtta? Geplaatst 22 juni 2026 door Bureau Cicero Nog te vaak denken organisaties dat de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) alleen geldt voor uitzendbureaus. Dat is zeker niet zo. De wet kan ook van toepassing zijn op consultancybureaus of bedrijven die personeel collegiaal doorlenen en daar winst op maken. Bureau Cicero heeft een beslisboom gemaakt waarmee u eenvoudig kunt bepalen of de wet op uw organisatie van toepassing is. Als dat zo is, kunt u vervolgens bekijken of u een ontheffing kunt aanvragen of dat u toelating nodig heeft. 1: Stelt u werknemers ter beschikking om onder toezicht en leiding van een ander te werken in Nederland? Toelichting: denk aan uitzendbureaus, payrollbedrijven, detacheerders, consultancybedrijven en andere bedrijven die personeel bij een ander bedrijf laten werken. Het maakt niet uit waar uw bedrijf is gevestigd. Ook buitenlandse bedrijven vallen onder de Wtta als het werk in Nederland wordt gedaan. Ja: ga door naar vraag 2. Nee: de Wtta is niet van toepassing op uw bedrijf. U hoeft dus geen toelating of ontheffing aan te vragen. 2: Leent u uw werknemers alleen collegiaal uit? Toelichting: collegiale uitleen betekent dat u een werknemer die bij u in dienst is tijdelijk laat werken bij een ander bedrijf zonder winst te maken. De voorwaarden zijn: De werknemer is bij u in dienst; U rekent geen winst of opslag; U kunt dit duidelijk laten zien in uw administratie. Ja: de Wtta is niet van toepassing op uw bedrijf. U hoeft dus geen toelating of ontheffing aan te vragen. Nee of twijfel: ga door naar vraag 3. 3: Bent u alleen werkzaam in een sector of segment waarvoor een uitzondering is vastgesteld? Toelichting: de Wtta geldt niet voor sommige sectoren en segmenten. Dit zijn de uitzonderingen: Overheidsorganisaties en rechtspersonen die mensen met een arbeidsbeperking werk geven; Beroepsopleidingsstichtingen die bbl-studenten laten werken bij erkende leerbedrijven; Beveiligingsbedrijven en recherchebureaus met een geldige vergunning. Ja: de Wtta is niet van toepassing op uw bedrijf binnen deze sector of dit segment. U hoeft dus geen toelating of ontheffing aan te vragen. Nee: ga door naar vraag 4. 4: Is terbeschikkingstelling van werknemers bij uw bedrijf slechts een zeer beperkte nevenactiviteit? Toelichting: bedrijven die maar weinig personeel uitlenen, kunnen in sommige gevallen ontheffing aanvragen. Dit geldt als: De omzet uit uitlenen minder is dan 10% van de totale omzet; En deze omzet is niet hoger dan € 5 miljoen per jaar. Ja: u komt mogelijk in aanmerking voor ontheffing. U vraagt deze digitaal aan bij de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU). Dit kan van 1 mei 2027 tot en met 30 juni 2027 via deze website. Met een geldige ontheffing mag u personeel uitlenen zonder toelating. Nee of twijfel: de Wtta is op uw bedrijf van toepassing. U moet toelating aanvragen bij de NAU. Dit kan van 1 mei 2027 tot en met 30 juni 2027 via deze website. Alleen met een toelating mag u personeel uitlenen. Bron: toelatinguitleenmarkt.nl Aan deze beslisboom kunnen geen rechten worden ontleend. Lees ook: Wtta en schijnzelfstandigheid – hoe zit dat en wat moeten inleners ermee? Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Bureau Cicero, wtta | Laat een reactie achter
Auditdienst Rijk sluit zzp’ers met BV uit bij aanbesteding interim-opdrachten Geplaatst 21 juni 2026 door ZiPredactie Bij een uitvraag voor tijdelijke auditors voor de Auditdienst Rijk (ADR) worden DGA’s (directeur-grootaandeelhouders) van BV’s expliciet uitgesloten. Dat blijkt uit de tekst van de aanbesteding, in handen van ZiPconomy. De enigszins verwarrende – en afwijkende – tekst leidt tot verbazing en irritatie bij experts en betrokken marktpartijen. Ze zien het als een nieuw voorbeeld van gebrek aan regie en kennis bij het inhuurbeleid van de Rijksoverheid. De situatie doet ook denken aan een eerdere zaak waarbij de gemeente Pijnacker-Nootdorp op de vingers werd getikt bij het categorisch uitsluiten van alle zzp’ers bij een opdracht. Volgens het ministerie van Financiën, waar de ADR onder valt, voldoet de aanvraag onder het staand beleid van het kabinet. Uitsluiting De ADR, de onafhankelijke interne auditor van de Rijksoverheid, zoekt voor het najaar tijdelijk uitbreiding van haar capaciteit en heeft daarom een bij (eerder geselecteerde) mantelpartijen een aanvraag uitgezet voor 18 tijdelijke auditors. Voordat in de aanbesteding ingegaan wordt op de inhoud van de opdracht, wordt duidelijk gemaakt dat inschrijvers – dat zullen veelal bureaus zijn – moeten aangeven of een kandidaat een zzp’er is of iemand die gedetacheerd is (en dus in loondienst van een bureau). Dat “in verband met de wet DBA”. Dat is niet onlogisch. In een toelichting staat dat een “opdrachtnemer” de “werkzaamheden zelfstandig in[deelt] wanneer het een opdracht op zzp-basis betreft.” Ook dat is helder. De toelichting