Maandelijkse archieven: februari 2022

Waarom een goede aanbesteding van externe inhuur zo belangrijk is

Wie een duidelijke vraag stelt, heeft meer kans op een goed antwoord. Het klinkt logisch, toch zijn verkeerd geformuleerde aanbestedingen aan de orde van de dag. Dat merkt voorzitter Frederieke Schmidt Crans van Bovib, de branchevereniging voor onafhankelijke intermediairs en brokers.

Onduidelijke behoefte door te brede uitvraag

Schmidt Crans ziet aanbestedingen langskomen die veel te breed zijn geformuleerd. Soms passen ze zelfs helemaal niet bij wat de opdrachtgever eigenlijk nodig heeft.

“Dat brengt risico’s met zich mee”, waarschuwt ze. “Dat opdrachtgevers hele brede vragen en criteria formuleren, heeft meerdere oorzaken. Denk aan schuivende panelen rondom schaarste, risico’s en kosten, maar ook de ontwikkeling richting Total Talent Acquisition. Duurzame oplossingen vragen om een gefaseerde en gestructureerde aanpak. Als je hierbij de hulp van intermediaire partijen vraagt, moet het heel duidelijk zijn welke toegevoegde waarde je zoekt en hoe het bijdraagt aan je organisatiedoelen.”

Negatieve gevolgen van verkeerde uitvragen

Behalve te breed geformuleerde opdrachten, ziet ze aanbestedingen met prijsmodellen die niet passen bij het type dienstverlening. Als voorbeeld noemt ze een gemeente die een partij zocht om de regie te voeren over alle flexibele arbeid. “De gemeente omschreef een MSP-dienstverlening, maar het prijsmodel kwam niet overeen. Het tarief voor het voeren van regie moest verwerkt worden in omrekenfactoren voor uitzenden en detacheren.”

Het gevolg: als aanbestedende partij nodig je hiermee heel veel verschillende types partijen uit om in te schrijven. Dit leidt tot gekunstelde aanbiedingen. Dit gaat niet alleen ten koste van de kwaliteit, maar leidt ook tot extra risico’s. Je verliest namelijk zicht op de inhuurketens. Om risico’s te beperken moet je goed kijken naar de inhoud en gelijkwaardigheid van de keurmerken ISO, NEN en Bovib. Elk type dienstverlening heeft namelijk zijn eigen keurmerk.”

Bij een goed functionerende arbeidsmarkt is flexibele arbeid en de organisatie ervan niet meer weg te denken. “Om maximaal toegevoegde waarde te kunnen bieden tegen eerlijke voorwaarden, begint het altijd bij een juiste formulering van de vraag van de opdrachtgever.”

Webinar

In het onderstaand webinar gaat Schmidt Crans dieper in op het belang van een goede aanbesteding en de eerste stappen die een organisatie kan zetten om betere uitvragen te doen.

 

 

Meld je gratis aan voor een of meer webinars.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Platform Staffyou gaat freelancer minimaal 18 euro per uur betalen. Vlucht naar voren?

Het ‘uitzendplatform’ Staffyou heeft aangekondigd dat freelancers die via het platform werken voortaan minimaal 18 euro per uur betaald gaan krijgen.

“Wij nemen onze maatschappelijke verantwoordelijkheid als uitzendplatform serieus”, zo licht Pavle Beslic, CEO van Staffyou, de stap toe. “We zien dat concurrenten de freelance constructie gebruiken om een CAO te ondermijnen. Een jonge fietskoerier, die extra risico loopt en geen vakantiegeld krijgt, moet je op zijn minst goed betalen.  Daarom bieden wij als enige in de uitzendbranche een minimumtarief van 18 euro.”

Platform voor werk in horeca en logistiek

Staffyou werd in 2016 gelanceerd. Via een digitaal platform kunnen opdrachtgevers in de horeca, retail en logistiek flexibel personeel inhuren op basis van profielen met ratings en reviews. Bij het bedrijf kunnen werkenden kiezen hoe ze werken: via een uitzendcontract of als ‘freelancers zonder KvK inschrijving’. De eerste groep wordt uitbetaald via de uitzend-CAO, freelancers krijgen vanaf nu dus minimaal 18 euro per uur. “Een freelance fietskoerier of magazijnmedewerker heeft geen CAO, dus die moet je wel goed belonen”, zo vindt Beslic.

Beslic wijst er op dat veel bezorgers en fietskoeriers, maar ook steeds meer horeca- en magazijnmedewerkers op papier eigen baas zijn. Dus zonder de bescherming die een CAO en dienstverband biedt. Hier staat qua loon vaak weinig tegenover, zo stelt het bedrijf. “De overheid zou tegen de schijnzelfstandigheid van gig-werkers moeten optreden, maar laat het afweten. Staffyou vindt dit een slechte zaak en neemt haar verantwoordelijkheid wel.”

Vlucht naar voren?

Staffyou, een relatief kleine speler in de markt, springt in het oog met deze stap, omdat op het moment dit soort platformen in toenemende mate onder druk staan. Vooral omdat ze door dit type uitvoerend en kort werk nu ook met de zzp-constructie werken.

FNV eiste onlangs nog dat het kabinet schijnconstructies bij platformen hard gaat aanpakken. De vakbond wijst daarbij naar een rapport van de Nederlandse Arbeidsinspectie waarin geconstateerd wordt dat het platform Temper – een concurrent van Staffyou – feitelijk een uitzendbureau is geen zzp-bemiddelaar.

Of het optrekken van het tarief naar 18 euro de zorgen van FNV wegneemt valt te betwijfelen. In het SER MLT advies kwamen de vakbonden en werkgevers, waaronder uitzendkoepel ABU, op een ondergrens voor zzp-werkzaamheden van 30 tot 35 euro per uur.

EU-richtlijn Platformwerk

Ook de EU roert zich met een richtlijn Platformwerk. De criteria (zie hier) uit die richtlijn, om te bepalen of werkzaamheden door een freelancer gedaan kunnen worden, zijn primair gericht op platformen als Uber en Deliveroo, maar kunnen toch ook meer dit soort bemiddelingsplatforms raken. Staffyou prijst zichzelf aan vanwege zijn ‘workforce management met behulp van machine learning en slimme algoritmes’. Daarmee lijkt het bedrijf dan alvast aan een van de vijf criteria uit de richtlijn te voldoen. Bij twee of meer, dan worden de werkenden gezien als werknemers en niet als freelancers. Daar helpt een hoger tarief niets tegen.

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , | Laat een reactie achter

“Absurd hoge rente” van 8% op overheidsleningen coronasteunpakket zelfstandigen

De Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) trekt aan de bel over de hoogte van de rente op de Bbz-lening. Die is 8% en dat vindt VZN ‘absurd’ en ‘onacceptabel’.

De Bbz-lening is een de weinige overgebleven coronasteunmaatregelen voor zelfstandig ondernemers.

Tijdens de coronapandemie zijn er meerdere steunmaatregelen opgetuigd voor zelfstandig ondernemers. De meeste zijn alweer ingetrokken, zoals de Tozo en de TONK. Zelfstandigen moeten het inmiddels doen met de Bbz-light en de TVL. Over de TVL is al veel gezegd en geschreven. Die regeling sluit grote groepen zelfstandigen uit omdat zij bijvoorbeeld geen vestigingsadres hebben anders dan het woonadres of niet aan het minimumpercentage omzetverlies komen.

Bbz-light

Zelfstandigen in financiële nood zijn momenteel aangewezen op de Bbz-regeling. Deze is tot 1 april 2022 weliswaar aan te vragen met terugwerkende kracht en met versoepelde eisen (de “Bbz-light”) maar blijft problematisch. Gemeenten vragen bijvoorbeeld toch naar iemands vermogen als onderdeel van de levensvatbaarheidstoets. VZN-voorzitter Van de Ven: “De Bbz is een bijstandsuitkering, die niet aansluit bij ondernemerschap. Het is absoluut geen passende vervanger van de Tozo-regeling”.

