Maandelijkse archieven: mei 2018

Succesvolle bijeenkomst voor ondernemende vluchtelingen

Op 4 mei organiseerden Platform Zelfstandige Ondernemers (PZO), MigrantINC en HarveyBloom een voorlichtingsbijeenkomst voor ondernemende statushouders in de Malietoren in Den Haag. Vaak blijkt dat statushouders die een onderneming in Nederland willen beginnen moeite hebben met het doorgronden en begrijpen van het complexe Nederlandse systeem van wet- en regelgeving.

De bijeenkomst is druk bezocht. Een van de aanwezigen was Irene, een ondernemer die een nieuw bedrijf in kinderkleding wil starten. Zij benadrukt: “Als ondernemer moet je iets niet laten omdat de regels moeilijk zijn. Als ondernemer loop je risico en moet je gewoon doorzetten.”

Wijswijs in Nederland

Tijdens de voorlichting werden ondernemende statushouders wegwijs gemaakt in het Nederlandse systeem. Zo kwamen onderwerpen als BTW, inschrijven bij de Kamer van Koophandel en het afdragen van inkomstenbelasting uitgebreid aan bod. De voorlichting werd gegeven in het Nederlands en deels vertaald in het Arabisch. Bovendien waren er twee accountants aanwezig waar men vragen aan kon stellen. Margreet Drijvers, directeur PZO: “Goed om zoveel ambitieuze ondernemers te zien die in Nederland succesvol willen zijn. Door deze bijeenkomst hebben we ze weer een stapje verder geholpen.’’

Met deze eerste voorlichtingssessie willen PZO en partners meer vluchtelingen naar economische zelfstandigheid helpen en zorgen dat mensen sneller met succes geworteld raken in onze samenleving. Juist buitenlandse ondernemers brengen vaak nieuwe inzichten of nieuwe concepten die ons land en onze economie verder verrijken. Deze sessie past in het beleid van het kabinet en ondernemersverenigingen om meer in te zetten op het aan werk helpen van vluchtelingen en het begeleiden van meer vluchtelingen naar het ondernemerschap.

 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter

Wordt tijdelijke inhuur de norm voor de Nederlandse arbeidsmarkt?

Geen banen maar projecten

Millenaar klimt met grote regelmaat in de pen, wat hem zelfs een ROA Professionele Publicatieprijs opleverde. Twee recente artikelen die hij schreef gingen over de uit de VS overgevlogen ontwikkeling: de gig economy. Millenaar: “In deze economie bestaat een carrière uit een aaneenschakeling van verschillende korte klusjes of projecten. Een vast dienstverband behoort tot het verleden. De ‘gig worker’ wordt bovendien vaak ondersteund door digitale platforms, zoals bijvoorbeeld Uber, Helpling en Deliveroo.”

“In een gig economie wordt tijdelijke inhuur gezien als de norm.”
– Leonard Millenaar, Zelfstandig organisatieadviseur en Hoofdredacteur M&C

Traditionele organisaties

Millenaar geeft aan dat het aantal zelfstandige professionals in de zakelijke dienstverlening sterk toeneemt: “De nieuwe generatie heeft niet de behoefte jarenlang te investeren om partner te worden bij een grote organisatie, maar wenst autonomie en flexibiliteit en wil van begin af aan een zinvolle bijdrage leveren.” Toch stelt Millenaar dat de gig economy niet direct het einde van traditionele organisaties betekent. “Flexibele arbeid is niet voor alle sectoren geschikt, maar met de komst van online platforms zal de toegevoegde waarde van sommige organisaties wel ter discussie komen te staan. Algoritmes nemen hun klassieke taken van arbeidsverdeling en coördinatie over.” Verder waarschuwt Millenaar dat ondernemen lang niet voor iedereen is weggelegd: “Buiten het feit dat jij zelf moet zorgen voor je vakontwikkeling, zaken zelf moet organiseren en discipline moet hebben, kan zelfstandig ondernemen soms eenzaam zijn.”

