Sociale voorzieningen voor freelancers? Deze Amerikaanse senator heeft een plan voor de moderne arbeidsmarkt. Geplaatst 28 maart 2019 door Hugo-Jan Ruts Hoe zorg je dat zzp’ers, freelancers, parttimers en andere werkenden met ‘nieuwe’ contractvormen dezelfde sociale voorzieningen hebben als vast personeel? Het is een politiek dilemma. Niet alleen in Nederland, ook in de Verenigde Staten. Politici maken zich vooral zorgen over de kluseconomie, in het Engels ‘gigeconomy’. Via platformen zoals Uber, Deliveroo en Upwork bieden freelancers hun diensten aan voor korte, vaak laagbetaalde klusjes en opdrachten. Het aantal freelancer op het meer professionals-niveau groeit in de VS ook flink. Onder andere door Obamacare, omdat het hebben van een vaste baan geen voorwaarde meer is voor een (basis) zorgverzekering. Deze freelancers hebben veel vrijheid en delen hun eigen uren in, maar hebben geen pensioen, vakantiedagen of ziekteverlof. Investeren in een eigen huis kopen is vaak geen optie, want ze krijgen niet zomaar een hypotheek. Ook in Nederland maken politiek en vakbonden zich zorgen over flexwerkers. De roep om een sociaal zekerheidsstelsel voor zelfstandigen groeit, maar hoe dat eruit moet zien weet nog niemand. Senator Mark Warner van de Amerikaanse staat Virginia komt nu met een plan, meldt het Amerikaanse zakenblad Fastcompany. Vier wetsvoorstellen Warner diende onlangs vier wetsvoorstellen in om de werkomstandigheden van gigworkers te verbeteren. Hij wil de kluseconomie niet aan banden leggen, zegt hij in zijn speech. “We moeten niet proberen onze economie te reguleren zoals we 50 jaar geleden deden. Dat werkt niet. Als we willen dat onze economie en de werkgelegenheid groeien, dan moeten we zorgen dat ook flexwerkers toegang hebben tot training en sociale voorzieningen.” Warner benadrukt dat een derde van alle Amerikanen gaat profiteren van zijn plan. Iets meer dan dertig procent werkt namelijk parttime, als freelancer of met een tijdelijk contract. Het plan bestaat uit vier wetsvoorstellen: Investeren in werkenden. Bedrijven krijgen belastingvoordeel als ze investeren in de training van werknemers die minder dan 82.000 dollar per jaar verdienen. Voorwaarde is wel dat de werknemers training volgen bij een erkend opleidingsinstituut. Spaarpot voor leven lang leren. Bedrijven betalen niet direct voor training van werknemers, stoppen geld in een spaarpot ‘leven lang leren en trainen’. Werknemers kunnen geld uit dat potje halen en zo hun eigen trainingen, cursussen of coaches kiezen. Hypotheken toegankelijker maken voor zzp’ers. Net als in Nederland, is het lastiger voor zzp’ers om een hypotheek te krijgen. Ze moeten meer documenten overleggen, terwijl ze soms meer inkomen hebben dan mensen in loondienst. In dit wetsvoorstel staat dat hypotheekverstrekkers aan de slag moeten met nieuwe, betere manieren om de kredietwaardigheid van flexwerkers te beoordelen. Mobiele sociale voorzieningen. Wie werkt met korte contracten of als zelfstandig ondernemer, bouwt geen pensioen, ziekteverlof of vakantiedagen op. “Het probleem is dat je je sociale voorzieningen niet kunt meenemen: ze zijn gekoppeld aan de baan”, legt Warner uit. Zijn oplossing: ‘mobiele’ sociale voorzieningen, gekoppeld aan de persoon in plaats van de baan. Hij wil 20 miljoen dollar subsidie beschikbaar stellen voor een zo’n ‘mobiel fonds’. Platformen zoals Uber zouden hier dan aan moeten bijdragen. “Op die manier dragen bedrijven niet alleen bij aan sociale voorzieningen van vast personeel, maar aan die van alle werknemers.” Weerstand Of zijn voorstellen worden aangenomen, valt nog te bezien. Het is niet de eerste keer dat hij met plannen komt om sociale voorzieningen voor flexwerkers te regelen. Zijn eerdere wetsvoorstellen werden niet aangenomen. Tegenstanders maken zich vooral zorgen dat zulke maatregelen flexwerk alleen maar aantrekkelijker maken. (Eigenlijk net als in Nederland) Geplaatst in Toekomst van Werk | 1 Reactie
“In de uitzendbranche is geen plaats meer voor cowboys” Geplaatst 27 maart 2019 door ZiPredactie Bureau Cicero is een inspectie-instelling, gespecialiseerd in de controle op verplichtingen uit arbeid. Het idee om Cicero op te richten ontstond op basis van zijn eigen praktijkervaringen, vertelt directeur Theo van Leeuwen: “Ik ben 25 jaar financieel en operationeel directeur geweest bij grote bedrijven. In die periode kwam ik veel auditoren tegen, die allerlei dingen kwamen controleren. Vaak had ik het idee dat die controles niet zoveel toevoegden en vond ik ze eerder een beetje irritant. Die controles roepen toch vaak het beeld op dat mensen komen millimeteren, terwijl niet wordt benoemd waar het werkelijk om gaat. Vanuit het idee dat het anders en beter kan ontstond Cicero: Uitgangspunt bij de oprichting van Cicero was dat wij ons zodanig opstellen dat we onze klanten echt verder helpen vanuit onze deskundigheid op het gebied van verplichtingen uit arbeid. Wij vinden het belangrijk dat onze inspecteurs op alle fronten hun mannetje of vrouwtje staan. Het gaat dan niet alleen om controleren, maar ook om voorlichten en een visie op de toekomst delen met de klant.” Patrick Tom Patrick Tom, die samen met Van Leeuwen de directie van Cicero vormt, vult aan: “Ons product is in de beleving van de klant vaak geen prioriteit, maar wat we ermee bereiken is een collectief goed: Je creëert een gelijk speelveld en krijgt een zekere vorm van hygiëne: we zorgen ervoor dat partijen netjes belasting betalen en dat ze werken volgens de cao, zodat er geen oneigenlijke concurrentie op het gebied van arbeidsvoorwaarden of fiscale afdracht ontstaat.” Goede controle heeft effect Het effect van goede controle is absoluut zichtbaar, aldus Patrick Tom: “In de twaalf jaar dat Cicero actief is heeft de uitzendbranche een enorme professionaliseringsslag gemaakt. Aanvankelijk was het toch een beetje een cowboymarkt en waren uitzendbedrijven niet gewend aan controledruk. We hebben jaren gezien dat inhurende bedrijven goedkoop arbeid konden inlenen bij uitzendbedrijven omdat controle, kennis en deskundigheid ontbraken. We zagen bijvoorbeeld situaties waarin opdrachtgevers in de markt onder een bouw-cao vallen maar aan uitleners vertelden dat ze onder de metaal-cao vielen. Of dat de uitlener het maar zelf moest bepalen. Maar het rookgordijn dat werd gecreëerd wordt steeds minder geaccepteerd. Zo’n wet Aanpak Schijnconstructies waar opdrachtgevers kunnen worden aangesproken op het niet juist betalen van loon creëert bewustwording. Eigenlijk is het vandaag not done dat inhuurbedrijven op basis van arbeidsvoorwaarden goedkoper kunnen inhuren dan werkgevers zelf dat kunnen. Om die markt van niets naar zelfregulering te krijgen was een behoorlijke stap.” Theo van Leeuwen Een goede regulering is in de afgelopen jaren ook steeds belangrijker geworden vanwege een aantal maatschappelijke ontwikkelingen, zegt Theo van Leeuwen: “In zijn totaliteit worden dienstverbanden steeds korter. Vroeger deelden we nog gouden horloges uit, dat komt tegenwoordig niet meer voor. Veel werknemers hebben niet meer de behoefte om langdurig bij één bedrijf te werken en werkgevers raken steeds meer gewend om een specifieke kennisbehoefte uit de markt te halen. Dat geeft ruimte aan uitzendbedrijven, zzp’ers en andere vormen van arbeid en naarmate die markt diverser wordt neemt de behoefte aan meer regulering toe. Als je kijkt naar de behoefte aan flex in de maatschappij vanuit een hoge mate van specialisatie en een hoge veranderingssnelheid, dan hoort daar een goede flexbranche bij. Parallel aan die toenemende dynamiek rondom arbeid ontstaan er ook allerlei verschillende juridische schijfjes en zijn minder dingen vanzelfsprekend. Werkgevers moeten dus veel meer zelf regelen om de rechten van hun mensen te bewaken.” Faciliterende rol Patrick Tom vult aan: “En de werkgever verwacht van de leverancier dat hij daarin faciliteert. Daarom ben ik ervan overtuigd dat in de uitzendwereld alleen