gaat echter verder met de opvallende tekst: “kandidaat is geen directeur-grootaandeelhouder (DGA) van de B.V. of heeft een Declarabele Uren B.V.” De reden waarom deze groepen worden uitgesloten wordt in de uitvraag zelf niet nader toegelicht. Een woordvoerder van het ministerie laat aan ZiPconomy weten “Bij een eerdere gunning van een soortgelijke opdracht binnen hetzelfde raamcontract was door een marktpartij een vraag gesteld. Deze vraag ging over het aanbieden van kandidaten via de in de vraag genoemde constructies (DGA en declarabele uren). In de nota van inlichtingen is toen aangegeven dat voor fiscale doeleinden waarschijnlijk ‘door de BV heen gekeken wordt’ en er alsnog schijnzelfstandigheid ontstaat. Voor de inzet hiervan geldt daarom hetzelfde als voor de inzet van een zzp’er. Om dit vooraf duidelijk te maken is dit nu ook vermeld in de uitvraag.” Na de uitleg over zzp, met de uitsluiting van zzp’ers met een BV, staat inderdaad ook te lezen dat “gelet op de aard en omstandigheden van de opdracht (…) de opdracht de kenmerken van een arbeidsovereenkomst (heeft). Met het oog daarop moet rekening worden gehouden met de vigerende wet- en regelgeving en jurisprudentie wat betreft de arbeidsrelatie. Inschrijver dient een offerte aan te bieden die hieraan voldoet en waarbij schijnzelfstandigheid wordt voorkomen.” Een nadere toelichting hoe tot deze afweging is gekomen ontbreekt. Verbazing Met name de formulering rond de BV wekt de nodige verbazing bij marktpartijen en experts die ZiPconomy sprak. Om te beginnen gaat het hier om twee verschillende groepen. Een DGA is iemand die minimaal 5% van de aandelen van een onderneming bezit. Het maakt daarbij niet uit of iemand statutair directeur is of slechts meewerkt in de onderneming. Waarom iemand die bijvoorbeeld mede-eigenaar is van een advies- of detacheringsbureau, en dus geen zzp’er, hier wordt uitgesloten is onduidelijk. Het is in ieder geval niet passend bij de Wet DBA-context. “Ze bedoelen hier waarschijnlijk een ‘eenmans-BV'”, zegt Alexander Kist, partner bij W&RK Advies, “maar dat staat er niet en ook dan is geen deugdelijke onderbouwing te bedenken voor die uitsluiting.” De toelichting dat de uitsluiting gedaan wordt omdat ‘door een bv heen gekeken kan’ worden noemt Kist misplaatst. Hij wijst erop dat daar wel – “hooguit een handvol zaken” – jurisprudentie over is, maar dat die alleen geldt “indien een bv is opgericht met uitsluitend de (kennelijke) bedoeling om schijnzelfstandigheid te omzeilen.” Dat is dus hoogst zelden het geval. Ook bij advocaat Joost van Ladesteijn van Vertex Legal doen de formuleringen de wenkbrauwen fronsen. “Te beginnen bij de verwijzing naar de Wet DBA, waarvan nu zo vaak – ook door de Belastingdienst – is aangegeven dat hierop niet wordt gehandhaafd.” Daarnaast noemt hij het ‘onbegrijpelijk’ dat een DGA zonder nadere motivering bij voorbaat wordt uitgesloten. Zoals Ladesteijn in dit artikel al eens uitgebreid toelichtte dient de beoordeling van iemand met een bv daarnaast wezenlijk anders te gebeuren dan een zzp’er met een eenmanszaak. Daar houdt deze aanvraag geen rekening mee. Juist het feit dat de situatie bij een bv anders is dan met een zzp’er met een eenmanszaak maakt dat de webmodule niet geschikt is om de kwalificatie arbeidsrelatie van een zelfstandige met een bv te controleren. Een declarabele-uren-bv is een andere situatie. Bij de DUbv – overigens geen juridische term maar een commerciële naam van een dienst – is de eigenaar van de bv volledig werknemer van de bv. Anders dan bij een DGA betaalt deze persoon volledig alle sociale premies die passen bij een werknemer. De persoon is volledig in dienst en detacheert zichzelf naar een klant. De persoon is daarmee geen zzp’er, noch een bijzondere vorm van zzp-schap, en dus roept ook deze uitsluiting – in de context van zzp en de Wet DBA – vragen op. Uitsluiten alle zzp’ers Ook bij het feit dat uiteindelijk alle zzp’ers uitgesloten worden plaatst Ladesteijn vraagtekens. “Er kan niet gezegd worden dat bij enkel een beoordeling van gezichtspunt 1 (uit het Deliveroo-arrest, red.), de aard van de werkzaamheden, de opdracht de kenmerken heeft van een arbeidsovereenkomst, voor zover dat hier wordt bedoeld. Zo werkt simpelweg de holistische toets niet.” Gemeente kreeg tik op de vingers bij uitsluiten zzp Deze ADR-casus doet denken aan de zaak die onlangs speelde bij de gemeente Pijnacker-Nootdorp. Die gemeente sloot bij een opdracht bij voorbaat alle zzp’ers uit. Een zelfstandig interim-manager diende daarop een klacht in en kreeg gelijk. De gemeente mocht – zonder duidelijke motivatie – zzp’ers niet uitsluiten van deze aanbesteding, zo oordeele een onafhankelijke klachtencommissie. Die motivatie ontbreekt ook hier. De klachtencommissie vond dat buitenproportioneel en niet in lijn met het aanbestedingsrecht. De gemeente gaat de aanbesteding overdoen. Kist: “Het disproportionaliteit