Maandelijkse archieven: november 2021

Hoe je een sterk merk opbouwt en klanten aantrekt door eigenzinnig jezelf te zijn

Iedereen doet het

Het is niet raar als je denkt dat (koude) acquisitie de manier is om aan klanten te komen. Zelf heb ik jarenlang als consultant gewerkt bij een aantal van de betere headhunters. En altijd als de opdrachten terugliepen, sloegen we aan het bellen. Om overal in het land kopjes koffie te drinken en het bureau te presenteren.

Ik heb salescursussen gehad van alle bekende bureaus; Krauthammer, Door, Mercury International, Kenneth Smit en nog wat minder bekende verkoopgoeroes. Zet mij bij een klant aan tafel en dan komt het wel goed. Als er tenminste een opdracht te vergeven was.

Vacatures op stevig managementniveau staan niet wekelijks op de agenda. Dus hoop je dat ze ergens in de loop van het jaar, als er een vacature is, nog eens aan jou denken. Wetende dat in de loop van datzelfde jaar ook andere bureaus een kopje koffie bij die klant drinken. Erg effectief vond ik het persoonlijk allemaal niet. 

Niet leuren maar een krachtige presentatie neerzetten

Succesvolle ondernemers jagen niet op opdrachten maar laten zien wat ze in huis hebben door hun kennis op een aansprekende manier te delen via social media en op hun website. Door een eigen visie neer te zetten, een sterk persoonlijk merk te ontwikkelen en een krachtig verhaal te vertellen. Als je dat goed doet, kun je een continue stroom van klanten genereren. Jij hoeft niet meer met jezelf te leuren. De klanten komen naar jou toe.

Eigenzinnigheid, lef en leiderschap: de wereld smult ervan.

Een succesvolle salesmanager die wereldwijd grote bedrijven adviseert doet dat slim. Hij zegt in gesprekken met klanten niet: ‘Waar ligt u wakker van?’ Dat doen veel salesmanagers al. Nee, hij gaat een stapje verder. Hij zegt: ‘Waar zou u wakker van moeten liggen?

Hij laat bedrijven zien welke kansen ze mislopen als ze te lang achter de feiten aanlopen waardoor ze worden ingehaald door de concurrentie. Hij laat zien dat hij hun markt begrijpt en dat hij een visie heeft. Hij biedt zijn klanten nieuwe inzichten waardoor ze hem zien als een autoriteit. Eigenzinnigheid, lef en leiderschap: de wereld smult ervan. Mensen die iets anders toevoegen, een frisse blik hebben op iets of een aanpak ontwikkelen die iets anders toevoegt.

Creëer jouw eigen unieke vakje en ontwikkel jouw eigen persoonlijke markt

Als ondernemer ga je niet floreren door jezelf te presenteren als een grijze muis die doet wat iedereen doet op dezelfde manier als al die anderen in jouw vak. Jij kunt ook opmerkelijk worden door dingen in je product, presentatie of dienst in te bouwen die anders zijn. Door te kiezen voor een niche, door te focussen op een specifieke doelgroep. Door meer van jezelf te laten zien. Je hebt hiervoor alles al in huis.

Iedereen heeft een uniek pakket aan werkervaring, expertise, levenservaring, kwaliteiten, drijfveren en eigenschappen. Juist die bijzondere mix maakt dat je een onderscheidend merk van jezelf kunt maken waarmee jij niet met anderen bent te vergelijken. Maak je eigen unieke vakje waardoor je betekenisvol anders bent.

Schroom overboord

Als jij je meer bewust bent van jouw toegevoegde waarde en wat jij te bieden hebt, dan heb jij ook geen schroom meer.  Als je weet wat je waard bent en dat ook uitstraalt, voelt jouw klant dat haarfijn aan. En als hij toch wellicht de waarde niet inziet van jouw dienst, dan was deze klant waarschijnlijk geen match. Want als je echt voelt wat je waard bent, dan wil jij zelf ook niet meer met iedere klant werken. Dan wil je alleen nog maar met de leukste klanten werken.

