Waarom onderhandelingsvaardigheden cruciaal zijn bij het opzetten van zakelijke partnerships Geplaatst 19 februari 2016 door Jeanette de Haas “Ik werk liever alleen” vertelt mijn salesmaatje mij. “Dan kan ik tenminste zelf bepalen hoe ik werk en wat ik eraan overhoud.” We bellen elkaar wekelijks om elkaar te motiveren salesacties te ondernemen en bespreken dan meteen van alles wat er zich zoal voordoet in ons bedrijf. Mijn salesmaatje heeft slechte ervaringen met samenwerken met andere zelfstandigen. Zij bouwt websites en geeft daar ook trainingen in: Hoe bouw je je website in WordPress? Samen met een marketing expert ontwikkelde ze een training – waarbij de marketing dame de deelnemers leerde wat er inhoudelijk allemaal op de website moest komen – en mijn salesmaatje hoe je die website zelf kon bouwen in WordPress. Leuk concept Klinkt goed. Leuk concept. Samen wierven ze deelnemers en gaven de training. Maar het werd uiteindelijk een slechte ervaring. Waarom? Nadat ze de training een keer samen hadden gegeven besloot de marketing dame dat zij het WordPress gedeelte van de training zelf wel kon geven – het materiaal had ze inmiddels in handen. Dit komt heel veel voor bij zakelijke partnership: de ander gaat er met jouw ideeën – en werk – vandoor. Zo kost samenwerken veel tijd en energie, maar levert geen geld op. Alleen maar frustratie. En dan wil je inderdaad liever alleen werken: geen gedoe, en je kunt alles zelf in de hand houden. Samen kun je meer dan alleen Toch is het doodzonde om geen samenwerking met andere ondernemers aan te gaan. Samen kun je vaak meer dan alleen. En het kan heel leuk zijn. Je kunt van elkaar leren en elkaars zwakke punten compenseren. Als het goed loopt, dan is het fijn om ook samen met een ander iets te ontwikkelen. Bovendien krijg je de mogelijkheid om te groeien doordat je een grotere doelgroep kunt bedienen. En je kunt een compleet aanbod doen aan je klanten. Waarom gaat het dan toch zo vaak mis in zakelijke partnerships? Samenwerken tussen ondernemers gaat vaak mis, doordat de partners vooraf onvoldoende nadenken over de verschillende belangen die zij hebben. Ze stappen in een samenwerking, omdat ze het leuk vinden – met een vaag idee wat het gaat opleveren. Ze maken geen zakelijke afspraken, maar gaan ervan uit dat de ander blind te vertrouwen is en er net zo over denkt als zijzelf. Veel samenwerkingen gaan niet mis door opzet van een van de partijen, maar doordat doelen, belangen e.d. helemaal niet worden uitgesproken. En dan liggen misverstanden en onbegrip op de loer. Hoe zet je een zakelijk partnership dan wel op? Beschouw het aangaan van een samenwerking als een onderhandeling. Bij een onderhandeling gaat het per slot van rekening om het maken van afspraken over tegenstrijdige belangen. Dat betekent: Benader de samenwerking strategisch. Denk goed na over de win-win. Hoe zorg je ervoor dat je er beiden profijt van hebt? Maar kijk ook naar de risico’s. Wat kan er mis gaan? Wees ook eens even wantrouwig. Vertrouwen moet de ander verdienen. (Jij natuurlijk ook.) Hoe kan je de beren op de weg tackelen? Onderhandel vooraf over de manier waarop jullie gaan samenwerken en hoe je de samenwerking weer kan beëindigen. Dat geeft duidelijkheid en rust – en een kader waarop je elkaar kunt aanspreken. Op naar mooie zakelijke samenwerkingsverbanden! Hoe is dat voor jou? Werk jij liever alleen? Of werk jij graag met zakenpartners? Ik lees je ervaringen graag hieronder! Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags acquisitie, onderhandelen, ondernemerschap | Laat een reactie achter
Raakt de Wet DBA ook de markt voor interim managers? Geplaatst 18 februari 2016 door Hugo-Jan Ruts De belangrijkste aanleiding voor de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA) is het tegen kunnen gaan van schijnzelfstandigheid en schrijnende toestanden aan de randen van de flexmarkt. Daar is, behalve een paar louche bemiddelaars en opdrachtgevers, niemand op tegen. Een niet geringe angst is dat de Wet DBA effect zal hebben op de gehele markt voor zelfstandige professionals. Ondanks toezeggingen van Staatssecretaris Wiebes dat zelfstandigen aan de bovenkant van de markt niet geraakt zullen worden door de Wet DBA. De wet moet nog van kracht worden, de markt reageert al wel. Gaat de Wet DBA de markt voor interim managers beïnvloeden? We vroegen het aan Hans Bos van AIM4 – een netwerkorganisatie met een kleine 400 aangesloten interim managers – en Arjen Jaarsma van DeRoo, die namens de Raad voor Interim Management (RIM) – de brancheorganisatie voor de Interim Management Bureaus – de Wet DBA volgt. Tijdelijke onzekerheid? Jaarsma merkt dat veel opdrachtgevers huiverig reageren op de nieuwe wet. “Men voelt zich onzeker en heeft soms de neiging om helemaal niet meer met zelfstandigen te willen werken of om die bij een tussenpartij onder te brengen. Dit met als risico dat de schakels langer gaan worden dan nu het geval is en zelfstandigen mogelijk minder per uur gaan ontvangen.” Ook Bos ziet de onzekerheid toenemen, zowel bij opdrachtgevers als zelfstandigen. “Iedereen probeert zichzelf zo goed mogelijk in te dekken en er worden weer honderden nieuwe ‘papieren tijgers’ gecreëerd (modelovereenkomsten). Maar uiteindelijk blijft de fiscus, als die überhaupt al controleert, toch naar de feitelijke situatie kijken, net als bij de VAR. Dus eigenlijk is het een beetje oude wijn in nieuwe zakken, met hier en daar wat accentverschuivingen. Het zal ongetwijfeld tot een tijdelijke (kleine) dip in de markt leiden, maar nadat het stof is neergedaald, zal alles gewoon weer z’n gangetje gaan.” Bos ziet een parallel met 2006 toen op aandringen van de politiek de VAR werd aangescherpt. “Er ontstond flink wat onzekerheid in de markt, iedereen hield z’n adem in, maar in de praktijk veranderde er uiteindelijk eigenlijk niks.” Wet DBA: schieten met hagel Blij zijn Bos en Jaarsma niet met de Wet DBA. Jaarsma: “Deze nieuwe wet maakt de situatie onnodig complex en onduidelijk. Het lijkt erop dat de politiek bewust of onbewust de situatie voor senior interim professionals moeilijker maakt. Ook zijn er in de Volkskrant de afgelopen weken artikelen verschenen waarvan je je afvraagt hoe het kan dat feiten en onzin zo vermengd worden, maar het effect is dat werkgevers/ opdrachtgevers nerveus worden en zelfstandigen worden neergezet als profiteurs.” Maar in de regel zijn senior interim professionals hardwerkende en gemotiveerde ondernemers die zelf zorgen voor hun eigen zekerheden en bewust geen beroep willen doen op collectieve regelingen. We begrijpen dat schijnzelfstandigheid aangepakt moet worden, maar we zijn van mening dat in onze doelgroep dit probleem niet of nauwelijks speelt. Hooguit komt het voor dat sommigen wat langer voor één opdrachtgever werken. Overigens zijn we van mening dat de overheid zelf de belangrijkste veroorzaker is van de gesignaleerde problemen aan de onderkant van de markt. Het is een gevolg van de veelheid aan overheidsmaatregelen en het in Nederland enorm grote financiële werkgeversrisico bij langdurige arbeidsongeschiktheid. Vooral voor kleine werkgevers is dit soms onoverkomelijk.” Hans Bos vindt de wet- en regelgeving rond zzp’ers een rare gedoogconstructie. “Je kunt het een beetje vergelijken met het beleid rondom softdrugs. De overheid wil het eigenlijk niet, het is er toch en het gaat ook niet meer weg, dus dan ga je het maar proberen te ‘kanaliseren’ met wet- en regelgeving die soms op het kolderieke af is en leidt tot schrikbarende bureaucratie en onduidelijkheid en onzekerheid in de markt. Het groeiend onbehagen binnen de politiek wordt veroorzaakt door het misbruik van de ZZP-constructie aan de onderkant van de markt. Maar in plaats van dat gericht aan te pakken, wordt er met grove hagel geschoten en een nieuwe gedoogconstructie opgetuigd met nog meer bureaucratie.” Modelovereenkomsten voor interim managers? Wiebes heeft aangegeven dat de ‘bovenkant van de markt’ vaak ‘evident ondernemer’ is en dus zonder modelovereenkomst zou kunnen werken. Toch lijken zowel de RIM-bureaus als AIM4 met een modelovereenkomst te gaan werken. Mogelijk met een specifieke overeenkomst voor interim managers, het zogenaamde tussenkomstmodel. Jaarsma: “Als RIM-bureaus hebben we gekeken naar de tot nu toe door de belastingdienst gepubliceerde voorbeeldovereenkomsten, met name die voor het tussenkomstmodel. We onderzoeken of deze past als model voor de meest voorkomende interim opdrachten. Mogelijk dat we nog met de fiscus gaan afstemmen hierover. Vervolgens moeten we een goede aansluiting maken met de overeenkomsten die wij hebben met de opdrachtgevers.”” “Wij hebben bewust gewacht met actie ondernemen tot de wet er definitief door was. Scheelt een hoop tijd en gespeculeer… En zelfs nu blijken er nog veel onduidelijkheden te zijn”, reageert Bos. “Vanuit onze opdrachtgevers hebben we nog niet veel reacties of vragen gehad, dus de problematiek lijkt nog niet echt breed te leven. Binnenkort zitten we met onze advocaat om de tafel om alles door te nemen. Als vertrekpunt gebruiken we de modelovereenkomst voor bemiddelaars zoals die nu via de belastingdienst beschikbaar is, maar ik sluit niet uit dat we uiteindelijk een eigen versie ter goedkeuring gaan voorleggen.” “Omdat wij een netwerkorganisatie zijn en eigenlijk twee klanten hebben – onze opdrachtgevers én onze netwerkleden – streven wij ernaar om een uitgebalanceerde overeenkomst te ontwikkelen, die zoveel mogelijk recht doet aan de belangen van alle partijen. De meeste bureaus zullen ernaar streven risico’s zoveel mogelijk elders te leggen, maar wij zullen daar waarschijnlijk toch wat anders naar kijken en de juiste balans proberen te vinden.” Actualiteiten rond de Wet DBA kunt u volgen en teruglezen in dit ZiP-dossier, met daarin onder andere een uitvoerige Whitepaper: 12 punten die elke zelfstandige, opdrachtgever en bemiddelaar moet weten over de Wet DBA. Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags interim management, wet deregulering beoordeling arbeidsrelatiies | 4s Reacties
Wil de echte interim professional opstaan? Geplaatst 17 februari 2016 door BLMC ‘Interim management is een vak,’ aldus Tijmen Muijs, winnaar van de Interim Challenge 2016. ‘Dat is niet iets dat je tussen twee banen of na je pensioen nog even doet. Een echte interim professional krijgt energie van onverwachte wendingen en weet hoe hij veranderingen in gang zet.’ Een visie op interim management als kans voor verbetering. Parachutespringen in formatie is een inspiratiebron voor Tijmen Muijs, die met zijn kalme voorkomen niet de indruk wekt een adrenalinejunkie te zijn. ‘Het is dan ook een hele beheerste sport,’ vertelt hij. ‘Je weet dat het goed komt, je hebt alles duizend keer geoefend en vele sprongen gemaakt. Je hebt routine en honderden uren ervaring. Juist daarom weet je ook dat er altijd iets kan gebeuren dat je niet verwacht. Daarin ligt een sterke parallel met interim management.’ Wat is de belangrijkste taak van een interim manager? ‘Als interim professional kom je meestal ergens binnen waar de situatie al een tijdje op scherp staat. Ik heb inmiddels genoeg ervaring om snel te doorgronden wat er aan de hand is, tegelijkertijd ben ik altijd voorbereid op verrassingen. Geen situatie is immers hetzelfde. Het idee dat we vooral trouble shooters zijn die een verbandje aanleggen en dan weer vertrekken is onterecht en achterhaald. De belangrijkste professionele vaardigheid van een interim professional is dat je waarde toevoegt op de tijd en plaats dat het nodig is, met het langetermijnbelang van de organisatie als uitgangspunt.’ In welke situaties voegt een interim manager de meeste waarde toe? ‘Elke organisatie kent momenten van instabiliteit. De zittende leiding moet dan alle zeilen bijzetten om de organisatie draaiend te houden. Niet echt een positie om rustig naar structurele langetermijnoplossingen te kijken. Bovendien kan er sprake zijn van een bepaalde mate van bedrijfsblindheid; het is altijd moeilijk een situatie objectief te beoordelen als je er zelf middenin zit. Verstandige leiders schromen niet om dan deskundige hulp van buitenaf in te roepen en grijpen die gelegenheid juist aan om een sprong in de ontwikkeling te veroorzaken. Het is verstandig daarbij een interim professional in te schakelen die net een tandje zwaarder is dan je denkt nodig te hebben.’ Hoe krijg je als interim professional voldoende autoriteit? ‘De positie van een interim manager is schizofreen: je moet je in de organisatie bewegen als deel van het team, waarbij je draagvlak creëert bij zowel directie als medewerkers. Daarbij heb je gevoel nodig voor de cultuur en de politiek van het bedrijf. Tegelijkertijd wil je voldoende afstand bewaren om de situatie objectief te overzien en aan te sturen. De neutraliteit van de interim manager is een van zijn belangrijkste krachten. Het is belangrijk die te bewaken en optimaal te benutten. Ik zorg er altijd voor dat ik bij het begin van een project de directie meer lucht geef door ze zoveel mogelijk los te koppelen van de lijnorganisatie. Via een stuurgroep houdt de directie wel de sturing, maar op hoofdlijnen. Dit is soms wat onwennig maar betekent meestal een enorme bevrijding en ontspanning voor de directie waardoor die beter in staat wordt gesteld om op de langetermijndoelen te focussen. Als interim manager fungeer je daarbij als klankbord en coach, vaak als uitgesproken deel van de opdracht.’ Hoe ga je om met weerstand? ‘In elk verbetertraject onderscheid ik drie elementen: strategie, middelen en mensen. Die laatste is het meest kritisch. Je moet aanvoelen wat er leeft in de organisatie en dat zowel op individueel als groepsniveau adresseren. Ik kies er daarbij voor om me te concentreren op de positieve, maar kritische stakeholders; die ondersteun ik waardoor zij ook de andere mensen meekrijgen. Aan lange beschouwingen op het verleden doe ik niet: liever analyseer ik wat er nodig is om zaken structureel te verbeteren zodat we constructief aan de slag kunnen. Het project deel ik op in kleine stappen en we beginnen met de stappen die snel zichtbaar succes opleveren. Dat motiveert en krijgt mensen mee.‘ Wat maakt een goede interim manager? ‘Het is voor opdrachtgevers uitermate belangrijk om vooraf vast te stellen of ze met een echte interim professional te maken hebben. Dat is iets anders dan iemand die tussen twee managementbanen in ‘even een klus aanneemt’. Of een gepensioneerde die ‘toch nog wat wil doen’. Een echte interim professional benadert zijn werk als een vak. Hij heeft veel ervaring, een uitstekend netwerk en schoolt zichzelf permanent bij in zaken zoals verandermanagement en psychologie. Bovendien moet je er de persoon naar zijn. Je moet het leuk vinden steeds opnieuw je teen in het koude water te steken om te voelen hoe het ervoor staat. Je moet er lol in hebben om andere mensen verder te helpen – ook al weet je dat je in het begin weerstand zult tegenkomen.. En je moet het team waarmee je een band hebt opgebouwd, weer achter je te kunnen laten als alles op rolletjes loopt. Dat is soms best even slikken. Een echte interim manager neemt dan goed afscheid, en verheugt zich weer op een nieuwe klus.’ Tijmen Muijs is ruim 15 jaar interim professional. Hij won op 14 januari 2016 de Interim Challenge 2016. Hij werd daardoor onderdeel van de BLMC Interim Community, een groep van hooggekwalificeerde interim professionals met als specialisatie supply chain management. Een belangrijk onderdeel van deze community is continue training, scholing en intervisie. BLMC is een bureau voor recruitment, interim management en verbetertrajecten in de supply chain. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags goed opdrachtnemerschap, interim management | 4s Reacties
Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties. Nederland blijft achter met vragen. Geplaatst 16 februari 2016 door Magnit Nu het stof in de senaat rondom de Wet DBA is opgetrokken, blijft Nederland achter met vragen. In de hele aanname van de wet zijn de consequenties van deze wet voor opdrachtgevers, intermediairs en zzp’ers veelal onbesproken gebleven. Staatssecretaris Wiebes gaf vorige week tijdens het Vragenuurtje in de Tweede Kamer aan dat er betere voorlichting komt en dat er momenteel te veel onduidelijkheid is over de nieuwe duidelijkheid. Wat houdt de wet DBA nu exact in en wat betekent dit dan concreet? Brainnet ontwikkelde een speciale notitie die inzicht biedt in de consequenties van de wet. Hoe zat het ook alweer? Hoofddoelstelling van de Wet DBA is de aanpak en terugdringing van het aantal schijnzelfstandigen. Onder een schijnzelfstandige wordt verstaan: iemand die formeel de status van zzp’er geniet, maar in de praktijk een werknemer is en als zodanig wordt beschouwd door de Belastingdienst. De komst van de Wet DBA moet de handhavingsmogelijkheden gaan verbeteren. Feitelijk kan nu alleen bij de opdrachtnemer (de zzp’er) loonbelasting worden nageheven. Onder de Wet DBA kan dat ook bij de opdrachtgever. Tot zo ver een prima streven. Werkt een zzp’er langer dan gebruikelijk is in de branche? Maar… vanaf het allereerste begin is er veel onduidelijk over de inhoud van de Wet DBA. De grootste onduidelijkheid van de huidige wet heeft te maken met de duur van de opdracht. Het gaat om zzp’ers die langer voor een opdrachtgever werken dan gebruikelijk is in de branche. De grote vraag is echter: wat is gebruikelijk in de branche? Wat is te lang? Is een jaar lang? Twee jaar of vijf jaar? Stel een zzp’er gaat aan de slag als projectdirecteur voor een bouwonderneming. De projectdirecteur is verantwoordelijk voor het ontwerp, de bouw, de plaatsing en de opening van de brug. Je zou kunnen zeggen dat het een project is met een duidelijke kop en staart. Het begintraject tot en met de opening neemt vijf jaar in beslag. Is dat te lang? Menig lobbygroep, belanghebbende klant en intermediair heeft over het onderwerp ‘langer dan gebruikelijk in de branche’ contact met zijn belastinginspecteur. Wat is gangbaar in de branche? Er is een voortdurende onduidelijkheid vanuit de Belastingdienst over de duur van een opdracht waarvoor een zzp’er mag worden ingezet zonder zijn zelfstandigheid te verliezen. Dit leidt tot veel onzekerheid en risico’s voor opdrachtgevers, intermediairs en zzp’ers. Er staan fouten in de huidige modelovereenkomsten Op zoek naar zekerheid, hebben velen zich gestort op de modelovereenkomsten die inmiddels beschikbaar zijn gesteld via de website van de Belastingdienst. Maar wat blijkt? Nog geen week na het aannemen van de wet blijken er al onduidelijkheden over de toepassing van de overeenkomsten. Dat blijkt ook uit een reactie van staatssecretaris Wiebes. Hij geeft toe dat er fouten staan in de modelcontracten die de Belastingdienst heeft gecontroleerd. De bewindsman heeft daarom naar eigen zeggen spijt van een eerdere toezegging, zo meldt Het Financiële Dagblad op dinsdag 9 februari 2016. Wiebes had betrokken brancheorganisaties toestemming gegeven om modelcontracten te publiceren die alleen zijn getoetst op fiscaal relevante bepalingen. Maar in een aantal bepalingen zijn ook bepaalde vrijwaringen voor opdrachtgevers opgenomen die niet stroken met hun wettelijke aansprakelijkheid. Wiebes stelt dat de contracten moeten worden gecorrigeerd. De Wet DBA ontrafeld Opdrachtgevers, zzp’ers en intermediairs willen duidelijkheid en daar naar kunnen handelen. Brainnet heeft in die zoektocht de Wet DBA met arbeidsdeskundigen en juristen ontrafeld. Wat zijn nu de gevolgen vanuit de wet? Wat kunnen opdrachtgevers en zzp’ers doen om in de pas te lopen en claims van de Belastingdienst te voorkomen? Welke zekerheden zijn nog noodzakelijk vanuit de Belastingdienst? Alle bevindingen zijn gebundeld in een speciale notitie: ‘Wet deregulering arbeidsrelaties’. Deze notitie kan opgevraagd worden door opdrachtgevers, zzp’ers en belanghebbenden. Tot slot James Whitcomb Riley zei het volgende: When I see a bird that walks like a duck and swims like a duck and quacks like a duck, I call that bird a duck. Met ingang van 1 mei 2016 geldt de Wet DBA onverkort voor alle opdrachtgevers, intermediairs en zzp’ers. Kom in actie en zorg dat u Wet DBA-proof bent! Tjebbe van Oostenbruggen, directeur Brainnet Wilt u de notitie ontvangen? Vult u dan onderstaand formulier in. Brainnet stuurt u dan de notitie ‘Wet deregulering arbeidsrelaties’ per e-mail toe. [gravityform id=”21″ title=”true” description=”true”] Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Brainnet, Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties | Laat een reactie achter
ZZP’ers investeren meer in opleidingen dan werknemers in loondienst Geplaatst 15 februari 2016 door Intelligence Group ZZP’ers investeren meer in opleidingen dan werknemers in loondienst. De verschillen zijn beperkt, maar ze gelden op alle opleidingsniveaus. Dat blijkt uit het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek (AGO) van de Intelligence Group. Elk kwartaal in 2015 hebben we gevraagd aan zzp’ers of zij de in de afgelopen 3 jaar een certificaat hebben gehaald op een opleiding hebben gevolgd. In totaal heeft Intelligence Group 818 zzp’ers in 2015 ondervraagd in het Arbeidsmarkt GedragsOnderzoek (AGO). 22,4% gaf daarop het antwoord ‘ja’. Een cijfer dat nagenoeg in alle kwartalen gelijk bleef. Voor medewerkers in loondienst ligt dat cijfer op 21%. Hogere opleiding, meer vervolg Gewogen naar het aantal zzp’ers in Nederland betekent dat dat in totaal bijna 200.000 zich middels opleidingen bijgeschoold in de afgelopen drie jaar. Uitgaande van de crisistijd toch een laag aantal, zeker als je meerekent dat genoeg zzp’ers problemen hadden om de eindjes aan elkaar te knopen. Hoog opgeleide zzp’ers hebben tot drie keer vaker een opleiding gevolgd dan laag opgeleide zzp’ers. Onder academische zzp’ers is de scholingsbereidheid het hoogst met 31% (hoger opgeleiden in loondienst ligt dat op 27%). Tussen mannen en vrouwen zit er een behoorlijk verschil. Waar een kwart (25,2%) van de vrouwelijke zzp’ers een opleiding volgde, lag dat bij mannen op 18,5%. Ook analyses op leeftijd laten een interessant verschil zien. Van de zzp’ers tot 50 jaar, deed gemiddeld een kwart een opleiding. Bij de 50-plussers lag dit op 18% Welke zzp-beroepsgroepen volgen opleidingen? Wanneer we inzoomen op verschillende beroepen zien we grote verschillen. Ook hier zien we dat de beroepsgroepen waar hoogopgeleiden en vrouwen gemiddeld genomen sterker zijn vertegenwoordigd, het beter doen als het gaat om opleidingen volgen. De beroepsgroep in (para)Medische dienstverlening, onderwijs en consultancy zijn de zzp’ers die het meest een opleiding hebben gevolgd. Personen werkzaam in een inkoop, toerisme/recreatie of verkoopfunctie het minste % is het aantal dat een opleiding in de afgelopen 3 jaar heeft gevolgd (para)Medische dienstverlening (mens of dier) 49% Onderwijs, opleiding/coaching/training/cursus geven 38% Consultancy/advies 36% Sociaal/maatschappelijk 34% Juridisch/bestuurlijk 31% Reclame/communicatie/PR 31% Journalistiek 25% Grafisch 24% Cultureel/kunst 23% Directie/(interim)-management 21% Verpleging/verzorging 21% Technisch 21% Personeel en organisatie/HRM 19% Financieel-economisch 19% Marketing 18% Accountancy 18% Bouw 18% ICT/automatisering 18% Verkoop/commercieel/sales 16% Toerisme/recreatie 16% Administratief/secretarieel 10% Inkoop 7% Een zzp’er die recent een opleiding heeft gevolgd verwacht (afgerond) een week sneller een nieuwe opdracht te vinden dan een persoon die dat niet heeft gedaan. Of deze opleiding resulteert in een hoger uurtarief is nog niet onderzocht. Van de zzp’ers die een opleiding volgen, volgen zij deze vooral om meer kennis en/of vaardigheden op te doen die hen meer waard maken voor het huidige werk (65%), gevolgd door kennis en vaardigheden aanleren die men leuk vindt (49%). Dertig procent (6% van het totaal van de zzp’ers) heeft een opleiding gevolgd om kennis en/of vaardigheden op te doen die hen meer kansen biedt op de arbeidsmarkt/buiten mijn vakgebied. Maaike Kooter/Geert-Jan Waasdorp Meer informatie? www.intelligence-group.nl of info@intelligence-group.nl Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags goed opdrachtnemerschap, Intelligence Group, onderzoek, vakmanschap | Laat een reactie achter
PwC lanceert Talent Exchange. Matcht interim talent met projecten. Geplaatst 12 februari 2016 door Hugo-Jan Ruts Een organisatie als een bak met taken; een arbeidsmarkt als een bak met talent. Recruiters die continu de een met de ander matchen. Een wereld zonder vaste functies en vol met projecten. Waar de kwaliteit van het contact belangrijker is dat het soort contract. De manier waarop we organisaties hebben ingericht bepaalt vaak nu nog de manier waarop we (moeten) werken. Door technologie verandert dat. De manier waarop we kunnen werken gaat bepalen hoe organisaties zijn ingericht. Het zijn beelden die ik in lezingen vaak schets. Dat voor elkaar krijgen als organisatie vraagt wel om intelligente software en webtoepassingen en vooral intelligent en actief gebruik maken daarvan. Veel online, weinig innovatief Online matchingsplatformen tussen organisaties en de markt van zelfstandige professionals zijn er natuurlijk te over. Er zijn er nog al wat gelanceerd de afgelopen vijftien jaar. Velen hebben hun verwachtingen niet waar gemaakt of zijn al weer verdwenen. De meeste komen niet veel verder dan een tamelijk een dimensionale jobboard. Die kunnen prima een rol vervullen, maar het zijn recruitment systemen. Dat is wat anders dan sourcen en samenstellen van hele projectteams, taken in projecten online wegzetten en zo je werk organiseren. Ze worden ook primair gebruikt door bureaus en maar in mondjesmaat door organisaties zelf. De marktplaatsen en werken-bij sites (met interim opdrachten) van organisaties zelf hebben een hoog ‘post and pray’ gehalte. Passief dus. Die wereld waarin een organisatie continu talent met taken wil matchen vraagt om meer. Talent Exchange Lange inleiding om te komen tot een interessant initiatief dat PwC afgelopen woensdag lanceerde: PwC Talent Exchange. Een ‘work intermediation platform’ (WIP) dat de marktplaats functionaliteit combineert met een ‘freelance management systeem’ (FMS). Daar zijn er (zeker in de VS) wel meer van. Interessant is dat dit zo nadrukkelijk een platform is van een organisatie zelf, in plaats van gebruik te maken als externe platforms als Upwork. PwC omschrijft Talent Exchange zelf als “a single, integrated platform that facilitates the project lifecycle from searching for open roles, to joining a project, to submitting hours and expenses, to networking.” Zelfstandige professionals maken een profile aan, projectteams hebben toegang tot een pool van online beschikbaar talent. Zowel voor korte taken, als langere project rollen. Het platform faciliteert vervolgens ook de samenwerking en onderling contact. Ook buiten projecten om. PwC, zo stellen ze zelf, wil zo beter toegang krijgen tot het groeiend Brian Snarzyk van PwC en verantwoordelijk voor dit project noemt een aantal aanleidingen waarom PwC Talent Exchange is gestart. Meegaan met de veranderende arbeidsmarkt is er een. Een arbeidsmarkt waarin een groeiend aantal professionals (PwC voorspelt dat de 50% freelancers in 2020, wat me wat overdreven lijkt) dat zelfstandig wil blijven en/of op afstand wil werken. Met Talent Exchange wil PwC wereldwijd het beste interim talent aan zich binden en zo een concurrentie voordeel opbouwen. Zelf het contact met interimmers in handen hebben Een tweede is dat PwC zelf eigenaarschap wil hebben over de relatie met externe professionals, die kwalitatief inrichten en het niet meer aan bemiddelaars over laten. “We need to move away from the transactional, procurement-based approach to working with independent talent. There’s too much of an arms-length distance. It feels too much like purchasing a commodity. We want to get the middleman out and focus on the connection. We want it to be about the relationship, not about a procurement process and settling a transaction.” Disrupting yourself, before you are disrupted Last but not least – het eigen business model van PwC vraagt om een meer dynamische matching van opdrachten van hun klanten met beschikbaar talent. Het oude model van een bank vol vaste eigen consultants is voorbij. Talent Exchange zet dus ook de eigen organisatie op zijn kop: “Disrupting yourself, before you are disrupted”, zegt Snarzyk. Ik hoor het ze nog niet zeggen, maar het is een kleine stap voordat ook de eigen consultants van PwC in het systeem komen en zo dus de concurrentie aan gaan met de externe arbeidsmarkt. De Washington Post kwam al eerder met haar Talent Network, een vergelijkbaar (maar kleiner) initiatief. Eens zien of deze ‘doe het zelf’ platforms stand houden en een trend wordt die de grote online doorbraak in de zip-economie is. Op Yahoo gaf Brian Snarzyk nog deze korte toelichting (video) Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags innovatie, interim management, internet, what's next in flex | 8s Reacties