ABU: geen cherry picking bij arbeidsmarkthervorming

De hervorming van de arbeidsmarkt mag er niet toe leiden dat alleen uitzenden wordt aangepakt. “De uitzendbranche is het laaghangend fruit, maar Borstlap heeft niet voor niets een samenhangende aanpak geadviseerd. Het mag niet een kwestie van cherry picking worden.”

Dat zei ABU-directeur Jurriën Koops voorafgaand aan het nationale arbeidsmarktdebat, georganiseerd door de ABU en BNR, dat vanochtend is gehouden.

Directe aanleiding voor het online event is het 60-jarig bestaan van de brancheorgansatie. “Ik ben trots op onze leden die elke dag de arbeidsmarkt een stukje beter maken”, zei ABU-voorzitter Sieto de Leeuw. Maar het werk van de ABU is nog lang niet gedaan. De ABU voert een stevige lobby in Den Haag dat uitzenden hard wil aanpakken. De Leeuw waarschuwt voor ‘selectief winkelen’: ”Maak niet alleen regels voor uitzenden, maar pak ook de andere flexvormen aan, zoals zzp’ers.” De vrees voor het waterbedeffect, ten nadele van uitzenden, is groot bij de ABU.

Koops vindt dat het hoog tijd wordt om de arbeidsmarkthervormingen door te voeren. “Vorig jaar is de Commissie Borstlap met aanbevelingen gekomen, het is nu tijd om door te pakken. Het moet geen tweede hypotheekrentediscussie worden.” Ook Koops roept de politiek op om niet alleen naar uitzenden te kijken. “Het is  gemakkelijk om onze gereguleerde sector aan te pakken, maar wij vormen slechts een paar procent van de flexibele schil.”

Meer weten: 

  • Luister het hele debat terug, hier op BNR
  • Zie onderaan dit artikel een twitterverslag.

Wil de politiek recht doen aan de aanbevelingen van de Commissie Borstlap dan moet men de hele arbeidsmarkt onder de loep nemen volgens Koops. “Dus ook kijken naar de fiscaliteit, sociale zekerheid, van alle werkenden.”

Ik ben niet voor een aparte AOV voor zzp’ers. Hilde Palland (CDA)

CDA wil basisregeling

Hilde Palland (CDA) lijkt die handschoen als eerste te willen oppakken. Palland pleit voor een basisregeling, waarbij sociale zekerheden, ongeacht contractvorm, gelden voor iedere werkende. Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en WW moet voor iedere werkende beschikbaar komen. “Ik ben dan ook niet voor een aparte AOV voor zzp’ers. Dit moet vanuit de collectiviteit geregeld worden.” Alle werkenden binnen één sociaal stelsel dus. Bijkomend voordeel: het zou switchen tussen contractvormen gemakkelijker maken.


Kim Putters, directeur SCP, zegt teleurgesteld te zijn dat de arbeidsmarkthervormingen niet zijn gerealiseerd en zijn doorgeschoven naar een volgend kabinet. “Het is jammer dat dit zo lang op tafel is blijven liggen in plaats van dat men de mouwen heeft opgestroopt om er echt iets aan te doen.” Want volgens Putters is dit namelijk hard nodig. De koppeling tussen een vaste baan en werkzekerheid is niet meer vanzelfsprekend. En iedereen zou een beroep moeten kunnen doen op pensioenopbouw en scholing. Ook flexkrachten. “Flexibiliteit is niet slecht waar die echt van waarde is binnen organisaties. De vraag is hoe je ook voor flexkrachten op lange termijn zekerheden kunt inbouwen.”


Flex moet duurder zijn

Zo’n basisregeling haalt volgens Palland de ‘oneigenlijke prikkel’ weg om te kiezen voor een goedkopere contractvorm (flex). “Het mag nooit goedkoper zijn om voor flex te kiezen. Werken als zzp’er moet niet gedaan worden omdat het fiscaal aantrekkelijker is”, zegt Palland. Ook Steven Van Weyenberg (D66) vindt dat financiële redenen niet de keuze voor flex mogen zijn. “Overal geldt ‘alles wat flexibel is, is duurder’, behalve op de arbeidsmarkt. Flexwerk moet gewoon duurder zijn.”

Overal geldt ‘alles wat flexibel is, is duurder’, behalve op de arbeidsmarkt. Steven Van Weyenberg (D66)

Vast is heilig

Maar voor de linkse partijen is en blijft flex ‘fout’. BNR-presentator Rens de Jong vroeg Paul Smeulders (GroenLinks) of de overheid werkgevers moet dwingen werknemers een vast contract te bieden. Smeulders antwoord was kort: “Absoluut.”

Ook SP’er Jasper van Dijk is resoluut. “Vast werk verdient een vast contract. Drie miljoen mensen hebben onzeker werk. De flexverslaving is compleet doorgeslagen.” En Gijs van Dijk (PvdA) zegt: “We moeten goed gedrag belonen door vast werk fiscaal aantrekkelijker te maken. En slecht gedrag straffen door flexwerk duurder te maken.” De vaste baan is het heilige huisje van links in de arbeidsmarktdiscussie.

De flexverslaving is compleet doorgeslagen. Jasper van Dijk (SP)

Eigen keuze zzp’ers

D66 is hier genuanceerder over. “Er is een tweedeling op de arbeidsmarkt.” Degene aan de onderkant van de arbeidsmarkt, voor wie flexwerk geen eigen keuze is, moet worden beschermd, vindt Van Weyenberg. Maar wat betreft de flexvorm staat de voorkeur van de werkende volgens hem centraal. “Degene die daar zelf voor kiest moet de ruimte krijgen om als zzp’er te werken.”

