Terug naar toen: de coöperatie als ‘nieuwe’ vorm van ondernemerschap Geplaatst 10 oktober 2012 door Annemarie Stel We bewegen van een marktmoraal naar een publieke moraal, citeert de Trendrede 2013 filosoof Bas Heijne: we beginnen ons te realiseren dat we niet alleen eisen kunnen stellen aan de samenleving, maar daar zelf ook verantwoordelijkheid in moeten dragen. We moeten wel. De economische successen van de jaren negentig zijn gevolgd door een wereldwijde crisis, zodat we nu met een kater zitten en met vragen naar de werkelijke waarde van de dingen. Het ‘ongebreidelde casinokapitalisme’ is zijn glans verloren, nadat banken jarenlang onverantwoorde risico’s namen, bedrijven van naam en faam werden leeggezogen door ‘vampierfondsen’ en consumptie gold als hoogste goed. Onze mobiele telefoons komen uit hyperefficiënte, maar onpersoonlijke fabrieken, waar ze worden gemaakt door uitgebuite arbeiders. Wijzelf worden opgejaagd tot de aanschaf van het allernieuwste model door state of the art marketing, met gebruikmaking van alle mogelijke kanalen. Tot op vier cijfers achter de komma wordt ons (koop)gedrag meetbaar gemaakt. En daar zitten we nu: een alomtegenwoordige, maar uiteindelijk op veel punten falende markt en een maatschappij die wordt geregeerd door een overdaad aan regels die vaak nog zichzelf tegenspreken ook. Persoonlijke verantwoordelijkheid lijkt niet verder te gaan dan de vraag: ‘What’s in it for me’. Velen hebben intussen het idee dat het anders moet en anders kan. En misschien hoeven we daarvoor niet eens het wiel opnieuw uit te vinden. Op woensdag 3 oktober liet ik de feestelijkheden in Leiden achter me, wrong me door de menigte richting het station en schoof aan – tussen een heleboel grijze heren en een enkele kleurrijke dame – bij een seminar van de SER en de NCR (de Nationale Coöperatieve Raad voor land- en tuinbouw) met als onderwerp: Coöperatie – ondernemen met een achterban. Coöperaties zijn – in tegenstelling tot veel beursgenoteerde bedrijven – vaak jarenlang en stabiel succesvol. Ze onttrekken zich aan wispelturige investeerders en hebben het belang van hun klanten – officieel leden – als hun belangrijkste richtsnoer. Gezien de tijdgeest is het geen wonder dat deze vorm van ondernemen op hernieuwde belangstelling mag rekenen. De Verenigde Naties hebben 2012 zelfs uitgeroepen tot International Year of Cooperatives. Normatief Nederland kent al ruim 120 jaar coöperaties en daar zitten een paar hele bekende – en grote – bij: de Rabobank, Campina/Melkunie, Achmea, om er een paar te noemen. Vaak opgericht om gezamenlijk een vuist te kunnen maken, samen in te kopen of inkomenszekerheid te kunnen bieden. Het zijn verenigingen die zaken doen met hun leden. “Hun doel is normatief”, vertelt Ruud Galle, directeur van de NCR, tijdens het seminar. “Vaak zijn ze ontstaan uit marktimperfecties en om uitbuiting tegen te gaan”. Inmiddels zetten de 2.650 actieve coöperatieve ondernemingen in Nederland wel 111 miljard euro om, zijn ze verantwoordelijk voor 19% van het BBP en werken er 166.000 mensen. Ter vergelijking: de omzet van alle AEX- en AMX-bedrijven op de Amsterdamse beurs is 253 miljard euro. Coöperaties maken geen winst, geen money control, maar people control. Daarin sluit de bedrijfsfilosofie van coöperaties aan op een andere ontwikkeling die de Trendrede voorspelt: “In de toekomst draait het minder om individuele macht en meer om gebundelde kracht”. Dirk Duijzer van de Rabobank noemt nóg een (morele) aanleiding voor het ontstaan van coöperaties: van oudsher werden in Nederland veel publieke taken ‘uitbesteed’ aan maatschappelijke organisaties. Geen liefdadigheid, maar verantwoordelijkheid van medewerkers én klanten om voordeel te