De freelance economie drijft nog steeds op netwerken; niet op ‘social’ Geplaatst 10 oktober 2014 door Hugo-Jan Ruts Zoals eerder gemeld, kwam MBO deze week met haar jaarlijkse rapport over de stand van zaken onder de Amerikaanse zelfstandige professionals. Een mooi onderzoek waar – voor de liefhebbers – de nodige parallellen en verschillen te zien zijn tussen de situatie in Nederland en in de VS. Meer overeenkomsten dan verschillen trouwens. Het onderzoek diept zo’n beetje alle aspecten uit van het zelfstandige ondernemerschap en ook die vragen komen aardig overeen met wat er zo hier in Nederland in verschillende onderzoeken wordt gevraagd (al kom ik nog geen equivalent van goed opdrachtgeverschap tegen). Een van de aspecten ging over in hoeverre freelancers hun opdrachten via social media krijgen. Nu, dat valt nog al mee… Verreweg het meeste werk komt via de persoonlijke netwerken, het word-of-mouth contact en reclame. Slechts een paar procent van de ondervraagden geeft aan zijn/haar opdrachten via jobboards of social media te krijgen. Overigens, deze cijfers komen heel aardig in de buurt van bijvoorbeeld de onderzoeken van Schaekel. Ook daaruit komt naar voren dat internet een beperkte rol speelt in het verkrijgen van opdrachten. In die onderzoeken gaat het overigens vooral om interim-managers/professionals die in de hogere segmenten van de markt werken. Waarom is het aantal internet en ‘social’ zo laag? De cijfers van MBO zijn wellicht verrassend laag. In een interview in een blog op Harvard Business Review geeft Steve King, die het onderzoek voor MBO deed, een diepere duiding van die cijfers: “We do a lot of surveys of different freelance groups, independent worker groups, and word of mouth just consistently comes out in that range. It doesn’t matter who we talk to. The network is incredibly important to independent workers. It just is overwhelmingly how they find work. The electronic stuff, the Elance-oDesks, TaskRabbits, they’re growing very rapidly. They didn’t really blip much back in 2011, and they’re still not showing up high, but they’re clearly growing fast. We do see work moving more and more online, but it’s going to be a long time before that overtakes your personal network that you’ve built. And you’ve built that now not just face to face — a lot of that is now virtual — but it’s still word of mouth in the end. “We asked them to rank the attributes that they felt were important to being successful as an independent worker. They ranked your professional skills and expertise first, your personal attributes — which mostly had to do with diligence and dealing with insecurity and so forth — as the second most important attribute, and third they ranked networking. They ranked sales and marketing sixth. When we interviewed people, what they told us was, “Well, networking is sales now. It used to be different, but …” Even when you’re talking about moving to these online systems like Elance-oDesk, your reputation becomes so important, and your reputation is a function of your network. ” Netwerk en reputatie. Daar gaat het dus om. Dat komt overeen met de bevindingen van Arjan van den Born in zijn promotieonderzoek naar de succesfactoren van zelfstandig ondernemers. Verkeerde vraag Ik denk inderdaad dat we het percentage opdrachten dat volledig via jobboards en social media loopt niet moeten overschatten. In de VS is de ‘gig-economie’ (de klussen voor freelancers) via websites als Elance percentueel groter dan in Nederland; daar staat tegenover dat marktplaatsen en jobboards van bedrijven met freelance opdrachten in de VS een onbekend fenomeen is. Uiteindelijk loopt (nog!) maar een klein deel van wat er totaal omgaat in de freelance economie via websites en via social media. Wat ik wel een beetje mis vind gaan in deze vraagstelling (en ook Nederlandse onderzoeken) is dit vraagstuk erg ‘of/of’ wordt benaderd. Of je krijgt je opdracht ‘via-via’, of online. Terwijl het tegenwoordig juist om ‘en/en’ gaat. Je kunt online en offline niet uit elkaar halen. Natuurlijk gaat het om netwerken en je reputatie. Maar hoe onderhoudt je die zonder internet en social media? Ik zou bijna niet meer weten hoe dat zou moeten. En ook het al oude acquisitie (nog steeds nuttig, zeker als je niet reactief wilt wachten totdat er iets op een website staat): internet en sociale media geven je veel meer mogelijkheden dan het nabellen van de gouden gids zoals we dat 20 jaar geleden deden. Andersom gebruiken recruiters social media natuurlijk veelvuldig om nieuwe opdrachten wereldkundig te maken, om vervolgens (opnieuw) in contact te komen met mensen uit hun eigen netwerk én met een uitstekende reputatie. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags jobboards, marktplaatsen, social media | 2s Reacties
Inhuurmarktplaatsen bij de overheid. Help Ministerie van Economische zaken: Doe er wat aan! Geplaatst 9 oktober 2014 door Mark Bassie Het aantal inhuurmarktplaatsen van (semi-)overheden is de laatste jaren hard gegroeid. Door het gebrek aan duidelijk richtlijnen is er een wildgroei ontstaan waarbij iedere overheidsorganisaties naar eigen inzicht eigen regels en uitgangspunten opstelt. Een aantal auteurs, uit met heel verschillende achtergronden, roept het Ministerie van EZ in het onderstaande pamflet op tot actie en doet een reeks van 12 concrete aanbevelingen. Om zo te komen van de inhuur Bermudadriehoek van nu naar een inhuurparadijs. Aanleiding Jaar in jaar uit worden er meer inhuurmarktplaatsen bij de (semi-)overheid gebruikt om te voorzien aan de behoefte aan externe arbeidskrachten van met name zzp’ers. Op het moment van schrijven zijn er bijna 90 verschillende sites en platformen in gebruik en maandelijks komen daar één of twee bij. Omdat soms meerdere overheidsorganisaties op hetzelfde platform hun opdrachten publiceren, is het aantal gebruikers bij de (semi-)overheid een veelvoud van het aantal platformen. Er zijn nu ministeries, provincies, gemeenten, waterschappen, ziekenhuizen en veel zelfstandige bestuursorganisaties (zbo’s) met een eigen marktplaats. Naar schatting zijn dit tussen de tweehonderd en driehonderd verschillende overheidsorganisaties. Er is met 90 verschillende platformen nu een wildgroei ontstaan. Deze platformen gebruiken software van verschillende softwareleveranciers, waardoor van uniformiteit geen sprake is. Maar veel erger is dat iedere overheidsorganisatie naar eigen inzicht haar eigen spelregels en uitgangspunten hanteert. In de praktijk is het gebruik van een marktplaats een juridische Bermudadriehoek. Het is volstrekt onduidelijk welke aanbestedingsregels van toepassing zijn op marktplaatsen en de overheid weigert in haar rol als wetgever om duidelijkheid te scheppen. In de Aanbestedingswet en alle regelgeving die daarbij hoort uit 2013 komt het woord ‘marktplaats’ niet voor. In de praktijk is er geen enkel toezicht of controle op het gebruik van de marktplaats door de overheid of een onafhankelijke toezichthouder. Het is voor leveranciers zo langzamerhand onmogelijk geworden om elke dag het aantal opdrachten bij te houden voor iedere flexkracht en zzp’er . Persoonlijke contactmogelijkheden ontbreken omdat alles via digitale kanalen verloopt. Leveranciers zijn overgeleverd aan de willekeur van de aanbestedende diensten en aan de intransparante opzet van de marktplaatsen. Het is lastig om ergens een klacht over in te dienen. Voor veel leveranciers van flexibele arbeid zoals bemiddelings- en detacheringsbureaus en niet te vergeten de zzp’ers zelf, is het huidige versnipperde aanbod en de wijze van werken een gruwel. Het gaat overigens om vele tienduizenden leveranciers, die zich op elke marktplaats apart moeten registreren. Er is bij de marktplaatsen geen enkel zicht op het gebruik van ‘eHerkenning’, een systeem waarmee bedrijven bij verschillende overheidssites met dezelfde registratie kunnen inloggen. In totaal gaat het naar schatting om meer dan honderdduizend veelal kleine bedrijven, mkb’ers een zzp’ers die gedupeerd worden door deze versnippering. Eisen De eisen die op marktplaatsen aan ondernemers worden gesteld, zijn streng. Het te laat of onvolledig indienen van informatie of het geven van onvoldoende toelichting in de ogen van de overheidsorganisatie, leidt tot uitsluiting waartegen geen bezwaar mogelijk is. Domweg omdat aan leveranciers geen persoonlijke terugkoppeling wordt gegeven. Wil je enige kans maken op de opdracht, dan ben je als leverancier twee tot vier uur bezig om een goede aanbieding te maken. Niet alleen het cv en de toelichting moeten helemaal op maat worden gemaakt. Meestal moeten ook twee passende referenties worden meegestuurd, die hiervoor vooraf hun toestemming moeten geven. De ‘aanbestedende dienst’ kan daarentegen net zoveel eisen stellen aan de leveranciers als hem goed dunkt. Zeker in de recente crisisjaren was de concurrentie tussen aanbieders groot en werd meestal om het schaap met de vijf poten gevraagd, en dat werd gevonden! De opdrachten werden gegund tegen zeer lage tarieven als gevolg van de onderlinge concurrentie. Een persoonlijke terugkoppeling krijgen de meeste indieners van een offerte niet en het blijft gissen waarom een kandidaat niet is uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek. In sommige gevallen is de winnende leverancier daarnaast verplicht een bijdrage te leveren aan de kosten van de marktplaats. Een gezond evenwicht tussen vraag en aanbod is op marktplaatsen niet aanwezig. Er is geen eerlijk ‘level playing-field’. De overheid dicteert, de leveranciers kunnen ‘slikken of stikken’. 12 Aanbevelingen Het wordt tijd dat de Rijksoverheid die zelf ook graag gebruik maakt van marktplaatsen, in haar rol als wetgever een aantal minimumregels en kwaliteitseisen gaat stellen om de rechtvaardige belangen van leveranciers en zzp’ers te dienen. Hiervoor hebben we onderstaande lijst met twaalf punten opgesteld. Alle losse inhuuropdrachten dienen op één overheidsplatform zoals TenderNed te worden gepubliceerd zoals dat ook wettelijk verplicht is voor gewone aanbestedingen. Hierdoor ontstaat in elk geval het overzicht over alles wat her en der door de (semi-)overheid wordt aanbesteed op marktplaatsen. Elke marktplaats moet beschikken over een digitale kluis met inloggegevens, zodat achteraf te controleren valt of de regels netjes zijn nageleefd. Deze gegevens moeten openbaar en opvraagbaar zijn. Op alle marktplaatsen wordt standaard geselecteerd op basis van kwaliteit en daarna op prijs (dus aanbesteden op basis van EMVI- economisch meest voordelige inschrijving tenzij de aanbestedende dienst hier gemotiveerd van afwijkt). Elke marktplaats publiceert maandelijks op TenderNed een overzicht van het aantal inschrijvingen op elke inhuuropdracht en de naam van de winnaar met het gunningstarief. Hierdoor kunnen leveranciers zich vooraf een goed beeld vormen van hun kans op een opdracht,afgezet tegen de benodigde hoeveelheid tijd en energie. Een registratie op een marktplaats is een kwalificatie als leverancier, zodat deze direct kan meedingen naar alle openstaande opdrachten. Over het aangeboden uurtarief en het winnende uurtarief mag niet meer worden onderhandeld. Het aanbod is bindend voor zowel leverancier als de aanbestedende dienst. Referenties worden niet standaard gevraagd aan alle leveranciers, maar alleen aan kandidaten die op gesprek worden uitgenodigd. Het registreren en gebruiken van een marktplaats is voor een leverancier altijd geheel kosteloos en een afgedwongen betaling van de kosten door de winnaar is verboden. De aanbestedende dient zelf de kosten van een door hem ingeschakelde externe partij te betalen. Opdrachten met een voorkeurskandidaat of een verlengde opdracht worden expliciet duidelijk gemaakt aan de leveranciers op de marktplaats. Marktplaatsen en hun procedures vallen onder het gratis klachtrecht van het CvAE (College van Aanbestedingsexperts). Er worden uniforme algemene voorwaarden en spelregels opgesteld om een eind te maken aan de veelheid van onbegrijpelijke, eenzijdige en leveranciersonvriendelijke voorwaarden die nu worden gebruikt. De regels en voorwaarden worden opgesteld in overleg met leveranciers en belangenbehartigingsorganisaties van zzp’ers. De overheidsorganisatie die een marktplaats gebruikt beschikt over een digitaal in te zien inhuurbeleid, waarin zij uiteenzet hoe zij deze marktplaats gebruikt en voor wat voor soort inhuurbehoeften. Van Bermudadriehoek naar inhuurparadijs Met bovenstaande twaalf verbeteringen worden marktplaatsen voor leveranciers toegankelijker, transparanter en minder eenzijdig. Dit is niet alleen in het belang van de leveranciers en zzp’ers die zo betere afwegingen kunnen maken, maar ook in het belang van de (semi-)overheid. Marktplaatsen kunnen voor beide partijen een laagdrempelig en eenvoudig alternatief zijn vergeleken met een aanbesteding. Effectief en efficiënt voor allebei! Een gezonde marktplaats kenmerkt zich door veel competitie en aanbod. Als er nog meer marktplaatsen bijkomen in de toekomst, dan blijft het overzicht van alle individuele inhuuropdrachten op of via TenderNed toch bewaard. En zo niet? Indien geen initiatieven worden ondernomen door de (semi-)overheid om de marktplaatsen meer leveranciersvriendelijk te maken, dan zou er wel eens einde kunnen komen aan het succes van de inhuurmarktplaatsen. Als leveranciers en zzp’ers niet meer aanbieden op marktplaatsen omdat de kosten niet opwegen tegen de baten, dan krijgt de overheid ook niet meer de beste kandidaten aangeboden op haar platforms. Dit zou voor iedereen een stap terug zijn. Marktplaatsen kunnen, mits op een goede manier gebruikt, voor zowel leveranciers en zzp’ers als voor aanbestedende diensten een nuttige rol spelen bij het vormgeven van het inhuurbeleid. Wij hopen dan ook op een spoedige uitnodiging van het ministerie van Economische Zaken om de hierboven genoemde punten te bespreken. Tot die tijd roepen wij andere leveranciers en zzp’ers op om de strekking van dit artikel te onderschrijven met een korte reactie. Auteurs: Mark Bassie (Flex-Beheer), Peter Bargon (Yacht), Humphrey Remie (Remie Consultants), Monique van Wagenberg (Commatrai), Frank Roders (Compagnon) en Arie Haasnoot (Cairn Consulting) Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags aanbestedingswet, marktplaats, overheid | 22s Reacties
“Als je inhuur systematiseert, knijp je de ziel eruit” Geplaatst 8 oktober 2014 door ZiPredactie Goed Opdrachtgeverschap: het zorgen voor de juiste randvoorwaarden waardoor de samenwerking met een interim professionals optimaal wordt. Wat vinden ZiP’ers zelf van ‘Goed Opdrachtgeverschap’ , wat ervaren ze? ZiPconomy laat elke week een zelfstandig interim professional aan het woord over dit thema. Deze aflevering interim-manager Rob van Bladel, die opdrachtgevers uitnodigt om bij inhuur niet alleen naar prijs te kijken, maar ook naar de persoon en de resultaten. Wat betekent Goed Opdrachtgeverschap voor jou? “Dat is voor mij een ongebruikelijke invalshoek, want meestal denk ik na over goed opdrachtnemerschap: wanneer doe ik het goed voor de opdrachtgever? Nu ik erover nadenk, begint goed opdrachtgeverschap heel basaal bij de formulering van de opdracht: hoe scherp heeft de opdrachtgever het probleem voor ogen en welke analyses heeft hij daar zelf al over gemaakt? Als dat niet duidelijk is, vind ik het ook wel weer de verantwoordelijkheid van de opdrachtnemer om daarbij te helpen.” Een opdrachtgever moet volgens Rob ook nadenken over of er überhaupt iemand ingehuurd moet worden. “Jaren geleden, voor de financiële crisis, was sprake van een inhuurverslaving bij sommige organisaties. Er werd voor elk wissewasje een consultant ingehuurd. Er waren consultants die, eenmaal binnen bij een klant, het halve bureau binnenroeiden. Dan vraag ik me af waar de kritische blik van de opdrachtgever is gebleven.” Ik probeer een relatie op de bouwen waarin we professioneel ruzie kunnen maken Wat vind je belangrijk bij de werving en selectie van interimmers? “Ik krijg mijn opdrachten via mijn netwerk en via het netwerk van IBC, het bureau waar ik associate partner ben. Een bureau geeft me veel meer mogelijkheden tot acquisitie; zo organiseren we bijvoorbeeld klantendagen in samenwerking met de Universiteit van Maastricht. Als éénpitter ben je daarin vrij beperkt. Ik vind het jammer dat tijdens de crisis de macht is gegrepen door procurement- of inkoopafdelingen. Ik heb daar wel discussies over met klanten. Je huurt interimmers in op cruciale plekken, binnen de ziel en het DNA van je organisatie. Dat je dan zo’n grote rol toekent aan de afdeling procurement, die op voorwaarden en prijs stuurt. Vroeger kon je nog gewoon binnenkomen bij een klant, nu krijg je in je mailbox een profiel met eisen en voorwaarden, mag je cv’s gaan aanleveren en krijg je te eventueel horen of je een kandidaat op gesprek mag sturen.” Rob weet uit ervaring dat dit niet de beste manier van werven is. “Jaren geleden huurde ik zelf interimmers in. Soms heeft iemand een fantastisch cv, maar merk je in een gesprek dat het toch niet de juiste persoon is. Omgekeerd komt het ook voor. Voor de crisis waren de tarieven soms erg hoog en het is prima dat dat hersteld is, maar nu is het teveel naar de andere kant doorgeslagen. Opdrachtgevers moeten goed nadenken over welke rol ze Procurement geven. Als je inhuur systematiseert, knijp je de ziel eruit. Kijk, ik kan me voorstellen dat de werving van bijvoorbeeld een communicatiemedewerker niet zo spannend is. Die moet een aantal competenties en bepaalde opleidingen hebben. Als je iemand zoekt die iets moeilijks gaat implementeren of een fusie gaat begeleiden, dan moet je wel weten met wie je in zee gaat.” Wat vind je belangrijk tijdens de uitvoering van een opdracht? “Dat een opdrachtgever begrijpt waarop hij heeft ingetekend en wat dat betekent voor zijn rol. Ik word bijvoorbeeld ingehuurd voor reorganisaties en daarbij is communicatie cruciaal. Het komt voor dat een opdrachtgever iets anders communiceert dan we hadden afgesproken. Niet uit kwade wil, maar uit onhandigheid. Zo had ik jaren geleden een opdrachtgever die een geweldig goed bestuurder was en goed in een politieke context kon bewegen. Hij had daardoor ook de neiging boodschappen iets mooier te maken of ze af te zwakken, omdat dit politiek goed uitkwam of omdat hij niet onaardig wilde zijn. Hij vertelde medewerkers bijvoorbeeld dat nog niet precies bekend was hoeveel fte’s er na de aangekondigde fusie over zouden blijven, terwijl dat wel duidelijk was en was afgesproken dit te communiceren. Toen ik twee weken later zei -eigenlijk dacht te herhalen- dat niet voor iedereen plek was in de herberg, schiep dat verwarring. Mensen hadden van hem een andere indruk gekregen. Veranderkundig is dat heel onhandig.” Rob sprak zijn opdrachtgever daarop aan. “Ik probeer altijd een relatie op de bouwen waarin we professioneel ruzie met elkaar kunnen maken, met respect voor elkaars positie en bijdrage. Ik spreek van te voren af dat ik direct ben en nodig de opdrachtgever uit om dat ook te zijn. In mijn opdrachten zijn de belangen te hoog om diplomatiek te zijn.” Opdrachtgevers zijn wel scherp op de prijs, maar niet op wat er voor die prijs geleverd wordt Hoe merk je dat opdrachtgevers je waarderen? “Waardering vind ik belangrijk, maar dat krijg je niet zo makkelijk. Dat zit in onze cultuur; als je niets hoort is het goed. Ik maak zelden mee dat een opdrachtgever uit zichzelf zegt dat iets ‘hartstikke goed’ ging, tenzij ik er in een evaluatiegesprek naar vraag. Complimenten krijg je meestal niet vanzelf. Daar zijn wij Nederlanders in het bedrijfsleven niet zo goed in. Ik hoor medewerkers daar ook over klagen. Terwijl we allemaal de ervaring hebben wat het met je doet als je een compliment krijgt.” Hoe spreek je af wanneer je opdracht eindigt? “Wat is er klaar als het ‘af’ is. Dat -de resultaten die we gaan opleveren- beschrijf ik altijd zo concreet mogelijk in offertes. Opdrachtgevers vinden dat erg plezierig, maar vragen er niet altijd uit zichzelf naar. Ik ben meestal degene die dat naar voren brengt. Opdrachtgevers mogen daar scherper in zijn door zich af te vragen: waarom huur ik je in en wat is hier veranderd als je straks weg bent? Ze zijn wel scherp op de prijs, maar niet op wat er voor die prijs geleverd wordt. In concurrentie met andere bureaus zie ik wel eens hele scherpe offertes en dan denk ik: hoe kun je hierin tuinen? Dat kan toch niet voor die prijs? Goede opdrachtgeverschap is ook het verband kunnen leggen tussen kwaliteit van het resultaat, hoeveelheid werk en prijs. Ga niet alleen voor de laagste prijs. Als iets heel veel kost, ga je vragen stellen. Dat moet je ook doen als iets heel goedkoop is.” Rob vindt het belangrijk om na het behalen van de resultaten de organisatie weer te verlaten. “Ik heb bij grote bedrijven interimmers zien rondlopen die bij de inventaris zijn gaan horen. Dan denk ik ‘wacht effe, als die persoon hier al twee of drie jaar rondloopt, waarom is er dan geen tijdelijk arbeidscontract?’ Die interimmer kost een organisatie veel geld. Daar mag je als opdrachtgever best kritisch op zijn. Ook als bureau moet je dat niet willen. Het is niet goed voor de relatie met je klant. Het is soms bijna diefstal. (Wil je laten weten wat jij vindt van Goed Opdrachtgeverschap? Doe dan mee aan het onderzoek daarover van de Univ Tilburg. Zie deze pagina voor meer informatie en een korte vragenlijst) Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags goed opdrachtgeverschap, serie | Laat een reactie achter
De keerzijde van goed opdrachtgeverschap Geplaatst 7 oktober 2014 door Niels Huismans Goed opdrachtgeverschap is een hot item. Ook op dit platform is het een veelbesproken thema en tijdens het jaarlijkse ZiPconomy seminar op 13 november zal dit onderwerp ook uitgebreid aan bod komen. In mijn optiek is dit ook zeker een trend die de komende tijd zal doorzetten. Op het eerste gezicht lijken er weinig nadelen te zitten aan goed opdrachtgeverschap. Het is positief voor de ingehuurde professional en dit heeft weer een zeer positief effect op de opdrachtgever. Ik denk echter dat deze ontwikkeling ook een keerzijde kan hebben voor organisaties. Innovatie en vernieuwing Zoals ik al in eerdere artikelen heb beschreven, zorgen zzp’ers vaak voor innovatie en vernieuwing binnen organisaties. In de huidige turbulente tijden moeten organisaties zich continu aanpassen aan wisselende marktomstandigheden en zich continu verbeteren om te overleven. Hiervoor is verandering, innovatie en vernieuwing binnen de organisatie nodig. In 2013 kwam uit onderzoek van FastFlex en ABN AMRO naar voren dat zzp’ers steeds vaker worden ingezet als ‘change agents’. Een zogeheten ‘change agent wordt binnen de organisatieleer gezien als de drijvende kracht achter verandering. Ook uit het vervolg onderzoek in 2014 werd duidelijk dat deze trend zich voortzet en dit een belangrijke reden is om externe professionals in te huren. Eén van de belangrijkste redenen dat zzp’ers voor de broodnodige innovatie en vernieuwing kunnen zorgen, is dat zij als buitenstaanders minder last hebben van ‘bedrijfsblindheid’. Daarnaast lijken zij de bedrijfsroutines ook veel minder te volgen. Hierdoor zijn zij in staat om de behoefte aan vernieuwing (sneller) te zien en daarop in te spelen. Goed