Maandelijkse archieven: oktober 2023

Wie heb jij nodig in de toekomst? Overtuig met data.

Zonder geschikte medewerkers kan een organisatie niet groeien. Hoe logisch dat ook klinkt, het is vaak lastig voor HR-managers om die urgentie over te brengen op de directie. Data kunnen je hierbij helpen. Hoe? Dat vertelden Paul Oldenburg en Ton Sluiter van HR techdienstverlener HeadFirst Group tijdens de Webinar Week.

Methode van Gartner Group

“Data kun je gebruiken om talentrisico’s voor de uitvoering van de bedrijfsstrategie te ontdekken en vervolgens actie te ondernemen”, zegt Oldenburg. “Aan de hand van je strategische doelen kun je inschatten welke talenten je nodig hebt om je bedrijf te laten groeien. Vervolgens breng je in kaart hoe jouw medewerkersbestand en de arbeidsmarkt eruit zien, nu en op lange termijn. Zo ontdek je of je straks mensen tekort komt, welke problemen dat oplevert en hoe je dat oplost.”

HeadFirst Group gebruikt bijvoorbeeld een methode van consultant Gartner Group om met data de belangrijkste risico’s rondom strategische personeelsplanning te definiëren, te identificeren en te beperken. “Maak het meetbaar”, zegt Oldenburg. “Dat helpt je de taal van de board te spreken: risicomanagement. Zo word je als HR-manager relevanter, dan wordt namelijk duidelijk dat je het hebt over concrete stappen om de toekomst van het bedrijf zeker te stellen.”

Talentrisico’s voor organisaties

Een talentrisico is een tekort aan geschikt personeel om de doelen van je organisatie te halen, legt Oldenburg uit. In het webinar laat hij een zogenaamde ‘risico-catalogus’ zien van de grootste talentrisico’s voor organisaties.

Een paar van de meest voorkomende risico’s zijn:

  • Gebrek aan aanbod van talent
  • Concurrentie op de arbeidsmarkt
  • Talentontwikkeling
  • Pijplijnrisico (een gebrek aan competenties voor de toekomst)

Waarschijnlijk loopt jouw organisatie diverse risico’s. Als je in kaart hebt hoe groot de kansen en impact per risico zijn, ben je in staat om prioriteiten te stellen. Vervolgens ga je aan de slag om de belangrijkste risico’s voor jouw organisatie te beperken.

Analyses van HeadFirst Group

Datamanager Sluiter laat vervolgens in een paar slides zien welke data HeadFirst Group zelf analyseert. Hij heeft bijvoorbeeld een interactief overzicht van tarieven voor professionals (zelfstandig of in dienst van leveranciers) in diverse beroepsgroepen. “Wij hebben een database met daarin de tarieven die voor alle opdrachten afgesproken zijn”, zegt hij. “Daardoor weten we wat een java developer gemiddeld kost. Dit soort inzichten gebruiken we om recruiters te informeren. Ook kunnen we opdrachtgevers laten zien of zij een marktconform tarief betalen.”

HeadFirst Group kan ook voorspellingen doen, omdat er nu al overeenkomsten worden gesloten voor volgende kwartalen. “Zo zien we dat het tarief voor bepaalde beroepsgroepen binnenkort stijgt”, vertelt Sluiter. “Daarnaast kijken we naar wervingshaalbaarheid. Als we een opdracht uitzetten, hoeveel mensen zijn dan geïnteresseerd? Zo weten we bijvoorbeeld dat een fullstack developer momenteel minder schaars is dan een java developer.”

Ondertussen breidt HeadFirst de database en analyses steeds verder uit. “Vaste functies worden bijvoorbeeld minder relevant, daarom ontwikkelen we bijvoorbeeld een methode om vraag en aanbod van skills te analyseren”, vertelt Oldenburg. “Op die manier kunnen we nog gerichter mensen zoeken en opleiden om klaar te zijn voor de toekomst.”

Meer weten?

Bekijk hieronder de video. Na dit webinar weet je:

  • Hoe je jouw organisatie overtuigt om te investeren in personeelsplanning.
  • Hoe je data inzet om risico’s meetbaar te maken.
  • Hoe je de personeelsplanning van jouw organisatie vergelijkt met anderen in je sector.

Verder nodigt HeadFirst Group je uit voor een interactieve werklunch op het hoofdkantoor in Hoofddorp. Daarbij wissel je ideeën uit en leer je van experts en vakgenoten op het gebied van talentmanagement en risicobeheer. Onderdelen van de workshop:

  • Opzetten voorbeeld risicocatalogus
  • Indicatoren vaststellen om waarschijnlijkheid en impact van deze risico’s meetbaar te maken
  • Databronnen identificeren om te rapporteren naar Business leaders in de eigen organisatie

Wil je meedoen? Deel je interesse via marketing@headfirst.nl 

 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Talent Intelligence, een nieuw vak binnen recruitment?

