Hoe het faillissement van Helpling de weeffouten van het platformdebat blootlegt Geplaatst 16 januari 2023 door Martijn Arets Na een lange juridische strijd gooide platform voor thuisschoonmaaksters Helpling afgelopen donderdag met een faillissement van de Nederlandse BV de handdoek in de ring. Het bankroet tekent het einde van een niet onomstreden strijd met vakbond FNV, die het faillissement als een ‘verlate overwinning’ in het FD laat opschrijven. De grote vraag die overblijft is: een overwinning voor wíe? In een blog in 2018 voorspelde ik dat een uitspraak in het ‘voordeel’ van FNV zou uitmonden in een faillissement. En stelde ik al flink wat vraag- en uitroeptekens bij deze zaak. In deze blog schets ik de context van de zaak en de activiteiten van Helpling, ga ik in op wat er (niet) nieuw is aan een platform voor thuisschoonmaak en geef ik een overzicht welke veranderingen het platform door de jaren heeft doorgevoerd. Om af te sluiten met een voorstel voor een debat dat zowel de werkenden als de samenleving eer aan doet. De opkomst van Helpling Helpling, een start-up uit de koker van het Duitse Rocket Internet, betreed in juni 2014 de Nederlandse markt. Het platform waar particulieren een schoonmaakster voor thuis kunnen boeken is ambitieus en wordt al snel gezien als een van de grote beloften in de opkomst van de kluseconomie, a.k.a. ‘gig economy’, in Nederland. Dat het platform het niet alleen bij schoonmaak wil houden, wordt mij duidelijk wanneer ik toenmalige directeur Nederland Floyd Sijmons in 2015 op hun kantoor in Amsterdam interview. Wanneer ik hem de vraag stel of het bij schoonmaak blijft, antwoord hij: “als we het alleen bij schoonmaak zouden houden, dan hadden we ons platform wel Cleanling genoemd”. Helder. Toch lukt het het platform niet om de dienstverlening uit te breiden. Er wordt gekeken naar glazenwassers, maar dat komt uiteindelijk niet van de grond. De toegevoegde waarde van het platform blijkt ook een stuk minder groot dan bij bijvoorbeeld Uber. Het betreft een vooraf geplande transactie (niemand wil ‘on demand’ een schoonmaakster) en de werkende en opdrachtgever blijven na een eerste succesvolle klus met elkaar verbonden en kunnen eenvoudig om het platform heen werken. Vanwege de aard van de transactie is er geen hoogwaardig algoritme nodig en de voordelen van het verzamelen van data zijn beperkt. Er is dan ook geen sterke ‘lock in’ zoals bij Uber en het platform moet hard werken om een passende dienstverlening aan werkende en opdrachtgever aan te bieden om hen aan het platform te binden. Het binden van de klanten binnen de nationale markten was moeilijker dan men mogelijk bij aanvang verwacht. Waar eerst werd gedacht dat één strategie zou volstaan, werd al snel duidelijk dat ieder land een eigen strategie nodig had. Dit is terug te lezen in het onlangs verschenen paper “Platform adaptation to regulation: The case of domestic cleaning in Europe”, geschreven door Koutsimpogiorgos, Frenken en Herrmann. Voor dit paper leggen de auteurs de algemene voorwaarden van Helpling in Frankrijk, Duitsland, Ierland, Nederland en de UK naast elkaar en analyseerden zij de wijzigingen door de jaren heen. Hun conclusie is dat Helpling wel met een algemene strategie start, maar zich al snel moet aanpassen aan de institutionele voorwaarden per land. Gedurende de jaren past Helpling regelmatig haar model in Nederland aan. Zo verandert het platform de commissiestructuur en voert het een model in waarbij schoonmaaksters zelf de prijs voor een schoonmaakklus mogen bepalen. Een minimum moet ervoor zorgen dat er geen ‘race tot he bottom’ ontstaat. Regeling dienstverlening aan huis Met freelancers heeft Helpling nooit gewerkt. Het platform maakt, net als andere platformen waar consumenten dienstverlening in en om het huis afneemt, gebruik van de ‘regeling dienstverlening aan huis’. Dit is een regeling die particuliere werkgevers, wat je bent wanneer je een schoonmaakster voor thuis laat komen, vrijwaart van een groot aantal werkgeversverplichtingen. Wel moet de particuliere werkgever het minimumloon en 8 procent vakantiegeld betalen, de schoonmaakster doorbetalen bij ziekte en zorgen voor een veilige en gezonde werkplek. In de praktijk komt er in de particuliere schoonmaakmarkt in Nederland door gebrek aan handhaving weinig van deze regeling terecht. Of, zoals ik in een eerdere blog schreef: “Het lijkt dus alsof we het goed geregeld hebben voor onze hulp in de huishouding, maar dat is niet zo. Zij vallen als het ware in een ‘excuuscategorie’.” Helpling sluit zich door gebruik te maken van deze regeling aan bij de standaard in Nederland.” Het einde van Helpling Het gegeven dat de particuliere werkgever een schoonmaakster vindt, boekt en betaalt via een platform, is voor FNV reden om het platform in 2018 voor de rechter te dagen. FNV is van mening dat het platform werkgever is en de schoonmaaksters in dienst moet nemen. In eerste instantie beslist de kantonrechter in 2019 dat Helpling geen werkgever, maar wel een bemiddelaar is. Het gerechtshof in Amsterdam ziet het twee jaar later toch anders en bepaalt dat Helpling de schoonmaaksters moet behandelen als uitzendwerkers, met bijbehorende rechten en plichten. Helpling is zich ervan bewust dat een uitzendmodel niet zal werken voor het platform: de consument zal deze tarieven nooit willen betalen. Helpling is zich ervan bewust dat een uitzendmodel niet zal werken voor het platform: de consument zal deze tarieven nooit willen betalen. Het platform gooit voor de laatste keer het model om, stopt rigoureus met het oorspronkelijke model waarbij het een commissie inhoudt over de uitbetaalde uren en introduceert Helpling Select (waarbij je een eenmalig bedrag betaalt voor het vinden van een schoonmaakster en alles daarna zelf regelt) en Helpling Premium (waarbij een professionele schoonmaakster komt die in dienst is bij een schoonmaakbedrijf). Uiteindelijk maakt het platform de verwachtingen niet waar: in de reactie van de curator is te lezen dat er op de dag van het faillissement tien medewerkers voor het platform werkzaam waren. Terugblik: wat was er nu nieuw aan Helpling? In de eerdergenoemde blog uit 2018 stelde ik de vraag: wat is er nieuw aan Helpling? Ik schreef: “Platform Helpling stelt huishoudens in