Maandelijkse archieven: november 2021

Detacheerders hebben volop werk en zien omzet flink stijgen

Dat blijkt uit de MarktMonitor van de Vereniging van Detacheerders Nederland (VvDN).

Veel minder leegloop gedetacheerden

Het percentage ‘leegloop’, gedetacheerden in vaste dienst maar zonder opdracht, is ook verder gedaald. Ten opzichte van een jaar daarvoor is dit aantal zogenaamde ‘bankzitters’ in het derde kwartaal van dit jaar met ruim 53% afgenomen tot 3%. Deze gemiddelde leegloop daalt al vijf kwartalen op rij na de piek in het coronakwartaal (Q2 2020) van 7,5%.

Bron: Kwartaalperspectief Q3 2021 (Dzjeng)

Detachering in juridische sector +62%

Opvallende stijger in de VvDN MarktMonitor met maar liefst 62% omzetgroei ten opzichte van een jaar eerder is het vakgebied ‘juridisch’. Het zijn met name juridische functies bij de overheid die sterk in aantal toenemen en zorgen voor een spectaculaire groei. De groei kan voor een groot deel worden verklaard door de groeiende rol van wet- en regelgeving, fiscaliteit en natuurlijk nog door corona-gerelateerde regelingen en projecten.

De omzet in het financiële domein is daarentegen gedaald met bijna 8% ten opzichte van een jaar eerder. Er is minder vraag bij financiële instellingen doordat een aantal grote projecten vorig jaar is beëindigd en er meer medewerkers vast aangenomen zijn. Daarnaast is er sprake van groei van het aantal zzp’ers in finance.

Detachering droeg bij aan wendbaarheid economie

Marcel van den Bekerom, vicevoorzitter VvDN, is dan ook positief over de ontwikkelingen in de detacheringsbranche. “Met stevige stappen laten we de coronacrisis achter ons; de economie is in het tweede kwartaal van 2021 weer gaan groeien, en dat geldt ook voor de werkgelegenheid, de krapte op de arbeidsmarkt en de omzet van de detacheringsbranche. De detacheringsbranche heeft in de afgelopen anderhalf jaar een stevige bijdrage geleverd aan de wendbaarheid van de Nederlandse economie en zorg. We zien dat gedetacheerden nauwelijks thuis zitten tussen opdrachten in, maar dat ze vrijwel naadloos naar de volgende opdracht doorstromen.

“Meer erkenning voor detacheerders, a.u.b.”

Detachering vervult dus een belangrijke rol op de arbeidsmarkt, stelt Van den Bekerom. Daarnaast wijst hij erop dat detacheerders ‘aantrekkelijke werkgevers’ zijn, iets wat volgens hem ondergewaardeerd wordt. Wij zijn werkgevers die goed voor hun mensen zorgen. Ruim 60% van de gedetacheerden is in vaste dienst bij het detacheringsbureau. Het ziekteverzuim bij gedetacheerden is heel laag, omdat we hen heel intensief begeleiden. Vanuit de maatschappij en politiek verdient detachering dan ook meer erkenning. Het zou plezierig zijn als wij die erkenning ook echt krijgen.”

Lees ook:

 


Verschil VvDN MarktMonitor en ABU MarktMonitor

De uitzendbranche kreeg vooral in het tweede kwartaal van het coronajaar 2020 flinke klappen en veerde dit jaar weer stevig op. Vandaar dat de ABU MarktMonitor in het derde kwartaal van dit jaar een flinke omzetgroei toont van +19% en in het tweede kwartaal zelfs +35,5%.

Bart Gianotten

De cijfers uit de VvDN MarktMonitor geven een veel minder schommelend beeld. Detacheerders zijn over het algemeen wat minder vroegcyclisch dan uitzenders, en dat is zichtbaar in de verschillende groeicijfers. Vandaar dat het goed is dat er naast de ABU Marktmonitor ook een VvDN Marktmonitor is, stelt ook Bart Gianotten, CFO bij Yacht en de nieuwe voorzitter van de commissie MarktMonitor bij VvDN, waar hij ook bestuurslid is. “Het zijn twee verschillende vormen van dienstverlening. De detacheringsbranche heeft een heel andere dynamiek. Neem de coronacrisis; in de uitzendbranche is vorig jaar een enorme volumedaling geweest omdat het werk bij heel veel fabrieken en bijvoorbeeld horeca fors is afgeschaald. Bij detachering hebben we dat nauwelijks gezien. Bij hoogopgeleiden is het verval in werkgelegenheid miniem geweest. In het tweede kwartaal van 2020 was er wel wat spanning in de markt – een paar grote bedrijven hebben op de rem getrapt – maar over de gehele linie is de totale vraag naar professionals hoog gebleven.”

