Reacties brancheorganisaties op val kabinet en arbeidsmarktplannen Geplaatst 11 juli 2023 door ZiPredactie Belangen- en brancheorganisaties reageren verbaasd en teleurgesteld op de val van het kabinet. Geplande hervormingen van de arbeidsmarkt, onder andere rond het zich voortslepend zzp-dossier, blijven waarschijnlijk liggen. Toch zien enkele organisaties kansen en roepen een volgend kabinet alvast op om nog verder door te pakken om de arbeidsmarkt klaar voor de toekomst te maken. Zie dit artikel voor een overzicht van de plannen van Van Gennip en de huidige status nu het kabinet gevallen is. Volgens CNV-voorzitter Piet Fortuin was het kabinet Rutte-IV goed op weg om de problemen op de arbeidsmarkt aan te pakken. “Nu het kabinet demissionair verder gaat, dreigen deze goede plannen in gevaar te komen. We roepen daarom het demissionaire kabinet op om de ingezette arbeidsmarktplannen verder met ons uit te blijven werken.” VNO-NCW en MKB-Nederland doen een oproep om beleid door te zetten: “We mogen (…) onder geen beding verdere vertraging oplopen. Zowel burgers als ondernemers moeten erop kunnen blijven rekenen dat de problemen die er spelen – van koopkracht en arbeidsmarkt tot woningbouw en stikstof – niet tot het aantreden van een nieuw kabinet blijven liggen. Ook AWVN betreurt de val van het kabinet en wijst in een verklaring op de noodzaak van bredere arbeidsmarkthervormingen. “Voor het toekomstige verdienmodel van Nederland hebben we een beter werkende arbeidsmarkt nodig met werkenden van wie de competenties aansluiten op de vraag van werkgevers.” AWVN wil de arbeidsmarkthervormingen als één pakket behouden. Bovib De Bovib betreurt de val van het Kabinet Rutte IV. “Veel belangrijke dossiers blijven nu liggen, terwijl deze gebaat zijn bij daadkracht en duidelijkheid. In het bijzonder verwijst de Bovib naar nieuwe wetgeving rond het Zelfstandig Ondernemerschap en de certificeringsplicht voor ondernemingen in het domein van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten”, aldus voorzitter Marc Nijhuis. De brancheorganisaties voor brokers en intermediairs ziet in deze nieuwe werkelijkheid ook een kans. “Het blijft van groot belang politieke partijen te doordringen van grootschalige hervormingen op de arbeidsmarkt. Als Bovib willen we daar graag een bijdrage aan leveren en wij zijn als geen ander in staat de partijen van de juiste informatie te voorzien als het gaat om de inzet van flexibele werkvormen.” VvDN “Voor de VvDN stond ook voor de val van het kabinet al vast dat de voorliggende arbeidsmarktplannen nog ver staan van wat er echt nodig is. Zowel de zzp-plannen als het certificeringspakket zijn sleepnetten waardoor er teveel goeden onder de kwaden zouden gaan lijden. Zowel de uitvoerbaarheid als de handhaafbaarheid zijn in beide plannen van onvoldoende peil. De val van het kabinet is wat de VvDN betreft dan ook een kans om te vereenvoudigen en in elk geval recht te gaan doen aan het feit dat detacheerders onderscheidend goede werkgevers zijn”, zo laat Stef Witteveen van de Vereniging van Detacheerders Nederland weten. Netwerk Zelfstandig Ondernemers Cristel van de Ven van het Netwerk Zelfstandig Ondernemers, en namens dat netwerk lid van de SER, vindt het zonde dat het kabinet gevallen is. “Nu blijft het nog langer onduidelijk hoe we in Nederland de arbeidsmarkt gaan hervormen, met ruimte voor zelfstandig ondernemerschap en eigen initiatief. Het is wachten op verkiezingen voor de ruim 1 miljoen zzp’ers die ons land kent. En dan is het aan een nieuw kabinet om hierop door te pakken.” Werkvereniging Roos Wouters van de Werkvereniging vindt dat in ieder geval de voorstellen voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering controversieel verklaard moet worden. “De voorgestelde aov-plicht is op deze manier niet uitvoerbaar en lijkt te veel op de WAZ die niet voor niets afgeschaft is. Bovendien wordt er geen ruimte gelaten voor alternatieven als crowdsurance oplossingen. Beter gaat het nieuwe kabinet kijken hoe ze een aov voor alle werkenden kunnen optuigen. Hiervoor is wel een breed draagvlak, zeker bij de zzp’ers zelf.” Ook het vaste contract tot de norm maken, is inmiddels achterhaald, zo vindt Wouters. “Er is een dusdanige krapte op de arbeidsmarkt dat we alle vormen van werk moeten faciliteren. Vormen die het mogelijk maken om flexibel te kunnen werken, waardoor men ook in staat is meer uren te draaien, doordat er dan meer mogelijkheden zijn om het werk om de andere verantwoordelijkheden heen te organiseren. Het is dan ook tijd om echt werkt te maken van een contractvormneutraal zekerheidsstelsel. Dan zorg je ervoor dat iedereen die werkt, in welke vorm dan ook, deelneemt aan het stelsel, zodat dit ook weer inclusief en solidair wordt. Door de enorme vergrijzing, de ontgroening en de veranderende behoefte aan de invulling van het werkleven, is het noodzakelijk om de wil van de werkenden centraal te stellen. Stop met het oplappen