Visitekaartjes, wie gebruikt ze tegenwoordig nog? Geplaatst 23 november 2015 door ZiPredactie Is het traditionele visitekaartje binnenkort een ‘has-been’? Een mooi en ooit effectief marketinginstument uit een voltooid verleden tijd, waar je met gepaste nostalgie op terugkijkt? In een steeds meer digitaal wordende wereld zou je het misschien wel denken. Of maken we een grote denkfout als we het visitekaartje afzweren? Alles digitaal? Dat de wereld steeds digitaler wordt en dat veel zakelijke activiteiten zich online afspelen, daar zijn we inmiddels aan gewend geraakt. Zowel bedrijven als privépersonen hebben een steeds belangrijker online-aanwezigheid. We hebben onze zakelijke activiteiten en marketingtools erop aangepast. Je hebt waarschijnlijk een uitstekend vormgegeven website en een goed social media netwerk. Je hebt je goed laten adviseren en het resultaat mag er zijn. Je teksten boeien en houden je lezers vast. Je website is snel en gebruiksvriendelijk. Je conversie is prima in orde: bezoekers ondernemen actie, omdat je het ze makkelijk hebt gemaakt en vragen informatie aan. Of ze worden betalende klant, omdat bij jou online bestellen met een paar muiskliks te regelen is. Je doet het dus beslist niet verkeerd. Je adverteert online, je communiceert online en je bent 24/7 bereikbaar. Toch vraag je jezelf af of het wel voldoende is. De blijvende kracht van het tastbare en zichtbare De online wereld heeft één groot nadeel: het is een tsunami aan informatie en indrukken en het kost de grootste moeite om blijvend op te vallen en blijvend onderscheidend te zijn in een wereld die per definitie vluchtig is. Dit is ook logisch. Online marketinginstrumenten appelleren aan slechts één zintuig: ons zicht. Ons zicht is wel heel belangrijk en vaak beslissend, maar er is zoveel meer. Wie een boek leest, ruikt niet voor niets aan het papier en voelt hoe de bladzijden, duidelijk hoorbaar, ritselen. Emoties die gepaard gaan met gevoel, gehoor en reuk, blijven veel langer beklijven dan emoties die alleen indruk op onze ogen maken. Bij wie hebben wij meer ‘gevoel’? Bij een zakelijke klant die we drie keer per week per e-mail spreken? Of bij die persoon die we daadwerkelijk in de ogen hebben gekeken. Van wie we de hand hebben geschud en van wie we het oude traditionele visitekaartje hebben aangenomen? Ja, zicht is cruciaal, maar wie de andere zintuigen verwaarloost, laat kansen liggen. Combineer offline- en online- marketinginstrumenten Naast het aspect van zintuiglijke waarneming, speelt ook positieve confrontatie een rol. Wie op weg naar huis een billboard langs de weg ziet, merkt dat de boodschap langer blijft hangen. Wie ‘s avonds voor het haardvuur een boek leest, met een visitekaartje van een klant of leverancier als boekenlegger, denkt automatisch aan zijn zakelijk aanbod. Het is niet voor niets dat in het Verre Oosten het uitwisselen van visitekaartjes vaak met een beleefd ritueel gebracht wordt. Het is niet een overdreven hang naar nostalgie, het is eerder een vorm van Oosterse wijsheid. Ze kijken naar het geheel en begrijpen dat een zogenaamd ouderwets marketinginstrument als een simpel visitekaartje nog steeds van grote waarde is. Stuur je een offerte digitaal? Stuur het ook op nieuw en smaakvol bedrukt papier. Doe het in een chic presentatiemapje en hecht er je visitekaartje aan. Je maakt indruk op alle zintuigen; je komt verzorgd over, met aandacht voor details. Je aanbod blijft langer in het geheugen. Professioneel Als je van plan bent om meer balans aan te brengen tussen je online en offline marketinginstrumenten, dan kent Nederland veel online drukkerijen zoals Flyeralarm die je kunnen helpen met het vinden van het juiste drukwerk. Het spreekt voor zich dat je alleen een professionele indruk maakt als ook je visitekaartjes op een professionele manier gemaakt zijn. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags personal branding | Laat een reactie achter
Wiebes presenteert Transitieplan invoering Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Geplaatst 20 november 2015 door Hugo-Jan Ruts Staatssecretaris Wiebes (Financiën) heeft zijn transitieplan voor de invoering Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties naar de Eerste Kamer gestuurd. De Eerste Kamer, die de wet momenteel behandelt, drong aan op dit plan dat er voor moet zorgen dat de Wet geen al te grote verstoringen oplevert in de markt voor zzp’ers. Ook voor de zzp-organisaties was dit plan een voorwaarde om hun weerstand tegen de Wet DBA weg te nemen. Wiebes heeft het transitieplan nu naar de Senaat gestuurd. Wil Wiebes de wet inderdaad per 1 april in laten gaat (zoals nu het plan is), dan moet de Eerste Kamer voor eind januari akkoord gaan. Het wetsvoorstel wordt op 19 januari plenair behandelt in de Eerste Kamer. Fases invoering In het plan is sprake van drie fases van invoering: Voorbereidingsfase. In deze fase ligt de focus op voorlichting en de totstandkoming en goedkeuring van voorbeeldovereenkomsten. Deze fase loopt al. Zo hebben veel zzp’ers vorige week een brief ontvangen daarin staat dat hun huidige VAR geldig blijft tot 1 april. Goedgekeurde overeenkomsten worden op hier op website van de Belastingdienst gepubliceerd. Implementatiefase. De wet zou moeten ingaan op 1 april 2016. Daarna worden er geen nieuwe VAR’s meer afgegeven. Tot 1 januari 2017 treedt de Belastingdienst echter nog niet op als nog niet wordt voldaan aan de nieuwe wet. Invoeringsfase. Vanaf 1 januari 2017 is de wet volledig in werking en wordt hij gehandhaafd. Nadere invulling wet Met belangenorganisaties is afgesproken dat er getracht wordt om te streven naar ongeveer 40 voorbeeldovereenkomsten. Daarnaast worden er samen met de belangenorganisaties een aantal meer algemene modelovereenkomsten ontwikkelt, die in een groot aantal situaties en sectoren toepasbaar zijn. Deze moeten eind november al klaar zijn. De Belastingdienst gaat ervoor zorgen dat ook eind november 2015 zowel in reeds gepubliceerde voorbeeldovereenkomsten de bepalingen worden gemarkeerd, die fiscaal of voor de werknemersverzekeringen relevant zijn. Op die manier is voor iedereen duidelijk welke bepalingen aangepast kunnen worden, zonder dat het risico lopen wordt dat er een verplicht tot het afdragen of voldoen van loonheffingen ontstaat. Eind november wordt ook het toetsingskader gepubliceerd dat de Belastingdienst hanteert om te beoordelen of er wel of geen sprake is van een dienstbetrekking. Dit toetsingkader – waar ook al maanden naar gevraagd werd – kan gebruikt worden als indicatie bij het opstellen van een overeenkomst. Whitepaper Met dit transitieplan, de toegezegde generieke overeenkomsten en toetsingskader lijkt Wiebes dan eindelijk iets meer regie te nemen bij deze ingrijpende verandering waarop het inzetten van (sommige groepen) zzp’er gereguleerd wordt. Het belangrijkste bezwaar van de Eerste Kamer (en van belangenorganisaties) tegen de Wet DBA lijkt hiermee van tafel, al blijven sommige senatoren hameren op het punt dat ze liever het wetsvoorstel bespreken in een bredere discussie over de zzp’ers en de arbeidsmarkt. Een discussie die het kabinet nu juist liever nu niet op de politieke agenda wil zetten. Ter voorbereiding op deze nieuwe wet heeft ZiPconomy een uitvoerige Whitepaper geschreven, met daarin 12 punten die elke zelfstandige, opdrachtgever en bemiddelaar moet weten over de Wet DBA. Deze gratis whitepaper is hier te vinden. Actualiteiten rond dit de Wet DBA kunt u volgen en teruglezen op in dit ZiP-dossier Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags ibo-zzp, Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties, zzp-beleid | 5s Reacties
Een flex serviceprovider kiezen op basis van kwaliteit. Het kan dus toch! Geplaatst 19 november 2015 door ZiPredactie Ket kiezen van de juiste leveranciers die je ondersteunen bij het organiseren van flex hoeft geen loterij te zijn. Antoinette Bos vertelt hoe zij met de best value procurement-methode de best passende leverancier voor de Hanzehogeschool Groningen vond. Er wordt veel aanbesteed in Nederland voor de inhuur van flexibel personeel. Inhuur verloopt via preferred suppliers, leveranciers van tooling en managed service providers (MSP) of zzp’ers worden gewoon individueel ingehuurd. Niet zelden levert een eerste aanbestedingsronde zo weinig schifting op. Daarom wordt er tegenwoordig soms simpelweg geloot om tot een kleiner aantal aanbieders te komen. Voor die aanbieders is dat een gruwel. Het kan ook anders. Antoinette Bos, hoofd leveranciersmanagement aan de Hanzehogeschool Groningen, vertelde tijdens de inspiratiesessie Grip op inhuur van Yacht hoe de hogeschool de best value procurement-methode inzette om een MSP-leverancier te selecteren. Laat de expert zijn werk doen De Hanzehogeschool had behoefte aan ontzorging bij de inhuur van zelfstandigen en koos er voor om te werken met een managed service provider. In zo’n geval hoeft slechts een keer te worden aanbesteed en fungeert de msp als contractant voor zowel de uitzendkrachten en gedetacheerden als de individuele zp’er. De manier waarop de msp wordt aanbesteed wijkt af van veel gebruikelijke procedures. De kern van de best value procurement-filosofie (bvp) is dat de opdrachtgever zelf zijn doelen bepaalt, maar dat de manier waarop dat gebeurt geheel in handen is van de expert: de leverancier. Die heeft verstand van zaken als de arbeidsmarkt en tooling om de gewenste grip op inhuur te realiseren. “Laat de expert zijn werk doen. Bemoei je niet met de inhoud van het werk maar met de performance en faciliteer”, aldus Bos. “Wanneer de leverancier de ruimte krijgt om zelf met oplossingen te komen, dan kan hij ook zijn eigen werkzaamheden van A tot Z overzien. Inclusief de risico’s. Hij hoeft dus geen ongewisse risico’s in de prijs in te calculeren”, zo legt Bos uit. “Met best value procurement krijg je zo de meeste waarde tegen de laagst mogelijke kosten.” Metrics Het is wel cruciaal dat de opdrachtgever helder zicht heeft op de huidige problemen en zijn doelstellingen. Pas dan kan een leverancier een expertoplossing aanreiken. Voor de Hanzehogeschool waren de primaire behoeften een beter, centraal inzicht in de huidige en toekomstige inhuurbehoefte, de interne handelingskosten (i.v.m. een groot aantal leveranciers) te beperken en zekerheid te krijgen over het voldoen aan wet- en regelgeving. Bij de instelling zelf was er onvoldoende kennis van de arbeidsmarkt en kwaliteit/prijs-benchmarks en vond er geen kwaliteitscheck plaats op de uitvoering van opdrachten door externen. Tot slot was er een wens om vooral met lokale partijen te werken en meer met zelfstandigen. Met dat pakket konden partijen aan de slag met een mogelijke oplossing voor deze problemen. De Hogeschool droeg zelf geen uitgesproken voorkeuren of ideeën aan over hoe de problemen moesten worden aangepakt. Die expertise ligt immers bij de leveranciers. Uiteindelijke leidde dit tot de inrichting van de Hanze Inhuur Desk, die nu operationeel is. De eerste resultaten worden nu zichtbaar. Zo is het aantal zelfstandigen gestegen en zijn de kosten gedaald. Het gesprek tussen de Hanzehogeschool en de serviceprovider gaat nu primair over de metrics, de kpi’s, die de leverancier zelf heeft voorgesteld. Volwassenheid aan twee kanten sleutel voor succes Een verfrissende benadering. Zeker in het licht van de eerder genoemde praktijk van loting tussen leveranciers. Antoinette Bos, duidelijk ambassadeur van de bvp-aanpak, wijst ook op de risico’s. Het vraagt om een flinke volwassenheid aan beide kanten, dus zowel van de opdrachtgever als de opdrachtnemer. De opdrachtgever moet helder weten welke doelen hij wil bereiken en vervolgens het lef hebben om op zijn handen te zitten. Dat vraagt soms nogal wat van professionals en managers. Een stevigheid en volwassenheid is ook nodig na de selectiefase, waarin je als opdrachtgever moet blijven focussen op de resultaten en niet op het oplossen van mogelijke problemen. Je moet daarbij zeker ook afwegen of de markt er klaar voor is, aldus Bos. Zijn leveranciers in staat om ook echt die kritische expertrol in te vullen? Bos ziet nog te vaak opportunisme en please-gedrag bij leveranciers. Dan is er geen basis voor best value procurement. Tot slot, Best Value is voor leveranciers een mooie uitdaging om echt op hun expertise te vertrouwen in plaats van op hun saleskwaliteiten. En dan wel wel deze expertise tastbaar en meetbaar te maken in metrics! Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags grip op inhuur, inhuurcase, inkoop | Laat een reactie achter
Whitepaper: 12 punten die iedere zelfstandige, opdrachtgever en bemiddelaar moet kennen over de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Geplaatst 18 november 2015 door ZiPredactie Op 1 mei 2016 verdwijnt de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) en treedt de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) in werking. Deze wijziging heeft veel impact op de manier waarop opdrachtgevers en ingehuurde (zelfstandige) opdrachtnemers afspraken met elkaar maken. De VAR gaf opdrachtgevers en opdrachtnemers enige zekerheid dat er geen arbeidsrelatie was tussen beiden. Die zekerheid vooraf is via de DBA en de Belastingdienst nu ook te krijgen. Onderliggende regels over wanneer er nu wel en wanneer er geen sprake is van een arbeidsrelatie tussen een opdrachtgever en opdrachtnemer veranderen niet. De manier waarover daar vooraf zekerheid is te krijgen wijzigt wel drastisch. Dat vraagt alertheid en actie van zowel inhurende organisaties, zelfstandigen als bemiddelende bureaus. In deze (geactualiseerde) whitepaper beschrijven we wat een ieder (opdrachtgevers, bureaus, zelfstandigen) te doen staat. Het debat of deze wet nu politiek of maatschappelijk gewenst is, laten we hier buiten beschouwing (zie daarvoor dit ZiPdossier) In deze gratis, uitvoerige, whitepaper beschrijven we twaalf punten over de Wet DBA voor wie: onbekommerd zelfstandigen wil blijven inhuren, zelfstandigen wil blijven bemiddelen of als zelfstandige met een gerust hart opdrachten wil blijven doen bij zijn opdrachtgevers. Vragen die behandelt worden zijn onder andere: Waarom wordt de VAR vervangen door de Wet DBA? Wat houdt de Wet DBA in de kern in? Voor wie geldt de Wet DBA en is deze verplicht voor iedereen die zzp’ers inhuurt? Geldt de Wet DBA voor alle zzp’ers/zelfstandig ondernemers? Hoe kom ik aan een voorbeeldovereenkomst? Kunnen bemiddelingsbureaus nog wel zzp’ers bemiddelen? Lossen die bureaus alle problematiek voor inhuurders op? Wie bepaalt of en met welke voorbeeldovereenkomst gewerkt wordt? De opdrachtgever of de opdrachtnemer? Actielijsten wat nu te doen, als inhurende opdrachtgever, bemiddelaars en zelfstandig professional? De Whitepaper is gratis beschikbaar voor alle abonnees van ZiPconomy. Aanmelden en daarmee ook onderdeel uitmaken van de groeiende ZiPconomy community kan via het invullen van dit formulier. U ontvangt dan ook gratis onze nieuwsbrief, elk kwartaal het digitale ZiPmagazine en toegang tot alle ZiPconomy papers en rapporten. [gravityform id=”20″ title=”true” description=”true”] Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties, whitepaper, zip-paper | Laat een reactie achter
Personal Data Services: ook bij recruitment en inhuur naar een democratische digitale samenleving. Geplaatst 17 november 2015 door Paul Bessems Het Europees Hof haalde onlangs een streep door het Safe Harbor-verdrag dat het dataverkeer regelt tussen Europa en de Verenigde Staten. Waar industrie en overheid de oplossing vooral zoeken in meer regelgeving, bieden bewezen diensten als Mydex, Qiy, OnlyOnce en Personal Data Services een structurele oplossing voor de ontstane situatie. De Weconomics Foundation ondersteunt een campagne om de Personal Data Service verder te ontwikkelen en toe te passen. Ook relevant voor de wereld van recruitment en inhuur die immers steeds digitaler en internationaler wordt. Hoe blijf je eigenaar van je eigen data? En hoe ga je als werk-/opdrachtgever en leverancier zorgvuldig om met data van zelfstandige professionals? Wat is het probleem? Er stromen continue persoonlijke gegevens van de EU naar de VS. Dat gaat om data die gekoppeld zijn aan Facebook, Google en Linkedin. Maar denk in het kader van recruitment ook aan ATS (organiseren van recruitmentprocessen), jobboards/marktplaatsen en VMS systemen (organiseren van inkoop, o.a. van zzp’ers) die ook steeds internationaler worden. Het gaat dus niet sec om privé profielen als Facebook, maar ook meer zakelijke profielen en informatie. Omdat de VS er een ander privacy beleid op nahouden mag dit niet zomaar. Nu vinden deze datastromen nog plaats onder de principes van Safe Harbor, maar het hof heeft bepaald dat dit ongeoorloofd is. Organisaties hebben nog tot eind januari de tijd om betreffende data alsnog in veiligheid te brengen. Op korte termijn zal er wellicht door bilateraal overleg een oplossing komen. Op lange termijn blijft het probleem dat mensen niet weten wie welke persoonlijke gegevens gebruikt en waarvoor. Wat is Personal Data Service? Mensen hoeven zich geen zorgen (meer) te maken dat organisaties data ongewenst gebruiken wanneer ze zich online ergens aanmelden, informatie opvragen, kennis delen of bestellingen willen doen. Het concept van Personal Data Services (ook wel PDS genoemd) bestaat uit een veilig, gedeeld data-netwerk tussen aangesloten organisaties die afspreken om op verantwoorde wijze met persoonlijke gegevens om te gaan. Via dit netwerk hebben gebruikers toegang tot hun eigen digitale kluis; de Personal Data Store. Hiervan heeft alleen de gebruiker de sleutel en kunnen mensen zelf bepalen welke persoonlijke profielgegevens gebruikt mogen worden en door wie. Met PDS kunnen diverse organisaties zoals overheden, opleidingsinstituten, uitzendbureaus en webwinkels, hun producten en diensten aanbieden. Gebruikers kunnen via een eigen website zelf gemakkelijk producten en diensten vinden, vergelijken en indien gewenst bestellen. PDS biedt dus een meer structurele oplossing voor het Safe Harbor probleem dan het maken van nieuwe afspraken, het opstellen van modelcontracten of corporate rules zoals bijvoorbeeld voorgesteld door Eurocommissaris Frans Timmermans. PDS draait het principe om: niet langer worden persoonlijke gegevens door organisaties opgeslagen, gebruikt en verkocht, maar zijn mensen zelf eigenaar van persoonlijke gegevens en profielen die ze aanmaken. Wat zijn de voordelen Met PDS krijgen mensen het weer voor het zeggen en worden we minder afhankelijk van databedrijven. We worden productiever door nog maar op één plaats profielen en informatie bij te houden en kennis slim te delen. Hierbij kiezen mensen zelf of ze wel of niet voor de infrastructuur betalen in ruil voor hun data. De blockchain technologie, met gedistribueerde autoriteit, speelt hierin een belangrijke rol. Met een gemeenschappelijke ontologie kunnen gegevens via een nutsvoorziening georganiseerd worden (ook wel een Data Commons genoemd). Dit is vergelijkbaar met het stroomnet. Bom onder businessmodellen grote techbedrijven Dit principe legt een ‘bom’ onder de businessmodellen van grote Amerikaanse databedrijven als Google en Facebook. Voor de meeste databedrijven geldt dat hun infrastructuur gratis is en de gebruiker het product. Data van gebruikers worden verkocht om bijvoorbeeld advertenties op maat aan te bieden. Dit kan ertoe leiden dat we producten kopen die we eigenlijk niet nodig hebben. Dat is niet duurzaam en een reden voor Weconomics om PDS te ondersteunen. De ‘strijd’ met grote databedrijven zal echter niet eenvoudig zijn, maar ook het Europese Parlement wil graag minder afhankelijk worden van deze organisaties, door bijvoorbeeld voor te stellen Google op te splitsen. We zullen onze data-economieën in ieder geval opnieuw moeten inrichten. Het huidige systeem is niet langer houdbaar. Naar een duurzame digitale samenleving We moeten opnieuw nadenken hoe we onze digitale samenleving democratischer inrichten en verduur-zamen. PDS zorgt voor meer privacy en een betere productiviteit. Mensen zijn zelf weer ‘in-control’. De Weconomics Foundation draagt bij aan de organisatie van een duurzame welvaart en ondersteunt het project om PDS verder te ontwikkelen en toe te passen in een aantal belangrijke kennisintensieve do-meinen als: gezondheidszorg, onderwijs, overheid, veiligheid en zakelijke dienstverleners. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags GDPR, inhuur, tooling, vms | 3s Reacties
Goed opdrachtnemerschap, wat is dat? Geplaatst 17 november 2015 door Gastblogger Staatsieportret Kon Beatrix door Anton Verhey Op 29 oktober was ik aanwezig op de ZiPlab-bijeenkomst van ZiPconomy, waar naast de komst van de Wet DBA, het fenomeen goed opdrachtnemerschap werd besproken. Vanaf het begin van mijn loopbaan is goed opdrachtnemerschap een onderdeel geweest van mijn professionalisering. Bij Yacht (eerder Randstad automatiseringsdiensten) speelde een goed opdrachtnemerschap al een rol bij de detacheringsopdrachten die werden uitgevoerd. Ervoor zorgen dat ieders belang werd behartigd, was het uitgangspunt bij het aanvaarden van opdrachten. Je hield altijd rekening met de belangen van het bedrijf, de medewerker en de klant. Toch gaat dit opdrachtnemerschap niet vanzelf en het is zeker niet vanzelfsprekend. Men kan zich veel vragen stellen bij de verschillende belangen die hier spelen. Wiens belang moet de opdrachtnemer behartigen bij de opdrachtgever? Wat maakt dat de opdrachtnemer onafhankelijk is? Wat maakt dat de opdrachtnemer zijn opdracht goed kan uitvoeren? Onafhankelijkheid De bovenstaande illustratie toont een deel van het schilderij dat Anton Verhey schilderde in opdracht van de gemeente Weststellingwerf voor de inhuldiging van prinses Beatrix in 1980. Ik vond het destijds lijken op een schilderij van een koningin van een of ander fantasieland. Ik kon het toen wel waarderen. De gemeente Weststellingwerf niet en zij borgen het schilderij op in de kelder, waar het recentelijk weer af en toe wordt uitgehaald omdat er veel belangstelling voor is. Verder was het schilderij in die tijd onderdeel van veel spot en het speelde het zelfs een rol in een voorstelling van Freek de Jonge die ik in die periode zag in Arnhem. Anton Verhey was ook een opdrachtnemer: was hij een goede opdrachtnemer? Een gedelegeerde opdrachtgever is een persoon. Iemand gaf Verhey de opdracht. Handelde Anton Verhey in het belang van deze persoon of in het belang van zijn klant, de gemeente of misschien wel de burgers van het plaatsje Weststellingwerf? Uit ervaring weet ik dat de wederzijdse afhankelijkheid van een opdrachtgever tot ver na de evaluatie van een opdracht een rol kan spelen bij de opdracht. Het is moeilijk om integer en onafhankelijk te blijven voor een opdrachtnemer, zeker als dat soms lijkt te handelen tegen zijn eigenbelang op korte termijn. Ik denk niet dat Verhey zich daar door heeft laten leiden gezien het effect van zijn schilderij. De belangen behartigen van de klant in plaats van die van de opdrachtgever onderscheidt de onafhankelijke professional van zijn minder integere vakgenoten. Dit geldt voor consultants, interim-managers en projectmanagers, maar ook voor vakmensen en kunstschilders. Maak je misbaar Verhey is nog steeds trots op het schilderij van Beatrix. Bij de aanvaarding van zijn opdracht was men op de hoogte van wat hij eerder had geschilderd. Hij schilderde toen al een half leven historische werken. Heeft hij de wensen van de opdrachtgever goed kunnen spiegelen aan zijn eigen kunde? Iedere professional moet een inschatting maken of wat de klant vraagt ook kan worden geleverd. Dit past niet altijd in het directe eigenbelang. Belangrijk in de onafhankelijkheid is dat de opdrachtnemer zich ondertussen misbaar heeft gemaakt. De kennis bij de opdrachtnemer mag geen voorwendsel zijn dat de klant steeds terug moet komen zodat de professional alleen uit eigenbelang kan blijven cashen. In mijn carrière heb ik meerdere keren mensen langs zien komen waar klanten niet vanaf kwamen. De klant was letterlijk een cash cow. Anton Verhey was dat zeker niet, want de gemeente Weststellingwerf heeft jaren niet naar hem omgekeken. Dat opdrachtnemers niet per definitie goede opdrachtnemers zijn, mag voor niemand een verrassing zijn. Toch is het zelfbeeld maar ook het beeld van de omgeving bij een externe in een organisatie vaak verrassend positief. Leo Witvliet heeft in zijn onderzoek naar de interim-manager ( Beeldenstorm Een (re)constructie van de interim manager 2005) een mooie inkijk gegeven in dit beeld. Interim-managers blijken vaak door hun management overlevingscompetenties als onmisbaar gezien te worden. Terwijl zij niet altijd het beste medicijn zijn voor het probleem van de klant. Juist de interim-manager die zich misbaar weet te maken heeft meer moeite om een positieve indruk achter te laten. Anton Verhey heeft weinig baat bij deze overpeinzingen: goede opdrachtnemer of niet, ik ben blij dat hij Beatrix heeft geschilderd. Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Ondernemen | Tags goed opdrachtgeverschap, goed opdrachtnemerschap | Laat een reactie achter