Freelance consultants tevreden met hun keuze voor zelfstandigheid Geplaatst 11 oktober 2017 door ZiPredactie Acht op de tien freelance consultants werkzaam in de top van de adviesmarkt zijn tevreden met hun keuze om zelfstandig te ondernemen. De zelfstandige consultants zijn tevreden met zowel de uitdaging in hun werk als met hun salaris. Dit blijkt uit onderzoek van Consultancy.nl en Berenschot, dat werd gehouden onder ruim 700 consultants en freelance adviseurs. Uit de resultaten van de ‘Consulting Salary Survey 2017’ komt onder meer naar voren dat voor veel freelancers autonomie (73%) en flexibiliteit (56%) de belangrijkste redenen zijn om voor zichzelf te beginnen. Het zorgen voor meer afwisseling in de werkzaamheden en het verzekeren dat hun talenten volledig tot bloei kunnen komen, delen de derde plek wat betreft de doorslaggevende factoren om zelfstandige te worden, met beiden 40%. Over hun carrièrekeuze zijn freelancers over het algemeen zeer content. Bijna negen op de tien (88%) zelfstandige adviseurs zijn tevreden (39%) of zelfs zeer tevreden (49%) over hun werk als eigen baas en driekwart geeft desgevraagd aan dat zij geen terugkeer naar loondienst zouden overwegen. Zelfstandige consultant die wel een terugkeer naar een adviesbureau overwegen, doen dit met name omdat ze het missen om in een team te werken en omdat dit ze in staat zou stellen aan grotere en complexere projecten te werken. Bron: Consulting Salary Survey (Berenschot/Consultancy.nl) Ook over het salaris dat ze ontvangen zijn freelance consultants gemiddeld genomen goed te spreken. 78% van hen geeft aan dat hun inkomen als zelfstandige goed is, terwijl slechts 5% laat weten ontevreden te zijn met de verdiensten. Het gemiddelde uurtarief van de ondervraagde consultants – die gemiddeld dertien jaar ervaring hebben in het consultancyvak, waarvan zeven jaar in dienst bij een advieskantoor – bedraagt €111 per uur. Verwachtingen positief Een kwart van de adviseurs heeft zijn of haar uurtarief in de afgelopen twaalf maanden zien stijgen, tegenover 10% van hen die nu genoegen moet nemen met een lagere beloning. Ondanks de snelle opkomst van digitale aanbieders en matching platformen, geschiedt 80% van de acquisitie nog altijd via traditionele kanalen. Daarbij is ongeveer een kwart van de adviseurs als associate gelieerd aan een adviesbureau. Over de verwachtingen voor de komende twaalf maanden zijn zelfstandige consultants positief. 46% van de freelancers verwacht dat het aantal opdrachten in de top van de advies- en interimmarkt zal toenemen, waar 40% voorspelt dat de vraag gelijk zal blijven. Hun gedachten over de tariefontwikkeling laten echter een ander beeld zien: terwijl twee derde verwacht dat de hoogte van de vergoedingen zal stabiliseren, voorziet een derde van de respondenten een daling van de uurtarieven. Dit heeft volgens Larry Zeenny, onderzoeker bij Consultancy.nl, te maken met de dynamiek in de interim-markt: “Het aantal zelfstandige consultants is de afgelopen jaren explosief gegroeid, opdrachtgevers kunnen dus scherper inkopen. Tegelijkertijd is er al jaren een trend waarbij klanten kritischer zijn op de waarde die ze uit extern advies en ondersteuning halen.” Wat bovendien meespeelt is dat in de huidige tijd van drukkere projectportefeuilles de gemiddelde looptijd van opdrachten toeneemt: “Hierdoor zijn zelfstandige adviseurs en interimmers bereid om een lager uurtarief te accepteren.” Over het onderzoek De Consulting Salary Survey is het grootste onderzoek onder adviseurs naar arbeidsvoorwaarden en human capital trends in de top van de consultancybranche. Meer dan 700 adviseurs werkzaam in alle branches en vakgebieden hebben deelgenomen aan de survey. De Consulting Salary Survey is een initiatief van platform Consultancy.nl en organisatieadviesbureau Berenschot. Het volledige onderzoek is hier door te lezen. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags interim management, marktonderzoek | Laat een reactie achter
Eerste reacties op het regeerakkoord: ‘positief kritisch’ Geplaatst 10 oktober 2017 door Peter Boerman Rob de Laat, voorzitter inhuur-intermediair-vereniging Bovib: ‘Het is goed dat er nu iets meer duidelijkheid is, al is er nog lang niet de volslagen duidelijkheid waar we met z’n allen naar op zoek zijn. De discussie is lange tijd te veel vertroebeld geweest door de onderkant van de markt. Met het minimumtarief wordt daar in elk geval helderheid gecreëerd. We hadden het zelf over een tarief van zo’n 20 euro, 200 procent van het minimumloon. Het kabinetsvoorstel van 15 tot 18 euro wijkt daar niet zoveel vanaf. En dan vind ik duidelijkheid belangrijker dan: waar ligt nou precies die grens? De 75 euro voor het hoge tarief vind ik wel wat aan de hoge kant. Het gemiddelde tarief van onze leden is ongeveer 65 euro. Dat zijn over het algemeen geen mensen over wie je discussie hebt of ze echt zelfstandige zijn of niet. Is iemand die meer dan 40 euro factureert een probleem? Ik denk het niet. Onhandig vind ik ook zo’n stukje tekst over ‘reguliere inzet’. Is een ict’er bij een bank ‘reguliere inzet’? Zulke teksten leiden alleen maar weer tot onduidelijkheid, dat zou ik er het liefst helemaal uit hebben. Tarieven zijn helder. Nu introduceer je toch weer iets waarover je discussie kunt hebben. Ik vind ook de overgangssituatie met betrekking tot de Wet DBA nog wel van belang. Het lijkt me een illusie dat er voor 1 juli 2018 een nieuwe wet hiervoor is gerealiseerd. Ik denk dat het toch van belang is hoe de Belastingdienst zich hier gaat opstellen. Is het in lijn met dit regeerakkoord? Dan gaat het denk ik de goede kant op.’ Jurrien Koops, directeur ABU: ‘Het nieuwe kabinet legt een goede basis voor de noodzakelijke hervormingen op de arbeidsmarkt. Het is een serieuze poging om de balans tussen vast en flexibel werk weer terug te brengen. Precies waar we om hebben gevraagd. Een aantal belangrijke belemmeringen om mensen aan te nemen verdwijnt. De nieuwe coalitie verlaagt de risico’s van werkgevers bij ziekte en arbeidsongeschiktheid van werknemers. De plannen maken het al met al aantrekkelijker om mensen in vaste dienst te nemen. Een goede zaak. De ABU is voorstander van kleinere verschillen tussen vaste en flexibele contracten. Dat mag echter niet ten koste gaan van een goed gereguleerde vorm van flexibel werken, namelijk uitzendwerk. Gelukkig staan voor het nieuwe kabinet uitzenden en detachering ook niet ter discussie. Dat is goed nieuws en dat doet recht aan de bijzondere functie van onze branche als banenmotor en opstap voor mensen naar werk. Of de ‘opdrachtgeversverklaring’ de vastgelopen zzp-markt gaat vlottrekken, moet nog blijken. De crux zit in de details We zijn ook blij dat payrolling kan blijven bestaan. We delen de wens om payrolling te reguleren, met name de oneigenlijke vormen van payrolling die bedoeld zijn om te concurreren op arbeidskosten. Payrolling is en blijft bedoeld om werkgevers te ontzorgen. Niets meer en niets minder. Wij gaan graag met het nieuwe kabinet en sociale partners om tafel voor de verdere uitwerking van het wetsvoorstel. Ik vind ook dat het nieuwe kabinet serieus werk maakt van de positie van zelfstandig ondernemers. Ze gaan onderzoeken of er een ondernemersovereenkomst kan komen in het Burgerlijk Wetboek. Eén van de zaken waarvoor de ABU eerder dit jaar al een pleidooi hield. Ik weet echter nog niet of met de nieuw te ontwikkelen ‘opdrachtgeversverklaring’ opdrachtgevers vooraf duidelijkheid en zekerheid krijgen over de inhuur van zelfstandigen. Of dit de vastgelopen zzp-markt gaat vlottrekken, moet nog blijken. De crux zit in de details. Deze bepalen immers hoe makkelijk het gaat worden om een zelfstandige in te huren.’ Mei Li Vos, voormalig PvdA-Tweede Kamerlid, bestuurder AVV, Alternatief voor Vakbond: ‘Ik ben een optimistisch mens en zie veel goede dingen terug. Zoals: het oneigenlijk gebruik van payrolling wordt aangepakt, vaste contracten worden meer gestimuleerd, en werknemers bouwen al vanaf dag 1 een ontslagvergoeding op. Over zzp’ers vind ik het minimumtarief een goed voornemen. Als je zo’n grens stelt, krijg je natuurlijk ook altijd weer nieuwe grensgevallen. Dat bedrijven bijvoorbeeld zzp’ers voor 19 euro gaan inhuren. Maar goed, dat hou je altijd. En er zijn ook grote groepen die niet met een uurtarief werken, zoals journalisten. Die werken soms ook voor een schijntje. Hoe ga je daar dan mee om? Ik heb nog wel veel vragen over de uitwerking. Bijvoorbeeld over de zelfstandigenaftrek: hoe gaan ze daar nou mee om? Dat ze de doorgeschoten flexibilisering willen aanpakken, vind ik op zich goed. En ook wel positief verrassend, voor deze toch rechtse coalitie. Maar een echte visie op de moderne werkende? Die ontbreekt nog wel, vind ik. Dat ze de doorgeschoten flexibilisering willen aanpakken, vind ik op zich goed. En ook wel positief verrassend, voor deze toch rechtse coalitie. Wat ik verder ook heel erg mis, is iets over scholing. Met Nederland als kenniseconomie gaat het goed. Maar zzp’ers blijven hierbij achter; die scholen zich niet tot nauwelijks. Zeker met D66 in de coalitie had ik daarover toch wel iets verwacht. Maar goed, misschien komt dat nog. En dit laat ook ruimte aan de Tweede Kamer om nog zelf dingen in te vullen, en dat is natuurlijk ook alleen maar te prijzen.’ Tjebbe van Oostenbruggen, directeur Brainnet: ‘Ik ben positief kritisch over de plannen. Het goede nieuws is dat alle rafelranden van de Wet DBA weer besproken gaan worden. Ik ben ook eens met het minimumtarief om schijnzelfstandigheid tegen te gaan, en het maximumtarief waarboven een opt-out mogelijk is. Ik vind dat tarief van 75 euro wel wat hoog, maar goed, iets is beter dan niets, en dan hebben we in elk geval iets om over te praten. ‘Als je de webmodule helemaal overlaat aan de Belastingdienst, houd ik wel mijn hart vast’ Ik ben wel kritisch over het woord ‘webmodule’. Als dat een heldere lijst ja/nee-vragen wordt, dan kan het gaan werken. Maar als je het helemaal overlaat aan de Belastingdienst, houd ik wel mijn hart vast. Termen als ‘gangbaar in de branche’, dat schept alleen maar nieuwe onduidelijkheid, die moet je voorkomen. Maar als er vragen komen als: ‘Heeft u meerdere klanten?’ én ‘Heeft uw inzet een kop en een staart?’, dan is heus niet iedereen het ermee eens, maar dan hebben we in elk geval wel weer duidelijkheid. En heldere, eenduidige criteria, die voor iedereen gelijk zijn, dat is nu echt het allerbelangrijkste.’ Hermine Veerbeek, bestuurslid Raad voor Interim Management (RIM): ‘Wij zijn blij dat er in het voorstel voor een vervanging van de modelovereenkomsten meer heldere, concrete criteria staan. Al is ondernemerschap niet snel te vatten in Ondernemerschap. Met een grens van 75 euro voor de opt-outvariant weten we waar we aan toe zijn. De term ‘reguliere bedrijfsactiviteiten’ is wel voor meerdere uitleg vatbaar. Al is interim-management per definitie niet regulier. Lastiger vinden we de maximumtermijn van 1 jaar. Een deel van de opdrachten gaat nu eenmaal over langdurige veranderprocessen. We gaan ons er verder in verdiepen.’ Reinier Castelein, voorzitter vakbond De Unie: ‘Het is gewoon een werkgeverskabinet. Er wordt alleen maar werk gemaakt van het langer uittesten van werknemers, ze later aannemen, makkelijker kunnen ontslaan en zo goedkoop mogelijk laten vertrekken. Er wordt niet gewerkt aan de banen van 2030. Over vast en flex en zzp is geen keuze gemaakt. Het ontslagrecht versoepeld, de proeftijd verlengd en vaste contracten zijn weer verder weg. Als je dat bij elkaar optelt wordt de toekomst voor de middengroepen alleen maar onzekerder. Het is betreurenswaardig dat de ChristenUnie en het CDA de arbeidsmarkt hebben overgelaten aan de heidenen van D66. Ik zie niet in hoe je daarvoor het motto vertrouwen kunt hanteren.’ Margreet Drijvers, PZO (Platform Zelfstandige Ondernemers): ‘Het regeerakkoord is teleurstellend voor zelfstandig ondernemers. Er ligt weinig visie aan ten grondslag. De huidige arbeidsmarkt vraagt om een samenhangende visie, waarin werkgevers, werknemers en zelfstandig ondernemers worden meegenomen. Rutte II gaf in november 2016 aan dat de arbeidswetgeving zeer verouderd is en dat er reden is te werken aan ingrijpende vernieuwingen. Maar met dit regeerakkoord is geen sprake van zo’n ingrijpende vernieuwing. De nieuwe wet als vervanger van de Wet DBA gaat nog steeds uit van deze verouderde arbeidswetgeving in plaats van de vrije keuze voor ondernemerschap. ‘Positief is dat het kabinet wil verkennen hoe het zelfstandig ondernemerschap een eigen plek in het Burgerlijk Wetboek kan krijgen.’ Positief is wel dat het kabinet wil verkennen hoe het zelfstandig ondernemerschap een eigen plek in het Burgerlijk Wetboek kan krijgen.’ Maarten Post, voorzitter Stichting ZZP-Nederland: ‘Een mager zesje geven wij dit regeerakkoord. Het nieuwe kabinet vervangt de Wet DBA door een Opdrachtgeversverklaring, die zekerheid moet bieden aan opdrachtgevende bedrijven over het ondernemerschap van de zzp’ers die zij inhuren. De Belastingdienst kan dan bepalen wie ondernemer is en wie niet. Dat staat in schril contrast met onze eis voor een vrije keuze tot ondernemer. Zo creëert de overheid opnieuw een schuif op het aantal zelfstandigen en kan men bepaalde groepen uitsluiten als ondernemer. In het regeerakkoord staat, dat men daarvoor indicatoren als tarief, de duur van het contract en de aard van de werkzaamheden wil gaan gebruiken. Dat riekt naar willekeur en heeft juridische haarkloverijen tot gevolg. Het kan, afhankelijk van de uitwerking, ook zomaar uitmonden in een beperking van het ondernemerschap en dus een verslechtering. Blijkbaar leert men niet van de fouten uit het verleden en kiesen ze niet voluit voor een moderne arbeidsmarkt, waarin zelfstandige ondernemers ruim baan krijgen. Enkele lichtpuntjes zijn er natuurlijk wel. Zelfstandigen kunnen zelf bepalen of en hoe zij inkomensrisico’s als arbeidsongeschiktheid en de oude dag afdekken, zonder door de overheid opgelegde verplichtingen. Wij verzoeken het nieuwe kabinet daarom ook om de bestaande pensioenverplichting voor de zelfstandige schilders zo snel mogelijk op te heffen en te vervangen door vrijwillige aansluiting.’ NBBU, branche-organisatie flexbranche: Uit een persbericht: ‘De Wet DBA wordt vervangen. Daar zijn we blij mee. Net als met de mogelijke komst en verankering in het Burgerlijk Wetboek van de ondernemersovereenkomst. Uitzendwerk en detachering als zodanig staan gelukkig niet ter discussie. Dat geldt wel voor de definitie van uitzendovereenkomst en de vormgeving van payrolling. Wat betekent dit? We willen hierover in gesprek om dit uit te werken. Want leden van de NBBU bieden zowel uitzenden als payroll aan, conform de NBBU-cao, en passen sinds jaar en dag de inlenersbeloning toe. Het loon en de vergoeding van de uitzend- of payrollkracht is daarmee al gelijk aan het loon van de werknemer in dienst van de opdrachtgever. Bovendien hebben uitzend- en payrollkrachten van onze leden recht op pensioen. Payroll is eenvoudigweg een goed georganiseerde manier van flexibele arbeid. We hebben wel enige zorgen bij de webmodule die opdrachtgevers moeten invullen om zekerheid te krijgen over de inhuur van zzp’ers. Hou hem compact, zouden we zeggen, omdat je anders onwerkbare situaties creëert. Een dergelijke situatie hebben we al een keer meegemaakt bij de mislukte webmodule van de Wet BGL.’ Marjan van Noort, FNV Zelfstandigen: ‘Geen collectieve arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen, dat vinden wij een gemiste kans van dit nieuwe kabinet. Ruim 80 procent van de zelfstandigen is op dit moment niet verzekerd. Vaak kúnnen zelfstandigen zich niet eens verzekeren vanwege te hoge premies en uitsluitingen. Zelfstandigen in de bouw kunnen zich bijvoorbeeld maar verzekeren tot hun 60ste. Kortom, ook nu wordt het probleem voor de zelfstandigen niet opgelost. Het is daarnaast ook erg jammer dat dit kabinet weer is afgestapt van de rechtvaardige en reële gedachte dat opdrachtgever en opdrachtnemer sámen verantwoordelijk zijn voor de wijze waarop wordt gewerkt. Met de opdrachtgeversverklaring keert dit nieuwe kabinet terug naar de oude VAR-problematiek. Dat levert schijnzekerheid op voor de zelfstandige. Dit kabinet verklaart de zelfstandigen vogelvrij. De opdrachtgeversverklaring levert schijnzekerheid op voor de zelfstandige. Dit kabinet verklaart de zelfstandigen vogelvrij. Dat het kabinet heeft gekozen voor een minimumtarief vinden we wel een mooie stap. Maar het minimumtarief tussen de 15 en 18 euro zoals dit kabinet voorstelt, is onvoldoende. Zelfstandigen hebben vaak geen enkele onderhandelingspositie ten opzichte van hun opdrachtgever en worden geconfronteerd met eenzijdig opgelegde tarieven. De verlaging van de zelfstandigenaftrek – zonder dat daar iets tegenover staat, zoals de mogelijkheid collectief te onderhandelen – heeft direct een negatief effect op het besteedbaar inkomen van de zelfstandige. Het regeerakkoord wijdt slechts één zin aan deze maatregel. Motivering en uitwerking ontbreken. We zijn erg benieuwd naar de uitwerking.’ Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Politiek | Tags minimumtarief, Rutte III | Laat een reactie achter