principe lijkt me rond het argument dat er door een bv heen gekeken kàn worden hier wel een stuk groter.” Leidraad Ondertussen maakt minister Aartsen van Werk & Participatie – tevens verantwoordelijk voor het zzp-beleid – er regelmatig een punt van dat de Rijksoverheid het goede voorbeeld moet geven bij het inhuren van zzp’ers. Bijvoorbeeld door te beginnen bij het kijken naar het ondernemerschap van de kandidaten en zzp’ers niet categorisch uit te sluiten van opdrachten. Dat bevestigde hij onlangs nog in een Kamerbrief. Dat moet ook onderdeel worden van een nieuwe campagne die hij heeft aangekondigd met als titel: ‘Zo kan zzp wél’. Ook heeft Aartsen aangekondigd dat de leidraad schijnzelfstandigheid bij inhuur externen van de Rijksoverheid wordt aangepast en geactualiseerd. Het beleid rond inhuur extern personeel valt onder de verantwoordelijkheid van het Ministerie van Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties (BZK). Die leidraad is begin van dit jaar in lijn gebracht met recente jurisprudentie, zo laat een woordvoerder van BZK weten. Er wordt nog gewerkt aan verdere actualisering om zo te komen tot een zo uniform mogelijk rijksbreed beleid. De nieuwe versie wordt niet voor de zomer verwacht, zo laat BZK weten. Overigens, zo benadrukt de woordvoerder, de leidraad blijft algemeen en het is aan de diverse onderdelen van de Rijksoverheid om daar zelf verder een eigen invulling aan te geven. De ADR heeft die leidraad – en het beleid van minister Aartsen – ook gevolgd, zo laat een woordvoerder van het ministerie van Financiën weten. “In zijn Kamerbrief benadrukt minister Aartsen dat het aan de aard van de werkzaamheden ligt of een zzp’er een overheidsopdracht mag uitvoeren. De aard van de werkzaamheden deze ADR opdracht is vooraf getoetst op de geldende juridische gronden. De uitkomst van deze toets was dat het werkzaamheden betreft die niet door een zzp’er kunnen worden uitgevoerd zonder dat schijnzelfstandigheid ontstaat. De opdracht was dus op basis van deze toets niet geschikt bevonden voor zzp’ers. Daarom is aan de raamcontractpartijen gevraagd om geen zzp’ers aan te bieden.” Irritatie Waar de formuleringen over de bv’s en declarabele uren bv’s bij Kist en Ladesteijn vooral verbazing oproepen, leeft er onder verschillende marktpartijen die ZiPconomy sprak vooral irritatie. Het stoort deze partijen – die betrokken zijn bij diverse aanbestedingen voor inhuur van extern personeel voor de Rijksoverheid en die daarom ook alleen anoniem willen reageren – dat dit soort voorwaarden in aanbestedingen gebaseerd zijn op verouderde of onjuiste inzichten, en dat verschillende onderdelen van de Rijksoverheid andere regels hanteren bij het inhuren van extern personeel. Meer structureel noemen de partijen dat verschillende onderdelen van de Rijksoverheid ook verschillend beleid hanteren. Nieuwe voorwaarden als deze rond bv’s, maar soms ook voorwaarden die nog gebaseerd zijn op verouderde uitleg van jurisprudentie – een uitleg die bijvoorbeeld gebruikt is bij de eerste versie van de conceptwet VBAR, een wet die ondertussen door het nieuwe kabinet van tafel is gehaald. “Een leidraad schijnzelfstandigheid blijkt zo toch vooral een lijstje met wat er niet kan.” zo reageert een van hen. “We snappen ook wel dat niet elke opdracht zich leent voor invulling door een zelfstandige. Maar de nieuw lijn ‘zzp kan wel’ vraagt wat mij betreft meer afstemming met marktpartijen, meer beleidsregels gericht op kijken naar mogelijkheden. Dat ontbreekt nog.” ##UPDATE## Minister Aartsen heeft op 24 juni naar aanleiding vragen uit de Kamer over dit artikel toegezegd dat de leidraad inhuur Rijksoverheid op korte termijn aangepast wordt. Meer daarover in dit artikel. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Aartsen, rijksoverheid | 12s Reacties
AI en vergrijzing schudden zakelijke dienstverlening op Geplaatst 19 juni 2026 door Mario Bersem De snelle opkomst van kunstmatige intelligentie plaatst vooral professionele dienstverleners voor grote veranderingen. Werk dat voorheen uren kostte, kan nu in minuten. Dat raakt het verdienmodel van onder meer advocaten en accountants direct. Tegelijkertijd drukt de vergrijzing op de sector en blijft de groei nauw verbonden met de Nederlandse economie. De sector zakelijke dienstverlening (ZDV) is sterk verweven met de Nederlandse economie en levert diensten aan alle andere sectoren. Dit varieert van arbeidsbemiddeling (uitzend- en detacheringsbureaus) en professionele dienstverlening (zoals advocaten en accountants) tot facilitaire diensten zoals schoonmaak en beveiliging. De sector vertegenwoordigt ongeveer 15 procent van het bruto binnenlands product (bbp) en beweegt doorgaans mee met de economische cyclus. Na een economische groei van 1,8 procent in 2025 voorziet ABN AMRO een bbp-groei van 0,9 procent in 2026 en 1,1 procent in 2027. De zakelijke dienstverlening volgt