van een conservatief systeem dat niet meer aansluit bij de behoeften en de praktijk van werkenden.” PZO “De val van het kabinet is voor de voortgang van een aantal belangrijke dossiers zorgwekkend”, vindt Margreet Drijvers van PZO. “Echter, een nieuw kabinet biedt ook een kans voor verbetering. Vooral de plannen van dit kabinet voor de wet DBA zijn PZO een doorn in het oog, zeker de plannen voor de aanscherping van het arbeidsrecht met “inbedding” als aanwijzing voor een arbeidsovereenkomst. Een volgend kabinet moet (de vrijheid van) het ondernemerschap beter vormgeven om daadwerkelijk duidelijkheid te geven aan alle zelfstandigen en hun opdrachtgevers.” Uitzenders ABU-directeur Jurriën Koops noemt de val van het kabinet op twitter ‘roekeloos’. Marco Bastian (NBBU) heeft de val van het kabinet een nieuwe wending gekregen met het aangekondigde vertrek van premier Mark Rutte. “In de komende periode aan ons de taak om de wetgevingstrajecten die nu lopen nog eens zorgvuldig te bekijken. Kwaliteit van wetgeving die werkbaar uitpakt voor werkenden én werkgevers speelt hierbij voor ons een belangrijke rol. We houden scherp in de gaten hoe de situatie op het gebied van arbeidsmarktbeleid zich de komende periode ontvouwt en blijven in de tussentijd het gesprek met de betrokken partijen aangaan.” Geplaatst in ZP en Politiek | Tags #zzp-plannen, #zzpdebat, ABU, bovib, NBBU, Netwerk Zelfstandig Ondernemers, PZO, schijnzelfstandigheid, Van Gennip, Verkiezingen 2023, VVDN, WerkVereniging, wet dba | Laat een reactie achter
Marjolein Slappendel nieuwe CFO HeadFirst Group Geplaatst 10 juli 2023 door ZiPredactie Perfecte match Met Marjolein Slappendel haalt HeadFirst Group een zeer ervaren en allround CFO binnen, met een indrukwekkend trackrecord bij onder andere Merrill Lynch, ING, Action en meest recent als CFO van Temper. Marion van Happen, CEO bij HeadFirst Group, is verheugd met de komst van Slappendel. Slappendel over haar nieuwe functie: “HeadFirst Group is een ambitieuze en snelgroeiende organisatie met hele slimme gedreven mensen. Ik ben trots daar nu onderdeel van te mogen zijn. Het is een prachtige uitdaging om verantwoordelijk te zijn voor de verdere professionalisering van de business units finance, operations, quality en legal om zo de basis voor onze groeiambities nog meer te verstevigen.” Duurzame groei HeadFirst Group heeft de afgelopen jaren een grote groei doorgemaakt. Met een stijging van 600 miljoen euro ten opzichte van 2021, waarvan meer dan 400 miljoen organische groei, behaalde de organisatie over 2022 een omzet van 2,2 miljard euro. Eind 2022 is IceLake Capital toegetreden als nieuwe investeerder in HeadFirst Group om internationale groei verder mogelijk te maken. Van Happen: “We beogen ook in 2023 te groeien door de combinatie van succesvolle dienstverlening aan onze klanten – zowel opdrachtgevers, leveranciers als zelfstandig professionals – en gerichte overnames die waarde toevoegen aan onze groep. De doorgevoerde organisatorische wijzigingen passen daarbij.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags CFO, HeadFirst Group | Laat een reactie achter
Wetten arbeidsmarkthervorming Rutte IV: de inkt is bijna droog, de handtekening blijft uit Geplaatst 10 juli 2023 door Hugo-Jan Ruts Minister Karien van Gennip (CDA) van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) loopt een half jaartje achter. Een groot deel van haar wetsvoorstellen om de arbeidsmarkt te hervormen had voor deze zomer bij de Tweede Kamer moeten liggen, maar dat zou september/oktober worden. Nu gooit de val van het kabinet die planning natuurlijk flink in de war. En dat terwijl politiek, polder en praktijk het unaniem hoog tijd vinden voor actie, na jaren van debat en gedoe. Wat gaat door, wat niet? Het is een politiek besluit of het demissionaire kabinet doorwerkt aan een plan of niet. Ten eerste kan het kabinet zelf besluiten niet verder te gaan. Daarnaast kunnen de Eerste en Tweede Kamer bepaalde wetsvoorstellen ‘controversieel’ verklaren. Als een deel van de Kamer vindt dat een onderwerp te politiek gevoelig is om demissionair te behandelen, dan stopt de voortgang. Het volgende kabinet mag dan opnieuw beginnen. Aanvankelijk wilde Tweede Kamer voorzitter Bergkamp al op 27 juli besluiten welke onderwerpen controversieel verklaard worden. Dat wordt 12 september. Daarvoor is er een procedurevergadering van de vaste kamercommissie SZW om de meningen te inventariseren. Tot nu toe flinke vorderingen Van Gennip begon aardig op stoom te komen. Tijdens de laatste overleggen met de Tweede Kamer bleek dat het vertrouwen in haar plannen groeide. Ook belangenorganisaties werden enthousiaster over de invulling van de details van de wetsvoorstellen. Als de ambtenaren deze zomer flink doorwerken, zouden concrete nieuwe voorstellen direct na de zomer klaar kunnen zijn voor commentaar. Van Gennip wil zelf in elk geval doorgaan met de hervormingen, schrijft ze op Linkedin. “Het kabinet is gevallen. Desondanks zijn en blijven de maatregelen die ik als minister van SZW – sámen met werkgevers en werknemers – heb afgesproken over de hervorming van de arbeidsmarkt keihard nodig. […] Daar blijf ik mij, demissionair of niet, vol voor inzetten.” Welke wetten waren/zijn in de maak? De minister van SZW en haar ambtenaren waren bezig met de onderstaande wetsvoorstellen: Certificeringsplicht voor uitzendbureaus Van Gennip is bezig met een certificeringsplicht voor alle bedrijven die in Nederland aan terbeschikkingstelling van arbeid doen zoals beschreven in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). De wet moet zorgen dat uitzendbureaus en andere uitleners (ook bepaalde intermediairs) al hun medewerkers goede arbeids- en leefomstandigheden geven. Zodra de wet ingaat, mogen werkgevers alleen nog mensen inlenen van gecertificeerde bureaus. Doen ze toch zaken met een partij zonder certificaat, dan krijgen ze een boete. De wet moest op 1 januari 2025 ingaan, maar liep vertraging op omdat de Raad van State forse kritiek had op het huidige plan. Volgens de adviseur van de regering is er een ‘integrale aanpak’ nodig om misstanden op de arbeidsmarkt te bestrijden. Zo moeten bijvoorbeeld de eisen rondom huisvesting van arbeidsmigranten gelden voor alle werkgevers, niet alleen voor uitzenders en detacheerders. De minister zou na de zomer met een aangepast voorstel komen. Het verplichte certificeringsstelsel is een van de belangrijkste aanbevelingen van het Aanjaagteam Arbeidsmigranten (commissie Roemer). Er is veel steun voor het wetsvoorstel in de Kamer. Dat blijkt ook uit een paar recente moties om de wet uit te breiden, die met een ruime meerderheid werden aangenomen. Lees in dit nieuwsoverzicht meer over de certificeringsplicht en hoe die ook werkgevers zoals detacheerders raakt. Nieuwe regels voor de aanpak van schijnzelfstandigheid De minister wil de wet om te bepalen wanneer een werkgever een zelfstandige mag inhuren verduidelijken. Ze is van plan het criterium ‘gezag’ te verhelderen en komt met een extra aanwijzing voor een arbeidsovereenkomst, namelijk of iemand ‘ingebed’ is in de organisatie. Daarnaast komen er contra-indicaties die te maken hebben met de mate van ondernemerschap van de werkende. De invulling van die criteria en de onderlinge samenhang (wat weegt het zwaarst?) zijn allesbepalend voor de impact van die nieuwe criteria. Het is goed mogelijk dat Kamerleden dit wetsvoorstel controversieel verklaren. Het is namelijk een lastig onderwerp binnen de coalitie, bleek tijdens een recent debat. De VVD en D66 dwongen minister Van Gennip toe te zeggen dat zij meer ruimte zal creëren voor de contra-indicaties van ondernemerschap. Waar er een broos compromis binnen de coalitie ligt, willen de linkse fracties juist striktere regels. Net als VVD en D66, wil JA21 juist meer ruimte voor zzp’ers. Arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen Er komt ook een wet die zelfstandigen verplicht een arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov) af te sluiten. Dit is een van de manieren om de verschillen in sociale zekerheid tussen werknemers en werkgevers te verkleinen. De verzekering zal zo’n 225 euro kosten. De wet die zo’n verplichte aov voor zelfstandigen regelt, moet in het eerste kwartaal van 2025 ingaan, maar zal pas jaren daarna beschikbaar zijn. Een ‘eenvoudige aov’ zonder uitzonderingen waarschijnlijk in 2027, een complexere wet met opt-out-mogelijkheid vanaf 2029. De minister verkent nog of zo’n complexere regeling haalbaar is. In het plenaire debat over arbeidsmarkthervormingen was de aov voor zelfstandigen een van de meest besproken onderwerpen. Kamerleden hadden volop vragen over de kosten en uitvoerbaarheid. Kan het UWV dat wel aan? En waarom geen regeling voor alle werkenden? Dit wetsvoorstel is zeker omstreden. Partijen zoals VVD, CDA, PVV en Forum voor Democratie (FVD) vinden dat het mogelijk moet zijn voor ondernemers om een alternatief te regelen. GroenLinks en PvdA zijn juist tegen zo’n opt-out. Toch is er een kans dat Kamerleden dit wetgevingsproces doorzetten. De wet moet er namelijk sowieso komen, want dat heeft Nederland beloofd aan de Europese Unie. De verplichte aov was een voorwaarde van de Europese Commissie voor het krijgen van 4,7 miljard euro uit het corona-herstelfonds. Crisisregeling Personeelsbehoud De minister stuurde vorige week nog haar plan voor de Crisisregeling Personeelsbehoud (CP) naar de Tweede Kamer. De CP is bedoeld voor uitzonderlijke situaties: crises waarop ondernemers geen invloed hebben en waarop ze zich niet hebben kunnen voorbereiden. Denk aan de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne. Op dit moment kunnen ondernemers in uitzonderlijke omstandigheden aanspraak maken op de regeling Werktijdverkorting (Wtv), maar die voldeed niet tijdens de pandemie. Toen kwam het kabinet met de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW), maar dat was een tijdelijke oplossing. Het kabinet beloofde daarom in het coalitieakkoord een completere regeling, een ‘budgetneutrale deeltijd-WW’. De regeling wordt nog verder uitgewerkt. De minister heeft het voornemen het ontwerpwetsvoorstel aan het eind van deze zomer in internetconsultatie te laten gaan. De regeling is zo nieuw, dat lastig in te schatten is of er bezwaar is tegen verdere behandeling. Rechtsvermoeden van werknemerschap Wie als zelfstandig ondernemer werkt tegen een laag tarief, kan straks sneller en makkelijker claimen dat hij een arbeidscontract moet hebben. De bewijslast wordt dan omgedraaid: als een werkgever het er niet mee eens is, moet die werkgever bewijzen dat de werkende toch zelfstandige is. Er ontstaat dus niet automatisch een arbeidsovereenkomst als een zzp’er werkt onder dit uurtarief, maar het wordt makkelijker voor kwetsbare schijnzelfstandigen om aan te tonen dat zij een dienstverband moeten hebben. Het kabinet denkt nu aan een tariefgrens van 30 á 35 euro per uur, op basis van advies van de Sociaal-Economische Raad (SER). Het is nog niet duidelijk of dit nu ook geldt voor zzp’ers die voor particulieren werken. Juist dit type zzp’ers werkt vaak met lage tarieven. Alleen werknemers zelf en vakbonden kunnen zich straks beroepen op dit rechtsvermoeden. De Belastingdienst en Arbeidsinspectie kunnen het niet gebruiken om te handhaven, want het is civiel recht. Tegen dit wetsvoorstel is weinig weerstand, wellicht omdat Kamerleden niet goed weten wat de impact wordt. Tot nu toe hebben ze het voorstel nauwelijks besproken. Dat kan komen omdat het een voorstel van de SER is met brede steun in de polder. Dat maakt het mogelijk minder controversieel. Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie De behandeling van de Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie is bedoeld om arbeidsmarktdiscriminatie te voorkomen. Deze wet is al goedgekeurd door de Tweede Kamer. PVV, PvdA, JA21, Groep Haga en de SGP stemden tegen. De behandeling in de Eerste Kamer is zo goed als afgerond. Bij deze wet wordt het vooral interessant hoe de BBB zich opstelt. Dit is de grootste partij in de Eerste Kamer. Tot nu toe heeft BBB niet deelgenomen aan het debat over de wet. Oproep- en nulurencontract wordt basiscontract Om werknemers meer zekerheid te geven, verdwijnen nuluren-, min/max- en oproepcontracten. In plaats daarvan komt er een basiscontract waarmee mensen zekerheid krijgen over het minimum aantal uren dat zij werken. Zo weten zij zeker dat ze in een periode minstens een bepaald inkomen ontvangen. Daarbij zijn ze wel verplicht om een bepaald aantal uur boven dit minimum beschikbaar te zijn (maximaal 130 procent van het minimum aantal uren). Voor dit onderdeel van het hervormingsplan is de Wet verbetering zekerheid flexibele arbeidskrachten gemaakt. Opvallend genoeg is de internetconsultatie van deze wet op zondagavond 9 juli begonnen. Experts en belangenbehartigers kunnen er nu op reageren. In deze wet staat ook dat uitzendkrachten eerder een contract met meer zekerheid krijgen. Fase A gaat van 78 weken naar 52 weken en fase B van 6 contracten in 4 jaar naar 6 contracten in 2 jaar. Na deze periode moet de uitzendkracht een vast contract krijgen bij het uitzendbureau. Dit staat overigens al in de uitzend CAO. Tot nu toe lijkt er weinig weerstand tegen dit voorstel, dat een uitwerking is van een eerder SER-akkoord. In recente debatten hadden Kamerleden vooral vragen over de details, zoals de uitzondering voor scholieren. De VVD maakt zich er wel hard voor dat werken op flexbasis een vrije keuze blijft voor werkenden. Meer weten over de bovenstaande voorstellen? Luister de laatste aflevering van onze podcast ZiPtalk op Spotify of Youtube Sectorale aanpak van schijnzelfstandigheid Tot slot heeft het kabinet besloten het toezicht en de handhaving op schijnzelfstandigheid te versterken en te verbeteren. Het zogenaamde handhavingsmoratorium op de Wet DBA wordt per 2025 helemaal opgeheven. Ondertussen doet de Belastingdienst stapsgewijs meer tegen schijnzelfstandigheid, staat in het Handhavingsplan arbeidsrelaties 2023. De Belastingdienst moet daarbij prioriteit geven aan de handhaving in de sectoren zorg, kinderopvang en onderwijs, vindt de Tweede Kamer. Daarvoor dienden PvdA en Groenlinks een motie in en die is met ruime meerderheid aangenomen. Van de grotere partijen stemden alleen VVD en D66 tegen. Voor die sectorale aanpak zijn geen wetswijzigingen nodig. Het kabinet en de Belastingdienst willen vooral samenwerken met brancheorganisaties. Dat doen ze zelfs al: eind vorige week maakten ze bekend dat het kabinet, de Belastingdienst en zes brancheorganisaties in de zorg samen schijnzelfstandigheid aanpakken. Zij werken aan een beheersingsmodel Zorg en een fiscaal kader ZZP Zorg. Of het kabinet nu demissionair is of niet, daar kunnen ze gewoon mee doorgaan. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags certificeringsplicht, Rutte IV, Van Gennip, Verkiezingen 2023 | 4s Reacties
Kabinet en brancheorganisaties in de zorg willen samen schijnzelfstandigheid uitbannen Geplaatst 7 juli 2023 door ZiPredactie Minister Helder (Langdurige Zorg en Sport), minister Van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid), staatssecretaris Van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst) en 6 brancheorganisaties in de zorg hebben een samenwerkingsverklaring getekend om schijnzelfstandigheid in de zorg een halt toe te roepen. Fiscaal kader ZZP Zorg Zorgorganisaties hebben duidelijkheid nodig over hun rechten en plichten bij de inhuur van zzp’ers in de zorg, vinden de brancheorganisaties. Daarom werken ActiZ, Zorgthuisnl, VGN, de Nederlandse GGZ, NVZ en NFU aan een beheersingsmodel Zorg om schijnzelfstandigheid in de zorg aan te pakken. Onderdeel hiervan is een uit te werken fiscaal kader ZZP Zorg. Dit beheersingsmodel moet voorkomen dat werknemers ontslag nemen om vervolgens in dezelfde rol terug te keren, maar dan met het etiket “zelfstandige”, zo zeggen de brancheorganisaties. “Zelfstandigheid moet blijken uit de feitelijke uitvoering van de werkzaamheden”. Beheersingsmodel Zorg Minister Helder (Langdurige Zorg en Sport): “We hebben iedereen in de zorg nodig, ook zzp’ers. Maar te veel zzp’ers in de zorg zorgen voor discontinuïteit. Mede daarom wil ik mij samen met mijn collega’s inzetten op het tegengaan van schijnzelfstandigheid in de zorg. Het is belangrijk dat we met de brancheorganisaties deze stap zetten met de ontwikkeling van een beheersingsmodel.” De betrokken departementen, de brancheorganisaties en de Belastingdienst blijven samenwerken om het beheersingsmodel Zorg verder te concretiseren. Door het delen van geanonimiseerde praktijkervaringen, kunnen ze het model verder verfijnen, zo schrijven de brancheorganisaties. Het model treedt naar verwachting vanaf 1 januari 2024 in werking. Kabinetsmaatregelen tegen schijnzelfstandigheid Dat het aantal zzp’ers in de zorg stijgt, is een doorn in het oog van veel zorgorganisaties en van het kabinet. Daarnaast heeft het kabinet eerder al diverse maatregelen aangekondigd om schijnzelfstandigheid te bestrijden en het aantal flexmedewerkers terug te dringen, niet alleen in de zorg, maar ook in andere sectoren. Een jaar geleden kondigde minister Van Gennip dit al aan in haar Hoofdlijnenbrief Arbeidsmarkt. Lees daarover ook: Met deze zes punten wil Kabinet flex terugdringen – en andere artikelen in het dossier #zzpdebat. Gelijker speelveld Een van de speerpunten van minister Van Gennip is het creëren van een gelijker speelveld tussen medewerkers in loondienst en zelfstandigen. Van Gennip: “We willen oneerlijke concurrentie op arbeidsvoorwaarden voorkomen, werkenden goed beschermen en ons solidaire sociale vangnet behouden. Daarom werken we in het kabinet aan een gelijker speelveld voor alle werkenden, het verduidelijken van het verschil tussen werknemers en zzp’ers en verbetering van de handhaving op schijnzelfstandigheid. Deze afspraak in de zorg past daar heel goed bij.” Einde handhavingsmoratorium Daarnaast heeft het kabinet besloten het toezicht en de handhaving op schijnzelfstandigheid te versterken en te verbeteren. Daartoe wordt het zogenoemde handhavingsmoratorium op de Wet DBA per 2025 opgeheven, en moet de Belastingdienst weer strengere controles uitvoeren op schijnzelfstandigheid. De Belastingdienst moet daarbij prioriteit geven aan de handhaving in de sectoren zorg, kinderopvang en onderwijs, vindt de Tweede Kamer. Lees daarover: Tweede Kamer wil versnelde handhaving op schijnzelfstandigheid in zorg, kinderopvang en onderwijs Criteria schijnzelfstandigheid onduidelijk Om de Belastingdienst in staat te stellen om te handhaven op schijnzelfstandigheid, is meer duidelijkheid over de spelregels nodig. Het kabinet werkt daarom aan verduidelijking van de regels om te bepalen wanneer een werkgever een zelfstandige mag inhuren. Naast het criterium ‘gezag’, een extra criterium dat kan wijzen op een arbeidsovereenkomst, namelijk of iemand ‘ingebed’ is. Daarnaast komen er contra-indicaties over het ondernemerschap van de werkende. Lees daarover: Nieuwe wetgeving, inhuur & de flexbranche. Een tussenstand. Het Kabinet en de Belastingdienst juichen de samenwerking met deze brancheorganisaties toe. Staatssecretaris Van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst): “Nu het einde van het handhavingsmoratorium in zicht is, wordt er hard gewerkt aan wettelijke maatregelen om de balans tussen werknemers en zelfstandigen te herstellen. Het is goed dat de zorgbranche nu zelf de handen ineenslaat om hierin samen te werken met de Belastingdienst en de betrokken ministeries. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags #zzpdebat, handhaving, schijnzelfstandigheid, wet dba, zorgsector | 1 Reactie
Nieuwe wetgeving, inhuur & de flexbranche. Een tussenstand. Geplaatst 6 juli 2023 door ZiPredactie Minister Van Gennip van Sociale Zaken heeft een ambitieuze wetgevingsagenda, die voor een flink deel betekent dat er meer regulering komt rond ‘flex’. Aan het einde van het politieke seizoen bespreken we in de ZiPconomy podcast de stand van zaken met twee insiders: Jurgen Warmerdam, Senior Beleidsadviseur Fiscaliteit en Ondernemerschap bij de NBBU en Alexander Kist, managing partner van W&RK advies. Het overzicht dat ze in de podcast creëren is geen overbodige luxe. De wetgevingsplannen zijn fors en complex. De hoofdlijnen zijn bekend, maar het is met name de exacte invulling die flinke consequenties zal gaan hebben op de mogelijkheden van werkgevers om gebruik te blijven maken van uitzendkrachten, gedetacheerden en zzp’ers. Bovenal grijpt die uitwerking direct in op het businessmodel van dienstverleners actief in de wereld van flex. Daarbij zorgt die complexiteit er ook voor dat de aanvankelijke invoeringsdata van wet- en regelgeving aan het schuiven zijn. In de podcast bespraken we in blokken de stand van zaken rond de wetgeving en de mogelijke impact voor ondernemingen. Luister de podcast op Spotify of Youtube Uitzend-cao: fase A korter, beloning complexer Een van de veranderingen waar uitzenders mee te maken krijgen, is dat fase A in uitzend-cao’s korter wordt. Dit is al langer bekend, en volgt op een akkoord dat twee jaar geleden is gesloten. Maar een andere ontwikkeling die de komende jaren nog een flinke staart zal krijgen, is dat de beloning van de uitgezonden werknemer steeds preciezer moet lijken op de beloning van de vaste werknemer bij de organisatie waar gewerkt wordt. Zo zijn een personeelsfeest of sportschoolabonnement normale voorwaarden voor ‘gewone’ werknemers, maar hoe vertaal je dat naar een beloning voor de uitgezonden werknemer? Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 08.40 Of lees meer in dit artikel op FlexNieuws Certificeringsplicht De certificeringsplicht voor bureaus en de wettelijke plicht voor opdrachtgevers om alleen met bureaus te werken die zo’n certificaat hebben, geldt zeker niet alleen voor uitzenders, zo legt Kist nog maar eens uit. Hij geldt voor iedereen die ‘arbeid ter beschikking stelt’. “Voor de meeste bonafide uitzenders en detacheerders is dat niet zo’n heel groot probleem, omdat velen zich al vrijwillig laten certificeren”, vertelt Alexander Kist. De verplichte certificering sluit namelijk aan bij onderdelen van reeds bestaande certificaten. “Maar het wordt erg politiek door er een aantal hele scherpe regels in te bouwen waardoor het ingewikkeld kan worden om aan certificering te voldoen.” Direct na de zomer komt minister Van Gennip met de uitwerking van de certificering. Dan wordt ook duidelijk hoe ze reageert op de kritiek van de Raad van State op een eerder voorstel. Die kritiek richtte zich onder andere op de publiek/private samenwerking rond de certificering. Warmerdam verwacht dat de overheid nu zelf gaat bepalen wie een certificaat gaat krijgen. Hij heeft wel zijn twijfels over een dergelijk toelatingsstelsel. “Is de overheid capabel genoeg om dit systeem zelf uit te voeren? We hebben al een eigen systeem, en de overheid gaat dat nadoen. Ze zeggen dat ze dat beter kunnen. Mijn woorden hebben de toon van twijfel.” Luister voor dit deel van de podcast vanaf 10:50 En lees meer in: Minister SZW wil publiek-private samenwerking bij certificering voor uitleners: ‘Ook verantwoordelijkheid van de markt’ Koppeling met Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie De Tweede Kamer wil vervolgens dat er een koppeling komt tussen de certificeringsplicht en de Wet “Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie”. Die wet, die discriminatie bij werving en selectie moet tegengaan, ligt ter stemming bij de Eerste Kamer. De Tweede Kamer wil dat bureaus hun certificaat kwijtraken als ze die antidiscriminatiewet overtreden. Volgens Kist zijn de mogelijke gevolgen groot. “Als je wordt veroordeeld, dan pakken ze je certificaat af en kan je geen zaken meer doen.” De minister is enthousiast over de koppeling. Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 13:00 En lees meer in: Kamer wil dat wet gelijke kansen bij werving en selectie onderdeel wordt van certificeringsplicht ZZP: 35 euro grens Voor Zelfstandigen zonder personeel die ingehuurd worden voor een tarief onder (waarschijnlijk) 35 euro wordt het een stuk makkelijker om een arbeidsovereenkomst te claimen. Onder dat tarief wordt het aan de opdrachtgevers (en/of bureau/platform) om aan te tonen dat iemand geen werknemer is. Deze wetgeving moet gedwongen zzp voorkomen. “Stel dat je als werknemer zzp’er bent, maar eigenlijk ben je een werknemer zonder arbeidsovereenkomst en je wilt er wel een. Dan is het relatief moeilijk om je recht te halen”, aldus Kist. “Maar met omgedraaide bewijslast wordt dat een stuk makkelijker. Dan moet de opdrachtgever bewijzen dat hij géén werkgever is.” Deze regel geldt niet voor particulieren die zzp’ers inhuren. Het is ook geen instrument voor handhaving door bijvoorbeeld de Belastingdienst. Het Ministerie van Sociale Zaken denkt dat dit een preventieve werking heeft op de sector. “Wij vanuit de praktijk denken daar anders over. De meeste zzp’ers die kiezen daarvoor. Die zullen nooit een werknemersverhouding willen”, stelt Warmerdam. Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 20:00 Zzp: inbedding en contra-indicatie Mogelijk de meest impactvolle verandering zijn de plannen voor duidelijker criteria rond de inhuur van zzp’ers. Er komt, naast het criterium ‘gezag’, een extra criterium dat kan wijzen op een arbeidsovereenkomst, namelijk of iemand ‘ingebed’ is. Daarnaast komen er contra-indicaties over het ondernemerschap van de werkende. De individuele arbeidsrelatie gaat in de toekomst beoordeeld worden langs 3 lijnen: de gezagsrelatie, het inbeddingscriterium en ondernemerschap. De invulling van die criteria en vooral ook de onderlinge samenhang (waar kijk je nu als eerste naar, wat weegt het zwaarst) zal allesbepalend zijn voor de impact van deze criteria voor zowel opdrachtgevers, bureaus als zzp’ers zelf. Warmerdam: “Ik vind dat het kabinet en het ministerie die nu aan het schrijven zijn, die ondernemerscriteria bloedserieus moeten nemen. Daar valt of staat alles mee. Als die criteria niet duidelijk zijn, niet uitgebreid genoeg en niet toepasbaar op grote groepen, dan wordt het een zootje in Nederland.” Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 25:15 Werkgevers : basiscontract ipv 0 uren Een andere verandering die eraan zit te komen, is dat een aantal van dat soort contracten (waaronder 0 uren en nulurencontracten) worden afgeschaft. Deze worden samengepakt in een basiscontract. Dat betekent dat het voor werkgevers lastiger wordt om hun eigen flexibiliteit te organiseren. Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 33:25 Werkgevers : crisisregeling personeelsbehoud Een slotstuk is de Crisisregeling Personeelsbehoud. Dat lijkt een beetje op een NOW-light. “Nu met de krappe arbeidsmarkt is het prettig als werknemer behouden kan worden, die heel even doorbetaald kan worden als er even geen werk voor hem is”, zegt Kist. “Zo voorkom je, net zoals is gebeurd tijdens corona, dat ze ergens anders gaan werken en nooit meer terugkomen”. Luister voor dit deel van de podcast vanaf minuut 40:20 Meer informatie over deze regeling lees je hier Conclusie Snel na de zomer wordt duidelijk welke politieke keuzes het kabinet wil maken. En in welk tempo verschillende wetten behandeld zullen gaan worden en wanneer ze van kracht worden. Gezien de samenhang tussen de verschillende maatregelen, lijkt een gelijktijdige invoering van alle maatregelen logisch te zijn, vindt ook Warmerdam. “Ik zou het kabinet willen oproepen om daar heel goed naar te kijken. En één datum te kiezen. Liever een jaartje later, dan gedifferentieerd”, aldus Warmerdam. “Op het moment dat je verschillende trajecten op verschillende data invoert, krijg je chaos in Nederland”, zo waarschuwt hij, Maar minister Van Gennip heeft al eerder aangegeven daar niet in mee te willen gaan. Kist: “Eigenlijk zegt de minister dat een waterbed ook lekker slaapt. Dan krijg je allerlei verschuivingen. Het doel bereik je niet door het complexer te maken. De hele operatie valt of staat met de invoeringsdatum.” Zaak dus, daar zijn de heren het over eens, om je als ondernemer in de flexbranche blijvend te informeren over die allesbepalende details in de wetgevingsvoorstellen. En begin tijdig met je voor te bereiden op de certificering en bekijk ook nog eens goed of alle types contracten die je aanbiedt ook nog wel passen bij de vereisten die er aankomen. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags certificeringsplicht, Crisisregeling Personeelsbehoud, Van Gennip, Wet Toezicht, Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie, wetgeving | Laat een reactie achter
Dit is het kabinetsplan voor de nieuwe Crisisregeling Personeelsbehoud Geplaatst 5 juli 2023 door Claartje Vogel Ondernemers krijgen in crisistijd meer hulp van het kabinet om te voorkomen dat zij personeel moeten ontslaan. Minister Karien van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) kondigde in november vorig jaar al aan dat ze werkt aan een deeltijd-WW, maar niet ‘in de klassieke vorm’. Vorige week stuurde ze het plan voor de Crisisregeling Personeelsbehoud (CP) naar de Tweede Kamer. Geleerd van corona De CP is bedoeld voor uitzonderlijke situaties: crises waarop ondernemers geen invloed hebben en waarop ze zich niet hebben kunnen voorbereiden. Denk aan de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne. Van Gennip: “De coronacrisis heeft ons duidelijk gemaakt dat we goed voorbereid moeten zijn. Met deze Crisisregeling Personeelsbehoud laten we zien dat we hiervan geleerd hebben. Het is een van de stappen die we zetten richting de arbeidsmarkt van de toekomst. Met als doel: meer zekerheid voor werkenden en wendbaarheid voor bedrijven.” Wtv voldeed niet, NOW was tijdelijk Op dit moment kunnen ondernemers in uitzonderlijke omstandigheden aanspraak maken op de regeling Werktijdverkorting (Wtv), maar die voldeed niet tijdens de pandemie. Toen kwam het kabinet met de Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid (NOW), maar dat was een tijdelijke oplossing. Het kabinet beloofde daarom in het coalitieakkoord ingezet een completere regeling, een ‘budgetneutrale deeltijd-WW’. Dat wordt dus de Crisisregeling Personeelsbehoud. Het is één van de 37 maatregelen om de arbeidsmarkt toekomstbestendig te maken. Begin april maakte de minister deze plannen bekend, in juni werden meer details duidelijk tijdens een plenair debat. Toen was er nog veel onduidelijk over de aangekondigde ‘crisis-ww’, in de nieuwe brief staan meer details. Wat is normaal ondernemersrisico? De regeling is specifiek bedoeld voor situaties die buiten ‘normaal ondernemersrisico’ vallen. Heb je ineens veel meer concurrentie? Is jouw grondstofprijs ineens flink gestegen? Heb je te laat ingespeeld op technologische ontwikkelingen? Dan moet je het zelf oplossen. Dat geldt ook voor bepaalde verzekerbare risico’s, bijvoorbeeld ziekteverzuim van werknemers, cybercriminaliteit en schade aan voorraden. Wat is een crisis? Je kunt een beroep doen op de regeling bij een aantal crises die op dit moment onder de Wtv vallen. Dat geldt bijvoorbeeld als je werknemers hun werk niet kunnen doen door brand in je bedrijfspand, extreem weer of maatregelen die de overheid neemt om de gevolgen van extreme weersomstandigheden of een dierziekte. Naast deze rampen kan de minister incidenteel andere noodsituaties onder de regeling laten vallen. Denk aan een oorlog, een terroristische aanslag, een pandemie of langdurige en onverwachte uitval van vitale openbare infrastructuur. Bedrijven mogen maximaal zes maanden aanspraak maken op de regeling, als zij over twee maanden gemiddeld minstens 20% minder werk hebben. Herplaatsing of tegemoetkoming? In zo’n crisissituatie krijgen ondernemers twee opties: personeel herplaatsen of een tegemoetkoming ontvangen. Bij herplaatsing kan een werkgever tijdelijk eenzijdig de functie, werklocatie of het takenpakket van werknemers veranderen, zodat zij zo veel mogelijk kunnen doorwerken. De ondernemer moet de werknemers dan wel 100% doorbetalen. De tweede optie is een financiële tegemoetkoming waarmee werkgevers salaris kunnen doorbetalen over de uren die hun personeel niet kan werken. Een ondernemer krijgt maximaal 60% voor loon over niet-gewerkte uren, met een opslag van 23,5% voor werkgeverslasten zoals premies. Op deze manier dragen overheid, werkgever en werknemer samen bij, schrijft de minister. “Ik vind het belangrijk dat je in tijden van crisis van iedereen een offer kunt verwachten”, zei Van Gennip eerder. Welke ondernemers mogen gebruikmaken van de CP? De CP is alleen voor levensvatbare ondernemers die de CP echt nodig hebben om hun personeel in dienst te houden. Daarom moet de werkgever aan zes eisen voldoen: Er moet sprake zijn van een crisis bij het bedrijf dat onder de regeling valt. De werkgever toont dit aan bij de aanvraag. Er is door de crisis gemiddeld minimaal 20% werktijdvermindering over het gehele bedrijf, voor minimaal 2 aaneensluitende maanden. Dit betekent dat als een werkgever één maand 50% werktijdvermindering heeft en de andere maand weer volledig kan doorwerken, hij óók toegang heeft tot de CP. Dit moet de werkgever aannemelijk maken bij de aanvraag. Het bedrijf is levensvatbaar en kan na maximaal 6 maanden steun naar verwachting weer op eigen kracht functioneren. De werkgever verklaart dat er tijdens het gebruik van de CP en tot en met een nader te bepalen periode na afloop van gebruik van de CP geen ontslag op bedrijfseconomische gronden wordt aangevraagd. Ontslaat een werkgever toch iemand? Als het bedrijf een financiële tegemoetkoming heeft gehad, moet de werkgever een deel daarvan terugbetalen. De werkgever vraagt voorafgaand aan de CP-aanvraag advies aan de OR, personeelsvertegenwoordiging of een personeelsvergadering over het gebruik van de CP. De werkgever is verplicht om de vakbond te informeren over de voorgenomen aanvraag. Vervolg: internetconsultatie einde zomer De regeling wordt nog verder uitgewerkt. De minister wil het ontwerpwetsvoorstel aan het einde van deze zomer in internetconsultatie laten gaan. Het voorstel gaat naar verwachting voor medio 2024 naar de Tweede Kamer. De minister maakt nieuw beleid op basis van twee adviezen: het eindrapport van de commissie Regulering van Werk (commissie Borstlap) en het hoofdstuk Arbeidsmarkt, inkomensverdeling en gelijke kansen uit het MLT-advies van de SER. Wat betreft de CP pakt de minister het wel anders aan dan in deze adviezen staat. Lees daarover meer in dit artikel. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags coronacrisis, crisis-ww, deeltijd-ww, overheid, personeelskosten | Laat een reactie achter