Maandelijkse archieven: mei 2023

Van Gennip praat met zzp’ers over de AOV. “Houd rekening met onze verschillende situaties.”

Heel goed dat de overheid iets voor arbeidsongeschiktheid regelt voor kwetsbare zzp’ers. Maar verplicht ons tot niets of hou op zijn minst rekening met de verschillende posities waarin zzp’ers kunnen zitten. Dat was zo ongeveer de gedeelde boodschap die vijf zelfstandig ondernemers hadden in een gesprek met Minister Karien van Gennip.

De vijf zelfstandigen waren uitgenodigd op het ministerie om nu eens van hen zelf te horen wat ze vinden van de kabinetsplannen voor verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) voor zelfstandigen.

Luister naar de pluriforme praktijk

Met geduld en nieuwsgierigheid luisterde de minister en een aantal ambtenaren naar vijf heel uiteenlopende achtergronden. In de wetenschap dat luisteren naar verhalen van individuen mogelijk ook verwachtingen schept die je niet waar kan maken. Een uitvoerbare en betaalbare regeling verhoudt zich slecht, of zeg maar niet, tot uitzonderingen en maatwerk. En als iets de minister in dit gesprek duidelijk werd is het dat achter elke zzp’er een eigen verhaal schuilgaat.

De een werkt voor particulieren tegen een laag tarief en kan ook niet zomaar even een kostprijsverhoging vanwege een AOV doorberekenen (‘het PGB-budget van mijn cliënten gaat vast niet omhoog’), de ander heeft het na 25 jaar zelfstandig ondernemerschap financieel prima geregeld. Haar buffer (‘die beheer ik zelf’) heeft ze voor haar pensioen maar eventueel ook voor arbeidsongeschiktheid. Een startende ondernemer met nog heel weinig inkomen (‘elke kostenpost is een drempel om te gaan ondernemen’), een ander die per jaar vaak heel wisselende inkomens heeft (‘hoe bereken je dan mijn premie en uitkering?’). De ene is alleenstaand, kostwinnaar, anderen hebben een partner met een baan. (‘Daardoor kon ik de keuze maken om te gaan ondernemen, de basis is geregeld’). En niet voor iedereen is het zzp-schap het hoofdinkomen van het huishouden (‘Voor mij is het ondernemerschap een bijverdienste’).

De pluriformiteit binnen de groep zelfstandigen was aan tafel al mooi vertegenwoordigd. Maar de werkelijkheid is natuurlijk nog veel bonter. De IT’er die langdurige opdrachten doet, de pensionado die graag af en toe nog invalt in zorg of onderwijs, de praktisch opgeleide, de platformwerker, de zelfstandige mét personeel, de marktkoopman, de pakketbezorger, de hybride werker die ondernemerschap combineert met een baan, de zzp’ers die samenwerken in een maatschap, degenen die eigenlijk liever een baan willen, de digital nomad. Om maar wat persona’s te noemen met elk zo hun specifieke omstandigheden. De representant uit de bouw wilde wel komen voor het gesprek, maar dat lukte helaas niet. Hij had net zijn pols gebroken.

Bewust zelf keuzes maken

De rode draad door al die verhalen van de vijf: ze hebben allemaal bewust gekozen voor het werken als zelfstandige. Voor velen was dat een heel proces, met individuele motieven. Met keuzes die vaak gemaakt zijn binnen een bredere context: de levensfase, inkomen partners, gezinssamenstelling, vermogenspositie. Een generieke “Ik ben met volle overtuiging zzp geworden omdat ik in vrijheid wilde werken. Ik ga voor mezelf zorgen, onafhankelijk zijn. Dat lukt me al 25 jaar en daarom werd ik boos toen ik hoorde van de plannen over een verplichting verzekering.”  “Als er een moet op zit, dan voelt het voor veel mensen wel zwaar. Dan heb je geen enkele keuze”, vult een ander aan.

Onduidelijkheid over verzekering

Een andere allergie is de argwaan richting private verzekeraars. “Verzekeraars gaat het niet om zorg, maar om geld. Als ondernemers melden we ons pas ziek als het niet anders kan. Pas het echt niet meer gaat, trek je aan de bel. Dan moet je je wel gehoord voelen. Dat werkt niet bij verzekeraars”, zo wist een van zelfstandigen uit eigen ervaring.

Daarmee komen we gelijk op het punt van misverstanden en onzekerheid over de huidige plannen. Van Gennip gebruikte dit uur dan ook om voorlichting te geven. Het zorgde vaak – maar niet altijd – voor geruststelling.  Nee, de verzekering wordt niet uitgevoerd door commerciële partijen (‘Dat is fijn!). Maar wel door het UWV (‘O, is dat nu wel zo’n goed plan, gezien de huidige problemen daar?’ Een supergoede vraag vond de minister). De premie beweegt mee met het inkomen en zal maximaal 200 euro worden en aftrekbaar zijn (‘een euro per uur’ zo probeerde de minister). Dat valt een deel van de aanwezigen inderdaad mee. De uitleg van een ambtenaar dat je geen uitkering krijgt als je ook geen premie betaalt na een jaar zonder inkomen verrast ook de minister zelf (‘Daar moeten we nog eens goed naar kijken’). Dat er een wachttijd is van 1 jaar die je zelf moet zien te overbruggen, dat vinden de meesten wel logisch, maar een zzp’er vond dat maar raar: ‘Daar heb ik dus niets aan’. Tja, veel zzp-behangenorganisaties willen juist een langere wachttijd’, verzuchtte de minister.

