De freelance economie drijft nog steeds op netwerken; niet op ‘social’

Interim-opdrachten lopen nauwelijks via jobboads of social media. Dat klopt deels, en deels ook helemaal niet. Volgens Hugo-Jan Ruts.

Zoals eerder gemeld, kwam MBO deze week met haar jaarlijkse rapport over de stand van zaken onder de Amerikaanse zelfstandige professionals. Een mooi onderzoek waar – voor de liefhebbers – de nodige parallellen en verschillen te zien zijn tussen de situatie in Nederland en in de VS. Meer overeenkomsten dan verschillen trouwens.

Het onderzoek diept zo’n beetje alle aspecten uit van het zelfstandige ondernemerschap en ook die vragen komen aardig overeen met wat er zo hier in Nederland in verschillende onderzoeken wordt gevraagd (al kom ik nog geen equivalent van goed opdrachtgeverschap tegen). Een van de aspecten ging over in hoeverre freelancers hun opdrachten via social media krijgen. Nu, dat valt nog al mee… Verreweg het meeste werk komt via de persoonlijke netwerken, het word-of-mouth contact en reclame. Slechts een paar procent van de ondervraagden geeft aan zijn/haar opdrachten via jobboards of social media te krijgen.

 

wordofmouthstill

Overigens, deze cijfers komen heel aardig in de buurt van bijvoorbeeld de onderzoeken van Schaekel. Ook daaruit komt naar voren dat internet een beperkte rol speelt in het verkrijgen van opdrachten.  In die onderzoeken gaat het overigens vooral om interim-managers/professionals die in de hogere segmenten van de markt werken.

Waarom is het aantal internet en ‘social’ zo laag?

De cijfers van MBO zijn wellicht verrassend laag. In een interview in een blog op Harvard Business Review geeft Steve King, die het onderzoek voor MBO deed, een diepere duiding van die cijfers:

“We do a lot of surveys of different freelance groups, independent worker groups, and word of mouth just consistently comes out in that range. It doesn’t matter who we talk to. The network is incredibly important to independent workers. It just is overwhelmingly how they find work. The electronic stuff, the Elance-oDesks, TaskRabbits, they’re growing very rapidly. They didn’t really blip much back in 2011, and they’re still not showing up high, but they’re clearly growing fast. We do see work moving more and more online, but it’s going to be a long time before that overtakes your personal network that you’ve built. And you’ve built that now not just face to face — a lot of that is now virtual — but it’s still word of mouth in the end.

“We asked them to rank the attributes that they felt were important to being successful as an independent worker. They ranked your professional skills and expertise first, your personal attributes — which mostly had to do with diligence and dealing with insecurity and so forth — as the second most important attribute, and third they ranked networking. They ranked sales and marketing sixth. When we interviewed people, what they told us was, “Well, networking is sales now. It used to be different, but …”  Even when you’re talking about moving to these online systems like Elance-oDesk, your reputation becomes so important, and your reputation is a function of your network. ”   

Netwerk en reputatie. Daar gaat het dus om. Dat komt overeen met de bevindingen van Arjan van den Born in zijn promotieonderzoek naar de succesfactoren van zelfstandig ondernemers.

Verkeerde vraag

Ik denk inderdaad dat we het percentage opdrachten dat volledig via jobboards en social media loopt niet moeten overschatten. In de VS is de ‘gig-economie’ (de klussen voor freelancers) via websites als Elance percentueel groter dan in Nederland; daar staat tegenover dat marktplaatsen en jobboards van bedrijven met freelance opdrachten in de VS een onbekend fenomeen is. Uiteindelijk loopt (nog!) maar een klein deel van wat er totaal omgaat in de freelance economie via  websites en via social media.

Wat ik wel een beetje mis vind gaan in deze vraagstelling (en ook Nederlandse onderzoeken) is dit vraagstuk erg ‘of/of’ wordt benaderd. Of je krijgt je opdracht ‘via-via’, of online. Terwijl het tegenwoordig juist om ‘en/en’ gaat.  Je kunt online en offline niet uit elkaar halen. Natuurlijk gaat het om netwerken en je reputatie. Maar hoe onderhoudt je die zonder internet en social media? Ik zou bijna niet meer weten hoe dat zou moeten. En ook het al oude acquisitie (nog steeds nuttig, zeker als je niet reactief wilt wachten totdat er iets op een website staat): internet en sociale media geven je veel meer mogelijkheden dan het nabellen van de gouden gids zoals we dat 20 jaar geleden deden. Andersom gebruiken recruiters social media natuurlijk veelvuldig om nieuwe opdrachten wereldkundig te maken, om vervolgens (opnieuw) in contact te komen met mensen uit hun eigen netwerk én met een uitstekende reputatie.

Hugo-Jan Ruts is 'editor-in-chief' en uitgever van ZiPconomy. Bekijk alle berichten van Hugo-Jan Ruts

2 reacties op dit bericht

  1. De wereldwijde online freelance deeleconomie draait op mond-tot-mond, vertrouwen en resultaat en klussen. En bijna niet via e-marktplaatsen.

    Tony de Bree
    Online ondernemer in deeltijd sinds 2001.
    Twitter: @tonydebree

  2. Eens met Hugo-Jan Ruts: social media werken uitstekend binnen mijn persoonlijke netwerk. Ik ontmoet mensen in real life en onderhoud ook mijn contact via bijeenkomsten, events (sportwedstrijden, theater) en ‘koffie-afspraken’, maar de link via (met name ) LinkedIn en Twitter helpt absoluut om top-of-mind te blijven bij mijn (potentiële) opdrachtgevers. Het is en-en, niet of-of.