staat via een online marktplaats een schoonmaakhulp te vinden. Daarnaast ondersteunt het platform met kwaliteitscontrole (telefonische intake, ID-check en reputatiesysteem), backoffice (klachten, vragen, vervangende hulp bij vakantie) en betaalmodule. Het bedrijf verdient geld door een marge van iedere transactie af te romen. Een veelgebruikt model. Helpling is zeker niet uniek, dit soort dienstverlening bestaat al jaren. Neem het bedrijf HomeWorks. Een bedrijf dat al 25 jaar lang exact hetzelfde doet als Helping. Het enige verschil is dat dit geen online marktplaats is, maar dat het bedrijf handmatig de match tussen vraag en aanbod maakt. Daarnaast heeft het servicecoördinatoren die toezien op kwaliteit en zelfs met de eerste schoonmaak meegaan. Dit alles maakt het een duur model: de commissie die het bedrijf rekent is dan ook zo’n 39% (t.o.v. 23% bij Helpling).” Het platform concurreert met bemiddelaars met eenzelfde model en strategie die al vele jaren actief zijn op de markt. Het is dan ook de vraag waarom het platform dan opeens wel als een ongewenste speler werd gezien. Waar was de zwarte markt in het debat? In de rechtszaak tegen Helpling doet FNV alsof het platform concurreert met schoonmaakbedrijven. Dat is natuurlijk onzin. Het enige waar Helpling mee concurreerde is de zwarte markt. Mijn voorspelling in mijn eerdere blog: “als FNV wint en Helpling de huishoudhulpen in dienst moet nemen, dan gaat de prijs van de hulp voor de klant omhoog naar een bedrag van minimaal 20 euro. Nagenoeg geen enkele particulier is bereid dit bedrag per uur te betalen. Er zal niemand meer boeken via het platform en Helpling is binnen de kortste keren failliet. Is daarmee het probleem opgelost? Nee. Die schoonmaak wordt ook daarna nog wel gedaan. Maar dan via de zwarte markt.” En dat is precies wat er nu zal gebeuren. De zaak rondom Helpling had een aanleiding kunnen zijn voor een debat over hoe wij als samenleving werk in en om het huis waarderen. En dat is zonde. De zaak rondom Helpling had een aanleiding kunnen zijn voor een debat over hoe wij als samenleving werk in en om het huis waarderen. Dat is een discussie die wij maatschappelijk moeten voeren en die moet uitmonden in een politieke keuze. Want dat is het: een keuze. Dat de politiek wel degelijk iets kan doen om de situatie te verbeteren, bewijzen de landen om ons heen: België, Frankrijk, Scandinavië. Daar subsidieert de overheid dit soort werk, in België bijvoorbeeld via de dienstencheques. Ik spreek veel mensen die erkennen dat de huidige Nederlandse regel waardeloos is en we een systeem als in België zouden moeten invoeren. Maar het lukt hen niet het onderwerp op de agenda te krijgen. Blijkbaar is een structureel debat minder interessant dan een willekeurige rechtszaak. Naar een bredere blik op ‘bemiddeling’ voor thuisschoonmaak Met de kennis van vandaag wil ik nog wat dieper ingaan op de vraag wat er nieuw was aan Helpling. Dat het een platform is, maakte Helping onderscheidend van andere manieren waarop particuliere werkgevers een schoonmaakhulp kunnen vinden, maar het is de vraag wat hiervan de impact is op de autonomie, tevredenheid en het inkomen van de werkende. Op het moment dat er iets nieuw is, dan is mijn eerste vraag altijd: hoe ging het hiervoor? En op welke vlakken maakt het ‘nieuw’ zaken beter, slechter of blijft het hetzelfde. In het geval van Helpling: wat zijn de condities van thuisschoonmaaksters die hun particuliere werkgevers via andere kanalen vinden? Er zijn immers verschillende manieren om een thuisschoonmaakster te vinden: via via, een briefje in de supermarkt, via social media, bemiddelingswebsites en via platformen. Geheel toevallig was ik op de dag van het faillissement van Helpling bij een door Koen Frenken van de Universiteit Utrecht georganiseerde academische workshop over ‘platform work’. Een van de sprekers was Juliet Schor, economist and Sociology Professor at Boston College. Schor heeft een aantal heel interessante onderzoeken in de deel- en kluseconomie op haar naam staan en presenteerde in Utrecht een onderzoek waarvoor zij werkenden in de particuliere thuiszorg heeft geïnterviewd die zowel via een Facebookgroep als via een platform hun klanten vinden. Zij was benieuwd of deze werkenden hun werk en de omstandigheden anders zouden ervaren. Zij ontdekte dat de uitkomsten van de twee manieren van werk vinden heel erg op elkaar lijken. De enige verschillende die zij ontdekte, waren te herleiden naar de verschillen in de omstandigheden van de werkenden, niet naar de manier waarop zij werk hadden gevonden. Het inkomen van de werkenden was via het platform hoger dan via een Facebookgroep en “our interviews found reveal high levels of work and platform satisfaction among these workers”. Waarbij Schor wel de kanttekening plaatste dat de ‘market conditions’ voor deze doelgroep overwegend positief zijn. Presentatie Juliet Schor tijdens de academische workshop ‘Platform Work’. Haar conclusie: We conclude that factors external to the technical functioning of platforms, such as market and regulatory conditions, workforce composition and the nature of the work, should be more systematically examined to understand what forms of control platforms themselves can be subjected to.” Conclusie en voorstel debat Zoals in 2018 voorspeld, is Helpling nu failliet en moeten de schoonmaaksters hun weg weer vinden in de zwarte markt. Dat er nooit een serieuze poging is gedaan om te onderzoeken hoe een centraal platform de situatie van een kwetsbare groep werkenden kan verbeteren zonder gelijk werkgever te worden, is een gemiste kans (en verantwoordelijkheid). Niet alleen van FNV, maar ook van alle instituties die verantwoordelijk zijn voor deze agenda en zich niet hebben uitgesproken. Dat FNV een verlate overwinning claimt is zuur, omdat je je af moet vragen wie er nu heeft gewonnen. De schoonmaaksters in ieder geval niet en het debat ook zeker niet. Dat er nooit een serieuze poging is gedaan om te onderzoeken hoe een centraal platform de situatie van een kwetsbare groep werkenden kan verbeteren – zonder gelijk werkgever te worden – is een gemiste kans. Ik hoop dat deze zaak (en deze blog) aanleiding is voor beleidsmakers, maar ook voor vakbondsmedewerkers, om alsnog de belangrijke vragen rondom deze groep werkenden op te pakken. Dat er nu wel onderzoek wordt gedaan naar de verschillen die de verschillende manieren van ‘matchmaken’ met zich meebrengen en dat er gekeken wordt hoe nu echt iets te doen voor deze groep werkenden. Dit start met het (h)erkennen van de context, om op basis hiervan (politieke) keuzes te maken. Misschien dat het sluiten van het hoofdstuk van Helpling hier nu ruimte voor vrijmaakt. Laten we het hopen. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags Helpling, platform, platformeconomie | 3s Reacties
Het Flexhuis gaat naar het buitenland in 2023: ‘We kunnen de uitdaging aan’ Geplaatst 16 januari 2023 door ZiPredactie Dat Nash Squared (bekend van Harvey Nash) Het Flexhuis overnam was misschien wel het opvallendste nieuws in de flexmarkt deze zomer. De integratie sindsdien verloopt soepel, vertellen managing director Occo Lijding van Harvey Nash Nederland en directeur Frederieke Schmidt Crans van Het Flexhuis. Het Flexhuis blijft als apart merk onafhankelijk werken en tegelijkertijd doen de twee organisaties steeds meer samen. Lijding: “Onze dienstverlening is uitgebreid en we hebben er een leuke, ambitieuze en professionele groep mensen bij.” Expertise en processen “Er blijkt synergie op alle niveaus, van de directie tot de teams”, vertelt Schmidt Crans. Best bijzonder, want het zijn twee aparte organisaties. Harvey Nash biedt internationaal brede HR-dienstverlening. Het Flexhuis is juist een nationale speler voor de publieke sector met een specialisatie in zorg en gemeenten. “We hebben veel ervaring in de publieke sector, maar onze MSP-formule is niet branchespecifiek”, zegt Schmidt Crans. “We kunnen het model toepassen in diverse sectoren. We onderscheiden ons met expertise en bovenal ons multidisciplinaire netwerk dat wij in de afgelopen 10 jaar hebben opgebouwd. Dat we onderdeel zijn van Nash Squared brengt een hele sterke positie met zich mee in het leveren van IT-personeel en -oplossingen. Dit verrijkt ons model met extra specialisme binnen onze dienstverlening.” Eerste gezamenlijke klant Het samengaan van de twee bedrijven werpt zijn vruchten af, vertelt ze. “We hebben onze eerste gezamenlijke nieuwe klant binnen: Nem Energy. We werken voor deze klant samen aan een oplossing voor vast en flex, nu en in de toekomst. We leveren zowel recruitmentoplossingen als onze MSP-dienstverlening.” Dat klanten vaker vragen om uitgebreide dienstverlening was ook de reden van de overname op 1 juni dit jaar, benadrukt Lijding. Harvey Nash is al jaren een van de grootste intermediairs van professionals in Nederland, tot dan toe zonder eigen MSP-dienstverlening. Met de overname van Het Flexhuis veranderde dat. Harvey Nash heeft veel vertrouwen in het model van Schmidt Crans en haar team. Opnieuw naar processen kijken met bestaande klanten “We kijken ook met bestaande klanten naar nieuwe mogelijkheden”, vertelt Lijding. “Eigenlijk worstelen al onze klanten namelijk met dezelfde problemen: waar haal ik talent vandaan, nu en in de toekomst? Hoe zorg ik dat ik voldoe aan wet- en regelgeving? Wanneer heb ik een specifieke leverancier nodig en welke dan? Met Het Flexhuis kunnen we nu een volledig palet aan oplossingen bieden. Voor bijna alle bestaande klanten is dit een aanleiding om opnieuw naar processen te kijken en de dienstverlening aan te passen. Soms betekent dat uitbreiden en soms juist afschalen.” Binnen drie maanden naar het buitenland “We gaan naar het buitenland onder onze eigen merknaam”, vertelt Schmidt Crans. “We beginnen in het Verenigd Koninkrijk. Harvey Nash heeft daar namelijk al een bestaand team dat onder het merk Het Flexhuis gaat werken.” Lijding: “We rollen uit binnen de bestaande structuur. Zo zorgen we voor een vliegende start. Vlak na het VK volgende Verenigde Staten, België, Duitsland en eventueel Zwitserland. We zijn nu volop bezig met branding en teamformaties en willen lanceren in het eerste kwartaal van 2023.” Wat maakt Het Flexhuis interessant voor internationale klanten? “Wij richten ons op de middelgrote inleners, bedrijven waarvoor de traditionele MSP-formule te zwaar is”, legt Lijding uit. “Het praktische, flexibele MSP-model van Het Flexhuis past goed bij die groep klanten. We kunnen maatwerk bieden. Deze hybride vorm van MSP-dienstverlening zie je nog weinig over de grens.” Onzekere economie Lijding en Schmidt Crans hebben dus flinke ambities voor 2023. Tegelijkertijd zijn ze realistisch over de onzekerheid in de markt. “Het is de uitdaging om flexibel genoeg te zijn om daarop in te spelen”, zegt Schmidt Crans. “De ontwikkeling van de economie bepaalt de behoefte van onze klanten en werkenden. Moet er personeel uit of gaan ze nog harder op zoek naar mensen? Worden werkenden beweeglijker op de arbeidsmarkt of juist niet? Wij zitten er tussenin.” Lijding: “We zitten in een unieke situatie: forse inflatie, oorlog en toch een krappe arbeidsmarkt. Er zijn geen pasklare oplossingen, dus we moeten in gesprek blijven met de klant en inspelen op de veranderende behoeftes.” De twee directeuren hebben vertrouwen dat ze dat aankunnen. “We zijn flexibel genoeg om mee te bewegen”, zegt Schmidt Crans. “Ook afgelopen jaren waren totaal onvoorspelbaar en toch moesten we ontwikkelingen steeds een stap voor zijn. Welke kant de markt ook op beweegt, we hebben nu het juiste portfolio in handen om onverwachte uitdagingen aan te kunnen.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags harvey nash, Het Flexhuis, MSP, nash squared, overname | Laat een reactie achter
Top freelancers aantrekken met een sterke propositie Geplaatst 13 januari 2023 door Freelance.nl Bijna iedere werkgever kampt in deze krappe arbeidsmarkt met een personeelstekort. De uitdaging in tijden van schaarste is om nieuw talent aan te trekken en tegelijkertijd een duurzame relatie op te bouwen met huidig talent. Een sterk bedrijfsimago is daarom belangrijker dan ooit. Bedrijven gaan vaak tot het uiterste om potentiële werknemers over te halen om bij hen te komen werken. Toch lijkt het erop dat er nog weinig aandacht wordt geschonken aan het aantrekken van talentvolle zzp’ers. Talent aantrekken met een sterke Employer Value Proposition Hoe positioneer je je organisatie in de arbeidsmarkt van vandaag? Met welke boodschap trek je kandidaten naar je toe? Hoe win je de strijd om talent? Om talenten aan je te binden, moet je duidelijk communiceren wat je hen te bieden hebt. Waarom zou toptalent in jouw bedrijf komen werken? Een begrip dat veel terrein aan het winnen is in de wereld van werving en selectie is de Employee Value Proposition (EVP): deze propositie beschrijft waarom iemand voor jouw bedrijf of organisatie zou moeten kiezen in plaats van voor een ander. Veel bedrijven hebben een EVP gericht op vaste medewerkers. Toch is zelden een aparte propositie gericht op freelancers geformuleerd. Dit terwijl de concurrentie voor gekwalificeerde freelancers net zo groot is als voor vaste werknemers. Dit blijkt ook uit cijfers van de Freelance Markt Index van Q4: meer dan de helft van de opdrachtgevers (60%) moeite heeft om geschikte freelancers te vinden. Een algemene boodschap die gericht is op zowel werknemers als freelancers voldoet niet meer. Zzp’ers hebben andere drijfveren om voor organisaties te werken dan werknemers die op zoek zijn naar een vast dienstverband. Hoog tijd voor een andere aanpak: het creëren van een ‘Freelancer Value Proposition’ (FVP). Van EVP naar FVP Bedrijven moeten creatief zijn om geschikte kandidaten aan te trekken en te behouden. Het ontwikkelen van een sterke Freelancer Value Proposition kan daarbij helpen. Net als de EVP, beschrijft de FVP waarom een freelancer voor een bedrijf zou moeten kiezen boven een ander. De FVP richt zich specifiek op de behoeften van freelancers. Zo maak je duidelijk wat jouw organisatie tot een goede opdrachtgever maakt. Wat maakt een sterke Freelancer Value Proposition? Om te beginnen is het belangrijk om in kaart te brengen wat freelancers zoeken in een opdrachtgever. Dit kan variëren van flexibele werktijden en goede betaling tot professionele ontwikkelingsmogelijkheden en een fijne werkomgeving. Een Freelancer Value Proposition kan vervolgens uit verschillende onderdelen bestaan, afhankelijk van wat jij als opdrachtgever te bieden hebt. Wij hebben de meest belangrijke onderdelen van een FVP voor je op een rij gezet: 1. Een redelijke en transparante vergoeding Een eerlijke beloning kan helpen om freelancers aan te trekken. Uit eigen cijfers blijkt dat uurtarieven gestegen zijn. Gemiddeld zijn de tarieven 8% hoger dan vorig jaar en bijna 2% hoger dan vorig kwartaal. Een redelijke vergoeding laat zien dat je als opdrachtgever de waarde van hun tijd en vaardigheden erkent. Het geeft aan dat je serieus bent over het werk en dat je bereid bent om goed te betalen voor de diensten van de freelancers. Dit verbetert het professionele imago van je bedrijf en draagt bij aan het aantrekken van geschikte kandidaten. Naast een redelijke vergoeding is het ook belangrijk om transparant te zijn over de vergoeding die je biedt. Vermeld de vergoeding al in je opdrachtomschrijving. Freelancers vinden het vaak prettig om te weten hoeveel ze naar verwachting gaan verdienen voor een project. 23% van de freelancers laat een opdracht zelfs helemaal links liggen als er niks over de vergoeding wordt vermeld. Maak dus duidelijk wat je te bieden hebt. 2. Vrijheid en flexibiliteit Uit eigen onderzoek onder +100 freelancers geeft 71% aan dat vrijheid en flexibiliteit een van de belangrijkste redenen is waarom ze voor dit carrièrepad hebben gekozen. Benadruk dit als opdrachtgever in je Freelancer Value Proposition. Laat zien dat je de freelancer ondersteunt in het behouden van zijn of haar vrijheid en flexibiliteit. Vermeld bijvoorbeeld nadrukkelijk dat je flexibele werktijden aanbiedt en dat je de mogelijkheid biedt om op afstand te werken. 3. Interessante en uitdagende projecten Freelancers zijn vaak op zoek naar werk dat hen uitdaagt en hen in staat stelt om te groeien in hun vakgebied. Laat zien dat je interessante en uitdagende projecten aanbiedt door te vermelden hoe deze bijdragen aan de professionele ontwikkeling van de freelancer. Dit kun je doen door voorbeelden te geven van eerdere projecten en uit te leggen hoe deze hebben bijgedragen aan de professionele ontwikkeling van de freelancers. Door te benadrukken welke specifieke vaardigheden zijn opgebouwd dankzij die projecten, laat je zien dat je professionele groei ondersteunt. 4. De juiste ondersteuning en middelen Wanneer je met freelancers samenwerkt, is het belangrijk dat ze de juiste ondersteuning en middelen krijgen om hun werk succesvol uit te voeren. Benadruk bijvoorbeeld dat ze toegang krijgen tot alle noodzakelijke tools die ze nodig hebben. Maar het kan ook geen kwaad om te vermelden dat je hen voorziet in een netwerk aan collega’s als bron van advies en feedback. Freelancers kunnen namelijk wel wat extra ondersteuning en waardering gebruiken, blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Tilburg en ZiPconomy (2019). Houd er rekening mee dat niet iedere freelancer dezelfde behoeftes heeft. Sommigen hebben bijvoorbeeld meer behoefte aan structuur en stabiliteit. Daarom is het slim om te onderzoeken wat belangrijk is voor jouw doelgroep en dit te benadrukken in je Freelancer Value Proposition. Het is hoog tijd voor organisaties om verder te kijken dan alleen maar het aantrekken van werknemers die op zoek zijn naar een (vast) dienstverband. Door de krapte op de arbeidsmarkt zullen organisaties steeds vaker samenwerken met talentvolle zzp’ers. Dat vraagt om een sterke propositie gericht op freelancers. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Freelance.nl, werving en selectie | Laat een reactie achter
De arbeidsmarkt in 2023: voorspellingen van elf experts Geplaatst 12 januari 2023 door ZiPredactie Het jaar van de skills Deze voorspelling komt deze keer zeker uit, mijn eerdere voorspellingen zijn nog steeds toekomstmuziek. De Europese Commissie heeft 2023 namelijk uitgeroepen tot het jaar van de skills. Mark van Assema In onze webinarweken zagen we dat deze trend al is ingezet in de wereld van professioneel inhuren. Sommige leveranciers, zowel MSP’s als VMS- / FMS-partijen, hebben al skills-modellen in hun processen en tools ingebouwd. Deze ontwikkeling kan ook helpen om een brug te slaan tussen inhuur en HR, want de meeste HR-teams van opdrachtgevers zijn ondertussen wel met skills management bezig. Het is wel zaak dat alle interne en externe partijen dezelfde skills-taal gaan spreken, en niet allemaal met aparte lijstjes gaan werken. Maar ook daar heeft de EC een oplossing voor: hun ESCO standaard. Komend jaar stelt Europa bovendien ook nog allerlei subsidies beschikbaar om met skills aan de slag te gaan. Mark van Assema Breek traditionele HR & Inkoop-silo’s af Simone Groeneveld, HeadFirst Group We hebben het al jaren over Total Talent Acquisition (TTA), maar op dit moment hebben slechts een handjevol organisaties in de Benelux hun workforce beleid op die manier ingericht. Terwijl er veel argumenten voor TTA zijn. De meest relevante op dit moment: TTA is een oplossing om de schaarste op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden. Werven van talent op basis van skills (met open vizier) in plaats van contractvorm (onnodig beperkend) is de sleutel. Daarom mijn voorspelling: de schaarste op de arbeidsmarkt gaat in 2023 eindelijk zorgen voor een versnelling in TTA. Simone Groeneveld, HeadFirst Group Toename parttime gepensioneerden De krapte op de arbeidsmarkt zal zelfs door een recessie niet helemaal verdwijnen. Bas van de Haterd De krapte zal misschien minder worden, maar de demografische ontwikkelingen waar velen al jaren voor waarschuwen, nemen nu eindelijk vormen aan die al lang voorspeld waren. Voor een deel van de beroepen waar krapte is, is parttime werken heel normaal of in ieder geval eenvoudig in te voeren. We gaan het komende jaar de opkomst van de parttime gepensioneerden zien. Iets dat we al kennen uit de politiek met Johan Remkes en Hans Borstlap en uit de HR advieswereld van bijvoorbeeld Kevin Wheeler en Gerry Crispin . Dit zal steeds normaler worden en ook gestimuleerd worden. 2023 gaat het jaar worden waar werkgevers actief gaan vragen of een werknemer in plaats van met pensioen te gaan niet nog iets wil doen, al dan niet freelance. Bas van de Haterd Een jaar dat de wetmatigheden tart Anne Megens, AWVN De arbeidsmarkt hobbelt in de regel achter de economie aan. Als de economie verslechtert, stijgt een tijdje later de werkloosheid. Een recessie gaat er in 2023 wel komen, maar gaat die ook neerslaan op de arbeidsmarkt? Ik vermoed in een andere gedaante. Voorlopig blijft de arbeidsmarkt namelijk oververhit. Economische afkoeling zal vooral te merken zijn aan een dalend aantal vacatures, niet aan sterk stijgende werkloosheidscijfers. Toch zal de crisis de arbeidsmarkt niet overslaan. Ik houd rekening met oplopende werkdruk, hoger ziekteverzuim en meer behoefte aan tijdelijke vervanging. Dát zijn de kanaries in de kolenmijn die we scherp in de gaten moeten houden. Anne Megens, AWVN De huidige energiecrisis versnelt bedrijfstransities Albert Allmers, FinanceFactor Met soms wel een vervijfvoudiging van energiekosten zijn organisaties gedwongen kosten te besparen. Transities naar bijvoorbeeld digitalisering worden versneld. Dat gaat een veldslag aan de onderkant van de markt veroorzaken, doordat functies verdwijnen. Hierdoor wordt de kloof tussen mensen met en zonder baan vergroot. Het inpasbaar krijgen van vaste posities blijft een knelpunt, waardoor interim-opdrachten toenemen. Of de politiek het nu wil of niet: niet het vaste contract maar flexibel wordt de norm. Albert Allmers, FinanceFactor Anders krap Peer Goudsmit, PeerSearch De arbeidsmarkt in 2023 blijft een werknemersmarkt voor praktijkberoepen en voor tech. Verder zullen deze krapte en salarisstijgingen voor slechtere bedrijfsresultaten zorgen. Durfinvesteerders trekken de stekker uit start-ups die geen resultaten boeken, vanwege gebrek aan geduld en de drang naar een nog snellere Return on Investment (ROI). Retail krijgt het nog zwaarder door een te grote legacy (te duur en niet flexibel) in het personeelsbestand. De HR-afdeling zal snel krachtiger moeten worden in haar aanpassingsvermogen en dit ook in de organisatie bewerkstelligen. Ook zal het in organisaties minder draaien om aandeelhouderswaarde en meer om het perspectief van andere stakeholders, zoals personeel en ecologische footprint. Peer Goudsmit, PeerSearch Data driven werken maakt een vlucht in 2023 Giancarlo Balzarelli, Magnit Grip, inzicht en controle in je gehele personeelsopbouw (zowel vast als flex) is al jaren van belang voor organisaties. De volgende stap is om de technologie en data écht voor je te laten werken. Vooral (operationele) besluitvorming gebaseerd op feiten en data gaat aankomend jaar een hele belangrijke rol spelen. Zoals de keuze voor sourcingkanalen en tariefstellingen, maar ook bij het optimaliseren van (inhuur) programma’s, voor doorlooptijden, compliance, riskmanagement en kosten optimalisaties. Giancarlo Balzarelli, Magnit Dit is deel 3 van de serie Voorspellingen over 2023. Lees ook: ZP en Politiek in 2023: voorspellingen van tien experts met bijdragen van Joop der Weduwen, Fedde Monsma, Sem Overduin, Cristel van de Ven, Margreet Drijvers, Josien van Breda, Sjaak Zonneveld, Maudie Derks, Piet Meij en Geert-Jan Waasdorp. Professioneel inhuren in 2023: voorspellingen van zeven experts. met bijdragen van Sjanne Marie van den Groenendaal, Dustin Robinson, Lars Evers, Marion van Happen, Rob de Laat, Alexander Crépin en Sidney Hiele Trends: de wereld van werk in 2023 volgens CXC Het jaar waarin HRM een kernactiviteit wordt Han Mesters, ABN AMRO 2023 wordt gekenmerkt door een lagere economische groei, zeker vergeleken met de ruim 4% groei die we in 2022 hadden. Onze economen gaan nog uit van een werkloosheid van 4,2% in 2023 en dat is bij lange na niet genoeg om de structurele tekorten op te lossen. In een wereld van aanhoudende schaarste aan medewerkers en andere voorkeuren voor de invulling van werk, geldt: Bedrijfscultuur wordt een belangrijk onderscheidend vermogen voor bedrijven. Alleen maatschappelijke impact (purpose) is niet voldoende voor een bedrijf voor het aantrekken van talent: nodig is ook duidelijk te maken waar je voor staat als bedrijf (identity economy). Strategische personeelsplanning gaat niet meer primair over het vaststellen van de ‘competentie-gap’ bij de medewerkers van nu en in de toekomst maar over de cultuur/identiteits ‘gap’ van het bedrijf. Wat is de huidige cultuur en identiteit van het bedrijf en wat is de gewenste? Han Mesters, ABN AMRO Goed uitgerust voor de endgame? Chris Neddermeijer, Nétive Geopolitieke spanning, schaarste en onzekerheid op de arbeidsmarkt maken flexibel op- en afschalen van talent voor organisaties uitdagend. Schaarste staat groei in de weg. “De” bron van nieuw talent is er niet; de arbeidsmarkt zit nog steeds muurvast en met daarnaast de opkomst van “nieuwe” generaties met een nieuwe visie op “werk/privé balans” worden organisaties gedwongen om creatiever met talent om te gaan. De organisaties die dit het beste doen, zullen de komende jaren definitief het competitieve voordeel behalen. Ben jij al goed uitgerust voor deze endgame? Chris Neddermeijer, Nétive Kwaliteit werkgeverschap bepaalt Stef Witteveen, VvDN We verwachten dat de markt van detacheerders in 2023 verder zal groeien. Er blijkt niet alleen veel vraag naar goede specialisten en hoger gekwalificeerde professionals, maar ook naar goede werkgevers die het werkgeverschap van deze groep op de best mogelijke wijze willen en kunnen invullen. En dat is nu precies wat de leden van de VvDN zijn; goede werkgevers. Juist daarom kiezen specialisten of starters op de arbeidsmarkt steeds vaker voor een vast dienstverband bij een detacheerder die maatwerk kan leveren als werkgever en haar werknemers begeleidt naar de volgende fase van hun loopbaan. Het wel of niet kunnen beschikken over voldoende en voldoende goeie professionals, gaat steeds meer worden bepaald door de kwaliteit van het werkgeverschap en dat kunnen detacheerders in veel gevallen beter dan wie ook. We zien daarom uit naar een positief jaar 2023. Tegelijk zien we dat politiek en polder, tegen de maatschappelijke stroom in, nog geen wetgeving in voorbereiding heeft waardoor de werking van de arbeidsmarkt wordt gefaciliteerd. Daarom trekt de VvDN hard aan de bel. We hebben tenslotte alle bijdragen nodig om te werken aan een zo productief en actief mogelijke beroepsbevolking. Stef Witteveen, VvDN Workforce Management 2023, 6 belangrijke trends Het is 2023. De arbeidsmarkt is de afgelopen jaren ingrijpend veranderd. De Covid-19 pandemie heeft veel trends versneld die al gaande waren, zoals de overgang naar werken op afstand en de gig-economie. Als we naar de toekomst kijken, zijn er een aantal belangrijke trends bepalend voor het personeelsbestand en de manier waarop we ermee omgaan. Marc Viëtor, TalentIn De eerste trend is de toegenomen onzekerheid op de arbeidsmarkt. In de nasleep van de pandemie, maar ook onder invloed van de huidige hoge inflatie en economische onzekerheid, zijn veel bedrijven gedwongen om hun activiteiten te verkleinen of zelfs hun deuren te sluiten. Hierdoor zijn miljoenen mensen hun baan kwijtgeraakt en is het voor hen soms lastiger geworden om een nieuwe baan te vinden. Als gevolg hiervan wordt een groot deel van de werknemers bewuster van hun loopbaankeuzes en zoeken ze naar stabiliteit in hun baan. De tweede trend is een focus op kosten. Bedrijven staan onder druk om de kosten onder controle te houden, maar ze moeten ook voldoende arbeidskrachten binnenhalen om hun bedrijf draaiende te houden. Dit heeft geleid tot een toename van tijdelijke werknemers, evenals een groei van regelingen voor werken op afstand. De derde trend is de komst van een nieuwe generatie werknemers. Millennials zijn begonnen met werken. Zij hebben andere verwachtingen dan eerdere generaties. Ze leggen meer nadruk op de balans tussen werk en privéleven en zullen tijdens hun loopbaan vaker van baan naar baan gaan. Dat vraagt om meer flexibiliteit van organisaties bij het managen van hun personeel. De vierde trend is de versnelde pensionering. Babyboomers bereiken in een ongekend tempo de pensioengerechtigde leeftijd en dit heeft een grote impact op de beroepsbevolking. Organisaties moeten manieren vinden om kennis en vaardigheden vast te houden en nieuw talent aan te trekken en op te leiden. De vijfde trend is dat er nog veel nieuwe MSP-programma’s (eerste generatie) worden geïmplementeerd. De Covid-pandemie heeft bij veel organisaties het bewustzijn aangewakkerd dat ze niet over de inzichten in hun tijdelijke personeelsbestand beschikken om snel en nauwkeurig te reageren op veranderende marktomstandigheden. Het introduceren van een MSP kan een haalbare optie zijn die aandacht trekt. De zesde trend is dat platformen Total Talent Management ondersteunende oplossingen bouwen. Waar zowel dienstverleners als HR-professionals nog steeds worstelen om Total Talent Management te laten werken, introduceren technologieleveranciers nu platformoplossingen die een geïntegreerd systeem bieden om een TTM-aanpak te ondersteunen. Het zal interessant zijn om te zien of deze ontwikkeling echt Total Talent Management in organisaties zal versnellen. Deze trends zullen hun stempel drukken op HR management in 2023 en de jaren die volgen. Als ze de concurrentie voor willen blijven, moeten organisaties wendbaar en flexibel zijn in het managen van hun personeel. Het is daarbij noodzakelijk om te investeren in technologische oplossingen die hen helpt hun personeelsbehoefte beter te begrijpen en waarmee ze een weloverwogen beslissing kunnen nemen over de inzet van hun personeel. Marc Viëtor, TalentIn Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags arbeidsmarkt, economie, Voorspellingen 2023 | Laat een reactie achter
Zorgplatform WorkFlow: “niet tegen zzp, wel voor behoud zorgprofessionals” Geplaatst 11 januari 2023 door Arthur Lubbers WorkFlow is een online platform waarmee (vooralsnog alleen) OK-assistenten, recovery verpleegkundigen en anesthesiemedewerkers zelf hun rooster kunnen samenstellen en zelf (grotendeels) kunnen bepalen in welk ziekenhuis zij werken. De deelnemende zorgprofessionals zijn in loondienst, als werknemer van een van de negen deelnemende ziekenhuizen in de regio Rijnmond, maar hebben dus de flexibiliteit en vrijheid die ook zzp’ers ervaren. Mooi concept, een win-win situatie, zou je denken. Niet volgens ACM-richtlijnen? Maar niet iedereen denkt er zo over. Lex Tabak, initiatiefnemer van zzp-erindezorg.nl, hekelt het initiatief in een artikel op ZiPconomy. WorkFlow zou niet voldoen aan de ACM-richtlijnen over samenwerking tussen werkgevers. De auteur ziet in WorkFlow een poging van de werkgeverskoepel deRotterdamseZorg om zzp’ers ‘te blokkeren’. En dat mag niet volgens de ACM-richtlijnen; zorgmedewerkers mogen niet gediscrimineerd worden op basis van wel of geen dienstverband. Wat volgens Tabak ook niet kan, is dat het WorkFlow-concept andere arbeidsvoorwaarden biedt dan binnen de CAO ziekenhuizen bepaald is. En het ‘centraliseren van hun inkoop van PNIL (Personeel niet in loondienst)’ is ook niet toegestaan, stelt Tabak. Niet tegen zzp Robert Vossen (programmamanager WorkFlow bij deRotterdamseZorg) betreurt de beeldvorming in dit artikel. “Dat is ongelooflijk jammer. We willen juist toenadering en verbinding leggen met de doelgroep (huidige zzp’ers. red.).” Vossen ziet het WorkFlow-concept als logische ontwikkeling. “De bestuurders en professionals in de ziekenhuizen zien met lede ogen aan dat steeds meer mensen het loondienstverband verlaten en gaan zzp’en. Dat heeft direct consequenties voor de kosten, kwaliteit, innovatiekracht en werksfeer. Dat zij hier aandacht voor vragen, is meer dan normaal. Maar dat betekent niet dat wij tegen zzp’ers zijn. Dat is een verkeerde nuance. Wij hebben die groep zzp’ers namelijk ook keihard nodig voor de zorg.” Over de stelling van Tabak dat de het WorkFlow-concept niet zou voldoen aan de ACM-richtlijnen, zegt Vossen: “Wet- en regelgeving sluit niet altijd aan bij de behoefte van de zorg in de praktijk. Wellicht vraagt dit om nuancering of aanpassingen op het concept, maar de intentie is juist. En als wij voldoen aan de wet- en regelgeving is het wel degelijk plausibel. Daar komt bij dat er een einde zal komen aan het tolereren van schijnzelfstandigheid.” Alternatief voor zzp-schap Vossen wijst erop dat het in het artikel van Tabak om zijn eigen interpretatie gaat. “De ACM heeft geen uitspraak gedaan richting WorkFlow. In de richtlijnen van de ACM herkennen wij veel uitgangspunten die we ook hebben vormgegeven binnen WorkFlow. Tabak heeft WorkFlow langs de lat van de richtlijnen van de ACM gelegd en daar zelf conclusies uit getrokken. Daarmee doet hij iedereen tekort die betrokken is geweest bij de totstandkoming van project. De intentie is altijd geweest om zorgprofessionals te behouden voor onze sector.” Sophie Veraart (communicatieadviseur) vult haar collega aan. ”We worden niet altijd goed begrepen. Berichten als zouden wij zzp’ers willen blokkeren, dragen daar niet aan bij. Dat is helemaal niet het doel van WorkFlow. We willen hen juist omarmen en een alternatief bieden voor als het zzp-schap geen optie is, bijvoorbeeld als onduidelijk is of er sprake is van schijnzelfstandigheid. Dan hebben wij een constructie die aansluit bij hun behoefte en voldoet aan wet- en regelgeving (Wet DBA).” Minister juicht dergelijke initiatieven toe Ook GroenLinks was kritisch op het WorkFlow-concept en heeft zelfs Kamervragen hierover gesteld naar aanleiding van een artikel in Trouw afgelopen september. De parlementariërs vroegen de verantwoordelijke minister of hier sprake is van schijnzelfstandigheid. Minister Van Gennip (SZW) is heel helder in haar antwoord op de Kamervragen: Degenen die bij WorkFlow zijn aangesloten, zijn in dienst bij één van de betrokken zorginstellingen. Zij zijn daarmee dus geen zelfstandigen en zeker geen schijnzelfstandigen. De minister van Langdurige Zorg (Helder) juicht initiatieven als WorkFlow zelfs zeer toe, zo blijkt uit de antwoorden op de Kamervragen: “Nieuwe vormen van werken in loondienst kunnen voorkomen dat mensen het loondienstverband (of eventueel zelfs de zorg) uit onvrede verlaten. Ook dragen dergelijke initiatieven bij aan een betere balans op de arbeidsmarkt, meer regie bij de zorginstellingen en lagere kosten. Dergelijke initiatieven dragen er verder aan bij dat werkgevers conform de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA, red.) kunnen handelen.” Modern werkgeverschap “Het is heel mooi dat het kabinet met deze reactie komt”, zegt Veraart. “Dat sluit aan bij onze visie. WorkFlow is niet bedoeld om mensen uit loondienst te trekken. En ook niet om echte zzp’ers tegen te werken. Het is bedoeld als derde alternatief. We willen juist voorkomen dat mensen de zorg verlaten. Hopelijk kunnen we hen behouden voor de sector door hen de flexibiliteit van WorkFlow te bieden.” Volgens Veraart pas dit ook bij modern werkgeverschap. “Je voldoet meteen aan de wet- en regelgeving op het moment dat de Wet DBA gehandhaafd gaat worden. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags platform, zorgsector, zzp | 1 Reactie
Professioneel inhuren in 2023: voorspellingen van zeven experts Geplaatst 10 januari 2023 door ZiPredactie Goed Opdrachtgeverschap in 2023: aan de slag met inclusief HR-beleid dr. Sjanne Marie van den Groenendaal Het personeelstekort heeft organisaties laten stilstaan bij de inhuur van zelfstandige professionals. Hierdoor heeft de term ‘Goed Opdrachtgeverschap’ bekendheid gewonnen. In 2023 zal het niet meer gaan over ‘stilstaan bij’ maar is het tijd voor actie. Concreet aan de slag met het professionaliseren van de inhuur van de flexibele schil. Dit vraagt om modern HR-beleid passend bij de behoeften van zowel organisaties als zelfstandige professionals. Opdrachtgevers zijn aan zet om de nog onbekende paden van inclusief HR-beleid te verkennen, waarbij vanuit een HR-perspectief wordt geïnvesteerd in alle type werkenden in organisaties. Sjanne Marie van den Groenendaal, Gouden Schil Trend: De opmars van de freelance Employer Value Propositions Dustin Robinson Voor het aantrekken van het beste personeel zijn ‘employer value propositions’, ofwel waardeproposities, essentieel geworden voor organisaties. Dit geldt nu ook voor het inhuren van top freelance talent. In een krappe arbeidsmarkt hebben de meest talentvolle mensen, inclusief zzp’ers, de meeste keuze. Bedrijven die de beste freelancers willen inhuren zullen een sterke freelance EVP moeten neerzetten om talent niet mis te lopen. Dustin Robinson, Malt Goed opdrachtgeverschap wordt het ‘toverwoord’ In de afgelopen jaren is er al veel te doen geweest over het professionaliseren van het wervings- en inhuur proces van freelancers. Bij Jellow introduceerden we twee jaar geleden de term “Goed Opdrachtgeverschap”. Lars Evers Wij pleiten er al jaren voor dat er naast aandacht voor goed werkgeverschap ook focus moet komen op goed opdrachtgeverschap. Waar het inhuren van freelancers eerst een verantwoordelijkheid was van iedereen en daarmee van niemand, zien steeds meer organisaties in dat er één verantwoordelijke unit moet komen. Wij noemen dit ook wel de nieuwe CFO, een Chief Freelance Officer. Het meest logische is overigens dan ook dat deze CFO onder HR komt te hangen. Hier zit namelijk het grootste deel van de expertise. Deze CFO gaat er voor zorgen dat er naast een goed werkgeversmerk, ook gewerkt gaat worden aan een opdrachtgeversmerk. Dit is van elementair belang om de beste freelancers te kunnen werven. En in deze krappe arbeidsmarkt is dit de doelgroep waar je als werkgever het verschil kunt maken. Ik voorspel dan ook dat het hoofdthema van 2023 ‘Goed Opdrachtgeverschap’ wordt. Lars Evers, Jellow Dit is deel 2 van de serie Voorspellingen over 2023. Lees ook: Dit overzicht met voorspellingen over ZP & Politiek in 2023, met de mening van Margreet Drijvers, Joop der Weduwen, Sem Overduin, Cristel van de Ven, Fedde Monsma, Josien van Breda, Sjaak Zonneveld, Maudie Derks, Piet Meij en Geert-Jan Waasdorp. Lees ook: De arbeidsmarkt in 2023: voorspellingen van elf experts. Met bijdragen van Mark van Assema, Simone Groeneveld, Bas van de Haterd, Anne Megens, Albert Allmers, Peer Goudsmit, Giancarlo Balzarelli, Han Mesters, Chris Neddermeijer, Stef Witteveen en Marc Viëtor Lees ook: Trends: de wereld van werk in 2023 volgens CXC Van individu naar ecosysteem Marion van Happen Met de individualisering van onze kenniseconomie is het binden van voldoende talent aan je organisatie onhaalbaar zonder slimme tech-oplossingen. Aan de andere kant is het 100% platformdriven werven van personeel een utopie. Een perfecte balans tussen tech en touch is daarom een essentiële voorwaarde voor succesvol talentmanagement. Iets wat organisaties, vanuit hun rol als werk- en opdrachtgever, in 2023 ook gaan inzien. Grote organisaties gaan concreet bewegen naar talent pools. Kleinere organisaties gaan zich melden op platformen, vooral de platformen die erin slagen de touch juist toe te voegen aan hun dienstverlening. Met als doel voortdurend een verse stroom getalenteerde kennisprofessionals te kunnen blijven aanboren. Marion van Happen, HeadFirst Group Digitaler dus menselijker Rob de Laat 2023 wordt gekenmerkt door nog verder doorgevoerde digitalisering van het sourcingproces. Meer snelheid en meer transparantie worden door kandidaten ook gezien als kwaliteit. Meer data moet ook leiden tot een meer analytische benadering: wat gebeurt er in de (arbeids-) markt versus wat gebeurt er binnen onze organisatie? Dit is nodig om vast en flex vraagstukken op de strategische agenda te borgen. Daarnaast zal de politiek onverminderd blijven worstelen met flex in al zijn verschijningsvormen en daar kansloze bezweringsformules op loslaten die aan het echte issue voorbij gaan: wat wil de flexkracht en wat is in diens belang? Voor de fusie en overnamemarkt verwachten wij een nog verdergaande consolidatie in combinatie met overnames in het nabije buitenland. Rob de Laat, IRIS De hand op de knip in onzekere economische tijden Alexander Crépin In deze onzekere tijden is het nog lastiger om een uitspraak te doen over wat het nieuwe jaar gaat brengen. Alles hangt samen met ons vermogen om de stijging van de kosten in de hand te houden. De overheid kan na alle COVID-19 ondersteuning niet blijven bijspringen om problemen in het bedrijfsleven op gebied van stijgende kosten of achterblijvende inkomsten op te vangen. Gaat de marktwerking dan toeslaan en zullen de “zwakken” gedwongen worden te stoppen? Als dat het geval is, ontstaat er vanzelfsprekend ruimte op de arbeidsmarkt. De noodzakelijke transities op het gebied van energie, duurzaamheid en digitalisering, alsmede de vergrijzing, zorgen tijdelijk voor extra vraag op de arbeidsmarkt. Of en in welke mate en in welk tempo de noodzakelijke investeringen voor deze transities voortgezet kunnen worden, zal naar mijn idee van grote invloed zijn op de vraag naar personeel. Als de investeringen doorgaan, zal dit extra kansen blijven bieden voor deta-vast aanbieders. Dat geldt vooral voor partijen die ontwikkelingstrajecten kunnen aanbieden die voorzien in de voor de transities benodigde nieuwe kennis en vaardigheden. Ik zie dat best veel recruiters in de afgelopen periode de stap gezet hebben naar het freelance bestaan. Voor hen zal 2023 een spannend jaar worden, gegeven de onzekerheid van de economie. Meer dan eens constateer ik dat aantrekken van nieuwe medewerkers meer tijd en inzet verlangt. Dit betekent naar mijn idee onder andere dat in RPO-/RSP-trajecten de business case anders, lees duurder, gaat uitvallen. Daarnaast kun je je afvragen of aantrekken en behouden van talent zo langzamerhand niet een zodanig strategisch belang heeft, dat bedrijven en organisaties ervoor kiezen om daarin zelf de regie te nemen. Omdat de opmars van Recruitment Tech en HR Tech niet zal stoppen, voorzie ik in ieder geval wel dat in de Tech & Touch filosofie, het accent meer zal komen liggen op Tech om daarmee efficiencyvoordeel te bereiken. Daar ligt wellicht een kans voor RPO-/RSP-aanbieders om de business case rond te krijgen. Ik ben benieuwd of, en zo ja tot welke acquisities of allianties dit gaat leiden. Daarbij gaat, zoals bekend, mijn interesse uit naar het aanbod van integrale TTA- / TTM-dienstverlening. Welke Total Talent Service Providers zullen zich in het komende jaar nadrukkelijker als zodanig gaan profileren en hun positie versterken? Tot slot geef ik bij mijn klanten altijd aan dat een recruitmentspecialist de knelpunten op de arbeidsmarkt niet zal wegnemen. Succes bij de instroom van vast en flex verlangt teamwork en maatwerk. Dit zal in 2023 onverminderd het geval zijn. Alexander Crépin RPO is dood, leve embedded recruitment Sidney Hiele Waar de afgelopen jaren de recruitment industrie zich en masse stortte op outsourcing voorspel ik dat bedrijven de regie terug willen en er dus een trend naar insourcen komt. Omdat 360 graden recruitment een lastige opgave is in de huidige markt, zullen bedrijven kiezen om delen van het proces bij externe partijen neer te leggen die hun dienst, bijvoorbeeld sourcing, middels een platform embedden in het recruitmentproces van de klant. Sidney Hiele, QSXL Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags goed opdrachtgeverschap, Voorspellingen 2023 | Laat een reactie achter