Bovib: Waarom wachten met het hervormen van de arbeidsmarkt? Geplaatst 7 september 2018 door ZiPredactie Afgelopen maandag kwam ‘de polder’ bijeen om zich weer te buigen over de vervanging van de Wet DBA. Al snel werd duidelijk dat er geen doorbraak kwam in de discussie, die werd gevoerd over de opt-out, het minimumtarief, het gezagsbegrip en over de uitvoerbaarheid van maatregelen. Het is vooral aan de politiek om knopen door te hakken om uit de impasse te komen. Over de manier waarop, daarover hebben Rick Schevers en de brancheorganisatie voor brokers en intermediairs Bovib wel ideeën. De deelnemers uit de polder konden op de bijeenkomst in kleine groepen discussiëren over de verschillende deelonderwerpen. Ondanks dat het fijn was dat we in groepjes konden praten, heeft dat geen nieuwe inzichten opgeleverd. Schevers heeft mee gediscussieerd over zowel de opt-out als de webmodule. “In beide gevallen viel het me op dat het een herhaling was van zetten. Bij de opt-out regeling wil je, om de regeldruk te vermijden, die middengroep liefst zo klein mogelijk maken. Maar eigenlijk gaat daar de discussie helemaal niet over. De eigenlijke agenda van het kabinet is ervoor te zorgen dat er ondanks de enorme groei van het aantal zzp’ers toch zo veel mogelijk aan belastingen en premies blijft binnenkomen. Zekerheid vooraf is cruciaal Ook bij de webmodule vindt Schevers, naast bestuurslid van de Bovib sinds kort ook managing director van TCP Solutions, dat de discussie de verkeerde kant op gaat. Hij zegt niet te snappen waarom er zoveel moeite wordt gestoken om in zo weinig mogelijk vragen te beslissen of iemand ondernemer is of niet. “Of dat nou vijf vragen zijn, of veertig, dat maakt ons niet uit. Als het maar duidelijk is. En als daarvoor veertig vragen nodig zijn, dan heb ik liever veertig vragen. De benadering is nu ook verkeerd om. Je moet nu kunnen duiden dat je geen werknemer bent, in plaats van dat je middels enkele eenvoudige criteria kan duiden dat je ondernemer bent. Voor opdrachtgevers en bemiddelaars is de wens volgens Schevers helder: een webmodule moet vooraf de status helder maken. De webmodule moet definitief en met zekerheid uitsluitsel geven of een opdracht wel of niet door een zzp’er uitgevoerd kan worden. “Ik blijf het een slechte zaak vinden als een belastinginspecteur achteraf toch nog kan zeggen dat er sprake is van een dienstverband ondanks dat de feitelijke situatie niet afwijkt van hetgeen opgeschreven of ingevuld is. Gemis aan urgentie Net als bij de andere regelingen ter vervanging van de Wet DBA, heeft Schevers het gevoel dat ook hier om de hete brij wordt heen gedraaid. Hij denkt dat de bewindslieden helemaal geen haast maken met het hervormen van de arbeidsmarkt. Ze roepen wel de hele tijd dat het heel erg urgent is, maar ernaar handelen doen ze niet. Een voorbeeld daarvan is dat de bewindslieden volgens Schevers zich onder andere verschuilen achter de Europese regelgeving en ze bang zijn dan teruggefloten te worden. “Dat doet het kabinet op andere dossiers, zoals de BPM op auto’s juist weer helemaal niet. Daarin wil Nederland juist graag de uitzondering blijven.” Een ander teken dat de minister en staatssecretaris helemaal geen haast hebben met het zzp-dossier, is volgens Schevers dat ze ‘de hele tijd roepen dat het zo ingewikkeld is’. “Maar als het probleem zo groot is, waarom dan de hervormingen op de arbeidsmarkt uitstellen? Ik heb het gevoel dat de bewindslieden de regelingen als het minimumtarief en de opt-out gaan uitvoeren omdat het nou eenmaal zo in het regeerakkoord staat en ze daar geen millimeter van afwijken. “Het zijn allemaal lapmiddelen, waarbij er altijd een groep zal zijn die buiten de boot valt. In de tussentijd raken we wel onze internationale concurrentiepositie kwijt, omdat de arbeidsverhoudingen zijn blijven steken in de jaren vijftig. Ik hoop dat iemand de politieke durf heeft om nu te beginnen met de hervorming op de arbeidsmarkt.” Eind oktober, begin november, komt minister Koolmees met zijn hoofdlijnenbrief. Daarin zal duidelijk worden of en hoe het kabinet heeft geluisterd naar de bezwaren vanuit de veldpartijen. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags bovib, Polder, veldpartijen, wet dba | Laat een reactie achter
Platform zzp-dienstverleners gaat aan de slag met kwaliteitsnormen Geplaatst 6 september 2018 door ZiPredactie Ze was directeur bij FNV Zelfstandigen, tot aan de fusie met de FNV. “Toen was er geen directie meer nodig en voor mij was dat een goed moment om de deur te sluiten. Het doel: het begeleiden van de organisatie naar een nieuwe vorm, was bereikt.” Josien van Breda werd lijsttrekker van D66 in haar woonplaats Zeist, verloor twee zetels, en zag af van haar zetel in de gemeenteraad. “Een moeilijk besluit, maar zo gaf ik de nieuwe fractie alle ruimte voor een frisse start.” De oud-directeur begon voor zichzelf als adviseur arbeidsmarkt, en houdt nog meer ballen in de lucht, zoals het voorzitterschap van FairWork, een stichting die zich inzet tegen moderne slavernij. En sinds kort is ze dus voorzitter van het Platform zzp-dienstverleners, een initiatief van de ABU met inmiddels bijna veertig deelnemers. Maar het is volgens Van Breda niet per se zo dat de leden van het platform nu ook allemaal ABU-leden zijn. Er zijn ook onafhankelijke deelnemers en deelnemers die ook lid zijn van tegenhanger Bovib. “Nu worden we nog gefund door de ABU, maar het is wel de bedoeling dat we op den duur een zelfstandige vereniging worden.” Rol bij ontwikkeling zzp’er De oprichting van de -nu nog- ABU-tak was volgens Van Breda nodig vanuit de behoefte van zzp-bemiddelaars om hun positie te borgen en te laten zien welke meerwaarde ze leveren. “De klacht is vaak dat zzp’ers niet genoeg doen om te ontwikkelen. De bemiddelaars kunnen daar een grote rol in spelen.” Dat wordt in de branche steeds meer opgepakt, zo merkte ze tijdens ze een rondgang langs de diverse deelnemers. “Het is allang niet meer dat ze geld verdienen aan de marges die ze maken op de uren. Ze zorgen dat de contracten juridisch goed kloppen, ze nemen risico’s uit handen van bedrijven. En ze organiseren netwerkbijeenkomsten met interessante sprekers voor de zzp’ers onderling en denken na over ontwikkeling van de arbeidsmarkt.” Dat ze van een zzp’ers-organisatie als de FNV naar een opdrachtgevers-organisatie gaat, vindt Van Breda helemaal niet zo’n grote stap. “Ik ken de branche en de markt natuurlijk vanuit mijn vorige functie. Met FNV Zelfstandigen zijn we bovendien lang betrokken geweest bij het opstellen van de code Goed Opdrachtgeverschap bij het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Dus wat dat betreft stonden we voor hetzelfde.” De Code Goed opdrachtgeverschap, die het platform en PZO-ZZP vorig jaar presenteerden, geeft een duidelijk kader voor hoe ze op een goede manier zaken met elkaar kunnen doen, met als uitgangspunt ‘Goed voor Elkaar’. Later vandaag organiseert het Platform zzp-dienstverleners, samen met zzp-belangenbehartiger PZO en werkgeversorganisatie AWVN een bijeenkomst over dit thema. Kwaliteit steeds belangrijker Hoewel niet juridisch bindend, wil het Platform zzp-dienstverleners dat deelnemers allen deze code onderschrijven en ook toepassen. “Kwaliteit wordt steeds belangrijker in de branche. Opdrachtgevers moeten