opdrachtgeverschap Goed opdrachtgeverschap is lang niet hetzelfde als goed werkgeverschap. Hierbij gaat het er dus niet om dat je de externe medewerkers hetzelfde behandelt als de interne medewerkers. Zoals Hugo-Jan Ruts al eens schreef op dit platform: “Er liggen flinke parallellen met goed werkgeverschap, maar gooi als werk/opdrachtgever niet iedereen op een grote hoop.” In mijn optiek zou het in deze tijd van flexibiliteit en tijdelijkheid van werk ook niet zo veel moeten uitmaken wat voor soort contract iemand heeft. De ontwikkeling van goed opdrachtgeverschap en daarnaast het verkleinen van de kloof tussen vaste medewerkers en externen is daarom volgens mij ook een goede ontwikkeling. Organisaties zullen daarvoor wel de optimale combinatie moeten vinden tussen het zijn van een aantrekkelijk werkgever en een goede opdrachtgever. Om hier antwoord op te krijgen doet prof. dr. Arjan van den Born van de Tilburg University momenteel onderzoek naar goed opdrachtgeverschap. Hij probeert er zo achter te komen hoe goed opdrachtgeverschap er uit zou moeten zien in de ogen van zowel professionals als organisaties. Wordt afstand externe en interne medewerkers niet te klein? Toch lijkt de kloof tussen externe medewerkers en interne medewerkers kleiner te worden, doordat organisaties bezig zijn met het thema goed opdrachtgeverschap. Organisaties proberen externe medewerkers steeds meer te betrekken bij het bedrijf en hen vaak zo veel mogelijk gelijk te behandelen als interne medewerkers. Dit alles heeft naar mijn mening ook een keerzijde. Door het verkleinen van de kloof tussen interne en externe medewerkers zorg je er namelijk ook voor dat externe professionals minder de ‘buitenstaanders’ van je organisatie worden. Dit terwijl die ’buitenstaanders’ zo makkelijk voor vernieuwing en innovatie kunnen zorgen. Wil je als organisatie dus juist die innovatie en vernieuwing behouden, dan zal hier beleid op moeten worden gevoerd. Ik raad organisaties dan ook aan om de kloof tussen intern en extern te verkleinen, maar deze zeker niet geheel te dichten. Bij veel organisaties zijn deze verschillen namelijk nog te groot. Er is echter niets mis mee om verschil aan te brengen tussen externe en interne medewerkers. Zo zorg je ervoor dat die externe professional ook nog voor die innovatie, vernieuwing en verandering kan blijven zorgen. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags fastflex, goed opdrachtgeverschap, zipper | 6s Reacties
Shades of Independence: Het verhaal van de echte Amerikaanse Zelfstandigen en de bijklussers. Geplaatst 6 oktober 2014 door Hugo-Jan Ruts Toeval schijnt niet te bestaan. Het is dus ook geheel logisch dat op de dag dat Lilian Boonstra hier op ZiPconomy verslag doet van een boek over de Nederlandse ZZP-maatschappij het Amerikaanse MBO partners haar jaarlijks onderzoek over de stand van zaken in de VS uitbrengt. En waar de drijvende kracht achter dat boek Leo Witvliet stelt dat ‘dé zzp’er niet bestaat’, wijst de kop van MBO Shades of Independence in dezelfde richting. Zoals ik onlangs al beschreef in dit artikel, is er in de VS – nog meer dan hier in Nederland – flink gesteggel over cijfers die vertellen wie nu wel en niet een echte zelfstandige is. MBO komt in ieder geval – op basis van wat strakkere definities – op lagere aantallen uit dan een eerder onderzoek uitwees dat werd uitgevoerd in opdracht van de Freelance Union. MBO maakt vooral een onderscheid tussen diegene die volledige voor het zelfstandig ondernemerschap gaat (zonder personeel) en diegene die naast een reguliere baan er (af en toe) een freelance opdracht bijdoet. Het is een fenomeen dat in de VS veel vaker voorkomt, net als mensen die twee banen combineren. Duidelijk is dat aantal zelfstandigen, zeker op het niveau van ‘professionals’ , ook in de VS groeit. Een trend die er is om te blijven. De ‘Obama Care’-wetgeving maakt het ook