Maandelijkse archieven: januari 2021

Een oproep tot fair play bij aanbestedingen

Stel: een thuisloze spreekt je op straat aan met de vraag om geld. Dan wordt bij een hoop Nederlanders de moraalridder wakker. Dan gaan ze vragen stellen als: ‘Je gaat er toch geen drank of drugs voor kopen he?’

Er wordt in Nederland jaarlijks voor ongeveer 73 miljard aanbesteed, variërend van infrastructuur tot personeel. Ondanks dit astronomische bedrag worden er nauwelijks ‘moraalridder vragen’ gesteld over of dit bedrag wel goed besteed wordt. Af en toe zijn er ‘grote’ voorbeelden die het landelijke nieuws halen. Zo berichtten zowel het AD als de Volkskrant in 2018 over een verkeerde aanbesteding van Rijkswaterstaat van twee van de vier zogenoemde Rigid Hull Inflatable Boats (RHIB’s). De eisen waar de boten aan moesten voldoen, waren verkeerd geformuleerd. De boten kunnen op hoge snelheid varen en in hoge golven, maar niet tegelijkertijd. En laten ze daar nu juist voor aangeschaft zijn. Uit tests bleek dat bij een combinatie van hoge vaarsnelheid en hoge, steile golven de boten achterover zouden kunnen slaan. Bij gebruik op de Noordzee kan dat nog wel eens voorkomen. Conclusie: de boten waren onbruikbaar en Rijkswaterstaat zat met een strop van één miljoen euro.

Is de aanbesteding van Rijkswaterstaat een eenmalige, uitvergrote misser? Nee, er speelt meer.

Iedereen volgt keurig de juiste procedures en blijft achteraf vaak zitten met hoger uitgevallen kosten.

Ik schets twee voorbeelden die aantonen dat er in de dagelijkse praktijk (helaas) nog veel winst en geld te behalen valt:

Voorbeeld 1: Onderwijsinstelling geeft geen inzage in de huidige inhuurcijfers

Om als inschrijver de kosten (die uitgevraagd worden in het prijzenblad) goed in te kunnen schatten, hebben marktpartijen inzicht nodig in de huidige situatie. Er worden vragen gesteld over het aantal inhuurkrachten, gemiddelde verblijfsduur, aantal uren, tarieven, functies e.d. De Nota van Inlichtingen is ontwijkend. Er worden geen cijfers gedeeld. Opmerkelijk omdat de huidige leverancier sinds 2015 de administratie voert. De aanbestedende dienst schrijft zelfs in haar stukken erg tevreden te zijn over de huidige leverancier, onder meer vanwege het kennisniveau en het actief delen van jawel: inhuurcijfers.

U leest het echt goed. De informatie is gewoon beschikbaar maar wordt simpelweg niet gedeeld. Partijen kunnen hierdoor geen inschatting maken van de businesscase. Resultaat: de huidige leverancier was de enige inschrijver en heeft in 2020 de opdracht opnieuw gegund gekregen. Voor de komende acht jaar…

Voorbeeld 2: Het fenomeen ‘gunningscriterium prijs’

In de Aanbestedingswet 2012 is vastgelegd dat het standaardcriterium voor inhuur van flexibel personeel de beste prijs-kwaliteitverhouding is. Het gaat hier om de verhouding tussen kwalitatieve guncriteria en het prijselement. Belangrijk in het prijselement is dat duidelijk gedefinieerd wordt wat een inschrijver naast de geoffreerde prijs wel én niet in rekening mag brengen. Een aanbestedende dienst geeft in deze casus géén antwoord op vragen van meerdere partijen over onder meer inhuurketens en maximale marges per uur. Zij formuleert ontwijkende antwoorden en stelt dat ze duidelijk is geweest in de leidraad. De winnende partij behaalt niet de hoogste kwaliteitsscore én schrijft in met een tarief dat ruim 50% afwijkt van alle andere inschrijvers.

Drie jaar later wordt hetzelfde contract opnieuw aanbesteed. Dan wordt duidelijk dat de vorige dienstverlener, naast de opgegeven tarieven in de aanbesteding, zeer stevige commerciële bemiddelingsmarges in rekening heeft gebracht aan zzp’ers en leverancier. Marges die oplopen tot duizenden euro’s per inzet per jaar. Net als bij het voorbeeld van de thuisloze zegt de moraalridder in ons: wat een belachelijke situatie. Hoe kan dit! Dit mag niet gebeuren.

Uiteraard gaat het niet altijd zo, maar helaas te vaak nog wel. Eisen worden niet goed opgeschreven, vragen worden ontweken of ‘vaag’ beantwoord en contracten worden na gunning niet actief gecontroleerd op wat er is afgesproken.

Eenvoudige oplossing

Aanbestedende diensten kunnen zich eenvoudig tegen deze vorm van inschrijven wapenen. Om te beginnen door transparant te zijn, één van de beginselen van de aanbestedingswet. Stel heldere uitgangspunten op en bepaal of het wel of niet is toegestaan dat inschrijvers twee keer verdienen aan één inhuurkracht. Daarnaast helpt het om vragen van marktpartijen serieus, volledig en inhoudelijk te beantwoorden. En door na de gunning steekproeven uit te voeren door ingehuurde arbeidskrachten en zzp’ers te vragen of en hoeveel marge ze (moeten) betalen aan de preferred supplier.

Van Fair Pay naar Fair Play

De afgelopen jaren is er, terecht, veel aandacht geweest voor de positie van de flexwerker. Eerlijke en goede tarieven, op tijd betalen, gelijke kansen, toegang tot opleidingen en heldere contracten. Dit zijn allemaal ingrediënten voor goed opdrachtgeverschap. Tel daarbij op de aangescherpte wet- en regelgeving zoals de Wet Aanpak Schijnconstructies, Inlenersbeloning en de Wet Arbeidsmarkt in Balans. Dit alles heeft de positie van flexkrachten verbeterd. Deze fair pay eisen zijn tegenwoordig ‘standaard’ in elk programma van eisen opgenomen. We zijn het anno 2021 met elkaar eens dat iedereen recht heeft op een eerlijke en correcte beloning. Het wordt tijd dat we naast fair pay ook fair play met elkaar gaan agenderen.

Stel, de overheid schrijft een aanbesteding uit. Bouw een weg van A naar B. De weg wordt op tijd opgeleverd en na een feestelijke opening in gebruik genomen. Dan zet de aannemer ineens halverwege tolpoorten op diezelfde weg. Wil je gebruik maken van deze weg, dan moet je tol betalen. Weer zegt de moraalridder in ons: wat een onzin. Recentelijk heeft de meervoudige kamer van kantonrechters van de rechtbank Amsterdam een uitspraak gedaan inzake AirBnB en het dienen van ‘twee heren’. AirBnB brengt zowel kosten in rekening bij de huurder als bij de verhuurder. Deze dubbele bemiddelingskosten zijn aangemerkt als het dienen van ‘twee heren’.

Gunningen van 0,01 cent per uur

Bij overheidsaanbestedingen zijn tolpoorten en dubbele bemiddelingskosten door leveranciers ‘business as usual’. Wil je als zzp’er of leverancier toegang krijgen tot overheidsopdrachten? Dan is de kans levensgroot dat je eerst langs de zelfgeplaatste tolpoort van de preferred supplier moet. Dat de dienstverlening ‘gekocht’ wordt met een te lage inschrijving en via dure tolpoorten gecompenseerd wordt, is helaas geen theorie. Dit blijkt bijvoorbeeld uit een recente Europese aanbesteding bij een bestuursorgaan. Een marktpartij heeft ingeschreven met 0,01 cent per uur en de aanbesteding gewonnen. Ik hoor het u zeggen: wat een belachelijke situatie. Dit kan helemaal niet. Er zijn meerdere vragen gesteld om het minimumtarief van 0,01 cent te verhogen. Het antwoord was steeds:

“Hier hebben wij naar gekeken, maar het is niet aan ons te bepalen welke tarieven marktconform zijn, dat moet de markt zelf bepalen”.

De businesscase van dit soort inschrijvingen is alleen rendabel met extra inkomsten. Interim opdrachten worden na gunning meteen achter betaalmuren geplaatst of zijn alleen toegankelijk via portals waarbij een zzp’er onder het mom van vrijwilligheid een deel van het tarief moet afstaan voor toegang tot een portal en afname van ‘ondernemersproducten’. Mocht een zzp’er hier niet voor kiezen, dan is de kans op een opdracht bijkans nihil. Met een vergoeding van 0,01 per uur snapt iedereen direct waarom.