Regels

VZN signaleert bovendien dat de hulp vanuit de Bbz aan veel regels is gebonden. Zelfstandig ondernemers kunnen die vaak niet goed overzien als ze akkoord gaan. Eén van de vormen van bijstand, naast een periodieke uitkering, is het aangaan van een lening. Maar waar eerder nog 2% rente op de lening werd gevraagd is dat percentage verhoogd naar 8%.

VZN vindt een rente van 8% op een lening vanuit een bijstandsregeling absurd. Zelfstandig ondernemers die een lening aangaan, doen dat omdat ze financieel in de problemen zitten en niet uit weelde. De overheid lijkt met een woekerrente van 8% een hoog rendement op hun geld te willen halen ten koste van de zelfstandig ondernemers in nood als gevolg van de coronamaatregelen. Deze zelfstandigen zouden ze juist moeten helpen, aldus de belangenbehartiger voor zelfstandigen.

Van de Ven: “Er zijn al veel coronasteunmaatregelen voor zelfstandig ondernemers stopgezet. Als de weinige maatregelen die nog overblijven voor zelfstandigen zo zwaar worden belast, dan geeft de overheid daarmee feitelijk aan dat deze groep het maar zelf moet oplossen. Terwijl hun problemen voortkomen uit overheidsbeleid. Dat is onacceptabel”.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter

EU-richtlijn Platformwerk: moet Nederland zich zorgen maken?

Op 14 februari mag kersvers minister van SZW, Van Gennip, naar Brussel voor haar eerste overleg met haar Europese collega’s. Op de agenda: het Europese voorstel om ‘Platformwerk’ te reguleren. Aanstaande donderdag krijgt zij van de Tweede Kamer haar mandaat mee. Hoe zou dat mandaat eruit kunnen zien? Of: wat zit er allemaal nog meer in dan het kortwieken van een handjevol bezorg- en taxibedrijven? En hoe raakt dit Nederland gegeven zijn hoeveelheden zelfstandigen en het langlopende classificatievraagstuk?

Het geduld met de Ubers en Deliveroo’s is al geruime tijd op. Het tekort aan afstemming of aansluiting met het Europees sociaal model van deze techy bezorg- en taxidiensten leidt al jaren tot hevige discussie bij sociale partners, politici, experts en academici. Maar zelden tot een resolutie. Dus moest het van de rechter komen; in Nederland en ver daarbuiten. Overal in Europa kwamen ‘platformen’ voor de rechter; maar vooral: bezorg- en taxi-‘platformen’.

Nu heeft de Europese Commissie de stoute schoenen aangetrokken en een wetsvoorstel richting het Europees Parlement en Raad gestuurd. De Raad (de vertegenwoordiger van de Europese lidstaten) komt op 14 februari voor het eerst bij elkaar om te bespreken wat ze van het voorstel vinden. Vanzelfsprekend is SZW-minister Van Gennip erbij en moet dan iets zeggen over of en hoe deze Richtlijn Nederland raakt.

Verschil tussen zzp’er en werknemer

Nu is het zo dat veel mensen zeggen: “Dit gaat over Uber en Deliveroo, met hun businessmodel, schijnzelfstandigen en files van gekleurde rugtassen. Prima, aanpakken!” Maar is dat zo? Gaat dit voorstel daarover? Allesbehalve! Dit voorstel gaat over de bemiddeling en classificatie van zelfstandigen in zijn algemeenheid, en is dus een poging EU-lidstaten te kaderen in hoe zij op nationaal niveau het verschil maken tussen een zzp’er en werknemer. Gegeven de enorme hoeveelheid zelfstandigen op de Nederlandse arbeidsmarkt en de langlopende discussie over de classificatie daarvan (Wet DBA, Modelovereenkomst, enz.) mag het belang van dit voorstel niet onderschat worden. Of we worden over twee á drie jaar wakker en merken dat Europa regelt hoe het verschil tussen zzp’er en werknemer wordt bepaald.

