Maandelijkse archieven: oktober 2025

Einde van de daling? De vraag naar zzp’ers groeit in het laatste kwartaal

Zakelijke opdrachtgevers zijn weer vaker op zoek naar zzp’ers. De Freelance Markt Index (FMI) stijgt in het vierde kwartaal van 2025 naar exact 100 punten, de hoogste stand in anderhalf jaar. De onderzoekers spreken van ‘een keerpunt, na een jaar vol tegenwind’.

Het dieptepunt lag dit jaar in het eerste kwartaal (86), daarna volgde herstel in het tweede kwartaal (97). In de zomer daalde de index weliswaar naar 94 punten, maar dat cijfer was wel opvallend hoger dan in eerdere zomerperiodes. In het vierde kwartaal is het evenwicht hersteld met 100 punten.  

Evenwicht op de markt

De FMI is een kwartaalonderzoek op basis van gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) en een telefonische enquête onder 125 opdrachtgevers op Freelance.nl. De index geeft een beeld van vraag, aanbod en vertrouwen in de freelancemarkt. Het gaat specifiek om zzp’ers die hun eigen arbeid verkopen aan zakelijke opdrachtgevers.

Een index van 100 punten betekent dat positieve en negatieve signalen in evenwicht zijn. De onderzoekers zien het als een keerpunt. Hun belangrijkste les van afgelopen jaar: de politiek heeft forse invloed op de zzp-markt. “Richting 2026 ligt de bal nu bij het volgende kabinet: brengt het rust en richting, of juist nieuwe onzekerheid?” schrijven ze.

Zzp-beleid en politieke voorkeur

Freelancers zijn zich zeer bewust van de invloed van de politiek, blijkt uit het speciale verkiezingsonderzoek dat Freelance.nl uitvoerde. Voor 58 procent van de freelancers heeft het zzp-beleid invloed op hun stemkeuze.

Een groot deel van de ondervraagden wil vooral dat het nieuwe kabinet duidelijkheid schept over de criteria voor zelfstandigheid (39,1%). Ook wil de meerderheid dat de handhaving op de huidige onduidelijke regels stopt (57,9%). Iets meer dan een derde van de zzp’ers vindt dat handhaving op schijnzelfstandigheid alleen in risicosectoren moet plaatsvinden (36,1%).

Zzp’er kiest vrijheid en maatwerk

De zzp’er wil maatwerk. Er is dan ook veel weerstand tegen een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov): een meerderheid van 36,1 procent steunt dit alleen als er een opt-out of keuzevrijheid is. De meeste freelancers overwegen dan ook te stemmen op liberale partijen: VVD (20%) en D66 (14%) zijn het meest populair.

Vooruitzichten vierde kwartaal 2025

De komende drie maanden verwachten de onderzoekers meer werk voor zzp’ers. Ruim een derde (35%) van de bedrijven is van plan het komende kwartaal meer freelancers in te huren. Wat verder opvalt, is dat de krapte op de markt voorbij is: 61 procent van de opdrachtgevers vindt gemakkelijk geschikte freelancers.

De voornaamste redenen om zzp’ers in te zetten zijn capaciteit, kwaliteit en ervaring. Die verschuiving zie je terug in de selectiecriteria: 80 procent van de opdrachtgevers noemt ervaring als belangrijkste factor, terwijl nog maar 6 procent primair op tarief selecteert. Voor het eerst zien bedrijven de sterkste groei in vraag binnen het vakgebied marketing/sales.

Slechts 2% volledig op locatie

Projecten duren gemiddeld langer (68% duurt vier maanden of langer) en twee derde (65%) van de freelancers werkt inmiddels hybride. Slechts 2 procent van de freelancers werkt nog volledig op locatie.

Toch blijven sommige opdrachtgevers terughoudend. Onzekerheid over nieuwe wetgeving is de grootste rem op de inhuurverwachtingen: 31 procent noemt dit als de belangrijkste onzekerheidsfactor.

Meer weten? Download hier de Freelance Markt Index Q4 2025.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , , | 1 Reactie

Webinar ZZPKiest: de belangrijkste partijplannen voor zzp’ers onder de loep

In een speciaal webinar tijdens de Werf& en ZiPconomy Webinar Week deelden ZiPconomy-oprichter Hugo-Jan Ruts en Sem Overduin, Head of Public Affairs bij HeadFirst Group, hun inzichten over de plannen van partijen voor zzp’ers. Een gesprek over de belangrijkste thema’s, de standpunten van de partijen en de verschuivende politieke balans.

Wat is er anders tijdens deze verkiezingscampagne wat betreft het zzp-dossier?

Ruts: “De politieke discussie over zelfstandigen is steviger dan ooit. Bovendien heeft de Belastingdienst dit jaar de handhaving op schijnzelfstandigheid geïntensiveerd. De handhaving heeft impact, dat voelen duizenden zzp’ers heel sterk. Hoewel er afgelopen jaren nog geen nieuwe wetten zijn aangenomen, is er wel veel gedebatteerd over de positie van zzp’ers. De focus ligt nu op de nieuwe criteria voor zelfstandig ondernemerschap en de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov). Dat zijn de twee kernonderwerpen in het zzp-dossier.”

Hebben politieke partijen grote meningsverschillen over deze thema’s?

Ruts: “De christen- en sociaaldemocraten denken meer vanuit het collectief. Zij willen bijvoorbeeld een verplichte aov voor iedereen, vanuit sociale zekerheid. De liberale partijen willen juist zoveel mogelijk ruimte geven aan het individu, bijvoorbeeld met keuzevrijheid in hoe je arbeidsongeschiktheid opvangt.”

Jullie hebben de 27 partijprogramma’s doorgenomen en een overzicht gemaakt van de plannen voor de arbeidsmarkt. Meteen valt op: bij de PVV is de presentatiesheet leeg. Hoe kan dat?

Overduin: “Klopt. Helaas vonden we in het programma van de PVV niets over de arbeidsmarkt en zzp. Het is jammer, want het is een belangrijk onderwerp en de PVV staat hoog in de peilingen.”

De VVD kwam als eerste met hun programma. Wat zijn hun arbeidsmarktwensen?

Overduin: “De VVD besteedt veel aandacht aan zzp en de arbeidsmarkt. Zij steunen de Zelfstandigenwet. Dat is niet verrassend, want zij zijn mede-initiatiefnemers van dit wetsvoorstel. De VVD pleit ook voor een rechtsvermoeden van werknemerschap voor zzp’ers aan de basis van de arbeidsmarkt, maar koppelen dit niet aan een specifiek uurtarief. Ze zijn voor een verplichte aov, maar met op-out mogelijkheid.”

De VVD noemt ook een uitzendverbod als mogelijkheid. Worden ze minder liberaal?

Overduin: “Het is inderdaad een nieuwe stap voor VVD. Het geeft aan dat de middenpartijen dichter bij elkaar komen en dat de grote verschillen vervagen.”

Aan de andere kant van het politieke spectrum: GroenLinks-PvdA. Wat zijn hun plannen?

Overduin: “Vanuit een sociaal-democratisch gedachtegoed denken zij vanuit werknemerschap. Zij pleiten voor drie ‘strikt gescheiden rijbanen’: werknemer, uitzendkracht en zzp. Een zzp’er mag niet hetzelfde werk doen als werknemers in loondienst van de organisatie. Dit is een werknemer-tenzij-principe. Zij zijn ook voor een verplichte aov voor alle zzp’ers, zonder opt-out. Opdrachtgevers moeten daar een bijdrage aan leveren.”

Wat zijn de partijplannen van de SP?

Ruts: “De SP gaat duidelijk voor collectiviteit. Ze willen een verplichte aov voor iedereen en structureel werk niet toestaan voor zzp’ers. Dit klinkt heel zwart-wit, maar het is in ieder geval heel helder: als iets hetzelfde is wat iemand anders in loondienst doet, mag het niet. Ze willen dat schijnzelfstandigen in loondienst komen.”

De christendemocraten (CDA) zitten meer in het midden. Hoe uit zich dat?

Overduin: “CDA is een van de initiatiefnemers van de Zelfstandigenwet, dus neigt hun beleid die kant op, al staat het niet expliciet in hun programma. Zij willen verduidelijking van de positie van de zzp’er. Ze benadrukken dat zzp’ers de verantwoordelijkheid moeten nemen om iets te regelen voor arbeidsongeschiktheid en pensioen. Dit is in lijn met de Zelfstandigenwet. In de zorg en het onderwijs willen ze de inzet van zzp ontmoedigen. Verder zijn ze voor een uitzendverbod in bepaalde sectoren.”

Wat valt op bij D66?

Ruts: “D66 profileert zich weer wat duidelijker rond het zzp-dossier, bijna als een gematigde pro-zzp-partij. Ze steunen de Zelfstandigenwet en zijn voor een verplichte aov met opt-out. Daarnaast willen ze de onderhandelingsmacht van zelfstandigen vergroten. Dat betekent dat ze het collectief meer ruimte willen geven, zodat zzp’ers een stevig standpunt kunnen innemen ten opzichte van machtige opdrachtgevers.”

En JA21?

Ruts: “Ze willen de Wet DBA verbeteren volgens het Belgische model. Dat klinkt als de Zelfstandigenwet, maar ze noemen die niet expliciet. Ze willen geen verplichte aov. Het is nog niet heel helder wat ze precies willen, maar ze kiezen duidelijk voor het individualisme en ondernemersmentaliteit.”

Hoe zit het met de zzp-plannen van de BBB?

Overduin: “Zij willen de Wet DBA toekomstbestendig maken, maar wat ze daarmee bedoelen is onduidelijk. Ze steunen de VBAR noch de Zelfstandigenwet, want ze vinden dat die gepaard gaan met te veel regeldruk en verplichtingen. Ze komen met de ‘VAR Light’, een opvolger van de VAR die in 2016 is afgeschaft. Wel zijn ze voor een rechtsvermoeden van werknemerschap en voor gerichte handhaving op schijnzelfstandigheid. Ze zijn tegen een sectoraal inleenverbod en willen maatwerk. De BBB zit, net als JA21, echt aan de rechterkant van het politieke spectrum.”