Eigen benchmark

De eigen MarktMonitor is voor VvDN-leden een onmisbare benchmark, stelt Gianotten. “Onze leden willen weten hoe zij het zelf doen in de markt. Je wilt jezelf als detacheerder kunnen vergelijken met een relevante markt. Als wij 10% groeien en de markt 6%, ben ik blij. Maar als wij 10% groeien en de markt 14%, ben ik niet blij.”

Als wij 10% groeien en de markt 6%, ben ik blij. Als wij 10% groeien en de markt 14%, ben ik niet blij.

Deep dive

Waar alle leden informatie aanleveren voor de kwartaalcijfers, is er daarnaast nog de mogelijkheid om deel te nemen aan de ‘deep dive’ die in samenwerking met PwC aan het eind van het jaar wordt uitgevoerd. Dat is optioneel en kun je zien als een verdieping van de MarktMonitor. “Het dwingt je om kritisch naar je eigen bedrijfsvoering te kijken. Dat moet je natuurlijk altijd doen, maar het is wel fijn om daar een extern, objectief instrument bij te gebruiken.”

Met de MarktMonitor en de uitgebreidere analyse voorziet de VvDN duidelijk in een behoefte, want het aantal deelnemers groeit. Meer leden melden zich hiervoor aan en het trekt ook (potentiële) nieuwe leden aan, wat Gianotten natuurlijk alleen maar toejuicht. “Hoe meer er deelnemen, hoe relevanter het wordt.”

Geen lid van de VvDN? De MarktMonitor kan eenmalig kosteloos worden aangevraagd. Wilt u daarna de MarktMonitor opnieuw ontvangen? Dan zijn de kosten €500,-.


 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

Flexibilisering bedreiging voor duurzaam werkgeverschap in zorgsector

Het nijpende personeelstekort bezorgt de zorgsector hoofdbrekens. Toch zijn er het afgelopen jaar juist meer mensen in de zorg gaan werken. Dat blijkt uit het rapport Arbeidsmarkt zorg in cijfers van Intelligence Group en Compagnon. “De problemen op de arbeidsmarkt zijn echt op te lossen. Het gaat niet om de aantallen, want die zijn er ruimschoots”, schrijven samenstellers Geert-Jan Waasdorp (directeur Intelligence Group) en Frank Roders (directeur Compagnon) in hun voorwoord.

Modern en duurzaam werkgeverschap

De oplossing zit volgens de auteurs eerder in het duurzaam verbeteren van het werkgeverschap en het goed inzetten van financiële middelen. “Zorgprofessionals opereren meer en meer in de modern functionerende arbeidsmarkt. Organisaties moeten daarin mee.”

Kosten flexibilisering te hoog

Als bedreiging voor het duurzaam verbeteren van het werkgeverschap ziet het rapport vooral de vergrijzing, ontgroening en flexibilisering van het zorgpersoneel. Het gevaar daarvan is dat de “kosten van pensioen, verzuim, loonkosten en inhuurkosten een nog groter deel van het budget opeten.”

Bijscholing en binding eigen personeel

Dat budget kan volgens de auteurs namelijk beter worden ingezet om extra mensen in grote aantallen bij te scholen en te investeren in werkgeluk en binding van de eigen werknemers. “In zoverre zou de zorgsector niet moeten leren van andere zorginstellingen, maar eerder van IT-bedrijven, startups en organisaties volop in de energietransitie. Zij gaan met meer succes de schaarste te lijf door in te zetten op hun mensen.”

