Maandelijkse archieven: april 2025

Onderzoek: autonomie, niet fiscaal voordeel belangrijkste motief startende zelfstandigen

Een groeiend aantal werkenden kiest ervoor om zelfstandige te worden. De reden? Ze doen dat omdat ze meer autonomie willen. De mogelijkheid om zelf te bepalen hoe en wanneer je werkt, weegt voor velen zwaarder dan financiële voordelen of ondernemerspassie. Waar eerder onderzoek vaak het belang van inkomen en onzekerheid benadrukte, laat dit onderzoek zien dat het verlangen naar zeggenschap over het eigen werk leidend is. 

Autonomie als drijvende kracht

De analyse van De Beer, bijzonder hoogleraar op de Henri Polak leerstoel, isgebaseerd op de eerste drie metingen van de Waarde van Werk Monitor (2019–2023). De monitor laat zien dat intrinsieke motieven en de aard van het werk een belangrijkere rol spelen dan vaak wordt aangenomen.

Mensen die zelfstandig worden, hechten bijvoorbeeld meer waarde aan vrijheid in de uitvoering van hun taken, terwijl zij juist minder belang hechten aan zaken als werkzekerheid, vaste werktijden of vakantiedagen.

Lees ook: Grote verschillen in tarieven zzp’ers per regio: ‘Van 71 tot 84 euro per uur’

Niet het geld, maar de inhoud telt

Opvallend genoeg blijken financiële motieven nauwelijks van invloed. Zowel het belang dat mensen hechten aan een goed loon als hun daadwerkelijke beloning speelt een ondergeschikte rol in de beslissing om zelfstandige te worden. Ook prosociale motieven, zoals het bijdragen aan de maatschappij, blijken weinig doorslaggevend.

Voor wie is de stap naar zelfstandig werk aantrekkelijk?

De overstap wordt relatief vaak gemaakt door:

  • Hoogopgeleiden
  • Mensen tussen 35 en 45 jaar en 65-plussers
  • Flexwerkers, werklozen, studenten en mensen met zorgtaken (zoals mantelzorgers en vrijwilligers)
  • Mensen met thuiswonende kinderen

Wat deze groepen gemeen hebben, is dat zij vaak óf minder gebonden zijn aan loondienst óf zoeken naar meer regie over hun werk en leven.

Werkinhoud doet ertoe

Bijzonder aan het onderzoek is dat het zich niet alleen richt op voorkeuren, maar ook op de objectieve kenmerken van het werk. Werknemers die weinig ruimte voor initiatief hebben of weinig zeggenschap ervaren, blijken vaker de overstap te maken. Het gebrek aan invloed in de huidige baan werkt dus als een duw in de richting van zelfstandig ondernemerschap.

Daarnaast blijkt: wie al weinig werkdruk of stress ervaart, of goede carrièremogelijkheden ziet, maakt eveneens vaker de overstap. Deze uitkomsten zijn minder intuïtief, maar wijzen mogelijk op een groep die juist vanuit een zekere rust of luxepositie zelfstandigheid als een volgende stap ziet.

Ander beleid nodig?

De overheid heeft met het afbouwen van de zelfstandigenaftrek en verlagen van de MKB winstvrijstelling ingezet op fiscale maatregelen om de groei van het aantal zzp’ers te remmen. De Beer denkt dat zulke ingrepen mogelijk beperkt effect hebben. Autonomie is immers geen fiscale prikkel, maar een fundamentele werkwaarde.

Werkgevers die de uitstroom van werknemers die zzp’ers worden tegen willen gaan, doen er wat De Beer betreft verstandig aan te investeren in zeggenschap, initiatiefruimte en ontwikkelmogelijkheden voor hun medewerkers. 

“Waarom worden mensen zelfstandige?” van Prof. dr. Paul de Beer, verschenen in de Kort & Bondig-reeks van AIAS-HSI, Universiteit van Amsterdam (april 2025) en is hier te vinden.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , | Laat een reactie achter

Nieuwe fase voor Nétive VMS – dubbelinterview met oprichter Patrick Tiessen en de nieuwe CEO Mikael Lindmark

Nétive VMS bundelt de krachten met Fortino Capital, een Belgisch-Nederlands investeringsfonds (lees meer). Tegelijkertijd treedt voormalig topman van SAP Fieldglass, Mikael Lindmark aan als nieuwe CEO. Een gesprek met medeoprichter Patrick Tiessen (links op de foto) en de nieuwe CEO Mikael Lindmark (rechts). 

Patrick: “Nétive groeit hard – geweldig natuurlijk, maar dat brengt ook nieuwe uitdagingen met zich mee. We zijn altijd volledig privé gefinancierd geweest, wat ons zowel creatief als wendbaar heeft gemaakt. Nu staan we aan de vooravond van een nieuwe fase: we willen uitbreiden naar landen als de Verenigde Staten, en onze groei in onder meer het Verenigd Koninkrijk – waar we nu al sterk presteren – verder versnellen. Met een team van tachtig mensen zijn we heel ver gekomen. Nu is het tijd voor de volgende stap.”

Blijf je betrokken bij Nétive, Patrick?

“Ik neem plaats in de raad van bestuur en richt me voortaan op de strategische koers van het bedrijf. De dagelijkse operatie laat ik los, maar als aandeelhouder blijf ik – samen met mijn zakenpartner Chris Neddermeijer – nauw betrokken. De vernieuwde raad bestaat uit ervaren professionals uit de staffingindustrie, onder wie Mikael Lindmark.

Waarom koos Nétive voor Fortino Capital?

“Toen we op zoek ging naar een investeringspartner, spraken we met veel verschillende partijen. Maar eigenlijk wisten we het vrij snel dat Fortino Capital de juiste match was.

Partijen uit de staffingsector vielen af. Hoe goed ze ook waren, we wilden koste wat kost onze onafhankelijkheid behouden. Fortino viel op. Niet alleen vanwege hun focus op SaaS en internationale groei, maar ook vanwege iets minder tastbaars: het gevoel.

Ze begrijpen wie we zijn, wat we belangrijk vinden. Onze bedrijfscultuur is onze kracht – het is waarom mensen bij ons willen werken én blijven. Fortino herkende dat direct. Ze spreken onze taal, delen onze waarden en onze visie op de toekomst. Alles viel op zijn plek.

Een belangrijk gezicht in dit proces was Mikael Lindmark, die Fortino adviseerde tijdens de gesprekken. Met zijn ervaring en internationale blik hebben we er alle vertrouwen in dat hij Nétive kan helpen om de volgende stap te zetten.

Mikael Lindmark heeft meer dan twintig jaar ervaring in Vendor Management Systems (VMS) en workforce management. Hij werkte eerder onder andere bij SAP Fieldglass, waar hij verantwoordelijk was voor commerciële groei.

Mikael, jij was als adviseur nauw betrokken bij de selectiegesprekken. Wat maakt Fortino en Nétive zo’n goede match?

“Ik heb in allerlei soorten bedrijven gewerkt, en onderweg geleerd wat een organisatie écht sterk maakt: een cultuur waarin mensen centraal staan. Waar je je gezien en gewaardeerd voelt – of je nu klant, medewerker of partner bent. Die menselijke benadering zie ik zowel bij Nétive als bij Fortino terug.

Wat Fortino extra bijzonder maakt, is dat de oprichters zelf ondernemer zijn geweest. Ze weten hoe het is om een bedrijf van binnenuit te leiden – en dat merk je aan alles. In de wereld van private equity en venture capital is dat allesbehalve vanzelfsprekend.

Maar misschien wel het allerbelangrijkste: onze waarden sluiten naadloos op elkaar aan. Natuurlijk willen zij groeien, maar minstens zo belangrijk vinden ze het om het juiste te doen.”

Je hebt veel ervaring met het opschalen van SaaS-bedrijven. Hoe kijk je naar Nétive en de groeiplannen?

“Groei is naar mijn ervaring altijd positief – mits je het goed begeleidt. Een groeiend bedrijf biedt mensen de kans zich verder te ontwikkelen of een nieuwe rol te ontdekken. Het mooiste vind ik om iemand te zien opbloeien van junior tot volwaardig professional.

In mijn eerste maand bij Nétive wil ik daarom vooral veel één-op-één-gesprekken voeren. Ik wil echt begrijpen waar mensen nu staan, wat hun ambities zijn en waarvan ze dromen.”

Jullie staan aan de vooravond van een grote stap: verdere groei in het Verenigd Koninkrijk en uitbreiding naar de Verenigde Staten.

“Het VK is nu al een belangrijke markt voor ons, maar we benutten daar nog lang niet het volle potentieel. De markt is drie keer zo groot als de Nederlandse – er ligt dus volop groeiruimte.

Ook de VS is een bijzonder interessante markt. Wereldwijd zie je dat sommige internationale VMS-spelers wat log zijn geworden. Ze missen de flexibiliteit en wendbaarheid van vroeger. Tegelijkertijd duiken er nieuwe spelers op, maar hun functionaliteiten zijn vaak beperkt, én ze missen bovendien de stabiliteit die Nétive wél heeft.

Doordat we in Europa begonnen zijn, moesten we direct complexe functionaliteiten bouwen, zoals geavanceerd tarief- en looptijdbeheer. Amerikaanse nieuwkomers hebben dat niveau vaak nog niet bereikt. Nétive is daardoor verrassend compleet. We hebben een sterke uitgangspositie.

Het is daarnaast een groot voordeel dat ons platform draait op het Amerikaanse Salesforce. Dat stelt ons in staat om snel te innoveren en mee te liften op Salesforce’ expertise, bijvoorbeeld op het gebied van AI. Daarmee zijn we veel wendbaarder dan gevestigde spelers.

Toch, naar de VS gaan is niet niks.

Mikael: “Het is een grote stap – en je moet het goed aanpakken. Zelf heb ik bij Amerikaanse bedrijven gewerkt en hun uitbreiding naar Europa begeleid. Maar ook andersom: Europese bedrijven geholpen om voet aan de grond te krijgen in de VS. Ik weet hoe belangrijk het daar is om een netwerk te hebben, de juiste partners, misschien al een eerste klant. Je moet ervaring hebben met hoe je daar zaken doet.

Wat is volgens jou het grootste verschil tussen Nederland en de VS?

Mikael: “Er zijn natuurlijk veel verschillen – zelfs binnen de VS zelf. Maar het grootste verschil is het gebrek aan regulering in de VS. Je hebt daar geen vakbonden zoals hier, geen collectieve arbeidsovereenkomsten. De arbeidswetten verschillen sterk per staat. Hoe je mensen aanneemt of juist loslaat is daar heel anders geregeld.

In de VS zijn VMS-systemen daardoor veel simpeler en transactioneler. Ze hoeven niet zoveel met tarieven of regels – het gaat meer om: wie biedt de laagste prijs?

Daarmee is het een makkelijkere markt om in te opereren – mits je het goed aanpakt. En dat betekent: werken met mensen uit de VS. Je kunt er niet zomaar een Zweed of een Nederlander naartoe sturen en verwachten dat die de markt verovert. Je hebt een lokaal team nodig.”