Dit voorstel gaat over de bemiddeling en classificatie van zelfstandigen in zijn algemeenheid

Principiële aandachtspunten

Nu, het is zeker nog niet zover. We staan aan het begin van de onderhandelingen tussen Europees Parlement en Raad. Daarom is nú het moment voor Minister Van Gennip en haar politieke baas (de Tweede Kamer) om goed na te denken over principiële piketpaaltjes die zij in Brussel moet gaan slaan. Niet in de laatste plaats in het licht van het belang van de zelfstandigen voor de Nederlandse economie en werkgelegenheid. Er zitten er nogal wat van die principiële aandachtspunten in. Laat ik er een paar noemen.

  1. Het voorstel zal onvermijdelijk de discussie over DBA en Modelovereenkomst raken. Wat vinden we ervan dat de EU straks Nederland beperkt om eigen regels te stellen over de classificatie van werkenden?
  1. In beginsel kan je overwegen of werkplatformen in brede zin gereguleerd moeten worden. De vraag vervolgens is in welke mate er echt sprake is van transnationaal/-Europees Platformwerk om Europese regelgeving te hebben? Zeker als je je afvraagt of de platformen waar gedonder mee is ook daadwerkelijk over grenzen heen zzp’ers bemiddelen?
  1. Het voorstel formuleert vijf criteria . Als de zzp’er volgens twee van die vijf criteria werkt, moet de opdrachtgever aantonen dat de zzp’er daadwerkelijk een zzp’er is (de ‘omkering van de bewijslast’). Biedt dit wel de rechtszekerheid aan hen die het zoeken? En hoe staat die in verhouding tot de risico’s voor werkenden en bedrijven, zeker nu deze criteria zo vaag geformuleerd staan. Moet dit minimumaantal voorwaarden niet in verhouding staan tot de (on)duidelijkheid van de criteria?
  1. Dit voorstel definieert voor heel Europa wanneer een zelfstandige ‘kwetsbaar’ is, en wanneer zijn of haar rechtspositie zou moeten worden verbeterd. De kwetsbaarheid en/of bescherming van de zelfstandige verschilt nogal in Europa. In Nederland geven zelfstandigen relatief veel zekerheden, steun en bescherming op als zij van een dienstverband naar het ondernemerschap stappen. Dat is zeker niet het geval in andere delen van Europa. Dus rijst de vraag: is er een Europese zzp’er en hoe ‘kwetsbaar’ is die? En hoe verhoudt de Nederlandse beleving van kwetsbaarheid zich tot de hierboven genoemde vijf criteria; of het minimum van twee om voor die kwetsbaarheid te kwalificeren?
  1. Dit Europese voorstel is er gekomen om schijnzelfstandigheid aan de onderkant van de arbeidsmarkt tegen te gaan. Terecht! Maar waarom dan niet de bovenkant uitsluiten? Zoals bijvoorbeeld het advies van sociale partners VNO, FNV en CNV dat de omkering van bewijslast beperkt tot alles onder een zzp-uurtarief van 30 á 35 euro.
  1. In datzelfde kader rijst de vraag bij welk type platform de kwetsbaarheid van de werkende het grootst is. Als er bij bepaalde ‘type’ platformen meer misstanden, rechtszaken, klachten voorkomen, moet regelgeving en handhaving zich niet dáar op richten?
  1. Wat vinden we ervan dat dit voorstel private derden ineens de macht geeft om in de software van bedrijven te gaan neuzen? Private derden waarvan niet duidelijk is of die überhaupt zelfstandigen of hun belangen vertegenwoordigen?
  1. En tenslotte, wat doet dit voorstel voor mensen die bewust en tegen fatsoenlijke tarieven voor het ondernemerschap hebben gekozen? Wat doet dit voorstel voor hun behoefte aan weken, leven en leren; anders dan hen terug de arbeidsrelatie in te sturen? Is dit daadwerkelijk aan hen gevraagd? En zo nee aan wie dan wel, en hoe representatief zijn zij voor zelfstandigen?