Groei aantal zorgprofessionals

Het rapport onderbouwt deze stellingen rijkelijk met data. Zo blijkt het aantal zorgprofessionals tussen 2020 en 2021 toegenomen met 18% ofwel bijna 85.000 personen. Deze groei zit vooral bij de groep met meer dan 10 jaar werkervaring. Het gaat vaak om herintreders en zij-instromers die tijdens de coronacrisis (opnieuw) voor de zorg kozen. “Corona heeft enerzijds de scherpe randjes van de zorgprofessie zichtbaar gemaakt, anderzijds een grote groep aangespoord om terug te komen.”

De problemen op de arbeidsmarkt zijn echt op te lossen. Het gaat niet om de aantallen, want die zijn er ruimschoots

Instroom jongeren in zorg neemt af, werklozen nemen toe

Tegelijkertijd neemt ook de werkloosheid toe onder medewerkers in de zorg. Dat aantal ging tussen 2020 en 2021 van 10.000 personen naar 17.400 personen. Ook de instroom van jongeren lijkt te stagneren. Als oorzaken daarvoor geeft het rapport een lastige onboarding en/of het ontbreken van stageplekken tijdens de pandemie.

Meer zzp’ers in de zorg

Een andere grote trend is de toename van het aantal zzp’ers in de zorg. Dat steeg met 17,7% naar 56.500. Die komt grotendeels voor rekening van mannen. Was in 2020 nog 1 op de 5 zzp’ers man (en daarmee licht oververtegenwoordigd ten opzichte van de zorgprofessionals in loondienst), in 2021 is dit gegroeid naar 28%. Dit kan meerdere oorzaken hebben, stellen de onderzoekers. Die kunnen variëren van financiële motieven tot het feit dat mannen minder gevoelig zijn voor werksfeer en het binden aan en met een team.

Leeftijdsopbouw zelfstandig zorgprofessionals

De leeftijdsopbouw van zelfstandige zorgprofessionals is vergelijkbaar met die van de zorgprofessionals in loondienst. Ook onder de zelfstandigen bestaat de groep voor meer dan de helft uit medewerkers ouder dan 40 jaar. Daarvan zit 35% in de categorie 40 tot 55 jaar en 26% in de categorie 40 jaar en ouder. Ook hier is volgens de samenstellers dus sprake van ‘vergrijzing en ontgroening’.

Meer flexibilisering in de zorg

Het aantal zorgprofessionals dat als zzp’er werkt, blijft toenemen, verwacht Intelligence Group. “Dit zal verdere flexibilisering in de hand werken. Dit heeft meerdere oorzaken, zoals het feit dat ‘de bureaumarkt’ haar recruitment beter op orde heeft en meer oor en oog heeft voor de behoeften van zorgprofessionals, bijvoorbeeld in termen van beloning en flexibilisering.”

Vraag en aanbod zorgprofessionals

Het groeiende aanbod aan zorgprofessionals, zowel zelfstandig als in loondienst, kan desondanks de vraag niet bijbenen. De vraag naar zorgprofessionals blijft in 2021 en de komende jaren substantieel groter dan het aanbod. Momenteel staat dit in een verhouding 4:1, wat betekent dat elke actieve baanzoeker uit gemiddeld vier openstaande vacatures kan kiezen. In bepaalde regio’s en bepaalde specialisaties kan dit ver boven de 20:1 oplopen, schetst het rapport.

Werkgevers pakken meer regie in werving

“De vraag naar zorgprofessionals gaat maar één kant op en dat is omhoog. In Q3-2021 zijn door werkgevers 32.576. vacatures geplaatst. Ten opzichte van een jaar daarvoor (Q3-2020) is dat een stijging van 51% en ten opzichte van Q3-2019 is dat 71%. Een vergelijkbare groei is op te tekenen bij vacatures bij bureaus. Daarin valt wel op dat werkgevers zelf meer regie in de werving pakken. Het percentage vacatures dat door bureaus wordt weggezet, neemt licht af naar 43% van het totaal.”

Professionaliseren recruitment

Hoe moeten zorgorganisaties nu omgaan met deze trends? “Organisaties actief in het aantrekken van zorgprofessionals kunnen zich niet onttrekken aan het zelf verder professionaliseren van hun recruitmentafdelingen”, vindt Compagnon, “zelfs als het gaat om het (in)direct benaderen van arbeidspotentieel.”

Oprichten van een zorgplatform

Om de kosten van de groeiende flexschil beheersbaar te houden, zou de zorgsector een eigen platform kunnen opzetten. Dat is een tweede aanbeveling van Intelligence Group en Compagnon. Dat platform is “absoluut geen jobboard”, opperen de auteurs, maar een platform vergelijkbaar met Nowjobs, Temper of Young Ones.


Rapport: Arbeidsmarkt Zorg in Cijfers 2021/2022

Nu de stofwolken van corona deels lijken op te trekken, worden een aantal mogelijk duurzame arbeidsmarktontwikkelingen in de zorg zichtbaar. Het rapport ‘Arbeidsmarktstrategie Zorg in Cijfers’ van Intelligence Group in opdracht van Compagnon gaat verder in op deze ontwikkelingen.


 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | 2s Reacties

De zzp’er bestaat wel. Feiten en cijfers over zelfstandigen zonder personeel

‘De zzp’er bestaat niet’ is een cliché dat de afgelopen jaren regelmatig terugkomt in het politiek-maatschappelijk debat. Het geeft aan dat de totale groep van meer dan een miljoen zelfstandigen zonder personeel zeer divers is. Denk aan freelance tekstschrijvers, interim-managers en pakketbezorgers. Dan zijn er ook nog de bakkers op de hoek, de kunstenaars, de zelfstandig werkende therapeuten…

Dat de groep zo divers is maakt beleid ontwikkelen lastig. Als de zzp’er toch niet bestaat, dan heeft het geen zin om onderzoek te doen. Toch?

Zzp’ers bestaan natuurlijk, maar zijn niet te vatten in één definitie

Daar zijn ZiPconomy, HeadFirst Group en ONL het niet mee eens. Daarom presenteren ze vandaag een nieuw  rapport. “Zzp’ers bestaan natuurlijk wel”, zegt CEO Han Kolff van HeadFirst Group. “Ze zijn alleen haast niet te vatten in één definitie. Toch is het wel degelijk mogelijk om een goed beeld te krijgen van deze groep. Dat laten we zien met dit gedetailleerde rapport, dat is opgesteld door het onafhankelijke kennisplatform ZiPconomy.”

Rationeel debat

Hugo-Jan Ruts

Hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts van ZiPconomy: “We zetten waardevolle feiten, cijfers en inzichten over de zzp’er op een rij. Welke subgroepen zelfstandigen groeien nu echt en hoe komt dat? De samenstelling blijkt ook te veranderen. Juist dat is interessant voor beleidsmakers.”

Dat meer kennis nodig is over zelfstandigen, blijkt regelmatig. Bijvoorbeeld in de factchecks van ZiPconomy. Denk aan een lid van de Commissie Borstlap dat het percentage zzp-docenten in het middelbaar onderwijs fors overschat. En een staatssecretaris van Financiën die niet wist dat zzp’ers die IB-ondernemer zijn recht hebben op zelfstandigenaftrek, maar zzp’ers met een bv niet.

Zo zijn er nog veel meer voorbeelden van misverstanden en onzorgvuldigheden in het zzp-debat. Ruts: “We hebben gegevens uit betrouwbare bronnen bij elkaar gebracht en analyses uitgevoerd om tot nieuwe inzichten te komen. We hopen zo bij te dragen aan een rationeel en feitelijk debat over deze groep werkenden.”

Compleet is zo’n overzicht nooit, waarschuwt Ruts. Daarbij wijst hij ook op het feit dat de data waarop dit onderzoek is gebaseerd ook achterblijft op de ontwikkelingen in de zzp-markt. “Als je echt gerichter beleid wil voeren en wil monitoren of dat beleid werkt, dan is er een verbeterslag nodig in de data. Te beginnen met meer te werken met eenduidige definities.”

Onafhankelijk rapport

HR-dienstverlener HeadFirst Group is sponsor van het rapport. Kolff vond het belangrijk dat het door een onafhankelijke partij werd opgesteld. “Veel bestaande rapporten ondersteunen de visie van de afzender, al is het maar door bepaalde gegevens achterwege te laten”, zegt hij. “Je kunt alleen tot goed en uitvoerbaar beleid voor de arbeidsmarkt komen, als je een debat voert op basis van feiten. Een onafhankelijke blik is wat mij betreft cruciaal.”