Zien jullie in Nederland – waar Nétive al marktleider is – nog steeds groeipotentieel?

Mikael: “Zeker! Alleen al op het gebied van Statement of Work. De VMS-markt richt zich nu vooral op de inhuur van flexibel personeel, maar bij diezelfde organisaties wordt vaak nog veel meer geld uitgegeven aan werk dat wordt uitbesteed via een SOW. Daar liggen nog volop kansen.”

En uitbreiding naar andere landen?

Mikael: “We richten ons vooral op markten die al bekend zijn met dit soort technologie – waar de VMS-markt volwassen is. We hebben nog geen definitieve keuzes gemaakt. We zijn al actief in Duitsland. Zwitserland ligt voor de hand. Ook de Scandinavische landen zijn volwassen markten. Maar ook buiten Europa zijn er interessante mogelijkheden, zoals Australië, Nieuw-Zeeland en Japan. Ja, we zijn ambitieus.”

Wat neem je mee uit eerdere bedrijven waar je werkte?

Mikael: “Ik heb het geluk gehad dat ik bij een paar hele goede bedrijven heb gewerkt. Pas later realiseer je je wat je daar zo waardeerde. Wat me vooral is bijgebleven, is hoe krachtig een mensgerichte cultuur is. Zet je mensen op één, dan volgt succes vanzelf. Stuurt je vooral of financiële resultaten, dan loop je veel mis. Die cultuur herkende ik meteen bij Nétive – dat was voor mij een grote plus.”

Je werkte de afgelopen jaren in de bredere HR-tech. Wat valt je op als je nu naar de VMS-markt kijkt?

“Ik ben sinds 2019 uit de VMS-markt geweest, en nu ik terug ben, valt me op dat er eigenlijk verrassend weinig is veranderd. Juist dat maakt het interessant: het biedt ruimte om met een frisse blik te kijken naar hoe het anders en beter kan.

Ik zie dat veel bedrijven het externe deel van hun personeelsbestand nog steeds niet op de radar hebben. Het besef dat een steeds groter deel van je workforce extern is, is er nog niet. Daar ligt dus nog enorm veel werk.”

Welke macro-economische veranderingen zag je die invloed hadden op de VMS-markt?

Mikael: “We zagen hoe outsourcing en nearshoring in een stroomversnelling raakten. Grote techbedrijven hadden ineens meer medewerkers in India dan in de VS. MSP’s openden offshore centra in Polen, Bulgarije en andere Oost-Europese landen – puur vanwege beschikbaarheid en kosten.

En nu zijn er nieuwe krachten die deze trend versterken. Denk aan vergrijzing. Maar ook ‘skill scarcity’: een tekort aan mensen met de juiste vaardigheden. Dat dwingt bedrijven om anders naar werk te kijken. Niet meer denken in functieprofielen, maar in skills. Alleen: daar is technologie vaak nog niet op ingericht.

Neem bijvoorbeeld een Nederlands bedrijf dat op zoek is naar een goede machine learning engineer of data scientist. Of je nu groot of klein bent – je vindt ze niet zomaar. Niet omdat je niet aantrekkelijk bent als werkgever, maar omdat zulke professionals alleen nog willen werken op plekken waar ze zich inhoudelijk blijven ontwikkelen.

Je kunt ze vaak nog wél inhuren voor een project of via een consultancy, maar vast in dienst nemen, dat wordt steeds moeilijker. En dat is een fundamentele verschuiving.”

Tot slot: kun je nog iets over jezelf vertellen?

Mikael: “Ik ben geboren en getogen in Zweden, vlak bij Stockholm. Tegenwoordig woon ik in Londen, samen met mijn vrouw en onze jongste dochter, die nog thuis woont. De andere vier kinderen zijn inmiddels uitgevlogen. We wonen vlak bij Heathrow, wat ideaal is – ik ben namelijk vaak onderweg. Bijna elke week ben ik in Nederland, en straks – als we ook actief zijn in de VS – zal ik daar regelmatig te vinden zijn.

In mijn vrije tijd sport ik graag. Ik kom uit een sportieve familie: mijn moeder speelde handbal in het nationale team en mijn vader was ook altijd in beweging. Zelf speel ik graag golf – net als Patrick trouwens. Ooit stond ik zelfs op het punt om professioneel golfer te worden.”

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

Gewijzigde VBAR leidt nog steeds tot verschuiving beoordeling arbeidsrelatie

Op 27 maart 2025 heeft het kabinet de Tweede Kamer geïnformeerd dat er vóór de zomer een aangepast voorstel voor de Wet VBAR zal worden ingediend. Minister Eddy van Hijum heeft in de “Voortgangsbrief werken met en als zelfstandige” aangegeven welke wijzigingen hij wil aanbrengen naar aanleiding van het recente Uber-arrest van de Hoge Raad. 

De V in VBAR staat voor Verduidelijking. Het oorspronkelijke wetsvoorstel had tot doel daartoe de jurisprudentie te codificeren, maar zeker na de Uber-uitspraak rijst de vraag wat er nog verduidelijkt moet worden. Voor zover er inhoudelijk nog onduidelijkheid bestond, is die nu volledig weggenomen. Wat nog steeds wel aandacht behoeft, is de (duidelijkheid van) de communicatie van de overheid over dit onderwerp. Om over de “alternate truth” van het leger zelfbenoemde “experts” op LinkedIn en andere sociale media nog maar te zwijgen. Maar daar is geen wet voor nodig.  