Vragen helder formuleren

Al met al gaat dit voorstel vele malen verder dan een richtlijn voor een handjevol logistieke dienstverleners met een superhandige app. Het raakt de Nederlandse en Europese arbeidsmarkt in den brede; inclusief de bemiddeling daarop. Er kunnen heel goede redenen om dit op Europees vlak te regelen. Maar dan zullen wel wat elementaire vragen over doelstelling en doelmatigheid beter moeten worden beantwoord dan nu het geval is. In het bijzonder waarom het zo groots is opgezet, terwijl de misstanden vooral aan een aantal specifieke businessmodellen en platformen kleven. Aan de Tweede Kamer om deze vragen/zorgen helder te formuleren voor Minister van Gennip; zodat zij die stevig kan agenderen in Brussel.

Jochem de Boer

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags | 2s Reacties

Sneller goede freelancers vinden? Bouw een funnel

Goede freelancers vind je eigenlijk net zoals je vaste klanten en werknemers aantrekt, vertellen recruitmentexperts Lars Evers (freelanceplatform Jellow) en Arjan Elbers (digitaal recruitmentbureau Getnoticed). Om van een potentiële koper een vaste klant te maken, leidt je hem door een salesfunnel of ‘verkooptrechter’. Een nieuwe werknemer doorloopt jouw recruitmentfunnel. En om de beste freelancers aan je te binden, bouw je een freelancerfunnel.

Hoe je zo’n trechter inricht, vertellen Evers en Elbers tijdens de Werf& en ZiPconomy Webinar Week 2022. “Als je jouw proces op orde hebt, kun je voortaan veel sneller freelancers inhuren”, zegt Evers. “Het is een praktisch webinar. Na afloop kun je direct aan de slag met een aantal actiepunten voor jouw organisatie.”

Wat is een freelancerfunnel?

Een funnel is een schematische weergave van de stappen die geïnteresseerden doorlopen voordat ze vaste klant of medewerker worden. De trechtervorm verwijst naar het feit dat in ieder stadium een aantal potentiële kopers (of sollicitanten) wegvallen. Bijvoorbeeld omdat ze een aantrekkelijker aanbod zien bij een ander bedrijf. Met zo’n model kun je dus uitzoeken waarom mensen afhaken en daar vervolgens iets aan doen.

Dit funnelmodel kun je ook gebruiken om freelancers te vinden, vertelt Lars Evers, mede-oprichter van freelanceplatform Jellow. Samen met online recruitmentstrateeg Arjan Elbers van Getnoticed maakte hij een stappenplan waarmee managers zelf een freelancerfunnel kunnen opzetten. Daarmee kun jij als manager sneller geschikte kandidaten vinden en zorgen dat zij de volgende keer opnieuw voor je aan de slag willen.

Van toevalstreffers naar structuur

“Als jij een freelancer zoekt, heb je meestal op korte termijn iemand nodig”, zegt Evers. “Vaak is het echt toeval dat je op dat moment precies de juiste persoon tegenkomt. Als je vooraf nadenkt over de manier waarop je omgaat met freelancers, maak je de kans om snel iemand te vinden vele malen groter.”

Met een goede structuur heb je een streepje voor, belooft Evers. “Dat is belangrijk, want net als de markt voor vast personeel wordt ook de freelancemarkt schaarser.”

Binding: een kwestie van doen

Heb je met een goede freelancer gewerkt? Houd hem dan betrokken bij je organisatie, ook als de opdracht klaar is. “Ga voor een duurzame samenwerking, niet een eenmalige transactie”, zegt Evers. “Als je een goede band hebt met zzp’ers waar je graag mee samenwerkt, kun je sneller schakelen op het moment dat je iemand nodig hebt.”

In het webinar vertellen de experts wat je kunt doen om contacten te onderhouden, ook als je freelancers een tijdje niet ziet. “Verstuur bijvoorbeeld regelmatig een nieuwsbrief en nodig ze uit voor relevante bijeenkomsten of workshops”, somt Evers op. “Binding houden is niet ingewikkeld, het is een kwestie van doen.”

Overeenkomsten met de recruitmentfunnel

Veel stappen in de freelancerfunnel komen overeen met die van de recruitmentfunnel, zegt Evers. “Het gaat erom dat je een aantal fundamentele zaken op orde hebt. Een kleine moeite maakt een groot verschil. Denk bijvoorbeeld aan je werkenbij-pagina. Zet daar ook informatie op voor freelancers. Wat maakt jou een fijne opdrachtgever? Waar kan een zzp’er aangeven dat hij openstaat voor klussen?”

Ook de opdrachtomschrijving voor freelancers verdient extra aandacht. “Bij vacatures is vaak goed nagedacht over functie- en taakomschrijving”, merkt Evers. “Bij freelanceopdrachten daarentegen zie ik soms heel eenvoudige omschrijvingen zoals ‘seo-expert in Amsterdam’. Wees concreter en duidelijker. Wat moet iemand opleveren? Als je dat goed omschrijft, is de kans groter dat je een geschikte kandidaat vindt.”


In de onderstaande opnames van het webinar  ‘De zes essentials voor de ideale freelancer funnel’  gaan Arjan Elbers (Getnoticed)  en Lars Evers (Jellow) dieper in op de eerste stappen van het bouwen van een funnel.

Na dit webinar weet je:

  •  Hoe je van werken-bij naar freelancen-bij gaat.
  • Waar een goede freelancepool aan voldoet
  • Hoe je effectief je freelancenetwerk uitbreidt
  • Waar een goede opdrachtomschrijving aan voldoet
  • Wat goed opdrachtgeverschap écht inhoudt

 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , | 1 Reactie

EU-richtlijn over arbeidsplatformen: wat betekent dit voor freelancers?

De opkomst van de platformeconomie is een van de ingrijpendste veranderingen in de wereld van werk in het afgelopen decennium. Data van Pew Research suggereren dat zestien procent van de Amerikanen geld heeft verdiend via een online gigplatform. Hieronder vallen verschillende klussen zoals eten bezorgen, personenvervoer via apps en het brengen van boodschappen.

De situatie in Europa is vergelijkbaar. Een aantal onderzoeken voorspelt dat in 2025 43 miljoen mensen (wel eens) via een platform zal werken. Dat is bijna tien procent van de EU-populatie.

Het werken via een platform biedt mensen flexibiliteit bij het verdienen van geld, omdat ze hun eigen werkuren kunnen bepalen en die ook kunnen aanpassen als dit niet uitkomt. Bovendien geeft het hen een kans om geld te verdienen in een economie waarin een traditionele baan vinden lastig is. De drempel om via een platform te werken is immers laag.

Desondanks zijn er meer en meer zorgen over het potentiële misbruik door platformen doordat ze de traditionele werkgever-werknemer relatie vervangen door andere afspraken, zonder de bijkomende voordelen en wettelijke bescherming die normaal gesproken bij dit soort werkrelatie gebruikelijk is.

De EU-commissie heeft in december een aantal voorstellen gedaan met als doel deze balans te herstellen en de werkomstandigheden voor de miljoenen platformwerknemers in Europa te verbeteren.

Dit artikel gaat in dit op de mogelijke impact van dat voorstel op freelancers, los van het feit of ze vrijwillig of onvrijwillig voor die status hebben gekomen. Let op: In dit artikel maken we gebruik van het woord ‘werkende’ en ‘platformwerker’, zowel voor freelancers als werknemers die via een platform werken.

Wat is een digitaal arbeidsplatform?

Een digitaal arbeidsplatform of gigplatform is een online of mobiele applicatie die werkers verbindt met werkmogelijkheden. Er zijn grofweg twee categorieën digitale arbeidsplatformen: online webgebaseerde platformen en locatiegebaseerde platformen.

Locatiegebaseerde platformen wijzen werkenden aan taken toe gebaseerd op hun locatie. Denk hierbij aan apps waar je eten thuis kan laten bezorgen, personenvervoer-apps en boodschapbezorgdiensten. Online webgebaseerde platformen zijn niet afhankelijk van een locatie en maken het voor individuen en bedrijven mogelijk om in real-time freelancers in te huren voor taken.