Recruitment heeft zich, vooral sinds de opkomst van het internet, steeds verder ontwikkeld tot een vakgebied binnen het HR-domein. Het onderscheidt zich vooral van HR door de focus op de externe doelgroep. Er gaan nog regelmatig stemmen op om recruitment los te maken van HR. Recentelijk was daar nog een interessante blog  over te lezen op de site van de SHRM, de Society for Human Resource Management. In deze tijd ligt echter een meer geïntegreerde manier van werken voor de hand, gegeven de complexiteit van zaken en de snelheid die verlangd wordt. Een verdere functionele verkokering lijkt mij zo bezien ongewenst. Al onderschrijf ik zonder meer dat recruitment een eigen karakter heeft. 

Het interessante is dat de ontwikkelingen binnen het recruitmentvak ook niet stil staan. Zo zijn er in de loop der jaren binnen recruitment door specialisatie “nieuwe” aandachtsgebieden ontstaan die zich als een “eigen” vak positioneren. Denk hierbij aan Employer Branding, Recruitment- & Job-marketing, Sourcing, en meer recentelijk Total Talent Acquisition. De stijger met stip is Talent Intelligence (TI).

Wat is Talent Intelligence?

TI richt zich op het ontsluiten en aandragen van relevante externe en interne arbeidsmarkt- en doelgroep-inzichten. Daarmee kunnen organisaties betere besluiten nemen over zaken die direct of indirect gerelateerd zijn aan het vermogen van de organisatie om talent aan te trekken.

TI biedt met andere woorden inzichten in de beschikbaarheid van externe talenten, de vraag naar specifieke vaardigheden en het concurrentielandschap op de arbeidsmarkt.

TI-teams richten zich op het opzetten, optimaliseren en actualiseren van datasets met betrekking tot mensen, vaardigheden, functies, concurrenten en geografische factoren om op basis daarvan inzichten te verschaffen om strategische zakelijke beslissingen met onderbouwde inzichten te sturen. Het helpt om een beter begrip te scheppen in waar en hoe het beste tijd, geld en middelen te investeren. Denk hierbij aan het bepalen van een locatie om een nieuwe fabriek of een warehouse te vestigen of om een investering te doen om een bestaande locatie uit te breiden of de activiteiten over te plaatsen naar een andere vestiging.

TI vertegenwoordigt een zich snel ontwikkelend veld, gekenmerkt door een toenemende overvloed aan gegevens en de voortdurende ontwikkeling van analytische tools. De potentie om op gegevens gebaseerde besluitvorming in Talent Acquisition en daarbuiten te stimuleren, is ongekend. Dat maakt het op dit moment voor de specialisten in dit vakgebied ook zo leuk om ermee aan de slag te zijn. Er zijn nu nog geen algemene standaards en zou je kunnen zeggen dat in het land der blinden, één oog koning is.

De voortrekkers van Talent Intelligence

Het is niet zo vreemd dat de allereerste Global Talent Intelligence Conference in Nederland plaatsvond.  Deze conferentie was een initiatief van Intelligence Group, To Talent , StratigensHeadFirst Group , Werf& en het Talent Intelligence Collective. Wij zijn best een digitaal land en als het gaat om Talent Intelligence kunnen we moeilijk om een aantal voortrekkers op het gebied van TI heen. Dat is bijvoorbeeld natuurlijk een van de organisatoren van het congres, de Intelligence Group, met als onvermoeibare voortrekker Geert-Jan Waasdorp. 

Daarnaast moet Philips genoemd worden. Het was boeiend om te zien dat vijf van de sprekers de stap naar TI gemaakt hebben bij Philips. Een van de presentatoren van de conferentie kan daarbij niet onvermeld blijven: Toby Culshaw

Culshaw  is nu Talent Intelligence Leader at Amazon en oprichter van Talent Intelligence Collective(Lees ook het interview: Toby Culshaw (Amazon): ‘Talent Intelligence is het snelstgroeiende gebied in HR’.) Hij wist mij tijdens een van de koffiebreaks te vertellen dat hij en zijn collega’s veel te danken hebben aan  Cynthia Burkhardt. In haar rol als Philips Global Head of Talent Acquisition heeft zij de aanzet gegeven aan TI en een TI team laten opzetten.

Al de bedrijven die op dit congres hun ervaringen hebben gedeeld, kunnen wat mij betreft als voortrekkers bestempeld worden. Opvallend was dat dit over het algemeen ook bedrijven waren waarbinnen het benutten van data al min of meer “normaal” is, zoals Booking.com, Paypal, Activision Blizzard, Google, Amazon en PWC. Dit wil overigens niet zeggen dat het bij die bedrijven allemaal al perfect op orde is. Het besef van de toegevoegde waarde van datagedreven werken en de reeds aanwezige data-expertise binnen die bedrijven, draagt er wel aan bij dat er sneller stappen gezet worden om met TI aan de slag te gaan. 