behalen en uitwassen te voorkomen. “Bij coöperaties is nooit sprake geweest van Angelsaksische sturing op control met codes en systemen en met winstmaximalisatie als doel, maar van ketenverantwoordelijkheid met gelijkwaardige partners”, legt hij uit. Solidariteit vormt de basis. Bedrijfje spelen met een missie Een coöperatie kan vele vormen aannemen. Mijn opa werkte jarenlang bij een landbouwcoöperatie in Raalte, Overijssel. Wat hij daar precies deed, daar heb ik tot de dag van vandaag geen idee van. Soms mocht ik mee naar een kippenboerderij, soms achter op de combine en soms stond ik te griezelen in het slachthuis. Bij het kantoor stonden hoge silo’s met ‘diervoeders’ – zonder twijfel gezamenlijk tegen gunstige prijzen ingekocht. De klassieke coöperatie. Aan de andere kant staan de kolossen van Rabo en Achmea. Maar het coöperatieve idee spreekt tegenwoordig ook op andere manieren aan. Tegenover de multinationals staan steeds vaker kleine initiatieven op, variërend van buurten die met zonnepanelen hun eigen energie opwekken en het overschot verkopen, tot het ‘Broodfonds’, een alternatieve vorm van verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid op solidariteitsbasis. Er zijn netwerken van ZZP’ers in opkomst die – naast het van dienst zijn van klanten – ook een ‘ideële’ doelstelling hebben: van het delen van kennis en ervaring tot een efficiënte bedrijfsvoering met zo min mogelijk overhead en een ‘small footprint’. “Een revolutionair antwoord op het doorgeslagen multinationale kapitalisme”, zoals het werd verwoord in de aflevering ‘Power to the People’ van Tegenlicht op 8 oktober. Zeker in kleinere verbanden geeft het ruimte aan zelfstandigheid en autonomie. “Bedrijfje spelen met een missie”, zoals één van de sprekers het noemde. Sinds kort maak ik zelf ook deel uit van zo’n collectief van ZZP’ers. We zijn met z’n negenen en wat ons bindt zijn een website – en een visie. We doen het zelf en we doen het samen. Maar die samenwerking neemt ons onze autonomie niet af, we brengen onze ondernemingen niet in. “Zelfsturing in sociale samenhang is de krachtige motor achter maatschappelijke vernieuwing”, zegt ook de Trendrede. Maffia Is een coöperatie dus het antwoord op alles? Lost het de maatschappelijke problemen in een handomdraai op? Tijdens het seminar komen de kanttekeningen van hoogleraar Mirjam van Praag. Een coöperatie mag eigenlijk niet te groot zijn, zegt ze. Hij functioneert het beste als de leden elkaar kennen en regelmatig treffen. Besluitvorming is gebaseerd op consensus, wat de snelheid en mate van innovatie kan belemmeren. De groep moet homogeen zijn en geen belangentegenstellingen kennen. En het doel hoeft heus niet altijd zo maatschappelijk verantwoord te zijn, voegt een aanwezige FNV-bestuurder eraan toe; ook de Maffia kan een coöperatie oprichten. Ze voldoen aan alle voorwaarden: een homogene groep met specifieke belangen, een gezamenlijk doel en een grote behoefte aan ‘soevereiniteit in eigen kring’. In een afsluitend betoog geeft SER-kroonlid Louise Fresco de zaal een paar noties mee. Er komen vragen op ons af die geen simpele antwoorden kennen, zegt ze. De markt is failliet, de overheid wordt steeds minder zichtbaar. Burgers hebben steeds meer moeite met de schaalvergroting en er ontstaat verlangen naar kleinere verbanden: de wijk, andere gemeenschappen. Het is het gevolg van het ‘principiële marktfalen’: niet iedereen is in staat om overeind te blijven in de toenemende mondialisering en globalisering, omdat niet iedereen over de juiste of voldoende kennis beschikt. Coöperatieve vormen van samenwerking kunnen die negatieve effecten wellicht tegengaan. Dat kan in een juridische vorm, maar het gaat er vooral om dat we