De verplichte aov is een veelbesproken thema. Wat is de status van dit wetsvoorstel?

Ruts: “De verplichte aov voor zelfstandigen is een polderbesluit, een akkoord met de sociale partners. Ik zou er als zelfstandige maar vanuit gaan dat deze wet er komt. Het enige discussiepunt is nog de opt-out.”

Overduin: “De meerderheid van de partijen (VVD, CDA, D66, SGP, Denk) steunt de aov met een opt-out als voorwaarde. De SP en GroenLinks-PvdA zijn tegen een opt-out.”

Wat is jullie advies aan kiezers?

Overduin: “Op ZZPKiest.nl vind je interviews met kandidaat-Kamerleden en columns van experts. Lees die en bepaal mede op basis daarvan je keuze.”

Ruts: “Ik roep iedereen op om onze peiling in te vullen. Het is geen kieskompas, maar een reeks vragen over lastige dilemma’s die je aan het denken zetten. Met de uitkomsten van deze peiling kunnen we Den Haag informeren over wat zelfstandigen nu echt vinden.”

Meer weten? Bekijk hieronder het volledige webinar.

 

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags | Laat een reactie achter

VVD aan kop bij zzp’ers, maar gat met D66 is klein. GL/PvdA net aan derde

De VVD blijft de meest populaire partij onder zzp’ers. 21,7% van de zelfstandigen zonder personeel zegt op de liberalen te stemmen. De aanhang is daarmee flink gedaald ten opzichte van twee jaar geleden, toen nog bijna een derde van de zzp’ers op de VVD stemde. Dat blijkt uit een peiling van ZZPKiest onder bijna 4.000 zzp’ers.

D66 staat op de tweede plaats, met 19,1% van de stemmen. Dat is meer dan een verdubbeling ten opzichte van een vergelijkbaar onderzoek rond de verkiezingen van 2023, en bijna op het niveau van 2017. GL/PvdA volgt op de derde plaats met 10,3%, vergelijkbaar met het resultaat in 2023. JA21 zit de combinatiepartij echter op de hielen, met 10,2%. In de tussenstand staat CDA op de vijfde plek, PVV op zes.

Het zzp-beleid van een partij weegt voor zelfstandigen iets minder zwaar mee dan twee jaar geleden. Op de vraag hoe bepalend de zzp-standpunten van een partij zijn voor hun uiteindelijke stemkeuze, geven respondenten een gemiddeld cijfer van 5,8 (op een schaal van 1 tot 10). In 2023 was dat nog 6,3.

ZZPKiest, een initiatief van het kennisplatform ZiPconomy, biedt een neutraal overzicht van de zzp-standpunten van alle 23 partijen die meedoen aan de Tweede Kamerverkiezingen. Daarnaast bevat de website tal van interviews met Kamerleden en columns van experts.

Onderdeel van het ZZPKiest-project is een peiling die is opgesteld in samenwerking met Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) en FNV Zelfstandigen, en met advies van de Universiteit van Amsterdam. In de peiling wordt niet alleen gevraagd naar politieke voorkeur, maar ook naar meningen over een aantal heikele zzp-dossiers. Zo blijkt een ruime meerderheid de voorkeur te geven aan een combinatie van een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering en soepelere regels rond inhuur, boven het alternatief van strengere regels zonder verplichte verzekering.

De peiling van ZZPKiest, die hier te vinden is: https://nl.surveymonkey.com/r/zzpkiest2025, staat open tot woensdagavond 21.00 uur.

ZZPKiest is een initiatief van ZiPconomy, in samenwerking met Vereniging Zelfstandigen Nederland, FNV Zelfstandigen en de Universiteit van Amsterdam. ZZPKiest wordt mede mogelijk gemaakt door HeadFirst Group.

 

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , | 7s Reacties

Hans Vijlbrief (D66): “Geef zzp’ers de status die ze verdienen”

De zelfstandig ondernemer is here-to-stay. Wat is de positie van D66 als het gaat om de zzp’er?

D66 kiest voor de werkelijkheid van vandaag: zelfstandigen zijn hier om te blijven. Dus zorgen wij voor duidelijkheid, bescherming én ruimte. Onze partij heeft oog voor het feit dat er misbruik wordt gemaakt van de zzp-constructie. Tegelijker vond ik zelf dat we in de politiek aan het begin van dit jaar wat hard van stapel liepen toen we van plan waren het moratorium op de wet DBA op te gaan heffen en meteen volledig wilden gaan handhaven. Toen schrok ik even. Er zijn namelijk ook een heleboel mensen die als zzp’er werken en dat met plezier doen. Gaan we die mensen nu het leven onmogelijk maken? Daarnaast schrok ik ook van het feit dat veel werkgevers zeiden: ‘Ja, waarom doen jullie dit eigenlijk? Onze ziekenhuizen draaien namelijk op zzp’ers.’  Daarom heb ik toen ook het kabinet aangespoord voor een zachte landing te zorgen.