weten waar ze aan toe zijn als ze zzp’ers inhuren.” Van Breda ziet om die reden de rol van de bemiddelaars nog lang niet uitgespeeld. “Er heerste lang de gedachte dat wanneer alles digitaal zou gaan, de markt transparant zou worden. Maar dat is niet gebeurd. Want het blijft nog steeds zo dat pas wanneer je in gesprek gaat met mensen je weet wat ze echt willen. Het is en blijft dus mensenwerk.” De ambitie van Josien van Breda is om met het platform dé kennisleider over de zzp-dienstverlening te worden. “Daar zijn we hard naar op weg. En we willen de deelnemers blijven inspireren en informeren.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags ABU, goed opdrachtgeverschap, kwaliteits-eisen, platform zzp dienstverleners | Laat een reactie achter
Er komen weer 25 interessante webinars aan (en de aanmeldingen zijn begonnen) Geplaatst 5 september 2018 door ZiPredactie In totaal 25 boegbeelden, specialisten en ervaringsdeskundigen laten in deze week in een gratis webinar van een uur hun licht schijnen over de in hun ogen belangrijkste ontwikkelingen. De week richt zich op een brede doelgroep: van recruiters tot inhuurprofessionals, en van inkopers tot arbeidsjuristen. Elke dag in de week heeft zijn eigen thema, van arbeidsmarktcommunicatie tot HR-technologie en flexibilisering. Voor de vierde keer georganiseerd ZiPconomy en Werf& organiseren de Webinar Week in september nu alweer voor de vierde keer. ‘Zie het als dé kans om in één week op de hoogte te worden gebracht van alle relevante ontwikkelingen op het gebied van arbeidsmarktcommunicatie, recruitment en vast en flex. En dat gewoon, van achter je eigen computer’, zegt Geert-Jan Waasdorp, initiatiefnemer en uitgever van Werf&. Nieuwe kansen en vraagstukken ‘Er gebeurt ontzettend veel op de arbeidsmarkt’, vult Hugo-Jan Ruts aan. ‘We hebben dan ook weer een mooi en gevarieerd programma samengesteld met elke dag actuele thema’s. Voor de ZiPconomy lezers zullen in ieder geval de dinsdag en vrijdag zeer relevant zijn. Dinsdag staat in het teken van ‘Professioneel inhuren in de praktijk’, met onder andere de politieke actualiteit een week na Prinsjesdag en aandacht voor trends rond inhuur. De vrijdag staat in het teken van ‘HR Tech en Flex’. Zo verzorgt de hoofdredacteur en uitgever van ZiPconomy samen met Niels van Berkel bijvoorbeeld zelf een webinar over de opkomst van platformen die externen aan organisaties kunnen koppelen. ‘Dat vast en flex naar elkaar toe groeien is interessant. Dat biedt nieuwe kansen voor organisaties, maar ook nieuwe vraagstukken.’ 10 keynotes, 5 webinars per dag Elke dag in de Webinar Week krijgt 1 hoofdthema mee, en een dagvoorzitter. Er zijn in totaal 10 keynote sprekers, en 5 webinars per dag. Samen zorgen die dus voor in totaal 25 webinars, over de hele week heen. Tijdens en voorafgaand aan de week zullen zowel Werf& als ZiPconomy inhoudelijk verslag doen van de bevindingen. De beide organisaties verwachten enkele duizenden deelnemers aan de in totaal 25 gratis webinars, die ook na afloop van de week nog beschikbaar zullen blijven. Meedoen? Niets missen? Meld je dan nu gratis aan! Of kijk eerst hier voor meer informatie over het programma en de inhoud van de webinars. Geplaatst in Professioneel inhuren | Laat een reactie achter
De knopen rond vervanging Wet DBA zijn helder. Aan Koolmees om ze door te hakken. Geplaatst 4 september 2018 door Hugo-Jan Ruts Het overleg over de vervanging van de Wet DBA tussen de branche- en belangenorganisaties en de verantwoordelijke bewindslieden heeft geen doorbraak opgeleverd. Een bont gezelschap van zo’n vijftig verschillende organisaties kon in dit voortslepende dossier de minister niet op één spoor zetten. Het enthousiasme voor het totaalpakket aan maatregelen die de Wet DBA moet gaan vervangen blijft – op zijn zachtst gezegd – beperkt. Bezwaren lopen uiteen van principieel tot praktisch. Oftewel: ze passen niet in de maatschappijvisie van de aanwezigen, of ze zijn in hun ogen onuitvoerbaar. Samenhangend pakket Het kabinet is van plan om een samenhangend pakket door te voeren van een minimumtarief, een opt- Minister Koolmees (SZW) en Staatssecretaris Keijzer (EZK) over de vervanging van de Wet DBA. out tarief en een webmodule, waarin duidelijk moet worden wie nu wel of geen zelfstandige is. Elk van de onderdelen kent zijn eigen complexiteit. Het totale voorstel heeft ook alles in zich van een stevig uitonderhandeld politiek compromis. Voor de liberalen is er een opt-out voor de bovenkant van de markt, en om het sociaal-conservatiever smaldeel binnen de coalitie te plezieren komen er beperkingen als een minimumtarief en maximumduur van de opdrachten. Onderdelen uit het pakket halen of naar voren trekken is daarom politiek lastig. Toch is dat nu net wat het pragmatische deel van de aanwezigen wil. Anderen zien al helemaal niets in de kabinetsplannen en zien dus ook niets in het finetunen ervan. Waar is men het wél over eens? Over een ding is iedereen het eens: er moet een meer fundamenteel debat komen over het sociaal, fiscaal en arbeidsrechtelijk stelsel en de positie van de zelfstandigen daarbinnen. Dat wil het kabinet ook. Daarom gaat er ook een commissie mee aan de slag. “Die discussie is hard nodig, maar de uitkomsten daarvan omzetten naar nieuwe wet- en regelgeving gaat jaren duren. Daar kunnen en willen we niet op wachten. Vandaar onze voorstellen om voor nu de komende jaren duidelijkheid te geven”, aldus minister Koolmees. Het veel geopperde alternatief van een opdrachtnemersverklaring vraagt volgens de bewindslieden juist die fundamentele aanpassing van het arbeidsrecht en discussie over het sociaal zekerheidstelsel. Daarom kan dat volgens hen geen oplossing voor de korte termijn zijn. Aanpassing van het arbeidsrecht ziet overigens bijna niemand zitten. Maar wel met heel andere – en vaak zelfs tegengestelde – argumenten. Toch is het volgens de bewindslieden onvermijdelijk om de genoemde onderdelen uit de aanpassingen een wettelijke basis te geven. Daarnaast ligt er een politieke druk uit de Kamer om voor het eind van dit jaar aan te geven hoe de term ‘gezag’ verduidelijkt kan worden. Hoofdlijnenbrief binnen 2 maanden En nu? Met de vraag gingen de meeste genodigden huiswaarts. Wel zei minister Koolmees eind oktober met zijn ‘hoofdlijnenbrief’ te komen. Daarin zal klip en klaar moeten staan hoe het kabinet verder wil met de vervanging van de Wet DBA. Wat de bijeenkomst van gisteren om zijn minst duidelijk heeft gemaakt is welke knopen hij met zijn collega’s daarvoor nog moet doorhakken. Knoop 1: doorgaan of stopzetten “We proeven draagvlak voor de wensen van het kabinet (bescherming onderkant, vrijheid bovenkant, zekerheid vooraf), maar horen ook twijfels over de instrumenten hoe dat voor elkaar te krijgen”, stelde Martin Flier, directeur Arbeidsverhoudingen van het ministerie van SZW aan het begin van de bijeenkomst nog optimistisch. Maar de weerstand tegen een deel van die instrumenten is wel wat steviger dat Flier suggereert. Er liggen soms dan ook heel fundamentele keuzes onder. De roep om toch eerst een debat over een toekomstig stelsel te voeren is groot. Ondertussen lijkt de grootste ongewenste pijn van het Wet DBA, die voormalig staatssecretaris Wiebes ertoe bracht om de wet de facto in de ijskast te zetten, verdwenen. Dat zzp’ers nauwelijks meer aan opdrachten konden komen, lijkt min of meer verleden tijd, zo bevestigden althans diverse vertegenwoordigers van brancheorganisaties van zzp’ers. Staatssecretaris Snel tijdens overleg met werkveld. Ondertussen wordt het op de departementen duidelijker dat wat aan de coalitietafel bedacht is, nog niet zo eenvoudig in de praktijk is om te zetten. “Hoe meer denkkracht we organiseren hoe complexer het wordt”, bekend staatssecretaris Snel. Specialisten op het arbeidsrecht buitelen over elkaar met tegenstrijdige adviezen over wat kan en niet. De relatie met Europese wetgeving lijkt onderschat. “Criteria voor de webmodule vaststellen is ingewikkeld, maar ik ben nog niet zo ver om te concluderen dat het niet mogelijk is”, zo probeerde staatssecretaris Snel nog. Maar het is wel duidelijk dat het lastig is, inclusief de angst voor – na de BGL en Wet DBA – een derde zeperd. Het gebrek aan draagvlak kan Koolmees vertalen naar een bericht richting de Kamer dat er – bij nader inzien – toch een andere aanpak nodig is. De uitwerking wordt dan voor een volgend kabinet. “We gaan voor een nieuwe Wet DBA voor 1-1-2020. Maar stap voor stap, eerst de hooflijnenbrief”, zo stelde Koolmees. Wat toch net iets minder stellig klinkt dan: ‘Er komt een nieuwe wet’. Uitstel lijkt lastig voorstelbaar, al werd er bij de borrel wel uitgebreid op gespeculeerd. Knoop 2: Niet integraal, maar stap voor stap Onderkant, bovenkant, middengroep. Met aparte accenten op tarief, duur en wel/niet reguliere arbeid. Met noodzakelijke aanpassing van arbeidsrecht. Een samenhangend pakket, ook in relatie met andere wetgeving als de Wet Arbeidsmarkt in Balans en bijvoorbeeld de aanscherping van de payrollwetgeving. Dat is het mantra van Koolmees. Begin met dat deel van de markt waar de pijn het grootst in: de onderkant van de markt. Voer een minimumtarief in. En neem tijd voor de rest, stellen veel werkveldpartijen daartegenover. Van uitstel komt afstel, hoopt een deel daarvan er stilzwijgend bij. Het draagvlak voor dat minimumtarief in de polder is vrij breed, zeker als het tarief wat omhoog gaat. Ook de oppositiepartijen in de Kamer zijn daar wel voor. En dat is niet onbelangrijk, als de coalitie mogelijk straks een minderheid in de Eerste Kamer kent. Dat maakt dit scenario misschien aanlokkelijk. Al is mogelijk bijvoorbeeld het CDA hierbij te bang dat ze dan nooit meer grip krijgen op de zzp-markt boven het minimumtarief. Knoop 3: Wel of niet overnemen van kleine aanpassingen Maximale duur van een opdracht op twee jaar zetten. Het minimumtarief wat hoger. Het opt-out tarief wat lager. De opt-out ook voor korte opdrachten. Loslaten van het onderscheid tussen regulier en niet-regulier werk. Het zijn zomaar een paar ingebrachte voorstellen die volgens de inbrengers de basis van de kabinetsplannen niet aantasten. Ze verhogen volgens hen wel de uitvoerbaarheid van de plannen, ze maken het complexe tussengebied (= de webmodule) kleiner en geven meer duidelijkheid vooraf. Is er politieke bereidheid om dit soort zaken uit het regeerakkoord aan te passen? Kunnen er mikado stokjes weggehaald worden, zodanig dat de rest in tact blijft, zo werd gevraagd? Ja, was het duidelijke antwoord van de bewindslieden. En niet onlogisch. Als het kabinet niet kiest voor intrekking van de plannen of een fasegewijze invoer, dan zal het toch wel ergens iets moeten doen met alle opmerkingen en weerstand van de veldpartijen. Nog twee maanden geduld Nog twee maanden geduld. Dan weten we meer. Dan weten we welke knopen Koolmees wel en niet heeft doorgehakt. Het dossier helemaal parkeren, stap voor stap invoeren of aanpassen op onderdelen. Of toch alles onverkort doorvoeren zoals in het regeerakkoord staat. Zelfstandigen, hun opdrachtgevers en bemiddelaars wacht in spanning af. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags wet dba | 10s Reacties
Getrouwd en zakenpartners Geplaatst 3 september 2018 door Magnit Marianne van Barneveld startte 13 jaar geleden pr-bureau Marcommit. Haar echtgenoot Roy Roelofs is er vanaf het begin bij betrokken geweest. Van Barneveld: ‘Na 3 jaar had ik 4 mensen in dienst, maar sparde altijd al met Roy. Ik vond het prettig als hij in zou stappen omdat hij mij goed aanvult op strategie en organisatie. Ik ben verantwoordelijk voor commercie en klantrelaties.’ Roelofs kwam een jaar later bij het bedrijf. ‘We praatten altijd al veel over het bedrijf, dus ik twijfelde niet of we konden samenwerken. Op zakelijk vlak zijn we het niet vaak oneens. Na een zakelijke clash moet je ’s avonds nog wel praten, voor het slapengaan moet het opgelost zijn.’ Getrouwd in het MT Van Barneveld vond het eerste jaar samenwerken lastig. ‘Roy kan zakelijk en privé beter scheiden dan ik. Toen hij niet meer alleen klankbord was, dacht ik regelmatig: ho even, het bedrijf is wel mijn kindje. Je hebt toch wat vaker meningsverschillen dan wanneer je alleen privé deelt. Je moet wel zakelijk blijven, er zitten vaak collega’s bij. Meestal beslist degene op wiens terrein het valt, een heldere rolverdeling is belangrijk.’ Tot vorig jaar zaten ze met 1 andere collega in het MT, dat was voor diegene best lastig. Roelofs: ‘Er kwamen onderwerpen ter tafel die wij samen voor- of nabespraken waardoor wij steeds een stapje verder waren dan het derde MT-lid. Voor haar was het lastiger om aangehaakt te blijven en ze voelde zich soms misschien buitengesloten. Nu er nog 2 anderen zijn toegetreden is de dynamiek anders.’ Persoonlijke vs. werkrelatie Advocaat Roelof Vos en organisatiepsycholoog Annemarie van Raay startten als geliefden Partner-Mediation. ‘Als een partner later instapt, werken er al anderen in het bedrijf die er wellicht anders tegenaan kijken dan wanneer je meteen samen start’, zegt Vos. ‘Je objectieve zakelijke voelhorens zijn heel belangrijk: wat is goed voor het bedrijf. Dat deel je ook met je werknemers. Probeer los te komen van je persoonlijke relatie. Persoonlijke voorkeur mag niet doorslaggevend zijn.’ Van Raay: ‘Een strikte taakverdeling is het belangrijkste. Daarmee baken je je persoonlijke relatie en je werkrelatie af. Hou zoveel mogelijk je persoonlijke relatie thuis en je werkrelatie op je werk.’ Pillow talk Samen een bedrijf leiden is een ding, maar geliefden op de werkvloer is nog gecompliceerder. Mediators Van Raay en Vos noemen het onderscheid in nevengeschikt en onder- of bovengeschikt samenwerken. Vos: ‘Dat laatste is lastiger, vooral als de een de ander beoordeelt. Lastig voor de relatie, maar ook spannend wat collega’s ervan vinden die er ook een belang bij hebben. Daarom zijn er bij veel bedrijven regels voor: een van de twee moet dan weg of naar een ander team.’ Van Raay: ‘De verantwoordelijkheid om het te melden moet je als stel nemen. Het is privé, maar de omgeving reageert erop en er is al heel gauw de schijn van partijdigheid. Wat wordt er nog tussen de lakens besproken? Pillow talk heet dat. Dus het is goed om daar beleid op te hebben, want liefde op de werkvloer komt steeds vaker voor. Bij jongeren lopen privé en zakelijk veel meer door elkaar heen omdat mensen meer betekenis willen geven aan hun werk en een partner zoeken die je passie deelt.’ Hier kunt u de uitzending beluisteren. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags Brainnet, getrouwd en zakenpartners | Laat een reactie achter