Maandelijkse archieven: oktober 2024

Aantal starters onder zzp’ers blijft dalen, toename aantal stoppers. Verzadiging of wetgeving?

In het derde kwartaal van 2024 (Q3) is het aantal startende ondernemingen opnieuw gedaald, terwijl het aantal bedrijven dat de deuren sloot juist is toegenomen. Volgens het meest recente trendrapport van de Kamer van Koophandel (KvK) daalde het aantal starters in Q3 2024 met 7,8% ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2023. Dit komt neer op 59.105 nieuwe ondernemingen, tegenover 64.071 een jaar eerder. Het gros daarvan is zzp’er, 80% daarvan start vanuit een eenmanszaak.

Het is al het vijfde opeenvolgende kwartaal waarin een daling van het aantal starters zichtbaar is. Tegelijkertijd steeg het aantal stoppers naar 34.087, een toename van 15,4% ten opzichte van de 29.526 stoppers in Q3 2023. Netto neemt het aantal ondernemingen dus nog wel toe.

Bron: KVK Trendrapport Q3 2024

Sectorale en regionale trends: logistiek en horeca blijven populair

Bron: KVK Trendrapport Q3 2024

Ondanks de afname in het totale aantal starters, blijven bepaalde sectoren zoals logistiek, horeca en detailhandel relatief populair. Aan de andere kant stoppen zzp’ers het vaakst in sectoren zoals persoonlijke dienstverlening, overig en de bouw.

Op regionaal niveau laat het rapport zien dat Noord-Holland het hoogste aantal starters per 10.000 inwoners had (44), gevolgd door Flevoland (39) en Zuid-Holland (38). Opvallend is dat dezelfde provincies ook het hoogste aantal stoppers per 10.000 inwoners rapporteren. Noord-Holland staat met 25 stoppers per 10.000 inwoners bovenaan, gevolgd door Flevoland (23) en Zuid-Holland (21).

Aandeel vrouwen daalt licht.

Wat betreft vrouwelijke ondernemers is er weinig verandering: het aandeel vrouwelijke starters blijft schommelen rond de 38%, maar vertoont een lichte daling, vooral bij de jongste en oudste leeftijdsgroepen.

Bron: KVK Trendrapport Q3 2024

“Consolidatie van de markt”

Volgens Joris Knoben, hoogleraar Strategie en Ondernemerschap aan Tilburg University, is de afname in het aantal starters en de toename van het aantal stoppers geen verrassing. “We zien enkele nieuwe overheidsmaatregelen die een afwachtende houding onder potentiële ondernemers kunnen verklaren. Denk bijvoorbeeld aan het wetsvoorstel Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) en de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. De aankondigingen van deze maatregelen maken mensen terughoudender om een onderneming te starten.”

Daarnaast speelt volgens Knoben een ander belangrijk fenomeen: verzadiging van de markt. “De afgelopen jaren zijn er veel nieuwe bedrijven bijgekomen, maar de Nederlandse economie lijkt een grens te bereiken. We zitten in een fase van consolidatie, waarin sterke bedrijven verder groeien en zwakkere bedrijven wegdrukken of overnemen. Dit verklaart ook het patroon van minder starters en meer stoppers dat we nu zien.”

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags | 5s Reacties

AI geeft de inhuurdesk van bouwbedrijf BAM meer tijd voor het echte werk

Bouwbedrijf BAM en Nétive VMS ontwikkelden samen een innovatieve chatbot om de inhuurdesk op allerlei manieren te ontlasten. Tijdens de Werf& en ZiPconomy webinarweek lieten accountmanager Jolanda Nijboer (Nétive) en inhuurdesk-manager Meke Dolkemade (BAM) zien hoe de AI werkt, welke voordelen het oplevert en welke mogelijkheden er zijn voor de toekomst.

Veelgestelde vragen

BAM Flexplein is de naam van de inhuurdesk van het bouwbedrijf. Met een team van 20 mensen zorgt Dolkemade voor contractering en urenregistratie van zzp’ers, uitzend- en detacheringskrachten. “We krijgen regelmatig dezelfde vragen van externe medewerkers”, vertelt zij. “Hoe moet ik inloggen? Waar vind ik mijn inloggegevens? Hoe vul ik op de juiste manier mijn uren in? Al dit soort simpele vragen kosten de inhuurdesk veel tijd.”