Ik zie echt een aparte rol voor zzp’ers in de arbeidsmarkt. Ik denk dat ons arbeidsrecht waarin we zeggen: ‘je bent ófwel een werkgever ófwel een werknemer’ niet meer bij deze tijd past.

In het D66-verkiezingsprogramma staat: ‘Het is hoog tijd dat er duidelijkheid komt over de status van zelfstandigen.’  Ook vanuit ondernemers en zzp’ers klinkt de roep om meer duidelijkheid. Hoe wil D66 die duidelijkheid verschaffen?

In de Kamer ligt er al een wet, namelijk de VBAR. Daar was ik niet enthousiast over, met name het VBA-gedeelte. Die wet is eigenlijk de jurisprudentie van de afgelopen jaren, vertaald in een wet. Dat zou dan de nieuwe wet moeten zijn. Maar daarmee creëer je niet wat wij het liefst zou willen: een status voor de zzp’er. Samen met drijvende kracht Thierry Aartsen (VVD), Inge van Dijk (CDA) en André Flach (SGP) zijn we om de tafel gaan zitten, met als resultaat de Zelfstandigenwet.  Het uitgangspunt van die nieuwe wet was om zelfstandigen een aparte plek te geven op de arbeidsmarkt. Samen met het rechtsvermoeden van werknemerschap (onderdeel van de VBAR, red.), denken we een eigen status te kunnen creëren voor zelfstandigen, die ook voldoende bescherming bieden tegen allerlei schijnconstructies.’

Is de Zelfstandigenwet in staat om alle onzekerheid weg te nemen?

Het korte antwoord daarop is ja. Het langere antwoord is: dat hangt af van hoe we het precies gaan inrichten. We zijn als initiatiefnemers nog bezig om de reacties uit de internetconsultatie te verwerken. In de wet voeren wij een paar toetsen uit die mensen door een poortje moeten leiden waardoor ze ofwel zelfstandigen zijn ofwel werknemer. Het kenmerkende verschil met de VBAR is dat wij relatief veel aandacht geven aan de wens van de ondernemer. Dat is het ‘liberale tintje’ aan de wet. En er komt een speciale commissie die vooraf uitspraak kan doen over de werkrelatie.

Maar in de Zelfstandigenwet hebben we nog steeds ook wel de werkrelatietoetsen. Die bevat toch ook wel wat open normen.

Ja, daar ben ik het mee eens. Maar omdat je door die sluis bent gegaan van de zelfstandigen toets. denken wij dat je meer duidelijkheid krijgt dan dat je dat in de wet VBAR zou krijgen. En er zijn minder criteria. Bovendien zijn ze helderder. En de zogenoemde holistische toetsing die altijd door een rechter kan plaatsvinden, blijft bestaan. Daar kun je ook niks aan doen.

We hebben het net al over de VBAR gehad. Jullie zijn daar geen voorstander van, maar wel van het R-deel, het rechtsvermoeden van werknemerschap.  

Ja, de kans is groot dat er zoiets als een rechtsvermoeden van werknemerschap uitrolt. Wij noemen geen expliciet bedrag, maar het zal rond de 36 euro per uur zijn.

In jullie verkiezingsprogramma staat ook dat D66 ‘de verschillen tussen zelfstandigen en mensen in loondienst willen verkleinen met betrekking tot de fiscaliteit en de sociale zekerheid’.

Dat is de oude gedachte van Hans Borstlap (voorzitter commissie Regulering van Werk, red). Om te voorkomen dat flex en vast te veel uit elkaar groeien, moeten we ze fiscaal en in wetgevingstermen zo gelijk mogelijk behandelen, schreef hij. Dat lijkt mij een logisch uitgangspunt. Dus vinden we bij D66 dat het verstandig en rechtvaardig is om iedereen ongeveer in hetzelfde regime te hebben – ondanks dat we de Zelfstandigenwet hebben. Met dien verstande dat de zelfstandige niet kan teren op een collectieve pot die door anderen is gemaakt.

Tegelijkertijd wil je het karakter van de zelfstandige niet helemaal tegengaan. Dat is een lastig dilemma. In de Zelfstandigenwet proberen we dat op te lossen door te zeggen ‘we willen adequate niveaus van dekking bij arbeidsongeschiktheid en pensioen’. Voor die open norm hebben we bewust gekozen.

Wat is dan volgens D66 ‘adequaat’?

We hebben de term “adequaat” bewust gekozen omdat diet ruimte biedt voor verdere uitwerking, en aan de rechtspreek om dit in te beoordelen. Maar het moet wel voldoende bescherming bieden, bijvoorbeeld vergelijkbaar met de BAZ (het wetsvoorstel Basisvoorziening Arbeidsongeschiktheid Zelfstandigen, het wetsvoorstel van het kabinet, red.) Een soort minimum voorziening voor arbeidsongeschiktheid dus. Bij pensioenen om iets geregeld te hebben om bovenop de AOW. Hoeveel? Dat zou je ook gewoon aan werkgevers, werknemers en zelfstandigen organisaties kunnen overlaten. Waarom niet? 

D66 is dus voorstander van de wet voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers?

Ja, we zijn in principe voor de BAZ. Maar niet elke zzp’er zal va de publieke basisverzekering gebruik van willen maken, of zit nu zelf al bij een andere verzekering. Dus de opt-out mogelijkheid willen wij zeker behouden. De keuzevrijheid voor de zzp’er hoort bij de huidige arbeidsmarkt. De arbeidsmarkt is gewoon veranderd, er lopen andere mensen rond. Dus wij steunen de BAZ wel, maar een opt-out is wel van belang.

In jullie verkiezingsprogramma hebben jullie het over een ‘disbalans’  tussen werknemers en zzp’ers in de publieke sector. Waar doelt D66 dan op?  

Dat spanningsveld zie ik elke dag. Immers, ik ben een sociaal liberaal. Enerzijds wil je vrijheid bieden, anderzijds wil je niet dat de vrijheid van de één ten koste gaat van de ander. Daarom staat in de Zelfstandigenwet dat je voor adequate niveaus zal moeten zorgen, zodat je niet teert op de zak van een ander. Maar dat geldt ook in sectoren waarin op dit moment van heel veel zzp’ers gebruik wordt gemaakt, terwijl dat een manier is om het arbeidsrecht te omzeilen. Iets dat ten koste gaat van de vaste werknemers.

Toch denk ik, dat als je dit vanuit Den Haag probeert te regelen, je jezelf verschrikkelijk in de vingers snijdt. Dus ik zou toch willen zeggen: ‘laat dit nou even op CAO-gebied gebeuren’ – waarbij ik de vakbeweging wel zou willen oproepen: ‘zet niet alles dicht, hou niet alles tegen, want je haalt alle flexibiliteit uit die organisaties’.

Dus vanuit D66 willen jullie sectoren zelf de ruimte geven om daar afspraken over te maken?

Ja, dat staat ook in de zelfstandigenwet. Als er sectoren zijn waarvan je van tevoren al weet dat er veel misbruik wordt gemaakt van zzp’ers, of er sprake is van een schijnconstructie, dan is het best voorstelbaar dat je een strenger regime nodig hebt.

Wel of geen zzp’ers kunnen inhuren voor piek & ziek, daar verschillende politieke partijen flink in, GL/PvdA wil dat bijvoorbeeld helemaal niet, een partij als BBB laat het geheel vrij. Waar staat D66?

Het wordt een beetje saai, maar ergens ertussenin. Zelf ben ik zelf geneigd om meer naar de liberale kant te hangen en te zeggen ‘geef nou gewoon die zzp’er de rol waarvoor hij of zij ook gemaakt is, en die rol is flexibiliteit’.  Doe daar ook niet zo truttig over. Tegelijkertijd bestaat er de zorg dat dit niet ten koste moet gaan van de mensen die een vast contract hebben.

Daarnaast:  je kan je ook best voorstellen dat mensen starten als zzp’er en uiteindelijk doorgroeien naar een vast contract. Je kan je ook voorstellen dat iemand eerst een vast contract heeft, een relatie krijgt, kinderen krijgt en denkt: ik zou eigenlijk zelf willen uitzoeken wanneer ik werk. Dus ik zou hier toch willen pleiten voor iets meer ontspanning aan beide kanten.

Ja, dus jullie zeggen eigenlijk dat de inzet van een zzp’er bij piek en ziek in de zorg wel moet kunnen.

Ja, onder voorwaarden dus. 

Tot slot: waarom moet een zzp’er op 29 oktober D66 stemmen?

Omdat wij in Nederland een unieke positie innemen in het politieke spectrum. Wij zijn een progressieve, sociaal-liberale partij en voor ons is het fundamenteel dat de zzp’er de status krijgt die hij of zij verdient. In breder perspectief is het zo dat wij op een groot aantal terreinen doorbraken voorstaan waarmee we de Nederlandse economie en  maatschappij weer vooruit willen helpen.

Wij zijn het totaal zat dat we elkaar de hele dag zeggen dat niks kan in dit land. En dat betekent dat je wel moet durven, ook wat betreft ideeën. Een voorbeeld is de Zelfstandigenwet. Voor ons geldt: het mag wel, en het kan.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags | 1 Reactie

Henk Vermeer (BBB) wil voor zzp’ers een VAR-light: ‘Meer vertrouwen, minder wantrouwen’

De positie van zelfstandigen blijft een heet hangijzer in Den Haag. Ook het huidige
demissionaire kabinet, met de BBB, heeft nog geen doorbraak weten te forceren. BBB-Kamerlid Henk Vermeer pleit in aanloop naar de verkiezingen voor meer vertrouwen in ondernemers en wil af van wat hij noemt het ‘wantrouwen richting de zzp’er’.

Het kabinet bereidt nieuwe wetgeving voor met duidelijkere criteria: de VBAR. De VVD is daar niet enthousiast over en heeft samen met D66, CDA en SGP het initiatief genomen voor de Zelfstandigenwet. Waarom zonder de BBB? 

Henk Vermeer: “Wij hebben daar vanaf het begin wel over meegepraat, maar hebben ons er toch uit teruggetrokken. Bij de Zelfstandigenwet zitten er weer verplichte toetsingskaders en toezicht in: een zelfstandigentoets, een werkrelatietoets, een commissie, ook weer de aansluiting met de arbeidsongeschiktheidsverzekering. Het richt zich ook nog op Europese harmonisatie. Wat ons betreft bevat het voorstel te veel beperkingen van de vrije keuze van ondernemers. Dat past niet bij de principes over de zzp’er.”

Jullie vinden dat de Zelfstandigenwet te veel restricties oplegt?

“Precies. Het echte probleem is dat de schijnzelfstandigheid nooit écht is aangepakt. De 95 procent die wél als zzp’er werkt, lijdt daaronder. Wij willen dat er meer vanuit vertrouwen wordt gewerkt en minder vanuit wantrouwen. Zowel de VBAR als de Zelfstandigenwet gaan daar tegenin. Bij de VBAR is de toets achteraf echt killing. Dat kan echt niet, wat ons betreft.”

Jullie willen meer duidelijkheid en zekerheid vooraf. De BBB zet in op een VAR-light: eenvoudiger regels, minder toezicht en meer eigen verantwoordelijkheid. Kunt u dat voorstel toelichten?

“Zelfstandigen doen een soort intentieverklaring. Natuurlijk kunnen er later mensen uitgepikt worden die hun zaken niet op orde hebben. Maar als je niet bereid bent te handhaven, kun je het beter niet invoeren. Bij de VAR-light is er een overeenkomst waar men zich aan moet committeren. Wie zich daar niet aan houdt, moet achteraf op de blaren zitten.”

De VAR werd in 2016 afgeschaft vanwege schijnzelfstandigheid. Is het niet riskant om daar weer naar te kijken?

“Er is altijd een risico. Maar dat moet je afwegen tegen de nadelen van wetgeving voor mensen die zich wél aan de spelregels houden. Het is een illusie om alles vooraf te kunnen regelen. Wie schijnzelfstandigheid wil bestrijden en niet accepteert dat een bepaald percentage daar toch onder valt, moet handhaven. Zonder handhaafbare regels heeft alle andere wetgeving geen zin. Ik vind dat rondom arbeidsmarkt en arbeidsmarktbeleid alles is gecentreerd rondom een contract tussen werknemer en werkgever. Dat is een soort basis, in plaats van: we willen gewoon meer mensen aan het werk hebben. Dat zou het uitgangspunt moeten zijn.”

Dus werkenden moeten zelf de keuze krijgen in wat voor contractvorm ze werken?

“Ja. Bij zelfstandige werkvormen horen meerdere opdrachtgevers en geen schijnzelfstandigheid. Kun je daar niet aan voldoen, dan is een arbeidscontract de enige optie.”

Jullie pleiten in het programma voor behoud van de wet DBA, mits deze toekomstbestendig wordt gemaakt.

“Waar het de afgelopen jaren niet heeft gewerkt, moeten we aanvullende regels invoeren. Als het enkel een kwestie van handhaving is, moet beter worden gehandhaafd. In de zorg bijvoorbeeld werden mensen separaat ingehuurd, en die deden geen nachtdiensten of weekenddiensten. Daardoor kwam er extra druk op werknemers met een arbeidsovereenkomst. Dat willen wij voorkomen.”

  • Bekijk meer artikelen in ons dossier over de verkiezingen (en aanstaande formatie)

Sectoraal beleid

Veel partijen willen geen zzp’ers in semipublieke sectoren als zorg, onderwijs en kinderopvang. Hoe zien jullie de inzet van zzp’ers in deze sectoren?

“Dat is geen probleem. Elke sector heeft een flexibele schil nodig. Je personeelsbeleid kun je daarmee optimaliseren. Mensen verleiden om meer of flexibeler te werken betekent ook dat de contractvorm flexibel moet zijn.”

In het verkiezingsprogramma staat dat zelfstandigen met een laag tarief beschermd moeten worden door een rechtsvermoeden van werknemerschap. Waarom is het niet gelukt de VBAR op te knippen en het R-gedeelte snel in te voeren?

“In het kabinet waren er partijen, zoals NSC, die daar niet in wilden bewegen. En omdat we in het coalitieakkoord niet hadden afgesproken om de VBAR op te knippen, als dat een optie is, konden we daar ook niet naar verwijzen. Eddy van Hijum stond daar onwrikbaar in, dus het is er niet van gekomen.”

De BBB wil ‘gerichte handhaving’ tegen schijnzelfstandigheid, maar geen ‘jacht op bonafide ondernemers’. Hoe moeten we dat voor ons zien?

“De Arbeidsinspectie wordt gepusht om misstanden aan te pakken, maar de echte malafide bedrijven weten ze niet te vinden of durven ze niet binnen te gaan. De Arbeidsinspectie moet zich richten op sectoren, bedrijven en bedrijventerreinen waar het echt niet pluis is. Nu worden bonafide bedrijven vaak onnodig gecontroleerd, terwijl malafide praktijken blijven bestaan. Er zouden multidisciplinaire teams moeten komen die zich focussen op risicogebieden.”

Aan wat voor sectoren moeten we dan denken? Is dat de zorg? Of de vleessector?

“Meer aan sectoren met praktisch werk of waar veel arbeidsmigranten werken. In de zorg zit fraude vooral in de administratieve kant. Ook huisvesting van arbeidsmigranten speelt een rol. Vaak is er sprake van losse controle-instanties. Eigenlijk zouden er multidisciplinaire teams moeten komen in plaats van de huidige inrichting met voornamelijk administratieve diensten.”

Wat vindt u van sectorale verboden?

“Daar zijn wij geen voorstander van. Dat is naar mijn mening ongekend en ongrondwettelijk.”

Arbeidsongeschiktheidsverzekering

Dan de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen. Daar staat niets over in jullie verkiezingsprogramma, terwijl er een wetsvoorstel bij de Raad van State ligt. Wat vindt BBB daarvan?

“Het moet niet verplicht worden, maar er moet een opt-out mogelijk zijn. Als iemand het op een andere manier geregeld heeft, bijvoorbeeld via een broodfonds, moet dat kunnen. Wel is het belangrijk zelfstandigen te wijzen op het risico van arbeidsongeschiktheid, want met alleen de bijstand red je het vaak niet.”

Dus jullie staan achter een verplichte AOV, mits er keuzevrijheid is?

“Precies. Een verplichte verzekering mét een opt-out, als je kunt aantonen dat je het zelf goed hebt geregeld. Er moet concurrentie zijn tussen verzekeraars, geen vast tarief zoals bij een volksverzekering. Zodra er ruimte komt voor private alternatieven, ontstaan die producten vanzelf.”

In 2023 was u nog kritisch op een verplichte AOV via het UWV. Bent u van standpunt veranderd? 

“Je moet iets doen. Veel zelfstandigen zetten niets opzij. Dan schuif je het probleem door, ook voor de maatschappij. In combinatie met een minimumtarief moet dit kunnen. Als je van je uurtarief niet eens een verzekering kunt betalen, dan word je eigenlijk onderbetaald.”

Ondernemen

Tot slot: waarom zou een zzp’er op BBB stemmen?

“Omdat wij snappen wat ondernemerschap is. We hebben mensen met zzp-ervaring in de partij en vinden dat zelfstandigheid de norm moet zijn, niet de arbeidsovereenkomst. De norm is dat mensen hard werken, niet in welke vorm ze dat doen. Wij sturen op doelen, niet op middelen. Het doel is dat meer mensen aan het werk zijn, meer uren werken en dat iedereen dat op zijn eigen manier kan doen.”

Wilt u nog iets kwijt over het zzp-dossier?

“Veel mensen zien de zzp’er als een abstract begrip. Zzp’ers vormen geen blok en dat maakt ze moeilijk te verenigen. Toch zijn het er ruim 1,2 miljoen, en hun belangen zijn ondervertegenwoordigd. Er wordt vaak over hen beslist, in plaats van met hen.”

Terwijl er bij de SER inmiddels ook meer aandacht voor komt.

“Klopt, maar dat komt veel te laat. Er is al jaren beleid over zzp’ers zonder dat ze echt gehoord worden. Ondertussen blijven ze gewoon hun werk doen. Dat typeert juist die zelfstandige ondernemer. Ze focussen zich op hun vak, niet op beleid. Meer ruimte voor eigen regie past bij deze tijd: zelf kunnen bepalen hoe en wanneer je werkt. Als jij drie dagen van tien uur wilt werken, dan moet dat gewoon kunnen.”

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , , | Laat een reactie achter

De groeiende rol van de MSP in Total Workforce Management

De arbeidsmarkt bevindt zich in een fundamentele transitie. Talent is en blijft schaars en organisaties hebben blijvend behoefte aan flexibiliteit. Tegelijkertijd hebben we te maken met veranderende wetgeving en bijvoorbeeld de nieuwe uitzend-cao. Het personeelsbestand bestaat inmiddels uit een groeiende mix van contractvormen: vast, tijdelijk, statement of work, freelance, projectmatig of via uitzend- en detacheringbureaus. Deze nieuwe realiteit vraagt om een andere manier van kijken naar werving en behoud van talent. HRM is te vaak ingericht om een vaste groep medewerkers te bedienen, terwijl de werkelijke waardecreatie in organisaties afhankelijk is van een dynamische, hybride talentmix. Steeds meer organisaties kiezen daarom voor Total Workforce Management (TWM) als strategische benadering. Daarbij kan een Managed Service Provider (MSP) worden ingezet om grip te krijgen op externe inhuur.

Hoewel MSP en TWM vaak in één adem worden genoemd, zijn ze niet hetzelfde. Een MSP kan een cruciale schakel zijn binnen TWM, maar is slechts één onderdeel van een bredere strategische workforce-aanpak.

