Soort zoekt soort: zelfstandige heeft vaak zelfstandige als partner

Werkenden hebben vaak een partner met een soortgelijk arbeidsverband (vast, flexibel contract of zelfstandig). Ook onder zelfstandigen is dit effect sterk. Zelfstandigen met een zelfstandige als partner hebben een dubbele buffer om op terug te vallen.

38% van de zelfstandigen heeft een partner met een vast contract en 37% heeft een andere zelfstandige als partner. Er zijn ongeveer 1,1 miljoen zelfstandigen in Nederland. Dit betekent dat zelfstandigen naar verhouding bijzonder vaak een relatie hebben met een zelfstandige. Dit komt naar voren uit het Rapport Sociale Zekerheid en Flexibele Arbeidsmarkt van de Algemene Rekenkamer.

Ook werknemers met een vast contract hebben vaak een partner met een soortgelijke arbeidsrelatie. 61% heeft een partner die ook een vast contract heeft.

Mensen vaak partner met soortgelijke werkrelatie
Bron: Algemene Rekenkamer (Rapport Sociale zekerheid en flexibele arbeidsmarkt), berekend op basis van CBS, 2020

 

Mensen met een vast contract zijn qua leeftijdscategorie meer verdeeld dan zelfstandigen en flexwerkers. Onder flexwerkers bevinden zich vooral veel jongeren, 59% valt in de categorie 15-35. Zelfstandigen zijn vaak van middelbare leeftijd, 57% is 45-65.

Een partner als buffer

In tegenstelling tot vaste werknemers, kunnen zelfstandigen bij ziekte, werkloosheid of arbeidsongeschiktheid geen aanspraak maken op uitkeringen. Een deel van de zelfstandigheden heeft hiervoor een private verzekering afgesloten of heeft zich aangesloten bij een broodfonds. Daarnaast heeft het merendeel van de zelfstandigen een buffer om op terug te vallen in tijden van nood.

78% van de zelfstandigen heeft een buffer van meer dan 10.000 euro. Bij een relatie tussen twee zelfstandigen kan er sprake zijn van een dubbele buffer. Een buffer kan geld zijn op een bankrekening, maar ook aandelen, bedrijfsvermogen, een auto of een eigen woning.

Niet alles is bruikbaar als buffer

Een aantal factoren is van invloed op dubbele buffers. Een eigen woning is niet direct een buffer, omdat het soms lang duurt voordat een woning verkocht is. Ook pensioen geldt niet helemaal als buffer, omdat dit vaak vastzit in een pensioenfonds.

Sommige zelfstandigen zijn mede-eigenaar van een bedrijf. In 2015 waren er ruim 124.000 bedrijven in Nederland waarvan de eigenaren een partnerrelatie hadden (CBS, 2018). Wanneer het slechter gaat met deze onderneming, dan voelen beide partners dat in hun portemonnee. Zelfstandigen kunnen niet altijd direct terugvallen op de buffer van hun partner.

Liefdesrelaties tussen flexwerkers

Het soort-zoekt-soorteffect is te zien bij alle mogelijke arbeidsrelaties. Werkenden met een flexibel contract neigen vaak naar partners met een soortgelijk contract. Terwijl van de zelfstandigen maar 10% een flexwerker als partner kiest en van de vaste werknemers maar 14%, is dit onder flexwerkers 29%. Dit betekent dat flexwerkers dubbel zo vaak geneigd zijn tot relaties met andere flexwerkers. Het merendeel van de flexwerkers (59%) bestaat uit jongeren in de leeftijden 15-35. Leeftijd is ook gelijk een verklaring is waarom werkenden met een flexcontract vaak een relatie hebben met andere flexers.

Uit het rapport blijkt ook dat flexwerkers met een zeer laag inkomen, een minder hoge opleiding, een niet-westerse migratieachtergrond, uitzendwerk, of die regelmatig van baan moeten wisselen, vaker niet over een eigen vangnet beschikken. De kans dat flexwerkers kunnen terugvallen op de buffer van een partner, is relatief klein, dit in tegenstelling tot zelfstandigen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *