ZPfacts: Lengte en tarief van zp-opdrachten blijven dalen. Geplaatst 30 januari 2015 door Hugo-Jan Ruts Zp’ers van 56 jaar oud vragen het hoogste tarief, opdrachten worden steeds korter, zp’ers kunnen minder uren per week schrijven en het gemiddelde uurtarief blijft dalen. Dat zijn zo een paar hoofdpunten uit ZPfacts, een nieuw initiatief van Headfirst. Ondanks deze dalende trends valt er voor zp’ers – mits in opdracht – nog een aardige omzet te behalen. Onder de noemer ‘kennisbemiddelaar’ heeft Headfirst een aantal diensten die te maken hebben met het bemiddelen van personeel, waaronder veel zp’ers. Van detachering tot contractafhandeling. Voor deze ZPfacts put Headfirst, in samenwerking met de Universiteit Tilbrug, uit een database waarin informatie staat van meer dan tienduizend zelfstandig professionals die zich in de afgelopen jaren bij hen hebben ingeschreven. Daarnaast beschikt HeadFirst over informatie van nog eens ruim tienduizend professionals die via een leverancier werken. De keuze om het onderzoek alleen te baseren op die gegevens is zowel de kracht als de zwakte van dit onderzoek. De kracht omdat het hier gaat om daadwerkelijk harde gegevens (in plaats van de vaak wat losjes ingevulde zp-polls waarbij wens en werkelijkheid wel eens uit elkaar lopen) uit een groot bestand. De zwakte zit er natuurlijk in dat het bestand van Headfirst niet representatief is voor alle zp’ers, wat ze in het rapport (zie pagina 4 rapport) ook ruiterlijk toegeven. Mannen, it-functies en grote opdrachtgevers zijn oververtegenwoordigd. Maar goed, geen enkel vergelijkbaar onderzoek binnen de zp-markt is dat wat betreft echt volledig representatief. Het is desalniettemin nuttig en degelijk genoeg om eens dieper naar een aantal conclusies te kijken. Hoofdpunten Waar er in 2013 nog sprake was van een toename van het aantal opdrachten, vindt er in 2014 wel enige afname plaats. De afname was groter in de private sector dan in de publieke sector. De opdrachtduur nam in de loop van 2013 af van 521 dagen naar 461, en fluctueert over 2014 tussen de 457 en 526. De afgelopen twee jaar zelfs 492 dagen (gemiddeld) oftewel 16,5 maanden. Het gemiddeld aantal contractuele uren per week daalde licht in de afgelopen twee jaar. Vrouwen hebben een werkweek van 29 uur, mannen 33 uur. (Dat zijn dus declarabele uren. In de praktijk zal de ‘werkweek’ dus wel wat langer zijn als je niet-declarabele uren meetelt). Het gemiddelde uurtarief dat professionals ontvangen, neemt continu af sinds 2013, m.u.v. de energiesector. De daling van lengte, inzet en tarief leidt dan natuurlijk tot een structurele daling in gemiddelde omzet per dag: Als laatste punt: naar mate professionals ouder worden, willen zij volgens Headfirst meer verdienen. Headfirst ziet een stijging in het gewenste tarief tot de professionals ongeveer 56 jaar oud zijn (gewenst dus, niet daadwerkelijk tarief zoals sommige media vandaag melden. We zagen dit fenomeen overigens ook in het onderzoek van Schaekel & Partners. In de praktijk kan er natuurlijk een groot verschil zitten tussen gewenst tarief en daadwerkelijk tarief, of überhaupt een tarief… Uit ander onderzoek komt naar voren dat zp’ers boven de 55 veel minder opdrachten hebben). Het volledige rapport is via deze site te raadplegen. Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Ondernemen | Tags onderzoek, tarief, zpfacts | Laat een reactie achter
De nieuwe flex- en ontslagregels: wat kan er nog bij flexcontracten? Geplaatst 29 januari 2015 door Hugo-Jan Ruts Het kabinet Rutte II beloofde als onderdeel van de hervormingsagenda ook flink aan de slag te gaan met de arbeidsmarkt. Bespiegelingen over of het kabinet hierbij de juiste keuzes maakt, laat ik even achterwege. Het is een feit dat er nogal wat aan het veranderen is rond het arbeidsrecht en de daaraan verwante regels. Zeker als het gaat om vormen van flexibele arbeid en flexcontracten. Een feit is ook dat werkgevers zich hier nog maar beperkt van op de hoogte hebben gesteld. Genoeg aanleiding dus om het boek De nieuwe flex- en ontslagregels. De Wet Werk en Zekerheid in de praktijk van arbeidsrechtdeskundige en advocaat Maarten van Gelderen (2014) eens onder de loep te nemen. De geest is uit de fles Het kabinet, of althans een deel daarvan, lijkt niet altijd onverdeeld positief over de flexibilisering van de arbeidsmarkt. Denk maar aan het zzp-dossier, waarover het binnenkort een standpunt moet innemen. De geest is ondertussen wel uit de fles als het gaat om de flexibilisering en de contractvormen die daarbij horen. Vroeger was het overzichtelijk: of je bood iemand een baan aan voor het leven, of je belde naar het uitzendbureau om iemand tijdelijk tot je beschikking te hebben. Het aantal manieren en contractvormen om iemand voor je te laten werken is de afgelopen jaren echter fors gegroeid. Van verschillende vormen van flexcontracten, zzp-contracten, payrolling en andere vormen van het uitbesteden van het werkgeverschap. Veel manieren dus voor werkgevers om de voor hen zo gewenste arbeidsflexibiliteit in te richten. De complexiteit van de bijhorende wet- en regelgeving is daarmee ook toegenomen. De Wet Werk en Zekerheid Met de Wet Werk en Zekerheid (WWZ) die sinds 1 januari van kracht is, wil het kabinet werkgevers stimuleren om meer werknemers in vaste dienst te nemen. Of dat ook gaat lukken, wordt her en der betwijfeld. Ondertussen gaat het hele ontslagstelsel op de schop. Voor die veranderende wetgeving is al door dit kabinet een eerste aanzet gegeven. De hoofdpunten van de WWZ zullen nu wel bekend zijn. Zo worden de proeftijd en het concurrentiebeding bij arbeidsovereenkomsten van zes maanden of korter geschrapt en krijgen werkgevers een aanzegplicht waarmee het aflopen van een tijdelijk contract schriftelijk moet worden aangekondigd. Daar komen per 1 juli de nieuwe regels voor ontslag bij, zoals de transitievergoeding en de aangescherpte ketenregeling, waardoor er straks minder mogelijkheden zijn om een reeks van tijdelijke contracten af te sluiten. Wat kan er nog wel? Zoals gezegd is de geest uit de fles. Organisaties hebben behoefte aan arbeidsflexibiliteit. Dat gaat de WWZ niet tegenhouden. Ondertussen moeten die organisaties wel goed opletten wat nu de nieuwe regels en voorwaarden zijn om die flexibiliteit te organiseren. Maarten van Gelderen, advocaat en partner bij Van Gelderen Arbeidsrechtadvocaten, heeft daar een handboek voor werkgevers en HR over opgesteld. In het eerste (en grootste) deel van dat boek zet hij alle soorten flexcontracten overzichtelijk op een rij. Dat is inclusief voorbeelden en uitleg van de wetsteksten, op een ook voor niet-juristen toegankelijke manier. Na deze opsomming gaat Van Gelderen dieper in op de nieuwe aspecten van de WWZ, waarbij met betrekking tot flexcontracten met name de ketenregeling en het juist beëindigen van die contracten van belang zijn. Overeenkomst van opdracht met zzp’ers Heel verstandig gaat Van Gelderen ook in op de overeenkomsten die met zzp’ers gesloten kunnen worden. Strikt genomen valt dat niet onder de WWZ, maar overeenkomsten met zzp’ers zijn voor organisaties een manier om hun arbeidsflexibiliteit in te vullen. Ook de ‘overeenkomst van opdracht’ moet aan de nodige regels voldoen, zodat de discussie of al dan niet sprake is van een arbeidsovereenkomst, kan worden vermeden. Dat thema wordt nog actueler door het verwachte kabinetsbeleid om de regels (en controles) rond het inzetten van zzp’ers aan te scherpen. Een goed inzicht in deze materie voorkomt dat werkgevers voor zzp’ers toch nog het tweede deel van dit boek nodig hebben, dat gaat over de nieuwe ontslagregels. Van Gelderen schreef al met al een nuttig en overzichtelijk boek. Goedkoop is het niet, maar een kleine foutje rond deze materie is al snel een stuk duurder. Het boek De nieuwe flex- en ontslagregels. De Wet Werk en Zekerheid in de praktijk van Maarten van Gelderen (2014) is hier te koop. Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags boek, boekenkast, flexcontract, Ontslagregels, WWZ, zzp | 1 Reactie
44 procent van de HR-professionals wil binnen twee jaar een andere baan Geplaatst 28 januari 2015 door ZiPredactie De tevredenheid van HR-professionals over hun baan en positie daalt wereldwijd. 44 procent zegt binnen twee jaar van baan te gaan veranderen, zo blijkt uit de Harvey Nash’s 2015 Global HR survey waaraan ruim duizend HR-professionals uit dertig landen meededen. Het percentage respondenten dat vindt dat HR een belangrijke rol speelt binnen hun organisatie, daalde met 7 procent ten opzicht van eerder onderzoek. Recruitment staat bovenaan hun prioriteitenlijstje. (meer…) Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags HR, onderzoek, recruitment | 5s Reacties
