Met deze zes acties gaat het kabinet de arbeidsmarktkrapte aanpakken Geplaatst 27 juni 2022 door ZiPredactie Betere matching tussen vraag en aanbod van arbeid, het vergroten van het aanbod van arbeid en het verminderen van de vraag naar arbeid. Dat zijn de drie hoofdpunten waarmee het kabinet de krapte op de arbeidsmarkt wil aanpakken. Daarnaast onderzoekt het kabinet enkele verdergaande maatregelen, zo liet coördinerend minister Karien van Gennip weten in een brief aan de Tweede Kamer. Een brief die mee ondertekend is door een hele serie collega’s (onderwijs, economische zaken, zorg). Waarschuwing “Gezien de maatschappelijke opgaven waar Nederland voor staat, heeft de krapte op de arbeidsmarkt de onverdeelde aandacht van dit kabinet”, zo valt te lezen. Maar een simpele korte- of langetermijnoplossing is er niet, waarschuwt het kabinet alvast. Overheid, werkgevers en werknemers moeten samen aan de slag. Het kabinet doet een nadrukkelijke oproep aan werkgevers én werknemers om zich extra in te zetten. “Werkgevers kunnen bijvoorbeeld via het bieden van betere arbeidsvoorwaarden en andere werving beter de huidige groep werkzoekenden vinden en aan zich binden. Ook kunnen zij inzetten op innovatie en zo de productiviteit van werknemers verhogen. Werknemers kunnen op hun beurt gebruik maken van de opleidingsmogelijkheden die er nu zijn, zodat zij breed inzetbaar zijn in een veranderende arbeidsmarkt.” Meer uren maken Het kabinet wil werknemers – die dat kunnen en willen – stimuleren om om meer uren te maken. “Net die paar uur per week kan het verschil maken, daar hebben werkgevers ook een rol in”, aldus Van Gennip. Het kabinet komt zelf met maatregelen zodat werken meer loont, zoals het verhogen van het minimumloon, het verlagen van de belastingdruk voor met name lage en middeninkomens, werkenden en gezinnen en er wordt gekeken naar het verlagen van de marginale druk. Voor de publieke sectoren zorg en onderwijs onderzoekt het kabinet de mogelijkheid voor een voltijdsbonus. Verantwoordelijke minister Helder (zorg) en Dijkgraaf (onderwijs) komen binnenkort met een eigen aanpak voor de arbeidsmarkt in hun sectoren. Zes acties Het stimuleren van meer werken, maakt onderdeel uit van een zestal acties die het kabinet wil gaan inzetten. Stimuleren van technologie- en procesinnovatie Inzet op arbeidsaanbod Verbeteren van de match Stimuleren van meer uren werken Inzet op een leven lang ontwikkelen Verbeteren aansluiting initieel onderwijs en arbeidsmarkt. Het kabinet beschrijft in de brief welke concrete maatregelen er gaan komen, waarvan een deel overigens ook al eerder zijn aangekondigd. De hele brief is hier te lezen, een samenvatting per punt: 1: Stimuleren van technologie en procesinnovatie Arbeidskrapte is structureel. Daarom is het nodig om in te zetten dat hetzelfde werk gedaan wordt door minder mensen. Het kabinet wil inzetten op het toepassen en stimuleren van arbeidsbesparende technologie en andere vormen van procesinnovatie. Sectorale aanpak adoptie en opschaling procesinnovaties Integrale aanpak arbeidsbesparende en ondersteunende technologieën Verminderen regeldruk en administratieve lasten Digitale vaardigheden onderdeel maken van het po/vo onderwijscurriculum Standaarden gebruiken bij aanbestedingen Praktijkgericht onderzoek 2: Inzet op arbeidsaanbod Verhogen en moderniseren minimumloon Verruimen van de bijverdiengrenzen in de Participatiewet Actieplan Dichterbij dan je denkt Extra inzet op maatwerk Arbeids- en kennismigratie Werkgeversservicepunt arbeidsmigratie van buiten de EU (voorlichting over aanvragen van werkvergunningen voor arbeidsmigranten van buiten de Europees Economische Ruimte). 3: Verbeteren van de match Uitbreiding arbeidsmarktinfrastructuur Opschaling van loopbaanpaden Scholingsbudget WW Het kabinet gaat verkennen of het huidige scholingsbudget WW kan worden voortgezet. Kennisloket strategisch HR-beleid Banenafspraak 4: Stimuleren van meer uren werken Kinderopvangtoeslag: 95 procent vergoed (was al bekend) Betaald ouderschapsverlof (was al bekend) Verminderen marginale druk (al aangekondigd in voorjaarsnota: 2,4 miljard uittrekt voor lastenverlichting voor met name lage en middeninkomens, hervorming van kinderopvangtoeslag en mogelijk andere toeslagen) Meer uren werken en voltijdsbonus Het kabinet onderstreept vanwege de personeelstekorten de urgentie van het stimuleren van meer uren werken, en wil daartoe verdergaande maatregelen nemen. Een van de mogelijke opties is een financiële prikkel om meer uren werken te stimuleren, in eerste instantie in het onderwijs en de zorg. Indien het aanzienlijke aantal mensen dat nu met contracten van rond de 28 uur een aantal uren extra gaat werken levert dat al een flinke bijdrage. Daarom onderneemt het kabinet de komende periode actie op het financieel stimuleren in deze sectoren, waaronder het mogelijk maken van een voltijdsbonus. De juridische bezwaren rond varianten van de voltijdbonus, zoals geschetst door het College voor de Rechten van de Mens, worden hierbij meegenomen. Naast dit soort prikkels om meer uren te werken, verkent het kabinet ook wat het kan doen als het gaat om een cultuuromslag over deeltijdwerk, het aanpakken van de marginale druk, het combineren van twee banen, en aanpassingen van werkgevers en werknemers als het gaat om roostering van werkgevers, in scholen en bij organisaties. Daarbij zullen ook de gevolgen van meer uren betaald werken voor bijvoorbeeld (mantel)zorg of vrijwilligerswerk worden meegenomen. 5: Inzet op Leven Lang Ontwikkelen Inzet van STAP-budget en SLIM-regeling Extra inzet op de ontwikkeling van een passend aanbod voor bij- en omscholing Transparantie over opleidings- en financieringsmogelijkheden Omscholingsregeling voor kansrijke beroepen (doorzetten en uitbouw van subsidieregelingen die onder andere in corona tijd zijn opgezet) 6: Verbeteren aansluiting tussen initieel onderwijs en arbeidsmarkt Verstevigen van loopbaanoriëntatie en -begeleiding Aandacht voor jongeren met afstand tot de arbeidsmarkt Opschalen publiek-private samenwerkingen (PPS) in het beroepsonderwijs Toekomstgericht macrodoelmatigheidsbeleid mbo en ho Stimuleren gelijke kansen op stage en werk (Stagepact) Bijzondere tijden, bijzondere maatregelen “Bijzondere tijden vragen om bijzondere maatregelen. Om aan de huidige urgentie te voldoen, is het kabinet van plan een aantal verdergaande maatregelen te bezien en een geselecteerd aantal langs hoofdlijnen uit te werken” zo sluit het kabinet zijn brief af. Maatregelen die dus later nog volgen. Daarbij benadrukt het kabinet de noodzaak tot samenwerken met de sociale partners: “We bereiken onze doelstelling alleen als het kabinet werkgevers én werkenden samen de krapte op de arbeidsmarkt aanpakken, ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid. Alleen door gezamenlijk op te treden kunnen we de krapte effectief bestrijden.” Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags krapte, krapte op de arbeidsmarkt, Van Gennip | Laat een reactie achter
Klantgerichtheid in de War for Talent Geplaatst 27 juni 2022 door Alexander Crepin De pool van werkzoekenden in Nederland is in veel sectoren te klein om in de huidige vraag te kunnen voorzien. We weten wat dit betekent. Om vacatures en opdrachten in te vullen, moeten kandidaten actief benaderd worden. Dat gebeurt op grote schaal en de slag om personeel, de ‘War for Talent’ woedt in alle hevigheid. Het is en blijft boeiend te constateren dat McKinsey’s ‘War for Talent’ in 1998 als slogan bedacht is om aandacht te trekken voor de periodieke McKinsey nieuwsbrief. Met de kennis van nu, kun je stellen dat dit vanuit marketing / PR perspectief een ‘voltreffer’ is geweest. Sindsdien is de slogan niet meer weg te denken uit het mondiale ‘corporate’ taalgebruik. Het is dé terminologie geworden om aan te geven dat er tussen bedrijven een heftige concurrentieslag gaande is om talent aan te trekken. Dat is op zich jammer, zeker in het licht van militaire oorlogen, zoals nu in de Oekraïne. Het is overigens maar de vraag of er overal daadwerkelijk een tekort is aan talent. War for Talent slogan misbruikt Voortbouwend op de slogan van McKinsey hoor je zo her en der zeggen dat werkgevers onderling wellicht strijden, maar dat feitelijk de slag verloren is: ‘the War for Talent is over, the Talent have won …..’ Werkgevers en opdrachtgevers hebben niet langer de regie. De kandidaten bepalen de koers en de richting, zij kiezen voor een organisatie en niet andersom. Als we hiervan uitgaan kunnen we de term ook verder laten voor wat die is en niet meer hanteren… Het is overigens maar de vraag of er overal daadwerkelijk een tekort is aan talent. Het is geen vreemde gedachte dat de term ‘War for Talent’ benut c.q. misbruikt wordt om de oorzaak te verbloemen, namelijk dat veel sectoren en organisaties onvoldoende geanticipeerd hebben op demografische en technologische ontwikkelingen. Er is te weinig geïnvesteerd in employability-ontwikkeling, organisatievernieuwing en automatisering. Daar ligt de kern van de huidige arbeidsmarktproblemen. Helaas lost deze constatering het probleem van veel organisaties om vacatures in te vullen nu niet op. Het leidt er wel toe dat er veel meer geïnvesteerd wordt om de slagkracht op de arbeidsmarkt te vergroten en het benodigde talent aan te trekken en te behouden. Het gevolg hiervan is dat ook de arbeidsmarkt voor recruitmentspecialisten en intermediairs momenteel prima is. Die krijgen alle ruimte om initiatieven te ontplooien om talent aan te trekken. Als ik overigens kijk naar de achtergrond van beginnende recruiters, dan heeft het er alle schijn van dat recruitment een vak is geworden waarin het ‘hire for attitude and train for skills’ nu breed toegepast wordt … XP als sleutel tot succes Als talenten het voor het kiezen hebben, dan is het natuurlijk belangrijk om bij kandidaten in beeld te komen en om ze een positieve, onderscheidende ‘Candidate Experience’ te bieden in elke fase van het recruitmentproces. ‘Candidate Experience’ is een recruitment ‘buzzword’ geworden. Het sluit aan op het gedachtegoed van de zogenaamde beleveniseconomie. Dit verwijst naar een ontwikkeling waarin men zich naar doelgroepen niet alleen onderscheidt op basis van de inhoud, de prijs of de kwaliteit van een product of dienst, maar ook door het bieden van een positieve ervaring bij het verwerven van het product of de dienst. Er wordt in ieder geval veel over geschreven. Klantgerichtheid en Kandidaatgerichtheid van intermediairs De positie van bureaus, van intermediairs, vind ik in dit verband interessant. Wanneer je een bemiddelende positie inneemt tussen vraag en aanbod, tussen opdrachtgevers en kandidaten, hoe ga je dan invulling geven aan ‘Customer Experience’ en ‘Candidate Experience’? Moet je daar überhaupt een verschil tussen maken? Is het niet een stuk eenvoudiger om kandidaten net als opdrachtgevers als klanten te beschouwen? Het zijn 2 verschillende klantgroepen die beiden hun specifieke verwachtingen hebben. Daar is best wat voor te zeggen. Is het niet een stuk eenvoudiger om kandidaten net als opdrachtgevers als klanten te beschouwen? Bij mij roept het begrip ‘Candidate Experience’ altijd een associatie op met het aloude begrip van klantgerichtheid. Prioriteit geven aan de klant, klantgericht werken is helemaal niets nieuws. De omschrijvingen van ‘Customer Experience’ en ‘Candidate Experience’ ontlopen elkaar volgens mij ook niet echt. Forrester Research omschrijft ‘Customer Experience’ kort en krachtig. Zij definiëren klantervaring als: ‘Hoe klanten hun interacties met uw organisatie ervaren.’ Het gaat daarbij om een holistische perceptie. Het draait om elke interactie die klanten met uw organisatie hebben. Alles wat u doet is van invloed op die perceptie en de beslissing om wel of niet op uw aanbod in te gaan. Vervang in deze omschrijving klanten door kandidaten en ik denk dat er een heldere omschrijving volgt van ‘Candidate Experience’. Het voordeel van deze benadering is dat men kan leren van de ervaringen richting kandidaten en richting opdrachtgevers bij het streven om de doelgroepen een positieve ervaring te bieden tijdens de ‘customer & candidate journey’. Dat is vooral voor intermediairs relevant. Er zullen maar weinig bedrijven zijn die ooit op het idee komen om potentiële opdrachtgevers af te wijzen, dit in tegenstelling tot wat recruiters met kandidaten doen. Experience bieden, nimmer definitief afschrijven Er zullen maar weinig organisaties of bedrijven zijn die ooit op het idee komen om potentiële opdrachtgevers af te wijzen, dit in tegenstelling tot wat recruitmentafdelingen met kandidaten doen. Die worden veelvuldig tijdens procedures afgewezen, zelfs zonder toelichting, en horen daarna nooit meer iets. Commercie verlangt denken in kansen, leads ontwikkelen en deze omzetten in nieuwe business. Dat biedt mogelijkheden om zaken te doen, niet één keer, maar meerdere malen. Voor bureaus, voor intermediairs, ligt het niet anders. Die zijn gebaat bij een langdurige relatie, zowel