We denken bij de gigeconomie en platformmedewerkers vaak alleen aan Deliveroo-bezorgers, Uber-bestuurders en boodschapbezorgdiensten bij nieuwkomers zoals Gorilla’s. Maar het is belangrijk om ons te realiseren dat de platformeconomie veel groter is, en het ook gaat om opdrachten zoals vertalen, programmeren, grafisch ontwerpen en meer.

Wie worden er geraakt door de veranderingen?

Volgens data van de EU werken er meer dan 28 miljoen mensen via een digitaal arbeidsplatform in de EU. De grote meerderheid hiervan zijn freelancers, die daar zelf voor kiezen en waarbij er ook geen sprake is van mogelijk schijnzelfstandigheid. De Europese Commissie gaat er bij haar voorstel vanuit dat er zo’n 5,5 miljoen platformwerkers onterecht gezien worden al zelfstandigen. Gezien hun relatie met het platform moeten ze beschouwd worden als werknemer.

De voorgestelde richtlijn richt zich voornamelijk op het voorzien van wettelijke zekerheid voor werkenden over hun status en op het helpen van de 5,5 miljoen ‘freelancers’ aan voordelen die bij een traditioneel werknemerscontract horen. Denk hierbij aan doorbetaald worden bij ziekte, minimumloon en veiligheidsvereisten voor de werkplek.

De EU heeft ook een aantal richtlijnen bekend gemaakt, met als doel de werkomstandigheden van platformwerkers te verbeteren. Zowel voor ‘echte’ freelancers als voor de groep die gezien zou moeten worden als werknemers.

Inhoud van de richtlijn

In de richtlijn staan drie zaken die zowel impact hebben op echte freelancers als op hen die misschien wel eigenlijk werknemers zijn:

1.       verduidelijking van werkstatus,

2.       verbetering van de transparantie van algoritmisch management en

3.       de mogelijkheid om collectief te kunnen onderhandelen.

Ad 1 Verduidelijking van werkstatus

Een van de voornaamste doelen van deze richtlijn is het verhelderen van de classificatie van platformwerkers. Veel van hen werken zelf graag als freelancer en waarderen de flexibiliteit die deze status hen biedt. Maar anderen verliezen door het werken voor een platform werknemersrechten waarop ze mogelijk wel recht hebben.

Volgens de voorgestelde regels wordt een werkende geclassificeerd als medewerker als ten minste aan twee van de volgende voorwaarden wordt voldaan:

– Het platform bepaalt de hoogte van vergoeding die de werkende ontvangt.

– Het platform stelt eisen aan de werkende over zaken als kleding , gedrag en prestatie.

– Het platform beperkt de vrijheid om taken te weigeren of om taken uit te laten voeren door bijvoorbeeld een invaller

– Het platform bepaalt wanneer en hoe taken uitgevoerd moeten worden.

– Het platform legt voorwaarden op waardoor de werkende beperkt wordt om een eigen klantenbestand op te bouwen of om te werken voor andere partijen.

De impact is fors. Zij die onterecht geclassificeerd zijn als freelancer krijgen zo rechten op minimumuurloon, vakantiegeld, werkloosheidsuitkering en vallen onder dan onder de arbeidstijdenwet.

De voorgestelde wetgeving draait ook de bewijslast om. Indien er aan twee of meer van de bovenstaande criteria voldaan wordt, dan is het aan de werkgever om te bewijzen dat iemand  geen werknemer is. Dit is een uiterst belangrijke ontwikkeling. Nu moeten platformwerkers vaak via langdurige en dure juridische procedures aantonen dat zij in dienst zijn. Dit is voor velen van hen financieel niet mogelijk.

Ad 2 Meer transparantie over de toepassing van algoritmes

Veel platformen gebruiken algoritmes om hun werkenden op afstand te managen. Deze technologische tools en processen werken met een verzameling van data zoals de locatie van de werkende en beoordelingen en waarderingen van de klant. Deze algoritmes stellen het bedrijf in staat om (semi-)automatisch beslissingen te nemen.

Maar deze systemen kunnen een onevenwichtige machtsverhouding met zich meebrengen, omdat werkenden niet altijd snappen hoe deze beslissingen tot stand komen. Er bestaat ook een risico dat vooroordelen en discriminatie meespelen wanneer klantbeoordelingen gebruikt worden om beslissingen te nemen die gevolgen hebben voor de werkenden.

Volgens de voorgestelde regels hebben werkenden het recht om geautomatiseerde beslissingen aan te vechten. Platformen worden daardoor verplicht om transparanter te zijn over hoe zij deze systemen gebruiken. Dit is van toepassing voor mensen die eigen baas zijn en voor hen die volgens de nieuwe richtlijn zullen worden geclassificeerd als werknemers. De platforms zullen ook verplicht zijn te zorgen voor menselijk toezicht op de naleving van de wettelijke arbeidsvoorwaarden.

Ad 3 Wettelijke zekerheid over collectieve overeenkomsten

De EU richtlijn bevat ook een voorstel dat zelfstandigen zonder personeel meer mogelijkheden geeft om collectief te onderhandelen over werkomstandigheden en tarieven. Onder het huidige mededingingsrecht kan dat niet. De richtlijn wil dat anders. Freelancers mogen gezamenlijk over tarieven en andere zaken gaan onderhandelen mits ze aan één of meer van de volgende voorwaarden voldoen:

– Vijftig procent of meer van hun jaarlijkse inkomen komt van één klant.

– Ze werken ‘zij aan zij’ met werkenden in loondienst en doen dezelfde of soortgelijke taken.

– Ze werken via een digitaal arbeidsplatform.

Mogelijke nadelen voor freelancers

De EU richtlijn is zonder twijfel een welkom initiatief voor veel werkenden die ten onrechte gezien en behandeld worden als freelancer, waardoor ze werknemersrechten mislopen. De COVID-19 pandemie heeft de relevantie hiervan aangetoond, omdat veel gig workers toen geen werk meer hadden en geen gebruik konden maken van een sociaal vangnet of steunmaatregelen .Desondanks zijn er ook freelancers die platformen gebruiken en die zich zorgen maken over mogelijke bijeffecten van het voorstel. Worden ze niet onbedoeld op één hoop gegooid met werkenden die de freelancer status niet vrijwillig hebben gekozen. En gaan collectieve overeengekomen afspraken niet ten koste van individuele flexibiliteit en innovatie? .

Conclusie

Ondanks dat we niet de exacte criteria kennen van de definitieve richtlijn, ziet het er wel naar uit dat de verschillen tussen freelancers en werknemers duidelijker zullen worden. Ze sluiten ook aan bij criteria die passen bij een standaard werknemer-werkgeverrelatie.

Hoewel de zorgen over te strikte regulering van de platformeconomie gerechtvaardigd zijn, ziet het er wel naar uit dat de echte freelancers door kunnen gaan met het gebruiken van platformen, zonder dat hun freelancersstatus in gevaar komt.

Anderzijds kunnen de extra beschermingsmaatregelen voor de groepen die ten onrechte zijn gelabeld als freelancer de levens en de werkomstandigheden van miljoenen werkenden in Europa aanzienlijk verbeteren.

Bron: EU Directive on Labour Platforms: What It Means for Freelancers


EU-richtlijn platformeconomie in Nederland

Wanneer het EU-voorstel wordt goedgekeurd door het Europees parlement en de Europese commissie, dan moeten de lidstaten de richtlijn binnen twee jaar verwerken in nationale wetgeving. Op 10 februari vergadert de Kamer met Minister Van Gennip (SZW) over het eerste voorstel. Een week later bespreekt ze het in Europa met naar collega-ministers.

Volg voor de recentste ontwikkelingen ons dossier EU-richtlijn platformeconomie

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , | Laat een reactie achter