Een modern alternatief ter vervanging van de VAR Geplaatst 27 januari 2015 door Mark Bassie De Tweede Kamer schoof het plan voor de BGL (Beschikking Geen Loonheffing) als beoogde opvolger van de VAR (Verklaring Arbeidsrelatie), in december op de lange baan. Daarmee zijn we weer terug bij af. Het is volkomen terecht dat de Tweede Kamer de BGL niet ziet zitten, maar gewoon op de oude voet doorgaan met de papieren VAR uit 2014 is niet meer van deze tijd. Het is daarom tijd voor een alternatief voor de VAR. In dit artikel schets ik hiervoor de uitgangspunten. (meer…) Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags BGL, fiscus, VAR, zelfstandigenaftrek | 4s Reacties
Tussen Asscher en Escher: een cao voor zzp’ers? Geplaatst 23 januari 2015 door Gastblogger Soms lees je iets drie keer over. Het klopt wat er staat, maar toch veroorzaakt het kortsluiting met jouw beleving van de werkelijkheid. Zoals de contradictie in het werk van Escher. En de Regeling Cofinanciering Sectorplannen van minister Asscher. Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) pompt via de regeling cofinanciering sectorplannen 600 miljoen in de economie om die weer op peil te krijgen. En, u weet het, de economische crisis is aan zzp’ers niet voorbij gegaan. Maar meeprofiteren van de 600 miljoen? Nee hoor. In eerste aanleg mochten zelfstandigen niet meeliften omdat ze niet in één sector actief zijn. Dat bleek niet houdbaar, omdat er nog veel meer niet-sectorale fondsen zijn die wel plannen mochten indienen. Vervolgens waren de zelfstandig professionals “te klein” en “zonder leden”. Ook niet zo’n sterk argument. En dan blijkt ineens hoe de overheid simpelweg een stokje steekt voor deelname van zzp’ers. In de wettelijke regeling staat een geniepig regeltje. Je mag alleen mee doen als je een cao hebt. Een cao voor zzp’ers? Kortsluiting. Asscher wordt Escher. Zzp’ers moeten dus eerst een cao aan minister Asscher voorleggen, voordat zij de economische crisis te lijf kunnen gaan. Een collectieve arbeidsovereenkomst voor zelfstandig ondernemers, een grotere contradictie lijkt niet denkbaar. Maar toch, dit lijkt vreemd genoeg wel waar we in 2015 naar toe gaan. Althans, wanneer je de berichtgeving leest over het aan banden leggen van zelfstandig ondernemers, wijst alles in die richting. Overheid en organisaties leggen zelfstandig ondernemers aan banden Sinds kort wordt de zelfstandigenaftrek geframed als een “kostenpost van de overheid van 1,8 miljard euro”. De media, zoals het Financieel Dagblad, gaan daar kritiekloos in mee. In één adem wordt de vermindering van de opbrengsten van werknemersverzekeringen genoemd. Door de flexibilisering van arbeid en de stijging van het aantal zelfstandigen daalt de opbrengst van deze collectieve verzekeringen, waardoor een stijging van de premies dreigt. Die worden voor een deel door werkgevers betaald, maar zijn in ieder geval van invloed op het loon van werknemers. En zie daar het collectief belang van overheid, werkgevers- en werknemersorganisaties: Hoe houd je de overheidsinkomsten op peil, voorkom je dat werkgevers hogere lasten krijgen en bescherm je de werknemer met een vast contract? Door het aan banden leggen van de zelfstandig ondernemers. Op basis van de actuele berichtgeving en de uitwerking van regelingen lijkt het waarschijnlijk dat in 2015 de zelfstandig professionals door overheid, werkgevers en werknemers ‘gered’ zullen worden met collectieve financiële verplichtingen. Een reddingsvest als keurslijf, dan wel te verstaan. Dick Spel, Voorzitter Opleidings- en Ontwikkelingsfonds ZZP Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags nieuws, opinie, zzp-beleid | 1 Reactie