Een vraag van een van de zelfstandigen waarom er niet gekozen wordt voor een algemene regeling voor alle werkenden bleef onbeantwoord.

Zorgen minister blijven overeind

Minister Van Gennip nam ook de tijd om nog eens duidelijk te maken wat haar zorgen zijn. Dat maar een klein deel van de zelfstandigen een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid heeft (het zorgplicht-argument). Dat als je partner al een zorgverzekering heeft, jij dit dan toch ook niet opzegt (het emancipatie-argument). Dat collectieve verzekeringen gemiddeld goedkoper zijn, en ja, wie weinig risico loopt betaalt dan relatief veel (het solidariteitsargument). Dat wanneer je als zzp’er bepaalde kosten niet hebt die een werknemer wel heeft je oneigenlijke concurrentie in de hand werkt (het ‘gelijk speelveld’-argument).

Het zijn argumenten die vooral te maken hebben met het ‘algemeen belang’. Ze vielen wat dood in het gesprek waarin de zelfstandigen toch vooral uitgenodigd waren om hun individuele situatie toe te lichten.

Maatwerk of uitvoerbaarheid

“Fijn dat er naar ons geluisterd wordt” zo sloten de aanwezige zelfstandigen het gesprek af. “Dank voor de tips uit de praktijk” reageerden de minister en haar ambtenaren.

Op 30 mei en 1 juni praten de minister en de Tweede Kamer verder over dit onderwerp. Dan zal ook meer duidelijk moeten worden hoe deze roep om maatwerk zich verhoudt tot de uitvoerbaarheid van een regeling.

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , | 10s Reacties

Waarom kiezen voor een VMS – of laat je dat liever aan een MSP over?

Voor organisaties die grote aantallen extern personeel inhuren is een Vendor Management System (VMS) een goed instrument om het hele inhuurproces te beheren; van leveranciersmanagement, sourcing, contractmanagement, urenregistratie tot en met facturering.

Een VMS kan in een organisatie worden gebruikt door:

  • een eigen, interne inhuurdesk van een organisatie
  • een Master Vendor; een derde partij, doorgaans een staffing-organisatie, die de taak heeft gekregen om als primaire leverancier van flexkrachten te fungeren
  • en/of door een Managed Service Provider (MSP); een externe partner die verantwoordelijk is voor het gehele inhuurprogramma binnen een organisatie

De vier voordelen van werken met een VMS

Een VMS levert vooral voordelen op als het volume van inhuur van bepaalde functieprofielen door een organisatie groot is. Dan hebben we het over ‘bulk’: tientallen of honderden flexkrachten op jaarbasis. Bij lagere aantallen of veel verschillende profielen levert standaardiseren van processen met VMS tooling niet voldoende voordelen op.

Algemeen kun je stellen dat het primaire doel van het werken met een VMS ‘kostenbesparing’ is; de inhuur wordt transparanter, er komt meer inzicht in prijzen en het inhuurproces verloopt gecontroleerd en efficiënter. Daarnaast maakt het de inhuur meer datagestuurd, wat de prijs/kwaliteitverhouding ten goede komt.

De 4 belangrijkste voordelen zijn:

  1. Grip op inhuur
    In de praktijk hebben managers vaak direct contact met hun (voorkeurs)leveranciers voor het leveren van kandidaten. Hierdoor is inhuur erg versnipperd en ontbreekt het totale overzicht van de inhuur binnen de organisatie. Een VMS zorgt ook voor transparantie in het gehele inhuurproces. Het biedt iedereen, ook de leverancier, op elk ogenblik een objectief inzicht in de stand van zaken: de status van een aanvraag, de prijsafspraken die gelden, et cetera.
  2. Kostenbeheersing
    Binnen organisaties die externen inhuren worden vaak willekeurige prijsafspraken gemaakt, die niet of nauwelijks centraal worden gecommuniceerd, laat staan gecontroleerd. Met een VMS gebeurt dat veel minder; gemaakte prijsafspraken op functie-/rolniveau worden automatisch toegepast bij het opmaken van contracten. Het VMS biedt overzicht met tariefkaarten, eventuele aparte kosten, en maakt dus effectieve budgetcontrole mogelijk. De praktijk leert dat de kosten van inhuur daardoor met een aanzienlijk percentage kunnen dalen.
  3. Centrale administratie en compliancy
    Vanuit een VMS kun je aan leveranciers een set aan verplichte documenten uitvragen, de eigen, gevalideerde contract templates gebruiken, en alle benodigde documenten centraal in het VMS opslaan (dossiervorming). Zo ontstaat één unieke bron van informatie voor alle externe medewerkers. Dat is ten eerste wenselijk vanuit het oogpunt van compliance en privacy.
  4. Leveranciersmanagement
    Als organisatie die via intermediairs personeel inhuurt, wil je graag weten hoe jouw leveranciers presteren. Worden de kwalitatieve en kwantitatieve afspraken, zoals aanbiedratio’s, doorlooptijden e.d., nageleefd?  De rapportages uit het VMS bieden Inkoop dat inzicht. Op basis daarvan kun je goed monitoren en leveranciersmanagement voeren, afspraken maken over verdere, verbeterde samenwerking, onderhandelingen voeren, enz..
    Kortom, het VMS helpt bij het optimaliseren van het leveranciersbestand.

Functies VMS

Een VMS heeft 5 kernfuncties die zijn te koppelen aan andere systemen en zodat de inhuur van personeel geïntegreerd kan worden met andere processen (HR, Inkoop, Financiën) binnen een organisatie:

VMS via MSP of in eigen beheer?

Organisaties die op grote schaal externe talenten inhuren, besteden steeds vaker deze externe inhuur van personeel uit aan een Managed Service Provider (MSP) of broker. Die MSP gebruikt standaard een VMS voor het beheren van de flexibele schil aan arbeidskrachten namens de opdrachtgever. Alles over MSP-dienstverleners in Nederland en België vind je in het gratis te downloaden onderzoeksrapport op ZiPconomy en NextConomy.

Er zijn vier opties bij de keuze voor een VMS

  1. VMS van MSP; MSP’s hebben vaak een voorkeur voor een bepaald VMS van een specifieke leverancier of beschikken over een eigen VMS dat zij dan ‘meenemen’ als zij voor een klant aan de slag gaan. Sommige MSP’s bieden dit zelf ontwikkelde VMS-platform ook aan als zelfstandig product (white label). Hiermee kunnen andere inhuurdienstverleners dan de inhuur van personeel voor hun opdrachtgevers verzorgen.
  2. VMS van 3e partij (neutraal); andere MSP’s stellen zich neutraal op en kiezen, al dan niet namens de opdrachtgever, afhankelijk van de functie van het programma, een geschikt VMS van een derde partij (VMS-leverancier).
  3. VMS in eigen beheer met MSP; een organisatie kan ook autonoom, buiten de MSP om, voor een VMS kiezen. Als een organisatie besluit om voor de inhuur van personeel zelf een VMS(-licentie) aan te schaffen, spreken we van een VMS in eigen beheer. Dat doen bijvoorbeeld sommige internationale organisaties; zij schaffen zelf een VMS aan waarmee vervolgens wereldwijd binnen hun organisatie wordt gewerkt en waarmee de lokale MSP-partner (per land) dan gaat werken.
  4. VMS in eigen beheer zonder MSP; er zijn ook organisaties die zelf het inhuurprogramma beheren (eigen inhuurdesk opzetten) met behulp van een VMS-systeem (waarbij soms de VMS-partner doorgroeit tot MSP-dienstverlener).
4 argumenten vóór een VMS in eigen beheer 4 argumenten tegen een VMS in eigen beheer
  1. Minder afhankelijkheid in relatie met MSP (geen lock in)
  2. Geen externe compromis met VMS-leverancier
  3. Maatwerk mogelijk
  4. Vrije keuze in koppeling andere applicaties en apps

 

  1. Kost veel tijd en (dus) geld
  2. Systeem selecteren en implementeren is geen core business
  3. Kennis van technologie in huis vereist
  4. Continu aanpassen aan nieuwe wet- en regelgeving (compliancy)

Afwegingen

Een organisatie staat bij de keuze voor een VMS voor de volgende afwegingen:

  • Gevaar van lock-in bij keuze van het VMS van de MSP
    Overstappen naar een andere MSP is niet zo gemakkelijk als voor jouw organisatie het VMS-systeem van jouw huidige MSP wordt gebruikt. Het maakt de organisatie veel afhankelijker van die MSP. Bovendien is een VMS een cruciale tool voor de inhuur waarin alle historische data van jouw inhuur is opgeslagen. Dat wil je behouden.
    Het is gemakkelijker over te stappen naar een andere MSP-dienstverlener (contractduur gemiddeld drie jaar) dan van VMS-systeem te wisselen. Investeren in een VMS met bijbehorende nodige integraties (koppelingen) met andere (interne) systemen en applicaties duurt immers vele jaren.
  • Aansluiting MSP bij VMS van 3e partij
    Het loskoppelen van de keuze voor de MSP en de tooling (VMS) heeft als voordeel dat je als opdrachtgever kunt besluiten de samenwerking met een MSP te stoppen en toch het softwaresysteem, en de investeringen die je daarin gedaan hebt met eventuele koppelingen naar andere systemen, te blijven gebruiken.
    Aan de andere kant, indien je als opdrachtgever kiest voor het loskoppelen van de MSP-dienstverlener en VMS-leverancier moet je goed nagaan of de nieuwe MSP waarmee je in zee gaat over de nodige kennis en toegang beschikt om ook zelf configuraties aan te brengen aan het VMS bij de implementatie en bij het uitvoeren van het nieuwe inhuurprogramma.
  • Fors hogere kosten bij VMS in eigen beheer
    Het klinkt mooi, zelf als organisatie een VMS aanschaffen, implementeren en bijhouden, maar daar kleven wel hoge kosten aan. Investeringen in een VMS met bijbehorende nodige integratie (koppelingen) met andere (interne) systemen en applicaties kosten heel veel tijd. En heel veel geld, substantieel meer dan de aanschaf van de licentie. Zo zal de organisatie over een eigen VMS-expert moeten beschikken en over IT’ers die koppelingen met andere applicaties kunnen bouwen.
  • Gemis aan ervaringen in gebruik
    Als individuele organisatie heb je ook geen voordeel van de kennis en inzichten die in inhuurprogramma’s bij andere organisaties worden opgedaan. Dat voordeel heeft een MSP wel. Zij kunnen daardoor best practices van de ene klant integreren bij andere klanten, en ook met kennis van zaken hierover onderhandelen met de leverancier van het VMS voor eventuele optimalisaties van het VMS.

Lees ook:


VMS onderzoeksrapport, editie 2023/24

ZiPconomy heeft samen met haar Belgische tegenhanger NextConomy het VMS onderzoeksrapport, editie 2023/24, gepubliceerd. Dit rapport geeft een actueel overzicht van de aanbieders van Vendor Management Systeem-oplossingen die actief zijn in Nederland en België. Het rapport biedt diep inzicht in de verschillen tussen die aanbieders en een uitgebreid overzicht van de trends in de wereld van VMS.

Het rapport is gratis te downloaden of als hardcopy te bestellen.


 

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags | Laat een reactie achter

Inhuur bij Rijksoverheid toch weer verder opgelopen

De kosten voor de inhuur van interim-managers, ICT’ers, adviseurs en uitzendkrachten vormden in 2022 in totaal 14,2 procent van de totale personeelsuitgaven bij de Rijksoverheid. Dat blijkt uit de Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2022 en onderliggende jaarverslagen van de verschillende ministeries.

De Rijksoverheid heeft in 2022 voor 2,7 miljard euro extern personeel ingehuurd, zo blijkt uit deze rapportages. Dat is een toename van 17,1 procent ten opzichte van het voorgaande jaar.

Roemer-norm

Het lijkt erop dat de ‘Roemer-norm’, die tot doel heeft de inhuur te beperken tot 10 procent van het totale personeelsbudget, steeds minder haalbaar wordt. Slechts 4 van de 12 ministeries waaruit de Rijksoverheid onder meer bestaat, zitten onder die norm.

Bron: Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2022

Verschillen per ministerie

Bij het Ministerie van Defensie en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat is het aandeel externe inhuur enigszins gedaald ten opzichte van vorig jaar. Hoewel het percentage externe inhuur bij Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ook is afgenomen (23% in 2021, 21,6% in 2022), zitten zij nog steeds ruim boven de norm: meer dan twee keer zo hoog.

Ook bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is het percentage externe inhuur meer dan twee keer zo hoog als de norm. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat spant echter de kroon met een percentage externe inhuur dat zelfs drie keer hoger is de Roemer-norm (28,9% in 2021, 32,1% in 2022).

Context inhuurcijfers

Een flinke stijging aan externe inhuur werd in 2020 en 2021 nog voor een deel toegeschreven aan de maatregelen rond de Covid-crisis. Maar ook in 2022 loopt de inhuur dus verder op. Verschillende ministeries wijzen op nieuwe, extra projecten zoals de hersteloperatie kinderopvangtoeslag, het Groningen-dossier en meer algemeen de energietransitie en klimaat.

Naast de externe expertise die voor deze taken nodig zijn, wijst de Rijksoverheid ook op de krapte op de arbeidsmarkt. Vacatures kunnen niet worden ingevuld. Het openlaten van die plekken wordt als ongewenst gezien, ook vanwege de politieke en maatschappelijk druk om problemen weg te werken.

Verschillen per categorie

Net als in 2021 zijn de IT-gerelateerde uitgaven 42 procent (advisering opdrachtgevers automatisering) in de categorie Beleidsondersteuning en de uitvoering (formatie en piek) 34 procent in de categorie Ondersteuning Bedrijfsvoering, de grootste inhuurcategorieën.

IT en uitvoering mogen dan de grootste categorieën inhuur zijn, ze zijn toch maar beperkt verantwoordelijk voor de toename in inhuur. Zo is de inhuur van juridisch adviseurs meer dan verdubbeld het afgelopen jaar (+104%). Ook nam het inhuren van financieel specialisten fors toe (+50%).

De uitgaven voor interim-management zijn in 2022 met 43% toegenomen, wat een grotere stijging is dan het voorgaande jaar (23,9%). Met name bij de Ministeries van BZK (2021: 18 miljoen > 2022: 22 miljoen), VWS (2021: 5.6 miljoen > 2022: 9.20 miljoen), en EZK (2021: 18 miljoen > 2022: 35 miljoen) is er meer gebruik gemaakt van interim-management.

Bron: Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2022

Klik om toegang te krijgen tot jaarrapportage-bedrijfsvoering-rijk-2022.pdf

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | Laat een reactie achter

Belastingdienst werkt volgens de Rekenkamer met ‘schijnzelfstandigen’

De Belastingdienst heeft niet alleen moeite om toezicht te houden op de regels rondom schijnzelfstandigheid, maar ook om ze na te leven. Het ministerie van Financiën huurt namelijk via een tussenpartij zzp’ers in die eigenlijk in loondienst horen te werken.

“Een deel van deze arbeidskrachten is op basis van een intern beoordelingskader in principe te kwalificeren als schijnzelfstandige”, schrijft de Algemene Rekenkamer in een rapport over de boekhouding van het ministerie.

Te weinig menskracht

Vorig jaar concludeerde de Rekenkamer al dat de Belastingdienst moeite heeft met handhaving van de Wet DBA. De oorzaken: regels rondom inhuur van zzp’ers zijn te complex, fiscale en arbeidsrechtelijke beoordeling lopen door elkaar heen en de Belastingdienst heeft te weinig menskracht.

Dat laatste punt is de reden dat de Belastingdienst zelf de wet overtreedt. Er zijn te weinig mensen die het werk in loondienst willen doen, dus moet de Belastingdienst wel zzp’ers inhuren. Ook voor taken waar eigenlijk een dienstverband bij hoort. Zonder deze zzp’ers heeft de Belastingdienst nu eenmaal te weinig mensen om het werk te doen.

Dienstverband onaantrekkelijk

Deze specialisten in dienst nemen is volgens het ministerie van Financiën geen optie, want dat willen deze zzp’ers niet. “Het is voor hen (financieel) onaantrekkelijk om werknemer te zijn”, schrijft de Rekenkamer.

De Belastingdienst heeft zelfs een speciale uitzonderingsprocedure voor inhuur van zzp’ers die eigenlijk in loondienst moeten zijn. Het departement draagt vrijwillig premies voor werknemersverzekeringen af voor deze zzp’ers, om ‘uitholling van de sociale zekerheid’ te voorkomen. Zo probeert de Belastingdienst ‘in de geest van de wet’ te handelen.

600 gevallen in 2022

De Algemene Rekenkamer is kritisch op deze werkwijze: “Hoewel het een uitzonderingsprocedure heet, paste de Belastingdienst de procedure in 2022 ruim 300 keer toe. Ook bij Toeslagen gaat het om zo’n 300 gevallen.”

Het is ongeloofwaardig als de Belastingdienst de fiscale wet- en regelgeving die de inspecteurs moeten controleren zelf niet naleeft, schrijft de Rekenkamer. Minister Sigrid Kaag van Financiën schrijft in een reactie dat zij het daarmee eens is. Maar ze benadrukt ook dat veel specialisten per se als zelfstandige willen werken. Als deze mensen niet meer aan de slag zouden mogen, worden allerlei taken niet uitgevoerd.

‘Zoveel mogelijk’ in dienst

Het ministerie probeert komende tijd zoveel mogelijk zzp’ers in dienst te nemen. Goed nieuws, vindt de Rekenkamer. “Wij dringen erop aan dat het departement deze koers voortzet en zullen hierop ook in de komende periode toezien.”

De minister verwacht dat dit bij de Belastingdienst wel moet lukken, maar verwacht weinig succes bij Toeslagen. Deze dienst moet namelijk vaart maken met compensatie van de ouders die gedupeerd zijn in de toeslagenaffaire.

Duidelijke regels en de rol van de intermediair

Ondertussen werkt de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid aan duidelijkere regels rondom inhuur van zelfstandigen. Het is nog niet duidelijk hoe de criteria voor werknemerschap en ondernemerschap zich tot elkaar verhouden. Voor de zomer stuurt de minister een brief met meer informatie daarover naar de Tweede Kamer, nadat zij de criteria verder heeft uitgewerkt samen met de sociale partners.

Marc Nijhuis, voorzitter van de branchevereniging voor intermediairs en brokers, vindt het daarom ‘aanmatigend’ dat de Rekenkamer concludeert dat er sprake is van schijnzelfstandigheid bij de Belastingdienst en Toeslagen. Zeker omdat het ministerie de zelfstandigen inhuurt via een tussenpartij. Op Linkedin schrijft hij: “Intermediairs zien toe op de naleving van wet- en regelgeving. Bij inhuur van zelfstandigen gaan zij daarin vaak verder dan dat de bestaande regels voorschrijven.”

Hij vindt dat de minister van Sociale Zaken vooral eens moet luisteren naar alle specialisten die niet in loondienst willen werken. Nijhuis: “Ze willen dat niet vanwege fiscale voordelen, maar vooral vanuit werkplezier. Daarom blijven wij ons sterk maken voor een duidelijke juridische positie van zelfstandigen.”

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | 2s Reacties

Krapte steeds hoger op agenda bij corporates en bureaus

Ook in de nieuwste editie van de Stand van Werven kan niemand eromheen: de arbeidsmarkt is in 2023 wéér een stukje krapper geworden. Terwijl 70% van de recruitmentprofessionals in 2021 de krappe arbeidsmarkt en de bijbehorende schaarste als meest invloedrijke onderwerp zag, is de krapte in het onderzoek van dit jaar nog explosiever geworden. Nu ziet 84% van de professionals de krapte als onderwerp nummer 1 op hun agenda.

Tooling staat nu echt op de agenda

Recruitmentprofessionals in Nederland ervaren in 2023 een aantal grote veranderingen in hun werk, zo blijkt uit het onderzoek, dat al sinds 2016 wordt gehouden, en is uitgegroeid tot het grootste recruitmentonderzoek van Nederland. ChatGPT is – uit het niets – ineens gebombardeerd tot het vijfde belangrijkste onderwerp voor professionals. Sowieso spelen wervingstools en automatisering een grotere rol en beloven ze steeds meer efficiëntie in het wervingsproces. Terwijl recruitmenttooling in 2021 door 38% als belangrijk onderwerp werd gezien, is dat percentage in 2023 gestegen naar 45%.

Recruitmentprofessionals zien dus steeds meer heil in alle technologische toepassingen. Die tools beloven vooral één ding: meer efficiëntie in het werkproces voor recruitmentprofessionals, zodat die zich meer en beter kunnen focussen op wat écht belangrijk is: het persoonlijke contact met kandidaten. Automatisering en robotisering is daarnaast hét onderwerp geworden dat de grootste groei zag ten opzichte van 2 jaar geleden. Terwijl het in 2021 voor 21% van de wervingsprofessionals op de agenda stond, is dat nu maar liefst 41%, bijna een verdubbeling dus.

Verschil tussen corporates en bureaus wéér groter

Het verschil tussen corporates en bureaus in de wervingsbranche wordt ook steeds groter, blijkt uit het onderzoek van dit jaar. Waar corporate professionals zich steeds meer richten op langetermijnstrategieën (zoals diversiteit en inclusiviteit), focussen bureaus meer en meer op het optimaliseren van het wervingsproces. Bureaus zijn bezig employer branding-specialisten te worden, terwijl corporates zich meer richten op directe arbeidsmarktcommunicatie. The proof is in the numbers, ook als het om eenieders nieuwe favoriete speelgoed gaat: waar 68% van de bureauprofessionals ChatGPT als meest invloedrijke onderwerp ziet, ligt dat percentage op slechts 36% voor corporate-professionals. Talent verleiden en vasthouden blijkt een van de grootste uitdagingen voor recruitmentprofessionals in 2023. Uit het onderzoek blijkt verder dat het verleiden van kandidaten om te solliciteren de grootste uitdaging is, gevolgd door employer branding en het vasthouden van talent. De juiste kandidaten vinden en hen via de juiste kanalen bereiken zijn ook fikse uitdagingen. ‘Het is daarom essentieel voor organisaties om te investeren in conversie, employer branding en employee experience’, aldus de Stand van Werven 2023.

LinkedIn en UWV: twee uitersten

Van de ondervraagde recruitmentprofessionals geeft 80% aan dat LinkedIn de nummer 1 bron is om hun wervingsdoelstellingen te realiseren. Dat is slechts 1% lager dan in 2021. LinkedIn is volgens Nederlandse recruitmentprofessionals tevens 1 van de meest effectieve wervingsmiddelen. Gemiddeld scoren alleen eigen recruitmentsites en employer branding-campagnes beter in de mate van (geschatte) effectiviteit. Bovendien wordt referral recruitment steeds populairder als effectieve manier om nieuwe medewerkers te werven en te behouden. Job aggregators en de UWV-site worden daarentegen gezien als de minst effectieve wervingsmiddelen. Gamification en videorecruitment zijn daarnaast minder populair als bron, maar beide middelen blijken toch als behoorlijk effectief te worden gezien voor het aannemen van goede kandidaten. Platforms voor tijdelijk werk worden zowel zeer laag als zeer hoog ingeschat als effectief middel; een tussenweg is hier bijna niet.

Employer branding: winnaar in effectiviteit

Wat aan het Stand van Werven-onderzoek van 2023 verder opvalt is dat het algemene gebruik van employer branding-campagnes met maar liefst 16 procentpunt is gestegen, van 38% naar 54%. Het is daarmee de grootste stijger in het aantal gebruikers. En dat heeft een reden: employer branding-campagnes blijken namelijk de grote winnaar als het meest effectief ingeschatte wervingsmiddel in 2023. Terwijl employer branding in 2019 nog door 56% van de wervingsprofessionals als effectief middel beschouwd werd, is dat in 2023 gegroeid tot 70%.

Andere grote groeiers in gebruik dit jaar: interne mobiliteit (oftewel: werving onder eigen medewerkers, van 37% naar 45%) sourcing (van 31% naar 38%) talentpools (van 23% naar 31%). Sociale media zakken echter opvallend sterk in (vermeend) belang (van 68% naar 60%), net als aggregators (van 17% naar slechts 6%).

De achterdeur dichthouden: retentie en interne mobiliteit

Het identificeren van topkandidaten, ook wel bekend als outperformers, is een belangrijk doel voor werkgevers. Uit de Stand van Werven 2023 blijkt dat interne mobiliteit volgens de ondervraagden veruit de meeste toppresteerders oplevert. Dit betekent dat wanneer de werving plaatsvindt vanuit het interne netwerk, er een grotere kans is outperformers te vinden. Referrals en stagiairs scoren ook hoog in de lijst van kanalen die gemiddeld voor meer toppresteerders zorgen, detacherings- en werving- en selectiebureaus volgen opvallend genoeg op slechts kleine afstand daarvan. Terwijl het in 2021 voor professionals eigenlijk geen onderwerp was, geldt interne mobiliteit nu voor 28% als een belangrijk principe om mee bezig te zijn. Met 26% is retentie ook nieuw op de lijst. ‘Logischerwijs zijn dit vooral de corporate recruitmentprofessionals waarvoor dit geldt: wanneer talent schaars is, kun je je beter focussen op het talent dat je al in huis hebt. Iedereen die je behoudt, is één vacature minder om te vullen’, aldus het onderzoeksrapport.

Meer weten?

De Stand van Werven 2023 is een rapport dat de basis kan vormen van elk arbeidsmarktcommunicatie- en recruitmentplan. Wat doen andere bureaus of corporates? Tegen welke problemen lopen ze aan? Welke kanalen zijn nu effectief om snel mensen te werven? Hoever zijn anderen met digitalisering en automatisering? Download het hele onderzoek via deze link. 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | Laat een reactie achter

Hoe presteren Randstad, Adecco en Manpower op de huidige ‘moeilijke’ markt?

ABU MarktMonitor: krimp houdt aan

ABU-Marktmonitor toonde een omzetkrimp van 6,6% in het eerste kwartaal van 2023. En ook in de eerste maand van het tweede kwartaal (periode 4) is de omzet van Nederlandse uitzenders gemiddeld met 6,6% gedaald.
En ook de enorme krimp in uitzenduren houdt aan. Opnieuw is het aantal uitzenduren in de afgelopen periode met ruim 17% gedaald.

Daar valt te concluderen dat de tarieven/marges van uitzenders zijn gestegen, maar of dat veel extra winst oplevert is maar de vraag. Ook uitzenders kampen met gestegen (loon)kosten. Bovendien kost het vinden van flexkrachten op de extreem krappe arbeidsmarkt meer tijd (en dus geld).

Na een wisselvallig jaar 2022 doet de Nederlandse uitzendbranche het vanaf het begin 2023 dus ronduit slecht.

Dat roept de vraag op hoe de grote uitzenders presteren op de moeilijke markt. Randstad is in Nederland de absolute marktleider, qua omzet acht maal groter dan Adecco en Manpower. De omzetontwikkeling van deze drie generieke uitzenders in Nederland verschilt ook sterk.

Randstad: slecht eerste kwartaal na goed jaar

Randstad heeft een slecht eerste kwartaal achter de rug. De mondiale omzet daalde met 2% ten opzichte van het eerste kwartaal in 2021. In Nederland daalde de omzet het eerste kwartaal zelfs met 11%. De opvallende valse start in 2023 volgt op een uitstekende cijfers in 2022 en – vergeleken met de concurrentie – veel betere jaren.

Over heel 2022 steeg de omzet van Randstad wereldwijd namelijk met 8% tot € 27,6 miljard euro. Ook in Nederland prijkt Randstad nog altijd fier aan kop. In 2022 realiseerde Randstad Groep Nederland een omzet van ruim € 3,5 miljard. Dat betekent een omzetgroei van ruim 3%. En daarvoor kende Randstad in ons land ook een goed jaar. In 2021 was de omzetgroei maar liefst 21%, waarmee de dip in coronajaar 2020 (-15%) snel werd tenietgedaan. Overigens was er vóór corona ook al sprake van omzetdaling bij Randstad Nederland (2019: -4%), maar die krimp was veel minder sterk dan die concurrenten Adecco en Manpower.

Economische onzekerheid en krappe arbeidsmarkt

Als de uitzender de kanarie in de kolenmijn is, dan belooft de plotselinge omzetdaling in het eerste kwartaal weinig goeds. Bij de publicatie van de jaarcijfers in februari bleek al dat de groei van Randstad aan het afvlakken was in de laatste maanden van 2022. Waar ondanks de krapte op de arbeidsmarkt de uitzender in voorgaande kwartalen nog hard groeide, kwam in het vierde kwartaal van vorig jaar de klad erin. Zowel wereldwijd als in Nederland boekte het uitzendconcern in het vierde kwartaal van 2022 slechts een bescheiden omzetgroei van 2%. In een toelichting weet het uitzendconcern de lagere groeicijfers aan ‘verzwakte macro-economische omstandigheden’ die leiden tot ‘minder wervingsactiviteiten van klanten’. Die ontwikkeling heeft zich dus doorgezet in het eerste kwartaal van dit jaar. De groei is omgeslagen in krimp. Voor Nederland zelfs een heel forse krimp (-11%)

Randstad zoekt de oorzaak buiten de deur. zijn werkgevers ‘voorzichtiger geworden, wat merkbaar zou zijn in de resultaten. Bij de presentatie van de kwartaalcijfers sprak Randstad-topman Sander van ’t Noordende over ‘moeilijke macro-economische omstandigheden’ waarin werkgevers ‘voorzichtiger’ zijn geworden met het aannemen van personeel.

Uitgelicht: omzetontwikkeling van de drie uitzenders in Nederland

omzetontwikkeling Nederland (%) 2019 2020
(corona)
2021 2022 2023 – Q1
Randstad -4 -15 +21 +3 -11
Adecco -14 -26 +3 -1 -2
Manpower -21 -19 0 -5 -6

Adecco Nederland: redelijk kwartaal na moeilijke jaren

De nummer twee in de uitzendwereld presteerde in het eerste kwartaal beter dan marktleider Randstad. In het eerste kwartaal van dit jaar boekte The Adecco Group wereldwijd een (organische) omzetgroei van 3%. Deze groei volgt op een goed jaar. In 2022 is een omzet van ruim € 23,6 miljard geboekt, een omzetgroei van 5% ten opzichte van 2021. The Adecco Group verwacht dat de mondiale omzet in het tweede kwartaal van dit jaar zal stabiliseren.

Adecco Nederland presteert qua omzet minder goed, maar lijkt ook te herstellen van de vrije val in omzet van de afgelopen jaren. In 2022 boekte Adecco Nederland naar schatting een omzet van krap € 400 miljoen, een stabilisatie of lichte omzetdaling (-1%) ten opzichte van het jaar daarvoor. Het jaar 2022 is dus goed afgesloten, maar de start van 2023 was voorzichtig. In december was de groei nog +6%, in januari dit jaar waren de volumes wat lager. (Adecco Group Benelux kende een lichte omzetkrimp (-2%) in het eerste kwartaal. In het vierde kwartaal was er nog sprake van een omzetgroei (+3%)).

Dat zijn relatief goede cijfers vergeleken met voorgaande jaren. Adecco Nederland had al voor de coronacrisis te kampen met flinke krimp. In 2019 boekte Adecco Nederland een omzetdaling 14%. Na het loodzware coronajaar 2020 (omzetdaling: -26%) volgde in 2021 een licht herstel (+3%). In 2022 is het herstel dus doorgezet.

Directiewisselingen

Adecco heeft dus een roerige periode achter de rug. Ook intern. Adecco heeft vorig jaar de wereldwijde campagne onder het motto ‘Simplify. Execute. Grow.’ ingezet, bedoeld om de complexe organisatie meer te stroomlijnen en meer beslissingsbevoegdheden lager (lokaal) in de organisatie te leggen.
Ook binnen Adecco Nederland zijn de nodige veranderingen doorgevoerd. Een periode waarin ook tal van directiewisselingen hebben plaatsgevonden. Afgelopen zomer is Bart van Ierschot (ex-Philips, LG Electronics en KPN) aangesteld om als Head of Transformation de noodzakelijke veranderingen door te voeren naar bredere HR-dienstverlening. En per 1 april dit jaar is Leontine Bezemer Commercieel Directeur van Adecco Group Nederland.

Manpower Group: krimp houdt aan

ManpowerGroup zag de mondiale omzet in het eerste kwartaal met bijna 8% dalen. Ook ManpowerGroup Nederland kende in het eerste kwartaal een omzetdaling (-6%). Die krimp in ons land is groter dan die van Adecco Nederland, maar geringer dan de forse omzetdaling die Randstad Nederland in het eerste kwartaal voor de kiezen kreeg.

Het Amerikaanse uitzendconcern behaalde vorig jaar wereldwijd nog een omzet van $ 19,8 miljard, een omzetgroei van 3%. In 2022 realiseerde Manpower Group Nederland naar schatting een omzet van circa 430 miljoen euro, een omzetdaling van 5%. In 2021 bleef de omzet vrijwel gelijk aan die in coronajaar 2020. Net als Adecco kende Manpower in Nederland een paar heel slechte jaren. In het coronajaar 2020 boekte Manpower in Nederland een omzetdaling van 19%. En 2019 – voor corona – was er zelfs sprake van een omzetdaling van 21%.

In dat licht gezien lijkt de omzetdaling in het eerste kwartaal van 2023 enigszins mee te vallen voor Manpower. Maar van groei is nog altijd geen sprake. Zelfs in ‘hersteljaar’ 2021 wist Manpower in Nederland geen omzetgroei te realiseren.

Overigens is de organisatie van Manpower Nederland – net als Adecco – bezig met een ‘business transformatie. De Noor Richard Øverland is begin vorig jaar aangesteld als directeur om de dit in goede banen te leiden.

Forse omzetgroei detacheerders

De magere cijfers in de uitzendbranche staan in schril contrast met de positieve ontwikkelingen in de detacheringsbranche. Uit VvDN Marktmonitor blijkt dat de gemiddelde omzet van detacheerders in Nederland in het eerste kwartaal van 2023 met 11% is gestegen.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter