Maandelijkse archieven: december 2016

VVD, PvdA zien definitief niets in suggestie Commissie Boot voor snelle reparatie Wet DBA

De VVD en PvdA zien definitie niets in verschillende suggesties voor een snelle reparatie van de Wet DBA. Moties van de oppositie daartoe, ingediend in het kamerdebat, werden vanmiddag allemaal weggestemd. Signalen dat de belofte van Wiebes om geen boetes uit te delen met name voor grotere organisaties niet genoeg is om weer zzp’ers in te huren, worden daarmee genegeerd. Pas laat in 2017 zal duidelijk worden hoe de vastgelopen wet wordt vlot getrokken.

Prof Boot: voor tijdelijke reparatie geen aanpassing arbeidsrecht nodig

Prof Gerrard Boot, die met zijn commissie de Wet DBA door lichtte, ziet voldoende ruimte om de wet op korte termijn te repareren. Volgens Boot kunnen met het introduceren van een aantal criteria rond duur van de opdracht, hoogte tarief en aard van de werkzaamheden duidelijk gemaakt worden welke opdracht zeker niet ‘gedwongen schijnconstructies’ zijn.  Criteria die aansluiten bij hoe rechters nu beoordelingen of iemand nu wel of niet in loondienst is.

Voordeel hiervan is dat op korte termijn al meer vooraf zekerheid gegeven kan worden aan opdrachtgevers. Volgens Boot kan dat prima zonder dat daar het arbeidsrecht voor aangepast hoeft te worden. Het gaat volgens Boot immers primair om een fiscale beoordeling van de relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Een aanpassing van het arbeidsrecht, als dat al nodig en gewenst is, kan dan later volgen.

Geen tijdelijke oplossing

Met name het VNONCW voelt niets voor een dergelijke tijdelijke oplossing, zo liet Wiebes in het Kamerdebat van vorige week weten. Een suggestie van VVD Kamerlid Ziengs om een bijvoorbeeld een tariefgrens in te stellen, ging daarmee van tafel. Waarschijnlijk neemt de werkgeversorganisatie, die veel grote opdrachtgevers van zzp’ers vertegenwoordigen, het punt van de Wet DBA liever mee in een grote geheel van nieuwe onderhandelingen met de vakbonden over de arbeidsmarkt.

Wiebes stapt nu – bewust of onbewust – in het moeras van een aanpassing van het arbeidsrecht

Een motie van de PvdA om de criteria van Boot wel mee te nemen bij het opstellen van nieuwe regels, werd wel aangenomen. Maar daarbij gaat het om ontwikkelen van criteria die pas na de verkiezingen duidelijk kunnen worden.

Wiebes stapt nu – bewust of onbewust – in het moeras van een aanpassing van het arbeidsrecht. Samen met Minister Asscher. “De praktijk moet weer gaan aansluiten op de juridische werkelijkheid”, zo maakte Asscher zijn insteek tijdens het debat duidelijk.  Dat hij, als zoon van een voormalige hoogleraar Arbeidsrecht, als een complexe operatie ziet eens onderstreepte hij door in het debat een hele rits wetgeving op te noemen die met zo’n aanpassing samenhangt: “Ik noem de Arbeidsomstandighedenwet, de Arbeidstijdenwet, de Wet arbeidszorg, de Wet op de ondernemingsraden, de Wet op de cao, de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de WIA, talloze ILO-verdragen en talloze EU-richtlijnen. Met andere woorden, de Wet op de arbeidsovereenkomst is niet een wet waar je even een paar aanpassingen in aanbrengt.”

Het is een tamelijk helder signaal. Wiebes en Asscher willen snel na de verkiezingen de formateurs een oplossing aanbieden, maar de kans lijkt reëel dat ze er in zijn geheel niet gaan uitkomen. Waarmee de gewenst duidelijkheid nog langer op zich zal laten wachten. De markt zal het voorlopig moeten doen met de mantra van Wiebes: ‘geen handhaving, geen boetes’. Behalve voor de kwaadwillenden, zo werd ook nog in een aangenomen motie bevestigd.

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , | 27s Reacties

Belastingdienst keurt modelovereenkomst Bovib goed

De Belastingdienst heeft de modelovereenkomst van de Brancheorganisatie voor intermediairs en brokers (Bovib) positief beoordeeld. Dat is goed nieuws voor de leden van de Bovib, maar met name voor opdrachtgevers en zelfstandigen: zolang zij conform deze overeenkomst werken kunnen zij ‘veilig’ via een intermediair aan de slag en hoeven zij zich geen zorgen te maken over (na)-heffingen van de Belastingdienst, zo meldt de Bovib in haar persbericht.

De invoering van de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) in mei van dit jaar zorgt ervoor dat opdrachtgevers en opdrachtnemers samen verantwoordelijk zijn voor de fiscale gevolgen van de arbeidsrelatie. Door te werken met modelovereenkomsten kan hier invulling aan worden gegeven.

Het oorspronkelijke doel van de modelovereenkomsten is dat de Belastingdienst daarmee vooraf zekerheid kan bieden aan opdrachtgevers dat ze met zelfstandigen mogen werken. De Bovib heeft echter aanwijzingen dat sinds de invoering van deze wet 150.000 opdrachten niet zijn ingevuld door zelfstandigen en hier lijkt nog geen verandering in te komen sinds staatssecretaris Wiebes de handhaving van de wet heeft opgeschort.

Dit laat onverlet dat de leden van de Bovib zich aan de wet willen houden. De huidige gedoogconstructie brengt hier geen verandering in. Rob de Laat, voorzitter van de Bovib: “Er heerst nog steeds veel onzekerheid bij opdrachtgevers over de huidige gedoogsituatie. Niemand weet op dit moment waar hij aan toe is. Opdrachtgevers willen zekerheid dat ze zich aan de wet houden en de Bovib geeft hier namens hen gehoor aan met deze modelovereenkomst. De Bovib heeft altijd een constructieve houding aangenomen in het DBA-debat en hoewel wij pleiten voor een moratorium van twee jaar om de tijd te nemen om echt te werken aan een rechtvaardige arbeidsmarkt met een wettelijke verankering van de zelfstandige, zullen wij ons altijd voor onze opdrachtgevers inzetten om hen zekerheid te bieden dat ze voldoen aan de wet.”

De modelovereenkomst is bedoeld voor situaties van tussenkomst en wordt beschikbaar gesteld aan alle Bovib-leden. De Belastingdienst geeft in de begeleidende brief aan dat het werken volgens deze modelovereenkomst naar hun mening leidt tot werken buiten dienstbetrekking.

Het verschil daarbij ten opzichte van reeds eerder goedgekeurde modelovereenkomst voor tussenkomst, waarmee bemiddelingsbureaus werken, is dat bij de Bovib-modelovereenkomst een tweede overeenkomst met de klant hoort. Hierdoor bestaat er duidelijkheid in de gehele keten. Daarnaast zijn begrippen als “gezagsverhouding” en “persoonlijke arbeid” gedefinieerd en is het vage begrip “gebruikelijke duur”, als opgenomen in de algemene modelovereenkomst voor tussenkomst, in de Bovib overeenkomst niet opgenomen.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | 49s Reacties

Blockchain voorbeelden

bitcoinDe blockchain is momenteel hot. Er wordt veel over geschreven en de hype is groot. Niet dat de Blockchain een hype is, dit is technologie met een gigantisch potentieel. Dat gezegd hebbende zijn er ook heel veel verhalen over en wordt de Blockchain momenteel ongekende macht toegekend. Macht van magische proporties.

De Blockchain is gigantisch belangrijk. Ik vermoed dat binnen 10 jaar elke organisatie ermee te maken krijgt, net als dat elke organisatie op de één of andere manier momenteel met het internet te maken heeft. Blockchain heeft magische krachten, net als het internet zeg maar, maar geen ongelimiteerde krachten. Daarom een stukje met wat concrete voorbeelden.

(meer…)

Geplaatst in Communicatie, Organisatiemodellen | 2s Reacties

Managen inhuur externen in 2017: “Preparing for an uncertain future”

Na een (wereldwijd) turbulent 2016 wordt het er in 2017 niet rustiger op. Zeker niet voor managers en professionals die verantwoordelijk zijn voor inhuur van extern personeel. Bryan Peña van Staffing Industry Analists geeft advies hoe die managers inhuur zich kunnen voorbereiden op een onzekere toekomst.

It is safe to say that 2016 has been a tumultuous year. From the chaos that comes with the American presidential election cycle, to the sovereign debt crisis that affected global markets, to the stunning Brexit vote, which threatens the European Union itself, the list goes on. Simply put, now more than ever, we are confronted with an uncertain future. In 2017 we will be forced to deal with this uncertainty and create strategies to survive if not thrive under difficult circumstances. The question then becomes what can you do to prepare?

See the big picture. Many programs owners toil away in a life of quiet desperation, working on discrete goals and undeniably bringing real value to their organizations while having little understanding as to how their program contributes to the company’s bottom line. While it is important to always have a firm grasp of the role your program plays in creating a competitive advantage, it is especially so in trying times.

Understand how your program relates to the company’s ability to be competitive enables you to focus your program resources where they will have the greatest impact. Maybe your program is nimble enough to provide the on-demand labor to get the product out the door faster. Or your program is able to reduce the time to value for new product launches. Beyond saving money and improving efficiency, your program may bring tremendous competitive value if you just look beyond margin savings.

Start at the beginning. Take the opportunity to revisit your program charter documents, RFx files and supplier contracts. Usually, you will find a consistent theme in these files, but if not, ask yourself: Why was the program created? What was the vision for full implementation? Were the volume considerations realistic and what were the expected performance standards of the providers? Basically, what you need to discover is the DNA of your program and then you need to test all those assumptions from the past against the realities of the current time.

Often, we connect with a program owner who is not able to articulate why they have the provider they do and why the program is structured as it is. This is not necessarily because the parties are not performing, but maybe because the DNA of the program is not aligned with current market realities. As Einstein reportedly said: If you judge a fish by its ability to climb a tree, it will live its whole life believing that it is stupid. Once you have gap-tested your program’s DNA against your current expectations, you can use this information to make a more current program structure instead of beating up your partners for playing by the rules of an old game.

Support your suppliers. It is a natural tendency of many program managers to take out their organizational challenges on their suppliers. These are usually implemented in the form of blanket reductions in margin (i.e., “reduce all bill rates by 10% or we will fire you from the program”). While this is a tempting shortcut to savings, you may be missing out on real value by taking a different approach. Don’t get me wrong. I’m a career procurement professional and you will be hard-pressed to find anyone more committed to saving money than me, but there are often more significant savings to be found by working with your suppliers. Your suppliers will often know where the savings opportunities lie and will be willing to work with you to identify them. For example, your suppliers may be able to identify job categories that are out of alignment with the market or help seek out instances where candidates are not correctly classified.

Seek out challenges. Often, contingent workforce initiatives may die a slow death on the drawing board or at the business case level as other organizational priorities emerge. In challenging times, those priorities sometimes fall by the wayside. Use the uncertain future as the burning platform to take on established norms and inefficient processes. That VMS implementation that was once deemed not important may suddenly rush to the front of the queue as your company seeks to stamp out risk or save money.

No matter what the future holds by paying attention to the right things, you can start crafting a program that is bullet proof regardless what comes your way.

Bryan Peña, CCWP, is senior vice president, contingent workforce strategies and research at Staffing Industry Analists 

(dit artikel is eerder verschenen op de website van SIA)

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

De vier finalisten Interim Challenge 2017 bekend

Niek, Kjeld, Klaas en Hans. Dit zijn, in alfabetische volgorde, de vier finalisten van de Interim Challenge 2017. Op 10 januari strijden ze tijdens het congres ‘Survival of the Fittest: Succes ontleed’ om de titel Supply Chain Interim Manager 2017. ‘Persoonlijkheid is daarbij net zo belangrijk als vakkennis,’ aldus directeur Michel van Buren van BLMC, dat de Interim Challenge organiseert.

Hoe weet je of een interim manager echt goed is in zijn vak? Of hij niet alleen kennis en ervaring heeft, maar ook de competentie om mensen mee te nemen in een grote verandering? BLMC schreef hiervoor de Interim Challenge 2017 uit. De deelnemers werkten een complexe case uit, rondom het fictieve bedrijf Lion Textiles Group. De interim managers die dat het beste deden, zijn op 6 en 7 december onderworpen aan een kritisch interview.

De finalisten

De finalisten zijn, in alfabetische volgorde:

Kenmerken van een goede interim manager

‘Naast vakkennis, ervaring en inzicht is het belangrijk dat een interim manager ook in staat is de aanbevolen verandering voor elkaar te krijgen,’ aldus Michel van Buren. ‘Daar hebben we in de gesprekken op gelet. Een goede interim manager kan een groep mobiliseren en tempo maken, maar neemt ook de tijd om te praten met mensen die niet mee kunnen of willen. Met alleen macht of kennis red je dat niet; er is empathie voor nodig, en tegelijkertijd afstand. Een verandermanager zal altijd het geheel blijven overzien en zich inzetten voor de beste oplossing. Deze finalisten hebben dat in zich.’

Finale 10 januari 2017.

Tijdens de finale op dinsdag 10 januari zal een deskundige jury onder leiding van prof. dr. Robert Jan Blomme bepalen wie zich ‘Supply Chain Interim Manager 2017’ mag noemen. De finale vindt plaats tijdens het directiecongres ‘Survival of the Fittest: Succes ontleed’, in de Officierskantine, legerplaats ’t Harde (nabij Zwolle). ‘Tijdens dit congres voor directieleden en senior managers staat ‘succes’ centraal’ vertelt Van Buren. ‘De winnaar van de Interim Challenge 2017 zal hier zijn winnende case presenteren, daarnaast treden er verschillende prominente sprekers op.’

Over de Interim Challenge 2017

De Interim Challenge is een jaarlijks terugkerende wedstrijd voor interim managers in supply chain management. In 2016 vond de eerste editie plaats. De Interim Challenge wordt georganiseerd door BLMC. Zie ook www.blmc.nl/interimchallenge.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter

Uitstel Wet DBA. Hoe gaan de grote organisaties daarmee om?

De Wet DBA is in de ijskast gezet. Dat werd gisterenavond in een Kamerdebat nog eens bevestigd. “Geen handhaving, geen boetes”, zo herhaalt Staatssecretaris Wiebes telkens weer.  “Gaat u gerust weer zzp’ers inhuren”.  Moest de inspiratiesessie van YACHT over de Wet DBA dan nog wel doorgaan? Juist wel, vond iedereen. Zo konden organisaties zien hoe anderen het aanpakten en of ze op de goede weg waren.

“What has been seen cannot be made unseen.” Bram van Beetz directeur Strategic Client Solutions, Yacht opent de dag. Handhaving van de DBA gaat voorlopig niet gebeuren maar de geest is uit de fles. Oftewel, de DBA daar moeten organisaties wat mee.

Bij Yacht werd de ernst van de DBA duidelijk toen er bij een van hun klanten paniek uitbrak. Tot aan de Raad van Bestuur aan toe. Met Wet DBA zouden ze een onmisbare zzp’er moeten uitzwaaien. Van Beetz ging na hoeveel zzp’ers er in eigen bedrijf rondliepen. “We dachten dat ze op één hand te tellen waren. Het bleken er toch fors meer dan gedacht.” Maar voor Yacht werd de Wet van een vloek een zegen. Want, zo zegt Bram, nu werden ze gedwongen na te denken over de rol van zelfstandige professionals in organisaties.

Eerst even de meningen peilen…

Vonden ze (ABN AMRO, Friesland Campina, PGGM, Universiteit Groningen..) het eigenlijk jammer dat de Wet is opgeschort? Het merendeel (59%) niet. Ze zijn  blij dat ze nu wat extra tijd krijgen. Jan-Willem Weijers, Friesland Campina: “Nu kunnen we de kernbegrippen helder krijgen.” Anderen zijn blij dat ze de goede mensen nog even kunnen houden. Volgens een HR-medewerker van een ziekenhuis is “De deur voor zelfstandigen weer op een kiertje gezet.”

Een andere stelling: “Ondanks uitstel gaat mijn organisatie gewoon door DBA-proof te worden.” Opvallend veel aanwezigen zijn het daar mee eens: 89%. Het maakt één ding al snel duidelijk: de aanwezige grote, corporate organisaties willen bovenal compliant zijn met de wet. Waardoor de stelling “We gaan meer bewust om met de inzet van zzp’ers” niet heel verrassend door 75% instemmend wordt beantwoord.

Inkoop, HR en zzp’er aan het woord

Volgens Pierre Spaninks, zzp-expert, zitten opdrachtgevers, inhuurders, zzp’ers allemaal in hetzelfde schuitje. Alle drie moeten dealen met de DBA. En alle drie hebben te maken met een wereld die flexibiliseert. “Helaas zijn overheid en vakbonden daar nog niet helemaal van doordrongen.” Van die flexibilisering dan. En dan moet je volgens Spaninks niet denken aan ‘oppervlakkige’ flexibilisering – vaste werknemers vervangen voor flexwerkers. Maar een diepere vorm: niet een organisatie met een flexibele schil maar een flexibele kern. Denk aan een Uber, Airbnb, Alibaba. Maar hoe ver zijn we met de diepere flexibilisering? Dat lijkt sinds de DBA toch wat ingewikkelder geworden.

Spaninks: “Hugo-Jan Ruts heeft met zijn platform ZIPconomy een rondje gemaakt langs managers die verantwoordelijk zijn voor het inhuurbeleid van grotere ondernemingen. Uit zijn inventarisatie blijkt dat de verlenging van de implementatieperiode en de aankondiging dat er niet gehandhaafd wordt, geen enkel effect heeft op het standpunt van die grote inhuurders ten aanzien van de Wet DBA. De deur voor zzp’ers zit daar grotendeels op slot en dat blijft zo.”

Daar zijn de aanwezige organisaties het niet helemaal mee eens. Van verschillende kanten komt al snel de reactie dat ze absoluut niet tegen zzp’ers zijn. Wel willen ze zich houden aan wet- en regelgeving. “Zzp’ers hebben daar wel begrip voor. Alleen kunnen zij daar niet zo veel mee.” volgens Spaninks. “Degenen die nog in lopende opdrachten zitten maken zich zorgen over de voortzetting daarvan, degenen die momenteel geen opdracht hebben, vragen zich af of zij die ooit nog zullen krijgen, en degenen die een mooie opdracht zijn kwijtgeraakt of misgelopen, zijn boos of verdrietig of allebei.”

Met de DBA kan meer dan je denkt

Ramon Baijens, ROC Midden Nederland en tweede spreker van de middag, was bepaald niet pessimistisch gestemd. Het ROC Midden-Nederland groeit. Er is veel vraag naar nieuw personeel. Mooi, want zo kunnen ze verjongen. Ook het ROC heeft een flexschil. Want, het is goed als docenten met één been in het werkveld staan. Die inhuur van flexwerkers regelden managers altijd zelf. Dat ging vaak wat rommelig. Tot YACHT. Met een intern ‘In House’ bureau voor externen, zodat ze dicht bij het vuur zitten. Ieder jaar vullen ze zo’n 150 opdrachten. Van experts uit de beroepspraktijk/ projectleiders tot docenten om gaten te vullen bij de algemene vakken.

Toen kwam de DBA. Baijens maakt zich, zo zegt hij zelf, niet snel druk. Dus toen ook niet. En hij dacht: Yacht regelt dat wel. Het bleek toch iets te simpel gedacht. Er werden risicoscans gemaakt. In totaal kwamen ze uit op een miljoen euro aan boetes die opgelegd zouden kunnen worden. Om de goede mensen binnenboord te kunnen houden gingen ze met hen judoën: in gesprek om eruit te komen. Uiteindelijk waren er slechts een paar echt lastige gevallen, met de meeste zelfstandigen kwamen ze er wel uit. DBA, of niet. Ze liggen, naar eigen zeggen, op de juiste koers.

Philips sluit risico’s uit

Joop de Graaf, Senior Sourcing Specialist bij Philips Group Procurement, maakt duidelijk dat Philips heeft alle risico’s uitgesloten. Toen de wet DBA zich aandiende had Philips dankzij haar MSP meteen goed zicht op alle zelfstandigen en de opdrachtduur. De Graaf: “Er zaten een paar tussen die al een paar jaar  bij ons werkten.” Die kwamen toen bovendrijven. Uiteindelijk hebben we enkele tientallen freelancers moeten vervangen of gedag moeten zeggen. “We konden niet met droge ogen zeggen dat in die gevallen geen sprake was van schijnzelfstandigheid. ”En het moge duidelijk zijn, wij als Philips zijn absoluut niet tegen freelancers maar buiten de nieuwe wettelijke regels en bij langdurige inhuur loop je voortaan als organisatie  risico’s”.

Opgelucht

Organisaties zijn gerustgesteld: ze zijn niet de enige roepende in de woestijn. Andere organisaties, groot en klein, kennen dezelfde uitdagingen en vinden soortgelijke oplossingen. Een feest van herkenning. Jan-Willem Weijers, Friesland Campina: “De middag was een bevestiging dat we op de goede weg zijn en een bedrijf als Philips dezelfde aanpak heeft.”

Handhaving van de Wet is even uitgesteld. Geen organisatie is tegen zzp’ers. Wel  willen ze zich houden aan wet- en regelgeving. Dus blijven ze dezelfde koers varen. Voor freelancers wordt, als dat nog niet gedaan is, gezocht naar oplossingen. Of zoals Inge Postma, Randstad het verwoordt: “Organisatie gaan vooral heel praktisch met de DBA om.” Huib de Langen, Rijksuniversiteit Groningen: “Je merkt dat veel doorgaan met hun beleid maar wel blij zijn dat ze nu meer ruimte en tijd hebben gekregen.”

Geplaatst in Professioneel inhuren | 39s Reacties