dit patroon met een volumegroei van 1,5 procent in 2025 en een afzwakking richting ongeveer 1,0 procent in 2026 en 2027. Daarmee weerspiegelt de sector de afkoelende conjunctuur. Tegelijkertijd vormen personeelstekorten de belangrijkste beperkende factor voor verdere groei. Binnen de sector bestaan duidelijke verschillen. De arbeidsbemiddeling is cyclisch en gevoelig voor economische schommelingen, waarbij arbeidsmarktkrapte en toenemende regulering de groei beperken en marges onder druk zetten. Facilitaire dienstverlening wordt eveneens gedreven door beschikbaarheid van personeel en veranderingen in de werkomgeving. Hybride werken stelt nieuwe eisen aan schoonmaak en catering, bijvoorbeeld, en vraagt om flexibiliteit qua capaciteit. Professionele dienstverlening is relatief stabieler over de cyclus, maar ondergaat tegelijkertijd een fundamentele transformatie door AI, waarbij vooral gestandaardiseerde diensten onder druk staan en complexe, specialistische dienstverlening juist aan belang wint. Economie en arbeidsmarkt bepalend voor zakelijke dienstverlening De zakelijke dienstverlening is conjunctuurgevoelig, maar relatief beperkt blootgesteld aan enkele van de bedrijfsrisico’s die elders spelen. Zo is de externe financieringsbehoefte doorgaans laag, waardoor stijgende rentes minder impact hebben. Ook energie- en materiaalprijzen spelen een beperkte rol, omdat het werk in de sector vooral door mensen wordt gedaan. Vergelijk dit met kapitaalintensieve sectoren als de landbouw of de industrie met grote machines die investeringen vereisen en veel energie verbruiken. Lees ook: ABN AMRO: ondanks krappe arbeidsmarkt stuwt de overheid de economie De sterke afhankelijkheid van menselijk kapitaal maakt de zakelijke dienstverlening kwetsbaar voor krapte op de arbeidsmarkt. Personeelstekorten vormen volgens ondernemers in de Conjunctuurenquête COEN van het CBS de grootste belemmering: 42 procent van de ondernemers in de zakelijke dienstverlening noemt een ‘tekort aan arbeidskrachten’ als belangrijkste knelpunt, tegenover 30 procent van alle ondernemers. Deze krapte vertaalt zich direct in operationele beperkingen. Door inflatie en schaarste stijgen de loonkosten, terwijl personeel in sommige gevallen simpelweg niet beschikbaar is. Daardoor wordt het voor ondernemers lastig om aan de vraag te voldoen. Vooral in arbeidsintensieve branches zoals schoonmaak en beveiliging is de druk groot, waardoor marges sneller onder druk staan en groei moeilijker wordt. Naast de afkoelende conjunctuur is de arbeidsmarkt daarmee de belangrijkste rem op verdere expansie van de sector. Geopolitiek, vergrijzing en AI-transitie zijn grootste uitdagingen Naast economische factoren die invloed hebben op de zakelijke dienstverlening kent de sector structurele risico’s. De internationale verwevenheid van de Nederlandse economie maakt ook de sector zakelijke dienstverlening gevoelig voor geopolitieke ontwikkelingen en verstoringen in handelsrelaties, bijvoorbeeld met de VS, zoals blijkt uit eerder ABN AMRO onderzoek. Opvolging is een ander structureel risico: terwijl twee derde van de ondernemers verwacht binnen tien jaar te stoppen, is opvolging vaak nog niet geregeld, zo blijkt uit ABN AMRO onderzoek in samenwerking met Ipsos I&O. Dit kan leiden tot verlies van kennis, schaal en continuïteit binnen de sector. Technologische innovatie, en met name de opkomst van kunstmatige intelligentie (AI), vormt zowel een bedreiging als een kans voor het toekomstige verdienvermogen van zakelijke dienstverleners. AI biedt duidelijke kansen door automatisering van routinematige werkzaamheden, verbetering van productiviteit en ondersteuning van besluitvorming. In arbeidsbemiddeling leidt dit bijvoorbeeld tot efficiëntere matching van vraag en aanbod, terwijl in de professionele dienstverlening standaardprocessen sneller en goedkoper kunnen worden uitgevoerd. Tegelijkertijd brengt deze technologische transitie nieuwe risico’s met zich mee omdat AI bestaande verdienmodellen onder druk zet, met name waar het gaat om uurtje-factuurtje werk. De combinatie van arbeidsmarktkrapte, technologische verandering en geopolitieke onzekerheid bepaalt het risicoprofiel van de sector. In een positief scenario leidt technologische adoptie tot productiviteitsverbetering en verlichting van de personeelskrapte. In een negatief scenario blijft de arbeidsmarkt langdurig krap en nemen kosten en regulering verder toe, wat de winstgevendheid en groeimogelijkheden onder druk zet. Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags AI, arbeidsmarktkrapte, vergrijzing, zakelijke dienstverlening | Laat een reactie achter