Opkomst communities

Millenaar schrijft in zijn artikel ‘Opkomst van communities van zelfstandige professionals’ over de behoefte aan verbinding onder Zelfstandig Professionals en hoe deze leidt tot het ontstaan van (online) communities en coworking spaces. Millenaar: “Elkaar opzoeken biedt verschillende voordelen: delen van kennis en vaardigheden, het opbouwen van een netwerk, het realiseren van schaalvoordelen en gezamenlijke acquisitie. Veel zelfstandigen zijn heel open naar elkaar in het benutten van deze voordelen, ondanks dat zij toch ook concurrenten van elkaar zijn.” Volgens hem is kennis als zodanig vaak geen concurrentievoordeel, wel hoe deze vervolgens wordt toegepast en vermarkt.

“Mensen zijn groepsdieren en hebben daarom toch de behoefte met anderen op te trekken.”
– Leonard Millenaar – Zelfstandig organisatieadviseur en Hoofdredacteur M&C

Review als basis

Een risico van de gig economy is dat het online platform de overhand neemt en reviews van opdrachtgevers leidend maakt. “Wat als jij twee of drie keer een slechte referentie hebt, terecht of niet? Dan is het nog maar de vraag of het algoritme jou nog wel naar boven laat komen als potentiële kandidaat bij een volgende opdracht. Dit maakt het systeem buiten efficiënt ook heel koud en kil”, aldus Millenaar.

Vooruitblik

Millenaar is nog lang niet klaar met deze thematiek. Binnenkort publiceert hij zijn derde artikel hierover met als onderwerp ‘de betekenis van de gig economie voor traditionele organisatie’. “Je ziet dat veel organisaties al werken met een flexibele schil. Ik ben benieuwd hoe organisaties zich verder ontwikkelen, zeker als het aantal zelfstandig professionals blijft toenemen”, aldus Millenaar.

Beluister de volledige radio-uitzending met Leonard Millenaar hieronder.

 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , | Laat een reactie achter

ING: “Bemiddelaars kunnen 20 tot 70 procent van hun markt verliezen aan platformen.” Is dat wel zo?

Uitzendbureaus, arbeidsbemiddelaars en payrollers kunnen binnen één decennium 20 tot 70% van hun markt verliezen aan platformen. Technologische ontwikkeling en arbeidsregels zijn hierbij bepalend. Die pittige uitspraak komt uit de mond van economen van ING. “Door zelf als platform te gaan werken, kan de sector voorkomen dat ze markt verliest aan platformgiganten als LinkedIn of de spin-offs van Deliveroo en Uber” zo schrijven ze.

Blijft het mensenwerk?

Allerlei online platformen, jobboards en sociale netwerken zorgen er volgens de ING voor dat bureaus in de flexbranche, van uitzendbureaus, payrollers tot bemiddelaars, minder vaak nodig zijn. “Werving en selectie is echter nog altijd vooral ‘mensenwerk’. Dit zal in de toekomst veranderen”, zo voorspelt de bank.

Met algoritmes kunnen online platformen werving en selectie verregaand automatiseren en kunnen ook administratieve taken als planning, urenregistratie en facturatie over nemen. Die doen dat sneller en goedkoper dan de huidige spelers. ING denkt dat wanneer de platformen zich het komende decennium nog meer gaan richten op de werkmarkt, de huidige flexbranche haar rol grotendeels zal verliezen.

Dat platformen risico’s niet kunnen overnemen, lijkt me overigens zeer de vraag.

20 – 70% flexmarkt naar platformen

Het ING Economisch Bureau schat in dat in ieder geval 20% van de markt zal verschuiven van de traditionele flexbranche naar platformen. Schoonmakers, keukenhulpen of callcentermedewerkers zijn bijvoorbeeld goed via een platform te organiseren. ING gaat hier wel wat voorbij aan het feit dat de bekende voorbeelden van dit moment, als Uber, Temper en Deliveroo primair in een b-to-c markt werken. En in een segment die zich kenmerkt door een zeer hoog aantal transacties met minimale transactiekosten, een segment waarin arbeidsbemiddelaars sowieso niet actief zijn.