samen naar oplossingen zoeken, aldus Louise Fresco. Na afloop stond er een uitstekende borrel klaar, maar ik verliet de nakeuvelende grijze heren en enkele kleurrijke dame al gauw. Het was 3 October, per slot en de hutspot stond te wachten. Dag van de Coöperatie Wil je meer weten over dit soort nieuwe vormen van samenwerking en wat je er voor je eigen praktijk aan kunt hebben? Op 25 oktober organiseert een aantal organisaties in Utrecht de Dag van de Coöperatie: “Een dag vol inspiratie, met als doel de kracht van samenwerking in de coöperatie te benadrukken”. Aanmelden kan via de site. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags ondernemerschap, rechtsvormen | Laat een reactie achter
What’s in a name? Tijd dat ZZP’ers duidelijkheid krijgen. Geplaatst 9 oktober 2012 door PZO Sinds mijn aantreden als voorzitter bij Platform Zelfstandige Ondernemers (PZO) is één ding duidelijk; men blijft worstelen met de vraag wat nou de definitie is van de ZZP’er! Politiek, ambtenaren en inhuurders ploeteren voort om duidelijkheid te verkrijgen over wie nu wel ZZP’er is en wie niet. Is de ZZP’er een verkapte werknemer die via slinkse constructies ingehuurd wordt bij een opdrachtgever? Of is de ZZP’er, zoals PZO meent, een professional die zeer bewust heeft gekozen voor het ondernemerschap, met alle risico’s en verantwoordelijkheden die daar bij komen kijken? Met een nieuw kabinet in het vooruitzicht en alle onderwerpen, zoals de VAR / webmodule, schijnzelfstandigheid en de zelfstandigenaftrek, die zelfstandige ondernemers raken, staat eens te meer de vraag centraal of men niet één definitie op zou kunnen stellen voor de ZZP’er. Even een lesje theorie; wanneer men naar zelfstandige ondernemers kijkt, zijn er enkele homogene kenmerken waar te nemen zoals het feit dat het een zelfstandige ondernemer betreft die zonder personeel werkt, zijn eigen werk bepaalt, flexibele uren draait, zijn eigen opdrachten binnenhaalt en voor eigen rekening en risico opereert. Maar nu de ondernemer in de praktijk. Deze zit vol passie en weet zijn (of haar) zeilen aan te passen aan het lome windje of de orkaan die voorbij raast. De echte zelfstandige ondernemer weet zijn roer om te gooien wanneer nodig en zorgt voor duurzaamheid, innovatie en veerkracht. Maar uiteindelijk is er maar één conclusie te trekken uit zowel de theorie als de praktijk; de hoeveelheid winst die een ondernemer behaalt en de hoeveelheid belasting die een ondernemer betaalt, zijn bepalend voor het succes van de onderneming. Freelancers, ZZP’ers, ZP’ers… Termen als ZZP’er, freelancer en ZP’er worden de afgelopen tijd ook steeds vaker door elkaar gebruikt. De term freelancer bestaat al jaren. Vroeger waren het vrije ridders (lancer) die zich verhuurden om werkzaamheden te verrichten voor verschillende landheren. Toen was er dus al sprake van ondernemerschap! Tegenwoordig ziet men steeds vaker de term ZP’er de revue passeren. ZP staat voor Zelfstandige Professional. Ook bij de ZP’er gaat het om zelfstandig ondernemerschap. De drie termen verschillen dus niet zo veel van elkaar. Zij geven immers alle drie aan dat het om zelfstandige ondernemers gaat die voor eigen rekening en risico werken. Wat PZO betreft is het tijd om op te houden met het onnodig tijd verliezen aan de discussie over de term die men zou moeten gebruiken voor een zelfstandige ondernemer. Het betreft hier een ondernemer die zelfstandig werkt en voor eigen rekening en risico dag in dag uit aan de slag is. En dit alles voorzien van een dikke laag passie. PZO blijft deze ondernemer voorlopig dan ook gewoon ZZP’er noemen. Veel belangrijker is dat men in gaat zien dat zonder ZZP’ers de Nederlandse economie er veel minder florissant voor zou