een stuk aantrekkelijker. Voorheen was een beetje zorgverzekering vrijwel alleen af te sluiten als je in loondienst was. Het rapport van MBO is zeker lezenswaardig als je een beetje nieuwsgierig ben naar de Amerikaanse situatie. Daarbij laat ik de vraag maar even in het midden in hoeverre dit ons voorland is. Of lopen we in Nederland juist voor op de VS als het gaat om de zip-economie? Daar kom ik – samen met een Amerikaanse auteur – hopelijk voor het einde van het jaar nog uitvoerig op terug. Cijfers en trends De cijfer dan. Ik soms de belangrijkste cijfers uit het rapport van MBO op. The solopreneur population size rose 1.2 percent from 2013 and 12.5 percent from the base year of 2011. The majority of these solopreneurs work as independents on a full-time basis, continue to be satisfied (82 percent) and plan on remaining independent in the future (76 percent). For solopreneurs, the average tenure as an independent is 9.4 years Solopreneurs generated more than $1.1 trillion in total revenue over the past year, spent more than $150 billion on non-payroll/contractor expenses and are the primary income source for more than 10 million American households. One third of the solopreneur population spent $92 billion hiring the equivalent of 2.21 million full-time employees 1 in 7, or 2.5 million, solopreneurs plan to build bigger businesses in the future. (ook in VS wil dus maar beperkt deel zelfstandigen een bedrijf starten dat groter is dat de eenmanszaak. Zie ook opmerkingen daarover van ons eigen kabinet in de laatste miljoenennota) One third of the solopreneur population spent $92 billion hiring the equivalent of 2.21 million full-time employees (maar ze zetten dus wel veel werk door richting anderen, iets wat in NL ook veel gebeurt, maar wat onze kabinet even over het hoofd zag) Independents hail from all age groups: 28 percent Millennials, 29 percent Gen X, 30 percent Boomers and 14 percent Matures. More than half (58 percent) of side-giggers choose independence primarily to supplement their income, while solopreneurs choose the path primarily for flexibility (61 percent), autonomy (57 percent) and control (63 percent). Men and women continue to choose independence in equal numbers, but for different reasons. Women tend to see independent work as a path to fulfilling work that fits into their lifestyle. Men, on the other hand, tend to focus on being their own boss and maximizing their income. Approximately 60 percent of solopreneurs report having multiple sources of income, and 20 percent report having a traditional full or part-time job. Among the reasons reported for multiple revenue-generating activities: steady source of income (64 percent), enjoy the work (41 percent) and the ability to build a professional network (21 percent). Sixty percent of side-giggers also have a traditional full or part-time job. Forty-nine percent are employed in a full-time job, and 10 percent have a traditional part-time job. En dit soort onderzoeken komen natuurlijk nooit zonder mooie infografic: Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags onderzoek | Laat een reactie achter
Onbeweegbare werknemers Geplaatst 6 oktober 2014 door Bas van de Haterd Van ondernemers hoor ik regelmatig klachten over de gemakzucht van werknemers. “Ze willen alles, maar doen niets uit zichzelf”. Mijn reactie is dan: logisch. Dat is waar we mensen toe opleiden. Op veel scholen, zeker in de tijd dat ik op school zat, moest je vooral doen wat de docent je vertelde. Niet teveel vragen stellen en eigen initiatief… ook niet teveel graag. Samenwerken bij een test noemen we afkijken en laten we niet vergeten dat we precies te horen kregen welke bladzijden van het boek geleerd moesten worden voor de toets. De eerste jaren dat we gaan werken is niet veel anders over het algemeen. (meer…) Geplaatst in Leren, Onderwijs, Slimmer werken | 2s Reacties