De overheid staat erbij en doet niks.

Dergelijke aanbestedingen zijn een farce voor de markt. Het doet afbreuk aan het vakmanschap van marktpartijen, is nadelig voor zzp’ers die onnodig duizenden euro’s per jaar moeten afdragen en schaadt het vertrouwen in aanbestedingsprocedures. De marktpartij die de aanbesteding met een tarief van 0,01 heeft gewonnen, hanteert overigens ook een tolpoort. Het bestuursorgaan betaalt voor het zoeken, vinden, selecteren, screenen, contracteren, registreren van uren en factureren € 16 per jaar bij een fulltime inzet (1.600 uur maal 0,01). Diezelfde professional moet via de tolpoort bijna € 5.000 euro aan de marktpartij afdragen. Dit kan je met droge ogen geen fair play noemen volgens mij.

Dit artikel op Zipconomy beschreef een jaar geleden al dat soms zo goedkoop aangeboden wordt, dat er wel iets anders aan de hand moet zijn. Bijvoorbeeld door op andere, minder zichtbare, manieren marge te maken. Het geeft ook tips en aanbevelingen om de risico’s van een mindere kredietwaardigheid van flexleveranciers te controleren. Deze tips worden door aanbestedende diensten vaak genegeerd, en ook dat is een gemiste kans.

Oproep: neem Fair Play op in de agenda van Beter Aanbesteden

Het opstellen van realistische offerteaanvragen, was een aantal jaren geleden een veelgenoemd punt in de actieagenda Beter Aanbesteden. In de praktijk ervaren ondernemers en aanbestedende diensten nog steeds problemen en ergernissen op het gebied van kennis van de markt, toepassing van EMVI en SROI, eenzijdige contractvoorwaarden en ga zo maar door. De actiepunten gingen voornamelijk over betere communicatie, de inkoper eerder betrekken in het aanbestedingsproces, samenwerken aan meer uniforme voorwaarden en een heldere en realistische offerteaanvraag.

Bij deze doe ik een oproep aan Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), VNO-NCW/MKB-Nederland, de VNG en de Tweede Kamer om Fair Play als 24e punt aan het vervolgprogramma van Beter Aanbesteden toe te voegen .

Zelfs Staatssecretaris Mona Keijzer adviseerde aanbestedende diensten om vooraf te communiceren wat er aanbesteed wordt. “Ga in gesprek met bedrijven die er verstand van hebben.” Een beter advies van de staatssecretaris om als aanbestedende diensten te focussen op Fair Play en de positie van inschrijvers te verbeteren, kan je volgens mij niet krijgen.


Brainnet organiseert in 2021 een aantal digitale rondetafelsessies over het onderwerp ‘beter aanbesteden’. Onder leiding van inkoopexperts uit de private en publieke sector gaan we met elkaar in gesprek over o.a. best practices, het belang van marktconsultaties en wat succesfactoren zijn van
realistische offerte-aanvragen. De sessies zijn toegankelijk voor HR- en inkoopprofessionals, inkoopadviesbureaus en aanbestedingsspecialisten.

De 1e sessie start april 2021. Bent u geïnteresseerd of wilt u deelnemen?
Dat kan door een mailtje te sturen naar info@brainnet.nl o.v.v. rondetafelsessies.


 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

ABU: geen cherry picking bij arbeidsmarkthervorming

Dat zei ABU-directeur Jurriën Koops voorafgaand aan het nationale arbeidsmarktdebat, georganiseerd door de ABU en BNR, dat vanochtend is gehouden.

Directe aanleiding voor het online event is het 60-jarig bestaan van de brancheorgansatie. “Ik ben trots op onze leden die elke dag de arbeidsmarkt een stukje beter maken”, zei ABU-voorzitter Sieto de Leeuw. Maar het werk van de ABU is nog lang niet gedaan. De ABU voert een stevige lobby in Den Haag dat uitzenden hard wil aanpakken. De Leeuw waarschuwt voor ‘selectief winkelen’: ”Maak niet alleen regels voor uitzenden, maar pak ook de andere flexvormen aan, zoals zzp’ers.” De vrees voor het waterbedeffect, ten nadele van uitzenden, is groot bij de ABU.