staan. Inhuurders zouden hun flexibele schil kwijt zijn, met alle nadelige gevolgen van dien. De oproep van PZO is dus; stop met het voeren van deeldiscussies. Zorg nu eindelijk eens dat er een derde pijler in het systeem komt (werkgever-werknemer-ZZP’er) en dat ZZP’ers duidelijkheid verkrijgen over waar zij aan toe zijn. De kracht ligt hem dus in het overtuigen van de politiek over de veerkracht die ZZP’ers onze economie geven en PZO zal dit ook steeds blijven benadrukken. Dit zodat de echte zelfstandige ondernemer eindelijk de vrijheid krijgt om met volle overtuiging te kunnen ondernemen zonder gedoe over VAR verklaringen en betuttelende politici die allerlei verplichtstellingen op deze groep ondernemers willen loslaten. Je bent ondernemer of niet en dit zou het belangrijkste onderscheidende element moeten zijn! Esther Raats-Coster, voorzitter PZO Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags politiek, zzp | Laat een reactie achter
Mark’s Plaats. Inkoopjobs.nl: Leuk idee, slecht uitgewerkt helaas… MM Geplaatst 8 oktober 2012 door Mark Bassie In deze reeks columns bespreekt Mark Bassie op persoonlijke titel regelmatig op maandag een website, platform of portal met opdrachten voor zelfstandige professionals (ZP’ers). Hij eindigt steeds met een beoordeling van inhoud, vorm en opzet met 1 tot 5 M’s. Hij oordeelt hierbij als ZP’er en niet als opdrachtgever. Als u zelf een site kent die u wilt laten beoordelen, stuur dan een mail naar info@flex-beheer.nl. De beoordeling: M = Geen tijd en geld aan besteden MM = Waarschijnlijk zonde van je tijd en geld MMM = Alleen als je betere alternatieven al hebt bezocht MMMM = Kan zeker resultaat opleveren MMMMM = Hier moet je beginnen met zoeken Inkoopjobs, initatief van aantal bemiddelingsbureaus Vandaag een review van een relatief nieuw initiatief op de overvolle markt van site met ZP-opdrachten. Achter Inkoopjobs zit een stichting waarin een aantal van de grotere bemiddelingsbureaus voor zelfstandige Inkopers en aanverwante specialisten zitten. Volgens de site zijn het er 6. Het lijkt erop dat de site nog niet helemaal klaar is, want ik zou de logo’s van de 6 deelnemers in de stichting op een pagina moeten kunnen zien maar ik zie ze niet…. Deze bureaus hebben een aantal maanden geleden de handen ineen geslagen en deze website opgericht. Hiermee krijg je als ZP’er in het inkoopvak een goed overzicht van de openstaande opdrachten, althans zo staat het op de site. Ik ben eens gaan kijken of dat ook wordt waargemaakt. De naam Inkoopjobs (en het gebruikte woord vacatures) roepen bij mij overigens nog steeds een associatie op naar vaste functies maar er zijn toch echt alleen maar interim-opdrachten te vinden. Er staan 18 ‘jobs’ open op een totaal van 600 ingeschreven ZP’ers. Maar zijn deze opdrachten nu alleen bereikbaar voor deze 600? Nee, want als ik naar de site ga van een van de deelnemende bureaus, dan kom ik precies dezelfde opdrachten tegen en kan ik daar dus ook reageren. Sterker nog, op de site van dit bureau staan meer opdrachten dan op de site van de stichting Inkoopjobs. Dat roept natuurlijk de vraag op wat dan het voordeel is van Inkoopjobs als het geen compleet overzicht levert. Het registreren op de site als ZP’er lukt me 2x keer op verschillende dagen niet, dus wellicht klopt er nog meer niet. Dat registreren is overigens geheel gratis, dus dat is mooi. Het is de bedoeling dat je met mailnotificaties op de hoogte wordt gehouden van interessante nieuwe opdrachten, maar dan moeten die natuurlijk hier wel worden gepubliceerd door de deelnemende bureaus……. Wat ook jammer is, dat er geen andere contactgegevens te vinden zijn dan een invulformuliertje met de mededeling dat er snel contact met me wordt