met opdrachtgevers als met kandidaten. Immers kandidaten kunnen gedurende hun totale werkende leven meerdere keren bemiddeld worden en zij kunnen met hun netwerk weer een entree bieden tot andere kandidaten en opdrachtgevers. Waarom is niet meer de vraag, maar hoe? Onderkennen we het nut en belang van het bieden van een positieve ervaring met kandidaten en klanten, wat zijn dan aandachtspunten? Hoe wil en kan men zich positief onderscheiden? Ik sluit hierbij aan op het idee dat een en ander een combinatie van Tech en Touch zal verlangen. Bij invulling van Touch denk ik aan zaken zoals: Intake: luister, win vertrouwen, geef een duidelijke positionering van je aanbod, manage verwachtingen, wees realistisch, heb ook oog voor de langere termijn; Professionaliteit: weet waar je het over hebt en zorg ervoor dat kennis, kunde en attitude van de medewerkers op het vereiste niveau is. Probeer niet alles voor iedereen te zijn; Empowerment: geef mogelijkheden en bevoegdheid om er in lijn met de bedrijfsfilosofie voor te zorgen dat de opdrachtgever, de kandidaat optimaal geholpen kan worden; Transparante processen: geef en duidelijke informatie daarover en handel in lijn daarmee; Stakeholder commitment en kennis en kunde: de ervaring van klanten en kandidaten is zo goed als de slechtste schakel in het geheel; Kwaliteit van de gesprekken in termen van informatief, ter zake, onderhoudend en onderlinge afstemming; Vlotte opvolging en doorlooptijden. Snelheid en kwaliteit van opvolging van afspraken; Service bieden: wees bereikbaar voor klanten en kandidaten; Flexibiliteit: bouw dit in, bied daar ruimte voor. Bij invulling van Tech denk ik aan: Consequent investeren in systemen en tools die waarde toevoegen aan het realiseren van positieve ‘Candidate & Customer Experience’; Continu investeren om de User Experience van websites, tools en platforms te optimaliseren; Do it yourself & simple: maak online reageren op een vacature/opdracht zo laagdrempelig mogelijk; Multimediasupport: bereikbaar zijn via diverse kanalen; Train medewerkers op benutten van technologie en mogelijkheden van data; Inzetten van robots: we kennen de chatbots, maar robots kunnen inmiddels ook telefoongesprekken voeren; Kandidaten vacatures/opdrachten op maat presenteren op basis van AI. Ik verwacht dat er vooral op het gebied van Tech nog veel zal gebeuren in de komende jaren. Daarbij ben ik met name benieuwd naar de mogelijkheden die Tech aan organisaties kan bieden om de Touch naar een hoger niveau te brengen en zich positief te onderscheiden op het gebied van ‘experience’. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags candidate-experience, krapte, recruitment | 2s Reacties
Handhaving Wet DBA nog ‘uiterlijk 2,5 jaar’ opgeschort. Kabinet wil eerst werken aan duidelijkheid Geplaatst 24 juni 2022 door Claartje Vogel Goede handhaving op schijnzelfstandigheid kan alleen als er duidelijkheid is over regelgeving en er een ‘gelijker speelveld’ is tussen zelfstandigen en werknemers op het vlak van belastingen en sociale zekerheid. Dat schrijven minister Karien van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en staatssecretaris Marnix van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst) vrijdag in een kamerbrief. Die duidelijkheid is er niet, dus blijft het handhavingsmoratorium op de Wet DBA voorlopig bestaan. Al vanaf het begin van de Wet DBA is de handhaving opgeschort. Dat moratorium is wel iets milder geworden, maar wordt nog steeds verlengd. Ook nu weer. “Voordat het handhavingsmoratorium volledig wordt afgeschaft, moet duidelijk zijn hoe de handhaving goed kan plaatsvinden”, schrijven de minister en staatssecretaris. De ambitie: uiterlijk 1 januari 2025 moet de Belastingdienst volop aan de slag. Minder verschillen, meer duidelijkheid Maar voor het zover is, moet het kabinet maatregelen nemen om fiscale en arbeidsrechtelijke verschillen tussen werknemers en zzp’ers te verkleinen. Ook moet duidelijker worden wanneer een opdrachtgever een zelfstandige mag inhuren. Volgens Van Rij hebben zowel ondernemers als de Belastingdienst behoefte aan duidelijkere wetgeving, vooral in het arbeidsrecht. Dat maakt toezicht makkelijker en ” zal leiden tot meer zekerheid onder opdrachtgevers en opdrachtnemers dat zij de wet juist naleven.” Meer over nieuwe regels in hoofdlijnenbrief Minister Van Gennip gaat in haar ‘hoofdlijnenbrief arbeidsmarkt’ uitgebreider in op de verduidelijking van die wet- en regelgeving. Deze hoofdlijnenbrief verschijnt waarschijnlijk eind volgende week. Daarin schrijft ze ook hoe zij werkenden wil helpen hun rechtspositie op te eisen, onder andere ‘via een rechtsvermoeden van werknemerschap’. Het idee van een rechtsvermoeden is een advies van de Sociaal-Economische Raad (SER). De SER raadt aan zo’n vermoeden van werknemerschap toe te passen bij uurtarieven van minder dan 30 à 35 euro. In hoeverre de minister dit advies overneemt, is niet duidelijk. Lees ook: 8 varianten voor de vervanging van de Wet DBA Webmodule Duidelijkere regels zijn volgens het kabinet ook nodig, omdat de webmodule onvoldoende duidelijkheid geeft. Deze online tool is volgens Van Rij ‘een geschikt instrument om een indicatie te geven over de aard van de arbeidsrelatie’, maar webmodule kan geen zekerheid geven. Hij benadrukt dat tool momenteel in 28% van de gevallen geen indicatie geeft. Juist in die gevallen is de meeste behoefte aan duidelijkheid. Nauwelijks controle Van Gennip en Van Rij reageren in de brief vrijdag op een rapport van de Algemene Rekenkamer en een onderzoek van de Auditdienst Rijk (ADR) over de handhaving op schijnzelfstandigheid. Uit deze onderzoeken blijkt dat de Belastingdienst nauwelijks bedrijven aanpakt die werknemers onterecht als zelfstandige laten werken. Daar zijn meerdere oorzaken voor. Ten eerste het handhavingsmoratorium, maar ook het feit dat regels te ingewikkeld zijn, fiscale en arbeidsrechtelijke beoordeling door elkaar lopen en personeelstekort bij de Belastingdienst. In het rapport van de ADR staat hoe lastig het is voor de Belastingdienst om toezicht op de arbeidsrelaties te houden. Controles zijn tijdsintensief, de capaciteit beperkt. De ADR suggereert daarom de bewijslast om te draaien: laat werknemers bewijzen dat iemand géén werknemer is. “Dit kan Belastingdienst veel tijd en energie besparen.” Aanpak in samenhang: gelijk speelveld Van Gennip en Van Rij benadrukken dat zij schijnzelfstandigheid ‘in samenhang’ willen aanpakken. Voordat de Belastingdienst aan de slag kan, wil het kabinet zorgen dat er minder fiscale en arbeidsrechtelijke verschillen zijn tussen werknemers en zelfstandig ondernemers. Dat wil het kabinet onder andere voor elkaar krijgen met de afbouw van de zelfstandigenaftrek en een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zzp’ers. In het najaar komen Van Gennip en Van Rij met een brief over werken als zelfstandige, inclusief een plan van aanpak over de intensivering van de handhaving tot het moment dat het moratorium wordt opgeheven. Zo moeten zowel ondernemers als de Belastingdienst genoeg tijd hebben om zich voor te bereiden. Onderzoek gevolgen Belastingdienst, UWV en Arbeidsinspectie Voordat de fiscus aan de slag moet, wil het kabinet dat duidelijk is hoe de handhaving goed kan plaatsvinden. “Het handhavingsmoratorium opheffen is een forse stap die het nodige vergt van zowel de markt als de Belastingdienst,” schrijft Van Rij. Hij verwacht dat het aantal ‘vooroverleggen’ en aanvragen voor modelovereenkomsten flink zal oplopen. Dat kan de Belastingdienst nu niet aan. Daarom moet de Belastingdienst eerst een uitvoeringstoets en een MKB-toets doen. Ook het UWV en de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) onderzoeken eerst wat voor hen de gevolgen zijn van de opheffing van het handhavingsmoratorium. Tot slot benadrukken de bewindslieden dat zij ‘voor de zomer’ sociale partners, relevante stakeholders en sectoren zoals het onderwijs, zorg, cultuur en de bouw zullen betrekken. Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Politiek | Tags schijnzelfstandigheid, Van Gennip, wet dba. #zzpdebat | 3s Reacties
PZO en VZN verbaasd over gebrek aan actie en aanbevelingen aanpak schijnzelfstandigheid Geplaatst 24 juni 2022 door ZiPredactie Zzp-belangenorganisaties PZO en VZN zijn teleurgesteld over de kamerbrief over handhaving van de Wet DBA. Ze vinden het goed dat het kabinet met schijnzelfstandigheid aan de slag gaat, maar zijn verbaasd over de inhoud van de brief. “Er wordt helemaal niet ingegaan op de broodnodige nieuwe wet- en regelgeving. Duidelijkheid scheppen over de arbeidsrelatie is met de huidige kaders bovendien een onmogelijke opgave.” Lees ook: Handhaving Wet DBA nog ‘uiterlijk 2,5 jaar’ opgeschort. Kabinet wil eerst werken aan nieuwe regels. Het kabinet constateert dat sinds de invoering van de Wet DBA duidelijkheid ontbreekt, waardoor de Belastingdienst de wet niet kan handhaven. PZO en VZN noemen het een ‘draak van een wet’. “We zijn dan ook niet verbaasd over de strubbelingen van de Belastingdienst, maar wel over de aanbevelingen en het gebrek aan actie”, zegt Cristel van de Ven, voorzitter Netwerk Zelfstandig Ondernemers en VZN. “En dat terwijl de noodzaak van verbetering van de wet- en regelgeving steeds groter wordt.” Duidelijkheid bieden een onmogelijke opgave Het uitvoeren van toezicht is bijzonder lastig en complex voor de Belastingdienst. Om het makkelijker te maken, wordt aanbevolen de bewijslast om te draaien en het bestaande handhavingsmoratorium op te heffen. “Als de Belastingdienst deze complexe vertaalslag al niet kan maken, hoe kan de minister dan van opdrachtgevers en opdrachtnemers verwachten dat zij dat wel kunnen?” vraagt Margreet Drijvers van PZO zich af. “Er zijn nog steeds geen heldere kaders.” PZO en VZN zien deze worsteling al jaren. De zzp-organisaties stellen voor het ondernemerschap weer in de beoordeling terug te brengen. Ze benadrukken dat in het coalitieakkoord staat dat ondernemers de ruimte moeten krijgen. “Daarbij is het noodzakelijk ze te onderscheiden van werknemers. Niet door ze als werknemer te beoordelen, maar juist als ondernemer. Ook voor de Belastingdienst veel objectiever te bepalen”, aldus PZO en VZN. Gelijk speelveld Het kabinet wil verder een gelijker speelveld creëren voor zelfstandigen en werknemers. “Om dat gelijker speelveld te creëren worden verplichtingen opgelegd aan de zelfstandige en fiscale voordelen die bedoeld zijn om risico’s af te dekken afgeschaft”, aldus PZO en VZN. “Hierdoor stijgen de lasten van zelfstandigen, maar niet direct hun inkomsten. Kortom, hiermee wordt zelfstandige getroffen en wordt de opdrachtgever ongemoeid gelaten. Dan is het de vraag of er daadwerkelijk een gelijk speelveld ontstaat. Of dat juist de kwetsbare zelfstandigen nog verder de armoede in raken.” Geplaatst in ZP en Politiek | Tags #zzpdebat, wet dba | Laat een reactie achter
Wat zijn de belangrijkste zaken bij een onderhandeling? Geplaatst 24 juni 2022 door Jellow Tijdens de voorbereiding van een onderhandelingstraject is het goed om een aantal zaken na te gaan die je tegen gaat komen in het proces. Met wie onderhandel je? Dit kan je letterlijk en figuurlijk zien. Wie is je contactpersoon en wie vertegenwoordigt deze persoon? Is die persoon alleen een woordvoerder en heb je met een ander persoon of meerdere personen te maken? De vraag achter de vraag Je potentiële opdrachtgever wil je inzetten omdat hij een probleem heeft, waar jij een oplossing voor hebt. De ‘opdracht’ komt feitelijk in de vorm van een vraag. Bijvoorbeeld aan een freelance social media manager: Kan je ons helpen onze social media optimaal in te richten en aan te wenden voor onze marketing activiteiten? Je kan de vraag direct aanpakken door een social media plan te maken. Je kan ook eerst achterhalen of er een vraag achter de vraag zit. Hoe is de marketing nu georganiseerd? Als daar al zaken beter kunnen, moet dat eerst worden aangepakt. En hoe wordt met social media omgegaan door alle werknemers? Als dat niet strookt met de social media boodschappen van het bedrijf als geheel, dan is daar ook nog werk te verrichten. Kortom, ga altijd op zoek naar de vraag achter de vraag. Met andere woorden: welk probleem ga je oplossen? Neem niks zo maar aan, vraag door. Inhoud versus proces Maak in een onderhandeling duidelijk onderscheid tussen de inhoud en het proces. De inhoud gaat over het werk dat je gaat leveren en op welke manier je dat (samen met de opdrachtgever) gaat inrichten. Het proces gaat over de stappen in de onderhandeling vanaf het eerste contact tot aan de start van de werkzaamheden. Bewaak dat proces. Het geeft houvast in het onderhandelingstraject. Je kan eenvoudig weer een stap terug doen in het proces als de onderhandeling stroef loopt. Dat kun je dan adresseren en heeft niks te maken met de inhoud van de mogelijke werkzaamheden. Luisteren! Het belangrijkste in elke onderhandeling: luisteren! Dat is niet luisteren om vervolgens je punt te maken. Maar echt luisteren om daarna door te vragen, weer te luisteren en weer door te vragen. Alleen door goed te luisteren, krijg je informatie die je kan gebruiken in je onderhandeling. Vat samen wat je gesprekspartner zegt, zodat je checkt of je het goed begrepen hebt. Je laat daarmee ook zien dat je echt luistert, wat op zijn beurt je gesprekspartner een prettig gevoel geeft. Je gesprekspartner geeft ook non-verbale signalen, zoals bijvoorbeeld met de armen over elkaar zitten of met een pen spelen. Ook daar moet je naar ‘luisteren’ (of in dit geval naar kijken). Het geeft je informatie over hoe iemand zich op dat moment voelt (afwachtend, nerveus, afwezig, ongeduldig, etc.) Het is normaal menselijk gedrag om zaken in te vullen en aannames te doen gebaseerd op onze eigen ervaringen. We projecteren onze eigen gevoelens en ervaringen vervolgens op de ander. Dat kan alleen doorbroken worden door vragen te stellen en te horen hoe het echt zit. Als je twijfelt, kan je altijd je aanname uitspreken en die checken bij je gesprekspartner. De aanname wordt dan bevestigd of verlegd. Allebei is goed. Mailen vs Bellen Veel opdrachtgevers maar ook freelancers verschuilen zich graag achter hun laptop tijdens een onderhandeling. Ergens is dat begrijpelijk, je creëert immers (letterlijk) een scherm tussen jou en de opdrachtgever. Een scherm dat je de tijd geeft om na te denken over een voorstel, je de tijd geeft om je zinnen te construeren en je de mogelijkheid geeft om alles even lekker een dag te laten liggen. Het is goed om je te realiseren wat de voor- en nadelen zijn van onderhandelen per mail ten opzichte van onderhandelen per telefoon (of face-to-face). Het is de toon die de muziek maakt. Je kunt je zinnen nog zo goed (of slecht) geformuleerd hebben, de klant interpreteert zelf, dat kun je niet voor haar doen. Het kan dus zijn dat een goed bedoelde opmerking of formulering compleet verkeerd valt en de deal volledig de verkeerde richting op gaat. Feitelijk sta je dan al met 1-0 achter. Hoe kun je de juiste strategie bepalen als je iemand nog niet gehoord hebt? Onze ervaring is dat het vaak beter werkt om de onderhandeling in ieder geval telefonisch op te starten om elkaar zo even te ‘voelen’. Het is een wezenlijk onderdeel van luisteren: Met wat voor soort klant heb je te maken? Met welke toon wordt er gecommuniceerd (zakelijk, ontspannen, gestrest, enz.)? Voel je ruimte of voel je een muur? Allemaal informatie die je per mail moeilijker kunt achterhalen. Daarnaast kun je verzanden in ellelange mailcorrespondenties die vooral heel veel tijd kosten en zeker niet altijd het gewenste resultaat opleveren. Vaak kun je in een eerste gesprek de kaders van de onderhandeling al bepalen, waarom zou je daar 12 mailtjes aan wijden? Als laatste geldt bovenal dat je de toon die je kiest (voor of tijdens het gesprek) een onderdeel kan worden van de goodwill van de klant om je tegemoet te komen in de onderhandeling. Voel je de klant goed aan? Begrijp je waar je zelf staat in de onderhandeling, maar ook waar de klant staat? Krijg je de klant zover dat deze ook begrijpt waar jij staat, dan is de kans vrij groot dat je er financieel vrij snel uit komt. Er is goodwill omdat je helder communiceert, de klant goed aanvoelt en de moeite neemt om te luisteren. En vooral dat laatste is lastig achter een scherm. De luxe van keuze Tot nu toe gaan we steeds uit van één onderhandeling met één potentiële opdrachtgever. Maar het mooiste is om een situatie te creëren waarbij je gelijktijdig met twee partijen onderhandelt die jou willen inzetten. Dat geeft een extra dynamiek aan de onderhandeling. Kies er altijd voor om transparant te zijn en beide partijen te informeren over elkaars bestaan. Speel ze niet tegen elkaar uit, maar laat het feit dat er andere kapers op de kust zijn meespelen in je voordeel. Let op: voorzichtigheid is geboden. Ga je achteroverleunen omdat je jezelf rijk rekent, dan kan je eindigen met niks, omdat beide opdrachtgevers voor een alternatief gaan. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags jellow, onderhandelen, tarieven, zzp'ers | Laat een reactie achter
FNV Zelfstandigen, PZO, en VLOK komen met eigen voorziening voor arbeidsongeschiktheid voor zelfstandigen Geplaatst 23 juni 2022 door ZiPredactie FNV Zelfstandigen, het Platform Zelfstandige Ondernemers (PZO) en VLOK (de branchevereniging voor vakmensen) hebben gezamenlijk een betaalbare arbeidsongeschiktheidsvoorziening (AOV) voor zelfstandigen ontwikkeld. Dat hebben deze drie belangenbehartigers voor zelfstandigen vandaag bekend gemaakt. “Dankzij deze unieke samenwerking is er nu eindelijk een AOV, zonder winstoogmerk, waar iedere zzp’er in Nederland aan mee kan doen zonder hoge kosten”, zo stellen de verenigingen. Er gelden bovendien geen leeftijdsbeperkingen en er is geen medische toets vooraf nodig. Vanuit de Stichting AOV voor Vakmensen wordt de arbeidsongeschiktheidsvoorziening (AOV) gefaciliteerd. Voor de uitvoering van de AOV heeft de stichting in SamSam Servicebureau de partner met expertise en met dezelfde visie gevonden. Wacht op kabinetsplannen In het regeerakkoord is afgesproken dat het kabinet komt met plannen voor een verplichte AOV-regeling voor alle zelfstandigen. Minister Van Gennip zit echter met het probleem dat de uitvoering daarvan stokt door onder meer capaciteitsproblemen bij UWV. Daarmee lijkt uitvoering van die plannen nog jaren te kunnen duren. FNV Zelfstandigen en PZO waren eerder betrokken bij het plan van de Stichting van de Arbeid voor een AOV voor zzp’ers, een uitvloeisel van het Pensioenakkoord. Ook dat plan was volgens de Belastingdienst en het UWV onuitvoerbaar. Schenkkring De belangenbehartigers komen nu dus met een eigen oplossing. De voorziening van FNV/PZO/VLOK is een ‘schenkkring’. Deelnemers kunnen 80% van het inkomen uitgekeerd krijgen, gedurende 2 jaar. De uitkering wordt door de deelnemers betaald uit de gezamenlijke ‘spaarpot’. Er is een onafhankelijke arbodienst en een accountantscontrole op deze gezamenlijke schenkkring. Zowel in opzet, als in duur wijkt deze voorziening daarmee af van de kabinetsplannen voor een aov. Die zou immers een onbeperkte looptijd moeten hebben en juist pas na 1 of 2 jaar gaan uitkeren. Ook andere partijen zijn steeds actiever in deze markt. Zo maakte Alicia Insurance, een Rotterdamse insurtech gespecialiseerd in het ontwikkelen en embedded aanbieden van verzekeringen voor freelancers, onlangs een samenwerking bekend met het freelanceplatform Temper. Eerder verwelkomde Alicia – waar Randstad aandeelhouder van is – al nieuwe klanten als HeadFirst en ZZP365. Ook hierbij gaat het overigens om een voorziening met een beperkte looptijd. Het Tulpenfonds, als langer actief rond AOV voor zzp’ers, maakte in februari bekend met Flextender te gaan samenwerken. Unieke samenwerking FNV, PZO “Ik ben vooral trots op deze unieke samenwerking, waardoor alle zelfstandigen op een laagdrempelige en passende manier hun risico kunnen afdekken. Deze AOV is gewoon een mooie voorziening en is er voor en door zelfstandigen. Zij zijn de enigen die profiteren”, aldus Margreet Drijvers, directeur PZO. FNV Zelfstandigen bestuurder Henk van der Schaft wijst er op dat deze verzekering voor alle zzp’ers beschikbaar is: “Zeker voor zij die in een ‘zwaar beroep’ werken of al wat ouder zijn, of een medische geschiedenis hebben maar nu wel hun beroep kunnen uitoefenen, is er nu de mogelijkheid om heel betaalbaar je inkomen te beschermen als je ziek wordt. De regeling is en blijft ‘FNV proof’: geen leeftijdsdiscriminatie bij deelname (ook geen eindleeftijd bij deelname) en uiteraard meebeslissen over de spelregels. Dat was tot nu toe bij andere ‘AOV-en’ vaak helemaal niet mogelijk.” Alle zzp-ondernemers kunnen gebruik maken van de voorziening. Ondernemers aangesloten bij de bovengenoemde (vak)organisaties ontvangen een korting. Geen administratieve rompslomp, transparant, betaalbaar, eenvoudig en voor alle zelfstandig ondernemers. “Alle voordelen gaan naar de deelnemers, want er is geen winstoogmerk”, aldus Van der Schaft. Onafhankelijke arbodienst en accountants controle Dennis Kosten, directeur Stichting AOV voor Vakmensen: “Iedereen kan ziek worden en dus ook de zelfstandige. Maar het valt als zelfstandige niet mee om je te verzekeren tegen een betaalbare prijs voor als je langere tijd ziek wordt. Zeker als je een fysiek of mentaal zwaar beroep hebt, wordt het vaak een kostbare zaak, of zijn er medische uitsluitingen en/of leeftijdsbeperkingen van toepassing. Door deze samenwerking is er nu een arbeidsongeschiktheidsvoorziening waar iedere zelfstandige aan mee kan doen zonder hoge kosten.” Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags aov | Laat een reactie achter