Maandelijkse archieven: mei 2016

Kunnen we veiligheid (Politie) crowdsourcen?

ARNHEM-AGENTEN-PAARDEN-ACHTERKANT

Tijdens mijn leesweek las ik verschillende boeken, allemaal met een blik op de toekomst. Nooit Af (Aslander/Witteveen), Metamorfose (De Ridder) en het einde van het midden (Tabarki) hebben een brede maatschappelijke oriëntatie naar de toekomst. Suits & Hoodies (Schevernels) en Exponentiële organisaties (Ismael & Van Geest) een bedrijfsmatige blik.

Veel kansen liggen in de mogelijkheden om samen iets te doen. Om samen een bedrijf te bouwen. Of gebruik te maken van de infrastructuur die er al is. Met name in Exponentiële organisaties waren er veel voorbeelden van het gebruik van bestaande middelen (mobiele telefoons) voor verschillende doeleinden zoals file bepaling en zo. Een gedachten experiment leidde mij tot de vraag: kunnen we iets als veiligheid crowdsourcen. De eerste gedachte is natuurlijk: dat moet je niet willen… maar ik ga voorbij aan die eerste gedachte…

(meer…)

Geplaatst in Column, Toekomst visie | Laat een reactie achter

Inzet zelfstandigen bij tijdelijke vervanging blijft mogelijk onder Wet DBA.

Opdrachtgevers kunnen onder de Wet DBA zelfstandigen blijven inhuren voor het tijdelijk vervangen van een werknemer. Dat schrijft staatssecretaris Wiebes in antwoord op Kamervragen van D66 Kamerlid Steven van Weyenberg over welke criteria de Belastingdienst hanteert rond (schijn)zelfstandigheid (zie hier). Zodra de voorwaarden en omstandigheden verschillen ten opzichte van degene die vervangen wordt, is het inzet van een zelfstandige volgens Wiebes mogelijk.

Van Weyenberg stelde zijn vragen naar aanleiding van dit artikel op ZiPconomy. In dat artikel werd geconstateerd dat de Belastingdienst andere criteria lijkt te hanteren rond zelfstandigheid dan wat de Staatssecretaris in zijn Kamerdebatten naar voren bracht. Zo suggereerde de Belastingdienst in haar webinars over de Wet DBA dat een tijdelijke vervanging van een medewerker door een zelfstandigen niet mogelijk is. Met name het ogenschijnlijk automatisme waarmee de Belastingdienst een vervanging als een dienstbetrekking beoordeelt, was opvallend. Dat was aanleiding voor het artikel op ZiPconomy en de aansluitende vragen van Van Weyenberg.

Niet inhoud werk, maar omstandigheden bepalend

De staatssecretaris is duidelijk. Tijdelijke vervanging van een medewerker in loondienst (bijvoorbeeld bij ziekte, zwangerschap of verlof) door een zelfstandige blijft mogelijk. “Opdrachtgevers kunnen vanzelfsprekend zelfstandigen inhuren voor bijvoorbeeld de tijdelijke vervanging van een werknemer. Dit kon al onder het regime van de VAR en dat kan ook onder de Wet DBA. Een arbeidsrelatie, ook een tijdelijke ter vervanging van iemand die in loondienst is, wordt op zijn eigen fiscale merites beoordeeld”, zo schrijft hij.

Wiebes gaat verder met een even opvallende als duidelijke uitspraak: “De beoordeling of er geen dienstbetrekking aanwezig is staat los van het gegeven of het gaat om tijdelijke, structurele of variabele werkzaamheden”. De suggestie die wel wordt gemaakt dat zelfstandigen inzetten op structurele werkzaamheden binnen een organisatie lastig wordt, lijkt hiermee van tafel

Het gaat uiteindelijk, zo zegt Wiebes, om de feitelijke omstandigheden. “Indien een invaller hetzelfde werk doet op dezelfde wijze en onder dezelfde voorwaarden en omstandigheden als degene in loondienst die wordt vervangen, dan is er sprake van een dienstbetrekking. (…). Als de invaller hetzelfde werk doet, maar de voorwaarden en omstandigheden verschillen ten opzichte van degene die in dienstbetrekking werkte, dan kan de invaller wel degelijk buiten dienstbetrekking werken.”

Een verdere invulling van ‘voorwaarden en omstandigheden’ laat hij verder open. Die voorwaarden zijn met een tarief als snel anders. Denk bij omstandigheden met name aan ‘gezag’ of ‘vrije vervanging’. Zo maar een zelfstandige inzetten op een tijdelijke open plek in de organisatie zonder nadere opdrachtomschrijving (die anders is dan de functiebeschrijving) en zonder afspraken te maken dat de zelfstandige de opdracht naar ‘eigen inzicht’ mag invullen of zichzelf mag laten vervangen, is onverstandig. Maar los daarvan, geeft dit antwoord weer wat meer bewegingsruimte.

ZiPbanner_infoWetDBA_liggend

Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Politiek | Tags | Laat een reactie achter

Twee nieuwe jobboards: Broadcast Media Community & Dental Crew

Ik hoor u al denken. Wat hebben deze 2 nieuwe jobboards met elkaar te maken? De ene richt zich op een ongetwijfeld grote groep van zzp’ers die in de mediawereld werkzaam zijn. BMC zelf noemt het alleen maar ‘Werk voor televisieprogramma’s’ met RTL als voorbeeld. Maar of dan ook mensen uit de theater- of radiowereld welkom zijn, daar laat de site zich niet over uit. Dental Crew heeft het over werk voor ‘Mondzorgprofessionals’. Uit een paar voorbeelden blijkt dat het onder andere om tandartsen en mondhygiënisten kan gaan.

De overeenkomst is dat beide platformen nieuw zijn en beide worden beheerd door twee samenwerkende bedrijven: Ibase en FC Klap.

Nichespelers voor vast en flex

Beide bedrijven hebben kennelijk gaten in de markt gezien die door bestaande jobboards en portals nog niet worden bediend. Bij BMC moest ik terugdenken aan het vorig jaar ter ziele gegane Sanoma-platform ‘Hubly‘ dat zich richtte op ‘creatieven en communicatiemedewerkers’.

Interessant is dat op beide platformen de vaak op ZiPconomy besproken kloof tussen vast en flex niet bestaat. Inschrijving staat uitdrukkelijk open voor zzp’ers, payrollers, tijdelijke arbeidskrachten en werknemers op zoek naar een vaste baan.

Het is natuurlijk wel afwachten in welke mate deze platformen ook daadwerkelijk voor al deze categorieën interessant zijn. Maar het mooie is, dat iedereen tot 1 oktober 2016  (BMC) of eind 2016 (Dental Crew) geheel gratis zijn profiel kan aanmaken. Na de registratie moet je afwachten of je ooit wordt gevonden door een opdrachtgever of werkgever. Want dat is de werkwijze op beide platformen. Je maakt je eigen profiel, beschrijft jezelf van je beste kant en dan is het afwachten of je interessant wordt gevonden. Er worden geen projecten of vacatures geplaatst, opdrachtgevers dingen niet naar je hand. Zij zoeken in de database en benaderen jou alleen als ze jouw profiel interessant vinden.

Na de gratis periode wordt er ongetwijfeld gewerkt met abonnementsvormen, maar hierover is alleen bij Dental Crew te lezen dat zzp’ers vanaf 2017 € 120 per jaar moeten gaan betalen. Andere inkomstenbronnen komen van de partners van beide bedrijven die bijvoorbeeld hun advertenties laten zien op het platform of die je in een nieuwsbrief ziet.

Alleen bemiddeling

Aangezien ik geen enkele ervaring heb met de arbeidsmarkt van mondzorgprofessionals, heb ik mij alleen op BMC even snel geregistreerd en dat was geen grote opgave.

In de algemene voorwaarden lees ik geen gekke dingen, die ik op soortgelijke platformen niet tegenkom. Dit soort voorwaarden blijft altijd eenzijdig opgesteld, als er iets fout gaat, dan is de andere partij in principe nergens voor verantwoordelijk en nooit aansprakelijk.

Wat verder is geïntegreerd met beide platformen, is de tool Qlinx. Qlinx is een app om snel je beschikbaarheid door te geven. En beide platformen geven aan veel mogelijkheden te zien voor snelle vervanging en dan moet een opdracht-/werkgever snel kunnen filteren wie er snel beschikbaar is.

Wat mij opvalt is dat beide platformbeheerders zich niet met de contracten bemoeien die tot stand komen via het platform. Alleen payrolling is wel mogelijk via Dental Crew. Maar een arbeidsovereenkomst of modelovereenkomst vanwege de wet DBA, dat moeten partijen zelf regelen. Ofwel, beiden willen dus geen broker zijn. Of dat voor opdrachtgevers voldoende toegevoegde waarde zal zijn om gebruik te gaan maken van deze platformen zullen we moeten afwachten.

Al met al zijn het interessante nieuwkomers op de toch overvolle markt van jobboards en recruitment- en inhuurplatformen. Erg nieuw nog, dus afwachten of beide succesvol worden. Maar voor professionals in deze niches kan het voorlopig geen kwaad om je in te schrijven. Dan kan je bepalen of het abonnementsgeld wat je in de toekomst moet gaan betalen, je het waard is. Ik hoor graag jullie ervaringen!

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags | Laat een reactie achter

Wet DBA en aangifte IB. Haastige spoed is goed voor zp’er én opdrachtgever.

Met het afschaffen van de Verklaring Arbeidsrelaties (VAR) verandert de positie van de opdrachtgever als inhuurder van tijdelijke arbeidskrachten. Onder de VAR was het voldoende om zelfstandigen te vragen om een kopie van hun VAR-WUO of VAR-DGA en identiteitsbewijs. Zo voorkwam een naheffing van loonheffingen, mocht later toch blijken dat feitelijk sprake was van een dienstbetrekking.

Nu wordt dat anders. De opdrachtgever zal zelf moeten beoordelen of sprake is van een dienstverband bij de inhuur van tijdelijke arbeidskrachten. Als de conclusie ‘nee’ luidt, kan via een modelovereenkomst worden gewerkt. Het is wel van belang om ook vast te stellen dat geen sprake is van een zogenaamde fictieve dienstbetrekking en het risico hierop uit te sluiten, voor zover dat mogelijk is.

Snelle aangifte is minder risico

De opdrachtgever zal zijn risico’s bij inhuur willen beperken. Hij wil voorkomen dat er later naheffingen loonheffingen op hem worden verhaald, omdat de Belastingdienst achteraf toch een loondienstbetrekking constateert. De zp’er kan als opdrachtnemer dit risico ook beperken voor de opdrachtgever.

Als een zp’er aan het einde van het boekjaar zo snel mogelijk zijn aangifte inkomstenbelasting in orde maakt, zal er in veel gevallen spoedig een definitieve aanslag inkomstenbelasting worden opgelegd. Als de aanslag definitief is, kan de Belastingdienst de verschuldigde loonbelasting niet meer op de werkgever verhalen als toch sprake blijkt te zijn van een dienstbetrekking. Het inkomen is dan al in de belastingheffing betrokken bij de zp’er en de aanslag is daar definitief vastgesteld.

De Belastingdienst zal de premies voor werknemersverzekeringen vermoedelijk nog wel kunnen verhalen op de opdrachtgever. Dat de loonbelasting (eventueel tegen anoniementarief), inclusief mogelijke boetes en rente, niet meer op de werkgever kan worden verhaald, scheelt al een slok op een borrel.

Geen uitstel meer aanvragen

Verder is het van belang dat de zp’er niet verzoekt om zijn aangifte in een uitstelregeling te laten opnemen. Als de aangifte in de uitstelregeling voor belastingconsulenten wordt opgenomen, wordt de termijn om nog correctieaanslagen op te kunnen leggen met een jaar verlengd van vijf naar zes jaar.

Het is ook de vraag of de Belastingdienst de aangifte van de zp’er kan corrigeren als de aanslag al definitief is. Vermoedelijk zal dan sprake moeten zijn van een nieuw feit, er vanuit gaande dat de zp’er zijn inkomen terecht heeft aangegeven als winst uit onderneming.

Zowel de opdrachtnemer als de opdrachtgever heeft er kortom belang bij dat na het jaareinde niet te lang getreuzeld wordt met het indienen van de aangifte inkomstenbelasting, waarin de winst uit onderneming is verantwoord.

ZiPbanner_infoWetDBA_liggend

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags | 7s Reacties

Gedachte: een nieuw auteursrecht

schrijvenHet Nederlands auteursrecht kent zijn basis in 1912. Dat is inmiddels dus meer dan 100 jaar geleden. De wet is wel verschillende keren aangepast, maar niet grondig herzien en volgens velen niet meer van deze tijd. Als auteur (van vier boeken en vele, vele artikelen) heb ik hier natuurlijk mee te maken. Aan de ene kant wil ik zoveel mogelijk waarde voor mijn creativiteit en activiteit, aan de andere kant zie ik meer dan ooit hoe onhoudbaar deze regels zijn in het digitale tijdperk.

Tijdens mijn leesweek las ik verschillende boeken, allemaal met een blik op de toekomst. Nooit Af (Aslander/Witteveen), Metamorfose (De Ridder) en het einde van het midden (Tabarki) hebben een brede maatschappelijke oriëntatie naar de toekomst. Suits & Hoodies (Schevernels) en Exponentiële organisaties (Ismael & Van Geest) een bedrijfsmatige blik. Al deze boeken inspireerde mij om te filosoferen over een nieuw model voor auteursrechten. Een voorzet.

(meer…)

Geplaatst in Column, Toekomst visie | Laat een reactie achter

Frauderende interim-managers bij SNS. Topje van de ijsberg in de interimbranche?

Vandaag doet de rechtbank in Utrecht uitspraak tegen een groep interim-managers in de SNS fraudezaak.  Kern van de zaak: interim-managers ontvingen een leadfee van andere interimmers die ze zelf inhuurde.

Fraude, zegt het OM. Een gebruikelijke praktijk in de interim-branche, zegt de verdediging.

Ik ben benieuwd welke conclusie de rechter trekt. Hebben die advocaten van Buck Groenhof c.s. een punt? Is het onderling verrekenen van leadfee’s inderdaad niet heel gebruikelijk? En waar ligt de morele grens?

De SNS zaak

Even het geheugen opfrissen. Voor wie alle achtergronden en geschiedenis wil lezen: het FD heeft een chronologisch ‘SNS-fraudeblog’ over deze zaak. Al heeft de FD-journalist het steevast over SNS-bankiers. Terwijl het in de kern juist om interim-managers gaat, die niet in dienst waren. En de fraude had ook niets te maken met de dienstverlening of producten van SNS.

Wat dan wel?  Kort door de bocht: Buck Groenhof (hij vindt het geen bezwaar wanneer hij met naam en toenaam genoemd wordt) werd aangesteld als interim-manager om de vastgoedbank SNS Property Finance te reorganiseren. Hij kreeg de opdracht via het bureau Boer & Croon. Een forse klus die hij, naar ik begrijp, inhoudelijk prima gedaan heeft. Maar hij kon het niet alleen. Met toestemming van zijn opdrachtgever stelde hij een team van interim-managers samen en hij mocht ook zijn eigen interim-secretaresse meenemen.

En nu begint het. Groenhof ontving van de interimmers die hij zelf inhuurde een percentage van hun omzet. Als kickback-fee, vermomd als ‘advies en begeleiding’ (die feitelijk niet plaats vond) en via een BV in Tsjechië die weer op iemand anders naam stond.  Zo’n dertig procent van het tarief. Ook bij tussentijdse tariefsverhogingen ging een flink percentage naar hem. Wat Boer & Croon kan, dat kan ik ook, zal hij gedacht hebben. Zijn opdrachtgevers bij SNS wisten van niets.

Het ging om een flink aantal interimmers (en die staan nu allemaal mede voor het gerecht, sommigen zijn al eerder veroordeeld), met forse tarieven (tot 325 euro per uur, de interim secretaresse werd ingehuurd voor een tarief van 187,50 euro, waarvan zo’n 50 euro naar Groenhof ging) en over een lange periode. Dat leverde Groenhof c.s. in totaal 2,3 miljoen aan extra vergoedingen op. Voor alle duidelijkheid: bovenop zijn eigen interim-tarief.

Topje van de ijsberg

De rechtbank doet vandaag uitspraak. Ik vermoed dat de  verdedigingslinie van “elkaar een leadfee geven is gebruikelijk in de interim wereld” niet zo veel indruk zal maken.

Maar laten we als interim-branche eens eerlijk kijken. Goed, deze omvang is (denk ik) ongekend. Dan het principe van het geven en ontvangen van een lead-fee. Hoe gaan we daar mee om? En waar ligt de grens?

Interim-managers worden regelmatig benaderd voor een opdracht, terwijl ze zelf geen tijd hebben. Wanneer ze dan iemand anders introduceren en die krijgt de opdracht, dan is het common practice onder interimmers om hier onderling een financiële afspraak over te maken. 5 of 10% van de omzet is niet ongebruikelijk, maar hoger zal vast ook wel voorkomen. Een te rechtvaardige leadfee als redelijke vergoeding voor een blijkbaar goed onderhouden commercieel netwerk, zo vinden velen.

Een fee ontvangen van een bemiddelingsbureau omdat je daar een potentiele opdracht meldt is als even gebruikelijk. Tipgeld.

Is daar moreel iets mis mee? Zegt u het maar.

Waar ligt de grens?

Zelf heb ik nog nooit een leadfee met een interimmer verrekend. Maar twee jaar geleden heb ik nog wel zeer smakelijk (en zonder bezwaar) zitten eten in een twee sterrenrestaurant dat ik als bedankje van een interimmer kreeg wiens CV ik bij mijn toenmalige opdrachtgever op het bureau had gelegd.

Eigenlijk is zo’n situatie weer een stapje verder op de morele meetlat. Ik deed een opdracht binnen de organisatie waar dit speelde.

Interimmers die wat toegeschoven krijgen – vaak van bureaus – als ze hun ogen en oren openhouden bij hun opdrachtgever voor mogelijke nieuwe opdrachten. Met name de grotere IT en financiële detacheerders zijn er groot mee geworden. (In die zin zal Boer & Croon ook wel wat vinden van ‘hun ‘ interim-manager Groenhof die alles buiten hen om regelde).  Passeer je hiermee een morele grens om daar tipgeld voor te krijgen? Opdrachtgevers weten hier vaak van niets van.

Weer een stap verder:  je huurt als interimmer zelf nieuwe mensen in. Je bent de opdrachtgever én je neemt het besluit wie het wordt. In die situatie zat Buck Groenhof en hij regelde het allemaal zelf.

Ook hier kan je je afvragen hoe ongebruikelijk het is. Uit de wandelgangen ken ik meerdere vergelijkbare casussen, zeker in de IT wereld, waar interimmers bureautje gingen spelen. Onder het mom van ‘wat het bureau kan, kan ik ook en het kost de organisatie niets extra’. In ook in deze situatie worden leadfees gegevens als het via een bureau gaat.

In de tijd dat ik zelf bij een bureau werkte en interim professionals leverde aan een andere interimmer werd ik meer dan eens verwachtingsvol aangekeken wanneer ik de leadfee ter sprake zou brengen. Die ging immers van de bureaumarge af, dus financieel schoot de opdrachtgever er niets bij in. Zo ook bij SNS. Had Groenhof de opdrachten naar Boer & Croon doorgeschoven, dan was diezelfde marge naar dat bureau gegaan (en had hij – zonder dat er een haan naar kraaide – een leadfee gekregen). Feitelijk was SNS niet duurder uit.

Uw oordeel  

Het oordeel, vast ook onder interim-managers, over de praktijken van  Groenhof zal snel geveld zijn.  Schuldig. Vooral door de omvang. Terwijl het eigenlijk over het principe zou moeten gaan.

Dus ik ben nieuwsgierig. Waar leggen we als interim-branche, zowel zelfstandigen als bureaus, de grens van wat hierin kan en wat niet kan.

Ik ben benieuwd naar uw reacties.

(Voor updates omtrent de uitspraak, zie reactie onder bericht) 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags | 6s Reacties