opgenomen. Algemene voorwaarden zijn niet aanwezig, wel vind ik een privacy-statement dat begint met deze zin: InkoopJobs hecht veel waarde aan de privacy van bezoekers/aangesloten zzp’ers en om deze reden worden uw persoonlijke gegevens met de grootst mogelijke zorgvuldigheid behandeld en beveiligd. Dat is mooi denk je dan als lezer. Maar dan komen er veel zinnen die Inkoopjobs het recht geven om mij te mailen met aanbiedingen, om mij te informeren over producten en diensten van de deelnemende bedrijven maar ook van adverteerders op de site. Ook kunnen mijn gegevens aan dit soort partijen worden doorgespeeld, tenzij ik daar bezwaar tegen maak. Maar ja wie leest dit soort teksten en doet dat? Al met al valt er nogal wat aan te merken op dit initiatief. Met wat meer zorg en aandacht is er misschien iets moois van te maken voor de inkoop-ZP’er. Maar op dit moment geef ik er niet meer dan 2M’s aan en kan je beter de sites van de bedrijven zelf bijhouden…. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags jobboard | 2s Reacties
Rapport marktonderzoek Nederlandse E-staffing software: Grote diversiteit vraagt om eigen visie. Geplaatst 7 oktober 2012 door ZiPredactie Het marktonderzoek naar E-staffing software in Nederland, uitgevoerd door Mark Bassie en Robart Mares, is nu voor iedereen (gratis) beschikbaar. Bassie en Mares geven in hun rapport, dat mede mogelijk is gemaakt door ZiPconomy, een uitvoerig beeld per aanbieder en maken daarnaast een vergelijking tussen de aanbieders. Een handvat om in de grote diversiteit van aanbieders een gerichte keuze te maken. Bassie en Mares concluderen na hun onderzoek: “Er zijn behoorlijke verschillen tussen zowel de leveranciers als tussen hun producten. Er zijn regelmatig vernieuwingen in functionaliteit van deze producten. Ook komen er regelmatig nieuwe leveranciers op de markt. Het is dus belangrijk om vooraf goed te vergelijken en na te denken over welke keuzes de inlener/ opdrachtgever kan maken zowel qua leverancier als qua product/platform of tool.” Achter de opbouw van een tool zit, soms impliciet, een visie, een denkrichting. Die lopen nog al uit een. Voor een organisatie dus van groot belang zelf een heldere visie en strategie te ontwikkelen voordat de keuze voor een tool wordt gemaakt. Anders lever je je als organisatie impliciet over aan de visie van de leverancier. Uitgebreide informatie per aanbieder; Kieswijzer om wijs te worden in diversiteit. Het E-Staffing-marktonderzoek heeft als doel om de momenteel op de Nederlandse markt beschikbare software tools op het gebied van Marktplaatsen voor externe inhuur en Vendor Management Systemen (VMS) in kaart te brengen. Nuttig, want deze markt is in Nederland nog jong en betrekkelijk onbekend. In het rapport staan van tien Nederlandse leveranciers uitvoerig beschreven welke functionaliteiten hun tools bieden en hoe deze in de praktijk gebruikt kunnen worden. Naast de uitvoerige beschrijving per aanbieder, bevat het rapport overzichtelijke schema’s waarin de aanbieders vergeleken worden op functionaliteit, op sector of op regio. Daarnaast geven de onderzoekers een kieswijzer die snel inzicht verschaft in de meest opvallende verschillen tussen de leveranciers en hun producten. Het rapport is hier te downloaden. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags inhuur, marktplaats, onderzoek | Laat een reactie achter
Kunnen vacaturesites iets leren van datingsites? Geplaatst 4 oktober 2012 door Samir ter Lüün Stel je voor: Je bent lid van een datingsite, ziet een profiel van een leuke dame of heer en nodigt hem of haar direct uit voor een persoonlijke ontmoeting. Die dame of heer bekijkt jouw profiel en gaat akkoord. Klinkt misschien ideaal, maar gebeurt in praktijk vrijwel nooit. En waarom niet? Omdat je vaak niet precies weet waar de ander op uit is en omdat je het gevoel hebt elkaar op basis van een profiel nog niet voldoende te kennen. Dus je mailt eerst een paar keer heen en weer voordat je daadwerkelijk afspreekt. Die interactie verkleint de kans op een mismatch en een ongemakkelijke date. Lijkt vrij logisch eigenlijk. Vreemd is dat deze interactie bij vacaturesites vaak ver te zoeken is. Dit terwijl deze sites in de basis niet veel verschillen van datingsites. Het zijn beide vijvers met vraag en aanbod die worden samengebracht met zoeken en matchen met als doel een kortstondige of langdurige relatie. Vacaturesites gaan voor een aanpak waarbij je eigenlijk direct naar de date vraagt. Je klikt als werkzoekende op ‘solliciteer direct’, voegt een motivatie toe en vervolgens is het afwachten. Post and pray. Interactie Door interactie een belangrijkere plek te geven, lijkt het proces van datingsites op het al netwerkend aan een baan komen, met uitzondering van het referralaspect, want dit ben ik vrijwel niet tegengekomen. Er is niet één bepalend moment, zoals de cv-selectie of het sollicitatiegesprek, maar een aaneenschakeling van meer informele contactmomenten die de selectie bepalen. Toegepast op vacaturesites lijkt dit de recruiter misschien meer tijd te kosten, maar de vraag is of deze interactie niet nu al offline plaatsvindt. Daarnaast kan de online te besteden tijd worden gecompenseerd door een goede voorselectie op soft- en hardskills, goede usability en uiteindelijk de voordelen van een betere match. Die betere match leidt ook tot een verschuiving in de vijver van vraag en aanbod: van kwantiteit naar kwaliteit. De werkzoekende heeft minder het gevoel afgerekend te worden op één selectiemoment of alleen harde criteria. En juist de ervaring van de werkzoekende komt door een schaarste aan talent in de komende jaren centraal te staan. Het is interessant om eens te kijken naar hoe de interactie tot stand komt bij datingsites. Een paar voorbeelden. Bij verschillende datingsites heeft de automatische match het zoeken vervangen. Na de match zie je het profiel (zoals bij Pepper) of ga je direct in gesprek zonder een profiel te zien (zoals bij Paiq). Paiq stelt de dialoog centraal doordat je de foto van de ander pas te zien krijgt als je een bepaalde tijd met elkaar hebt gechat. Paiq biedt ook mogelijkheden om te speeddaten of te battledaten. Bij dat laatste ga je gedurende 5 minuten in gesprek met twee kandidaten en maak je daarna een keuze met wie je verder wilt. Bij Pepper kan de chatmodule worden gekoppeld aan Facebook en krijg je tijdens het gesprek verschillende foto’s van elkaars Facebook te zien. Ook kan je naast een algemene mailfunctie onderdelen van het profiel liken à la Facebook of er een reactie bij plaatsen. Vertaald naar recruitment zou de werkzoekende vragen, opmerkingen of likes kunnen plaatsen bij onderdelen van een vacature. Deze feedback zou recruiters kunnen helpen betere vacatureteksten te maken en voorkomt dat potentiële sollicitanten afhaken omdat ze de vacature niet begrijpen. Zachte factoren Naast interactie leggen datingsites ook meer nadruk op zachte factoren als persoonlijkheid. Ze gebruiken uiteenlopende testen voor het creëren van een initiële match. Zo wordt er getest op basis van favoriete merken (branddating), astrologie en levenswaarden. Hierna vindt verdere selectie op zachte factoren plaats tijdens de interactie. De grote vacaturesites houden zich niet bezig met factoren als persoonlijkheid en arbeidsethos. Dit mag de recruiter of het bedrijf zelf doen op basis van een match op harde factoren die de vacaturesite wel biedt. Als intercedent heb ik ervaren dat selectie op harde factoren niet altijd leidt tot de beste match. Zo heeft een hele nauwkeurige meubelmaker misschien ook de competenties om in de tandtechniek te werken en is de betere kandidaat misschien wel niet die perfect aansluitende cv, maar juist de kandidaat die fan is van het product dat het bedrijf verkoopt. Zoeken en matchen buiten de gebaande paden levert een grotere variatie aan matches en meer kans op succes. Tot zover mijn verkennende vergelijking. Het roept ook weer veel vragen op. In ieder geval loont het altijd om eens buiten je eigen branche te kijken en ervan te leren! Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags arbeidsmarkt, inhuur, marktplaats | 3s Reacties
Employer Branding – hoe word je een aantrekkelijke ‘werk’gever voor ZZP’ers? Geplaatst 2 oktober 2012 door Annemarie Stel Flexibele medewerkers – freelancers, ZZP’ers en andere interimmers – maken een steeds groter deel uit van de beroepsbevolking; inmiddels is het aandeel niet aan één werkgever gebonden werkers opgelopen tot zo’n 10% van de totale werkende bevolking (700.000 zelfstandigen versus zeven miljoen mensen in loondienst). En ze doen het goed: volgens onderzoek van het Financieel Dagblad is bijvoorbeeld de adviesmarkt intussen al voor 75% in handen van bedrijven zonder personeel. Soms ontbreekt intern gewoon de kennis, het is positief om te zien dat bedrijven niet bang zijn om dat van buiten te halen en blijkbaar werkt het businessmodel van deze groep voor klanten goed. En hoewel het voor een aantal ZZP’ers en interimmers momenteel even de vraag is hoe zij de crisis gaan doorstaan, is de ontwikkeling naar lossere verbanden onontkoombaar. Dit soort arbeidskrachten zullen daardoor steeds meer gemeengoed worden en de manieren waarop werkgevers straks aan medewerkers gaan komen, veranderen mee. Dat betekent een andere benadering van recruteren: van ‘mensen aannemen’ tot ‘werk regisseren’. En dat leidt tot de volgende vraag: hoe kunnen organisaties er nu, maar zeker tegen die tijd, voor zorgen dat ze de juiste tijdelijke krachten en expertise in huis halen? Niet één keer, maar telkens als dat nodig is? Het is een vraagstuk in twee stappen. Je moet weten wat je nodig hebt en je moet weten waar en hoe je het haalt. Dat klinkt makkelijker dan het is. Weten wat je nodig hebt en waar je het kunt krijgen Voor veel organisaties begint het probleem hier namelijk al meteen. Ongetwijfeld deels als gevolg van alle veranderingen, ontwikkelingen en overige turbulentie, vinden ze het vaak lastig om te bedenken wat nu precies hun vraag is én wat mogelijke oplossingen zijn. Toch begint het hier en nergens anders – de vraag wat je nodig hebt. Maken van analyses: wat voor werk moet hier gedaan worden? Hoe cruciaal is het? Wanneer moet het gedaan worden? Is het een incidentele vraag of gaat het om structureel werk? Voor je ‘t weer zit je immers opgescheept met een ‘interimmer’ die na twee jaar en 40 uur per week aan het tapijt is vastgegroeid. Om van de bijbehorende kosten nog maar te zwijgen. Als dat in kaart is gebracht, kun je gaan nadenken over oplossingen. Vervolgens komt de vraag waar je dat dan gaat halen. E.e.a. kan leiden tot bizarre taferelen, vooral als wordt overgegaan op ondoordachte inkoopacties. Marktplaatsen, bemiddelingssites, detacheringsbureaus en andere intermediairs schieten als paddestoelen uit de grond. Waar moet je zoeken? En moet je dat elke keer doen als je tijdelijk versterking nodig hebt? Of kun je, net als met ‘vaste’ medewerkers, ook met tijdelijke krachten een band opbouwen? Hen aan je ‘binden’, ook als ze niet concreet bij je aan de slag zijn? Employer branding voor ZZP’ers? Het kan, maar er zijn een paar dingen die je daarbij in gedachten moet houden. Individuele motieven Veel organisaties maken bij hun benadering van de arbeidsmarkt al onderscheid tussen doelgroepen: voor een VMBO’er hanteren ze een andere aanpak – in boodschap en/of middelen – dan voor een academicus. Maar een doelgroep is geen verzameling kenmerken – het is een verzameling individuen. Al die individuen hebben verschillende redenen om te werken, al zijn het er in grote lijnen maar drie: voor het geld (materieel), om iets nuttigs’ te doen (maatschappelijk) of voor persoonlijke ontwikkeling (professioneel). Voor freelancers en andere ongebondenen gaat dit ook grotendeels op, maar ze onderscheiden zich in een aantal opzichten van de ‘traditionele’ beroepsbevolking. Een cruciaal verschil zit ‘m erin dat ZZP’ers – zeker de specialisten – over het algemeen zeer gehecht zijn aan hun vak, meer dan aan (de organisatie van) hun opdrachtgever. Deels hebben ze dat gemeen met professionals in het algemeen: meer gericht op de inhoud van het werk, ontwikkelmogelijkheden en inspirerende collega’s en minder op zaken als vaste aanstellingen, maatschappelijke bijdrage of secundaire arbeidsvoorwaarden. Maar veel freelancers zijn méér dan ‘professionals’ – vaak zijn het opinion leaders, erkende vakspecialisten, mensen wiens mening gerespecteerd wordt. En bovenal: ze zijn onafhankelijk. De kunst is om een ‘brede’ (arbeidsmarkt)positionering te vertalen naar hun individuele motieven – om je eigen visie, waarden en doelstellingen te laten aansluiten bij hun ‘oriëntaties’ en ambities. Het grote verhaal – de uiting van je employer brand – dient daarbij als richtsnoer, maar de ontvanger moet het idee hebben dat de boodschap speciaal voor hem of haar bedoeld is. Het managen van dergelijke benaderingen draait daardoor meer en meer uit op het – simultaan aan de ‘werkregie’-taken – coördineren van een aantal activiteiten die bijdragen aan het beeld dat bestaat van een organisatie én het werk of de projecten; employer,employment, job, internal, corporate, personal en al die andere vormen van branding. Eén ding is daarbij zeer van dienst: elke organisatie, groot of klein en in welke vorm ook, kan tegenwoordig strategische, online content ontwikkelen en die gebruiken om de aandacht te trekken van of een relatie aan te gaan met degenen die ze nu, straks of zo nu en dan nodig hebben. Professionele partner Om met een doelgroep als ZZP’ers en/of andere interimmers goed en structureel te communiceren, zijn de volgende suggesties zinvol: Ga in de inhoud niet uit van allerlei lange-termijnvoordelen – dat interesseert ze voor geen meter – maar leg de nadruk op mogelijkheden tot verbetering, nieuwe dingen leren, kennis opdoen, spannende projecten en samenwerkingsverbanden. Gebruik sociale netwerken en sociale media om een duurzame en aantrekkelijke online identiteit te ontwikkelen en houd het gesprek met de professionals gaande. Overweeg het sponsorschap van evenementen waar ZZP’ers bijeenkomen en ideeën uitwisselen, zodat ze weten dat ‘hun’ vak jou ter harte gaat. Vergeet niet te investeren in de relatie met organisaties die een – serieuze – intermediaire rol hebben tussen zelfstandigen en inhurende organisaties. Let op bij selectie-/acquisitiegesprekken: zelfstandigen zijn er meer dan gemiddeld op gebrand om hun professionaliteit te benutten en zullen de organisatie op dat potentieel beoordelen. En bovenal: wees zelf ook een professionele partner. Ga niet voor een dubbeltje op de eerste rij zitten, maar weet hun inbreng naar waarde te schatten. Geef ook dingen terug. Dan kun je veel plezier hebben van je flexibele schil. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Employer branding, goed opdrachtgeverschap | Laat een reactie achter