Toepassing van Talent Intelligence

TI wordt op dit moment al ingezet voor de volgende toepassingen:

  • Talentstrategieën van concurrenten ontdekken: door te kijken naar de soorten posities die concurrenten adverteren en de kwalificaties die ze prioriteren, kan TI bedrijven helpen te begrijpen hoe hun concurrenten aan talentacquisitie doen. Dit kan waardevolle inzichten bieden voor het ontwikkelen van een concurrerende talentstrategie.
  • Locatiekeuze: Investeren in een nieuwe ontwikkeling heeft alleen zin als de lokale arbeidsmarkt kan voorzien in de benodigde arbeidskrachten. TI kan inzichtelijk maken of er benodigde arbeidskrachten in de regio aan te trekken zijn. Linkedin is natuurlijk ook hier een belangrijke bron. Een van de sprekers gaf wel aan dat sinds het remote werken populair is geworden, de woon- of werklocatie niet meer zo makkelijk is op te maken uit het profiel.
  • Competitor Intelligence Cards: SAP liet zien hoe ze voor hiring managers en HR collega’s per concurrent op de arbeidsmarkt een kaart maken waarop informatie te vinden is over hoe de organisatie zich qua arbeidsvoorwaarden, workforce omvang, samenstelling en locatie verhoudt tot de concurrenten.

Wat is mij nog meer bijgebleven? Een paar “lessons learned”

Vanzelfsprekend hing Artificial Intelligence “boven” deze conferentie, maar de ervaringen zijn nog redelijk beperkt. Een van de sprekers, Mike Wolford gaf aan dat we nu waarschijnlijk op het niveau van MS-DOS zitten. Dat betekent dat de meesten van ons waarschijnlijk nog geen idee hebben wat ons te wachten staat. Vervolgens liet hij een verbluffend staaltje zien van waartoe de huidige AI-tools al in staat zijn. Daarbij combineerde hij chat GPT met Synthesia.

Hij had Chat GPT gevraagd om een uitleg te geven van wat Generative AI is, op een manier die voor niet-insiders te begrijpen is. Vervolgens gebruikte hij zijn Synthesia account om de Chapt GPT tekst om te zetten in een video. Binnen no-time was dit klaar en de kosten waren naar zijn idee voor ieder TI-team verwaarloosbaar.

Hetzelfde kan dus gedaan worden met de analyses die TI met behulp van AI-tooling maakt. Vervolgens kan de uitkomst van deze analyse via een generatieve AI worden omgezet naar een tekst en deze tekst weer via een AI-video tool in een video. Deze kan vervolgens aan de stakeholders worden gepresenteerd in iedere gewenste taal.

Het was de combinatie van de AI-tools en de snelheid waarmee het resultaat opgeleverd werd, die echt indruk maakte.

Opzetten van TI is maatwerk

Een open deur, maar dat maakt het niet minder relevant, was dat het opzetten van TI een maatwerktraject is. Met name omdat men om erkenning te verkrijgen voor de toegevoegde waarde van TI, moet inspelen op specifieke behoeften van stakeholders. Mochten die specifieke behoeften er nog niet zijn, dan is het belangrijk om aan te sluiten op belangrijke investeringsbeslissingen en ervoor te zorgen dat TI inzichten kan aanleveren die de investeringsbesluiten beter maken.

Zo bleek bij het opzetten van TI binnen PayPal, het vertrouwen van de stakeholders winnen een belangrijke doelstelling van het team. De tips hierover spraken voor zich, maar ook hier geldt dat ze relevant zijn, zoals: goodwill opbouwen door wat extra’s te doen, of ongevraagd een bruikbaar inzicht delen; weten wat je stakeholders bezighoudt en de link zoeken met TI;  doen wat je belooft, ook al is dat in het begin, in de opbouwfase, niet altijd makkelijk. De ervaring bij SAP heeft geleerd dat impact maken tijd nodig heeft.

Het TI-maturity model dat PayPal hanteert, kan daarbij als een stappenplan dienen voor organisaties die met TI aan de slag willen.

Bronnen voor TI

Geert-Jan Waasdorp ziet TI-specialisten als data treasury hunters, die waardevolle arbeidsmarktinformatie ontsluiten. Data zijn inderdaad de basis van TI, maar ook de stakeholders en de collega’s binnen HR en recruitment hebben veel kennis en inzicht. Bij Amazon heeft men geleerd dat men dat vooral niet moet vergeten. Het is een gemiste kans als men die expertise niet benut. De kunst is wel om hun inzicht te vertalen naar input voor het TI-dashboard. Een goede relatie met de collega’s van recruitment is sowieso belangrijk. Een van de sprekers wees er fijntjes op dat recruitment TI om sourcing-ondersteuning vraagt zolang het goed gaat; ze neigen ertoe om TI te claimen als het slecht gaat …

Het identificeren van bruikbare openbare en betaalde bronnen is een van de uitdagingen bij TI. De presentatie van Indeed illustreerde weer eens dat er naast LinkedIn meerdere mondiaal actieve bedrijven veel actuele data hebben over ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.

Interessant was ook het kijkje in de keuken bij HeadFirst Group. Daar waar de meeste TI- presentaties gericht waren op de doelgroep medewerkers, werd duidelijk dat HeadFirst Group grote stappen aan het zetten is op het gebied van ontsluiten van data over de inhuurmarkt. Het zou zomaar kunnen dat hun nieuwe platform Striive ook voor TI-teams in Nederland een belangrijke bron van informatie wordt.

Een van de eerste sprekers onderschreef dat een vliegende start niet mogelijk is zonder data. Dat leidt dan tot de vraag “make or buy”.  Gelukkig zijn er inmiddels aardig wat leveranciers die bedrijven daarbij kunnen ondersteunen en een aantal daarvan was ook sponsor van het congres.

In het begin ligt vaak de vraag voor of je investeert in een extern platform of dat je de stap zet om een eigen in-house dashboard te ontwikkelen. Daarbij is cruciaal of je de capaciteit en technologische hulpmiddelen ter beschikking hebt om informatie uit open en/of betaalde bronnen te verkrijgen en de verkregen gegevens te analyseren.

Een en ander zal mede samenhangen met de mate van volwassenheid binnen de organisatie op gebied van analytics en de mogelijkheid om mee te liften op deze expertise en tooling.

De liefhebbers van People Analytics kan ik nog wijzen op dit literatuuroverzicht.

Talent Intelligence staat niet op zichzelf

TI is nauw verbonden met een aantal andere aandachtsgebieden die bijdragen aan beter onderbouwde besluitvorming binnen organisaties, zoals Marketing Intelligence (MI), Business Intelligence (BI) en HR & People Analytics.

De termen “analytics”, en “intelligence” worden vaak door elkaar gebruikt, ze zijn echter niet synoniem.

Analytics gaat over het begrijpen van gegevens, het zoeken naar zinvolle patronen en inzichten ter ondersteuning van operationele besluitvorming, terwijl Intelligence zich richt op het verzamelen van informatie en op basis daarvan verschaffen van inzichten voor strategische besluitvorming.

MI heeft, net als TI, een naar buiten gerichte focus, maar specialiseert zich in het verzamelen en analyseren van externe gegevens met betrekking tot marketing en marktdynamiek. Het heeft tot doel inzicht te bieden in het competitieve landschap, markttrends en klantengedrag. MI kan profiteren van TI door externe trends op het gebied van personeel beter te begrijpen die van invloed kunnen zijn op marketingstrategieën. Bijvoorbeeld, weten welke specifieke vaardigheden beschikbaar zijn, kan van invloed zijn op productontwikkeling of marketingcampagnes.  

BI is een discipline die primair naar binnen kijkt en gegevens verzamelt uit verschillende interne bronnen binnen een organisatie. Het omvat gegevens over verkoop, marketing, financiën, operaties en meer om besluitvorming te ondersteunen en de algehele bedrijfsprestaties te verbeteren. De BI-analyses kunnen wijzen op een toenemende vraag die tot een vergroting van de productiecapaciteit zal leiden. TI kan dan aangeven of het benodigde personeel moeilijk of makkelijk zal zijn aan te trekken.

Het doel van HR- of People Analytics is om interne HR-processen en de inzet van medewerkers te optimaliseren. Deze analytics-specialisten richten zich dus vooral op gegevens over de interne organisatie, zoals demografische gegevens van werknemers, prestatiemaatstaven en tevredenheids- & betrokkenheidsonderzoeken. Zij verdiepen zich meer in de gedragsmatige aspecten van werk, en onthullen correlaties en patronen die waardevolle inzichten bieden in talentmanagement, betrokkenheid van werknemers en personeelsplanning. HR & People Analytics kijkt vaak naar historische gegevens en huidige interne processen. TI kan zich richten op toekomstgerichte prognoses van de talentenmarkt. Tezamen met TI draagt HR & People Analytics eraan bij om talentstrategieën verbonden aan de bedrijfsdoelstellingen beter af te stemmen op zowel interne als externe factoren.  

TI-verzelfstandiging of integratie in CI?

Met dit in gedachten zou je de vraag kunnen stellen of en in welke mate Talent Intelligence zich op lange termijn zal ontwikkelen tot een zelfstandig vakgebied. 

In deze tijd, waarin datagedreven kunnen werken steeds vaker een functie-eis is in allerlei typen vacatures, ligt het voor de hand dat organisaties tools en technieken willen inrichten en gebruiken om met data aan de slag te gaan. Die data kunnen dan inzichten verschaffen voor een betere besluitvorming. 

Het valt dan ook te verwachten dat Talent Intelligence teams nauw samenwerken met de eerder vernoemde specialisten en dat deze teams opgaan in zoiets als een corporate Intelligence Centre of Excellence, CoE. Dat zal nog wel even duren. Tot die tijd zou het zomaar kunnen zijn dat er volgend jaar weer een Talent Intelligence conferentie is. De meeste deelnemers kijken er volgens mij nu al naar uit, nu de sponsors nog …. De locatie in Hoofddorp was in ieder geval prima.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , | 1 Reactie

Arbeidsrelatie steeds meer fluïde door structureel tekort aan mensen

De personeelskrapte heeft historische proporties bereikt. Ondanks dat de economie afkoelt en de beroepsbevolking met meer dan tien miljoen mensen nog nooit zo groot is geweest, duurt de spanning op de arbeidsmarkt voort. Het aantal vacatures overstijgt het aantal werklozen en vacatureborden zijn niet weg te denken uit het straatbeeld. Veel werk kan simpelweg niet worden uitgevoerd – iets wat zelfs effect heeft op de overheidsfinanciën door toenemende onderuitputting.

De gevolgen van structurele krapte op de arbeidsmarkt zijn veelzijdig en complex, maar duidelijk is dat werknemers meer onderhandelingsmacht hebben. Dat geldt bijvoorbeeld bij onderhandelingen over salaris en secundaire arbeidsvoorwaarden waarin werknemers steeds meer eisen kunnen stellen. Een overstap naar ander werk is eenvoudig gemaakt in een krappe arbeidsmarkt. Ook het zelfstandig ondernemerschap is aantrekkelijker in een krappe arbeidsmarkt. Startende zzp’ers hebben momenteel relatief veel kans om opdrachten binnen te halen en lopen weinig risico als succes uitblijft; ze vinden in dat geval gemakkelijk weer een vaste baan.

Werknemer en zzp’er tegelijk

Door het structurele tekort aan personeel wordt de overeenkomst tussen werkgever en werkende meer fluïde. Werkenden kiezen in toenemende mate voor autonomie en variatie in het werk door te wisselen van werkgever, soms zelfs van branche en ook van type arbeidsrelatie. Vandaag gedetacheerd, morgen in vaste dienst en overmorgen werk aannemen als zzp’er. Uiteraard is het ook mogelijk werknemer en zzp’er tegelijk te zijn.

Onderzoek van TNO laat zien dat 6,3 procent van werknemers in vaste dienst ook werkzaam is als zelfstandige; het gaat om bijna 340 duizend werknemer-zzp’ers en hun aantal is de afgelopen jaren sterk toegenomen. Met de toetreding van Generatie Z tot de arbeidsmarkt in de komende tien jaar lijkt de roep om autonomie en variatie alleen maar sterker te worden en zal deze ontwikkeling doorzetten, verwacht ABN AMRO.

Werknemers wisselen steeds vaker van werkgever”

Voor werkgevers op zoek naar personeel, geldt dat zij geen andere keus hebben dan flexibel te zijn. Voor hen is het vooral belangrijk dat zij op het juiste moment de beschikking krijgen over mensen met de vereiste competenties. Soms lukt dit door iemand in dienst te nemen, soms lukt dit door een uitzendkracht of gedetacheerde ‘in te lenen’, en soms is er een geschikte zzp’er beschikbaar die een overeenkomst van opdracht wil aangaan.

Gevolgen personeelstekorten

En vaak lukt het in de huidige krappe arbeidsmarkt dan nog steeds niet om geschikt personeel te vinden. Zo blijkt uit de meest recente Conjunctuurenquête Nederland (COEN) van het CBS dat een ‘tekort aan arbeidskrachten’ door meer dan 41 procent van alle ondernemers als belemmering wordt ondervonden. In de zakelijke dienstverlening, een arbeidsintensieve sector, is dat percentage zelfs 58 procent. Als belangrijkste gevolgen van de personeelstekorten worden in de enquête genoemd: een hogere werkdruk voor bestaand personeel (genoemd door 36% van de ondernemers), gevolgd door hogere arbeidskosten (14%) en een lagere verkoop van diensten (12%).

Binnen de zakelijke dienstverlening is het personeelstekort extra prangend voor schoonmaakbedrijven. In de branche zegt 82 procent van de ondernemers een tekort aan personeel als belemmering te ervaren. Traditioneel is deze branche een startpunt voor veel werknemers die toetreden tot de arbeidsmarkt, maar nu zien schoonmaakbedrijven potentieel personeel vaak kiezen voor werk in een andere sector. Hoveniers kampen met hetzelfde probleem. 

De uitzendbranche valt op omdat ze moeite hebben mensen te vinden: eigen mensen en uitzendkrachten. Zo geeft 44 procent van de ondernemers in de uitzendbranche aan dat het aantal werkzoekenden te beperkt is om aan de arbeidsvraag te voldoen. Het belangrijkste gevolg hiervan is een daling van het aantal uitzenduren. Die blijkt ook uit de cijfers van de ABU Uitzendbranche Marktmonitor die een flinke krimp laten zien.

Goed werkgeverschap

De huidige schaarste aan personeel vergt dat bedrijven hun nek uitsteken. Door goede arbeidsvoorwaarden en een aantrekkelijke werkomgeving te bieden, kunnen bedrijven zich onderscheiden van de concurrentie. Naast een goed salaris hechten werknemers veel belang aan de balans tussen werk en privé en aan mogelijkheden tot scholing en ontwikkeling. Dat werkgevers deze steeds vaker bieden, blijkt bijvoorbeeld uit de ABN AMRO Welzijnsmonitor 2022 die laat zien dat werkgevers, gemiddeld, steeds meer aandacht geven aan de persoonlijke ontwikkeling van werknemers en aan de werk-privébalans.

Detacheerders, bijvoorbeeld, werven kandidaten met de belofte dat zij zich kunnen ontwikkelen bij verschillende bedrijven, ‘inleners’ in jargon. De detacheerder is de juridisch werkgever terwijl de werknemer onder leiding en toezicht van de inlener staat. Moderne detacheerders leggen steeds meer nadruk op goed werkgeverschap. Ze brengen hun werknemers regelmatig samen voor opleiding, ontwikkeling en voor de binding met het bedrijf en elkaar – waarmee de gedetacheerde in feite steeds meer op een consultant gaat lijken die bij de klant zit voor een ‘klus’ of ‘opdracht’. 

Ook buiten het werk wordt de werknemer gefaciliteerd. Zo heeft detacheerder-consultant Eiffel een camper beschikbaar voor personeel om te gebruiken in hun vrije tijd. Modern werkgeverschap, in een arbeidsmarkt gekenmerkt door een structureel tekort aan mensen, kan leiden tot meer tevreden werknemers, die op hun beurt productiever zijn en langer blijven.

Lees het volledige rapport ‘Stand van Zakelijke Dienstverlening’.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Minder startende ondernemers maar arbeidsmarktkrapte neemt toe

In het derde kwartaal van 2023 zijn er ruim 64.000 ondernemingen gestart. Dat is 3,3% minder dan in dezelfde periode vorig jaar. Het merendeel van deze startende ondernemers is zzp’er. Dat blijkt uit een trendrapport van de Kamer van Koophandel over het tweede kwartaal van 2023.

Er startten relatief veel ondernemers in de sector detailhandel, ICT en media, en persoonlijke dienstverlening.

Trendbreuk
De ontwikkeling van het aantal starters vertoont een grillig patroon over de afgelopen 10 jaar en toont gemiddeld een stijgende lijn. Maar de laatste paar kwartalen zien we weer enigszins een afname van het groeitempo.

Bron: KVK Trendrapportage tweede kwartaal 2023

Stoppers
Het aantal ondernemingen dat stopte is daarentegen toegenomen. In het derde kwartaal stopten ruim 29.000 ondernemers met hun bedrijf. Dat is 6,9% meer dan in Q3 van 2022. Toch zijn er per saldo nog steeds meer starters dan stoppers. Er zijn relatief veel stoppers in de sectoren horeca, bouw, zorg en handel.

“De Nederlandse bedrijvendynamiek staat er met meer starters dan stoppers nog steeds goed voor”, zegt Erik Stam, hoogleraar strategie, organisatie en ondernemerschap aan de Universiteit Utrecht. “De combinatie van een toename aantal stoppers en faillissementen, en afname starters laat wel een duidelijke trendbreuk zien. De toename van het aantal faillissementen werd al lang verwacht, maar is nog steeds onder het niveau van voor corona.”

Arbeidsmarktkrapte neemt toe
Ondanks een afnemende groei van het aantal startende zzp’ers, laten de nieuwste cijfers van de UWV spanningsindicator zien dat de arbeidsmarktkrapte verder is gestegen. In Q1 2023 bedroeg de spanningswaarde nog 4,32 en in Q2 liep dit op tot 4,62.

Dit is minder dan een jaar geleden, toen de spanningsindicator een historische hoogte van 5,40 bereikte, maar nog steeds uitzonderlijk hoog.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Freelancer of werknemer? CXC helpt organisaties bij compliance-uitdagingen van EU-Richtlijn platformeconomie

De aankomende EU-richtlijn over de platformeconomie zou wel eens heel verkeerd kunnen uitpakken, vreest Connor, CEO van CXC Global EMEA. “Dit ontwerp inzake platformwerknemers werd ondertussen een van de meest bediscussieerde EU-richtlijnen die we ons kunnen herinneren. We zijn uiteraard blij met de aankomende bescherming voor de koeriers en andere laagbetaalde diensten. Maar als experten op het gebied van het arbeidsrecht, zijn we zeer bezorgd over de mogelijke onbedoelde gevolgen van deze EU-richtlijn voor sommige freelancers en de platforms zelf.”  


Stand van zaken EU-platformrichtlijn

Het voorstel voor de EU-richtlijn Platformeconomie dateert van december 2021 en de Europese Raad heeft zijn aanpassingen en criteria op 12 juni 2023 bekendgemaakt. Er moet nu nog met de Europese Commissie en het Europees Parlement samengewerkt worden aan een definitieve tekst. Die zou klaar moeten zijn voor de Europese verkiezingen van juni 2024. Dan moet deze wetgeving nog in elke lidstaat van de Europese Unie omgezet worden in nationale wetgeving.  Heaney verwacht dat dit tegen 2026 in orde komt. 


Classificatie als werknemer

Heaney: “Voor veel zogenaamde gig-werkers, die eigenlijk ten onrechte als freelancer of zelfstandige geclassificeerd zijn, zal de Europese platformeconomierichtlijn een welgekomen verbetering betekenen. Zij zullen dan beschikken over een sociaal vangnet met enkele essentiële arbeidsrechten.” 

Maar ten aanzien van een andere groep van echte freelancers vreest Connor Heaney van CXC voor onbedoelde gevolgen: “Er bestaat een kans dat bepaalde mensen ‘verkeerdelijk’ geclassificeerd zullen worden als werknemers. Dan verliezen ze meteen ook de autonome vrijheid en flexibiliteit die met freelancen gepaard gaat. Het blijft een uitdaging om de juiste balans te vinden tussen het geven van rechten aan werknemers en het behouden van flexibiliteit van zelfstandigen!”

Er bestaat een kans dat bepaalde mensen ‘verkeerdelijk’ geclassificeerd zullen worden als werknemers. Dan verliezen ze meteen ook de autonome vrijheid en flexibiliteit die met freelancen gepaard gaat.

Voor mensen die via digitale arbeidsplatforms werken, wil de EU-richtlijn de toegang tot het wettelijke werknemersstatuut vergemakkelijken. Binnenkort wordt iemand al verondersteld een werknemer te zijn als aan drie van de zeven nieuwe criteria is voldaan. “Maar deze zeven criteria zijn nog steeds erg ruim”, waarschuwt Heaney. “Zelfs voor sommige mobiele, hoogbetaalde en hooggeschoolde zelfstandigen geloven we dat de richtlijn hun vrijheid en flexibiliteit kan inperken. We zijn bezorgd dat een bepaalde categorie automatisch maar onbedoeld binnen de werkingssfeer van de richtlijn zal vallen.”

Zolang de EU-richtlijn nog niet definitief is afgerond, houdt hij nog een slag om de arm: “We willen niet te snel conclusies trekken, maar we geven nu toch al onze mening.” Stilletjes hoopt hij nog dat “de Europese instanties rond het aspect toezicht, controle en leiding over de uitvoering van het werk heel duidelijke taal zullen spreken”. Het gaat hier om een essentiële definitie waar veel van afhangt.  

Platformen aan zet

Voor de platformen verandert er heel wat. De richtlijn zal vereisen dat ze de arbeidsstatus van hun platformwerkers nauwkeurig bepalen. Voor platformen met echt zelfstandige freelancers zal de richtlijn wellicht geen substantiële veranderingen met zich meebrengen. Maar bij een herclassificatie naar het werknemersstatuut, zullen ze hun werkenden de bijhorende sociale rechten en voordelen moeten aanbieden. Sommige platforms zullen wellicht hun bedrijfsmodel moeten aanpassen om echte zelfstandigheid mogelijk te maken, zodat ze niet-conforme praktijken bij het inhuren van contractanten kunnen vermijden. 

Digitaal advies bij compliance-uitdagingen

Voor dergelijke ‘compliance-uitdagingen’ na de EU-Richtlijn heeft CXC inmiddels een nieuwe dienst ontwikkeld. ‘CXC Comply’ is een uitgebreide digitale dienst om gig-platforms en bedrijven te helpen omgaan met de nieuwe complexiteit van het inhuren van contractanten. De focus ligt op de correcte classificatie en op de wettelijke controle of de contractant wel gerechtigd is om te werken. 

Gratis brochure over EU-richtlijn

“We vonden het nuttig en nodig om over die Europese Richtlijn een handige gratis brochure te publiceren”, zegt Heaney.  Deze gids kreeg als ondertitel ‘A  Comprehensive Guide for Workers, Customers, and Platform Operators under the EU Directive on Platform Workers’.  CXC heeft overigens al een zekere staat van dienst, en pakte eerder al in Nederland, Ierland en het VK uit met verklarende brochures over nieuwe wettelijke regelingen in het vakgebied. Maar nu mogen we spreken van de  eerste ‘pan-Europese publicatie’. 

Deliveroo-rechtszaak

Connor Heaney  volgde ook de rechtszaak rond Deliveroo op de voet. “Zodra de richtlijn er is, zullen er geen rechtszaken meer nodig zijn” glimlacht hij: “De richtlijn moet immers meer duidelijkheid scheppen voor platformexploitanten in deze sector.” Ook daarom moeten we de EU-richtlijn verwelkomen, omdat de meeste regelgeving over platformwerk momenteel afkomstig is uit de rechtspraak: “Want rechtbanken maken niet altijd goede wetten!”  

Rechtbanken maken niet altijd goede wetten.

Voorlichting over nieuwe richtlijn

Intussen blijft Heaney heel actief debatteren en uitleg verschaffen over de nieuwe richtlijn. Zo bevat die nieuwe brochure diverse hyperlinks naar eigen interviews en podcasts.  Verder zijn er ook publieke events.  Momenteel bereidt hij een internationaal CXC event over de EU-richtlijn voor, gepland op 21 november in London: ‘Navigating The Regulatory Landscape: EU Directive On Platform Workers’. Belangstellenden mogen hem hierover zelfs rechtstreeks benaderen per e-mail.

Lees meer over de mogelijke gevolgen van deze regelgeving in onze dossiers over de EU-richtlijn platformeconomie en over de Deliveroo-case

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Politieke meningsverschillen over nieuwe zzp-regels zijn groot

De Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden is ‘slechts’ in internetconsultatie gegaan, maar het concept-voorstel van minister Van Gennip (CDA) legt nu gelijk al de politieke meningsverschillen bloot tussen verschillende partijen. Het voorstel is nog niet naar de Tweede Kamer gestuurd, dat volgt (mogelijk) na de internetconsultatie. Toch kwam de wet ter sprake in het Kamerdebat over de begroting van het ministerie van SZW. Kort. Oppervlakkig nog. En niet iedereen liet zich er over uit. Desondanks werd duidelijk waar de politieke meningsverschillen liggen.

CDA : Drie criteria afwegen

De minister (van het CDA) wil de criteria ‘werkinhoudelijke aansturing’ en ‘organisatorische inbedding’ vergelijken met binnen de opdracht kunnen ‘werken voor eigen rekening en risico’. Alleen als die criteria in balans zijn, dan kan er gekeken worden naar het feit of iemand zelf ondernemer is (zie over deze ABC en C+  criteria dit artikel).

CDA kamerlid Hilde Palland hield zich in de kamer stil over dit onderwerp. Het programma van haar partij lijkt de lijn van Van Gennip te ondersteunen.

VVD : Ondernemerschap leidend

De VVD zit op een ander spoor. Vertrekkend kamerlid Bart Smals maakt de partij duidelijk dat voor de VVD de beoordeling juist zou moeten beginnen bij de vraag of iemand ondernemer is. “Maak ondernemerscriteria leidend. Laat iemand die aan de ondernemerscriteria voldoet met rust en laat deze persoon zelfstandig zijn of haar werk invullen. Pak zo de schijnzelfstandigheid gericht aan.”

Hij vindt de BBB aan zijn zijde op dit onderwerp. “In dit wetsvoorstel is de erkenning van zzp’ers als echte ondernemers nog te ver uit het zicht”, aldus Nicki Pouw-Verweij (oud JA21, nu BBB). Volgens haar worden met dit concept-wetsvoorstel zzp’ers nog steeds “langs de meetlat van werknemerscriteria” gelegd.

PvdA: Ondernemerschapscriteria niet mee wegen

De sussende woorden richting de VVD van minister Van Gennip, dat het toevoegen van ondernemerscriteria iets nieuws is (wat overigens niet klopt, dergelijke criteria staan bijvoorbeeld al jaren in het handboek loonheffingen en ook rechters kijken daar al naar) maakte dan weer het nodige los bij Barbara Kathmann van de PvdA.

De PvdA/GL wil immers dat helemaal niet naar ondernemerscriteria gekeken wordt. Indien er sprake is van kernactiviteiten (te vergelijken met criterium B van het voorstel van Van Gennip) dan kunnen die per definitie niet door een zzp’er gedaan worden, zo staat te lezen in het verkiezingsprogramma.

Standpunt D66/NSC nog onbekend

D66 houdt voorlopig nog de kaarten tegen de borst. De partij diende eerder, met de VVD, een motie in met daarin de wens om ondernemerscriteria een “zo zwaarwegend mogelijke” plek te geven in de beoordeling. De VVD laat alvast weten duidelijk teleurgesteld te zijn over hoe met die motie is omgegaan. D66 wacht nog met een eerste reactie op het concept-wetsvoorstel: “We willen (….) alle reacties op de consultatie doornemen, zeker ook vanuit zelfstandigen”, zo liet Steven van Weyenberg na het debat weten. Ook hem zien we na 22 november overigens niet terug.

Afwezig in het debat was NSC. En dus is ook nog het wachten op het standpunt van deze partij, waarvan oprichter Pieter Omtzigt zeven jaar geleden woordvoerder Wet DBA was. De partij komt eind deze maand met haar verkiezingsprogramma.

Uitleg in podcast ZiPtalk

In onze Podcast ZiPtalk leggen we het concept-voorstel uit en gaan we uitgebreid in op kijkersvragen:

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , | 3s Reacties