Wat is Total Workforce Management?

Total Workforce Management is een geïntegreerde strategie voor het managen van alle talentstromen binnen een organisatie. Het doel: één beleid, proces en platform voor zowel vaste medewerkers als externe inhuur.

Kernprincipes zijn:

  • Inzicht in alle talentcategorieën.
  • Strategische arbeidscapaciteitsplanning op basis van actuele data.
  • Wendbaarheid en flexibiliteit: vermogen van organisaties om snel te kunnen reageren op onverwachte veranderingen en flexibiliteit om op verwachte veranderingen te reageren.
  • Kostenbeheersing en optimalisatie van leveranciersafspraken.
  • Beschikbaarheid en kwaliteit van arbeidscapaciteit.
  • Risicobeperking door uniforme compliance en contractstandaarden.

De filosofie achter TWM is dat alleen door het gehele talentlandschap te overzien, een organisatie werkelijk strategisch kan sturen op personeelsbeleid. TWM maakt het mogelijk om alle talentvormen te integreren in één strategisch kader.

De synergie tussen TWM en MSP

TWM geeft strategisch richting, terwijl de MSP de operationele uitvoering verzorgt. Echter, strategievorming zonder betrouwbare data is als navigeren zonder kompas.

Die combinatie versterkt elkaar op vier manieren:

  1. Data als strategisch fundament; MSP’s verzamelen cruciale data over externe inhuur. Deze inzichten maken gerichte beslissingen mogelijk op het gebied van capaciteitsplanning, skills-gap analyses en strategische sourcing.
  2. Integratie van systemen en processen; vaste en flexibele workforce-data komen samen in één dashboard, wat besluitvorming versnelt en verbetert.
  3. MSP kan samenwerken met een Recruitment Process Outsourcing (RPO)-dienst of biedt dit zelf aan om te kunnen voorzien in zowel vaste als flexibele (tijdelijke) werving.
  4. Operationele discipline als hefboom; een gestroomlijnde MSP-aanpak creëert procesdiscipline en compliance.

Voordelen van de combinatie

De 5 belangrijkste voordelen die het combineren van TWM en MSP opleveren zijn:

  1. Kostenreductie door tariefoptimalisatie, procesautomatisering en betere leveranciersafspraken.
  2. Wendbaarheid en flexibiliteit door snel in te kunnen spelen op veranderingen in de arbeidsmarkt.
  3. Risicobeheersing dankzij uniforme compliance- en contractstandaarden.
  4. Sneller toegang tot talent via vendor management en talentpools.
  5. Strategische waardecreatie door inzicht in het volledige talentlandschap en het proactief overbruggen van skills gaps.

De impact van AI op TWM

Waar eerder data vooral beschrijvend werd gebruikt, maakt AI het mogelijk om voorspellend en zelfs voorschrijvend te sturen. AI maakt het mogelijk om niet alleen te weten wie je vandaag nodig hebt, maar ook wie je morgen mist. Voorbeelden van de impact van AI zijn:

  • AI-gedreven talentmatching; algoritmes analyseren vaardigheden, ervaring en beschikbaarheid om sneller en nauwkeuriger de juiste kandidaat te selecteren, ongeacht contractvorm.
  • Predictive analytics; AI kan op basis van marktdata en interne trends voorspellen waar skills gaps zullen ontstaan, waardoor organisaties proactief kunnen werven of opleiden.
  • Automatisering van operationele taken; MSP’s kunnen administratieve processen grotendeels automatiseren, waardoor meer tijd vrijkomt voor strategische advisering.
  • AI draagt bij aan kostenoptimalisatie; Algoritmes kunnen grote hoeveelheden data analyseren om toekomstige scenario’s m.b.t. arbeidscapaciteit te optimaliseren.
  • Skills-based workforce planning; AI ondersteunt de verschuiving van functiegericht naar skillsgericht denken.

De organisaties die AI slim integreren in zowel hun TWM-aanpak als in MSP-processen, zullen sneller, flexibeler en concurrerender zijn.

Geïntegreerde aanpak

Total Workforce Management biedt de strategische visie om alle talentstromen te sturen, terwijl de MSP de operationele slagkracht levert om processen te optimaliseren, compliance te borgen en data te genereren. Organisaties die deze elementen integreren, worden wendbaarder en bouwen een duurzaam concurrentievoordeel op. De organisaties die nu investeren in een geïntegreerde aanpak, zijn straks de werkgevers waar talent wil werken.

Voor een diepere analyse van deze transitie verwijs ik graag naar mijn boeken ‘Het einde van HRM’ en de ‘Talentenjungle’, waarin ik uiteenzet waarom de traditionele HRM-benadering haar houdbaarheidsdatum heeft bereikt en waarom een integrale, data-gedreven aanpak de toekomst is.


Afgelopen zomer hebben ZiPconomy en NextConomy het nieuwe – gratis te downloaden – rapport MSP-aanbieders in België en Nederland 2025/2026 gepubliceerd. Labor Redimo is een van de partners die deze publicatie mogelijk hebben gemaakt.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , | Laat een reactie achter