De wet VBAR is dus eigenlijk overbodig. Maar, zo blijkt ook uit de voortgangsbrief, het wetsvoorstel is als mijlpaal opgenomen in het Herstel- en Veerkrachtplan. Het niet (tijdig) behalen van de mijlpaal kan leiden tot een korting op de ontvangsten uit de Herstel- en Veerkrachtfaciliteit die kan oplopen tot € 600 miljoen. Het zal toch niet zo zijn dat de Tweede Kamer een hele sector met een overbodige wet opzadelt om €600 miljoen Europese subsidie binnen te halen?   

Uitspraak Hoge Raad leidt tot aanpassing voorstel   

Het oorspronkelijke wetsvoorstel introduceert een weging van verschillende gezichtspunten, gebaseerd op het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad. Indicaties van werkinhoudelijke en organisatorische sturing (W) werden afgewogen tegen indicaties van werken voor eigen rekening en risico (Z). Pas als deze beoordeling niet tot een doorslaggevend oordeel leidde, zou extern ondernemerschap (OP) worden betrokken. De Hoge Raad heeft echter in de Uber-uitspraak nogmaals duidelijk gemaakt dat er geen rangorde geldt tussen de mee te wegen omstandigheden, waaronder extern ondernemerschap. 

Dit betekent enerzijds dat extern ondernemerschap gelijkwaardig moet worden meegewogen met andere gezichtspunten en anderzijds dat bijvoorbeeld “zij aan zij werken” geen doorslaggevend criterium is.  

VBAR leidt tot verschuiving beoordeling arbeidsrelatie 

Het gewijzigde wetsvoorstel VBAR sluit volgens de minister nu aan bij de Über-uitspraak, door extern ondernemerschap nu als een van de omstandigheden mee te wegen in de beoordeling van de arbeidsrelatie.  

Echter, in tegenstelling tot wat in de brief wordt beweerd, leidt VBAR (hoogstwaarschijnlijk, de nieuwe tekst is nog niet bekend) ook met de voorgestelde wijzigingen nog steeds tot een fundamentele verschuiving in de manier waarop arbeidsrelaties moeten worden beoordeeld. En dat is echt iets anders dan “Verduidelijking”. 

Met de voorgestelde wijzigingen gaat het in deze wet nog steeds niet om een holistische weging van alle gezichtspunten, omdat deze worden gegroepeerd in criteria die wijzen op werknemerschap (W) en criteria die wijzen op zelfstandigheid (Z).  

De wetgeving rond de arbeidsovereenkomst (artikel 7:610 BW e.v.) is “dwingendrechtelijk” van aard. Dat betekent dat het altijd geldt, ongeacht wat partijen er eventueel in een contract over hebben afgesproken. Zo komt al snel de nadruk te liggen op de groep “W”-criteria waardoor de zelfstandigheid van de werknemer minder relevant wordt.  

Dat is fundamenteel anders dan de huidige situatie waarin  – zoals het Deliveroo arrest voorschrijft -prima álle gezichtspunten in onderling verband worden bezien, zónder dat er een onderscheid wordt gemaakt tussen W en Z. Zo bezien is het wetsvoorstel ook na de voorgestelde wijzigingen geen codificering van bestaande rechtspraak, maar geeft het juist een wettelijke basis aan het principe “arbeidsovereenkomst tenzij…” en doet daarmee het Deliveroo arrest (gedeeltelijk) en het Über-arrest (helemaal) te niet.  

Als de politiek dat wil dan kan dat natuurlijk, maar laat de minister daar dan (ook in het kader van “verduidelijking”) glashelder over zijn.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , | 2s Reacties

Total talent-evangelie: ‘zaadje planten en erin blijven geloven’

Jan-Willem Weijers is met recht een ‘Global Contingent Workforce Expert’. Hij heeft zeer ruime ervaring als Manager Externe Inhuur bij onder meer Alliander, Enexis, Van Oord. En daarvoor onder meer als manager HR-/talent acquisition en corporate recruitment bij AkzoNobel, FrieslandCampina en Croon Elektrotechniek. Total Talent Management (TTM) klinkt vaak als een hol begrip, maar Weijers weet hoe je het in praktijk brengt.

Hij ziet de wereld van werk, van vast en flex, de afgelopen jaren dichter bij elkaar komen. “Wat mij opvalt is de beleving bij Inkoop dat total talent management meer is dan kostenbesparing. HR en Inkoop zien dit meer als gezamenlijke effort. Het wordt steeds meer samen gedragen. Er wordt al heel lang over gepraat, maar je ziet nu echt dat organisaties er mee aan de slag gaan. Met de nodige hick ups, maar toch..”

Award voor werken-bij site NS

“HR en Inkoop hoeven niet ineens te integreren, maar het is wel goed om die werelden bij elkaar te brengen. Er met elkaar over spreken, wat zijn de verschillen? Wat kunnen we van elkaar leren?” Dat zegt Hugo-Jan Ruts, met ZiPconomy mede-organisator van de geslaagde Total Talent Summit 2025 in maart in Breda, waar recruiters, inhuurmanagers, HR-managers bij elkaar aan tafel zaten. Een bewijs dat de belangstelling voor het thema groot is. “De interesse is er wel. Toch blijkt voorlopige resultaten van ons eigen onderzoek dat total talent management nog nauwelijks groeit.” Conclusie: we zijn er nog lang niet, maar wel op weg. Lichtende voorbeelden zoals NS, die de Total Talent Award 2025 won, moeten een weg banen voor de rest van de markt. De NS heeft de prijs te danken aan een goede integratie op haar werken-bij site tussen vast en flex. “Het integreren van flex lijkt geen grote stap, maar betekent veel”, stelt Ruts. “Naar buiten toe, maar ook intern. Medewerkers zien dat het ook anders kan. Dat flex ook een optie is.”

“Er komt veel op ons af, denk aan de energietransitie. Hoe moet al dat werk gedaan worden? Het antwoord is total talent acquisition!
Jan-Willem Weijers

Wervingshaalbaarheid als uitgangspunt

Het heeft tijd nodig, maar Weijers gelooft in TTM. Een van de drivers van deze ontwikkeling is natuurlijk de krapte op de arbeidsmarkt, die door de vergrijzing en verminderde aanbod alleen nog maar zal toenemen. “Organisaties zitten met hun handen in het haar, vragen zich af waar ze de mensen vandaan moeten halen. Er komt veel op ons af, denk aan de energietransitie. Hoe moet al dat werk gedaan worden?” Het antwoord is volgens Weijers total talent acquisition! En hij brengt dat in praktijk, onder meer een netbeheerder. “Waar ik het meest trots op ben is dat het ons de afgelopen twee jaar (voor een deel) gelukt is de silo’s te doorbreken tussen HR en Inkoop en hen samen met Legal en Finance aan tafel te krijgen om te komen tot een geïntegreerde total talent acquisitie-aanpak.” Daarbij gaat het vooral om het in kaart brengen van de haalbaarheid van wervingsbehoeften, zowel vast als flex, legt Weijers uit. “Maak het visueel met je interne data. Wat heb je in huis, wat heb je nodig? Dan weet je je wervingsbehoefte. En je hebt ook benchmark-data. Op basis daarvan bepaal je de wervingshaalbaarheid. Dat is ook verwachtingsmanagement. Je maakt dan intern inzichtelijk waar je mee te dealen hebt. Want je kunt wel iets willen, maar als het er niet is, dan moet je op een andere manier met elkaar gaan kijken, samen met de business. Daartoe hebben we anderhalf jaar geleden bij de netbeheerder een eerste aanzet gedaan. Daar mocht ik, als eindverantwoordelijke externe inhuur, samen met HR/recruitment en Inkoop vorm aan geven. Dan blijkt dat men wel voelt voor total talent management.”

Connecten van de silo’s

Binnen organisaties ziet Weijers wel de bereidheid tot samenwerking, maar het komt uiteindelijk op vertrouwen aan. “HR en Inkoop moeten verbinding zoeken met de business, er moet wederzijds commitment ontstaan – welke problemen gaan we vandaag oplossen voor jou? En als wij leveren, neem jij dan af?”

Het connecten van de silo’s (afdelingen) blijft de grootste uitdaging. “Je ziet wel dat Inkoop beweegt richting HR en dat HR beweegt richting external workforce, maar het is nog steeds een interne struggle. Het hoort nog te vaak of bij Inkoop, of bij HR. Dan dwing je de (inhurende) manager naar een bepaald loket te gaan, in plaats van dat je die manager integraal servicet.”

Werven met de achterdeur open

Toch zijn wel er degelijk lichtpuntjes. Weijers haalt een internationale Duitse organisatie aan die tijdens ProcureCon dit voorjaar in Berlijn vertelde dat zij hun werknemers faciliteren op het zzp-schap naast hun baan te ontdekken. Een goed voorbeeld van een bedrijf dat zich realiseert dat werven met de achterdeur open niet veel meer dan het rondpompen van talent is. “Nog te vaak wordt heel veel effort gestoken in de wervingscapaciteit. En vervolgens wordt het talent aan hun lot overgelaten. Als organisatie moet je je realiseren dat talent een bredere invulling aan zijn of haar leven wil geven. Door hen de ruimte te geven dat te ontdekken vergroot je hun werkgeluk en zullen ze minder geneigd zijn ergens anders naar toe te gaan.”

Tom Poes-model

Voor wie denkt dat TTM een te zwaar thema is om aan te pakken heeft Weijers een goed advies. “Je moet eerst een strategie, een geloof hebben, groot denken om het vervolgens klein te gaan implementeren.” Want TTM doorvoeren in je organisatie duurt jaren, het lukt niet in een keer. Je moet gewoon ergens beginnen. “Een koe eet je ook niet in z’n geheel, maar in stukjes.”

Hugo-Jan Ruts vraagt Weijers of je als HR- of Inkoopmanager gewoon kunt beginnen met het samenvoegen van wervingsactiviteiten voor vast en flex of dat je eerst ‘backing van de board’ nodig hebt? Ruts haalt een voorbeeld aan van (toen nog) Post NL waar twee managers samen één afdeling inhuur en recruitment bij elkaar voegden, zonder dat hun bazen daarvan af wisten. Pas na een jaar presenteerden zij hun business case met concrete resultaten. Weijers: “Je kunt onder de radar ontwikkelen (en eventueel vergeving moeten vragen na afloop) en daarmee succesvol zijn, maar support van bovenaf maakt het wel gemakkelijker.” Een middenweg is wat hij het Tom Poes-model noemt; steun van de top en aan de onderkant goede processen en technologie. “Dan blijft het in het gareel, maar heb je wel de flexibiliteit en wendbaarheid.” Oftewel, Tom Poes heeft dan de vrijheid om een list (oplossing in vast en/of flex) te verzinnen. Wel moet Tom Poes alle stakeholders telkens meenemen in zijn gedachtegang. “Het is een kwestie van heel veel afstemmen, het gedachtegoed evangeliseren. Zorgen dat het zaadje geplant wordt en uiteindelijk tot ontwikkeling komt.”


Bekijk de podcast op YouTube:

Of beluister deze op Spotify:

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | Laat een reactie achter

Staatssecretaris Van Oostenbruggen over handhaving schijnzelfstandigheid: “Wij zijn niet tegen zzp’ers, maar voor naleven van de loonbelastingwetgeving.”