De SER heeft een nieuwe leerwijzer voor zzp’ers: zo blijf je als zelfstandige leren en ondernemen Geplaatst 19 juni 2026 door ZiPredactie De markt verandert snel. Nieuwe technologie, AI, de energietransitie, veranderende wet- en regelgeving: als zzp’er moet je voortdurend meebewegen. Maar wie organiseert jouw ontwikkeling? Als zelfstandige heb je geen werkgever die een cursus boekt of een functioneringsgesprek plant. Dat doe je zelf, en dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De Sociaal-Economische Raad (SER) speelt daar op in met de nieuwe ZZP LLO-wijzer: leren en ontwikkelen voor succesvol ondernemerschap. De publicatie is gratis online beschikbaar en biedt inzicht, herkenning en concrete tips. Drie zzp-profielen De wijzer vertrekt vanuit een simpele maar belangrijke observatie: dé zzp’er bestaat niet. De ene zelfstandige volgt regelmatig cursussen om zijn vakkennis op peil te houden. Een ander leert vooral door te doen, nieuwe opdrachten, andere opdrachtgevers, onverwachte situaties. En er zijn zzp’ers die simpelweg weinig toekomen aan ontwikkeling, door tijdsdruk, onzeker inkomen of andere omstandigheden. Daarom werkt de wijzer met drie herkenbare profielen: De scholingsgerichte zzp’er — leert via opleidingen, cursussen en trainingen, vaak in sectoren waar bijblijven verplicht is (zorg, onderwijs, financieel, juridisch). De praktijklerende zzp’er — leert door te doen, via opdrachten, klanten en nieuwe uitdagingen. De zzp’er met beperkte ontwikkelruimte — komt minder toe aan ontwikkeling, door tijdsdruk, financiële onzekerheid of andere belemmeringen. De profielen zijn geen hokjes, maar helpen je sneller inzien welke kansen en drempels bij jouw situatie passen. Ondernemersvaardigheden Vakmanschap en ondernemerschap zijn twee verschillende dingen. Veel zzp’ers starten vanuit hun beroep — als zorgverlener, installateur, tekstschrijver, fotograaf of kapper. Maar om als zelfstandige succesvol te blijven, heb je ook ondernemersvaardigheden nodig: acquisitie, prijsstrategie, administratie, marketing, netwerken en kennis van wet- en regelgeving. Die skills zijn in de praktijk vaak onderbelicht. De wijzer besteedt er expliciet aandacht aan, en laat zien hoe ze zzp’ers helpen sterker te staan richting opdrachtgevers en bewustere keuzes te maken over hun bedrijf. Lees ook: Dit worden de belangrijkste skills voor freelancers volgens Upwork Leren en ontwikkelen De SER benadrukt dat leren en ontwikkelen niet per se een dure opleiding of een intensief traject hoeft te betekenen. Een eerste stap kan heel concreet en klein zijn: Bijhouden wat je leert in opdrachten Feedback vragen aan een opdrachtgever Een korte workshop of webinar volgen Een ondernemersscan doen Een netwerkbijeenkomst bezoeken Wekelijks een half uur reserveren voor je eigen ontwikkeling Voor wie toch meer wil wijst de wijzer op praktische hulpmiddelen zoals Leeroverzicht.nl (voor het vinden van passend aanbod én financieringsmogelijkheden) en de 3e leerweg binnen het mbo, een flexibele route waarbij je erkenning kunt krijgen voor wat je al in de praktijk hebt geleerd, via EVC (Erkenning van Eerder Verworven Competenties). Voor zzp’ers en hun omgeving De wijzer is in de eerste plaats bedoeld voor zzp’ers en zelfstandig ondernemers zelf. Maar ook organisaties die zzp’ers ondersteunen zoals branche- en beroepsverenigingen, ondernemersadviseurs, KVK, regionale netwerken, kunnen er direct mee aan de slag. De publicatie is ontwikkeld op basis van literatuuronderzoek en gesprekken met zzp’ers, experts en belangenbehartigers, in samenwerking met de SER-werkgroep ZZP. De ZZP LLO-wijzer is gratis te raadplegen via publicaties.ser.nl Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags learning, ser | Laat een reactie achter
Temper is tóch een uitzendbureau, wat hangt Temper (en de opdrachtgevers) boven het hoofd? Geplaatst 18 juni 2026 door Annet Maseland Temper is geen neutraal prikbord met zzp-opdrachten maar een actieve bemiddelaar van personeel. Het oordeel van het Gerechtshof Amsterdam dreunt na in de flexbranche. Michiel Vergouwen, die als advocaat optreedt namens de vakbonden, reageert opgelucht. Voor de bonden stond het al die tijd buiten kijf dat de Tempers geen ondernemers zijn, “kijk alleen naar het uurtarief”. Hij is blij dat rechters dat in hoger beroep door de constructie heen hebben gekeken. Hij heeft er dan ook alle vertrouwen dat het arrest, mocht Temper in cassatie gaan, zal standhouden. Als de uitspraak inderdaad standhoudt, zullen op enig moment claims volgen. Want als Tempers werknemers zijn, betekent dat onder meer recht op gelijke beloning en arbeidsvoorwaarden, maar ook pensioenopbouw, loondoorbetaling bij ziekte en alle andere arbeidsrechten. Een giga-claim aan nabetalingen, zegt Vergouwen, maar ook eentje die ingewikkeld uit te voeren is. Want hoewel het hof bepaalt dat alle zzp’ers die voor Temper werken met terugwerkende kracht uitzendkrachten zijn, moeten de vorderingen die volgen uit de cao individueel worden bepaald. En dan gaat het om vele tienduizenden Tempers die in de afgelopen jaren miljoenen opdrachten hebben uitgevoerd. Een claim van deze omvang heeft zich nog niet eerder voorgedaan. “We verwachten en hopen dat Temper de bonden zal opzoeken om samen tot een praktische oplossing te komen”, zegt Vergouwen. Lees ook: Temper- en Helpling-zaak tonen aan: onzelfstandige arbeid hoort thuis in een arbeidsovereenkomst Claim op claim op claim Arbeidsrechtadvocaat Jasper van der Voet van Pellicaan Advocaten is niet verrast door de uitspraak. “Dat Tempers geen ondernemers zijn, voelde iedereen op z’n klompen aan. Wat wil je, als je een student plaatst in een strandtent om daar als ondernemer in de bediening te werken. De vraag is: wie pakt het bonnetje op? Dat is Temper, zegt het hof.” En dat bonnetje kan enorm in de papieren lopen, vervolgt hij. Om te beginnen heeft het hof bepaald dat de fee van 1 euro per uur die de werkers aan het platform moesten afdragen, terugbetaald moet worden. Nu Temper net als alle uitzendbureaus onder de Waadi valt, moet die fee terug naar de werkers, oordeelde de rechters; een bemiddelingsfee vragen aan de werkers is namelijk verboden onder de Waadi. “De fiscus zal bij de werkgever op de stoep staan om niet betaalde loonheffing na te vorderen”, verwacht Van der Voet. “Dat kan naar schatting oplopen tot 50 tot 100% van het betaalde tarief. Vervolgens zal pensioenfonds StiPP zich waarschijnlijk melden om pensioenpremies te vorderen.” Volgens fiscaal-jurist Jacques Raaijmakers, zal de fiscus waarschijnlijk met hun onderzoek de cassatie afwachten. “Mocht het definitief vaststaan dat sprake is van arbeidsovereenkomst, dan zal de fiscus waarschijnlijk niet verder naheffen dan 1 januari 2025, de datum dat het handhavingsmoratorium eraf werd gehaald. Alsnog zal de schade aanzienlijk zijn.” En daar komen de civielrechtelijke massaclaims van de bonden inzake de loonvorderingen van uitzendkrachten dan nog bovenop. Het betaalde tarief zal waarschijnlijk het periodeloon wel dekken, verwacht Van der Voet. “Maar Temper zal afgezien daarvan alle beloningselementen moeten nabetalen, van reiskosten tot vakantiedagen en doorbetaling bij ziekte.” “In het arrest heeft het hof alleen een verklaring voor recht afgegeven”, benadrukt hij, maar de beslissing is niet uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dat betekent dat de beslissing pas opeisbaar is na het verstrijken van de cassatietermijn. Tenzij Temper daadwerkelijk in cassatie gaat. Daar zal Temper vermoedelijk wel toe overgaan. StiPP en de Belastingdienst zullen deze procedure vermoedelijk afwachten. Als individuele Temper-werkers achterstallig loon willen navorderen, kan dat al wel. Met dit arrest in de hand, maken zij een aardige kans. Maar weinig werkers zullen dat nu al doen, schat ik zo in.” Inlenersaansprakelijkheid Welk risico loopt de inlener? Dat is de vraag die bij de uitspraak van de rechtbank boven de markt bleef hangen. Bij wie wordt de uiteindelijke bon neergelegd? De rechter heeft in het arrest niet voor recht verklaard dat de opdrachtgevers aansprakelijk zijn voor te laag betaalde lonen. Maar dat hoeft helemaal niet, zegt arbeidsrechtadvocaat Maarten Tanja van Köster Advocaten. “De inleners zijn aansprakelijk voor niet-betaalde loonheffingen op grond van de Wet Aanpak schijnconstructies. Die hobbel is meteen genomen, doordat Temper als uitzend-werkgever is aangemerkt.” Fiscaal geldt dat ook. “Als Temper de loonheffing niet kan betalen – en dat is niet ondenkbaar – volgt uit de wettelijke inlenersaansprakelijkheid, dat de opdrachtgevers kunnen worden aangesproken voor niet betaalde loonheffing, zegt Van der Voet. “Overigens is hier al jaren voor gewaarschuwd.” Ook wat betreft de civielrechtelijke loonvordering lopen de opdrachtgevers risico, vult Van der Voet aan. “De Wet aanpak schijnconstructies geeft uitzendkracht de keus wie ze mogen aanspreken bij loonvorderingen: de opdrachtgever of Temper of allebei.” Cassatie Beide advocaten verwachten dat Temper in cassatie zal gaan, al is het maar om eventuele nabetalingen voor zich uit te schuiven. Op zich vindt Tanja het arrest goed te volgen. “In het oordeel van de rechtbank werd de arbeidsrelatie buiten beschouwing gelaten. Alleen de constructie is beoordeeld. In hoger beroep beoordeelde het hof de arbeidsrelatie wél en vielen de punten daarna als dominostenen één voor één om. De bemoeienis van Temper met het platform is daarbij zodanig dat het de rol van uitzender heeft, en niet die van bemiddelaar, zoals het zelf had aangedragen.” Mocht Temper in cassatie gaan, dan zit daar weinig ruimte om tot een andere beoordeling te komen, schat Tanja in. Wat wel eventueel nog voor cassatie vatbaar is, is de eenvormigheid van de groep werkers, meent hij. Temper voerde verweer dat in lijn van het Uber-arrest de werkers te veel van elkaar verschillen voor een gemeenschappelijke beoordeling van de zelfstandigheid. De ene zzp’er is de andere niet, zelfs als ze hetzelfde (soort) werk doen. Daar heeft Temper ze een kwetsbaar punt in dit arrest te pakken, aldus Tanja. Voor Van der Voet is het nog geen gelopen race. Ook hij denkt dat het “heterogeniteitsbeginsel” een aspect is dat heroverwogen kan worden. Tegelijkertijd tekent hij aan dat de Temper-werkers van een ander kaliber zijn dan taxi-chauffeurs van Uber als het gaat om ondernemerschap. “Bij Temper gaat het vaak om studenten die zich inschrijven bij de Kamer van Koophandel, omdat het moet van het platform. Het externe ondernemerschap is in deze zaak ook minder doorslaggevend, nu de overige punten heel duidelijk wijzen op loondienst.” Er zijn wel andere technisch-juridische punten waar je vraagtekens bij kan zetten. Is het wel een uitzendovereenkomst bijvoorbeeld? “Daar is natuurlijk veel voor te zeggen, maar in het arrest is het weinig onderbouwd.” Fiscaal-jurist Raaijmakers is dat met hem eens. Hij vindt dat het hof op punten kort door de bocht gaat: “Aan een punt als inbedding wordt wel heel snel voorbijgegaan. Ik kan me voorstellen dat een Hoge Raad een andere zienswijze heeft.” Advocaat Joost van Ladesteijn sluit daar bij aan. Bij schoonmaakplatform Helpling stond vast dat er sprake was van een bijzondere arbeidsovereenkomst. Onderzocht werd waar in de driehoeksverhouding sprake is van een arbeidsovereenkomst. Dat is anders in Temper. De door het hof vastgestelde splitsing in formeel gezag (Temper) en materieel gezag (opdrachtgever) zou hier nog wel eens kunnen opspelen in cassatie. Hoezo is er bijvoorbeeld sprake van leiding en toezicht bij de inlener? Sneuvelt die vaststelling, stort het kaartenhuis in, want dan ook geen vol gezag. Dit maakt het opvallend dat summier wordt getoetst aan de schillende elementen van artikel 7:610 en 690 BW” Lees ook: Nieuwe internationale afspraken moeten platformwerk toekomstbestendig(er) maken Andere platforms Voor alle partijen die op dezelfde manier werken, is dit een wakeup call, zegt Van der Voet,. “Er bestaat gerede kans dat het dan ook als uitzendwerk wordt gezien. De uitzendbureaus zullen dit arrest met gejuich hebben ontvangen.” Tanja knikt. “Door niet de bijbehorende premies en belastingen te betalen én sectorale arbeidsvoorwaarden te negeren, is wat Temper doet feitelijk oneerlijke concurrentie, waarbij ze uitzendbureaus uit de markt drukken.” Temper was zich niet beschikbaar voor inhoudelijk commentaar, anders dan dat een woordvoerder zegt “zeer verrast te zijn door de uitspraak”. Temper gaat de komende weken het arrest bestuderen en zich beraden op cassatie. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags deliveroo, platform, schijnzelfstandigheid, Temper, vakbonden | 1 Reactie
AI is een bril, geen orakel. Waarom HR bij de selectie het morele kompas moet blijven Geplaatst 18 juni 2026 door Albert Allmers ‘Kun jij niet gewoon even A’ over deze cv’s laten gaan, dan praten wij daarna alleen nog met de top 5?’ Die vraag hoor ik als executive searcher en assessor steeds vaker. Het klinkt efficiënt, bijna vanzelfsprekend. We zijn gewend geraakt aan tools die ons nieuws selecteren, routes optimaliseren en zelfs onze sociale contacten filteren. Waarom zou je dan als HR-professional nog zelf door stapels cv’s worstelen, als een algoritme dat in seconden kan? De verleiding van snelle selectie AI is in razend tempo het wervings- en selectieproces binnengewandeld. Van tooling die LinkedIn-profielen afstruint tot systemen die complete talentpools doorlichten en kandidaten rangschikken op ‘fit’. Voor veel HR-afdelingen is het een zegen: minder handwerk, meer overzicht, sneller shortlists. Maar juist bij cruciale leiderschapsposities – CFO’s, MT-leden, key professionals – is de verleiding groot om efficiëntie te verwarren met kwaliteit. En precies daar wringt het. AI is namelijk briljant in het herkennen van patronen, maar volstrekt waardenvrij. Het heeft geen moreel kompas, geen intuïtie, geen gevoel voor de onderstroom in een directieteam. Het ziet data, geen dilemma’s. En als we niet oppassen, schuiven we langzaam maar zeker het lastigste en belangrijkste deel van selectie, oordeelsvorming, af op een systeem dat daar per definitie niet voor gemaakt is. Wat AI wél toevoegt aan werving Laat ik beginnen met wat AI wél kan. AI kan repetitief werk in sourcing en de eerste selectie spectaculair verlichten. Het kan duizenden cv’s screenen op trefwoorden, ervaring en opleiding. Het kan patronen ontdekken in eerdere succesvolle plaatsingen. Het kan verborgen kandidaten naar boven halen, mensen die je met handmatig zoeken misschien over het hoofd ziet. En het kan helpen om objectiever naar skills te kijken in plaats van naar alleen functietitels of werkgeversnamen. Daarmee maakt AI een eerste stap in het proces beter én sneller. In plaats van dat een recruiter of hiring manager op vrijdagmiddag half moe door een stapel profielen gaat, kan een algoritme met dezelfde energie het honderdste cv beoordelen als het eerste. Ook in executive search zie ik dat AI helpt om breder te kijken naar mogelijke kandidaten, bijvoorbeeld door te zoeken op skills, loopbaanpatronen of sectoroverstijgende ervaring. Dat is winst. Lees ook: AI verandert het tenderwerk, maar niet de keuze voor zzp Van efficiëntie naar schijnobjectiviteit Maar zodra we AI niet meer als hulpmiddel zien, maar als waarheid, ontstaat een gevaarlijk soort schijnobjectiviteit. Algoritmes leren van historische data. Als jouw organisatie de afgelopen tien jaar vooral witte, mannelijke CFO’s van een bepaalde leeftijd en achtergrond heeft aangenomen, dan leert het systeem dat dat ‘succesvolle kandidaten’ zijn. Het algoritme gaat die profielen vervolgens hoger ranken. Zo reproduceert AI onbewust de bias uit het verleden en versterkt juist wat HR vaak probeert te doorbreken. Daar komt nog iets bij: de ‘black box’. Hoe complexer de AI, hoe minder transparant de uitkomst wordt. Een kandidaat krijgt een score of ranking, maar het is niet duidelijk waarom. Op het moment dat een sollicitant vraagt waarom hij is afgewezen, is het voor HR lastig om anders te antwoorden dan: ‘Omdat het systeem dat zo berekende.’ Dat is niet alleen onbevredigend voor de kandidaat, maar ook risicovol voor de organisatie – juridisch, reputatie-technisch en moreel. Kandidaten zijn meer dan data En dan heb ik het nog niet eens over de candidate experience. Steeds meer professionals voelen haarfijn aan wanneer ze door een mens beoordeeld worden en wanneer ze in een geautomatiseerde funnel terechtkomen. Zeker op het niveau van executives en senior finance professionals speelt vertrouwen een enorme rol. Word je als kandidaat gereduceerd tot een datapunt in een algoritme, of word je gezien als mens met verhaal, twijfels, drijfveren en potentieel? Daar ligt precies de grens waar assessments en coaching hun waarde bewijzen. AI kan signaleren, rangschikken, voorspellen. Maar de vraag ‘Waarom is deze persoon succesvol geweest?’ of ‘Welke rol past bij de volgende stap in zijn of haar ontwikkeling?’ blijft mensenwerk. In mijn praktijk gebruik ik output van tools steeds vaker als hypothese, niet als conclusie. Een AI‑ranking van cv’s kan een startpunt zijn: wie komen bovendrijven, wie verrassend genoeg niet? Maar pas in het verdiepende gesprek, ondersteund door psychometrische metingen, casuïstiek en referenties, ontstaat een écht beeld. De nuance die algoritmes missen In assessments zie ik bijvoorbeeld dat twee kandidaten met een vergelijkbaar AI‑profiel in de praktijk totaal verschillend blijken te zijn. De één scoort hoog op analytische vermogens, maar ontwijkt conflict en vindt het moeilijk om impopulaire beslissingen te nemen. De ander is net zo scherp in cijfers, maar durft wel te confronteren en neemt mensen mee in verandering. Voor een CFO in een transitiebedrijf is dat verschil cruciaal. Geen enkel generiek algoritme vangt die nuance volledig. Coaching voegt daar nog een laag aan toe. AI vertelt je wie ‘lijkt’ te passen. Een assessment laat zien hoe iemand in elkaar zit. Coaching laat zien wat iemand ermee doet en wil doen. In gesprekken over loopbaan, leiderschap en zingeving komen thema’s naar boven die geen dataset kent: de behoefte om minder politiek en meer inhoudelijk te werken, de wens om van ‘beheer-CFO’ naar ‘businesspartner’ te groeien, of de vraag of het nog klopt om in de top te blijven als het energiepeil structureel daalt. Lees ook: 77% sollicitanten beoordeelt AI-interview net zo goed als live gesprek Waar draait selectie uiteindelijk om? Daarmee raakt de discussie over AI in selectie aan een fundamentelere vraag: wat is de bedoeling van ons werk in HR en executive search? Willen we vooral sneller, goedkoper en schaalbaarder selecteren, of willen we betere, duurzamere beslissingen nemen over wie we verantwoordelijkheid geven over mensen, middelen en richting? In een krappe arbeidsmarkt, waar de druk hoog is om snel te beslissen, is het verleidelijk om op AI te leunen. Maar juist nu is het belangrijk om het gesprek over kwaliteit en verantwoordelijkheid niet te automatiseren. Mijn stelling is daarom eenvoudig: laat AI selecteren, maar niet besluiten. Gebruik algoritmes om breder te zoeken, slimmer te filteren en patronen te zien die jij mist. Maar reserveer het laatste woord, de echte keuze, voor een menselijk oordeel dat gevoed is door vakmanschap, assessments en een goed gesprek. AI is een bril waardoor je scherper kunt kijken. De vraag is en blijft: wie kijkt er doorheen? En misschien is dat wel de belangrijkste uitnodiging aan jullie als lezer: experimenteer met AI, maar organiseer ook tegenspraak. Vraag jezelf bij elke shortlist af: welke kandidaat staat hier niet op en waarom? Welk risico nemen we als we de uitkomst van deze tool klakkeloos volgen? En wie kijkt er nog, zonder bril, naar de mens achter de data? Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags AI, online selectietools | Laat een reactie achter