Bovendien moesten de externe medewerkers wachten op antwoord. “Vaak zat onze inbox ‘s ochtends vol met vragen, omdat mensen in de avond hun uren invullen. Overdag staan ze tenslotte op de bouwplaats. Kan dat niet slimmer, dachten wij? Die vraag stelde ik aan onze VMS-leverancier Nétive VMS.”

Helder doel

Nijboer: “We waren bij Nétive VMS al aan het onderzoeken hoe we met AI inhuurprocessen kunnen optimaliseren. Wij vonden dit een mooie casus en een half jaar geleden gingen we aan de slag. Hoe kun je al die standaardvragen goed en snel beantwoorden? Het was een heldere doelstelling met een duidelijke doelgroep.”

Nétive en BAM verzamelden eerst samen alle informatie, zoals inlog- en urenregistratiehandleidingen. Vervolgens ontwikkelde Nétive een AI-chatbot waaraan externe medewerkers vragen kunnen stellen. Nijboer: “Het is een gedigitaliseerde vraagbaak die 24/7 beschikbaar is. Ook als je buiten kantooruren tegen inlogproblemen aanloopt, kan de bot je helpen.”

Slimme AI en privacy

Vervolgens moest de AI getraind worden. “De bot moest leren om op de juiste manier antwoord te geven op vragen”, vertelt Nijboer. “Ten eerste moet de informatie kloppen en moet privacy gewaarborgd zijn. De bot zal bijvoorbeeld nooit persoonsgegevens opslaan of verwerken. Als je vraagt om het gemiddelde tarief van een timmerman of het telefoonnummer van Meke, dan kan hij die info niet delen. Hij zegt dan: neem contact op met de inhuurdesk.”

Nétive checkte alle antwoorden samen met BAM. Nijboer: “We hebben de bot allerlei richtlijnen meegegeven, ook over tone-of-voice. Het is echt specifiek voor BAM, hij heeft zelfs humor en kent mopjes. Hij is niet boos te krijgen, wat je ook tegen hem zegt. En inmiddels is hij zelfs meertalig, zodat elke medewerker antwoord kan krijgen in zijn eigen taal.”

De bot is pas net actief en Dolkemade is nu al enthousiast. “Hij neemt heel groot deel van de standaardtaken uit onze handen”, vertelt ze. “Wij pakken zelf de privacygevoelige vragen en adviestaken op.”

Toekomstperspectief

In de toekomst willen Nétive VMS en BAM de bot verder uitbreiden, zodat hij ook antwoorden van leveranciers en interne medewerkers kan beantwoorden. “Die hebben andere vragen, dus dat vergt training”, legt Dolkemade uit. “Ik hoop dat we bijvoorbeeld straks aan de bot kunnen vragen: ik zoek morgen een monteur, wie is beschikbaar? Of een manager kan vragen: ik zoek over twee maanden een projectleider. Wanneer moet ik gaan zoeken, bij welke leverancier moet ik zijn?”

Dat vergt meer training en koppeling met systemen, legt Nijboer uit. “We willen echt nog een stap verder met analytics en daar hebben we al eerste gesprekken over gehad.”

Wil je meer weten over hoe de AI werkt, welke voordelen het oplevert en welke mogelijkheden er zijn voor de toekomst? Bekijk hieronder het hele webinar.

 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | 1 Reactie

Nationale AI-agenda arbeidsmarkt moet werving en selectie in goede banen leiden

De opkomst van AI brengt grote veranderingen met zich mee voor de arbeidsmarkt. Om inzicht te krijgen in de impact van AI op werving, selectie en talentmanagement binnen het domein van Human Resource Management (HRM), is de afgelopen maanden onderzoek uitgevoerd. Het onderzoek had als doel inzicht te bieden in hoe AI het landschap van de arbeidsmarkt verandert en talentontwikkeling beïnvloedt.

Enkele belangrijke bevindingen zijn:

  • Verbeterde talentmatching en persoonlijke ontwikkeling : AI kan bijdragen aan objectief matchen, een nauwkeurigere beoordeling van kandidaten en persoonlijke ontwikkelingsplannen opstellen op basis van hun achtergrond en vaardigheden.
  • Efficiëntere werkprocessen : Organisaties kunnen met AI werkprocessen beter beheren en productiviteit verhogen door bijvoorbeeld repetitieve taken te automatiseren.
  • Voorspellende waarde : AI biedt mogelijkheden om met data-analyse het toekomstige personeelsverloop en benodigde vaardigheden beter in kaart te brengen.
  • Ethische vraagstukken : Het verantwoord gebruik van AI is cruciaal. Dit vraagt om aandacht voor privacy, transparantie in besluitvorming en het voorkomen van vooringenomenheid in algoritmen.

Toekomstperspectieven en noodzaak van samenwerking

Uit het onderzoek blijkt dat om de kansen en uitdagingen van AI te benutten, samenwerking tussen overheden, werkgevers- en werknemersorganisaties, onderwijsinstellingen en ontwikkelaars noodzakelijk is. De oprichting van een Nationale AI-agenda arbeidsmarkt biedt een structureel kader voor deze samenwerking. Het platform dat deze agenda ondersteunt, zal de innovatie binnen AI bevorderen en tegelijkertijd aandacht houden voor ethische overwegingen, zoals datagebruik en de bescherming van werknemers.

Waarom een Nationale AI-Agenda arbeidsmarkt? Omdat we aan het begin van een AI-revolutie staan moeten we nu de juiste stappen zetten om toekomstige reparaties te voorkomen. Dit vereist een brede Nederlandse basis van waaruit we de ontwikkelingen van AI kunnen volgen en sturen. Dit betekent niet de hand op de rem voor nieuwe ontwikkelingen binnen en met AI, maar vraagt om een aanpak waarbij nieuwsgierigheid en waakzaamheid samen op gaan. De komende jaren zijn bepalend voor hoe AI en digitalisering de manier van werken fundamenteel gaan veranderen. AI kan bijdragen aan verbeterde beoordelingen, efficiënter werk en voortdurende professionele ontwikkeling. Mits organisaties de urgentie erkennen en bereid zijn AI te integreren met aandacht voor ethische overwegingen. Dit vraagt om een gezamenlijke visie en beleid en om het met regelmaat monitoren van ontwikkelingen en de consequenties hiervan.

AI: een drijvende kracht achter talentmanagement

Terwijl generieke AI-systemen zoals ChatGPT, Gemini en Copilot snel een breed beeld van AI hebben gevormd, laat dit onderzoek zien dat er geavanceerdere toepassingen zijn die specifiek gericht zijn op het verbeteren van talentontwikkeling. Deze technologieën bieden organisaties nieuwe mogelijkheden om werkprocessen te optimaliseren en talenten beter te matchen met de juiste functies.

Het onderzoek “Een beeld van menselijke middelen en AI-toepassingen in HRM” is een initiatief van Communication Concert en Public Space Foundation.

Aanleiding voor Communication Concert was de vraag of AI op de arbeidsmarkt kansen biedt voor talentontwikkeling en bestaanszekerheid, en welke voorwaarden nodig zijn voor integratie van AI binnen het domein van HRM.

Public Space houdt zich al jaren bezig met de maatschappelijke en ethische impact van nieuwe ICT- en Media technologie, met name leidend tot ‘disruptive power of citizens’ (zie De Waal, 2018). Het onderzoek naar toepassing van AI op HRM heeft Public Space gesteund vanwege met name die machtsvraag (verandert dit de macht van werkgevers of juist van werknemers?) en de ethische vragen.

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , | 1 Reactie

Groei arbeidsproductiviteit blijft achter bij andere landen

De groei van de Nederlandse arbeidsproductiviteit vertraagde in het afgelopen decennium sterker dan in andere hoge-inkomenslanden, waardoor Nederland afzakte op de ranglijst van bruto binnenlands product (bbp) per gewerkt uur. Deze ontwikkeling is grotendeels te verklaren door een verschuiving van arbeid naar minder productieve bedrijfstakken en het afschalen van de gaswinning in Groningen. Dat blijkt uit het artikel ‘Achtergrond bij de daling van de arbeidsproductiviteitsgroei van Nederland’ dat het CBS vandaag publiceert.

Arbeidsproductiviteit wordt niet direct gemeten, maar berekend door de totale bruto toegevoegde waarde te delen door het aantal gewerkte uren om tot die toegevoegde waarde te komen. De arbeidsproductiviteitsgroei wordt berekend door de ontwikkelingen van de toegevoegde waarde te corrigeren voor prijsveranderingen.

Structuureffecten dragen negatiever bij in Nederland

Arbeidsproductiviteitsgroei van de commerciële sector kan op twee manieren tot stand komen. Allereerst doordat de onderliggende bedrijfstakken productiever worden, dit wordt autonome groei genoemd. Daarnaast door structuureffecten, waarbij arbeid verschuift tussen bedrijfstakken.

Als de werkgelegenheid in productievere bedrijfstakken in verhouding toeneemt, groeit de arbeidsproductiviteit voor de hele commerciële sector. Andersom geldt hetzelfde: bij een relatief sterker toenemende werkgelegenheid in minder productieve bedrijfstakken, daalt de arbeidsproductiviteit op macro-economisch niveau.

In de periode 2013-2019 zorgde het structuureffect jaarlijks voor ongeveer een 0,5 procentpunt vertraging van de arbeidsproductiviteitsgroei. In andere hoge-inkomenslanden speelden deze effecten vaak ook een negatieve rol, maar niet zo sterk als in Nederland.

Daling het sterkst bij de delfstoffenwinning, industrie, en vervoer en opslag

De Nederlandse arbeidsproductiviteitsgroei werd vooral geremd door de vertraging van de autonome groei. De autonome groeibijdrage was in 2004-2008 nog bijna 2,5 procentpunt per jaar, maar daalde naar 1 procentpunt in de periode 2013-2019, ondanks de stabiele economische groei in beide periodes. Bijna elke bedrijfstak droeg bij aan deze vertraging, maar de bedrijfstakken delfstoffenwinning, industrie, en vervoer en opslag het meeste.

De vertraging van de arbeidsproductiviteitsgroei in de industrie en vervoer en opslag was vergelijkbaar met andere landen en verklaart niet waarom Nederland achterbleef. De vertraging in de delfstoffenwinning was wel uniek. Hoewel deze bedrijfstak relatief klein is, heeft deze veel invloed op de macro-economische arbeidsproductiviteitsontwikkeling. In de afgelopen tien jaar was de macro- economische arbeidsproductiviteitsgroei exclusief delfstoffenwinning 0,3 procentpunt hoger dan wanneer delfstoffenwinning wel werd meegerekend.

Dit was een uniek effect van Nederlandse politieke beslissingen vanwege het risico op aardbevingen. Vergeleken met andere hoge-inkomenslanden was de negatieve impact van de delfstoffenwinning  nergens zo groot als in Nederland. In de Verenigde Staten had de bedrijfstak zelfs een positief effect. Daarnaast was de bedrijfstak relatief groot in Nederland door het grote gasveld onder Groningen.

Arbeidsproductiviteitsgroei in de afgelopen jaren iets hoger

In de afgelopen jaren was de arbeidsproductiviteitsgroei in veel hoge-inkomenslanden nog steeds relatief traag in vergelijking met eerdere decennia, ook in Nederland. Wel lag de Nederlandse  arbeidsproductiviteitsgroei gemiddeld iets hoger in de periode 2020-2023 dan in 2013-2019. Dit komt vooral door de structuureffecten die in de laatste jaren positief bijdroegen.

Relatief meer werkgelegenheid bij bovengemiddeld productieve bedrijfstakken (het bankwezen, de IT- en informatiedienstverlening, juridisch en managementadvies, en de groothandel) zorgde voor een positief structuureffect. Minder productieve bedrijfstakken, zoals bijvoorbeeld de horeca, werden daarnaast ook harder geraakt door de lockdowns in de coronaperiode.

De autonome groei van de meeste bedrijfstakken vertraagde juist verder in de periode 2020-2023. De delfstoffenwinning had met zo’n 0,3 procentpunt per jaar nog steeds een sterke negatieve bijdrage. Financiële instellingen, vooral banken, hadden de grootste bijdrage aan de verdere vertraging van de autonome groei

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , | 1 Reactie

Marc Voskuilen (Elevation Group): ‘Bij elke levensfase hoort een andere manier van werken: vast, zzp of een tussenvorm’

Werkgevers en werknemers hebben steeds meer behoefte aan flexibiliteit. De huidige wet- en regelgeving past daar nog niet bij, vertelt Marc Voskuilen. Hij is ceo van Elevation Group. De organisatie heeft een netwerk van ruim 30.000 IT’ers en weet wat de werkwensen van deze professionals zijn.

“Bij verschillende levensfasen horen verschillende manieren van werken”, vertelt hij. “Iemand die net van school komt, heeft andere behoeften dan iemand die een eerste kind krijgt. En iemand wiens kinderen net de deur uit zijn en zijn hypotheek wil aflossen, heeft weer andere wensen. We noemen dat het ‘to grow in life’-principe.”

Op 5 november organiseert Elevation Group een kennissessie onder leiding van arbeidsmarktstrateeg Wim Davidse over de veranderingen op de arbeidsmarkt.

Professionals verwachten flexibiliteit

Professionals en vakmensen willen veel, vertelt Davidse. “Groeien, uitdaging, afwisseling. Daarnaast zoeken ze autonomie. Niet alleen in het werk dat ze doen.  Ze zoeken de ideale combinatie tussen rust, vrijetijd en werk. Ze verwachten veel van het leven, dus flexibiliteit is essentieel. Het spreekt voor zich dat niet alleen je persoonlijkheid bepalend is voor hoe je die flexibiliteit wilt invullen, maar ook de levensfase waarin je zit.”

Werkgevers, opdrachtgevers en bemiddelaars moeten daarin mee, benadrukt hij. “Want op een krappe arbeidsmarkt lacht de werker het laatst. Deze WerkersRevolutie heeft fundamentele impact op recruitment, bemiddeling en werkgeverschap.”

Wetgeving sluit niet aan

De huidige arbeidswetgeving sluit te weinig aan op die behoefte aan flexibiliteit, vertelt Voskuilen. Hij verwijst naar het debat over de wetgeving rondom schijnzelfstandigheid. In 2016 werd de wet Deregulering Arbeidsrelaties (DBA) ingevoerd, maar de handhaving werd opgeschort omdat de regels te onduidelijk bleken. Inmiddels is er nog geen nieuwe wet, maar gaat de Belastingdienst vanaf 1 januari 2025 wel strenger handhaven.

Er is wel een nieuwe wet in de maak, maar volgens Voskuilen sluit het concept sluit nog niet genoeg aan op de ontwikkelingen in de arbeidsmarkt. “Werkgevers en werknemers hebben meer flexibiliteit nodig”, vertelt hij. “Het is een wereldwijde langetermijntrend.”

Flexibiliteit en projectmatig werken

Volgens Voskuilen heeft het momenteel weinig met wetgeving te maken of een organisatie een zzp’er inhuurt of iemand in loondienst neemt. “Dat hangt veel meer af van de wensen van de partijen en de krapte op de arbeidsmarkt”, zegt hij. “Als een organisatie iemand nodig heeft en die persoon wil alleen als zzp’er ingehuurd worden, dan gebeurt dat. Voor opdrachtgevers is het vaak geen probleem: het past bij de projectmatige manier waarop veel moderne bedrijven werken.”

Bij Elevation Group proberen ze klanten te helpen om tot passende oplossingen te komen. “Soms kun je prima iemand inhuren als zzp’er, soms past loondienst beter”, vertelt hij. “Wij hebben ook een tussenoplossing, het The.NextGen 70/30-model. Daarbij zijn IT-professionals formeel in dienst en ze hebben meer zeggenschap over het type klussen en opdrachtgevers waar ze voor werken.”

Voskuilen verwacht in de toekomst meer van dit soort tussenoplossingen. “Het verschilt per levensfase waar je meer behoefte aan hebt: zekerheid of vrijheid? Op een moderne arbeidsmarkt moeten we daar rekening mee houden. Beperkende wetgeving brengt uiteindelijk veel zzp’ers en bedrijven in de problemen.”

Meer weten? Meld je aan voor de kennissessie op 5 november.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | Laat een reactie achter

Hoe groot is het financieel risico bij schijnzelfstandigheid?

“Arbeidsmarkt op drift nu controle op schijn-zzp’ers nadert” is de kop van een artikel in het FD. Ook cijfers in dit artikel op ZiPconomy laten zien dat er vaker gebruik gemaakt wordt van detachering en minder van zzp. De angst voor financiële risico’s zit er blijkbaar goed in. Maar hoe groot zijn die risico’s nu eigenlijk? 

De VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) geeft het volgende voorbeeld in haar “Handreiking voor flexibele arbeidsinzet gemeentelijke sector“.

  • Een zzp’er factureert in een jaar € 133.120 ex btw aan een gemeente
  • De Belastingdienst merkt de zzp’er als schijnzelfstandige aan
  • Het bedrag van € 133.120 is loon uit dienstbetrekking
  • De verschuldigde loonheffing bedraagt € 69.222,40 op basis van het anoniementarief van 52% (NB: het anoniementarief is niet van toepassing wanneer de gemeente een ID van de (ex-)zzp’er heeft)
  • De verschuldigde premies werknemersverzekeringen en de bijdrage Zvw bedragen € 21.818,37
  •  De VNG houdt een 25%-vergrijpboete van € 22.760,19 aan (m.i. zal er niet vaak een boete opgelegd kunnen worden)

Op basis van het bovenstaande komt de VNG op een na te heffen bedrag van € 113.800,96. Dat komt in de buurt van het door de (ex-)zzp’er gefactureerde bedrag. Het is daarmee nog niet klaar. De VNG stelt dat de gemeente wettelijk gehouden is om het bedrag van de loonheffing ad € 69.222,40 op de (ex-)zzp’er te verhalen. Dat klopt, zo blijkt uit de wetsgeschiedenis van de Wet op de loonbelasting. Ziet de gemeente af van verhaal, dan wordt het bedrag van € 69.222,40 ook weer als nettoloon gezien en is daarover aanvullend een bedrag van € 74.990,93 aan loonheffing verschuldigd (bij een bruteringspercentage van 108,3%). In totaal is dan door de gemeente verschuldigd € 188.791,89 (€ 113.800,96 + € 74.990,93). Dit zijn significante bedragen voor dan nog maar één zzp’er.

Bij het moeten verhalen van loonheffing zijn wel een paar kanttekeningen te maken. Zo hoeft bij “bijzondere omstandigheden” geen verhaal plaats te vinden (HR 19 oktober 1988, BNB 1988/336). Daarvan kan bijvoorbeeld sprake zijn als uit een advies blijkt dat de kans om succesvol in rechte te verhalen, heel klein is. Hier is overigens heel veel meer over te zeggen. Zie voor een voorbeeld waar verhaal niet lukt, een uitspraak van de rechtbank Limburg van 24 mei 2023.

Op 2 oktober 2024 heeft de Tweede Kamer unaniem een motie aangenomen waarin de Regering wordt opgeroepen om voor 1 november 2024 een duidelijk afwegingskader voor handhaving te publiceren. Ik zou het toejuichen als in deze publicatie ook uiteen wordt gezet onder welke omstandigheden af kan worden gezien van verhaal op (ex-)zzp’ers, teneinde allerlei discussies en onderhandelingen hierover in de praktijk te voorkomen. Het zou de uitvoerbaarheid van de handhaving zeker ten goede komen.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , | 43s Reacties