Koops vindt dat het hoog tijd wordt om de arbeidsmarkthervormingen door te voeren. “Vorig jaar is de Commissie Borstlap met aanbevelingen gekomen, het is nu tijd om door te pakken. Het moet geen tweede hypotheekrentediscussie worden.” Ook Koops roept de politiek op om niet alleen naar uitzenden te kijken. “Het is  gemakkelijk om onze gereguleerde sector aan te pakken, maar wij vormen slechts een paar procent van de flexibele schil.”

Meer weten: 

  • Luister het hele debat terug, hier op BNR
  • Zie onderaan dit artikel een twitterverslag.

Wil de politiek recht doen aan de aanbevelingen van de Commissie Borstlap dan moet men de hele arbeidsmarkt onder de loep nemen volgens Koops. “Dus ook kijken naar de fiscaliteit, sociale zekerheid, van alle werkenden.”

Ik ben niet voor een aparte AOV voor zzp’ers. Hilde Palland (CDA)

CDA wil basisregeling

Hilde Palland (CDA) lijkt die handschoen als eerste te willen oppakken. Palland pleit voor een basisregeling, waarbij sociale zekerheden, ongeacht contractvorm, gelden voor iedere werkende. Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en WW moet voor iedere werkende beschikbaar komen. “Ik ben dan ook niet voor een aparte AOV voor zzp’ers. Dit moet vanuit de collectiviteit geregeld worden.” Alle werkenden binnen één sociaal stelsel dus. Bijkomend voordeel: het zou switchen tussen contractvormen gemakkelijker maken.


Kim Putters, directeur SCP, zegt teleurgesteld te zijn dat de arbeidsmarkthervormingen niet zijn gerealiseerd en zijn doorgeschoven naar een volgend kabinet. “Het is jammer dat dit zo lang op tafel is blijven liggen in plaats van dat men de mouwen heeft opgestroopt om er echt iets aan te doen.” Want volgens Putters is dit namelijk hard nodig. De koppeling tussen een vaste baan en werkzekerheid is niet meer vanzelfsprekend. En iedereen zou een beroep moeten kunnen doen op pensioenopbouw en scholing. Ook flexkrachten. “Flexibiliteit is niet slecht waar die echt van waarde is binnen organisaties. De vraag is hoe je ook voor flexkrachten op lange termijn zekerheden kunt inbouwen.”


Flex moet duurder zijn

Zo’n basisregeling haalt volgens Palland de ‘oneigenlijke prikkel’ weg om te kiezen voor een goedkopere contractvorm (flex). “Het mag nooit goedkoper zijn om voor flex te kiezen. Werken als zzp’er moet niet gedaan worden omdat het fiscaal aantrekkelijker is”, zegt Palland. Ook Steven Van Weyenberg (D66) vindt dat financiële redenen niet de keuze voor flex mogen zijn. “Overal geldt ‘alles wat flexibel is, is duurder’, behalve op de arbeidsmarkt. Flexwerk moet gewoon duurder zijn.”

Overal geldt ‘alles wat flexibel is, is duurder’, behalve op de arbeidsmarkt. Steven Van Weyenberg (D66)

Vast is heilig

Maar voor de linkse partijen is en blijft flex ‘fout’. BNR-presentator Rens de Jong vroeg Paul Smeulders (GroenLinks) of de overheid werkgevers moet dwingen werknemers een vast contract te bieden. Smeulders antwoord was kort: “Absoluut.”

Ook SP’er Jasper van Dijk is resoluut. “Vast werk verdient een vast contract. Drie miljoen mensen hebben onzeker werk. De flexverslaving is compleet doorgeslagen.” En Gijs van Dijk (PvdA) zegt: “We moeten goed gedrag belonen door vast werk fiscaal aantrekkelijker te maken. En slecht gedrag straffen door flexwerk duurder te maken.” De vaste baan is het heilige huisje van links in de arbeidsmarktdiscussie.

De flexverslaving is compleet doorgeslagen. Jasper van Dijk (SP)

Eigen keuze zzp’ers

D66 is hier genuanceerder over. “Er is een tweedeling op de arbeidsmarkt.” Degene aan de onderkant van de arbeidsmarkt, voor wie flexwerk geen eigen keuze is, moet worden beschermd, vindt Van Weyenberg. Maar wat betreft de flexvorm staat de voorkeur van de werkende volgens hem centraal. “Degene die daar zelf voor kiest moet de ruimte krijgen om als zzp’er te werken.”

Niet verwonderlijk dat VVD’er Judith Tielen het daarmee eens is. Tielen pleit zelfs voor een afzonderlijke rechtspositie (eigen juridische status) voor zzp’ers. “Door duidelijke regelgeving kun je hen zekerheid bieden. Iets wat zij al jaren niet hebben. Zzp’ers die zelfstandig willen werken, moeten dat kunnen doen.”

Zzp’ers die zelfstandig willen werken, moeten dat kunnen doen. Judith Tielen (VVD)

Interne flex?

De commissie Borstlap spreekt in haar aanbevelingen ook nadrukkelijk over het stimuleren van interne flex (lees: vast minder vast). Een onderwerp dat in de politieke discussie onderbelicht blijft. Want dan moet men het hebben over onderwerpen als minder uren laten werken, een werknemers ander werk kunnen laten doen en demotie, et cetera – “En dat ligt gevoelig blijkbaar”, concludeert Koops na de discussie van de Kamerleden. “Maar als je de aanbevelingen van Borstlap integraal wilt doorvoeren, moet je ook vast durven aanpakken.”

Uit de reactie van Gijs van Dijk (PvdA) blijkt wel hoe lastig dit gaat worden: ”Hier slaat Borstlap de plank mis.” Van Dijk is het met grote delen van de aanbevelingen van Borstlap eens, maar er mag niet getornd worden aan het vaste contract. Toch cherry picking dus.

Terugblik in tweets

 

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , | 2s Reacties

Uitzendbranche sluit jaar af met klein omzetplusje. Herstel vlakt af.

De ontwikkelingen per sector zijn als volgt:

  • administratieve sector: het aantal uitzenduren steeg met 5% en de omzet is gestegen met 7% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
  • industriële sector: het aantal uitzenduren daalde met 4% en de omzet steeg met 2% ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
  • technische sector: het aantal uitzenduren daalde met 29% en de omzet daalde met 19% in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar.

De cijfers laten zien dat het herstel van de uitzendmarkt wel afvlakt. Met name de technische sector liet wederom een flinke daling zien.

Jaarcijfers uitzendbranche 2020

Over heel 2020 is de uitzendbranche flink gekrompen ten opzichte van 2019. Het totaal aantal uren in 2020 is afgenomen met 14%, de totale omzet is gedaald met 9%. Zowel de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) als de corona-crisis zullen hier aan hebben bijgedragen.

De jaarontwikkelingen per sector zijn als volgt:

  • Administratieve sector: Een daling van 17% in uren en een daling van 11% in omzet ten opzichte van 2019.
  • Industriële sector: Een daling van 10% in uren en een daling van 4% in omzet ten opzichte van 2019.
  • Technische sector: Een daling van 29% in uren en een daling van 22% in omzet ten opzichte van 2019.
Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags | Laat een reactie achter

Soort zoekt soort: zelfstandige heeft vaak zelfstandige als partner

38% van de zelfstandigen heeft een partner met een vast contract en 37% heeft een andere zelfstandige als partner. Er zijn ongeveer 1,1 miljoen zelfstandigen in Nederland. Dit betekent dat zelfstandigen naar verhouding bijzonder vaak een relatie hebben met een zelfstandige. Dit komt naar voren uit het Rapport Sociale Zekerheid en Flexibele Arbeidsmarkt van de Algemene Rekenkamer.

Ook werknemers met een vast contract hebben vaak een partner met een soortgelijke arbeidsrelatie. 61% heeft een partner die ook een vast contract heeft.

Mensen vaak partner met soortgelijke werkrelatie
Bron: Algemene Rekenkamer (Rapport Sociale zekerheid en flexibele arbeidsmarkt), berekend op basis van CBS, 2020

 

Mensen met een vast contract zijn qua leeftijdscategorie meer verdeeld dan zelfstandigen en flexwerkers. Onder flexwerkers bevinden zich vooral veel jongeren, 59% valt in de categorie 15-35. Zelfstandigen zijn vaak van middelbare leeftijd, 57% is 45-65.

Een partner als buffer

In tegenstelling tot vaste werknemers, kunnen zelfstandigen bij ziekte, werkloosheid of arbeidsongeschiktheid geen aanspraak maken op uitkeringen. Een deel van de zelfstandigheden heeft hiervoor een private verzekering afgesloten of heeft zich aangesloten bij een broodfonds. Daarnaast heeft het merendeel van de zelfstandigen een buffer om op terug te vallen in tijden van nood.

78% van de zelfstandigen heeft een buffer van meer dan 10.000 euro. Bij een relatie tussen twee zelfstandigen kan er sprake zijn van een dubbele buffer. Een buffer kan geld zijn op een bankrekening, maar ook aandelen, bedrijfsvermogen, een auto of een eigen woning.

Niet alles is bruikbaar als buffer

Een aantal factoren is van invloed op dubbele buffers. Een eigen woning is niet direct een buffer, omdat het soms lang duurt voordat een woning verkocht is. Ook pensioen geldt niet helemaal als buffer, omdat dit vaak vastzit in een pensioenfonds.

Sommige zelfstandigen zijn mede-eigenaar van een bedrijf. In 2015 waren er ruim 124.000 bedrijven in Nederland waarvan de eigenaren een partnerrelatie hadden (CBS, 2018). Wanneer het slechter gaat met deze onderneming, dan voelen beide partners dat in hun portemonnee. Zelfstandigen kunnen niet altijd direct terugvallen op de buffer van hun partner.

Liefdesrelaties tussen flexwerkers

Het soort-zoekt-soorteffect is te zien bij alle mogelijke arbeidsrelaties. Werkenden met een flexibel contract neigen vaak naar partners met een soortgelijk contract. Terwijl van de zelfstandigen maar 10% een flexwerker als partner kiest en van de vaste werknemers maar 14%, is dit onder flexwerkers 29%. Dit betekent dat flexwerkers dubbel zo vaak geneigd zijn tot relaties met andere flexwerkers. Het merendeel van de flexwerkers (59%) bestaat uit jongeren in de leeftijden 15-35. Leeftijd is ook gelijk een verklaring is waarom werkenden met een flexcontract vaak een relatie hebben met andere flexers.

Uit het rapport blijkt ook dat flexwerkers met een zeer laag inkomen, een minder hoge opleiding, een niet-westerse migratieachtergrond, uitzendwerk, of die regelmatig van baan moeten wisselen, vaker niet over een eigen vangnet beschikken. De kans dat flexwerkers kunnen terugvallen op de buffer van een partner, is relatief klein, dit in tegenstelling tot zelfstandigen.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | Laat een reactie achter

WebinarWeek in teken van actualiteit en arbeidsmarkt na corona

ZiPconomy organiseert samen met Werf& ook dit jaar een WebinarWeek, waar specialisten je bijpraten over wat nu van belang is om te weten.

“We praten je bij over de realiteit van vandaag en kijken vooruit op de trends die belangrijk zijn voor de arbeidsmarkt na corona”, belooft hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts van ZiPconomy. “Stilzitten in deze crisis is geen optie. Daarbij is het belangrijk om zowel in te spelen op alle hectiek, als je voor te bereiden op de wereld na corona.”

De WebinarWeek begint op maandag 8 februari om 10.00 uur en eindigt vrijdag 12 februari om 15.15 uur. En daartussenin vijf dagen lang vijf webinars per dag.

Ruts: “Het is een bizarre tijd voor de arbeidsmarkt en de wereld van inhuur. Allerlei ontwikkelingen van de afgelopen jaren versnellen: kostenbesparingen, aandacht voor wetgeving, technologie en schaarste in bepaalde sectoren. In de 10 jaar dat ZiPconomy bestaat zag ik dat elke paar jaar één bepaald thema dominant was. Maar nu lijkt alles bij elkaar te komen.”

Nu veel mensen thuiswerken, wordt het onderscheid tussen ‘vast’ en ‘flex’ al helemaal diffuus. Ondertussen neemt de inzet van HR-technologie voor samenwerken een enorme vlucht. Ondanks – of is het dankzij ? – de crisis neemt de schaarste naar goed opgeleide professionals in veel vakgebieden alleen maar toe. Ondertussen speelt er veel op politiek vlak (Cie Borstlap, verkiezingen, Brexit) en op het gebied van wetgeving (uitspraak Hoge Raad, aanpak schijnconstructies, webmodule). En de roep om kostenreductie, waar de professionalisering van inhuur een jaar of tien geleden mee begon, is weer helemaal terug.

Ruts: “We zijn er goed in geslaagd om al die onderwerpen een plek te geven in het programma van de WebinarWeek. Het is een mix van sessies over actualiteit en trends die we kunnen verwachten op de arbeidsmarkt post-corona.”

Vijf dagen, vijf thema’s

Elke dag in deze zevende editie van de WebinarWeek heeft een eigen thema:

  • Maandag 8 februari:  Laat technologie voor je werken. Met onder meer Otys, Tigris, Social Seeder en Traicie. Onderwerpen die aan bod komen zijn onder meer A.I., data en recruitment marketing.
  • Dinsdag 9 februari: Professioneel inhuren in de praktijk. De dag met actualiteiten en trends rond inhuur van extern personeel. Een mix van cijfers, trends en praktijk. Jellow (talentpools), HeadFirst (Inhuurdata) Cicero (zelfregulering en wetgeving rond inhuur), Wijn & Stael (over recente rechtszaken over flex- en zzp-contracten) en HAYS (over mooie casus: hoe NXP SoW in het inhuurprogramma onderbracht)
  • Woensdag 10 februari: Data Driven Recruitment. Met onder meer Indeed, Talmark en Recruitment Accelerator, over bijvoorbeeld data driven recruitment en hoe ROI op je recruitment-investeringen te becijferen.
  • Donderdag 11 februari: Trends in inhuur en Total Talent Acquisition. We bespreken op die dag – met Harvey Nash – het ZiPconomy Trendrapport Inhuur 2021. Een interview met Edward Belgraver over hoe ons sociaal stelsel innovatie tegenwerkt (en hoe dat op te lossen), met Marc Vrij (Pontoon) en Mark van Assema duiken we nog wat verder de diepte in trends rond TTA en HR Tech. Manfred Vogels vertelt of (en hoe) je kostenbesparing kan realiseren via een VMS. En Brainnet legt uit wat Brexit betekent voor detacheerders, bemiddelaars en opdrachtgevers.
  • Vrijdag 12 februari: Een nieuwe kijk op het managen van talent. Met onder meer Cornerstone, 8vance en LDC. Zij zullen het bijvoorbeeld gaan hebben over een nieuwe vorm van matching, over diversiteit én over de succesformule van een loopbaanprofessional anno 2021.

Op iedere dag delen vijf sprekers hun visie, trends en best practices. Boegbeelden, specialisten en ervaringsdeskundigen op de arbeidsmarkt delen hun kennis met jou.

Hier vind je een compleet overzicht van alle webinars en hier kun je je gratis inschrijven.

Na inschrijving ontvang je een bevestigingsmail. Hierin zit ook een link om het webinar in je agenda te zetten.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags | Laat een reactie achter

Avondklok: hoe werkt dat voor zzp’ers?

Voor zelfstandigen zijn er verschillende situaties te bedenken waardoor je tijdens de avondklok de deur uit moet. Denk bijvoorbeeld aan zelfstandige zorgverleners of een loodgieter die voor een spoedreparatie bij een klant een lekkage moet verhelpen. Iedereen die naar buiten gaat tijdens de avondklok moet verplicht een document bij zich hebben waarin staat wie je bent en met welke reden je naar buiten moet. Er zijn twee soorten documenten, de ‘Eigen verklaring Avondklok’ en de ‘Werkgeversverklaring Avondklok’.

‘Eigen verklaring’

Zelfstandigen moeten twee documenten bij zich hebben en die vul je zelf in. Zowel de ‘Eigen verklaring Avondklok’ en de ‘Werkgeversverklaring Avondklok’. In de Werkgeversverklaring vermeld je de (bedrijfs)gegevens van je opdrachtgever. Als je geen opdrachtgever hebt vul je je eigen bedrijfsgegevens in.

Het is wel omslachtig, maar dan kun je tenminste wel tijdens de avondklok ook je werk doen zonder een boete te krijgen. In de praktijk geef je jezelf toestemming om de straat op te gaan met behulp van deze twee documenten.

“Wij verwachten hier wel weer veel vragen over, omdat een zelfstandige formulieren moet invullen die eigenlijk gericht zijn op werkgevers. Het is jammer dat er niet een derde document is toegevoegd speciaal voor zelfstandigen. Hiermee wordt een grote groep miskend.” zegt Margreet Drijvers directeur van PZO.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | Laat een reactie achter