Inhuur is bovenal echt een echt vak! (Column + webinar) Geplaatst 30 november 2016 door Harvey Nash SUPER! Inkoop en/of HR hebben een goed inhuurproces op papier gezet. Er is een doeltreffende aanbesteding geweest en daarbij zijn een aantal leveranciers geselecteerd. KPI’s liggen vast, de business is geïnformeerd en er is draagvlak vanuit het management. Zijn we nog wat vergeten…??? Oh ja, we moeten nog medewerkers aanstellen om het inhuurloket te bemensen om de operationele inhuur te regelen en het proces ten uitvoer te brengen. Zoeken we er even snel wat administratieve krachten bij en voilà klaar. Toch???? NIET DUS! Hoe goed het gehele proces ook uitgedacht is, het valt of staat uiteindelijk bij het ten uitvoer brengen van dat proces. En dat aspect wordt vaak behoorlijk onderschat. Inhuur is een vak! Wanneer we naar de uitvoering van het inhuurproces kijken, dan wil ik een onderscheid maken tussen uitzendkrachten en gedetacheerd personeel. Het interesseert inhurend managers doorgaans vrij weinig welke uitzendkrachten er ingehuurd worden. Maar bij detacheringskrachten is dit een ander verhaal. Bij het inhuren van hoger gekwalificeerd personeel heeft ineens iedere manager zijn eigen voorkeur. Oud collega’s, bekenden en andere relaties krijgen de voorkeur boven de preferred suppliers. Ook het onderhandelen over tarieven doet men het liefst zelf. Iedere inhurend manager is plots een ervaren inkoper en recruiter ineen. Gevolg: Tarieven liggen 15-20% hoger dan noodzakelijk, naar (o.a. DBA) inhuurrisico’s is niet gekeken en preferred suppliers voelen zich niet eerlijk behandeld. Die hogere tarieven hebben twee hoofdoorzaken. Enerzijds is er door een gebrek aan concurrentie geen minicompetitie en dus geen marktwerking. Anderzijds is het lastiger onderhandelen over tarieven als emoties een factor zijn (geen stevige onderhandelingen met bevriende relaties uit het eigen netwerk). Daarnaast zijn er bij overeenkomsten met preferred suppplier doorgaans economies of scale te behalen: Groter volume = scherpere tarieven. Inhurend managers die traditioneel niet anders gewend zijn dan zelf hun inhuur te regelen er alles aan zullen doen om het proces te omzeilen. Daarbij worden alle mogelijke excuses aangewend om het zelf te kunnen regelen: de in te huren kandidaat is de enige in heel Nederland die het kan, het is een super belangrijk project, men had enorm veel haast, etc., etc. Ook de heren en dames accountmanagers van de betrokken detacheerders doen hier vrolijk aan mee. Zelfs de commercianten vanuit de preferred suppliers zijn niet anders gewend. Bij laatstgenoemden is er de angst dat indien men niet direct de business benadert men gepasseerd wordt door andere leveranciers. Commercieel verantwoordelijken van de preferred suppliers hebben tal van trucs om het officiële inhuurkanaal te omzeilen. Bijvoorbeeld platte inhuur omzetten in SOW’s waarbij de inhuurspelregels en tarieven niet meer van toepassing zijn. Inhuur vraagt om specifieke vaardigheden Om in bovenstaande omgeving administratief medewerkers neer te zetten is zelfmoord voor het inhuurproces. Zonder de benodigde ervaring en vaardigheden wordt men omvergelopen door de eigen inhurend managers en de accountmanagers van leveranciers. Detachering is nu eenmaal een wereld op zich en inhuurdesk medewerker een echt vak! Probleem is dat de werkzaamheden op het inhuurloket niet echt in een hokje te plaatsen zijn. Het is geen 100% inkoop of HR taak maar zeker ook geen puur administratieve job. Eigenlijk is het van alles wat. Welke vaardigheden zou een medewerker op de inhuurdesk dan moeten hebben? Bij voorkeur ervaring in de detachering. Dit is wezenlijk anders dan ervaring in de uitzendbranche of ervaring in de HR hoek. Je moet weten hoe inhurend managers tegen inhuur aankijken en hoe accountmanagers van leveranciers te werk gaan. Een pre is kennis van de materie. In ieder geval kennis van de gebruikte begrippen (bijvoorbeeld op ICT gebied). Het helpt enorm om aanvragen en CV’s goed te kunnen kwalificeren en als serieuze gesprekspartner voor de business te dienen. Ook affiniteit met inkoop is nuttig. Er zitten een aantal contractmanagers taken in de functie besloten, zoals het meten van afgesproken KPI’s. Goede communicatieve vaardigheden zijn essentieel. Het resourceloket moet een plaats binnen de organisatie veroveren. Daarvoor een is een pro-actieve houding noodzakelijk. Kortom actief de business benaderen en het resourceloket “verkopen”. Toegevoegde waarde uitleggen en zorgen dat je op het netvlies blijft. Dat kan al met simpele acties. Als het niet lukt om met rationele argumenten de business mee te krijgen standvastig durven zijn. Het lef hebben om impopulaire maatregelen te nemen zoals het niet faciliteren van een zelfgeregelde inhuur (niet regelen toegangspas, screening, po nummer, etc.). Maar vooral: staan voor je afdeling. Het loket is als je eigen winkel. Je moet vol overtuiging de business meekrijgen in het proces. Een inhuurdesk met medewerkers die voldoen aan bovenstaande eigenschappen zou uitstekend in staat moeten zijn om het inhuurbeleid van een organisatie om te zetten in een effectief inhuurproces. Inhuur heeft draagvlak management nodig Tot slot: Een essentiële randvoorwaarde hierbij is draagvlak vanuit het management. In situaties waarbij een inhurend manager toch zijn eigen kandidaat probeert naar voren te duwen en dit tot escalaties leidt is ruggensteun vanuit het hoger management van essentieel belang. Thijs Maters, salesmanager Harvey Nash Webinar Thijs Maters gaf op 16 februari ook een webinar over dit thema. Zie hieronder voor een integraal verslag. Het verhaal van Thijs start op 02:38 min. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Harveynash, inhuur, recruitment | 8s Reacties
Position paper Wet DBA (ivm hoorzitting Tweede Kamer) Geplaatst 29 november 2016 door Hugo-Jan Ruts Als voorbereiding op een debat over de Wet DBA tussen Staatssecretaris Wiebes en de Tweede Kamer (in december) houdt de vaste Kamercommissie Financiën morgen een rondetafelgesprek. In drie rondes worden experts en vertegenwoordigers van verschillende belangenorganisaties gehoord. Zie hier voor meer informatie. Ik ben uitgenodigd als een van de onafhankelijken. ZiPconomy is een open platform met ruimte voor een ieder met een (eigen)zinnige bijdrage. Via artikelen, reacties of tijdens onze bijeenkomsten. Ik ben slechts initiatiefnemer en hoofdredacteur. Ik voel me dan ook gerechtig noch verplicht om iets of iemand te vertegenwoordigen tijdens de hoorzitting. Ik wil vooral van de gelegenheid gebruik maken om geluiden die ik (gevraagd en ongevraagd) uit de markt opvang door te geven. Zowel vanuit opdrachtgevers- als opdrachtnemersperspectief. En daar – met de ervaring van al een paar jaar volgen van de discussie over de Wet DBA en zijn voorgangers – een eigen visie op te geven. Het is bij deze hoorzittingen gebruikelijk om vooraf een ‘position paper’ in te dienen. Dat heb ik vanmiddag ook gedaan. De integrale tekst daarvan staat hieronder. Vaste volgens van ZiPconomy zullen herkennen dat de kern van mij betoog bestaat uit samenvatting van een eerder artikel (‘interim kaders ), nadat ik dat – op basis van de lezersreacties – heb aangescherpt. Daarbij heb ik me verder laten leiden door de signalen uit de markt dat een deel van de huidige ‘kopersstaking’ niet doorbroken wordt door sec uitspraken van Wiebes dat er niet gehandhaafd wordt. Er zijn volgens mij dus per direct een aantal tijdelijk maatregelen nodig, die vast niet perfect en waterdicht zijn, maar wel wat tijd kopen om te komen tot een echt duurzaam alternatief. Position paper Wet DBA, ten behoeve van rondetafelgesprek van de vaste Kamercommissie voor Financiën (30 november 2016) Inleiding Staatssecretaris Wiebes heeft in zijn tweede voortgangsrapportage en aansluitende uitlatingen duidelijk gemaakt dat de Wet DBA een te groot onbedoeld effect heeft op zelfstandigen en hun opdrachtgevers. Uit inventarisaties die wij gemaakt hebben onder managers inhuur van (vooral) grote organisaties, constateren wij dat er inderdaad fors minder zelfstandigen worden ingehuurd. In hoeverre het hier nu inderdaad gaat om een ‘onbedoeld effect’ blijft lastig te beoordelen. Immers er is nooit een eenduidige definitie gemaakt van wat nu bedoeld wordt met ‘schijnzelfstandigheid’. De belangrijkste conclusie uit het SEOR onderzoek naar schijnzelfstandigen lijkt te zijn genegeerd: ik citeer ”Het is echter niet eenvoudig om de groep zzp’ers af te bakenen. De klassieke scheiding tussen ondernemers en werknemers is niet scherp te stellen op basis van een eenduidige set van economische en/of juridische criteria. (…) De omvang van schijnzelfstandigheid is om die reden niet nauwkeurig vast te stellen” (zie https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2013/04/12/eindrapport-zzp-tusen-werknemer-en-ondernemer pagina 51) Duidelijk is in ieder geval dat de onrust onder zowel opdrachtgevers als zelfstandigen groot is, en groot gebleven is, ook na de voortgangsrapportage. Staatssecretaris Wiebes heeft aangegeven dat hij tot de conclusie gekomen is dat de huidige implementatiewijze van de Wet DBA niet werkt, of althans te grote onbedoelde nadelige effecten heeft. In dat kader zijn drie thema’s voor deze hoorzitting en het debat tussen de Staatssecretaris en de Kamer interessant: Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Welke richting moeten we op om in 2018 wel heldere criteria te hebben die vooraf zekerheid bieden? Wat kan en moet per direct gebeuren om de huidige (ongewenste) effecten van de Wet DBA te repareren? Over alle drie de onderwerpen is meer dan genoeg te zeggen. Het is op zich niet verstandig om het los van elkaar te bespreken. Maar gezien de urgentie – en het feit dat vrijwel alle bijdragen tijdens deze hoorzitting gaan over punt 2 – wil ik me in mijn bijdrage toch beperken tot punt 3: Wat is er nodig om op korte termijn de onbedoelde nadelige effecten van de Wet DBA te repareren. Ik gebruik hier de term zelfstandige interim professional om duidelijk te maken dat we het hier hebben over dat deel van alle zzp’ers die tijdelijk ingehuurd worden door een organisatie en die gedurende die periode ook actief zijn bij die organisatie. Dat is de groep waar het in het kader van de Wet DBA over gaat (of zou moeten gaan), niet de zzp’er die een enkelvoudige, eenmalige dienst levert aan een organisatie of particulier dan wel producten levert. Perspectief opdrachtgever De zzp’er bestaat niet. Dat weten we allemaal. De opdrachtgever van de zzp’ers net zo min. Een eenduidig beeld geven over wat nu het effect van de Wet DBA is vanuit het perspectief van de opdrachtgever en wat er mogelijk nodig is om nu aan reparatiewerk te doen, is dan ook lastig te geven. Een grove driedeling van de markt kan er als volgt uitzien: De opdrachtgever die incidenteel een zelfstandige inhuurt (dat zullen vaak wat kleinere ondernemingen zijn) zal zich maar heel beperkt door de Wet DBA hebben laten beïnvloeden. Het vaak wat pragmatisch ingesteld MKB zullen de signalen van Staatssecretaris Wiebes waarschijnlijk met open armen hebben ontvangen. Voor hen zal de toezegging dat er voorlopig geen handhaving plaats vindt, voldoende garantie zijn om (weer) zzp’ers in te huren. Ze zullen in de regel ook nog beperkt bezig geweest zijn met het implementeren van de Wet DBA. Een groot deel van de markt voor zelfstandige interim professionals wordt echter bepaald door het (al dan niet beursgenoteerd) groot bedrijf en (semi)overheden. Ter voorbereiding op deze hoorzitting hebben wij een korte inventarisatie gedaan onder managers die verantwoordelijk zijn voor het inhuurbeleid bij dit type organisaties. Die inventarisatie maakt glashelder dat het verlengen van de implementatieperiode – zoals aangekondigd door Staatssecretaris Wiebes – en de aankondiging dat er niet gehandhaafd wordt geen enkel effect heeft op hun huidige standpunt ten aanzien van de Wet DBA. De deur blijft bij deze organisaties voor zzp’ers grotendeels op slot. Voor het laatste type organisatie geldt maar één geldt maar een uitgangspunt: compliancy. Het voldoen aan de wet is voor dit type organisaties veel relevanter dan het vermijden van een boete. Dit geldt zowel voor overheden (bijv. Ministeries) als grote (al dan niet beursgenoteerde) ondernemingen. Het gaat hier overigens in hoofdzaak om hoger opgeleide zelfstandige interim professionals, een groep waarin gedwongen schijnconstructies zelden voorkomt. Het verlengen van de implementatieperiode en de onduidelijke status (zie uitspraken Commissie Boot) van de huidige modelovereenkomsten – die bij dit type organisaties vaak al in grote mate zijn geïmplementeerd – verlengt ook de periode waarin het voor deze (risicomijdende) organisaties niet duidelijk is op welke manier ze kunnen voldoen aan de wetgeving. Uit een eerdere inventarisatie bleek dat deze grote organisaties voornemens zijn afscheid te nemen van tussen de 50 en 80% van hun huidige zzp-populaties en dezelfde stringente normen hanteren voor nieuwe opdrachten. Overigens zal deze vraaguitval nog beperkt in de huidige cijfers over de effecten van de Wet DBA te vinden zijn. Veel organisaties hanteren 1-1-2017 als deadline. De ‘klap’ moet nog komen. De uitspraken van de Staatssecretaris zorgen er er hooguit voor dat het tempo van afbouw afbouw van de inzet van zelfstandigen interim professionals in een iets rustiger tempo gaat. Indien het wenselijk geacht wordt om dit type organisaties er weer toe gaat brengen om nu weer zelfstandigen in te huren, dan hebben gedane suggesties over nieuwe criteria per 1-1-2018 voor nu geen zin. Wat nodig is, is dat voor hen – glashelder en met zekerheid vooraf – duidelijk is onder welke voorwaarden ze per direct wel zelfstandige interim professionals in kunnen huren. Creëer een ‘veilig’ speelveld De Wet DBA was bedoeld om een grijs gebied af te kaderen waarin er mogelijk onduidelijkheid is over de aard van de arbeidsrelatie. In de praktijk lijkt alles wat met inzet van zelfstandige professionals te maken heeft in dat grijze gebied te recht gekomen te zijn. De onduidelijkheid die vooral ook komt omdat bij de modelovereenkomsten niet aangesloten is bij criteria bij rond ‘ondernemerschap’ maar bij de veel onduidelijkere termen van ‘gezag’ en ‘vrije vervanging’. Om de huidige situatie van vraaguitval naar zelfstandige interim professionals te repareren hebben (vooral) grote opdrachtgevers een aantal interim-criteria nodig waarmee de opdrachtgevers een zekerheid vooraf krijgen dat ze bij inhuur voldoen aan de wet. Dat kan door drie ‘interim-criteria’ te formuleren: Opdrachten boven een bepaald uurtarief (bijv. 40 euro) vallen buiten het kader van de Wet DBA en worden expliciet gezien als zuivere zzp-opdracht. Korte opdrachten (bijv. korter dan 500 uur per jaar) vallen ook buiten het kader van de Wet DBA. Stel verder een duidelijke norm over de periode dat een zelfstandige maximaal achter elkaar fulltime bij één enkele opdrachtgever mag werken zonder zijn (fiscale) status als zelfstandige te verliezen (bijv. 2 jaar). Zo ontstaat er een helder vrij speelveld (korter dan 500 uur en/of meer dan 40 euro) waarbinnen de normale regels omtrent vrij economisch verkeer tussen twee volwassen marktpartijen gelden, wat ook recht doet aan het (vrijwillig) ondernemerschap van de zelfstandige (een toetsing die nu uit de Wet DBA is verdwenen). Daarbij kunnen aanvullende eisen gesteld worden die passend zijn bij het normaal economisch verkeer zoals een inschrijving KvK, basiseisen aan (standaard)contract: vastleggen doel opdracht, ‘wilsverklaring’, non-concurrentiebeding, vrij zijn om voor meerdere opdrachtgevers te werken. Buiten dat speelveld is het grijze gebied: opdrachten blijven prima mogelijk. Maar dan met een aantal extra afspraken, vast te leggen in modelovereenkomsten of bijvoorbeeld via het aanvragen van een “beschikking (geen-)verzekeringsplicht”. Inclusief de extra verantwoordelijkheid voor de opdrachtgever, zoals de bedoeling is van de Wet DBA. Met deze spelregels (en een paar aanvullende details die staan uitgewerkt in een eerder ingediend en gepubliceerd voorstel richt je de Wet DBA en de inzet van de Belastingdienst op de twee gebieden waar mogelijk misbruik gemaakt wordt van zzp-constructies: Situaties waar zzp’ers gedwongen worden om in een schijnconstructie te werken (altijd: laag tarief plus langdurige relatie met een opdrachtgever) Situaties waarin zzp’er zelf gebruik maakt van een schijnconstructie (zeer lange, fulltime, opdrachtrelatie met één opdrachtgever). 99% van alle gevallen van schijnconstructies, die maatschappelijk ongewenst zijn en/of verstorend werken in de onderlinge concurrentieverhoudingen tussen zelfstandigen, kunnen zo gericht worden bestreden zonder dat goedwillende zelfstandigen en hun opdrachtgevers er last van hebben. Dit is zeker geen waterdicht systeem, het is een interim oplossing. Waarmee ondertussen gewerkt kan worden aan een duurzaam alternatief, waarin zowel de evaluatie van de Wet DBA, de bevindingen van de commissie Boot als andere gedane suggesties – ook tijdens deze hoorzitting – kunnen worden meegenomen. Deze oplossingsrichting komt ook niet uit de lucht vallen. De basis werd gelegd tijdens een bijeenkomst waar een flink aantal grote organisaties die zzp’ers inhuren aanwezig waren, verschillende zzp-organisaties, diverse intermediairs plus een groep zelfstandigen en is aangescherpt op basis van actieve leden uit onze community. Perspectief van de zelfstandige interim professional Ik heb me in deze position paper tot nu toe beperkt tot de positie van de opdrachtgevers. Met alle waardering voor de zelfstandigen, zij hebben niet de sleutel in handen om de huidige, actuele problemen rond de Wet DBA op te lossen. Alleen opdrachtgevers kunnen er voor zorgen dat de vraag naar zelfstandigen normaliseert. De in het kader van het woord ‘deregulering’ gesuggereerd level playing field, waarbij opdrachtgevers en zelfstandigen op een basis van een gelijkwaardige machtspositie tot afspraken komen, ontbreekt immers ten enenmale. Het is een van de belangrijkste misvattingen en weeffouten uit de Wet DBA. Toch wil ik aandacht vragen voor de ‘vox populi’ onder de zelfstandige interim professionals. Voor zo ver wij daar – laten we eerlijk zijn – een volledig en representatief beeld van hebben. Ten eerste is er verbazing. Hoe heeft het toch zo kunnen komen dat er beleid is ontwikkeld zonder heldere definitie vooraf van wat schijnzelfstandigheid is (dus ook zonder dat onbewust schijnzelfstandigen zichzelf hebben kunnen voorbereiden op de gevolgen van de wetswijziging), zonder heldere definitief van wat nu het probleem is, zonder integrale visie op de flexibele arbeidsmarkt en de positie van de zzp’er daarin en zonder duidelijke regie op wat toch een majeure wijziging in de markt is. Een beleid dat ook op geen enkele manier rekening houdt met de enorme pluriformiteit van de markt voor zelfstandigen. En dat in de wetenschap dat dit beleid is ontwikkeld in samenwerking met de polderpartners en met goedkeuring van het overgrote deel van de Tweede Kamer. Plus de wetenschap dat er (anders dan wat de Staatssecretaris suggereert) wel degelijk gewaarschuwd is dat deze aanpak niet zou gaan werken. Maar die verbazing slaat de laatste weken ook om naar verbijstering. Er is waardering voor het feit dat politici en een aantal belangenorganisaties (soms vrij plots) zich afkeren van de Wet DBA. De verbijstering zit hem in het opportunisme waarmee dat soms gepaard gaat (in zijn VVD filmpje spant de Staatssecretaris daarbij de kroon). Bijna zonder uitzondering komt het geluid tegen de Wet DBA immers van partijen en organisaties die hun handtekening onder de Wet hebben gezet. Het wachten is nog op iemand die tegen de zelfstandigen die nu onbedoeld, onverwacht en naar hun idee onterecht hun omzet hebben zien kelderen zegt: ‘sorry, we hebben een fout gemaakt’. Voor de langere termijn? Het gros van de zelfstandige interim professionals is ondernemend genoeg om zich aan te passen aan gewijzigde omstandigheden en wetgeving. Zolang voor hen maar klip en klaar duidelijk is waar ze exact (en met zekerheid vooraf) aan moeten voldoen. Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | 10s Reacties
Aantal online opdrachten voor ZP’er blijft groeien. Fors verschil tussen vraag en aanbod tarief. Geplaatst 29 november 2016 door ZiPredactie Het aantal opdrachten voor zelfstandige interim professionals dat op internet verschijnt, blijft groeien. In het afgelopen kwartaal verschenen er 8.250 verschillende interim opdrachten op de vele websites met opdrachten die Nederland rijk is. Planet Interim verzamelde al die opdrachten, ZiPconomy analyseerde de bijbehorende data. Iets meer dan een kwart van alle online opdrachten zijn opdrachten bij een overheidsinstelling. IT’ers worden het meest gevraagd. Wat verder opvalt is dat er een fors verschil zit tussen wat de interim professionals wensen als tarief en wat opdrachtgevers aanbieden. Dat verschil is bijna € 40,- euro per uur! Overheid en IT koplopers Wanneer we alle opdrachten uitsplitsen naar sectoren, dan springt de Overheid (dat is exclusief Onderwijs en Zorg) er met 2.307 opdrachten duidelijk bovenuit. Zoals bekend gebruiken veel overheden online marktplaatsen om aan kandidaten te komen. Ook opdrachten binnen de financiële sector (o.a. banken, verzekeraars) zijn veelal online te vinden (bijna 1.500), met de IT-sector als goede derde (725 opdrachten). Niet geheel onverwacht is er vooral vraag naar IT specialisten. Met in het derde kwartaal 4.252 IT opdrachten, een kleine 7% meer dan in het tweede kwartaal. Binnen de IT-functies staan de ‘IT- architecten’ weer bovenaan. Marketing, sales & communicatie functies staan overigens op de tweede plek (1.234 opdrachten) en management & consultancy opdrachten met 964 opdrachten op plek drie. Grote verschillen in wens en aanbod tarief Opvallend is het grote verschil tussen wat zelfstandige interim professionals aangeven als gewenst tarief en de tariefindicatie die opdrachtgevers bij een opdracht vermelden. De professionals geven, wanneer ze zich inschrijven bij Planet Interim een gewenst tarief op. Het gemiddelde ‘wenstarief’ in het derde kwartaal van alle nieuwe inschrijvingen is € 97,85 per uur. Ook opdrachtgevers publiceren vaak een tariefindicatie bij een opdracht. Dat ligt met € 58,00 wel een fors stuk lager. In die zin lijkt er sprake te zijn van een mismatch op de markt. De vraag is of opdrachtgevers te laag willen inkopen of dat interim professionals te hoog inzetten. Het is wel goed om hierbij te vermelden dat het bij het tarief van de interimmers niet gaat om een concrete opdracht. Dan kan het tarief een stuk lager zijn, afhankelijk van het niveau van de opdracht of aantrekkelijkheid van de opdrachtgever. Bovendien is het tarief van de opdrachtgevers een indicatie. Het is goed mogelijk dat het uiteindelijk afgesproken tarief een stukje hoger ligt. Wanneer we deze data van Planet Interim echter vergelijken met eerder onderzoek van ZiPconomy over de tarieven van gegunde opdrachten op marktplaatsen van overheden, dan zien we dat die tariefindicatie bij Planet Interim op 67,- per uur ligt maar het daadwerkelijk overeengekomen tarief in dezelfde sector op € 72,11. Het daadwerkelijk overeengekomen uurtarief ligt, althans in de sector overheid, dus een stuk dichter bij de tariefindicatie van de opdrachtgever, dan het wenstarief van de interim professionals. Die overheden, zo bleek uit een eerder artikel, herkennen zich overigens wel in het verschil in tarief tussen de wens van de interimmer en de indicaties die ze zelf in hun hoofd hebben. Volgens een aantal managers inhuur van overheden schrijven zelfstandigen structureel te hoog in op die opdrachten. Voor IT-opdrachten ligt de tariefindicatie met 70,- per uur overigens het hoogst, ruim 10% hoger dan managementopdrachten. Schaarste in IT-profielen speelt hier duidelijk een rol. Dat geldt ook wanneer we op sectorniveau kijken. Daar staat de voedingsmiddelen- en drankenindustrie bovenaan. In die sector wordt voornamelijk gevraagd om zeer sectorspecifieke opdrachtprofielen (deze zijn schaarser, dus geldt een hoger tarief), denk aan Quality Assurance en Quality Validation opdrachten of specifieke vrij technische georiënteerde Product Management opdrachten. De data Het bij elkaar brengen en analyseren van gegevens van zo veel online interim-opdrachten geeft een belangrijk inzicht in trends en ontwikkelingen in de interim-markt. Zeker wanneer we – zoals we van plan zijn – die data elk kwartaal zullen bekijken. Natuurlijk is op deze cijfers wel wat af te dingen. Ten eerste: niet alle opdrachten voor interim professionals verschijnen online. Waren een aantal jaar geleden vooral opdrachten in het middensegment online te vinden, nu zien we daar ook steeds meer zwaardere opdrachten. Maar juist in dat segment zal een deel niet online te vinden zijn. Dit verklaart deels het verschil tussen het wenstarief en het aangeboden tarief. Anderzijds zegt het ook dat opdrachtgevers wellicht juist ook hun zwaardere opdrachten online kunnen posten of de databases kunnen raadplegen aangezien de doelgroep daar intussen aantoonbaar te vinden is. Verder gebruiken overheden, in verband met aanbestedingsregels, vaker eigen marktplaatsen dan profit bedrijven. Dat is deels een verklaring voor het relatief hoge percentage overheidsopdrachten in deze cijfers. Planet Interim en ZiPconomy zullen gezamenlijk periodiek aandacht geven aan deze cijfers, inclusief trends en ontwikkelingen per sector en functiegebied. Zowel met betrekking tot vraag en aanbod, als tarieven. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags cijfers, marktonderzoek, onderzoek, tarief | Laat een reactie achter
Verkiezingsprogramma DENK: voucher van €750,- voor startende ondernemer Geplaatst 28 november 2016 door Juliette de Swarte Met de verkiezingen in aantocht houdt ZiPconomy alle politieke partijen nauwlettend in de gaten. Wat hebben ze voor de zelfstandige ondernemers in petto? Vandaag: het verkiezingsprogramma van DENK. Startende ondernemers krijgen een voucher en middenstanders meer belastingvoordelen. DENK wil ook een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers invoeren. Wie denkt aan DENK denkt natuurlijk aan Sylvana, Erdogan en… de ‘inclusieve samenleving’. Is dat ook inclusief de zelfstandige? Over die zzp’er heeft DENK wel iets te zeggen in het verkiezingsprogramma. Maar vooral over de kleine middenstander. Niet de grote multinational, want die kan zich volgens DENK prima zelf redden. Olie voor ‘t MKB Het midden- en kleinbedrijf, daar moet meer aandacht voor komen volgens DENK. Want mkb’ers zijn de Nederlandse banenmotor. Ze zorgen voor 70% van de werkgelegenheid in de marktsector en voor 61% van het BBP. En om goed te kunnen draaien heeft die motor olie nodig. Nu worden er volgens DENK nog te veel kredietaanvragen van mkb’ers bij banken afgewezen. Deze ondernemers, zo zegt DENK, hebben meebetaald aan het redden van de banken maar krijgen nu van diezelfde banken geen krediet. Oftewel, de bankenbelasting moet omhoog. Dat geld kan dan weer mooi gebruikt worden om een Nationale Ondernemerskredietbank op te richten. Verplicht verzekeren arbeidsongeschiktheid Verder moet de zzp’er een potje hebben voor zijn oude dag. Pensioenopbouw in eigen beheer moet gemakkelijker worden en de fiscale aantrekkelijkheid van het sparen voor een eigen pensioen moet vergroot worden. En dan dat andere heikele punt: verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid. DENK maakt zich zorgen. Ze vinden het onverantwoord dat steeds meer mensen onverzekerd deelnemen aan de arbeidsmarkt. (zo’n 1 op de 10 mensen van de arbeidsbevolking krijgt te maken met arbeidsongeschiktheid). Verzekeren voor arbeidsongeschiktheid moet dus verplicht worden voor zzp’ers, vindt DENK. En de overheid moet zorgen dat het financieel haalbaar wordt. Startende ondernemers krijgen een voucher van 750 euro De beginnende ondernemer kan wel een steuntje in de rug gebruiken. Nu wordt binnen 5 jaar 40% van de nieuwe bedrijven opgedoekt. Van DENK krijgt daarom iedere startup een voucher van 750 euro waarmee belastingvrij diensten kunnen worden ingekocht. Of dat het verschil maakt kun je je sterk afvragen. Meer belastingvoordelen voor het mkb Naast olie heeft een motor ook zuurstof nodig, zegt DENK. Daarom willen ze iets doen aan de regel- en belastingdruk voor ondernemers. Mkb’ers moeten zo veel mogelijk ondersteund worden in hun groei en werk met belastingvoordelen. Om te beginnen een verhoging van de mkb winstvrijstelling en verruiming van de kleineondernemersregeling. Wat vindt u, heeft DENK er goed over nagedacht? Zie volledige verkiezingsprogramma van DENK. ZiPconomy brengt alle standpunten van de verschillende politieke partijen tijdens dit verkiezingsseizoen bijeen, onder andere via dit speciale ZiPdossier: Verkiezingen 2017 Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags verkiezingen 2017 | 3s Reacties
Niet de banen, maar de robots komen terug uit China Geplaatst 28 november 2016 door Bas van de Haterd Het NRC komt dit weekend met een mooi artikel met de kop: de politicus die banen wil terugbrengen, krijgt robots. Eindelijk is er nu ook ‘wetenschappelijk bewijs’ dat de globalisering op zijn retour is en we dus niet de wereldhandel of de vrijhandel de schuld moeten geven van het banenverlies in Europa. de Groningse hoogleraar Marcel Timmer heeft een hele reeks gegevens over de wereldhandel naast elkaar gelegd en komt tot de conclusie dat de wereldhandel op zijn retour is en de banen die we steeds naar lage lonen landen hebben verplaatst niet terug gaan komen, omdat ze deels ook daar al weer vervangen zijn door robots. (meer…) Geplaatst in nieuwe banen, Toekomst visie | Laat een reactie achter
Al je recruitment uit handen geven, hoe eng is dat eigenlijk? Geplaatst 28 november 2016 door Mark Bassie Al je recruitment door een ander laten doen, is dat handig of niet? In een nieuwe serie proberen we daar licht op te werpen, en meteen de RPO-markt in kaart te brengen. RPO, voluit: Recruitment Process Outsourcing, is nog (steeds) niet erg bekend in Nederland en België. Harde cijfers zijn er niet, maar de meeste RPO-dienstverleners in de Benelux rapporteren eerder tientallen dan honderden klanten die hun werving en selectie durven uitbesteden. In Amerika al 35 procent Hoe anders is dat in Amerika. Volgens onderzoek uit 2015 van SIA werkte 35% van de onderzochte bedrijven in Amerika al met een RPO-aanbieder en 25% zei het de komende 2 jaar van plan te zijn. Dat soort cijfers zit er bij ons voorlopig niet in. Hier zijn zo’n 20 RPO-partijen actief In Nederland (en België) zijn momenteel zo rond de 20 bedrijven actief met het geheel of gedeeltelijk overnemen van andermans recruitmentprocessen. Deze zogeheten RPO-aanbieders geven in principe onder de naam van de opdrachtgever vorm en inhoud aan de werving en selectie van personeel, dat vervolgens in loondienst komt van de opdrachtgever. En dan gaat het dus over het hele proces: niet alleen om advies over hoe je het juiste talent gaat vinden en verbinden, maar ook om de keuze van de juiste hulpmiddelen en platforms, de inzet van social media, zorgen voor de juiste candidate experience tot en met de onboarding van de kandidaten. De war for talent vraagt om uitbesteden RPO is een ingrijpend proces, waarbij je de volledige uitvoering overdraagt. Menig manager peinst er in eerste instantie dan ook niet over om dit aan een extern bedrijf uit te besteden. Toch zijn er ook veel voordelen te verzinnen die pleiten voor een RPO. Zo valt er iets voor te zeggen om échte specialisten in te schakelen in de ‘war for talent‘. RPO levert bovendien flexibiliteit: als je het ene moment honderden vacatures hebt, en het volgende bijna 0, dan is het niet efficiënt die vraag volledig met eigen – vaste – recruiters op te lossen. Er zijn veel redenen die pleiten voor een RPO We zijn al gewend aan MSP’s Een RPO gaat veel verder dan de traditionele dienstverlening van een werving- en selectiebureau. Wel zijn we in Nederland inmiddels redelijk gewend aan een vergelijkbaar proces: de MSP, ofwel: de Managed Service Provider, die voor veel organisaties de flexschil beheert. Daarom is ook groei van RPO de komende jaren wel te verwachten, van ‘totale RPO’s’ tot deel-RPO’s, waarbij bijvoorbeeld het ‘recruiten’ van alleen kandidaten in een schaars segment wordt uitbesteed, of waarbij in een ‘project-RPO’ gedurende een bepaalde periode gericht kandidaten worden geworven. Wie zijn de aanbieders tot nu toe? In totaal zijn er zeker 20 bedrijven die RPO aanbieden in Nederland en België. Bekende partijen zijn (in willekeurige volgorde): Hays, Compagnon, People4Office, Tjellens, Sterksen, ENHR solutions, Recruitin, Yoores Recruitment Solutions, Solvus, Randstad Sourceright en TAPFIN. De verschillende aanbieders zijn grofweg in 3 categorieën in te delen: #1. Internationale aanbieders De internationale aanbieders bieden naast RPO- meestal ook MSP-dienstverlening aan. Door RPO en MSP te combineren, wordt wel gesproken van Total Talent Acquisition en dit meestal zelfs wereldwijd. Partijen die dit doen zoeken naar het juiste talent, ongeacht het soort contract dat eraan wordt verbonden (dus vast en flex samen). #2. Nederlandse specialisten De specialisten bestaan uit meestal Nederlandse bedrijven die RPO als enige of als belangrijkste dienst aanbieden. Sommige partijen zijn ook actief in andere Europese landen. #3. Nederlandse gemengde aanbieders Er zijn ook RPO-aanbieders die naast RPO nog andere HR-diensten aanbieden, zoals bemiddeling van HRM’ers en recruiters en ondersteuning van HRM-beleid en uitvoering. Alle aanbieders onderzocht Samen met het Belgische The Flex Academy voert het Nederlandse Flex-Beheer momenteel een vergelijkend onderzoek uit naar alle bekende aanbieders. Doel is om inzicht te bieden aan potentiële opdrachtgevers over wie de aanbieders van RPO zijn, wat ze precies aanbieden, waarmee ze ervaring hebben, waarin ze zich onderscheiden en in welke van de 3 genoemde categorieën de aanbieders precies thuishoren. Rapport verschijnt in januari 2017 Het onderzoeksrapport verschijnt in januari 2017. In de aanloop hiervan verschijnt er op Werf& en ZiPconomy een reeks verdiepende artikelen over RPO, geschreven door verschillende RPO-aanbieders of door bedrijven die RPO faciliteren, zoals Carerix. Mark Bassie & Marleen Deleu Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags recruitment, RPO | 8s Reacties