Rutte III en de definitieve plannen voor zelfstandige professionals op een rij. Met vooral: de ‘nieuwe Wet DBA’ Geplaatst 10 oktober 2017 door Hugo-Jan Ruts In hoofdlijnen lijkt het kabinet zich wat te richten op het indammen van de zzp-markt aan de onderkant van de tariefpiramide. De fiscale punten lijken dan weer wat meer gericht te zijn op aantrekkelijker maken van het overstappen van een eenmanszaak naar een BV. De wijzigingen rond de Wet DBA is een onderwerp dat velen bezighoudt. De overstap naar een zogenoemde webmodule kan een mogelijke verlichting zijn ten opzichte van de huidige modelovereenkomsten. Voor opdrachten van boven de 75 euro per uur en korter dan een jaar komt een soort van ‘verlicht’ regime (opt-out-regeling). Daaronder een webmodule, met criteria die nog niet uitgewerkt zijn. Onder een tarief van 18 euro per uur wordt langdurig inzet van zzp’ers door opdrachtgevers onmogelijk. (citaten uit het regeerakkoord staan cursief) Modelovereenkomsten maken plaats voor een opdrachtgeversverklaring “De Wet DBA wordt (…) vervangen. De nieuwe wet moet enerzijds (de inhuurder van) echte zelfstandigen zekerheid bieden dat er geen sprake is van een dienstbetrekking en anderzijds schijnzelfstandigheid (vooral aan de onderkant) voorkomen. Bij de uitwerking van de wet zullen veldpartijen betrokken worden en zijn zowel de handhaafbaarheid als de effecten op de administratieve lasten van belang.” Het hele stelsel van de modelovereenkomsten, ingevoerd met de Wet DBA, gaat verdwijnen. Er komt een webmodule met een zogenoemde opdrachtgeversverklaring. Het handhavingsmoratorium voor de Wet DBA wordt voorlopig verlengd (behalve voor de kwaadwillenden). “Deze geeft opdrachtgevers vooraf duidelijkheid en zekerheid bij de inhuur van zelfstandig ondernemers. Opdrachtgevers krijgen deze verklaring via het invullen van een webmodule, zoals bijvoorbeeld ook in het Verenigd Koninkrijk bestaat. Met deze opdrachtgeversverklaring krijgt een opdrachtgever zekerheid vooraf van vrijwaring van loonbelasting en premies werknemersverzekeringen (tenzij de webmodule niet naar waarheid is ingevuld). In de webmodule wordt een aantal duidelijke vragen gesteld aan de opdrachtgever over de aard van de werkzaamheden. Dit is trouwens de webmodule die in de UK gebruikt wordt. Daarbij wordt ten behoeve van de webmodule het onderdeel ‘gezagsverhouding’ verduidelijkt (bijvoorbeeld dat het enkel moeten bijwonen van een vergadering op zichzelf geen indicatie van gezag is). Tevens zal het kabinet de wet zo aanpassen dat gezagsverhouding voortaan meer getoetst wordt op basis van de materiële in plaats van formele omstandigheden.” Opdrachtgevers moeten dus een online formulier invullen om zo te controleren of een opdracht inderdaad zonder problemen door een zelfstandige uitgevoerd kan worden. Aanvullend op deze maatregel geldt een minimumtarief en een opt-out regeling voor zelfstandigen die boven de 75 euro per uur werken (en korter dan een jaar worden ingehuurd). Boven de 75 euro per uur geldt dus een ‘verlicht regime’, onder de 18 euro per uur wordt langdurig inhuren onmogelijk. Zie hier voor de punten hieronder. “De markt krijgt de tijd om te wennen aan veranderde wet- en regelgeving. Het huidige handhavingsmoratorium wordt na invoering van de bovenstaande maatregelen gefaseerd Na invoering van de nieuwe wetgeving geldt maximaal een jaar een terughoudend handhavingsbeleid (onder andere geen boetes na eerste controle), waarin de Belastingdienst een coachende rol heeft en partijen helpt bij de toepassing van de nieuwe regelgeving. Het kabinet gaat verkennen, ook in overleg met sociale partners en veldpartijen, of en hoe zelfstandig ondernemerschap via de invoering van een ondernemersovereenkomst een eigen plek zou kunnen krijgen in het burgerlijk wetboek. Dit zou de positie van zelfstandig ondernemers kunnen verhelderen.” Schematisch zou dat er dan ongeveer zo uit moeten gaan zien. (Lees dit artikel op ZiPconomy met eerdere analyse en uitleg over de opdrachtgeversverklaring.) Minimumtarief “Voor zzp-ers wordt bepaald dat altijd sprake is van een arbeidsovereenkomst bij een laag tarief in combinatie met een langere duur van de overeenkomst of een laag tarief in combinatie met het verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Wat een laag tarief is, wordt gedefinieerd als corresponderend met loonkosten tot 125% van het wettelijk minimumloon (de grens die bijvoorbeeld ook voor het lage-inkomensvoordeel (LIV) wordt gehanteerd) of met de laagste loonschalen in cao’s. Er wordt één tarief gekozen om voor de gehele markt de onderkant af te bakenen. Op basis van de gehanteerde argumentatie zal dit tarief vermoedelijk liggen in een bandbreedte tussen de 15 en 18 euro per uur. Een langere duur wordt gedefinieerd als langer dan drie maanden.” Inzetten van zzp’ers onder het minimumtarief en dat dan langer dan drie maanden, wordt dus feitelijk onmogelijk. Alleen inhuur van dat tarief mag bij ‘niet reguliere werkzaamheden’, maar dan niet langer dan 3 maanden. Wet DBA opt-out boven 75 euro per uur “Aan de bovenkant van de markt wordt voor zelfstandig ondernemers een ‘opt out’ voor de loonbelasting en de werknemersverzekeringen ingevoerd, indien er sprake is van een hoog tarief in combinatie met een kortere duur van de overeenkomst of een hoog tarief in combinatie met het niet verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Bij een ‘hoog tarief’ denkt het kabinet aan een tarief boven de 75 euro per uur. Een kortere duur wordt gedefinieerd als korter dan een jaar.” De eerder genoemde opdrachtgeversverklaring gaat dus niet gelden voor interim-managers/professionals die boven de 75 euro per uur krijgen (voorlopig bedrag), mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan: Boven 75,- + opdracht korter dan 1 jaar: geen opdrachtgeversverklaring. Boven 75,- + opdracht langer dan 1 jaar EN het zijn geen reguliere bedrijfsactiviteiten: geen opdrachtgeversverklaring. Boven 75,- + opdracht langer dan 1 jaar EN en zijn WEL reguliere bedrijfsactiviteiten: wel een opdrachtgeversverklaring. Ondernemersovereenkomst in BW Het kabinet gaat verkennen, ook in overleg met sociale partners en veldpartijen, of en hoe zelfstandig ondernemerschap via de invoering van een ondernemersovereenkomst een eigen plek zou kunnen krijgen in het burgerlijk wetboek. Dit zou de positie van zelfstandig ondernemers kunnen verhelderen en verstevigen. Onduidelijk hier is in hoe dit zich verhoudt tot de genoemde opdrachtgeversverklaring. Geen verplichte arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen worden – anders dan bijvoorbeeld het CDA wilde – niet verplicht zich te verzekeren voor arbeidsongeschiktheid. Het kabinet gaat wel in gesprek met verzekeraars over goedkopere verzekeringen voor zelfstandigen. Tevens zal worden bezien hoe bij zelfstandigen de verzekeringsgraad voor arbeidsongeschiktheid kan worden Het is van belang dat zelfstandigen een bewuste keuze kunnen maken om zich wel of niet te verzekeren en dat zelfstandigen die daarvoor kiezen in beginsel toegang hebben tot de verzekeringsmarkt. Het kabinet zal in gesprek gaan met de verzekeraars om een beter verzekeringsaanbod te bevorderen. Pensioen Er komt “de mogelijkheid dat zelfstandigen vrijwillig kunnen aansluiten of aangesloten blijven door het verdwijnen van de herverdeling van de doorsneesystematiek en de introductie van persoonlijke pensioenvermogens.” Geen verplichtingen dus. Zelfstandigenaftrek omlaag De zelfstandigenaftrek (niet geheel onverwacht) wordt verlaagd. De “zelfstandigenaftrek, vanaf 2020 in 4 jaarlijkse stappen van 3%-punt te verlagen naar het basistarief.” Lees dit artikel van Ewoud de Ruiter voor meer informatie Vennootschapsbelasting omlaag De vennootschapsbelasting gaat omlaag, relevant voor zelfstandigen met een BV of die overwegen om over te stappen naar een BV. Over de eerste 200.000 euro aan winst hoeft niet langer 20 procent vennootschapsbelasting te worden betaald, maar 16 procent (een kwart lager dus). Daarmee verschuift ook de grens waarop de overstap van een eenmanszaak naar een BV fiscaal aantrekkelijker wordt. De verlaging van de zelfstandigenaftrek versterkt dat mogelijk. “De statutaire tarieven in de vennootschapsbelasting gaan in stappen van 20% en 25% naar 16% en 21 % per 2021. Om een sterke aanzuigende werking naar de BV te voorkomen en om een globaal evenwicht te houden in belastingdruk wordt het box 2 tarief in stappen verhoogd van 25% naar 28,5% in 2021.” Lage BTW-tarief omhoog Het lage 6% BTW-tarief, waar een klein deel van de zelfstandigen gebruik van kan maken, wordt verhoogd van 6 naar 9%. Betaaltermijn overheid De Rijksoverheid betaalt altijd binnen 30 dagen en stimuleert bedrijven en andere (semi-)overheden het betaalgedrag overeenkomstig te verbeteren. Payrolling aanbanden Payrolling als zodanig blijft mogelijk, maar wordt zo vormgegeven dat het een instrument is voor het ‘ontzorgen’ van werkgevers en niet voor concurrentie op arbeidsvoorwaarden. Het kabinet komt met een wetsvoorstel waarin het soepeler arbeidsrechtelijk regime van de uitzendovereenkomst buiten toepassing wordt verklaard, werknemers qua (primaire en secundaire) arbeidsvoorwaarden ten minste gelijk moeten worden behandeld met werknemers bij de inlener, en de definitie van de uitzendovereenkomst ongemoeid blijft Het kabinet wil voorkomen dat bij nulurencontracten sprake is van permanente beschikbaarheid daar waar de aard van de werkzaamheden dat niet vereist. Werkgeverschap aantrekkelijk Met verschillende maatregelen wil het kabinet werkgevers er toe zetten minder stel flexconstructies te gebruiken en eerder een arbeidsovereenkomst aan te bieden. Zie hier voor volledige tekst regeerakkoord Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags Rutte III, WetDBA | 13s Reacties
Rutte III, het regeerakkoord en de gevolgen voor opdrachtgevers van zelfstandigen en flex-inhuurders. Geplaatst 10 oktober 2017 door Hugo-Jan Ruts Het nieuwe kabinet kondigt de nodige maatregelen aan die effect hebben op hoe organisaties hun behoefte aan flexibel personeel kunnen organiseren. Met name de inhuur van zelfstandigen gaat – opnieuw – fors op de schop. Er moet volgens het kabinet ‘een nieuwe balans tussen flex en vast’ worden gevonden. “Een flexibele arbeidsmarkt is een groot goed, maar kan ook doorschieten. Te vrijblijvende arbeidsrelaties leiden tot onzekerheid bij werknemers, verlies aan ervaring bij bedrijven en te weinig investeringen in kennis en opleiding. Wij willen een nieuwe balans tussen flex en vast. Voor werkgevers moet het financieel aantrekkelijker en minder risicovol worden om mensen een gewoon arbeidscontract aan te bieden. Wie bewust kiest voor het zelfstandig ondernemerschap leggen we niets in de weg. Tegelijkertijd beschermen we mensen die vaak onverzekerd en zonder alternatief zijn aangewezen op het ZZP-schap.” “Vaste werknemers, flexwerkers en zzp-ers zijn onbedoeld concurrenten van elkaar geworden” zo constateren de vier partijen, VVD, CDA, D66 en CU. “De sleutel naar een eerlijker arbeidsmarkt ligt in de gelijktijdige beweging: vast werk minder vast maken en flexwerk minder flex. Het is de ambitie van dit kabinet dat meer mensen aan het werk kunnen gaan in contracten voor onbepaalde tijd. Zelfstandigen moeten de ruimte krijgen om te ondernemen. Schijnzelfstandigheid wordt aangepakt.” Een overzicht van relevante passages (letterlijke citaten staan cursief), waarbij voor opdrachtgevers de aanpassing van de Wet DBA, met een differentiatie naar tarief, zowel hoog als laag, het meest in het oog springt. Modelovereenkomsten maken plaats voor een opdrachtgeversverklaring “De Wet DBA wordt (…) vervangen. De nieuwe wet moet enerzijds (de inhuurder van) echte zelfstandigen zekerheid bieden dat er geen sprake is van een dienstbetrekking en anderzijds schijnzelfstandigheid (vooral aan de onderkant) voorkomen. Bij de uitwerking van de wet zullen veldpartijen betrokken worden en zijn zowel de handhaafbaarheid als de effecten op de administratieve lasten van belang.” Het hele stelsel van de modelovereenkomsten, ingevoerd met de Wet DBA, gaat dus verdwijnen. Er komt een webmodule met een zogenoemde opdrachtgeversverklaring. Het handhaving moratorium rond de Wet DBA wordt verlengt (behalve voor de kwaadwillenden). “Deze geeft opdrachtgevers vooraf duidelijkheid en zekerheid bij de inhuur van zelfstandig ondernemers. Opdrachtgevers krijgen deze verklaring via het invullen van een webmodule, zoals bijvoorbeeld ook in het Verenigd Koninkrijk bestaat. Met deze opdrachtgeversverklaring krijgt een opdrachtgever zekerheid vooraf van vrijwaring van loonbelasting en premies werknemersverzekeringen (tenzij de webmodule niet naar waarheid is ingevuld). In de webmodule wordt een aantal duidelijke vragen gesteld aan de opdrachtgever over de aard van de werkzaamheden. Dit is trouwens de webmodule die in de UK gebruikt wordt. Daarbij wordt ten behoeve van de webmodule het onderdeel ‘gezagsverhouding’ verduidelijkt (bijvoorbeeld dat het enkel moeten bijwonen van een vergadering op zichzelf geen indicatie van gezag is). Tevens zal het kabinet de wet zo aanpassen dat gezagsverhouding voortaan meer getoetst wordt op basis van de materiële in plaats van formele omstandigheden.” Opdrachtgevers moeten een online formulier invullen om zo te controleren of een opdracht inderdaad zonder problemen door een zelfstandige uitgevoerd kan worden. Aanvullend op deze maatregel geldt een minimumtarief en een opt-out regeling voor zelfstandigen die boven de 75 euro per uur werken (en korter dan een jaar worden ingehuurd danwel niet-reguliere werkzaamheden doen). Zie hieronder. “De markt krijgt de tijd om te wennen aan veranderde wet- en regelgeving. Het huidige handhavingsmoratorium wordt na invoering van de bovenstaande maatregelen gefaseerd. Na invoering van de nieuwe wetgeving geldt maximaal een jaar een terughoudend handhavingsbeleid (onder andere geen boetes na eerste controle), waarin de Belastingdienst een coachende rol heeft en partijen helpt bij de toepassing van de nieuwe regelgeving. Het kabinet gaat verkennen, ook in overleg met sociale partners en veldpartijen, of en hoe zelfstandig ondernemerschap via de invoering van een ondernemersovereenkomst een eigen plek zou kunnen krijgen in het burgerlijk wetboek. Dit zou de positie van zelfstandig ondernemers kunnen verhelderen.” Schematisch zou dat er dan ongeveer zo uit moeten gaan zien. (Lees dit artikel op ZiPconomy met eerdere analyse en uitleg over de opdrachtgeversverklaring) Minimum tarief “Voor zzp-ers wordt bepaald dat altijd sprake is van een arbeidsovereenkomst bij een laag tarief in combinatie met een langere duur van de overeenkomst of een laag tarief in combinatie met het verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Wat een laag tarief is, wordt gedefinieerd als corresponderend met loonkosten tot 125% van het wettelijk minimumloon (de grens die bijvoorbeeld ook voor het lage-inkomensvoordeel (LIV) wordt gehanteerd) of met de laagste loonschalen in cao’s. Er wordt één tarief gekozen om voor de gehele markt de onderkant af te bakenen. Op basis van de gehanteerde argumentatie zal dit tarief vermoedelijk liggen in een bandbreedte tussen de 15 en 18 euro per uur. Een langere duur wordt gedefinieerd als langer dan drie maanden.” Inzetten van zzp’ers onder het minimumtarief wordt dus onmogelijk. Bij ‘niet-reguliere werkzaamheden’ kan het wel, maar dan niet langer dan drie maanden. (Lees dit artikel op ZiPconomy met nadere analyse en uitleg over de minimumtarief plannen) Opt out boven 75 euro per uur “Aan de bovenkant van de markt wordt voor zelfstandig ondernemers een ‘opt out’ voor de loonbelasting en de werknemersverzekeringen ingevoerd, indien er sprake is van een hoog tarief in combinatie met een kortere duur van de overeenkomst of een hoog tarief in combinatie met het niet verrichten van reguliere bedrijfsactiviteiten. Bij een ‘hoog tarief’ denkt het kabinet aan een tarief boven de 75 euro per uur. Een kortere duur wordt gedefinieerd als korter dan een jaar.” De eerder genoemde opdrachtgeversverklaring gaat dus niet gelden voor interim-managers/professionals die boven de 75 euro per uur krijgen (voorlopig bedrag), mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan: Boven 75,- + opdracht korter dan 1 jaar: geen opdrachtgeversverklaring. Boven 75,- + opdracht langer dan 1 jaar EN het zijn geen reguliere bedrijfsactiviteiten: geen opdrachtgeversverklaring. Boven 75,- + opdracht langer dan 1 jaar EN en het zijn WEL reguliere bedrijfsactiviteiten: wel een opdrachtgeversverklaring. Ondernemersovereenkomst in BW Het kabinet gaat verkennen, ook in overleg met sociale partners en veldpartijen, of en hoe zelfstandig ondernemerschap via de invoering van een ondernemersovereenkomst een eigen plek zou kunnen krijgen in het burgerlijk wetboek. Dit zou de positie van zelfstandig ondernemers kunnen verhelderen en verstevigen. Onduidelijk hier is in hoe dit zich verhoudt tot de genoemde opdrachtgeversverklaring. Payrolling / Uitzenden “Payrolling als zodanig blijft mogelijk, maar wordt zo vormgegeven dat het een instrument is voor het ‘ontzorgen’ van werkgevers en niet voor concurrentie op arbeidsvoorwaarden. Het kabinet komt met een wetsvoorstel waarin het soepeler arbeidsrechtelijk regime van de uitzendovereenkomst buiten toepassing wordt verklaard, werknemers qua (primaire en secundaire) arbeidsvoorwaarden ten minste gelijk moeten worden behandeld met werknemers bij de inlener, en de definitie van de uitzendovereenkomst ongemoeid blijft Het kabinet wil voorkomen dat bij nulurencontracten sprake is van permanente beschikbaarheid daar waar de aard van de werkzaamheden dat niet vereist.” Werkgeverschap aantrekkelijker, hervorming WWZ Op zoek naar een nieuwe balans tussen ‘vast-en-flex’ komen er een aantal maatregelen die het werkgeverschap aantrekkelijker maken. Met dus als wens om vaker een arbeidsovereenkomst aan te bieden, in plaats van een flex-contract of een zzp-constructie: Het ontslagrecht wordt versoepeld. Meer balans in de transitievergoeding De termijn dat tijdelijke arbeidscontracten gestapeld kunnen worden gaat weer van twee jaar naar drie jaar. Werkgevers kan een langere proeftijd afgesproken worden. Als een werkgever meteen een contract voor onbepaalde tijd aanbiedt, gaat een maximale proeftijd van 5 maanden gelden. Bij contracten langer dan 2 jaar mag een proeftijd van 3 maanden ingesteld worden. De loondoorbetalingsplicht bij ziekte wordt teruggebracht van 2 naar 1 jaar. Dit geldt voor ‘kleine’ werkgevers (minder van 25 personen). Bedoeling is dat zij er hierdoor toe overgaan eerder personeel in vaste dienst te nemen. Fiscale maatregelen zelfstandigen Voor zelfstandigen met een BV gaat de vennootschapsbelasting omlaag. De zelfstandigenaftrek bij de invoering van een ‘vlaktaks’ aangepast. Er komt geen verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering. Deze maatregelen lijken geen groot effect te hebben op de markt van de HBO+-opgeleide zelfstandigen. Mogelijk dat er wel meer zelfstandigen overstappen naar een BV. Zie hier voor de volledige tekst van het regeerakkoord Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags interim management | 22s Reacties
KvK: 5% meer fulltime zelfstandigen; 7% meer parttime zzp’ers. Geplaatst 10 oktober 2017 door Hugo-Jan Ruts In de eerste negen maanden van 2017 is het aantal zzp’ers toegenomen met 33.994 tot 916.688, een groei van 4 procent. Die groei vond vooral plaats in het net afgelopen derde kwartaal. In dit kwartaal startten 9% meer zzp’ers dan in dezelfde periode vorig jaar: toen waren er 24.084 starters tegen 26.220 in het afgelopen kwartaal. Dat blijkt uit de KvK-Bedrijvendynamiek over de eerste drie kwartalen van 2017, dat vandaag verschijnt. Ook het aantal parttime zzp’ers groeide in de eerste drie kwartalen van 2017 sterk. Het aantal nam met 6% (12.727) toe tot 231.806. Ook hier was vooral in het derde kwartaal van 2017 sprake van een sterke groei. Er startten 11% meer parttime zzp’ers in het derde kwartaal van 2017 dan in het derde kwartaal een jaar eerder: 8.318 dit jaar tegen 7.464 vorig jaar. Parttime zzp’ers zijn ondernemers die bij hun inschrijving hebben aangegeven dat ze minder dan 15 uur per week aan hun ondernemerschap besteden en geen personeel in dienst hebben. Bron: KvK-Bedrijvendynamiek Q3 2017 Naast ruim 43.000 starters waren er ook 22.000 ondernemingen die werden gestaakt in het derde kwartaal. Aanzienlijk minder dan in 2016. Bron: KvK-Bedrijvendynamiek Q3 2017 Sectoren In de sector Bouw zijn 18% meer zzp’ers gestart (van 10.250 in de eerste drie kwartalen van 2016 naar 12.070 in de eerste drie kwartalen van 2017). De sectoren Logistiek en Groothandel laten bij de startende zzp’ers een omgekeerd beeld zien: Logistiek heeft 17% minder starters (van 4.039 in 2016 naar 3.333 in 2017), en Groothandel heeft 11% minder starters (van 3057 in 2016 naar 2.731 in 2017). Anders dan deze cijfers mogelijk suggereren zijn HBO’ers de grootste groep zzp’ers. In de sector Financiële instellingen zijn er net als vorig kwartaal meer zzp-starters in 2017 dan vorig jaar in het derde kwartaal. Tot nu toe zijn er 13% meer starters genoteerd in de eerste drie kwartalen van 328 in 2016 naar 370 in 2017. De sector Zakelijke diensten is in de eerste drie kwartalen van 2017 toegenomen met 37.858 starters (vooral zzp). Dit is nagenoeg gelijk aan het aantal starters in dezelfde periode van 2016. De groei van deze sector is met name behaald door een afname in het aantal stoppers van 28.861 in de eerste drie kwartalen van 2016 naar 21.914 in 2017. Binnen de sector Zakelijke diensten bevinden zich de meeste starters in de eerste drie kwartalen in de volgende hoofdactiviteiten: Organisatieadviesbureaus (+2%, van 7.264 in 2016 naar 7.445 in 2017) Overige specialistische zakelijke dienstverlening (-8%, van 3.439 in 2016 naar 3.161 in 2017) Advisering op het gebied van management en bedrijfsvoering (geen public relations en organisatieadviesbureaus) (+13%, van 2.573 in 2016 naar 2.898 in 2017) Communicatie en grafisch ontwerp (+5%, van 2.575 in 2016 naar 2.704 in 2017). Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags cijfers, zzp-beleid | Laat een reactie achter
‘Wet DBA is sta-in-de-weg voor goed opdrachtgeverschap’ Geplaatst 10 oktober 2017 door Peter Boerman Bij Aegon hebben ze een helder beeld van wat ‘goed opdrachtgeverschap’ inhoudt. Kort gezegd: de contractvorm waarmee iemand aan het werk is, zou niet moeten uitmaken. Iedereen behandel je even goed, op dezelfde manier. Maar de Wet DBA dwingt hen dat onderscheid nu juist wél te maken, en vaste mensen een streepje voor te geven. Lastig, aldus het bedrijf dat eerder dit jaar nog een prijs won voor goed opdrachtgeverschap. ‘We hebben met elkaar afgesproken dat we een interimmer maximaal anderhalf jaar inhuren. Daarna moet iemand gewoon weg. We willen daar geen risico’s in lopen’, aldus Paul Visser, corporate recruiter bij het verzekeringsbedrijf. ‘Onze organisatie kiest nu meestal op basis van snelheid of je iemand interim wil of niet. Iemand in vaste dienst aannemen kost gemiddeld 60 dagen, van het online zetten van de vacature tot de handtekening. Een tijdelijke kracht heb je gemiddeld binnen een week of 2. Als iemand uitvalt, door persoonlijke omstandigheden, dan heb je snel iemand nodig die de plek vervult. En dus kies je dan snel voor een interimmer.’ Zwangerschap is altijd tijdelijk Ook het tijdelijke karakter speelt vaak een rol in de beslissing iemand al dan niet tijdelijk in te huren. ‘Een zwangerschap is per definitie tijdelijk’, aldus Visser. Maar er is ook een andere groep, zegt hij. ‘Je hebt gewoon ook op veel plekken en veel vlakken heel specifieke kennis nodig. Daar heb je niet altijd intern de mensen voor. Dan gaan we op zoek in de markt, en dan heb je meestal meer tijd om de markt te verkennen. Wie zit waar? Welke kennis kunnen we gebruiken? Dat proberen we nu ook al in kaart te brengen.’ Je hebt gewoon ook op veel plekken en veel vlakken heel specifieke kennis nodig. Daar heb je niet altijd intern de mensen voor. Daar komt ook vaak Harvey Nash in beeld. Deze dienstverlener, zelf uitgeroepen tot beste intermediair van Nederland, verzorgt voor Aegon de administratieve afhandeling van alle inhuur. Maar het is ook een van de preferred suppliers bij de verzekeraars die kandidaten mag aandragen. ‘Wij doen contractbeheer en detachering’, legt business developer Thijs Maters uit. ‘Dat betekent dat óf Aegon iemand vindt en wij het regelen, óf dat Aegon nog niemand heeft en wij meezoeken. Daar zie je wel golfbewegingen in, bij allerlei opdrachtgevers is er ook discussie over. Soms komen er vrij veel ‘vriendjes’ van managers binnen. Dan wordt het proces weer wat aangetrokken. Maar als recruitment van de opdrachtgever zorgt voor de werving vinden wij dat natuurlijk prima. Dat zijn in elk geval mensen die ervoor hebben doorgeleerd en die daar goede ervaring in hebben.’ Opdracht altijd uitgezet Bij Aegon gaat het in elk geval zo, vertelt Zerina Cviko, die bij de verzekeraar verantwoordelijk is voor de inhuurdesk. ‘Ook als een manager een kandidaat aandraagt, zetten wij een opdracht nog altijd uit. Je wilt wel vergelijking hebben, niet steeds uit hetzelfde bekende kringetje mensen binnen halen.’ Ook als een manager een kandidaat aandraagt, zetten wij een opdracht nog altijd uit. Je wilt wel vergelijking hebben. Maar er zitten wel gradaties en ‘focusgebieden’ in, zegt ze. ‘Als het gaat om heel specifieke doelgroepen, bijvoorbeeld specialisten in quantitave risk, dan hebben preferred suppliers ook veel moeite om die te vinden. Dan moeten we het echt van ons eigen netwerk hebben. Voor zulke mensen moeten we gewoon een eigen pool bouwen.’ Freelancers op de kerstborrel Maar goed, dan komt dus weer de wet DBA om de hoek kijken. Want die wet schrijft min of meer voor dat zelfstandigen echt op afstand van de organisatie moeten blijven, en anders maar in dienst moeten komen. En dat is bij Aegon juist niet de visie. ‘Bij ons komen freelancers ook op de kerstborrel’, zoals Cviko het uitdrukt. Dus ja, er is wel ‘enige spanning met de wet’, zegt zij. ‘We willen freelancers zoveel mogelijk behandelen als gewone werknemers. Maar volgens de wet mag dat eigenlijk niet. Daar houden we ons dan ook strikt aan. Maar we proberen wel zover te gaan als mogelijk is. Dat is dan voor ons de grens. En daar zit voor ons ook de spanning.’ Strakker neergezet Tot het inschakelen van minder freelancers heeft het volgens haar in elk geval (nog) niet geleid. ‘Nee, nee, zeker niet’, zegt ze stellig. ‘Het heeft er alleen toe geleid tot we nog strakker hebben neergezet wat allemaal wel en wat niet kan. Kunnen we bijvoorbeeld een zzp’er vragen voor de vervanging tijdens een zwangerschapsverlof? Daarvan hebben we gezegd: dat kan niet. Maar gaat het om een echt duidelijk project met duidelijke omschrijving? Duidelijke resultaten? Dan is er geen probleem. Ook in overeenstemming met Harvey Nash hebben wij ervoor gekozen niet in de schrikmodus te belanden.’ ‘Heel rare dingen’ in de praktijk Thijs Maters van Harvey Nash ziet in de praktijk ook ‘heel rare dingen’ gebeuren naar aanleiding van de Wet DBA. ‘Dan mag een relatiegesprek ineens geen relatiegesprek meer heten, maar heb je het ineens over: een voortgangsgesprek van een project. Terwijl je precies hetzelfde gesprek voert. Je zit met elkaar aan tafel en je kijkt hoe de werkzaamheden worden uitgevoerd…’ De discussies over wel of niet mee naar de kerstborrel? Het is Maters een doorn in het oog. ‘Als we op dat niveau gaan beoordelen of iemand zelfstandig is of niet, ja, dan is het eind zoek, wat mij betreft.’ Als we op het niveau van de kerstborrel gaan beoordelen of iemand zelfstandig is of niet, dan is voor mij het eind zoek. Waar hij wel voor pleit, ook in het kader van de wetgeving, is een ‘goede opdrachtomschrijving’. ‘Een helpdeskmedewerker die op interimbasis wordt ingehuurd vanwege gebrek aan capaciteit staat waarschijnlijk echt volledig onder leiding en toezicht van de organisatie. Dan kan ik me voorstellen dat je zegt: die zet je niet uit als opdracht voor een zelfstandige, maar daarvoor wil je alleen een detacheringskandidaat.’ Hoe lang is tijdelijk? Ook verwacht hij dat in de nieuwe wetgeving nog steeds wel een regeling komt met betrekking tot de maximale duur van een traject. Hoe lang is iets tijdelijk? ‘Als je iemand voor 5 jaar inhuurt, dan kan ik me voorstellen dat de wetgever zegt: joh, is het dan niet verstandiger een andere contractvorm te kiezen? Dat is eigenlijk logica die je zonder de Wet DBA al zou moeten toepassen. Alleen werd het vanuit gemakzucht nooit gedaan, en zie je soms dat mensen gewoon 10 jaar lang als freelancer worden ingehuurd.’ Kortom: ‘Die duur en die specifieke opdrachtomschrijving blijven denk ik wel twee belangrijke onderdelen, ook van nieuwe wetgeving’, zegt Maters. ‘Maar het zou me heel stug lijken als dingen als geen teamuitjes en zo in nieuwe wetten overeind blijven. Dat zou ik echt heel merkwaardig vinden…’ Kerstborrel als eigen keuze Visser: ‘Ik heb het gevoel dat de overheid ondertussen wel inziet dat het anders moet. Ik vind het, en dat herken ik ook uit mijn eigen freelancetijd, heel fijn om betrokken te zijn bij de organisatie waar je voor werkt. En als iemand het vervelend vindt, dan gaat hij gewoon niet naar de kerstborrel. Dat is uiteindelijk je eigen keuze. Maar liever dat dan dat je zegt: je mag er niet bij zijn omdat je zelfstandige bent. Dat zou ik echt niet willen.’ Dit is de tweede in een serie van twee interviews over goed opdrachtgeverschap. Lees hier het eerste deel. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags aegon, goed opdrachtgeverschap, harvey nash, inhuurcase, wet dba | 1 Reactie