ZiPredactie 25 augustus 2026 0 reacties Print Rechter: boete voor zzp’er die buiten bemiddelingsbureau nieuwe opdracht aannam. Maar wel een stuk lager dan de eisHoe lang mag een bemiddelaar een zzp’er na afloop van een opdracht nog aan een vergoedingsplicht houden? En wat gebeurt er als die zzp’er alsnog, jaren later, buiten de bemiddelaar om voor dezelfde opdrachtgever aan de slag gaat?Maak ons je Google-favoriet Een bemiddelaar van zzp’ers eiste ruim 75.000 euro van een zzp’er die zonder zijn tussenkomst opnieuw voor twee opdrachtgevers ging werken. De rechtbank vond de driejarige verplichting om vergoedingen af te dragen in dit geval te lang duren en wees veel af. Maar niet alles. De uitspraak is al van even terug, maar het vonnis is wel interessant en geeft een duidelijk signaal over de grenzen van dat soort afspraken. Plus dat zzp’ers wel degelijk ook gehouden zijn aan afspraken over het aannemen van herhaalopdrachten buiten de bemiddelaar om. Kern van de zaak Een bedrijf uit Capelle aan den IJssel bemiddelt tussen zzp’ers en opdrachtgevers in de bouw. Voor twee van zijn opdrachtgevers had het bureau een zzp’er aan werk geholpen. Voor de financiële afhandeling van die opdrachten sloot de zzp’er ook factoringovereenkomsten met de aan het bureau gelieerde organisatie. Daarmee betaalde de zzp’er het bureau voor de bemiddeling, niet de opdrachtgever. In de overeenkomsten was afgesproken dat de zzp’er tot drie jaar na zijn laatste werkzaamheden voor deze opdrachtgevers nog bemiddelings- en factoringvergoedingen verschuldigd zou zijn als hij zonder hun tussenkomst opnieuw voor dezelfde opdrachtgevers zou gaan werken. Aanleiding De zzp’er nam in 2023 en in 2024 opnieuw twee korte opdrachten aan bij de twee bouwbedrijven, voor in totaal ruim 15.000 euro. Beide keren gebeurde dit via een ander bemiddelingsbureau, zonder dat hij dit meldde aan het bureau via wie hij aanvankelijk voor de bedrijven werkte, en zonder dat hij de overeengekomen vergoedingen afdroeg. De bemiddelaar kwam hier achter, stapte naar de rechter en eiste een bedrag van ruim 75.000 euro van de zzp’er. Een bedrag dat opgebouwd was uit misgelopen omzet, boetes, rente en juridische kosten. Lees ook: Bureau moet interimmer na goedgekeurde urenstaat uitbetalen, ondanks verdenking van spookuren Het verweer De zzp’er voerde twee hoofdargumenten aan. Ten eerste stelde hij dat de vergoedingsplicht en de boetebedingen in strijd waren met de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi), die het verbiedt om iemand te belemmeren om na afloop van een opdracht rechtstreeks voor de opdrachtgever te gaan werken. Ten tweede vond hij het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar om hem drie jaar lang onverkort aan de overeenkomsten te houden. Hij was pas geruime tijd na zijn laatste werkzaamheden via het bureau weer bij de opdrachtgevers begonnen. De boetes die het bureau vroeg stonden volgens hem in geen verhouding tot de vergoedingen die het bedrijf daadwerkelijk misliep. De afweging van de rechter Het Waadi-verweer werd door de rechter verworpen. Voor een beroep op het belemmeringsverbod moet er sprake zijn van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten en daarvoor is onder meer vereist dat de bemiddelaar een vergoeding ontvangt van de opdrachtgever zelf. Dat is hier niet zo. Het bureau ontving zijn vergoeding uitsluitend van de zzp’er, niet van de bouwbedrijven. De rechter ging wel mee in de argumenten rond redelijkheid en billijkheid. De rechtbank woog drie dingen zwaar mee. Allereerst het duidelijke kennisverschil tussen de professionele bemiddelaar die de overeenkomsten had opgesteld en de zzp’er die daar weinig inbreng in had. Verder droeg de zzp’er via de overeenkomsten al 10 procent van zijn omzet af aan de bemiddelaar en nog eens 5 procent aan het factoringsbedrijf, in totaal 15 procent. De rechtbank noemde dat “een zeer ruime vergoeding” voor de geleverde diensten. Tot slot woog mee dat de latere werkzaamheden pas lang na de eerste opdracht begonnen en maar kort duurden. In totaal ging het om rond de 15.000 euro aan omzet. Dat wees er volgens de rechter niet op dat de zzp’er van meet af aan van plan was om het bureau te omzeilen. Lees ook: Opdrachtgever moet factuur zzp-bemiddelaar betalen, ondanks klachten over opgeleverd werk Uitspraak De termijn tussen de oorspronkelijke opdracht en de herhaalopdracht was bij de eerste opdrachtgever 2,5 jaar en bij de andere 1,5 jaar. Te lang om de zzp’er nog onverkort aan boetes en vergoedingen te houden, zo vond de rechtbank. Maar voor de tweede opdracht vond de rechter een boete van 4.000 euro toch op zijn plaats gezien de overeenkomst die de zzp’er en het bureau hadden afgesproken. Zo krijgt het bureau niet de geëiste 75.000 euro, maar moet de zzp’er wel 4.932 euro betalen, bestaande uit een verlaagde boete van 4.000 euro en de volledige vergoeding van 932 euro voor de werkzaamheden bij de tweede opdrachtgever. Ook moet de zzp’er rond de 1.500 euro aan juridische kosten betalen. Dat is aanzienlijk minder dan het bureau had geëist. Over de opdracht bij de eerste opdrachtgever hoeft de zzp’er niets te betalen, omdat de tijd tussen de eerste en de tweede opdracht te lang was. bemiddelingsbureau, rechtszaak, zzp Print Over de auteur Over ZiPredactie De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie
nieuws - Rechter: boete voor zzp’er die buiten bemiddelingsbureau nieuwe opdracht aannam. Maar wel een ...