Een man met een missie, dat spreekt aan! Geplaatst 22 januari 2015 door Saskia Postma Onlangs mocht ik voor mijn ex-werkgever Van de Groep & Olsthoorn een workshop over personal branding houden voor een groep van ruim twintig interim-managers. Allemaal waren zij van een stevig management- en directieniveau. Het werd een geanimeerde bijeenkomst die werd afgesloten met een goedverzorgd diner. Ook deze avond viel het mij weer op dat veel interim-managers zich niet echt comfortabel lijken te voelen bij het idee zichzelf vanuit een duidelijke focus te presenteren. Liever houden ze het wat algemener. De meesten van hen zijn naar hun mening vooral succesvol omdat ze generalist pur sang zijn, waardoor ze een brede blik op de business hebben. Ze beschrijven zichzelf als ervaren change managers die snel thuis zijn in een nieuwe omgeving. Vanuit hun brede bedrijfskundige achtergrond zijn ze in staat de juiste verbanden te leggen en de zaken op een integrale manier te benaderen. Ook hebben ze over het algemeen goede communicatieve vaardigheden waardoor ze de mensen mee kunnen krijgen in de gewenste verandering. Herkenbaar? Tja, het bovenstaande verhaal kun je met gemak toepassen op 80 procent van interim-Nederland. Allemaal heel waardevol, maar nog niet echt onderscheidend. Interim-managers hebben een veel te algemeen verhaal Helaas hebben veel interim-managers de neiging om zich te presenteren met een (te) algemeen verhaal. En ook de diensten die zij aanbieden worden door een klant niet als onderscheidend ervaren. In een overvolle markt leidt dit vaak tot problemen met het vinden van nieuwe opdrachten. Omdat het de klant niet duidelijk is waar je specifieke toegevoegde waarde ligt, zal hij niet gericht voor jou kiezen en heb je vele concurrenten in de markt. Een sterke personal branding is essentieel voor succesvol ondernemen. Gelukkig zijn er ook interim-managers die het anders aanpakken en die hun onderscheidendvermogen helder onder woorden kunnen brengen. En dat maakt dat klanten een bewuste keuze voor hen kunnen maken. Mannen met een missie Tijdens de workshop en het etentje heb ik niet iedereen uitgebreid persoonlijk kunnen spreken. Er waren ongetwijfeld meer mensen die een boeiend verhaal over hun interim-werkzaamheden konden houden dan degenen die mij achteraf zijn bijgebleven. Tijdens het diner had ik bijvoorbeeld een boeiend gesprek met een manager die interessante verhalen kon vertellen over zijn werk in Oost-Europa. Een andere tafelgenoot had een uitgesproken visie op verbetermogelijkheden van de bedrijfsvoering bij ASML en de ontwikkelingen in de hightechmarkt. Twee verhalen van interim-managers die in deze workshop aanwezig waren, wil ik graag gebruiken om te illustreren wat een sterke personal branding kan inhouden. En ook wat het kan betekenen voor het succes van jouw (interim-)bedrijf. Aansprekende merkbelofte Een van de aanwezig interim-managers viel op doordat hij een zeer aansprekende ‘merkbelofte’ had. Hij vertelde dat hij als crisismanager vaak werd gevraagd door organisaties waar de nood inmiddels zo hoog was opgelopen dat er ook geen geld meer was om een crisismanager in te huren. Maar ook als de klant hem in eerste instantie niet kon betalen, nam hij de opdracht aan. Hij geloofde erin dat hij het tij nog kon keren. Hij maakte daarover goede afspraken met banken en leveranciers. Vervolgens ging hij aan de slag om de organisatie weer op de rit te krijgen. Hiermee verdiende hij zichzelf terug en was het honorarium uiteindelijk geen probleem. Dat is nog eens een sterke merkbelofte. Business Rebuilder Richard Snel Richard Snel had een dermate sterk en inspirerend verhaal dat ik hem vroeg of hij na de pauze een korte presentatie wilde houden voor de groep. Hij vertelde hoe hij zichzelf op de kaart had gezet en wat dit hem had opgeleverd. Het verhaal van Richard geeft een goed beeld van hoe je vanuit een duidelijke visie en aanpak jouw onderscheidendvermogen glashelder voor de klant kunt aangeven. De elementen die Richard maken tot succesvol personal brand Richard heeft het verkopen in het bloed zitten. Al vroeg in zijn loopbaan behaalde hij grote successen door verwaarloosde rayons weer winstgevend te maken, afgegleden A-merken weer op de kaart te zetten en producten en productgroepen te laten groeien als nooit tevoren. 1) Storytelling Richard vertelt op zijn persoonlijke site (www.4d-interim.com) een paar korte verhalen waaruit blijkt dat hij weet waarover hij praat en succesvol acteert als verandermanager. Omdat ons brein een voorkeur heeft voor verhalende informatie, werkt dit goed. Persoonlijke verhalen maken jou als personal brand aantrekkelijk omdat ze anderen de kans geven je te leren kennen. Zijn eerste succes als verandermanager realiseerde hij bij een overgenomen familiebedrijf dat zich onder zijn leiding heeft klaargemaakt om uiteindelijk met twee andere ondernemingen de krachten te bundelen in een nieuw bedrijf. Hij ontwikkelde zich tot Business Developer en richtte zich op processen, mogelijkheden en mensen. Daarbij hanteert hij een speciaal concept om nieuwe business te genereren: Het 8 Stappen programma ‘Building Diamonds’. Bij een glasfabrikant kwam de crisis keihard binnen in 2008 toen de bouwsector met 30 procent per jaar kromp. Richard wist het tij te keren door geen gewoon glas, maar goed glas te verkopen. Een onbetwiste invulling van een USP (in dit geval uitgelegd als ‘Un Solved Problem’) van de klant. Hierdoor verdrievoudigde de afzet in een ineenstortende markt. 2) Een duidelijke positionering Tijdens de presentatie begint Richard met een kritische vraag aan de groep. Hij stelt namelijk de vraag of de aanwezige interim-managers wel eens een opdracht weigeren. Waar veel interim managers ‘alles voor iedereen’ willen zijn, maakt hij zelf duidelijke keuzes voor het type opdrachten waar hij voor gevraagd wil worden. “En dat werkt”, vertelt hij aan de groep. Het resultaat is namelijk dat hij niet achter klanten aan hoeft te jagen, maar dat hij klanten op zich af krijgt die bewust voor hem kiezen. Richard zorgt ervoor dat een bedrijf weer werk- en winstgevend wordt. Zijn aanpak draait om bouwen op het bestaande fundament en veranderen met de mens centraal. Zonder eerst mensen te ontslaan om zo een quick win op kostenbesparing te realiseren. Want, zo redeneert hij, als het bedrijf weer goed loopt, heb je dezelfde vakmensen weer nodig. Zijn credo: ‘Als Business Rebuilder help ik bedrijven waar het slecht gaat om weer winst- en werkgevend te worden.’ 3) Een eigen concept en stappenplan Richard werkt vanuit zijn merk RYB (Rebuild Your Business) Business Rebuilders. Een specifiek concept waarmee hij direct duidelijk maakt wat hij komt doen als men hem inschakelt. Hij gaat aan de slag aan de had van een driestappenplan: Een performancescan maakt inzichtelijk waar de kraan openstaat. Door deze dicht te draaien creëer je resources om te investeren in verbeteringen. Inzicht en control: door te stoppen met verspillingen en het beheersen van de bedrijfsprocessen krijgt de opdrachtgever de kosten weer onder controle. Daarnaast is Richard sterk in het zien van onbenutte kansen in de markt. Hij heeft een speciaal commercieel concept ontwikkeld om nieuwe business te genereren: het hierboven genoemde 8 Stappen programma. RYB hanteert het credo “herbouwen op het bestaande fundament”, dit betekent dat er respect is voor de historie waarmee het bedrijf is grootgemaakt en dat de basis is voor de heropbouw. Op zijn site maakt hij op een aansprekende wijze gebruik van metaforen en beeldmateriaal uit de vliegwereld en maakt hij duidelijk dat de opdrachtgever te allen tijde de piloot blijft die de leiding houdt in de cockpit. Richard heeft daarnaast een persoonlijke stijl die hij op zich niet uitgebreid omschrijft, maar die hij wel summier aangeeft aan de hand van de woorden: “motivatietraining en bewustwording”. Deze elementen zet hij in als onderdeel van zijn aanpak. Onderscheiden doet ondernemen Als Richard zich zou hebben gepresenteerd zoals veel mensen dat gewend zijn te doen, had hij waarschijnlijk in zijn cv en op zijn site een verhaal gehad dat hij een ervaren change manager is met een brede bedrijfskundige achtergrond en commerciële expertise. Dat hij goede communicatieve vaardigheden heeft en mensen mee kan krijgen in de gewenste verandering en dat hij daarnaast sterk is in business development. Maar Richard heeft kleur gekozen en zichzelf als een sterk merk op de kaart gezet. Kijk voor inspiratie maar eens op www.herbouwers.nl Ik hoop dat dit praktijkverhaal jou mag inspireren om ook eens op deze manier naar jezelf te kijken. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags personal branding, zzp | Laat een reactie achter