Het opheffen van het handhavingsmoratorium heeft voor 1 januari veel aandacht gekregen. Hoe loopt dat nu in de praktijk?  

“We hebben afgelopen najaar met de Kamer een aantal debatten gehad, waarbij we heel expliciet ook de opdracht hebben meegekregen van de Kamer om rustig aan te doen. Een zachte landing. Dat is waar op dit moment op wordt ingezet. Inspecteurs gaan momenteel bedrijfsbezoeken afleggen en na die eerste bezoeken wordt er geen boetes uitgedeeld of wat dan ook. Hooguit een aanwijzing, een opmerking van: ‘Hé, dit moet je wel echt anders gaan doen.’ We zien ook dat heel veel inspecteurs terugkomen met voorbeelden van organisaties die het gewoon goed doen, en ook al jaren goed doen. Daarnaast is het ook netjes om ondernemers gewoon even de tijd te gunnen om die aanbeveling op te volgen. We zijn nog niet aan de zogenaamde tweede ronde toegekomen. Er zijn dus ook nog geen naheffingsaanslagen opgelegd in de afgelopen tijd.”

Welk beeld komt er uit al die gesprekken?
“Dat is heel wisselend. Het beeld dat terugkomt is uiteindelijk – denk ik – dat een heel grote groep het al jaren heel goed doet. Dan is er een vrij forse groep die het afgelopen jaar heel goed is gaan doen. Ja, en dan heb je inderdaad ook een groepje, en dat is een klein groepje, dat geschrokken is afgelopen najaar. Geschrokken van het feit dat ze gebeld werden voor een onderzoekje. En dat is natuurlijk niet goed, maar dat is natuurlijk wel waar je het over hebt bij belastinghandhaving.”

Ik denk dat je hier en daar een bepaalde overreactie ziet

In een interview op ZiPconomy vlak voor de kerst had u al aangegeven dat de intermediairs van zzp’ers op extra aandacht konden rekenen. Dat blijkt in de praktijk nu ook: de nodige hebben al een bezoekje gehad, of zelfs al een controle.
“Jazeker. De intermediairs is een branche die de Belastingdienst heeft uitgezocht om extra aandacht te geven. Net als bekende sectoren als zorg, onderwijs, kinderopvang. Ik denk dat dat goed is. De intermediaire branche heeft een hele belangrijke rol in het voorlichten van hun klanten over hoe je nou precies met flexarbeid moet omgaan.”

Welk effect zien we nu in de markt als het gaat om de handhaving?
“De bekendheid met de termen schijnzelfstandigheid is zowel onder zelfstandigen als werkgevers het afgelopen jaar aanzienlijk beter geworden. Dat is een goede zaak. Tegelijkertijd denk ik ook dat je hier en daar een bepaalde overreactie ziet. Dat zie je heel vaak bij nieuw beleid. Ik denk dat daar een nieuw evenwicht in gevonden moet worden. Uiteindelijk is de handhaving echt bedoeld om de schijnzelfstandigheid aan te pakken. Als dat goed gebeurt, krijgen zelfstandigen automatisch ruim baan.”

Wanneer staat hier een tevreden staatssecretaris als je het hebt over het handhavingsbeleid?
“Dat is een goede vraag. Dat soort onderzoeken doen we natuurlijk ook binnen de Belastingdienst: of de naleving van een bepaalde belastingsoort op orde is. Wij zijn tevreden als mensen zich houden aan de loonbelastingwetgeving, netjes de premies betalen die horen bij de arbeid die wordt verricht. Dan ben ik blij, dat is mijn verantwoordelijkheid.”

We gaan het iets anders doen dan wat Van Gennip ooit heeft bedacht

Inzet van het beleid is ook dat mensen zelf begrijpen wat er in de regels staat, zelf begrijpen wat mag en wat niet mag. Dat mag allemaal nog wel wat duidelijker, lijkt me. In dat kader zijn er ook mensen die zeggen: steek nu alle tijd en energie in het duidelijker maken van de bestaande criteria via communicatie, betere informatie, in plaats van met nieuwe wetgeving te komen.
Volgens mij wil je een bruggetje maken naar de VBAR, de Wet verduidelijking, beoordeling, arbeidsrelaties en rechtsvermoeden. Wij denken dat die wet, die uitgaat van de criteria van het Deliveroo-arrest (van de Hoge Raad, red.), uiteindelijk zal leiden tot meer duidelijkheid. Een wet is niet alleen een wet. Een wet is allereerst een nette opsomming van de criteria en alle relevante artikelen die erbij horen. Maar bij een wet zit ook een memorie van toelichting. Een toelichting op de wet en hoe je bepaalde artikelen moet lezen. Die is heel erg belangrijk voor de uitleg. Dat is precies waar wij heel veel energie in gaan stoppen. In die memorie van toelichting ga je eigenlijk aan Nederland vertellen hoe je moet omgaan met de weging van die criteria.
Ik denk dat juristen dat momenteel heel goed kunnen op basis van de Hoge Raad-uitspraak in de Deliveroo-zaak. Ik heb hem zelf ook doorgenomen. Maar ik ben geen jurist, dat is echt pittige kost. Het is aan ons de taak om in de toelichting heel scherp en goed te omschrijven wat we nou precies bedoelen met die criteria en hoe die te wegen.”

Minister Van Gennip heeft een opzet van de wet VBAR gemaakt. Het kabinet heeft nu aangekondigd dat er ten opzichte van die variant veranderingen komen. Aanleiding is een recente uitspraak van de Hoge Raad.
We gaan het inderdaad iets anders doen dan wat Van Gennip ooit heeft bedacht. Toen ik nog Kamerlid was, hebben we elkaar al eens over gesproken in een podcast. Toen hebben we vooruitgeblikt op die Hoge Raad-uitspraak en dat kon natuurlijk twee kanten opgaan. Dat kon uitpakken in de richting dat ondernemerschap echt heel zwaar zou wegen. Ja, als je ondernemer bent, dan zijn andere criteria misschien wel minder relevant. Of andersom: we hebben eerst criteria rond werknemerschap en zelfstandigheid, en als je daar echt niet uitkomt, dan kun je altijd nog naar ondernemerschap kijken.
Wat de rechters nu hebben gedaan – zoals overigens heel veel rechters altijd doen – is dat ze netjes midden door zijn gegaan. Ze zeggen: alle criteria zijn even zwaar. We denken dat we aan de markt de meeste helderheid en duidelijkheid verschaffen door in de wet die koers te volgen.

Als politiek kun je er ook voor kiezen om via wetgeving juist af te wijken van wat rechters vinden. De PvdA wil bijvoorbeeld duidelijker vastleggen dat zij-aan-zij werk niet mag, de VVD wil juist het ondernemerschap centraler zetten.
“Dat klopt, maar daar heeft het kabinet niet voor gekozen. Ik denk dat er op dit moment in de politiek zeker geen meerderheid is om ondernemerschap ondergeschikt te maken. En ik denk dat het op dit moment ook heel lastig is om ondernemerschap bovengeschikt te maken.
Vanuit die koers denken wij: waar heeft Nederland behoefte aan? Nu, een duidelijke kadering van wat goed is en wat fout. Die kadering gaan we aanbrengen in de VBAR.”

Hoe ziet dat er dan precies uit, ook ten opzichte van het eerdere voorstel?
“Ik denk dat de wet er heel erg uit gaat zien zoals die er nu ook ligt. Met natuurlijk de aanpassingen die we hebben uitgelegd in de brief die afgelopen week is verstuurd. Het zal heel erg lijken op wat de Hoge Raad beschrijft.”

De VBAR is niet bedoeld om de wijze van beoordelen van arbeidsrelaties radicaal om te gooien

De vraag is dan wat het effect zal zijn op de markt.
“Ik ben niet van de winkel die tegen zzp’ers is. Ik ben ook niet van de winkel die vindt dat iedereen maar ondernemer moet worden. Wij zijn van het handhaven van loonbelastingwetgeving en dat volgen we. En binnen die kaders van de wet heb je uiteindelijk de keuze hoe je een arbeidsrelatie invult.
En ja, op het moment dat iemand ingebed werkt, onder gezag, vaste werktijden heeft, jaar in, jaar uit, dan zit je natuurlijk al heel gauw in de hoek dat iemand in loondienst is. Heb je iemand die meerdere opdrachtgevers heeft, heel autonoom kan werken, zelf risico draagt en zich gedraagt als ondernemer, dan zit je direct aan de goede kant.
Ik denk dat zo’n wet heel erg gaat helpen om die twee groepen van elkaar te scheiden. Ik heb het zelf altijd over een waterscheiding. En dat is dan de duidelijkheid. De VBAR is niet bedoeld om de wijze van beoordelen van arbeidsrelaties radicaal om te gooien. Dan had de wet ook wel anders geheten.”

Op dit moment is het zo dat van alle keren dat de webmodule wordt ingevuld, er nog steeds in 3 van de 10 gevallen uitkomt dat de webmodule ook niet weet of het goed of fout is. Dat is niet echt een waterscheiding?
Ik denk ook dat dat beter kan. Juist in de memorie van toelichting kunnen wij als wetgever, samen met de Kamer, heel goed beschrijven wat we willen en bedoelen. In duidelijke voorbeelden wat goed is en wat fout. Daarin hebben we een belangrijke opdracht.
Maar het blijft heel moeilijk om in het arbeidsrecht een zwart-wit oordeel te vellen over een arbeidsrelatie. Dan zou je echt de hele arbeidswetgeving moeten verbouwen, en dat is momenteel niet waar we voor kiezen. Ik denk ook dat je daar veel langer mee bezig bent en dat het heel ingewikkeld is om daar politiek draagvlak voor te krijgen.

Een initiatiefwet is een pittige route

Dat lijkt dan wel precies wat de VVD voor ogen heeft. VVD-Kamerlid Thierry Aartsen heeft aangekondigd met een aparte wet voor zelfstandigen te komen. En hij zegt niets te zien in het voorstel waar het kabinet nu mee komt.
Ik heb zijn wet nog niet gezien. Hij geeft aan dat hij daar binnenkort mee komt. Dus zeggen dat zijn wet of die van de regering niet goed is, is wat voorbarig. Tegelijkertijd hebben we in het hoofdlijnenakkoord ook afspraken gemaakt dat we verder gaan met de wetsbehandeling van de VBAR.
Waarbij we overigens nu vooral praten over het VBA-deel. Maar wat ik ook heel belangrijk vind, is het R-deel. Want uiteindelijk zit daar het grootste probleem, waardoor wij vinden dat we iets aan schijnzelfstandigheid moeten doen: het uitbuiten aan de onderkant.

Als Kamerlid heeft u nog gepleit om de wet VBAR in tweeën te knippen. Eerst meer eens het R-deel van het rechtsvermoeden doorvoeren, en daarnaast nog eens goed nadenken over het VBA-deel.
“Ik was niet zo enthousiast over het VBA-deel van het vorige kabinet, omdat het ondernemerschap daarin een ondergeschikte rol had. Daarin maken we nu een andere keuze. In lijn ook met de uitspraak van de Hoge Raad.”

Als we het dan toch over duidelijkheid hebben, is het niet verwarrend dat het kabinet met een wet komt en tegelijkertijd een coalitiepartij een andere wet aankondigt? Ik zag op LinkedIn dat mensen nu al die wetten door elkaar halen.
“Dat is extraparlementair, om dat woord er maar even in te gooien. Uiteindelijk kan elk Kamerlid een wetsvoorstel indienen. We weten waar dit Kamerlid (Aartsen, red.) de afgelopen jaren campagne mee heeft gevoerd. De VVD heeft een bepaalde kijk op de arbeidsmarkt. Als ze uiteindelijk met andere fracties tot een compromis kunnen komen om de arbeidsmarkt te verbouwen, en er is een meerderheid voor, dan juich ik dat vanuit de Belastingdienst alleen maar toe. Waarbij wij natuurlijk daarna opgesteld staan voor implementatie en handhaving.
Maar het is wel heel goed om te bedenken dat je voor het verbouwen van de arbeidsmarkt altijd heel veel actoren moet betrekken. De SER, werkgeversorganisaties, vakbonden, andere politieke partijen. We hebben ook nog een Eerste Kamer, een Raad van State. Een initiatiefwet is een pittige route.”

Luister het gehele gesprek (met nog meer toelichting op de rol en aanpak van de Belastingdienst en bijvoorbeeld de webmodule) terug op Spotify https://lnkd.in/ehTNNBK7 of bekijk

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , | 8s Reacties

Nétive VMS kondigt investering aan door Fortino Capital en benoeming van nieuwe CEO, Mikael Lindmark

Nétive VMS heeft een strategisch partnerschap aangekondigd met Fortino Capital om de internationale expansie te versnellen. Met de steun van Fortino wil Nétive zijn activiteiten opschalen, productinnovatie stimuleren en verder uitbreiden naar belangrijke internationale markten. Als onderdeel van deze transitie is Mikael Lindmark (rechts op de foto) benoemd tot de nieuwe CEO om het bedrijf te leiden in de volgende groeifase. Medeoprichters Patrick Tiessen (links) en Chris Neddermeijer blijven betrokken, wat de continuïteit en het vertrouwen in de missie en waarden van Nétive versterkt.

Innovatie stimuleren in het beheer van extern personeel

Nétive VMS is een SaaS-leverancier die gespecialiseerd is in het beheer van externe personeelsprogramma’s. Het bedrijf biedt een sterk configureerbaar, cloud-gebaseerd VMS-platform waarmee ondernemingen en managed service providers tijdelijk personeel efficiënt kunnen beheren, met garantie op compliance, tariefbeheer en zichtbaarheid van de workforce. Met een leidende positie in Nederland heeft Nétive zijn activiteiten uitgebreid naar België, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk, met een beheerd uitgavenvolume van meer dan €6 miljard. Het bedrijf is goed gepositioneerd om verder te groeien binnen de snelgroeiende VMS-markt en wordt door toonaangevende industrieanalisten internationaal erkend als een belangrijke speler.

Benoeming van Mikael Lindmark als CEO

Om de versnelde groeiplannen van Nétive te ondersteunen, is Mikael Lindmark aangesteld als CEO. Mikael heeft meer dan 20 jaar ervaring in de VMS- en workforce management-sector en bekleedde eerder senior leiderschapsrollen bij SAP Fieldglass, waar hij verantwoordelijk was voor commerciële groei. Zijn expertise in het opschalen van SaaS-bedrijven en zijn diepgaande kennis van de flexibele arbeidsmarkt zullen van cruciaal belang zijn om de marktpositie van Nétive te versterken en de internationale expansie te versnellen.

“Ik ben enorm enthousiast om als CEO bij Nétive aan de slag te gaan en samen te werken met het Nétive-team en Fortino Capital, een investeerder met een sterke focus op groei,” aldus Mikael Lindmark. “Nétive heeft een unieke positie binnen de Vendor Management-markt en we zijn vastbesloten om het bedrijf aanzienlijk te laten groeien. Door eerder met succes vergelijkbare groeitrajecten te hebben geleid, weet ik wat er nodig is om doeltreffend op te schalen. Met de uitgebreide oplossing die Nétive heeft ontwikkeld, hebben we een geweldige kans om krachtige nieuwe (AI-)functionaliteiten op de markt te brengen. Ons doel is om snel tastbare waarde te leveren aan onze klanten en partners, en ik kijk uit naar de kansen die voor ons liggen.”

“Nétive is gebouwd op vertrouwen, innovatie en onafhankelijkheid,” zegt Patrick Tiessen, medeoprichter van Nétive. “Met de steun van Fortino kunnen we ons product verder ontwikkelen, internationaal opschalen en organisaties blijven helpen bij het transformeren van hun externe personeelsbeheer. Chris Neddermeijer en ik blijven als aandeelhouders betrokken, zodat we de continuïteit van de waarden en langetermijnvisie van ons bedrijf waarborgen. We hebben er alle vertrouwen in dat Mikael, met zijn ervaring en internationale blik, de juiste persoon is om Nétive in deze volgende groeifase te leiden. ”

“We zijn onder de indruk van de prestaties van Nétive in de afgelopen 20 jaar, waarin het bedrijf een leidende positie in Nederland heeft verworven, succesvol is uitgebreid binnen Europa en erkenning heeft gekregen van toonaangevende industrieanalisten,” zegt Toon Smets, Investment Director bij Fortino Capital. “We kijken uit naar onze samenwerking met Nétive en hebben, samen met Mikael als nieuwe CEO, de ambitie om onze positie in de Benelux te verstevigen en de groei in het Verenigd Koninkrijk en daarbuiten te versnellen.”

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter