Maandelijkse archieven: september 2023

Welke beroepsgroep loopt het meest warm voor vast contract?

Juristen hechten van alle doelgroepen het meeste aan een vast contract, een fijn salaris is voor alle beroepsgroepen belangrijk bij een nieuwe job, maar werkdruk speelt een steeds grotere rol bij het kiezen van een nieuwe baan, zo blijkt uit het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek van Intelligence Group.

We keken in dit onderzoek naar drie belangrijke pullfactoren bij het kiezen van een nieuwe baan – salaris, vast contract en werkdruk – en vergeleken de cijfers voor beroepsgroepen van 2020 met 2022.

Vast contract als pullfactor

Zzp’ers worden in sommige kringen (zipconomy.nl) misschien bezongen als helden, maar het vaste contract staat fier overeind als pullfactor op de arbeidsmarkt. Juist de juristen onder ons kiezen (steeds meer) voor een vast contract, zo’n 56% vindt het een belangrijke keuzefactor bij het kiezen van een nieuwe werkgever.

Top 7 beroepsgroepen die het meeste belang hechten aan vast contract in 2022 bij de keuze van een werkgever
Juridisch
Sociale dienstverlening
Financieel
Sales
Marketing
Bouw
Callcenter/klantenservice

Bron: Intelligence Group

Het belang van een vast contract is in de afgelopen twee jaar in de meeste beroepsgroepen licht gestegen. Vooral onderwijs laat een substantiële stijging zien, al moeten ze van ver komen: ze bungelen onderaan wat betreft het belang dat ze aan vaste verbindingen hechten. Enthousiastelingen voor de vaste contracten vinden we in financiële, sales en marketingkringen.

Traditionele zzp’ers als cultuurmakers, security, designers en journalisten lopen niet warm voor een vast contract. Ook in de transportsector maken ze zich er minder druk over. De onderwijzers kiezen misschien liever voor lekker hun eigen weekschema bepalen via een uitzendbureau en een prettig tarief rekenen? In ieder geval minder werkdruk.

Top 7 beroepsgroepen die het minste belang hechten aan vast contract in 2022 bij de keuze van een werkgever
Cultuur
Security/defensie/politie
Communicatie/journalistiek
Consultancy
Onderwijs
Engineers
Design

Bron: Intelligence Group

Belang van werkdruk stijgt

In een overspannen arbeidsmarkt waar hoogopgeleid talent schaars is, moeten de universiteiten oppassen, want wetenschappers laten werkdruk steeds meer meewegen bij de keuze voor een nieuwe baan. Van alle doelgroepen op de arbeidsmarkt, weegt werkdruk het zwaarste bij wetenschappers in de keuze van een baan/werkgever. En dit belang is met een stijging van 11%, explosief gegroeid blijkt uit cijfers van Intelligence Group. Misschien dat universiteiten daarom steeds meer uitwijken naar postdoc en afstudeerders uit het buitenland, omdat Nederlanders de werkdruk niet meer accepteren en daarom niet beschikbaar zijn. 

Top 6 beroepsgroepen die het meeste belang hechten aan werkdruk in 2022 bij de keuze van een werkgever
Onderzoek/wetenschap
Cultuur
Paramedische zorg (mens en dier)
Sociale dienstverlening
Onderwijs
Persoonlijke dienstverlening (kappers etc.)

Bron: Intelligence Group

Wetenschappers staan bovenaan in 2022 met 29,7% als het om werkdruk gaat, een dikke stijging van 11% vergeleken met 2020. Andere sterke stijger is sociale dienstverlening.

Direct valt op dat het om allemaal sociale beroepen gaat, waarbij onderwijs tegen wetenschap aanschurkt. Docenten lopen tegen dezelfde problemen aan. Zorgwekkend, gezien het chronisch tekort aan onderwijzers op alle niveaus.

Van kunstenaars is bekend dat ze stelselmatig onderbetaald te veel uren draaien, de toppers in hun vakgebied uitgezonderd.

Top 7 beroepsgroepen die het minste belang hechten aan werkdruk in 2022 bij de keuze van een werkgever
Marketing
Callcenters/klantenservice
Bouw
Regering/overheid
Directie/management
Installateurs
Schoonmaak

Bron: Intelligence Group

Ceo’s, managers en beleidsambtenaren maken zich minder druk vergeleken met andere beroepsgroepen, al stijgt ook bij hen in twee jaar het belang van werkdruk bij het zoeken van een nieuwe baan.

Naast deze leidinggevenden vallen blue collar beroepsgroepen op als bouw, installatie en schoonmaak. Een groot deel werkt hier met nulurencontracten of als zzp’er waardoor er blijkbaar minder ruimte is om je te druk te maken over werkdruk.

Voor alle duidelijkheid, in 2022 variëren de percentages bij werkdruk van 15,7% tot 29,7%. Vooral de stijging is hier belangrijk. Uiteindelijk laat een meerderheid der kandidaten vooral haar keuze bepalen door salaris (tot 61%) en een vast contract (tot 56%).

Good old salaris

Top 7 beroepsgroepen die het meeste belang hechten aan salaris in 2022 bij de keuze van een werkgever
Inkoop
Installatie
ICT
Marketing
Juridisch
Productie
Horeca

Bron: Intelligence Group

De waardering voor een goed salaris is bij kandidaten de afgelopen twee jaar weinig veranderd. Wie veel om pegels geeft bij een nieuwe baan (ICT 58%, marketing 58%, inkoop 61%), doet dat nu nog steeds. De middenmoot, zoals recruiters, blijft op 52% steken.

Weinig verschuivingen in salariswaardering zien we ook bij groepen die misschien minder prioriteit aan salaris geven, zoals mensen die in de gezondheidszorg werken (44%), onderwijs (45%) en cultuur (38%).

Salariswaardering in onderwijs

Misschien dat zij-instromers of toetreders tot de onderwijsberoepsgroep meer waarde aan salaris hechten. Pleiten voor salarisverhogingen om zodoende het lerarentekort en bijbehorend gebrek aan onderwijskwaliteit te verbeteren, zoals Özkan Akyol doet in AD, zou voor die nieuwkomers dan meer effect hebben dan bij de docenten die al aan de slag zijn. Ook een vast contract krijgt niet echt de handen op elkaar van de docenten (24%). Het zal toch echt van de kwaliteit van het werk en de waardering van de rector/schoolmanager moeten komen. En kleinere klassen, voor die verminderde werkdruk.

Daarnaast zal gelden dat beroepen die gebonden zijn aan een CAO (wat feitelijk een gereguleerde prijsafspraak is tussen werkgevers, geautoriseerd door vakbonden en de overheid) weinig vrijheid hebben/voelen om iets met salaris te kunnen doen.

Grappig genoeg maken alleen directie en managers een veranderingsproces door: zij zijn een goed salaris bij een nieuwe werkgever een stuk minder gaan waarderen, de afgelopen twee jaar.

Top 6 beroepsgroepen die het minste belang hechten aan salaris in 2022 bij de keuze van een werkgever
Beleid/overheid
Wetenschap
Onderwijs
Zorg
Paramedische zorg (mens en dier)
Cultuur

 

Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek (AGO)

Het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek (AGO) is een continu onderzoek dat sinds 2003 elk kwartaal wordt afgenomen onder circa 34.500 unieke respondenten die representatief zijn voor de Nederlandse beroepsbevolking. Het betreft actieve baanzoekers.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Demissionair doorwerken aan hervorming van de arbeidsmarkt? ‘Het is alles of niets’

Mag de demissionaire minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) verder werken aan haar arbeidsmarkthervormingen tot er een nieuw kabinet is? En zo ja, met welke plannen? Daarover vergadert de Vaste Kamercommissie SZW dinsdag. Vervolgens wordt 12 september duidelijk welke onderwerpen ‘controversieel zijn’. Dat wil zeggen dat een thema te politiek gevoelig is om demissionair te behandelen.

De minister van SZW was bezig met veel plannen om de arbeidsmarkt te vernieuwen, waaronder een hoop wetswijzigingen rondom flexibel werk. Denk aan nieuwe regels rondom werken met zzp’ers, een arbeidsongeschiktheidsverzekering (aov) voor zelfstandigen en afschaffing van oproep- en nulurencontracten. Bekijk hier een overzicht.

Is demissionair doorgaan met de arbeidsmarkthervormingen verstandig? De meningen zijn verdeeld.

Van Gennip wil door

Minister Karien van Gennip wil zelf graag door met de hervormingen, schrijft ze op Linkedin. Zij en haar ambtenaren hebben ook niet stilgezeten. Twee dagen na de val van het kabinet ging de wet Meer zekerheid flexwerkers in internetconsultatie. Het is de eerste wet uit het hervormingspakket dat Van Gennip in april presenteerde. In dit wetsvoorstel staan nieuwe regels rondom uitzendwerk en de afschaffing van nulurencontracten.

Verder gaat in Den Haag een concept-wetsvoorstel rond over verduidelijking van de regels rondom werken met zzp’ers. Ofwel: de vervanging van de Wet DBA. Zie hieronder. Of dit voorstel in internetconsultatie gaat, hangt af van de uitkomst 12 september.


Conceptwetsvoorstel vervanging Wet DBA
Er ligt een concept wetsvoorstel klaar dat moet verduidelijken wanneer een opdrachtgever een zzp’er mag inhuren. Daarin staan drie criteria voor een arbeidsovereenkomst:
A) werkinhoudelijke aansturing
B) inbedding 
C) werken voor eigen rekening en risico (binnen de opdracht).
Als A en B ontbreken, dan mag een werkgever een zzp’er inhuren. Als sprake is van A of B, dan wordt er naar C gekeken. Is C kleiner dan A+B, dan past bij dit type werk een arbeidsovereenkomst. De werkgever mag dan geen zzp’er inhuren.
Mogelijke bezwaren
De exacte inhoud en weging van de criteria staan niet in de wet, maar in een Algemene Maatregel van Bestuur. Daar heeft de Tweede Kamer minder invloed op en dat kan een reden zijn om dit wetsvoorstel controversieel te verklaren. Een ander belangrijk discussiepunt is de invulling van ondernemerschap (C). In het huidige voorstel is alleen ondernemerschap binnen de opdracht relevant, niet het ondernemerschap van de persoon. Momenteel wordt dit concept voorstel besproken met belangenorganisaties.  

Kaag: ‘Europees herstelfonds in gevaar’

Demissionair minister van Financiën Sigrid Kaag waarschuwt dat als bepaalde arbeidsmarktplannen niet doorgaan, Nederland niet meer voldoet aan de eisen van het Europese corona-herstelfonds. Nederland krijgt in totaal 5,4 miljard euro aan subsidies volgens dit Herstel- en Veerkrachtplan (HVP), als we tenminste bepaalde tussentijdse resultaten halen. Een aov voor zelfstandigen en aanpak van schijnzelfstandigheid zijn twee van die doelen.

Kortom, als de minister niet doorgaat met deze plannen kan dat flinke financiële gevolgen hebben.

Maar belangenbehartigers betwijfelen of doorgaan verstandig is, blijkt uit een inventarisatie van ZiPconomy.nl. Over één ding zijn ze het eens: het is alles of niets.

SER, ABU en FNV Zelfstandigen: ga door met alle plannen 

“Of de arbeidsmarkthervorming wordt volledig voortgezet, of volledig controversieel verklaard”, vat Jurriën Koops samen. Hij is directeur van de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU). “De hervorming van de arbeidsmarkt kan alleen worden doorgezet als het voorgenomen pakket integraal en gelijktijdig wordt doorgevoerd. Wat ons betreft het eerste. Als ABU doen wij een dringend beroep op de Tweede Kamer om het arbeidsmarktpakket niet controversieel te verklaren.”

Ook de Sociaal-Economische Raad (SER) pleit ervoor demissionair door te gaan met de arbeidsmarkthervorming. De Tweede Kamer voorkomt daarmee economische en maatschappelijke schade, schrijft de Raad in een brief aan de Tweede Kamer.

SER-voorzitter Kim Putters benadrukt dat werkgevers, werknemers en het kabinet hard gewerkt hebben aan noodzakelijke wets- en beleidswijzigingen. Die kunnen Nederlanders het perspectief geven dat ze nodig hebben, schrijft hij. “Er zijn verschillende beleids- en wetgevingsinitiatieven die nu geen vertraging dulden maar zorgvuldige voorbereiding en snelle uitvoering eisen.”

De hervormingsplannen voor de arbeidsmarkt zijn voor een belangrijk deel gebaseerd op het SER Middellange Termijn Advies (MLT) uit juni 2021. FNV Zelfstandigen staat achter deze brief, laat manager Gery de Boer weten.

NBBU, RIM, Bovib, VvDN en Werkvereniging: verklaar alles controversieel

Ook de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU) vindt dat het ‘alles of niets’ moet zijn, maar pleit juist voor ‘niets’. “Het huidige demissionaire kabinet moet alle plannen overdragen”, zegt Marco Bastian van de NBBU. “In de komende periode aan ons de taak de wetgevingstrajecten die nu lopen nog eens zorgvuldig te bekijken. De wetgeving moet werkbaar zijn voor werkenden en werkgevers.”

Dat vinden ook de Raad voor Interim Management (RIM), Bovib en de Vereniging van Detacheerders Nederland (VvDN). “Het is belangrijk na te denken over de uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid van de plannen”, zegt Marc Nijhuis, voorzitter van Bovib. “De afgelopen jaren is daar onvoldoende rekening mee gehouden.”

‘Waak voor waterbedeffect’

Stef Witteveen, voorzitter Commissie Wetgeving en Voorlichting VvDN: “Bovendien bestaat de kans dat er waterbedeffecten optreden als het kabinet slechts een deel van de veranderingen doorvoert. Denk aan een nog grotere toename van inzet van zzp’ers als uitzendwetten strenger worden maar zzp-maatregelen uitblijven.”

De Commissie Regulering van Werk (Borstlap) waarschuwde in zijn eindrapport al voor onbedoelde neveneffecten als het kabinet slechts een deel van de markt hervormt. Bij de presentatie benadrukte oud-voorzitter Hans Borstlap dat de voorstellen ‘in samenhang’ gezien moeten worden en dat ‘cherry picking’ uit den boze is. Afgelopen mei concludeerde ook SEO Economisch Onderzoek dat er een risico bestaat op waterbedeffecten. Die zouden meevallen, mits het pakket in samenhang wordt doorgevoerd.

Nieuwe wetten en regels rondom zelfstandig professionals en flexibele arbeid zijn buitengewoon complex, benadrukt Désirée Simons, voorzitter van de RIM. “Dat maakt deze hervormingen geen taak voor een demissionair kabinet, maar een uitdagende opdracht voor een nieuw, stabiel kabinet.”

Werkvereniging: verklaar alle plannen controversieel 

Dat vindt ook de Werkvereniging, belangenplatform voor modern werkenden zoals zzp’ers. “Wat ons betreft moet het hele arbeidsmarktdossier controversieel verklaard worden”, zegt aanjager en oprichter Roos Wouters. “Basiscontracten, certificeringsplicht voor uitzendbureaus, een verplichte aov speciaal voor zelfstandigen… het zijn oplossingen die heel mooi klinken maar in de praktijk juist de mensen met een slechte onderhandelingspositie het hardst raken.”

De Werkvereniging vindt dat de huidige plannen te weinig zijn afgestemd op de wensen en behoeftes van werkenden. Wouters: “Geef alle werkenden toegang tot sociale zekerheden ongeacht de contractvorm, dan krijgen mensen meer mogelijkheden om hun werkzame leven in te richten naar eigen wens en vermogen en wordt het stelsel weer solidair.”

VZN: gebruikt de extra tijd voor betere uitwerkingen

De Vereniging Zelfstandigen Nederland (VZN) is wat minder uitgesproken over het volledige pakket en vooral kritisch op een aantal plannen rondom zelfstandig ondernemers, zoals de aov voor zelfstandigen. Voorzitter Cristel van de Ven ziet de val van het kabinet als kans om meer tijd te nemen voor de uitwerking. Haast maken met de plannen vindt ze dus een slecht idee.

“We lopen kans om weer een vreselijk dure verplichte verzekering te krijgen voor zelfstandigen die niet werkt”, zegt voorzitter Cristel van de Ven. “En ook de opt-out regeling, die zelfstandigen zo belangrijk vinden, is nog niet zeker. Verder is de wet die de kwalificatie van arbeidsrelaties moet verduidelijken nog onvoldoende uitgewerkt. Dat vraagt om meer tijd. Tijd die we nu misschien, door de val van het kabinet, juist hebben.”

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , , | 4s Reacties

Verkiezingsprogramma VVD: meer vrijheid, bescherming en een eigen rechtspositie voor zzp’ers

De VVD wil ‘ruimte geven en grenzen stellen’. Dat is tenminste de titel van het concept-verkiezingsprogramma voor 2023. Ten eerste wil de partij van lijsttrekker Dilan Yesilgöz grip krijgen op migratie, het onderwerp waarover het vorige kabinet is gevallen. Zoals verwacht wil de VVD immigratie stevig beperken.

Minder werkgeverslasten

Traditiegetrouw besteedt de VVD ook veel aandacht aan ondernemerschap en zzp’ers. Volgens de partij hebben ondernemers last van ‘een onmogelijke kluwen aan verwachtingen, verplichtingen en lasten’ en daar wil de partij iets aan doen. Verder moeten ondernemers betere toegang krijgen tot financiering en wil VVD ze helpen hun personeel te stimuleren meer uren te werken, bijvoorbeeld met lagere belasting op werk.

Ook werknemers moeten meer vrijheid krijgen, vindt de VVD. “We willen dat werkenden, in overleg met werkgevers, meer vrijheid krijgen om hun werk en leven in te richten zoals zij dat zelf willen. Daarbij moet meer ruimte zijn voor verzoeken van werkenden voor flexibelere werktijden. Thuiswerken gaan we extra stimuleren.”

Verder wil VVD de werkgeverslasten verlagen zodat ondernemers meer personeel in vaste dienst nemen. Daarnaast wil de partij de loondoorbetalingsregels voor zieke werknemers verder versoepelen en de hoeveelheid bureaucratie te verminderen. “Bovenal moeten ondernemers weten waar ze aan toe zijn.”

Vrijheid en duidelijkheid voor zzp’ers

Daarbij hoort ook helderheid voor zelfstandigen, vindt de VVD. “De meeste zzp’ers kiezen weloverwogen en bewust voor het zelfstandige ondernemerschap en werken voor eigen rekening en risico. De overheid moet hen niet onnodig in de weg zitten.”

De partij erkent dat schijnzelfstandigheid een probleem is en wil daarom de regels verduidelijken ‘waarbij evidente zzp’ers buiten schot blijven’. De VVD wil handhaving richten op risicosectoren en ‘werkt toe naar een aparte rechtsvorm voor zzp’ers, om iedere zelfstandige ondernemer op voorhand duidelijkheid te kunnen bieden’.

De VVD wil al langer zo’n eigen rechtspositie in het Burgerlijk Wetboek voor zzp’ers. Zo hoopt de partij beter onderscheid te maken tussen echte zelfstandigen en schijnzelfstandigen. In de vorige verkiezingsplannen noemde VVD twee minimale eisen voor zzp-schap: zelf beslissen of je een opdracht aanneemt en je eigen tarieven vaststellen.

Eigen rechtspositie: niet nieuw, wel omstreden

Eind 2021 was er flinke steun in de kamer voor zo’n rechtspositie voor zzp’ers. Een motie van Ja21 voor een ‘wettelijke regeling voor zelfstandig ondernemerschap die de rechtspositie van zzp’ers in alle relevante aspecten vastlegt’ is met ruime Kamermeerderheid aangenomen.

Maar CDA was ertegen. CDA-minister Karien van Gennip van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde de wens dan ook naast zich neer. Zo’n aparte positie in het Burgerlijk Wetboek geeft volgens haar ‘niet de gewenste duidelijkheid’. Het was dus geen onderdeel van haar plan om de arbeidsmarkt te hervormen.

Arbeidsongeschiktheid en pensioen

Een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen was wel een plan van Van Gennip. VVD staat daarachter. “Daarom gaan we door met de invoering van de arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen”, staat in het programma. Daarbij vindt de VVD het belangrijk dat zelfstandigen de keuze hebben om zelf een private verzekering af te sluiten.

Tot slot wil de partij dat zelfstandigen meer mogelijkheden krijgen om te sparen voor pensioen. Op dit moment experimenteert het kabinet met manieren om zzp’ers evenveel ruimte te geven om fiscaal voordelig pensioen te sparen als werknemers, bijvoorbeeld door direct bij een fonds pensioen op te bouwen. Als die tests succesvol zijn, wil VVD een permanente regeling opzetten.

Grip op arbeidsmigratie

Rond rond arbeidsmigratie schrijft de VVD: “We moeten kritischer zijn welke arbeidsmigranten (van buiten de EU) onze samenleving wel kan gebruiken en welke niet.” Eisen aan wie als arbeidsmigrant naar Nederland komt moeten worden aangescherpt en terugkeer moet worden gestimuleerd. De VVD wil – in lijn met de aanbevelingen van de Commissie Roemer – door met het aanpakken van malafide uitzendbureaus. De VVD wil dat er een bestuursrechtelijk verbod voor malafide uitzendondernemers komt die herhaaldelijk zijn bestraft.

Lees hier het concept-verkiezingsprogramma van de VVD

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , | Laat een reactie achter

Zelfstandigen betalen premie Zorgverzekeringswet dubbel

Een zelfstandig ondernemer kan zijn premie voor een lijfrente niet in mindering brengen op het inkomen waarover hij premie Zorgverzekeringswet betaald. Als de lijfrente tot uitkering komt betaalt de zelfstandige wederom premie Zorgverzekeringswet over deze uitkering. Voor zelfstandigen is er dus sprake van een dubbele heffing van de bijdrage Zvw.

“Dit is enerzijds discriminatie ten opzichte van werknemers. En tegelijkertijd is het in strijd met de omkeerregel van de Wet loonbelasting, want de latere uitkeringen zijn wel belast”, vindt VZN-voorzitter Cristel van de Ven

VZN roept politieke partijen daarom op om de dubbele heffing voor lijfrentes ongedaan te maken en de lijfrente in aftrek te laten komen voor de grondslag Zvw waarover de bijdrage Zvw wordt geheven. Van de Ven: “We willen in Nederland zoveel mogelijk zelfstandig ondernemers stimuleren om geld opzij te zetten voor hun oude dag. Dan moet je hen niet straffen via dubbele heffingen. Laten we daarom deze kronkel in ons belastingstelsel snel oplossen”.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags | 1 Reactie

BVNL wil terug naar de VAR

Belang van Nederland (BVNL) presenteert als eerste politieke partij een verkiezingsprogramma voor 2023. Daarin presenteert de partij van lijsttrekker Wybren van Haga zich nadrukkelijk als een ondernemerspartij. “BVNL ziet het mkb en zzp’ers als de motor van de Nederlandse economie, omdat zij verantwoordelijk zijn voor 80% van alle banen. BVNL ziet het als de kerntaak van de overheid om de juiste omgeving te scheppen waarin bedrijven in optimale omstandigheden kunnen opereren, produceren en innoveren.”

BVNL omschrijft zichzelf als een economisch rechtse partij die ‘de goede kanten van het barmhartig kapitalisme omarmt’. BVNL is ‘klassiek liberaal’ en wil zich hard maken voor ‘de vrijheid van het individu’. Daarom wil de partij het vestigingsklimaat aanzienlijk verbeteren en vindt de partij dat de overheid zich minder moet bemoeien met ondernemers.

Minder regels en belastingen

In de paragraaf over Economie, Bedrijfsleven en Sociale Zaken komt BVNL met een aantal
concrete voorstellen voor het mkb en zzp’ers. Zo wil de partij lagere belastingen voor ondernemers, minder overheidsbemoeienis, lage energiekosten en soepeler arbeidsrecht.

Minder regels en bureaucratie voor ondernemers zijn prioriteiten voor BVNL. De partij streeft ernaar regelgeving “niet strenger te maken dan het gemiddelde binnen de Europese Unie”. De partij wil minder hoge belastingen, maar daartegenover staan ook minder subsidies voor ondernemers.

Oplossing Wet DBA: terug naar de VAR

Wat betreft zzp’ers wil BVNL de VAR (Verklaring Arbeidsrelatie) opnieuw invoeren. Deze bestond tot 2016. Het was een verklaring waarmee de Belastingdienst beoordeelde of een opdrachtgever verplicht was om loonbelasting en sociale premies te betalen over het werk van een ingehuurde zzp’er. De wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties) verving de VAR, maar die wet bleek onwerkbaar. Er is tot op heden geen oplossing.

Verder wil BVNL dat de overheid geen zzp’ers meer inhuurt met een tarief boven de 100 euro per uur. Op dit moment is het maximumuurtarief voor inhuur 212 euro.

Soepeler ontslagrecht, hoger minimumloon

Voor het mkb wil BVNL het ontslagrecht versoepelen, de verplichte transitievergoeding afschaffen en het maximaal aantal tijdelijke arbeidsovereenkomsten uitbreiden naar drie voor een maximale tijd van drie jaar. Dat wil zeggen dat een werknemer daarna automatisch recht heeft op een vast contract. Nu is dat maximaal twee jaar.

De doorbetaling bij ziekte van een werknemer wil de partij terugbrengen van twee jaar naar zes maanden. BVNL wil ook het oude pensioenstelsel behouden. Het minimumloon en het minimumjeugdloon moeten wat de partij omhoog naar 14 euro, maar de kosten voor werkgevers mogen daarbij nauwelijks stijgen.

Het volledige programma van BVNL is hier te vinden.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , , , , | 2s Reacties

Is ondernemerschap besmettelijk? Wetenschap denkt van wel

Werkt ondernemerschap aanstekelijk? Volgens schrijver en onderzoeker Matt Clancy blijkt uit verschillende onderzoeken dat mensen die in contact staan met ondernemers zelf een grotere kans hebben om ook te gaan ondernemen. In een artikel op de site New Things onder de sun geeft Clancy een overzicht van die onderzoeken.

Wetenschappers in start-ups

Zo is er het onderzoek van Marx en Hsu (2021). Zij vergeleken teams van wetenschappers, waarbij gekeken werd hoe vaak de wetenschappers hun ontdekking commercialiseerden via een start-up en welke factoren hier van invloed op waren. Uit het onderzoek kwam naar voren dat wetenschappers die al eerder een ontdekking gecommercialiseerd hadden, dit vaker nog een keer doen. Maar ook als de wetenschapper heeft samengewerkt met een wetenschapper met een geschiedenis van commercialisering, is de kans groter dat de ontdekking gecommercialiseerd zal worden via een start-up.

Ondernemers onder collega’s

Een ander onderzoek naar de ‘besmettelijkheid’ van ondernemerschap werd gehouden onder werknemers (Nanda en Sørensen, 2010). Ook uit dit onderzoek bleek dat de kans groter is dat mensen van wie de collega’s een geschiedenis van ondernemerschap hebben, zelf ook ondernemer worden. Kritiekpunt bij dit onderzoek is wel dat we alleen weten dat de collega’s op dezelfde vestiging werkten en niet of zij ook daadwerkelijk samenwerkten of andere vormen van interactie hebben gehad.

Ondernemerschap in de buurt

Giannetti en Simonov (2009) onderzochten hoe de mate van ondernemerschap in een bepaalde buurt van invloed is op de beslissing van een individu om ondernemer te worden. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat inwoners een grotere kans hebben om nieuwe ondernemers te worden als er in het voorgaande jaar meer bestaande ondernemers in de buurt waren. Ook hier is niet duidelijk of er ook daadwerkelijk sprake is geweest van interactie tussen de nieuwe en bestaande ondernemer.

Causaal verband

Volgens Clancy is de grote uitdaging om vast te stellen of er sprake is van een causaal verband: dat interactie met ondernemers ervoor zorgt dat mensen eerder ondernemer worden. Het kan ook zijn dat mensen die graag ondernemer willen worden, op zoek gaan naar ondernemers of naar mensen met een geschiedenis in het ondernemerschap. Wetenschappers die hun onderzoek willen commercialiseren, voelen zich misschien aangetrokken tot wetenschappers die dit ooit al hebben gedaan. En mensen die willen ondernemen vestigen zich wellicht in plaatsen met veel ondernemers, zoals aspirant-acteurs vaak naar Hollywood verhuizen. Volgens Clancy is het niet zo dat ondernemerschap besmettelijk is, het is alleen zo dat ondernemerstypen clusteren.

Niet-gekozen relaties

De bevindingen uit bovengenoemde onderzoeken kunnen dus veroorzaakt zijn doordat mensen die de wens hebben om ondernemer te worden, andere ondernemers opzoeken. Er zijn ook onderzoekers die gekeken hebben naar de ‘besmettelijkheid’ van ondernemerschap in situaties waarin mensen niet voor de relatie konden kiezen. Bijvoorbeeld in het geval van familie. Je familie kun je niet kiezen, er is sprake van een relatie waar je niets over te zeggen hebt.

Ondernemerschap in de genen

Lindquist, Sol en Van Praag (2015) constateren dat kinderen van ondernemers op een bepaald moment in hun leven ongeveer 12 procentpunten meer kans hebben om ondernemer te worden dan de kinderen van niet-ondernemers. De vraag rijst dan of het ondernemerschap in de genen zit. Dat blijkt deels het geval. De onderzoekers hebben namelijk ook naar geadopteerde kinderen gekeken. Kinderen die geadopteerd zijn, met een biologische ouder die een ondernemer is, hebben ongeveer 4 procentpunten meer kans om ooit ondernemer te worden dan degenen zonder. Kinderen van wie de adoptieouder ondernemer is, hebben ongeveer 8 procentpunten meer kans om zelf ondernemer te worden. Zowel genen als opvoeding lijken hierbij dus een rol te spelen.

Ondernemer als mentor

Ook bij het onderzoek van Eesley en Wang (2017) hadden de mensen geen inspraak in de beslissing om een relatie aan te gaan met een ondernemer. In dit onderzoek werkten studenten tijdens een universitaire studie in kleine teams met een mentor uit de industrie aan een start-upproject. Een aantal mentoren was ondernemer, anderen niet. Eesley en Wang volgden de studenten twee jaar na hun afstuderen om te zien of ze een kleine start-up hadden opgericht of zich daarbij hadden aangesloten. De studenten die gekoppeld waren aan een ondernemer hadden in 37 procent van de gevallen een start-up opgericht of zich daarbij aangesloten, tegenover 28 procent van degenen die een mentor hadden die geen ondernemer was.

Tegengestelde resultaten

Alle genoemde onderzoeken leveren bewijs voor de stelling dat ondernemerschap besmettelijk is. Maar Clancy noemt in zijn artikel ook een onderzoek dat dit tegenspreekt. Lerner en Malmendier (2013) keken naar bijna 6.000 studenten die in de periode 1997-2004 de Harvard Business School hebben bezocht. Groepen waarvan veel studenten in het verleden al ondernemer waren, zorgden er daarbij niet voor dat meer studenten, die voorheen nog geen ondernemer waren, aangaven na hun afstuderen een bedrijf op te willen richten. Sterker nog, het waren er juist minder. Lerner en Malmendier leveren allerlei bewijzen dat ondernemers die de Harvard Business School volgen, hun collega’s ervan weerhouden bedrijven op te richten die waarschijnlijk geen succes zullen hebben.

Bewust worden van de mogelijkheid

Matt Clancy vermoedt op basis van de genoemde onderzoeken dat ondernemerschap alleen ‘besmettelijk’ is voor degenen die er normaal gesproken niet over nadenken. Als je in de buurt bent van iemand die ondernemer is, plant zich het zaadje in je geest dat dat ook voor jou een optie is, iets dat je echt zou kunnen doen.

Kritische medestudenten

Maar studenten die een MBA behalen aan de Harvard Business School zijn geen typische studenten; misschien wordt deze groep door alumni en docenten wel voortdurend blootgesteld aan het idee om een bedrijf te starten. Dit in de volste overtuiging dat zij het soort mensen zijn dat met succes een bedrijf zou kunnen starten, als ze dat zouden willen. Deze studenten hebben geen behoefte aan de bevestiging dat ook zij in staat zijn om een onderneming te starten. Wat in plaats daarvan de grootste impact op hen heeft, is een betrouwbare medestudent, die hen vertelt dat hun idee eigenlijk geen kans van slagen heeft.

Dit artikel is een vertaling van ‘Entrepreneurship is contagious‘. 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter