Minister Van Gennip wil flex terugdringen: ‘Er zal altijd flex nodig blijven, maar niet zoveel als we nu hebben’ Geplaatst 6 juli 2022 door ZiPredactie “We willen naar duurzame relaties toe, maar nu zijn flex en zzp samen goed voor 40% van de arbeidsmarkt”, zegt minister Karien van Gennip (Sociale Zaken) woensdag in een interview met het Financieele Dagblad (FD). Aanleiding voor het interview is dat ze haar uitgewerkte plannen voor hervorming van de arbeidsmarkt naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. In het FD benadrukt ze dat de ‘zwaar uit balans geraakte arbeidsmarkt’ weer terug in evenwicht moet. Te beginnen met het terugdringen van onzekere arbeid en schijnzelfstandigheid. Flex aanpakken Het terugdringen van de totale hoeveelheid ‘flex’ is een belangrijk onderdeel van de plannen van Van Gennip. “Van alle werkenden heeft 56% een contract voor onbepaalde tijd”, zegt ze. “Een kleine helft werkt dus op een heel andere basis en heeft minder toegang tot sociale zekerheid, minder vastigheid, vindt het moeilijker een hypotheek af te sluiten en weet minder hoe ze hun leven kunnen plannen rond hun rooster.” Een hoog percentage flex verhevigt de conjunctuur en leidt tot kansenongelijkheid, zegt de minister. In haar aanpak wil Van Gennip inzoomen op kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt. “Voor de mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt maakt het [red. de aanpak van flex] echt uit. Er zal altijd flex nodig blijven, maar zoveel als we nu hebben, omdat bedrijven ervoor kiezen hun wendbaarheid te vertalen in heel veel flexcontracten, moet je terugdringen.” Rechtsvermoeden van werknemerschap Ze wil schijnzelfstandigheid aanpakken zonder de echte zzp’er in de weg te zitten, benadrukt de minister in het FD. “Vooral aan de onderkant van de markt heb je concurrentie op arbeidsvoorwaarden en dat willen we zoveel mogelijk beperken.” Dat wil ze onder andere doen met een rechtsvermoeden van werknemerschap. “Nu is het heel moeilijk voor mensen die als zzp’er zijn aangenomen, maar in een werknemerssituatie zitten, om dat te veranderen. Met het weerlegbare rechtsvermoeden, dat ook in de Europese richtlijn rondom platformwerk wordt opgenomen, kun je straks naar de rechter stappen en zeggen: ‘ik verdien minder dan, stel, €35 per uur’. Dan ben je werknemer en is het aan de werkgever om te bewijzen dat het niet zo is. Nu moeten schijnzelfstandigen procederen tot aan de Hoge Raad.” Interne flexibiliteit voor werknemers Meer zekerheid voor werkenden moet hand in hand gaan met meer interne flexibiliteit voor bedrijven, zegt Van Gennip. “Dat gaat over hoe je mensen via leven lang ontwikkelen gaat herplaatsen binnen je eigen bedrijf, maar het gaat ook bijvoorbeeld over je werknemers met deeltijd-WW kunnen sturen als het tegenzit en het verbeteren van het tweede jaar loondoorbetaling bij ziekte.” De maatregelen om interne flexibiliteit te vergroten worden later uitgewerkt dan het beleid om de externe flexibiliteit af te remmen, maakt Van Gennip duidelijk. Lees hier het volledige interview. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags #zzpdebat, Van Gennip | 3s Reacties
De Kunstenbond stelt de Staat aansprakelijk voor gebrek aan coronacompensatie. Geplaatst 6 juli 2022 door ZiPredactie De Kunstenbond, vakbond voor kunstenaars, cultuurmakers en andere werkenden in de creatieve sector, stelt dat de Staat verschillende groepen zzp’er in de culturele en creatieve sector onvoldoende heeft gecompenseerd voor de door coronamaatregelen geleden schade. De vakbond benadrukt hierbij dat deze groep werkenden tegelijkertijd onevenredig hard is getroffen door deze maatregelen. Samen met negen zzp’ers uit de culturele en creatieve sector