ING ziet ook een extreem scenario, waarin technologie zich heel snel ontwikkelt én regels toelaat waarin arbeids- en zzp-contracten snel en makkelijk te sluiten en ontbinden zijn. Dan kan zelfs 70% van de markt verschuiven naar platformen. Ook specialistische beroepen, zoals vormgevers en docenten, zijn dan via een platform te organiseren. Marieke Blom, Hoofdeconoom bij ING Nederland: ‘We denken bij platformen nu misschien alleen aan taxichauffeurs, maar het gaat niet alleen om generiek werk. In de Verenigde Staten weet schaars IT-talent via online platformen zoals Hired.com met een online veilingsysteem al de hoogst mogelijke beloning te krijgen. Juist de krappe arbeidsmarkt kan de komende jaren een aanjager zijn voor de populariteit van platformen.’

De branche zit niet stil

‘Het is duidelijk dat de traditionele flexbranche zelf ook niet stilstaat. De grote traditionele spelers zijn zelf ook bezig hun eigen platform te ontwikkelen. De kernvraag voor de sector is, of ze de strijd met de platformgiganten kunnen winnen’ zegt Sjuk Akkerman, Sector Banker Services bij ING. Hij ziet drie cruciale factoren “Met haar kennis van arbeidsregelgeving heeft de branche een concurrentievoordeel. Platformgiganten als LinkedIn en de spin-offs van Uber of Deliveroo zijn qua technologie in het voordeel. De laatste troef is het netwerk. De platformgiganten hebben een wereldwijd netwerk en de capaciteit om op te schalen. De traditionele flexbranche zal het moeten hebben van de goede relaties met haar klanten.”

In een reactie op het ING rapport zegt Jurriën Koops van de ABU dat de platformen  volop kansen én bedreigingen bieden voor de flexbranche. “Digitalisering maakt arbeidsmarkt complexer, flexibeler met meer fricties. De uitdaging zit hem in de combinatie maken van technologie en de human touch.” De ABU publiceerde onlangs een eigen whitepaper over de platform economie en de gevolgen voor de branche:  “Wat is de impact van platformwerk?

Deel platformen worden juist ook traditionele bemiddelaar

In hun analyse beschrijft ING dat met name een aantal grote uitzenders stevig investeren in platformen. Zo heeft Adecco er zelf een aantal ontwikkeld en doet Randstad gericht acquisities.

Waar de ING wat aan voorbij gaat is het feit dat terwijl de flexbranche stappen zet richting online platformen, die zelfde platformen juist stappen zet richting meer traditionele bemiddeling. Zo zetten UpWork, Toptal en ProFinder (Linkedin) waar gewenst ook recruiters in om klanten te helpen in hun zoektocht naar talent, is een deel van het succes van het Franse Malt (binnenkort in Nederland actief) te verklaren door de meet-ups die ze organiseren en wil UpWork zich ook richting een VMS/FMS (inkoop- en freelance management systeem) ontwikkelen. Zo komen de wereld van nieuwe online platformen en de traditionele bemiddelaars steeds dichter bij elkaar, zoals Staffing Industry Analysts vorige week op hun conferentie over de GiG-economy in dit plaatje ziet zien.

Bron: SIA

Daarbij is het wachten nog op verdere overnames. Zowel van platformen door de flex-giganten, maar zeker ook op overnames van de grote techbedrijven als Google en Microsoft. De overname van Linkedin door Microsoft lijkt nog maar het begin van een groot spel waarbij het, anders dan de ING doet suggeren, niet zo zeer gaat om een 1 op 1 vervanging van de huidige flex-partijen door platformen.

Regelgeving bepalend?

ING stipt terecht het punt van de regelgeving aan. Akkerman zegt dat “regelgeving rond de arbeidsmarkt bepalend zal zijn” in hoeverre platformen daadwerkelijk zo’n groot deel van de markt kunnen overnemen. Zo liggen Uber en Deliveroo wereldwijd permanent onder vuur. Maar we moeten ook constateren dat de wetgever nog flink achterloopt op deze ontwikkelingen waardoor deze bedrijven met regelmaat het gelijk aan hun zijde krijgen.

In de genoemde whitepaper schrijft de ABU dat ze voorstander zijn van een (zelf)regulerend kader voor platforms. De ABU wil onder andere “dat platforms die zich bezighouden met het bij elkaar brengen van vraag en aanbod van werk zich conformeren aan de Waadi (Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs). De Waadi verbiedt bijvoorbeeld het vragen van een tegenprestatie in geld van de werkende en stelt eisen aan arbeidsvoorwaarden en arbeidstijden.”

Minister Koolmees heeft zijn handen nog vol aan wetgeving over traditionele vormen van flex-arbeid, inclusief het inzetten van zzp’ers. Een flinke nieuwe uitdaging voor hem dient zich alvast aan, waarbij het de grote vraag is in hoeverre de werking van deze platformen nu wel of niet binnen de bestaande wetgeving te vangen zijn.

Meer lezen:

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | 1 Reactie

Zzp’er, deel niet teveel gegevens met je intermediair!

Er zijn al de nodige artikelen geschreven over wat intermediairs, brokers en MSP’s kunnen, dan wel moeten doen om aan de AVG te voldoen. Maar jij kunt hier zelf ook aan bijdragen, door eens te kijken wat je deelt. Deel alleen wat noodzakelijk is voor het doel van de samenwerking, namelijk het bemiddelen naar nieuwe opdrachten en de uitvoering van de beoogde opdracht.

Wat zijn je rechten?

De AVG geeft zzp’ers, die samenwerken met intermediairs, brokers of MSP’s een aantal rechten als het gaat om de bescherming van privacy gevoelige gegevens. We zetten je rechten nog even op een rijtje:

  • Recht op inzage. Dat is je recht om de persoonsgegevens die een organisatie van jou verwerkt in te zien;
  • Recht op rectificatie en aanvulling. Het recht om je persoonsgegevens die een organisatie verwerkt te wijzigen;
  • Het recht op beperking van de verwerking: Het recht om minder gegevens te laten verwerken;
  • Het recht met betrekking tot geautomatiseerde besluitvorming en profilering. Oftewel: het recht op een menselijke blik bij besluiten;
  • Het recht om bezwaar te maken tegen de gegevensverwerking;
  • Het recht op dataportabiliteit. Het recht om persoonsgegevens over te dragen (nieuw);
  • Het recht op vergetelheid. Het recht om ‘vergeten’ te worden (nieuw).

Wat mag jij van de intermediairs, brokers en MSP’s verwachten?

Intermediairs, brokers of MSP’s mogen zonder jouw geldige toestemming geen persoonsgegevens van jou verwerken en moeten aantonen dat zij deze geldige toestemming hebben gekregen. Daarnaast moet het net zo makkelijk zijn om je toestemming weer in te trekken als om die te geven.

Je mag verwachten dat wanneer je ergens solliciteert, je actief gevraagd wordt om toestemming te geven voor het verwerken van je gegevens. Dat wil zeggen dat je met het insturen van je sollicitatie dus niet automatisch akkoord gaat, maar je zelf bijvoorbeeld een vakje aan moet vinken. Daarnaast mag je een verwijzing naar een helder privacy statement verwachten, zodat je weet wat er met je gegevens gebeurt en waar je dus toestemming voor geeft.

Partijen die lid zijn van de Bovib (Branche-organisatie voor intermediairs en brokers) zijn via de kennissessies van de branche-organisatie in het algemeen goed geïnformeerd over de impact van de AVG op hun activiteiten. Ook is er een landelijke werkgroep waarin kennis, best practices en voorbeelden worden gedeeld met de leden.

Wat kan jij zelf doen richting de intermediairs, brokers en MSP’s?

De AVG zorgt er dus voor dat organisaties de nodige maatregelen moeten nemen om aan hun verantwoordelijkheden te kunnen voldoen en hiermee jouw privacy te waarborgen. Maar ook jijzelf kan hieraan bijdragen door je bewust te zijn van de gegevens die je op je cv zet en met dergelijke organisaties deelt.

Ook voor een zzp’er is het cv vaak hét visitekaartje. Het is begrijpelijk dat jij je als professional met je cv wilt onderscheiden, zodat jouw cv eruit springt tussen alle anderen. Dat is ook je goed recht, maar pas op dat je niet té veel gegevens deelt. Wanneer een intermediair, broker of MSP’s jouw cv in haar bestand opneemt, wordt deze, met in sommige gevallen gevoelige informatie, in jouw kandidaat dossier opgeslagen, terwijl zij deze gegevens helemaal niet nodig zijn of zelfs mogen hebben. Want onbewust kan jij namelijk bijzondere gegevens delen die volgens de AVG niet verwerkt mogen worden zonder wettelijke grondslag.

Onderstaand voorbeeld cv bevat een aantal persoonsgegevens waarvan jij jezelf af zou kunnen vragen of je niet teveel (bijzondere) persoonsgegevens deelt met organisaties:

  • (Pas)foto;
  • BSN;
  • Geloofsovertuiging;
  • Burgerlijke staat / gezinssamenstelling;
  • Geboorteplaats;

Voor de meeste van deze gegevens geldt namelijk dat deze geen toegevoegde waarde hebben voor het doel waarom je de gegevens deelt, namelijk het bemiddelen naar een nieuwe opdracht. Daarnaast is het zo dat in het geval van de eerste vier punten het gaat om bijzondere persoonsgegevens en zoals eerder aangegeven, mogen deze niet zonder wettelijke grondslag worden verwerkt.

Nu vraag jij je misschien af wat er zo bijzonder is aan een (pas)foto op je cv. Dit staat toch leuk en onderscheidend? Dat klopt, maar een foto zegt bijvoorbeeld iets over je uiterlijke persoonskenmerken en je etnische achtergrond. Het logo van je onderneming zou een goed alternatief kunnen zijn, waarmee je meteen in het kader van de Wet DBA je ondernemerschap onderschrijft!

Je BSN op je cv is toch handig, want dan hebben ze die alvast? Als je een opdracht hebt weten te bemachtigen, hoeft een opdrachtgever je BSN nog steeds niet te hebben, omdat je als zzp’er niet in dienst treedt bij een organisatie. Omdat je zzp’er bent, zal een opdrachtgever, in het kader van de Wet DBA, wel vragen om je KvK inschrijving en BTW nummer. Wanneer je als zzp’er je werkzaamheden vanuit een eenmanszaak verricht, is de kans groot dat je BTW nummer vrijwel gelijk is aan je BSN. Deze kwestie heeft de aandacht van de politiek. Hierover kan je meer lezen in dit artikel van Hugo Jan Ruts.

Wees jezelf er van bewust wat je deelt!

Door de invoering van de AVG mag je dus verwachten dat intermediairs, brokers en MSP’s jouw privacy nog beter waarborgen, maar het begint natuurlijk allemaal bij de gegevens die je zelf deelt. Bekijk dus eens welke gegevens jij allemaal op je cv hebt staan.

Ga jij voor de volgende keer dat je reageert op een opdracht je cv nog aanpassen?

 

Patricia Boer en Anneli Schenkel, Immens Interim | Finance | Recruitment

 

 

  • Patricia Boer is manager Backoffice van Immens, projectmanager AVG en lid van de AVG werkgroep van de Bovib.
  • Anneli Schenkel is recruiter en lid van het AVG implementatie team bij Immens
Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , | Laat een reactie achter

Hoe evident zijn de evident kwaadwillenden bij de Wet DBA?

Na 1 juli gaan we in Nederland “het kwaad” feller bestrijden. “Hoog tijd” hoor ik u denken. De Belastingdienst betreedt voor u de duisternis, op zoek naar zij die ‘kwaad’ willen. Kwaadwillenden worden aangepakt,  waar zij zich maar schuil houden. Soms probeert de Belastingdienst de wereld niet alleen makkelijker te maken maar ook leuker. Vanaf 1 juli aanstaande wordt er meer dan nu gecontroleerd of een arbeidskracht zonder arbeidsovereenkomst feitelijk toch in een verkapte dienstbetrekking werkzaam is. Maar alleen bij ‘kwaadwillendheid’. Volgens de minister, in zijn brief van 9 februari, zijn de kwaadwillende mensen te herkennen aan het volgende signalement:

  1. zij presenteren zich als zzp’er maar zijn eigenlijk partij bij een (fictieve) dienstbetrekking;
  2. dat zij een dienstbetrekking hebben is evident; en
  3. zij zijn opzettelijk partij bij een (fictieve) dienstbetrekking.

Deze mensen behalen een oneigenlijk voordeel en tasten het speelveld op een oneerlijke manier aan. Het zal je maar gezegd worden… Wat zijn dit voor mensen? Ik heb zelf nog nooit iemand horen zeggen dat hij ‘kwaadwillend’ is. U wel? Maar misschien is het ook wel een wezenskenmerk van ‘het kwaad’. ‘Het kwaad’ is immers iets dat zich vaak in het verborgene afspeelt.

Wie zijn dan de evident kwaadwillenden?

Hét schoolvoorbeeld van evidente kwaadwillendheid zijn de pakketbezorgers. Ten minste, zo leek het tot voor kort. Bij nader inzien blijkt die conclusie voorbarig. Recent nog, op 2 maart, oordeelde de rechtbank Limburg dat een pakketbezorger wel degelijk een echte ondernemer kan zijn. De arbeidsrelatie van de bezorger had alle kenmerken van echt ondernemerschap. Voorbeelden van relevante kenmerken waren:

  • De bezorger was ingeschreven in het handelsregister van de KvK, hij kon reclame maken op zijn eigen bus en heeft van de Belastingdienst al twee keer een VAR-Winst (uit een onderneming) ontvangen;
  • Zijn vergoeding werd betaald per succesvolle stop, bij ziekte of anderszins niet bezorgen, ontving de bezorger niets;
  • De aanwijzingen van de opdrachtgever hadden een lange looptijd, waardoor geen gezagsrelatie met de opdrachtgever kon worden aangenomen. De aanwijzingen van de opdrachtgever waren niet heel concreet of zaaksgebonden en vooral gericht op de veiligheid en de betrouwbaarheid van de bezorging;
  • Het stond de bezorger vrij om zelf de bezorgroute te bepalen en zich te laten vervangen door iemand anders;
  • In 2015 is de bezorger een aanbod gedaan om in dienst te treden. Een aanbod dat de bezorger heeft afgewezen.

Deze uitspraak concludeert dat pakketbezorgers best ondernemer kunnen zijn. De rechter kijkt of iemand voldoet aan de kenmerken van ondernemerschap, ongeacht het beroep. De ene pakketbezorger kan dus wel aan de kenmerken voldoen, terwijl een ander hierin tekortschiet. Dat maakt het er niet makkelijker op, om te beoordelen wanneer iemand wel of niet ondernemer is.

Vast personeel flexibel maken is evident kwaadwillend

De pakketbezorgers gaan misschien toch vrijuit. Maar werkgevers die vast personeel rücksichtslos vervangen door flexibel personeel toch zeker niet. De rechtbank Noord-Nederland prikte direct door zo’n schijnconstructie heen op 19 december (zaak Moorlach). Werknemers in de sociale werkvoorziening verloren hun arbeidsovereenkomst, om vervolgens als uitzendkracht aan het werk te blijven bij dezelfde opdrachtgever. Op het eerste gezicht is dat best kwaadwillend. Maar wat nu als dit de enige manier is om mensen hun baan te laten behouden? Een baan die zij zeker kwijt zouden zijn als zij geen uitzendkracht waren geworden, vanwege een overheidsbezuiniging. Een moeilijke afweging waarbij alleen een salomonsoordeel uitkomst biedt. In ieder geval niet een situatie die zó evident kwaadwillend is, dat een lid van de Tweede Kamer er zijn zetel voor hoeft af te staan. Tja, waar zou u zelf voor gekozen hebben?

Waar is het kwaad?

Dat de Belastingdienst het kwaad in Nederland gaat bestrijden, is een fijne gedachte. Helaas kan ik ze daarbij niet helpen. Ik weet niet waar deze evidente poelen des verderfs te vinden zijn. Het kwaad laat zich niet zo makkelijk kennen. Menigeen bevindt zich wel ergens in het spectrum van het kwaad, dat zich uitstrekt van onverschilligheid voor het lot van de ander, tot het actief schaden van belangen, ten gunste van een (al dan niet ingebeeld) eigenbelang. Kwaadwillend zijn we allemaal wel een beetje. ‘Evident’ kwaadwillend komt minder voor.

De Commissie Boot heeft eens onderzoek gedaan naar hoe de Belastingdienst bij de Wet DBA de term ‘schijnzelfstandigheid’ probeerde te vangen in modelovereenkomsten. Volgens die commissie konden konden zij niet vaststellen wie de evident opzettelijk kwaadwillenden zijn. De Commissie kwam uiteindelijk slechts tot de conclusie dat een toets of sprake is van een arbeidsovereenkomst via een toetsing achteraf moet, op grond van alle omstandigheden van het geval. Misschien is het met het kwaad wel net zo.

 

Jasper Commandeur, Fiscalist Brainnet

 

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , , | 1 Reactie

Driewerf hoera! Juichen we straks ook voor de zzp-plannen van minister Koolmees?

Vorige week vrijdag vierden we weer massaal met elkaar Koningsdag. De koninklijke familie was deze keer te gast in Groningen.

Koningsdag is niet altijd een nationale feestdag geweest. Gedurende de 19deeeuw was dat Waterloo-dag. Op 31 augustus 1885 werd Prinsessendag ingevoerd als nationale feestdag. Dit als gevolg van een tanende belangstelling voor Waterloo-dag.

In 1891 is de naam van de feestdag omgedoopt tot Koninginnedag. Toen Juliana koningin werd, werd het feest verplaatst naar haar verjaardag.

Vanwaar deze historie?

U zult zich wel afvragen: vanwaar deze blik in de historie van Koningsdag? De reden hiervan is erin gelegen dat er een mooie gelijkenis valt te trekken tussen Koningsdag en de ondernemersovereenkomst.

Zoals u misschien weet, zijn wij een groot voorstander van de invoering van de ondernemersovereenkomst, als de opvolger van de Wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties). Met de invoering van deze overeenkomst behoren discussies over gezag eindelijk tot het (verre) verleden. Iets waar de praktijk echt naar snakt. Net als naar duidelijkheid vooraf.

Hoofdlijnenbrief Koolmees in aantocht

Wat staat er op korte termijn op dit dossier te gebeuren? Minister Koolmees en zijn collega-staatssecretaris Snel zullen nog voor het zomerreces richting Tweede Kamer met een hoofdlijnenbrief komen.

Ook komt er een vervolg op het kick-offoverleg met veldpartijen van eind januari 2018. De voorbereidingen hiervoor zijn al aan de gang. Dit vervolgoverleg vindt naar verwachting juni 2018 plaats.

Ondernemersovereenkomst gewenst

Wij hopen oprecht dat de minister en de staatssecretaris dan voor de markt goed nieuws hebben. En wel dat de plannen van het kabinet uit het regeerakkoord voor de onder-, midden- en bovenkant van de arbeidsmarkt geen doorgang zullen vinden, maar dat in plaats daarvan de keuze is gevallen op de introductie van de ondernemersovereenkomst.

Wel past hier een kanttekening. De onderkant van de arbeidsmarkt verdient hierbij wel extra aandacht, extra bescherming. Een arbeidsovereenkomst voor deze groep werkenden verplicht stellen is hiervoor de oplossing.

Het invoeren van de ondernemersovereenkomst in plaats van de eerder genoemde maatregelen uit het regeerakkoord zal voelen als een (be)kroning en wel van die van de zzp’er. Hiermee krijgt de zzp’er een volwaardige plaats in ons bestel.

U raadt al wat er klinkt als de minister en de staatssecretaris met deze boodschap naar buiten komen: een driewerf ‘hoera’!

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , , | 3s Reacties