nog maar plaats is voor professionals. Tien jaar geleden hadden die cowboys nog een kans. Nu niet meer. Dat komt deels omdat de pakkans en de controledruk destijds kleiner waren, maar ook omdat de opdrachtgever die faciliterende rol verwacht. Die opdrachtgever zoekt een partner die kan ontzorgen en verstand van zaken heeft. Als uitzendpartij kun je alleen maar mee als je dat beheerst.” De branche is dus snel geprofessionaliseerd. Vrij van problemen zijn we daarmee nog niet, stelt Theo van Leeuwen: “Je ziet dat het voor veel bedrijven lastig is om het tempo van de ontwikkelingen bij te houden. Veel uitzendbedrijven hebben bijvoorbeeld moeite met wijzigingen in de wet- en regelgeving. Neem de inconveniëntentoeslag. Er is een uitspraak over een inconveniëntentoeslag, waarbij cao-partijen riepen dat het geen onderdeel van de beloning was en waar de rechtbank zei dat dat wel het geval is. De inspectie toetst niet en de rechter spreekt een oordeel uit waardoor je opeens non-compliant bent. In de afgelopen jaren lijkt het bij wet- en regelgeving steeds meer over punten en komma’s te gaan. We zijn niet meer bezig met de grote lijnen. Als het om arbeid gaat wordt alles per traditie heel erg geregeld in allerlei wetten en op allerlei detailniveaus. Op het moment dat je die activiteiten in een keten gaat verdelen wordt de druk om compliant te zijn rond wet- en regelgeving en de externe druk om dat te controleren groter. Veel regels die de overheid bedenkt voegen wat toe aan de complexiteit, maar voegen niets toe aan de kwaliteit of de bonafiditeit.” Leverancier moet compliant zijn Patrick Tom: “De toenemende impact van flex wordt momenteel als een probleem ervaren waarop men het juiste antwoord nog niet gevonden heeft. Ik denk dat er nog te vaak vanuit oude dogma’s over de markt wordt gedacht. De grote uitdaging ligt in het vinden van het antwoord op de vraag hoe we de sociale zekerheid veel meer kunnen laten aansluiten op de huidige arbeidsmarkt. Door iedere keer die complexiteit op te leggen en door alle veranderingen in wet- en regelgeving zijn de risico’s moeilijk te managen. Werkgevers die veel flexibele arbeid inhuren willen met andere dingen bezig zijn. Ze moeten kunnen focussen op hun core business en zoeken daarom de samenwerking met leveranciers die aantoonbaar compliant zijn, middels bijvoorbeeld een PayOK en SNA certificaat.” Theo van Leeuwen: “Afgezien van de hier genoemde problemen zie ik over de hele linie een positieve trend. Zoals gezegd zien wij een professionaliserende flexbranche en wij zijn ervan overtuigd dat een professionele flexbranche een toekomst heeft. Wij willen juist die professionele bedrijven ondersteunen.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Cicero, flex, professionalisering uitzendbranche | Laat een reactie achter
7 tips om beter samen te werken met freelancers: ‘Ga uit van de lange termijn’ Geplaatst 26 maart 2019 door ZiPredactie Hoe kun je succesvol samenwerken met freelancers? Zakenblad Forbes vroeg tips aan zijn Agency Council, een vast panel leidinggevenden uit diverse branches. Zij zeggen dat ze graag werken met freelancers, maar vertellen ook dat goede samenwerking niet vanzelfsprekend is. Jouw rol als werkgever of manager is cruciaal. Ze geven zeven tips voor een succesvolle samenwerking. Check ze uitgebreid Vraag potentiële freelancers naar hun manier van werken en visie. Selecteer iemand wiens normen en werkwijzen overeenkomen met die van jou. Dat is een goed begin van je werkrelatie. Als je een passende kandidaat hebt gevonden, stuur hem dan een uitgebreide beschrijving van de opdracht. Laat hem precies weten wat je doelen zijn. Werf freelancers op dezelfde manier als vast personeel Het werving- en selectieproces voor je freelancers kan hetzelfde zijn als dat voor je vaste mensen. Ga uit van een langdurige relatie, niet van één opdracht. Als je je freelancers behandelt als onderdeel van het team, zorgt dat voor meer vertrouwen en toewijding. En dat leidt weer tot effeciëntere communicatie binnen het team. Laat jouw passie zien en geef richting Alles draait om passie. Als werknemers bevlogen zijn, begrijpen ze ook je doelen beter en doen ze meer hun best om die doelen ook te halen. Laat dus jouw passie zien. Besef je dat niemand jouw visie zo goed begrijpt als jij zelf, dus geef zoveel mogelijk richting en instructies. Geef ze fatsoenlijke achtergrondinformatie en context Geef freelancers zoveel mogelijk details en nuances van het project. Als je dat spannend vindt, kun je ze desnoods eerst een geheimhoudingsovereenkomst laten tekenen. Geef daarna zoveel mogelijk informatie over je organisatie en de klant. Op die manier haal je betere resultaten, verspil je minder tijd en zijn freelancers meer betrokken bij het team. Betrek ze vroeg en vaak Geef freelancers de kans om belangrijke personen in je organisatie te ontmoeten. Zorg voor open communicatie en betrek je flexibele arbeidskrachten bij het vaste team. Laat freelancers ook klanten ontmoeten. Dat bevordert zowel de communicatie met de klant als de betrokkenheid van de medewerker. Schep duidelijke verwachtingen Geef in het begin zoveel mogelijk details van het project. Op die manier hoef je ook minder vaak heen en weer te mailen omdat dingen onduidelijk zijn. Zzp’ers zijn vaak taak- en taktiekgericht. Geef dus duidelijke instructies. En over-communiceer als het gaat om belangrijke momenten en doelen. Je kunt deadlines, verwachtingen en behoeftes niet vaak genoeg delen met flexibele medewerkers. Beloon prestaties Benadruk het belang van de opdracht en de rol. Laat het ook weten als er een mogelijkheid is dat deze opdracht tot nieuw werk voor je freelancers leidt. Ontdek wat je werknemer belangrijk vindt en beloon hem als hij boven verwachting presteert. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags freelance, samenwerken, tips, zzp | Laat een reactie achter
Zp’ers gezocht: wat betekent Goed Opdrachtgeverschap voor jou? Geplaatst 26 maart 2019 door ZiPredactie Twee masterstudenten van de Universiteit van Tilburg hebben je hulp nodig. Zij doen onderzoek naar Goed Opdrachtgeverschap onder freelancers. Wat heb jij nodig van je opdrachtgever als zzp’er? En waar zit je juist helemaal niet op te wachten? Dat proberen Ruth de Kort en Annebelle van den Akker te achterhalen. Je kunt helpen door deze online vragenlijst (https://nl.surveymonkey.com/r/WCYKX8Y ) over jouw ervaringen als zelfstandige in te vullen. Dat kost zo’n 15 minuten. De antwoorden worden vertrouwelijk en anoniem behandeld. Interessante inzichten “De inzichten uit ons onderzoek zijn belangrijk voor zowel freelancers als opdrachtgevers”, vertelt De Korte. “In de eerste plaats omdat er eigenlijk heel weinig onderzoek is gedaan naar werktevredenheid en betrokkenheid onder freelances. De meeste studies gaan over mensen in loondienst. En dat is jammer, want zulk onderzoek kan bijdragen aan een betere samenwerking en meer werkgeluk.” Freelancers hebben er baat bij, omdat het ze helpt afspraken te maken en opdrachten te selecteren. Autonomie “Ik onderzoek bijvoorbeeld of er een verband is tussen autoriteit en werkgeluk”, vertelt De Korte. “Veel freelancers kiezen tenslotte voor ondernemerschap omdat ze vrijheid belangrijk vinden. Bovendien is een gezagsrelatie tussen zzp’er en opdrachtgever wettelijk niet toegestaan. Maar soms moet een zzp’er nu eenmaal voldoen aan de spelregels van de organisatie.” Als coach of manager heb je bijvoorbeeld weinig te doen als jij op kantoor bent als als het team er niet is. En een cameraman kan nu eenmaal niet filmen zonder de rest van de crew. Maar hoe ver gaat de autoriteit van de opdrachtgever in de praktijk? En welk effect heeft dat op de zelfstandigen? Dat probeert zij uit te vinden met het onderzoek. Betrokkenheid Collega-onderzoek Van den Akker richt zich specifiek op inclusieve HR-praktijken. Dat gaat over bijvoorbeeld inwerktrajecten en persoonlijke ontwikkeling. Kun je als organisatie zorgen voor meer betrokkenheid door bijvoorbeeld trainingen aan te bieden? Moet je ze uitnodigen voor brainstorms, uitjes en workshops, of zitten zij daar helemaal niet op te wachten? “Voor opdrachtgevers is het interessant om te weten hoe je freelancers motiveert”, zegt De Korte. “Voor een goede opdrachtgever zetten freelancers misschien wel een stapje extra.” Tweede onderzoek naar Goed Opdrachtgeverschap Dit is de tweede keer dat ZiPconomy en het departement Human Resource Studies van Tilburg University samen groot onderzoek doen naar Goed Opdrachtgeverschap. Het rapport wordt komend najaar breed gedeeld door ZiPconomy. Vul de enquête in https://nl.surveymonkey.com/r/WCYKX8Y Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags goed opdrachtgeverschap, onderzoek, universiteit van Tilburg | 9s Reacties
Spotificeren van de loopbaan als Utopia? Over het loskoppelen van zekerheden en het arbeidscontract. Geplaatst 25 maart 2019 door Hugo-Jan Ruts Op een conferentie over ‘de arbeidsmarkt van morgen’ veel aandacht besteden aan millennials is natuurlijk verstandig. Ze niet alleen hun verhaal laten houden, maar hen ook een onderzoek laten doen is ook nog eens slim. En dat is precies wat de NBBU deed tijdens de jaarlijkse bijeenkomst (zie meer). De mix tussen deze jonge generatie en sprekers uit de gevestigde orde (Leo Witvliet, Mathijs Bouman, Hanneke Bennaars en Bas Haring) leverde een boeiende ochtend op. Met een verwarrend slot. Millenials “Wij millenials zijn allemaal ondernemers. Misschien niet in de letterlijke zin van het woord, maar wel in de zin dat we de regie over onze eigen loopbaan willen nemen.” Zo karakteriseert Daan Stroeken, student natuurkunde en lid van de Young Advisory Group, zijn eigen generatie. Persoonlijke ontwikkeling en plezier staan hoog op hun verlanglijstjes. Volgens Stroeken hebben millennials daarbij een groot besef dat sociale vaardigheden de sleutel tot succes zijn. Ze willen niet afhankelijk zijn van anderen. En ze hebben heel wat te kiezen. Zoveel zelfs, dat keuzestress hun generatie kenmerkt. Dit dan wel met de kanttekening dat de wens tot verkennen en je (nog) niet vast willen leggen, waarschijnlijk meer te maken heeft met de levensfase, dan met de generatie. Feit is wel dat technologie werkenden meer regie geeft over hun leven. Je kunt zo ongeveer alles regelen met je smartphone. Van eerste levensbehoeften als eten tot liefde, van studie tot vrijetijdsbesteding, van nieuwsgaring tot ontspanning. Je kunt zelfs werk en inkomen vinden. Inclusief – voor studenten – het via je smartphone ophogen van je ‘inkomen’ via DUO. Spotify voor werk Millennials versnipperen hun tijd in (mini)taakjes en gebruiken apps om die taakjes zo efficiënt en makkelijk mogelijk te organiseren. Avondeten regelen is vooral de keuze welke app je daarvoor gebruikt. Kies je voor Picnic (ingrediënten laten bezorgen), Thuisbezorgd.nl (als je geen zin hebt om te koken), TheFork (als je niet wilt afwassen) of schakel je via Whatsapp toch maar je ouders in (‘Wat eten jullie vanavond?’)? De verleiding is groot om die trend door te trekken naar de arbeidsmarkt van morgen. Geen banen, maar taken. Je plukt klussen van platformen en voert die plaats- en tijdonafhankelijk uit, totdat je genoeg inkomen verzameld hebt. Geen werkgevers, maar opdrachtgevers. Geen vaste arbeidskrachten, maar een zwerm werkenden. Bas Haring noemt het de ‘uberisering van werk’. Ik vind dat zelf niet zo’n goede vergelijking. Uber is handig voor de klanten, maar voor werkenden heeft het de nadelen van een traditioneel, transactioneel taxibedrijf, in het kwadraat. Ze hebben nauwelijks regie, geen zekerheid, een laag inkomen, weinig variatie, nauwelijks ontwikkelmogelijkheden en veel stress. Spotify is een betere vergelijking. Op dit muziekplatform zijn werkelijk alle smaken te vinden. Je kunt bladeren door een enorm aanbod, je stelt je eigen playlist samen (regie op carrière) en krijgt op basis daarvan nieuwe suggesties aangereikt (ontwikkeling). Je ontmoet gelijkgestemde mensen en bouwt zo communities (netwerk). Je kunt op het platform ook nog eens aanvullende zaken (events) bestellen. Maar je werkzame leven en inkomen als millennial ‘verspotificeren’, dat is met de huidige instituties nog knap lastig. Ons sociale zekerheidsstelsel en arbeidsrecht zijn namelijk nog steeds gebaseerd op de vroeg twintigste-eeuwse uitvinding van de vaste arbeidsovereenkomst. Die koppeling moet snel verdwijnen, lijkt de logische conclusie. Nieuwe sociale zekerheid “Ons sociaal en fiscaal stelsel is zo gegroeid, dat werkenden die zelf regie hebben over hun carrière de meeste zekerheden hebben en het minste last van marginale belastingdruk”, zo legt econoom Mathijs Bouman uit. Dat is een reden om het stelsel op zijn kop te gooien, vindt hij. Het probleem zit ‘m vooral bij mensen die tegen een laag tarief werken met flexibele contracten. “Zij betalen nu zelf de prijs van hun arbeidsflexibiliteit, namelijk door te werken voor een laag inkomen. Die prijs zouden juist opdrachtgevers moeten betalen.” Sociale zekerheid moet losgekoppeld worden van de arbeidsovereenkomst, betoogt Bouman. “Inkomstenbescherming voor hen die het nodig hebben, een basisvoorziening voor iedereen. Alle potjes rond inkomenszekerheid nationaliseren en individualiseren.” Ook Leo Witvliet gelooft in een sociaal stelsel dat los staat van het arbeidscontract. Met drie lagen. Laag één is het maatschappelijk uitgangspunt ‘niemand gaat dood in de goot’. Laag twee is een collectieve verzekering voor alle werkenden voor gebeurtenissen waar je zelf niets aan kunt doen. Laag drie is een eigen verzekering voor rest, gebaseerd op eigen keuzes voor welzijn en welvaart. Nieuw arbeidsrecht Hanneke Bennaars, docent arbeidsrecht aan de Universiteit Leiden en lid van de Commissie Regulering van Werk, schetst waar de oorsprong ligt van het arbeidsrecht en het nut van een arbeidsovereenkomst. “Die is uitgevonden in een tijd dat veel werkenden een lage onderhandelingspositie hadden plus een hoge mate van onzelfstandigheid.” Anno 2019 hebben veel werknemers in loondienst juist veel onderhandelingsmacht en regie. Zij hebben minder bescherming nodig, terwijl er een groep zzp’ers zonder onderhandelingsmacht en zonder regie bestaat. Zij vallen buiten het stelsel, terwijl juist zij bescherming nodig hebben. Dus pleit Bennaars (zie ook dit opiniestuk in het Financieele Dagblad) dat een arbeidscontract niet meer het uitgangspunt moet zijn. “Modern arbeidsrecht moet gericht zijn op het ondersteunen van de inzetbaarheid van werkenden” . Een huwelijk is zo’n slecht idee nog niet Sociale zekerheid én arbeidsrecht dus loskoppelen van dat vermaledijde construct van de werkgever-werknemersrelatie. We zijn eruit. De vraag rest: hoe dan? Het betekent namelijk dat we nogal wat individuele en collectieve verworvenheden moeten loslaten. Het gaat om rechten van werkgevers, werknemers en zelfstandigen. En van hun vertegenwoordigers. Maar wacht even. Volksfilosoof Bas Haring, ooit overtuigd kinderloos, is ondertussen vijftig. Vader en getrouwd. Wat hij van zijn huwelijk verwacht (gezelligheid, kletsen, discussiëren, eten, seks) valt net als je werk ook prima te ‘spotificeren’. Je kunt die taken opknippen en laten invullen door losse personen die iedere taak misschien wel beter invullen dan je vaste partner (Herman van Veen zong er trouwens in 1979 al over: luister maar op Spotify “Een om mee te praten, eentje voor de sier….”). Toch voelt dat volgens Haring misschien niet als de meest gewenste situatie. Het huwelijk is misschien niet een construct waarin al je wensen op de beste manier vervuld worden. Maar biedt als het goed is wel veiligheid, geborgenheid en zekerheid. Binnen het huwelijk is geven en nemen een subtiel proces, geen eenvoudige transactie via een app. Ja, zegt Haring: zekerheden en arbeidsrechtelijke bescherming loskoppelen van een vast contract klinkt verleidelijk. Maar schrijf de traditionele arbeidsrelatie – net als het huwelijk – niet te snel af. Is zo’n instituut verdwenen, dan is er geen weg meer terug, waarschuwt hij. Individualisering verder faciliteren? De zoektocht naar nieuwe arrangementen voor de arbeidsmarkt van morgen is zeer actueel. Die conclusie werd op deze conferentie weer bevestigd. Net als de constatering dat de weg daarheen zo eenvoudig nog niet is. Die zoektocht is in de kern het zoeken naar de nieuwe balans tussen individualisering en collectiviteit. De interessante vraag die na de bijdragen van de inleiders overbleef is of het loskoppelen van zekerheden aan het traditionele arbeidscontract, het huwelijk tussen werkgever en werknemer, de mogelijke verspotificering van werk nu in balans brengt? Of faciliteert het die individualisering juist te veel? Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags arbeidscontract, collectiviteit, individualisering, NBBU | 2s Reacties
Modern leven, modern werken: heel even mogen de vragen belangrijker zijn dan de antwoorden Geplaatst 25 maart 2019 door Pierre Spaninks Werkvereniging. De discussie over werk en zekerheid decennialang op slot gezeten. Nu staan heel even alle deuren open: verplichte verzekeringen of maatwerk, collectieve pensioenen of individuele, loondienst of ondernemerschap, vast of tijdelijk? We hebben een paar maanden om daarover na te denken, hooguit een jaar. Want voor we het weten wordt alles weer in vormen gegoten waarin het stolt en waar het niet meer uit te bikken is. Laten we de gelegenheid aangrijpen en een frisse start te maken. Door even niet te redeneren vanuit de oplossingen van het verleden maar vanuit de vragen van nu. Wat betekent werk eigenlijk voor ons? Welke waarde hechten we daaraan? Hoe gaan we ermee om in deze tijd? Welke kansen biedt dat? Welke eisen stelt dat? Werk als emanciperende factor Werk, dat is wat maakt dat we ons ontwikkelen, doordat we het doen vanuit ons hart. Het is een emanciperende factor van jewelste. Door ons werk overwinnen we onze beperkingen, leren we wie we zijn, groeien we, realiseren we ons potentieel, brengen we ons eigen leven en dat van anderen op een hoger plan, en voelen we ons gewaardeerd. Aan banen, en zeker aan de vaste variant daarvan, kleven tal van bezwaren. Een baan als werknemer is maar een van de vele gedaantes die dat werk kan aannemen. In feite is een baan niet meer dan pakketje taken, een plek in een organogram, de naam van een functie, een arbeidscontract voor langere of kortere tijd, een salaris – en niet te vergeten de sociale zekerheden die daaraan van oudsher zijn gekoppeld. Banen als beperking Aan banen, en zeker aan de vaste variant daarvan, kleven tal van bezwaren. Principiële bezwaren, omdat een baan laat stollen wat hoort te stromen: eerst ons werk en vervolgens ook nog eens onszelf. En praktische bezwaren, omdat een baan voor iedereen en voor het leven sowieso een illusie is. Werk aan de ene kant en een baan aan de andere, zijn twee totaal verschillende dingen Werk is minder afgebakend, minder in regels gevat, minder beperkt in zijn vormgeving dan een baan. Werk kan en mag veel breder zijn, losser ook: studeren, ondernemen, zelfstandig je ambacht of professie uitoefenen, zorgdragen voor je medemens en je omgeving, tegen betaling of als vrijwilliger, niet gedicteerd door de planning en het rooster maar op de eb en vloed van je dromen en je mogelijkheden. Werk aan de ene kant en een baan aan de andere, zijn twee totaal verschillende dingen. Toch weten wij haast niet beter of ze gaan samen – als we ze al niet aan elkaar gelijkstellen. Historisch is werk echter pas in de 19e eeuw teruggebracht tot een baan in loondienst. De industrialisatie riep destijds een grote behoefte op aan fabrieksarbeiders. Daarin had nooit kunnen worden voorzien zonder mensen onder druk te zetten om hun vrijheid op te geven en voor een baas te gaan werken. Een belangrijk middel daarbij was om werk voortaan voor te stellen als een deugd of zelfs een plicht, in plaats van als een algemeen menselijke neiging en een geboorterecht. Bij nieuwe waarden en nieuwe werk passen geen levenslange dienstverbanden meer, geen vaste contracten, geen vuistdikke cao’s. Om dat tot baan gereduceerde werk heen, is in de vorige eeuw een uitgebreid sociaal stelsel gebouwd. Sindsdien is werk niet alleen een baan en een inkomen, maar ook nog eens een pakketje zekerheid. Dat heeft prima gewerkt – zo lang er behoefte was aan massa’s werknemers die hadden geleerd om gestandaardiseerde producten en diensten voort te brengen in een gecontroleerde omgeving. Nieuwe eisen, nieuwe waarden Die praktijk uit de vorige eeuw is echter in rap tempo aan het verdwijnen. Inmiddels worden er heel andere eisen gesteld aan werk en aan werkenden. Werk concentreert zich steeds meer rond begrippen als innovatie, creativiteit en ondernemerschap. Werkenden willen steeds vaker worden aangesproken op hun interne motivatie, op hun energie, en op hun vermogen om van daaruit de verbinding aan te gaan. Bij die nieuwe waarden en dat nieuwe werk passen geen levenslange dienstverbanden meer, geen vaste contracten, geen vuistdikke cao’s. En al evenmin sociale zekerheden die zijn gekoppeld aan wat voor werk we doen voor wie en op welke juridische grondslag. Terug naar die emanciperende factor die werk ooit was en in essentie nog steeds is. Werk dus waardoor we onze beperkingen overwinnen, leren wie we zijn, groeien, ons potentieel realiseren, ons eigen leven en dat van anderen op een hoger plan brengen, en ons gewaardeerd voelen. Zulk emanciperend werk, dat je in vrijheid op je neemt, maakt je groot. Werk dat is gereduceerd tot een baan, doet dat niet. Al helemaal niet als die baan zowel je inkomen moet zijn als je sociale zekerheid. Dat houdt je juist klein. De vragen Wat kunnen we daaraan doen? Hoe vinden we het werk terug dat maakt dat we ons ontwikkelen doordat we het doen vanuit ons hart? Door werk en zekerheden te los te koppelen van banen. Zo creëren we de mogelijkheid om in iedere fase van ons leven te doen wat het best bij ons past. Met de inhoud en de vorm die ons gelegen komt, zonder dat we bang hoeven te zijn om bij tegenspoed door de bodem te zakken. Dat zal een ongekende hoeveelheid energie en creativiteit losmaken, en dat is precies waar onze samenleving en onze economie behoefte aan hebben. Laat de discussie over werk en zekerheid niet aan de verkeerde kant beginnen Laat de discussie over werk en zekerheid niet aan de verkeerde kant beginnen. Laten we het nu eens niet meteen hebben over al dan niet verplichte verzekeringen, collectieve pensioenregelingen of individuele, vaste banen of flexibele, loondienst of ondernemerschap. Dat zijn niet meer dan vormen waarin werk en zekerheden kunnen worden gegoten. Vormen waar ze niet meer uit te bikken zijn als ze eenmaal zijn gestold. Wij hebben de unieke kans om een frisse start te maken. Laten we onszelf de luxe gunnen om even niet te redeneren vanuit de oplossingen van het verleden maar vanuit de vragen van nu: Wat betekent werk eigenlijk voor ons? Welke waarde hechten we daaraan? Hoe gaan we daarmee om in deze tijd? Welke kansen biedt dat? Welke eisen stelt dat? Dat we die vragen stellen, aan onszelf en aan elkaar, mag heel eventjes belangrijker zijn dan dat we er antwoorden op hebben. Geniet er maar van, want voor je het weet is de kans voorbij. Meedenken? Vrijdag 29 maart is er het Festival voor Modern Werkenden! Pierre Spaninks doet daar mee aan de Kijken in de Toekomst Qwizzz Onder leiding van Martijn Aslander en Roos Wouters zullen Pierre Spaninks (ZZP-expert), Martijn Arets(internationaal platform expert) en Saskia Nijs (innovatie expert werken & technologie) ons een kijkje in de toekomst geven: hoe ziet het leven van werkenden er in 2040 volgens hen uit? Wat zijn de grootste uitdagingen en kansen? En wat moet de belangrijkste taak van de Werkvereniging zijn om modern werken, leven en leren te ondersteunen. Kom ook naar het Festival voor Modern Werkenden! Geplaatst in Toekomst van Werk | 1 Reactie