sommeert de Kunstenbond de Staat tot compensatie, anders dreigt een rechtszaak. In de op 5 juli 2022 verzonden aansprakelijkstelling zet de Kunstenbond de achterstelling en uitsluiting van de sector en haar werkenden uiteen. Als de Staat verzaakt om binnen 28 dagen met een compensatievoorstel te komen, daagt de Kunstenbond de Staat voor de rechter. De mede-eisers zijn leden van de vakbond die zeer zware financiële gevolgen ondervinden van coronamaatregelen en gebrek aan coronasteun. Getroffen zzp’ers hebben hun spaargeld opgegeten en kampen met belastingschulden. Op basis van beschikbare cijfers van het CBS en berekeningen van de Taskforce culturele en creatieve sector, gaat de Kunstenbond uit van tienduizenden gedupeerden, met een gezamenlijk schadebedrag dat wordt geschat op 1,6 miljard euro. De oproep : De Kunstenbond roept de overheid op te erkennen dat de groep zzp’ers in de creatieve en culturele sector zwaarder getroffen is door de coronamaatregelen dan andere groepen werkenden of ondernemers, terwijl er minder toegang was tot steun en compensatie. Daarom eist de vakbond van de overheid de onevenredig geleden schade voor deze groep te compenseren. Onder de naam “De Kunst Klaagt Aan” roept de Kunstenbond getroffen zzp’ers op om zich met hun verhaal en schadebedrag te melden. De bedragen en persoonlijke verhalen kunnen worden doorgegeven via de website nl. Zo worden de rechtszaak en de roep om politieke actie kracht bijgezet. De Kunstenbond roept politici op zich de situatie van de culturele zzp’er aan te trekken en te zorgen voor gerichte steun voor herstel en structurele verbetering van de arbeidsmarkt zodat deze doelgroep ook een eerlijk inkomen kan verwerven. De Staat al jaren bekend met kwetsbaarheid zzp’ers Van de culturele en creatieve sector was al voor corona bekend dat er grote problemen waren op de arbeidsmarkt, zo stelt de bond. Structurele onderbetaling, in combinatie met doorgeslagen flexibilisering, leidde al tot een bijzonder kwetsbare positie van zzp’ers voor aanvang van de coronacrisis. Jet Bussemaker, toenmalig Minister van OCW, nam in 2017 het SER en Raad voor Cultuur-advies ‘Passie Gewaardeerd’ in ontvangst, waarin werd geconcludeerd dat eerlijke beloning van werk in de kunst en cultuur verre van vanzelfsprekend is. De minister erkende het probleem en is al sindsdien met de sector in gesprek over maatregelen ter verbetering. Tijdens de pandemie is deze kwetsbare positie in een hoog tempo verergerd en heeft de Staat niet laten zien de problemen voor deze groep echt aan te pakken. Als eerste dicht, als laatste weer open De culturele en creatieve sector kreeg als eerste te maken met beperkende maatregelen, en heeft die tot het laatste toe moeten hanteren. Keer op keer werden maatregelen pas erg kort voor intrede bekend, terwijl het werk van de getroffen zzp’ers al in de maanden daarvoor verricht was. “De maanden voor Pasen staan in het teken van de vele repetities en concerten van Bach’s Matthäus Passion. Rondom Pasen zing ik een groot deel van mijn jaarinkomen bij elkaar. De eerste lockdown hakte er dan ook al meteen flink in, en compensatie was er nauwelijks.” aldus één van de eisers. Willekeurige uitsluiting De culturele en creatieve sector werd bij coronamaatregelen stelselmatig uitgesloten van versoepelingen, terwijl andere sectoren wel of deels hun werkzaamheden konden voortzetten. Mensenmassa’s kwamen samen in woonboulevards en Primarks. De Staat subsidieerde reisbewegingen met honderden miljarden onvoorwaardelijke steun aan KLM. De culturele en creatieve sector kreeg tijdens de pandemie 105 weken beperkende maatregelen opgelegd. Grote delen van de sector zijn 46 weken geheel of nagenoeg geheel gesloten geweest, met alle gevolgen van dien voor de inkomsten van ondernemers in de sector. Een onderbouwing op basis van verwachte besmettingscijfers bleef uit. Het kabinet gaf cultuur geen prioriteit, maar gaf wel toestemming voor afgeladen tribunes tijdens de Formule 1 in Zandvoort. Om met Hugo de Jonge te spreken: ‘je kunt toch ook thuis een dvd’tje opzetten’. Wendbaarheid sector De culturele en creatieve sector heeft vanaf de start van de pandemie zijn uiterste best gedaan om zich aan te passen aan het constant veranderende coronabeleid. De Kunstenbond en de Creatieve Coalitie waren en zijn als onderdeel van de Taskforce Culturele en Creatieve sector in gesprek met het ministerie om de uitwerking van corona(maatregelen) op de sector in kaart te brengen en om oplossingen te zoeken voor veilige en verantwoorde doorgang van zaken. Velen protocollen zijn opgesteld en eindeloos aangepast, in een poging aan het werk te kunnen blijven. Ook de mede-eisers in deze zaak hebben zich voortdurend aan de opgelegde beperkingen gehouden, maar werden niet of nauwelijks gecompenseerd voor het gemis aan inkomen door alle beperkingen. In een samenwerking tussen sector en overheid vond in het eerste en tweede kwartaal van 2021 een reeks experimenten plaats waarmee met onafhankelijke experts werd onderzocht welke culturele activiteiten op welke manier tot besmettingen leidden. Dat gebeurde onder de noemer Fieldlab Evenementen. Dansen met Jansen Toen toenmalig minister van VWS, Hugo de Jonge, begin zomer 2021 met de legendarische uitspraak “Dansen met Janssen” jongeren opriep om zich te laten vaccineren om diezelfde avond nog in de club te dansen, liep hij vooruit op de resultaten van de fieldlab in een nachtclub en sloeg hij geen acht op het feit dat vaccins niet meteen werkzaam zijn tegen het virus. Twee weken later moest het kabinet de versoepelingen terugdraaien vanwege oplopende besmettingscijfers. Generieke noodsteun ontoereikend De Kunstenbond pleit al vanaf het begin van de pandemie voor maatwerk om de corona schade voor zzp’ers in de sector te compenseren. Van alle werkenden in de culturele en creatieve sector is meer dan de helft zzp’er. Zzp’ers kwamen er bekaaid vanaf met generieke coronasteun. Diegene die al aanspraak konden maken op Tozo, werden teruggeworpen op bijstandsniveau. Door sectorspecifieke kenmerken waren andere regelingen grotendeels onbereikbaar voor de meeste zzp’ers in de culturele en creatieve sector (zie bijlage). Voor andere sectoren zoals de horeca en kermisbranche, werd de regeling Tegemoetkoming Vaste Lasten aangepast en de voorwaarde voor een apart woon-werkadres uit het eisenpakket geschrapt. Het kabinet wou echter niet overgaan tot dit type maatwerk voor de culturele en creatieve sector. Sectorsteun kwam niet bij zzp’ers terecht De honderden miljoenen aan sectorspecifieke noodsteun werden vooral verdeeld onder bedrijven, instellingen en lokale overheden. Al bij de inrichting van het eerste sectorspecifieke steunpakket, was de ‘trickle-down’ strategie, waarbij het geld top-down ook bij zzp’ers terecht zou moeten komen, een groot punt van zorg voor de Kunstenbond. Onder meer cijfers van de Boekmanstichting toonden aan dat steungeld via organisaties zzp’ers niet bereikte en zelfs op de planken van instellingen bleef liggen. Ondanks de vele signalen die de Staat van de sector kreeg, werd de steun bij opvolgende pakketten niet van een oormerk, voorwaarde of vereiste voorzien waardoor het geld vaak nog steeds niet bij zzp’ers terechtkwam (zie bijlage). Ook werden groepen zzp’ers die niet via instellingen werken veelal uitgesloten van sectorspecifieke steun. Oudedagsvoorziening opgegeten Veel zzp’ers in de sector hebben afgelopen jaren hun spaargeld en oudedagsvoorziening op moeten eten om te kunnen overleven. Belastinguitstel is geen echte steunmaatregel, maar alleen uitstel van betaling voor deze zwaar getroffen zzp’ers. Inmiddels is de blauwe envelop met tienduizenden euro’s aan vorderingen al bij zzp’ers op de mat gevallen. “Door de partnertoets bracht TOZO geen uitkomst voor mij en mijn gezin. Inmiddels zit ik met 40.000 euro belastingschuld die ik niet kan afbetalen omdat opdrachtgevers nog altijd terughoudend zijn.” Aldus een van de mede-eisers. Compensatie broodnodig De nijpende situatie van de zzp’ers in de culturele en creatieve sector is voor de Staat geen nieuws. Maar ook in het herstelplan blijft compensatie uit. Deze aansprakelijkheidsstelling is daarom volgens de Kunstenbond onvermijdelijk. Ronald Gijsbertsen, directeur van de Kunstenbond: “De verhalen van onze leden zijn zeer schrijnend en waren te voorkomen geweest. Daarbij wil ik benadrukken dat de groep voor wie passende compensatie broodnodig is, veel groter is dan deze negen eisers alleen. De Kunstenbond biedt alle zzp’ers uit de sector de gelegenheid hun geleden coronaschade te melden op onze website. Zo maken we zichtbaar hoe gigantisch het probleem is dat we als sector en maatschappij hebben.” Geplaatst in ZP en Politiek | Laat een reactie achter
Kabinet wil bewijslast schijnzelfstandigheid kwetsbare zzp’ers omdraaien Geplaatst 5 juli 2022 door Hugo-Jan Ruts Het kabinet wil de bewijslast voor het aantonen van schijnzelfstandigheid gaan omdraaien. De werkgever moet dan voortaan bewijs leveren dat er geen sprake is van een dienstverband. Het kabinet wil met het principe van een ‘rechtsvermoeden van werknemerschap’ gaan werken voor situaties waarin zzp’ers in een (economische) kwetsbare positie zitten. De werkende kan er dan van uitgaan dat hij werknemer is, tenzij de werkgevende kan bewijzen dat er geen sprake is van een dienstverband. Ook uitvoeringsinstanties als de Belastingdienst kunnen gebruik gaan maken van deze omkering van de bewijslast. Dit schrijft minister Karien van Gennip (SZW) in een haar ‘hoofdlijnenbrief Arbeidsmarkt’ die vandaag naar de Tweede Kamer is gestuurd. “Juist werkenden die (economisch) kwetsbaarder zijn, kunnen via een rechtsvermoeden-manier een (procedurele) steun in de rug krijgen.” Van Gennip wil daarbij een advies van de SER volgen, dat een rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst koppelt aan een uurtarief van tussen de 30 – 35 euro (zie hier, variant 7). Het rechtsvermoeden moet ook gaan gelden voor platformwerk, conform een voorstel (zie hier) van de Europese Commissie. In het najaar komt de minister met een nadere uitwerking van deze plannen. Uitvoerbaarheid Bij de uitwerking van de plannen zal ook onderzocht worden welke gevolgen het werken met een ‘rechtsvermoeden heeft voor de processen van uitvoeringsorganisaties. “Daarbij zal in het bijzonder aandacht worden geschonken aan de vraag hoe de doorwerking van een rechtsvermoeden gekoppeld aan een uurtarief richting publieke instanties die een taak hebben rondom de beoordeling van arbeidsrelaties (zoals UWV en de Belastingdienst) voorkomen kan worden. Voor deze autoriteiten is het berekenen en vaststellen van uurtarieven niet uitvoerbaar en leidt dit tot een hoge administratieve belasting, zo is duidelijk geworden rondom het wetsvoorstel minimumtarief zelfstandigen.” Verduidelijking term gezag, gelijk speelveld Het plan van het kabinet maakt onderdeel uit van een pakket van maatregelen om het Wet DBA-dossier op te lossen, maar is ingegeven als reactie op de ‘negatieve kanten’ van de ‘forse groei van het aantal zzp’ers’. Naast het werken met het rechtsvermoeden van werknemerschap, wil het kabinet het begrip ‘gezag’ gaan verduidelijken. Dat is immers een belangrijk criterium voor het bepalen van het verschil tussen een werknemer en een zelfstandige. Daarbij wordt ook nadrukkelijk gekeken naar manier waarop in België omgegaan wordt het dit kwalificatievraagstuk. Zoals vorige week al duidelijk werd, wordt het toezicht en de handhaving op schijnzelfstandigheid verbeterd, waarbij het handhavingsmoratorium uiterlijk 1 januari 2025 wordt afgeschaft. Het kabinet zet – zoals bekend – ook in op een ‘gelijker speelveld tussen contractvormen. Met de al aangekondigde komst van een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen (waarvan de uitvoering overigens forse vertraging oploopt) en de beperking van de zelfstandigenaftrek, wil het kabinet de oneigenlijke financiële prikkels om als zelfstandige te werken verminderen. Meer lezen: In de ZiPconomy paper ‘Acht varianten voor de vervanging van de Wet DBA‘ staat onder meer informatie over het genoemde voorstel van de SER, het Europese voorstel over het platformwerk en de genoemde Belgische wetgeving. Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Politiek | Tags #zzpdebat, Van Gennip, wet dba | 2s Reacties
Kabinet wil verplicht certificeringsstelsel uitzendbranche Geplaatst 5 juli 2022 door ZiPredactie Het kabinet wil een verplicht certificeringsstelsel voor uitzendbureaus gaan inrichten. Dat schrijft minister Karien van Gennip vandaag in een brief (zie hier) aan de Tweede Kamer. Van Gennip wil zo misstanden tegengaan. “Te vaak nog worden arbeidsmigranten behandeld als tweederangsburger. Te veel uitzendbureaus zorgen niet goed voor hun personeel en laten ze slapen en werken in slechte omstandigheden. Dat is onacceptabel”, zo zegt de minister in een toelichting op de brief. “Mensen die hier komen werken, hebben recht op fatsoenlijke woon- en werkomstandigheden, net als u en ik. Daarom ben ik blij dat we de stap zetten naar een certificeringsstelsel voor uitzendbureaus. Dat verbetert de positie van arbeidsmigranten én zorgt voor een gelijk speelveld voor de uitzendsector.” De minister wijst er op dat malafide bedrijven in de uitzendsector met het overtreden van regels financieel voordeel behalen: zij zijn goedkoper uit dan bedrijven die wel goed voor hun personeel zorgen. Doel certificeringsstelsel Het verplichte certificeringsstelsel dient volgens het kabinet meerdere doelen. Allereerst wil het kabinet de positie van arbeidskrachten beter beschermen. “Het staat voorop dat een groep werkgevers goed omgaat met de arbeidskrachten in uitzendsituaties (onder wie arbeidsmigranten). Maar de kwalijke situaties, waarin te veel arbeidskrachten in uitzendsituaties verkeren, moeten zo snel mogelijk gestopt worden. Daarnaast wil het kabinet een gelijk speelveld voor uitzendbureaus waarborgen”, zo staat te lezen in een persbericht over de kamerbrief. “Onder andere door ervoor te zorgen dat partijen die zich niet aan de regels houden van de markt worden geweerd.” Eisen certificaat Om in aanmerking te komen voor een certificaat moet een uitzendbureau laten zien dat het zich aan de regels houdt. Het normenkader zal in ieder geval bestaan uit de normen uit het bestaande SNA-normenkader. Daarnaast wil het kabinet een aantal aanvullende verplichtingen voor uitleners opnemen. De aanvullende verplichtingen zijn: betaling van het juiste loon op grond van de loonverhoudingsnorm; een verklaring omtrent het gedrag (VOG); een bankgarantie (waarborgsom van € 100.000); het aanbieden van gecertificeerde huisvesting; het doorgeleiden van informatie over veiligheid op de werkplek; en controle op pensioenaansluiting. Uitzendbureaus worden periodiek gecontroleerd. Als een uitzendbureau zijn certificaat verliest, mag het niet meer op de markt opereren. Niet alleen voor uitzenders Het kabinet stelt voor om de certificeringsplicht te laten gelden voor alle ondernemingen, die in Nederland aan terbeschikkingstelling van arbeid doen als bedoeld in de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Hieronder vallen ook uitleners die niet uitzenden, maar ‘uitlenen anders dan in het kader van beroep of bedrijf’. Op deze manier gaan bijvoorbeeld ook bedrijven die personeel ‘doorlenen’ onder de certificeringsplicht vallen. Contracting, het uitbesteden van werk, valt niet onder de Waadi. Het kabinet schrijft dat werkgeversorganisaties hun zorgen geuit hebben over de voorgestelde reikwijdte. Daarmee zullen namelijk ook ondernemingen die in beperkte mate aan terbeschikkingstelling van arbeid doen, onder de certificeringsplicht vallen. “Het kabinet is zich hiervan bewust en zal daarvoor oog blijven houden. Desondanks kiest het voor deze reikwijdte.” Het kabinet zegt dat het essentieel is dat de certificeringsplicht gaat gelden voor een grotere groep dan enkel uitzendbureaus. “Ten eerste om evidente ontwijkings- en ontduikingsmogelijkheden naar andere uitleenconstructies te voorkomen. Ten tweede sluit de voorgestelde reikwijdte het beste aan bij wat het uit- en inlenen van arbeidskrachten onderscheidt van reguliere werkgever- en werknemerrelaties, namelijk dat de arbeidskracht formeel in dienst is van de ene partij, maar werkt onder leiding en toezicht van een andere partij. Of de uitlener dat bedrijfsmatig doet (als uitzendbureau) of niet, is daarbij van secundaire relevantie: niet-bedrijfsmatig uitgeleende arbeidskrachten lopen immers niet wezenlijk andere risico’s dan hun bedrijfsmatig uitgeleende evenknieën.” Een bredere reikwijdte maakt het toezicht op naleving eenvoudiger, stelt het kabinet. Met de voorgestelde reikwijdte neemt het kabinet het advies over van het ‘Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten’ (commissie Roemer) en het SER-MLT advies. Het kabinet wil in overleg met sociale partners wel onderzoeken of en, zo ja, hoe in het wetsvoorstel een mogelijkheid kan worden opgenomen om (deel)segmenten van de markt uit te zonderen van de certificeringsplicht. Samenwerking tussen overheid en sociale partners Het kabinet heeft bij de uitwerking van het certificeringsstelsel nauw samengewerkt met sociale partners uit de Stichting van de Arbeid en de uitzendbranche. Het stelsel wordt publiek-privaat, waarbij sociale partners een rol krijgen in de uitvoering van het stelsel. De Nederlandse Arbeidsinspectie zal toezien op de naleving van de certificeringsplicht. Daarvoor wordt structureel €10,5 euro miljoen euro uitgetrokken. Op dit moment zijn er zo’n 15.000 uitzendbureaus in Nederland. De certificeringsplicht gaat naar verwachting vanaf 2025 gelden. De NBBU vindt de verplichte certificering een goed plan (“we zijn helemaal klaar met malafide partijen die misbruik maken van werknemers”) maar wil wel dat die certificering betaalbaar, effectief en handhaafbaar is. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags ABU, NBBU, uitzendbureaus, Waadi | Laat een reactie achter
Minder klanten, minder omzet, minder groei: mkb-ondernemers vrezen voor gevolgen personeelskrapte Geplaatst 5 juli 2022 door ZiPredactie Ruim 4 op de 5 mkb-ondernemers die medewerkers zoeken, kunnen die op dit moment moeilijk tot zeer moeilijk vinden. Dit blijkt uit een representatief KVK-onderzoek naar personeelskrapte onder 517 mkb-ondernemers. De overgrote meerderheid van deze ondernemingen (96%) bestaat uit 2 tot 9 werkzame personen. 60% daarvan was op zoek naar medewerkers. Wervingskanalen voor nieuwe medewerkers Ondernemers zoeken op verschillende manieren naar oplossingen voor hun personeelstekort, zo blijkt uit het onderzoek. Bijna een derde (32%) huurt zzp’ers of uitzendkrachten in. Maar de meerderheid lijkt in te zetten op de traditionele werving van nieuwe medewerkers. Iets meer dan de helft (55%) schakelt het eigen netwerk in, 33% benadert ook familie, vrienden of kennissen voor werving, 27% zet een wervingscampagne op en 19% zet medewerkers in als ambassadeur. Het aanbieden van goede primaire arbeidsvoorwaarden (salaris en uren) wordt door bijna een kwart (24%) van de ondernemers die personeel zoeken genoemd. Andere oplossingen voor personeelstekort Op de vraag of ondernemers in de toekomst nog andere dingen van plan zijn om medewerkers aan te trekken, zegt ruim een derde (34%) dat ze verder niets van plan zijn. Bijna een kwart (23%) weet niet wat ze verder nog kunnen doen. 1 op de 8 ondernemers (12%) overweegt het bieden van goede primaire arbeidsvoorwaarden. Ook het werven van andere doelgroepen (9%) en het inhuren van zzp”ers of uitzendkrachten (8%) worden genoemd. Reacties van ondernemers In reacties van mkb-ondernemers op de personeelstekorten klinkt frustratie, maar ook acceptatie en doorzettingsvermogen. “Vervelend, maar het is overal voelbaar”, “Bijna iedereen zit in hetzelfde schuitje. Er is weinig aan te doen. “Gewoon” doorgaan”, “Het is een landelijk probleem dus roeien met de riemen die we hebben”. De huidige situatie wordt soms als nijpend ervaren. “Ik draai enorm veel uren”, “Ik voel me machteloos”, “Stress, veel werken, de vrije tijd die ik heb denk ik alleen aan werk”. Ook is er zorg voor de toekomst. “ik ben bang, dat de overgebleven werknemers overbelast raken en ook uitvallen”. Maar er is ook pragmatisme. “Uitvoeren van de groeiplannen uitstellen. Geen probleem, aanpassen aan de situatie.”, “Vind het jammer maar verander ons business model”, “We stellen de eisen bij. We gaan ons richten op mbo”ers”. Gevolgen personeelskrapte voor mkb-ondernemers Kijkend naar de termijn waarop ondernemers verwachten medewerkers te kunnen vinden, denkt 34% dat het binnen 3 maanden zou kunnen, 41% tussen 3 en 12 maanden en 14% 1 jaar of langer (inclusief 6% “nooit”). Als mkb-ondernemers in de komende 3 maanden geen nieuwe medewerkers kunnen vinden, dan heeft dat gevolgen voor hun bedrijf. Ondernemers noemen minder omzet (30%), minder klanten (31%), en vaker “nee” zeggen tegen nieuwe klanten of opdrachten (40%). 32% noemt minder groei en het niet kunnen uitvoeren van plannen. Daarnaast geven mkb-ondernemers aan zelf bij te springen en meer uren te werken (41%). Ook vragen ze dat aan de huidige medewerkers (23%). Verder wil een deel zzp’ers inhuren (27%), werk uitbesteden (15%), of een opdracht doorgeven aan een collega-ondernemer (11%). 10% wil het werk anders inrichten of efficiënter maken en 4% geeft aan het businessmodel te gaan aanpassen. Als je onvoldoende mensen hebt om het werk gedaan te krijgen, is het nog maar de vraag of je het redt door nu vooral in te zetten op de traditionele werving van nieuwe medewerkers. Businessmodel aanpassen Hans Klein Swormink, programmamanager Financiering en Geldzaken bij KVK: “Het is opvallend dat het percentage mkb-ondernemers dat het businessmodel wil aanpassen of efficiënter wil werken relatief laag lijkt. De vraag is of de antwoorden van ondernemers op de huidige krapte ook de meest succesvolle methoden zijn om de omzet uiteindelijk op het juiste niveau te brengen. Er is nu overal veel werk. Als je onvoldoende mensen hebt om het werk gedaan te krijgen, is het nog maar de vraag of je het redt door nu vooral in te zetten op de traditionele werving van nieuwe medewerkers.” Verder geeft hij ondernemers het advies om vooral met klanten te blijven communiceren: “Ook al kun je pas over een half jaar leveren, bespreek het met je klant. Misschien is een langere levertijd voor hem helemaal geen probleem. Als hij maar zicht heeft op de termijn waarop het wél kan.” Zelf bijspringen is beperkt houdbare oplossing Voor de langere termijn, 3 maanden en meer, zien beduidend minder ondernemers een oplossing in zelf structureel meer uren werken (18%) of huidige medewerkers vragen om structureel meer te werken (11%). Een van de ondernemers in het onderzoek zegt daarover: “Het is erg frustrerend dat het momenteel erg moeilijk is om aan fatsoenlijk personeel te komen. Hierdoor moeten de goede werknemers en ikzelf meer uren maken, wat in het begin niet erg is, maar dat moet niet te lang duren.” Binden en boeien, het voorkomen van uitstroom, wordt door 14% van de ondernemers genoemd. De inzet van tijdelijk personeel of stagiairs of vrijwilligers of familieleden en vrienden worden elk door 1 op de 10 ondernemers genoemd. Buiten de kaders denken Zeker voor de langere termijn wil Klein Swormink ondernemers graag buiten de kaders laten denken. “Ondernemers lossen vaak hun eigen problemen op. Laat eens iemand anders kijken hoe efficiënt het huidige werk gedaan wordt. Ik denk dat dat heel veel kan opleveren. En laat vooral ook je medewerkers meedenken over een goeie aanpak van het werk.” Ook raadt hij aan om met een brede blik te kijken naar geschikte nieuwe medewerkers: “Naast die eventuele efficiencyslag kan het geen kwaad om jouw blikveld op wat een goede medewerker kan zijn te verruimen. Gaat het om een wensbeeld, kun je daar creatiever in zijn? En tot slot, investeer in opleidingen voor je medewerkers, ook een oudere werknemer is vaak heel erg bereid om te leren.” Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags krapte, KvK, MKB | 1 Reactie
Harvey Nash neemt MSP Het Flexhuis over Geplaatst 5 juli 2022 door ZiPredactie Nash Squared, het moederbedrijf van intermediair en broker Harvey Nash heeft de overname van Het Flexhuis aangekondigd. Het Flexhuis is een Managed Service Providor (MSP) gespecialiseerd in de gezondheidszorg en gemeenten. Het bedrijf ondersteunt organisaties bij het inhuren van professionals en is daarbij een aanspreekpunt voor zowel de inhurende organisatie als leveranciers en zzp’ers. Het Flexhuis had in 2021 een omzet (‘Managed spend’) van 61 miljoen. Het Flexhuis werd 10 jaar geleden opgericht door Frederieke Schmidt Crans en Willem Visser. “Tijd voor een nieuwe fase”, zo laat Schmidt Crans in een reactie weten. Het Flexhuis blijft als apart merk onafhankelijk van Harvey Nash werken. Harvey Nash is de grootste intermediair van professionals in Nederland zonder een eigen MSP-propositie. Naast het vinden van vaste en interim professionals heeft het bedrijf een flinke marktpositie in het beheren van contracten van ingehuurd personeel. Occo Lijding, algemeen directeur van Harvey Nash Nederland: “Deze overname betekent een belangrijke verandering in hoe we onze klanten kunnen ondersteunen. Ik koester al langer een waardering voor het Het Flexhuis team. Toen ik in gesprek met ze kwam, viel het me op hoe onze waarden en ambities overeen kwamen. Ze zijn een perfecte ‘fit’ voor ons en ik kijk uit naar de samenwerking.” Frederieke Schmidt Crans, directeur van Het Flexhuis: “We zijn ons bedrijf tien jaar geleden gestart met als missie om een het beste MSP-bedrijf te worden. Met een kern van de beste mensen en de beste processen. Nu onderdeel worden van Harvey Nash is een logisch volgend hoofdstuk.” Naar aanleiding van de 10-jarige samenwerking van Het Flexhuis met Netive VMS sprak Hugo-Jan Ruts onlangs met Frederieke Schmidt Crans: Lees ook: Onderzoeksrapport 2022: MSP aanbieders in Nederland & België Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags harvey nash, Het Flexhuis, MSP, overname | Laat een reactie achter