Niet verwonderlijk dat VVD’er Judith Tielen het daarmee eens is. Tielen pleit zelfs voor een afzonderlijke rechtspositie (eigen juridische status) voor zzp’ers. “Door duidelijke regelgeving kun je hen zekerheid bieden. Iets wat zij al jaren niet hebben. Zzp’ers die zelfstandig willen werken, moeten dat kunnen doen.”

Zzp’ers die zelfstandig willen werken, moeten dat kunnen doen. Judith Tielen (VVD)

Interne flex?

De commissie Borstlap spreekt in haar aanbevelingen ook nadrukkelijk over het stimuleren van interne flex (lees: vast minder vast). Een onderwerp dat in de politieke discussie onderbelicht blijft. Want dan moet men het hebben over onderwerpen als minder uren laten werken, een werknemers ander werk kunnen laten doen en demotie, et cetera – “En dat ligt gevoelig blijkbaar”, concludeert Koops na de discussie van de Kamerleden. “Maar als je de aanbevelingen van Borstlap integraal wilt doorvoeren, moet je ook vast durven aanpakken.”

Uit de reactie van Gijs van Dijk (PvdA) blijkt wel hoe lastig dit gaat worden: ”Hier slaat Borstlap de plank mis.” Van Dijk is het met grote delen van de aanbevelingen van Borstlap eens, maar er mag niet getornd worden aan het vaste contract. Toch cherry picking dus.

Terugblik in tweets

 

2 reacties op dit bericht

  1. De Leeuw waarschuwt voor ‘selectief winkelen’: ”Maak niet alleen regels voor uitzenden, maar pak ook de andere flexvormen aan, zoals zzp’ers.”
    –> Lekker makkelijk weer…
    Uitgangspunt is dat Borstlap kennelijk een goed advies heeft neergelegd waarbij een vast contract de norm zou moeten zijn.
    Ik hoop van harte dat er WEL cherry-picking wordt gedaan in dat advies want op onderdelen (zoals op het gebied van ZZP) slaat Borstlap de plank flink mis.
    Ook hij gaat er wéér vanuit dat er iets bestaan als DE zzp-er, en dat die allemaal ‘beschermd’ moeten worden.
    Mensen die uit vrije wil en keuze zzp werk doen bestaan kennelijk niet.
    Het mag alleen blijven als het werk van de zzp-er ‘uniek’ is, en niet aanwezig in een bedrijf.
    Hij realiseert zich niet dat specialistisch werk vaak wél aanwezig is in een bedrijf, maar niet in voldoende mate, voldoende diepgaand gespecialiseerd, of die mensen zijn gewoon al verschrikkelijk druk. Een tijdelijke piek van een project (of vervanging) mag volgens Borstlap niet worden opgevangen/ingevuld worden door zzp-ers.
    Hoog opgeleide vak specialisten worden zelden gevonden bij een uitzendbureau of flexpool. Gewoon omdat deze mensen gewoon graag zélf hun project of klanten kiezen (ja ze kunnen meestal kiezen waar ze willen werken) en geen gedoe willen met allerlei management geneuzel, POP gesprekken etc.
    Dus laat de politiek AUB een keertje wél nadenken voor ze wat doen, en zich niet zomaar blind in de volgende fout storten zoals bij de wet DBA.
    Een integrale aanpak is zeker nodig, maar niet wéér over de rug van DE zzp-er.
    Die bestaat niet! Dus zéker WEL cherry-picken in het advies van de commissie Borstlap.

  2. ZZP-er is een verkeerd toepast containerbegrip geworden. Ooit waren er ondernemers die een eigen bedrijfje hadden en die diensten op afroep voor andere bedrijven en ondernemers verrichten. De zelfstandige boekhouder bijvoorbeeld met een kleine klanten kring, waar hij geen personeel voor nodig had. Of de sigarenboer op de hoek: alleen in de winkel voor eigen rekening. Deze personen zijn zelfstandig en hebben geen personeel: de enig mogelijke modus operandi. Om moverende redenen heeft de wetgever een aantal fiscale ruimten voor hen gecreëerd, zoals de zelfstandigen aftrek , simpel weg omdat deze zelfstandigen zonder personeel minder druk op het sociale stelsel leggen. Nu is “zelfstandigen zonder personeel” een redelijke bek vol en de ZZP-er was geboren.
    Voor sommigen is het ZZP-er schap uit nood geboren. Zo zag bijvoorbeeld de (oudere) werkloze timmerman het ZZP-er zijn als enige kans om toch weer in het levensonderhoud te voorzien. Voor een vaste of zelfs tijdelijke baan was hij kansloos. Alle goede voornemens ten spijt gebruikte hij de fiscale voordelen niet om het ziekterisico af te dekken of een pensioen op te bouwen. Zijn tarief kwam onder druk te staan.
    Voordelen trekken altijd vreemd volk aan, waarvoor het voordeel (eigenlijk) niet voor bedoeld is. Werkgevers in de bouw bespeurden namelijk onderhandelingsruimte bij de ZZP-er die van alleen maar zijn “netto” uitging en verschoof naar inhuur ipv werkgeverschap. Op zich begrijpelijke in een omgeving waar feitelijk per definitie projectmatig gewerkt wordt.
    Andere sectoren, de zorg voorop, volgden. En wij gingen vrijwel iedereen ZZP-er noemen; ongeacht de aard van het werk.
    Nu er in bepaalde sectoren misstanden zijn, loopt de oer-ZZP-er het risico in een niet werkbare situatie te komen. Ik denk dat er elementen uit de oude VAR toch beter in overweging genomen moeten worden. Zoals: doe je marketing, vrijheid van invullen van de taak, autonoom werken etc.
    Om tot een goede afweging te komen zouden er van de diverse typeringen van zelfstandigen een representant beschikbaar moeten zijn om de voorstellen te toetsen aan de werkelijkheid.