ZiPredactie 15 september 2026 0 reacties Print Prinsjesdag: zelfstandigenwet moet rust brengen in zzp-debatPrinsjesdag 2026 laat een lappendeken zien van kabinetsvoorstellen die zijn uitgesteld of afgezwakt. De afbouw van de zelfstandigenaftrek gaat wel door. En als het aan het kabinet ligt de Zelfstandigenwet ook. In de troonrede refereerde de koning aan de wet die duidelijkheid moet brengen voor zzp’ers en opdrachtgevers.De rust terugbrengen in het zzp-debat is een van de prioriteiten van het kabinet, zo blijkt uit de Miljoenennota 2027, die het kabinet op 15 september publiceerde. “Essentieel voor een sterke economie is een arbeidsmarkt die daar goed op aansluit”, zei de koning in de Troonrede. “Het kabinet komt onder meer met een nieuwe zelfstandigenwet die zzp’ers de ruimte geeft om te ondernemen, maar schijnzelfstandigheid tegengaat. De wet moet rust en duidelijkheid brengen, om te voorkomen dat zzp’ers klussen mislopen uit angst van opdrachtgevers voor boetes achteraf.” Vlak voor Prinsjesdag kondigde minister Aartsen (Werk & Participatie) aan dat hij nog deze maand met een voorstel komt voor een Zelfstandigenwet. Deze moet vooraf duidelijkheid geven of iemand wel of niet als zzp’er kan werken. Dat gebeurt aan de hand van twee toetsen: de zelfstandigentoets en de werkrelatietoets. Volgens de minister is er op dit moment nog te veel onduidelijkheid over de vraag wanneer je als zelfstandige kunt werken. De geplande ingangsdatum is 1 januari 2028. Naast de Zelfstandigenwet komt er een afzonderlijk rechtsvermoeden voor werkenden met een uurtarief onder €38. De Eerste Kamer stemde op 16 juni in met het wetsvoorstel dat volgend jaar ingaat. Het uurtarief is geen voorschrift of voorwaarde voor zelfstandig ondernemerschap. Wel kunnen zzp’ers die onder dit uurtarief werken naar de rechter stappen en loondienst claimen. De bewijslast ligt dan bij de opdrachtgever: die moet aantonen dat sprake is van echte zelfstandigheid. Hervormingen zijn nodig, minder ingrijpen in sociale zekerheid De groei van de productiviteit vlakt af, terwijl de vergrijzing doorzet waardoor het arbeidsaanbod beperkt toeneemt. Hervormingen in de arbeidsmarkt en sociale zekerheid zijn nodig voor toekomstige welvaart, aldus het kabinet. Toch blijven al te straffe hervormingen in de sociale zekerheid voorlopig uit. De in het coalitieakkoord opgenomen maatregel om het maximumdagloon met 20% te verlagen, wordt geschrapt. Het huidige niveau van het maximumdagloon voor veel uitkeringen blijft gelijk, waardoor mensen met een inkomen rond of boven het maximumdagloon er niet op achteruitgaan. Ook de verkorting van de maximale WW-duur is dit jaar opnieuw uitgesteld. De halvering van 24 naar 12 maanden wordt verschoven van 2028 naar 2029. Meer werken moet lonen Een van de prioriteiten voor het kabinet is dat meer uren werken moet lonen. Om de marginale druk te verlagen, onderzoekt het kabinet verschillende maatregelen, zoals een arbeidskorting per uur en een meeruren-voordeel. Ten slotte komt het kabinet voor het einde van 2026 met een hervormingsagenda op verschillende onderdelen, te beginnen met het inkomensbelastingstelsel en stappen in het stelsel van toeslagen, overige inkomensregelingen en sociale zekerheid. Een belangrijk uitgangspunt hierbij is dat werken moet lonen, met meer duidelijkheid en voorspelbaarheid. Overheid bezuinigt op overhead en inhuur Er komt een taskforce “Slagvaardige Overheid” die regels en banen gaat schrappen. De overheid zal slimmer en efficiënter gaan werken en waar mogelijk AI inzetten. De helft van de banen bij ministeries bestaat uit overheadfuncties (zoals ondersteunende functies en management). Het streven is om dit percentage geleidelijk te verlagen naar ongeveer 35. Hierbij wordt waar mogelijk AI ingezet. De regering wil de externe inhuur verminderen naar 10% van de totale personele uitgaven. In de Miljoenennota 2027 is ervoor gekozen de oploop van de taakstelling slagvaardige overheid uit het coalitieakkoord te versnellen en een aanvullende taakstelling in te boeken vanaf 2031, oplopend tot 1,0 miljard euro in 2035. Afbouw starters- en zelfstandigenaftrek Een maatregel die wél doorgaat is de afbouw van de zelfstandigenaftrek: die wordt in verder 2027 afgebouwd tot €900. Het is de laatste stap van een afbouw die in 2023 – toen bedroeg de aftrek nog €5.030 – versneld is ingezet. De extra aftrekpost voor startende ondernemers (in 2026 € 2.123), die verdwijnt per 1 januari 2028 helemaal. Ook wordt voorgesteld om een aantal negatief geëvalueerde fiscale regelingen voor startende ondernemers af te schaffen. Het gaat naast de startersaftrek om de willekeurige afschrijving voor starters (per 2028) en de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid (per 2029). Compensatie transitievergoeding bij ziekte blijft toch nog in 2027 De compensatie voor de transitievergoeding bij ontslag na langdurige ziekte blijft een jaar langer bestaan. Voorlopig kunnen werkgevers dus ook in 2027 nog compensatie kunnen aanvragen. Uitstel betekent geen afstel: het kabinet streeft ernaar om per 1 januari 2028 de compensatieregeling geheel af te schaffen. Minister Vijlbrief (SZW) wil afschaffing van de compensatie en hervorming van de transitievergoeding tegelijkertijd invoeren. Zijn idee is dat werkgevers minder of geen transitievergoeding hoeven te betalen wanneer zij aantoonbaar investeren in (om)scholing, re-integratie en naleving van de Wet verbetering poortwachter. Miljoenennota, prinsjesdag, zelfstandigenwet Print Over de auteur Over ZiPredactie De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie
nieuws - Minister Aartsen: “Zelfstandigenwet moet veilige haven bieden aan zzp’ers”. Wet moet in 2028 i...