Aantal gedwongen zelfstandigen neemt af

Hij hoopt dat deze publicatie veel misvattingen over zzp’ers de wereld uit helpt. In tegenstelling tot wat bepaalde belangenbehartigers beweren, neemt het aantal kwetsbare zzp’ers af. Ook is het percentage gedwongen zelfstandigen relatief klein, ongeveer 7% van het totaal.

Kijk verder dan de gemiddelden

Verder blijkt dat het goed gaat met de gemiddelde zzp’er. De doorsnee zelfstandige zonder personeel is tevreden en heeft iets meer inkomen en een grotere financiële buffer dan de gemiddelde werknemer. “Maar gemiddelden vertellen niet het hele verhaal”, zegt Ruts. “De pijn zit in de negatieve uitersten van de cijfers over tarieven, inkomens, buffers en tevredenheid.”

De pijn zit in de negatieve uitersten

De spreiding van welvaart onder zelfstandigen blijkt bijvoorbeeld veel groter dan bij werknemers. Zelfstandigen zijn zowel oververtegenwoordigd in de lagere inkomensklassen (minder dan 20.000 euro), als in de hogere categorieën (meer dan 50.000 euro). Tegelijkertijd onderscheidt de zelfstandige zich van werknemers door zijn veerkracht. Een jaar met een inkomen onder bijstandsniveau is voor de meeste zzp’ers incidenteel.

Bescherming met maatwerk

Han Kolff

Kolff pleit voor bescherming van de kwetsbare groep. Daar is duidelijke wetgeving voor nodig, zegt hij. “We omarmen de plannen om kwetsbare zelfstandigen te beschermen tegen bijvoorbeeld de gevolgen van arbeidsongeschiktheid en werkloosheid. Tegelijkertijd mag wetgeving geen negatieve impact hebben op de grotere groep bewuste zzp’ers.”

Maatwerk is dus essentieel om kwetsbare zzp’ers te beschermen en tegelijkertijd innovatie en ondernemerschap te faciliteren, zegt Kolff. Hij benadrukt dat het percentage hoogopgeleide professionals die hun eigen arbeid verkopen aan zakelijke opdrachtgevers, het hardst groeit. “Zij kiezen bewust voor de vrijheid en flexibiliteit van het ondernemerschap en zijn zeer tevreden over hun arbeidsomstandigheden. Die ontwikkeling moeten we koesteren.”Daar zal niet iedereen het mee eens zijn, benadrukt Ruts. “En dat mag ook, wij willen op een onafhankelijke manier een bijdrage leveren aan het debat”, zegt hij. “Het gaat erom dat de visies en standpunten gebaseerd zijn op correcte feiten en cijfers, in plaats van aannames en vooroordelen.”

Kennis van vraag en aanbod

ZiPconomy, HeadFirst Group en ONL hopen handvatten te bieden voor politici, beleidsmakers en andere ondernemers. Kolff: “Ook op de flexibele arbeidsmarkt is schaarste, blijkt uit onze recent verschenen Talent Monitor. Daarom is het des te belangrijker voor werk- en opdrachtgevers dat zij kennis hebben van de aanbodzijde van de markt.”

De motivaties en wensen van werkenden veranderen in hoog tempo en zelfstandig professionals lopen voor op de trend, vertelt hij. “De politiek moet niet stil blijven staan, maar een visie ontwikkelen voor de arbeidsmarkt van morgen. Alleen dan kunnen we met elkaar blijven bouwen aan een innovatie. Het is een uitdaging waar we graag over meedenken. Dit rapport is een mooie basis om met beleidsmakers in gesprek te gaan.”

 

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , , | 3s Reacties

Een op de drie payrollers heeft belastingschuld

Vooral onder payrollers en uitzenders zitten veel bedrijven met een belastingschuld. Dat blijkt uit onderzoek van ABN AMRO dat is gebaseerd op data van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Uitstel betalen belasting

Bijna een op de drie payrollers heeft belastingschulden. Het gaat bij het uitstel vooral om omzetbelasting en personeelskosten, zoals loonheffing, sociale premies en inkomstenbelasting. Dit zogeheten ‘bijzonder uitstel’ kon tot 1 oktober van dit jaar worden aangevraagd. Het demissionaire kabinet Rutte III heeft de ondernemers vervolgens vijf jaar de tijd gegeven, tot 1 oktober 2027, om de schuld terug te betalen. Vanaf 1 oktober 2022 moeten ondernemers maandelijks aflossing betalen.

Omdat bedrijven de schuld nu in 60 maanden mogen terugbetalen, drukt die extra schuld echter minder zwaar op de kasstromen van bedrijven in de zakelijke dienstverlening dan eerder de verwachting was.

Van de payroll-bedrijven met 2 tot en met 49 medewerkers heeft nu 40 procent een openstaande schuld bij de Belastingdienst. De gemiddelde belastingschuld is in deze branche bovendien sterk toegenomen, naar 2,3 miljoen euro.

“Voor payroll-bedrijven lijkt het nog aantrekkelijker uitstel van belastingbetaling aan te vragen, omdat zij gefocust zijn op de ‘backoffice’ van personeelsbeheer. Daarbij hebben ze te maken met dunnere marges dan bredere uitzendbedrijven, die zich ook bezighouden met werving en selectie” zo concludeert ABN AMRO.

Herstel uitzendsector

Een kwart van alle uitzenders heeft een belastingschuld opgebouwd. ABN AMRO constateert dat de economische situatie ondertussen sterk is verbeterd. Het aantal vacatures neemt in rap tempo toe, net als het aantal uitzenduren. Dit heeft deels voor aflossingen van belastingschuld gezorgd. “Per eind augustus heeft 41 procent van de bedrijven met vijftig medewerkers of meer in de uitzendbranche een belastingschuld, waar dit een halfjaar eerder nog 48 procent is.” Zo staat in het onderzoeksrapport te lezen.

Een zeer krappe arbeidsmarkt is niet alleen maar goed nieuws voor uitzenders “Het kan voor bedrijven uiteindelijk aantrekkelijker zijn om uitzenders over te slaan bij het zoeken van personeel, al is momenteel sprake van een toename in uitzenduren. Bovendien is het voor uitzenders zelf moeilijk aan personeel te komen.”

Uit de conjunctuurenquête van het CBS blijft dat voor maar liefst 61 procent van de uitzenders in het tekort aan arbeidskrachten een belemmering zit voor herstel. “Mogelijk blijft mede daarom het percentage bedrijven met belastingschuld in de sector relatief hoog, evenals het gemiddelde uitstaande bedrag per bedrijf.”  Dat is zelfs fors toegenomen, zo laat ABN AMRO zien. Gemiddeld gaat het om 387.000 euro, waar dit eerder 329.000 euro was.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | Laat een reactie achter

Delistaff talentvolste starter van het jaar in flexbranche

De verkiezing ‘Starter van het jaar’ zette de schijnwerpers op toptalenten in de flexbranche. In de finale op 4 november 2021 streden tien finalisten voor de titel. Delistaff, gespecialiseerd in recruitment van bezorgers, werd vertegenwoordigd door eigenaar Pieter Engels. Het werd door de vakjury unaniem gekozen tot de meest talentvolle van alle startende uitzend-, detacherings- en payrollorganisaties.

Top drie Starter van het jaar

Naast Delistaff bestond de top drie uit RAWWorks en DAAF B.V. Arjen Paul veroverde voor RAWWorks de tweede plaats. Mick Knabben-van Leusden en Jeroen de Roon van DAAF B.V. eindigden als derde.

Selectiecriteria voorrondes

Aan deze spannende finale gingen drie pittige voorrondes vooraf. Hierin hebben de kandidaten laten zien te beschikken over kennis van de flexmarkt en relevante wet- en regelgeving. Daarnaast was een aansprekende en goed werkende website voor zowel opdrachtgevers als kandidaten een voorwaarde. Verder hebben de deelnemers aangetoond vanaf 2019 minimaal vijf kandidaten te hebben geplaatst. Ook beschikken ze over een socialmedia-strategie en zijn ze via verschillende kanalen actief aanwezig.

Aandacht voor vak bezorger

De finalisten zijn aan de tand gevoeld over hun onderscheidend vermogen, goed werkgeverschap, toekomstvisie, ondernemerschap en groei. Pieter Engels heeft volgens de vakjury een topprestatie geleverd tijdens alle rondes en in de finale. “Wat Delistaff onderscheidt, is dat zij met een goed uitgedacht en uitgebalanceerd concept werken met aandacht voor het vak bezorger. Duidelijk kiezen zij voor een doelgroep, die niet altijd in het zonnetje wordt gezet maar dat zeer verdient.”

Vakjury Starter van het jaar

De vakjury bestond uit directieleden van bedrijven gespecialiseerd in de Flexbranche: Anderz, ARTRA, VRF Advocaten en Bureau Cicero. Naast hun deskundigheid hebben deze vier organisatoren ook het prijzenpakket ter beschikking gesteld.

Prijzenpakket

Pieter Engels van Delistaff gaat niet alleen met de titel naar huis. Het prijzenpakket bestaat uit kennistrainingen, een toolbox met alle benodigde juridische documenten, uitzendscan, tablet, een online mediabudget ter waarde van 2.500 euro en vier adviesgesprekken op het gebied van management, marketing, juridische vragen en financieel.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | Laat een reactie achter

Wat verwacht de jonge professional van zijn werk- en opdrachtgever?

“’Het is niet mijn ambitie om een hele werkweek administratieve taken te verrichten”, zegt Iris Nouwen, 22 jaar (Generatie Z). Als nieuwe trainee HRM-consultant bij Reijn is zij sinds een paar dagen aan de slag bij haar eerste opdrachtgever.

Iris is een van de auteurs van de whitepaper Een frisse blik op werkgeverschap (zie kader). Daarin stelt zij dat ‘jong talent op de arbeidsmarkt een sterke drang heeft zich te ontwikkelen’. En dat is volgens haar belangrijker dan ooit. “De maatschappelijke en technologische veranderingen komen in rap tempo op ons af. Dat betekent dat je snel moet kunnen schakelen. Dus zijn nieuwsgierigheid, aanpassings- en probleemoplossend vermogen belangrijke kwaliteiten die je nodig hebt om wendbaar en veerkrachtig te zijn in een veranderde werkomgeving.”

Maar het is niet alleen noodzakelijk, de behoefte om te willen blijven leren is volgens Iris ook intrinsiek. “Ik ben leergierig en kijk kritisch naar mijzelf. Ik wil namelijk ook echt impact hebben en iets bereiken. En dat hoor ik ook van anderen in mijn omgeving. De jongere generatie heeft duidelijke doelen voor ogen is heel resultaatgericht. Ja, wij zijn heel ambitieus.”

Opdrachtgever moet faciliteren

En Iris verwacht dan ook dat een werkgever/opdrachtgever haar hierin faciliteert. “Natuurlijk ligt bij een opdrachtgever de focus in eerste instantie op het eigen personeel, maar ik vind het wel belangrijk dat een opdrachtgever de ruimte en vrijheid biedt om verschillende taken te kunnen doen waar ik van kan leren. Ook verwacht ik wel dat een opdrachtgever hierin wil meedenken.”

Ik kan braaf binnen de kaders blijven werken, maar ik kijk graag verder dan dat. – Iris Nouwen –

Ze beseft echter heel goed dat de verantwoordelijkheid voor een leven lang leren bij haarzelf ligt. “Ik moet zelf de regie nemen in mijn ontwikkeling. Ik kan braaf binnen de kaders blijven werken, maar ik kijk graag verder dan dat. Ik moet zelf initiatief nemen, kansen creëren en die pakken, ervoor zorgen dat ik doorgroei. Ik ben zelf verantwoordelijk voor mijn loopbaan.”

Reijn professional

Dat Iris ervoor heeft gekozen als trainee bij Reijn aan de slag te gaan, heeft meerdere redenen. “Ik ben net afgestudeerd (HRM, Avans Hogeschool in Den Bosch (red.)) en ik ben nog lang niet klaar met leren, maar wil dat wel in het werkveld doen. Door bij verschillende opdrachtgevers over de vloer te komen kan ik zelf ontdekken wat ik leuk vind.” Leren doe je ook het best op de werkvloer, meent Iris, die het uit de HR-theorie 70:20:10-principe aanhaalt; 10% is voorbehouden aan formeel leren (cursussen en trainingen), 20% van alle nieuwe kennis doe je op door te leren van anderen en het grootste gedeelte (70%) leer je op je werk, door nieuwe dingen te doen.

Daarnaast is de begeleiding vanuit Reijn voor haar belangrijk. ‘Elke vrijdag komen alle trainees naar Helmond voor trainingen, dat varieert van een AFAS-softwaretraining, persoonlijke coaching, intervisie tot het ontwikkelen van persoonlijke vaardigheden.”

Gevoelig voor cultuur

Voor Bjorn Donders, eveneens trainee HRM-consultant bij Reijn, en met zijn 22 jaar ook behorend tot de Generatie Z, is de bedrijfscultuur belangrijk bij zijn keuze voor een werkgever. “Tijdens mijn studie hield ik de vacatures bij Driessen Groep al goed in de gaten. Ik heb tijdens mijn stage gemerkt dat hier echt een samen-gevoel heerst; samen successen vieren en elkaar helpen. En het is een familiebedrijf met een Brabantse bourgondische sfeer. Ik ben gevoelig voor de bedrijfscultuur.”


Iris Nouwen en Bjorn Donders maken deel uit van de 10e lichting hrm-trainees bij Reijn. Zij hebben hun kijk op goed werk- en opdrachtgeverschap gedeeld in de whitepaper Een frisse blik op werkgeverschap, dat kosteloos is aan te vragen via de site van Reijn.


Transparant en authentiek?

In de whitepaper Een frisse blik op werkgeverschap gaat Bjorn dan ook vooral in op de bedrijfscultuur en hoe die voor jonge professionals aantrekkelijk gemaakt kan worden. In een steeds krappere arbeidsmarkt is binding van jonge professionals belangrijker dan ooit. Als organisatie moet je zorgen voor een affective commitment – een emotionele band die een medewerker heeft met een organisatie die ervoor zorgt dat hij of zij graag bij de organisatie wil werken. Dat is sterk afhankelijk van de bedrijfscultuur. En natuurlijk heeft iedereen de mond vol van transparantie en claimt elke organisatie authentiek te zijn, maar dat echt in de praktijk brengen is een ander verhaal, weet Bjorn. Hij heeft als stageopdracht onderzoek gedaan naar de wensen en behoeften van invalleerkrachten. “Daarbij merkte ik hoe belangrijk en bijzonder zij het vinden om gehoord te worden.” Dat is blijkbaar niet vanzelfsprekend. En daar moet dan ook nog wel iets mee gedaan worden. “Je mag hopen dat zo’n onderzoek niet in de la belandt en dat organisaties zich nu wel echt bewust zijn van de noodzaak om jonge professionals te binden en boeien.”

‘Iets meenemen uit opdracht’

Ook Bjorn staat op het punt om via Reijn bij zijn eerste opdrachtgever aan de slag te gaan. En net als Iris stelt Bjorn dat de jongere generatie heel veeleisend voor zichzelf is en van zijn werkgever/opdrachtgever verwacht dat die hem hierin faciliteert. “Je wilt niet stilstaan, maar wil nieuwe dingen leren. Ik weet dat ik mij moet blijven ontwikkelen, qua kennis, (persoonlijke) vaardigheden, competenties – en verwacht dan ook van een organisatie dat die hiervoor mogelijkheden biedt.”

En net als Iris realiseert Bjorn zich dat er een verschil is tussen een werknemer en een externe professional. “Een werknemer maakt onderdeel uit van de organisatie, die heeft een andere rol dan een gedetacheerde. Maar ook voor een gedetacheerde is het fijn als er een klik is en hij zich thuis voelt in een organisatie. En ook als gedetacheerde wil je leren, iets meenemen uit de opdracht.” Misschien wel juist als externe professional. “De jonge zzp’er weet heel ook goed wat hij wil en kiest bewust voor een vak en weet dat hij moet blijven leren en zich moet blijven ontwikkelen. Die wil – net als ik – ervaring opdoen en graag ergens heel erg goed in zijn.”

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , , , | Laat een reactie achter