Kijk eens naar de volgende zaken:

  • Wat typeert jou en kun jij laten zien van jezelf? Waardoor kunnen mensen zich met jou en je ideeën verbinden?
  • Kies voor wat bij jou past en ga voor wat je echt raakt.
  • Kijk ook eens welke klant jij zou uitkiezen, als je de klanten voor het uitkiezen zou hebben en je niet zou kunnen falen.
  • Van welke opdrachten krijg jij de meeste energie?
  • Waar heb jij een duidelijke toegevoegde waarde te bieden?

Aan koude acquisitie heb ik sinds 2010 niets meer. Door middel van persoonlijke marketing heb ik een mooi gezond bedrijf opgebouwd. Ook mijn klanten help ik op deze manier vanuit een sterk merk een succesvol bedrijf op te zetten.

 


Wil je hier meer van weten en inspiratie opdoen voor jouw eigen profilering?

Schrijf je dan in voor mijn gloednieuwe gratis online masterclass waarin je de 3 geheimen leert van een onverwoestbare & onweerstaanbare positionering.

Je gaat ontdekken:

    • Hoe jij een A-merk wordt in jouw markt.
    • Hoe je sneller en slimmer jouw persoonlijke merk in de markt zet.
    • Hoe je met personal branding alleen nog de allerleukste klanten aantrekt.
    • Hoe jij je marktwaarde laat groeien (waarbij je tegelijk groeit in zelfvertrouwen).
    • Hoe je een eigen niche creëert waarin jij geen concurrenten hebt.
    • Hoe je een positie van autoriteit opbouwt op een empathische manier.
    • Hoe je op een integere consistente manier aan marketing doet.

Ben jij eraan toe om nu echt eens flinke slagen te maken met jouw positionering?

Reserveer dan op tijd jouw plek in de masterclass. Je kunt je aanmelden voor een gratis masterclass op dinsdag 16 november om 10.00 uur, vrijdag 19 november om 10.00 uur of dinsdag 23 november om 10.00 uur.


 

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags | Laat een reactie achter

Schijnconstructies: zijn accountants op de Zuidas verkapte werknemers?

Partners bij accountants- en adviesfirma’s hebben meestal geen arbeidsovereenkomst, maar werken vanuit een persoonlijke bv (werk-bv). Onterecht, vinden twee ex-partners van respectievelijk Deloitte en EY. Zij bepleiten dat ze eigenlijk werknemers waren en eisen recht op ontslagbescherming, schrijft het Financieele Dagblad (FD) maandag.

Geen beslisbevoegdheid en vakantiedagen

Consultant Wouter van Gelderen dagvaart twee vennootschappen van EY en fiscalist Guido Lubbers heeft een geschil met Deloitte. Van Gelderen betoogt dat hij bij EY niet zelfstandig zakelijke beslissingen mocht nemen. Ook had hij een vast aantal vakantiedagen, een laptop en telefoon van de zaak en recht op doorbetaling bij ziekte. Allemaal zaken die niet horen bij ondernemerschap, maar werknemerschap.

De zaak van Lubbers is een hoger beroep. De rechtbank Rotterdam oordeelde eerder dat er geen sprake van een arbeidsovereenkomst was: er was geen gezagsverhouding, de partner ontving geen loon en hij mocht voldoende zelfstandig beslissen.

Bij het oordeel speelde ook mee dat Lubbers als belastingspecialist “als geen ander op de hoogte was van de fiscale verplichtingen van het ondernemerschap en de verschillen tussen een werknemer en een opdrachtnemer”. De rechter vond het opvallend dat pas toen hij ontslagen werd, hij het standpunt innam dat hij eigenlijk werknemer was.

‘Geen belastingontwijking’

EY en Deloitte vinden dat hun partners echte zelfstandig ondernemers zijn. De reden dat zij werken met werk-bv’s, is ‘beperking van aansprakelijkheid’ van partners. Het FD schrijft dat beide bedrijven ontkennen dat fiscaal voordeel de belangrijkste reden is voor deze werkwijze.

Volgens Deloitte is er geen sprake van belastingontwijking. EY schrijft zelfs dat de werk-bv’s de Nederlandse schatkist ‘ongeveer net zoveel belasting’ opleveren als een constructie ‘zonder bv’.

Ruim 150.000 euro voordeel

Volgens het FD levert werken via een persoonlijke bv weldegelijk een hoop belastingvoordeel op. Partners met een werk-bv krijgen geen salaris, maar een winstdeel. Terwijl zij over hun salaris zo’n 49,5% belasting zouden betalen, hoeven zij slechts 15% aan de fiscus te betalen over inkomsten die als vergoeding naar een werk-bv zijn overgemaakt.

Partners kunnen belasting op winstuitkering ontwijken door vervolgens geld te lenen van hun eigen vennootschap. Ze ontlopen zo een heffing van 26,90%. Andere voordelen: partners kunnen dankzij de werk-bv gebruikmaken van aftrekposten en belastingbetaling uitstellen.

Uit gerechtelijke stukken blijkt volgens het FD dat het fiscale voordeel “algauw ruim anderhalve ton is voor een gemiddeld verdienende partner”. Bij EY werken 247 partners met zo’n constructie, Deloitte heeft 254 werk-bv’s. Ook partners van andere grote advieskantoren werken via dit soort constructies.

Afspraken met de fiscus

Het is vaker onduidelijk of een opdrachtgever een zzp’er mag inhuren of iemand in dienst moet nemen. De Wet DBA moest hier duidelijkheid over geven, maar die is mislukt en zou vervangen worden. Dat is tot op heden niet gebeurd.

Hoogleraar arbeidsrecht Evert Verhulp van de Universiteit van Amsterdam vindt de partners geen echte ondernemers, zegt hij in het FD. “Ze lopen geen risico, ze zijn gewoon werknemers.”

Advocaat Boris Emmerig betwijfelt dat, schrijft hij op Linkedin. En zelfs als de rechter oordeelt dat de partners verkapt werknemers waren, verwacht hij dat de fiscale gevolgen meevallen. “Kantoren hebben vaak afspraken met de Belastingdienst hierover gemaakt, waarop de fiscus niet zomaar kan terugkomen

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , , | 3s Reacties

“De moderne zzp-er is eigenlijk het ideaal van Marx”

Dit interview komt uit de bundel In betere banen. Daarin interviewen Auke Klijnsma, Peter Blok en Simone Lensink vijftien experts over de knelpunten in de huidige organisatie van werk en over de arbeidsmarkt van de toekomst.

Kun je iets over jezelf vertellen?

Ik houd me al mijn hele loopbaan bezig met vraagstukken op het brede terrein van arbeid. Nu ben ik bijzonder hoogleraar op de Henri Polak leerstoel, die is ingesteld door de Nederlandse vakcentrales. En ik ben onderzoeker aan de Universiteit van Amsterdam bij AIAS-HSI, het Amsterdams Instituut voor ArbeidsStudies – Hugo Sinzheimer Instituut. Daarnaast ben ik directeur van het Wetenschappelijk Bureau voor de Vakbeweging, De Burcht.”

Waarom ben je met dit vak aan de slag gaan?

Ik ben oorspronkelijk vooral bèta en geïnteresseerd in natuurwetenschappen. Aan het eind van de middelbare school dacht ik dat ik ook iets wilde doen met meer sociale vraagstukken. Ik ben toen econometrie gaan studeren, want ik dacht dat ik hierin bèta en sociale vraagstukken kon combineren. Econometrie bleek vooral een exacte studie te zijn. Pas daarna kon ik me echt bezighouden met mensen binnen de economie. Dat vond ik het meest terug in het onderwerp arbeid en de arbeidsmarkt. Toen ben ik me gaan specialiseren in arbeidseconomie en dat doe ik eigenlijk nog steeds. Het blijft een boeiend onderwerp.”

Waarom is arbeid zo interessant?

“Arbeid is belangrijk in een mensenleven. Je bent een derde van de doordeweekse dagen met arbeid bezig, een groot deel van je leven dus. Arbeid bepaalt je maatschappelijke positie, in belangrijke mate je welstandsniveau en het speelt een belangrijke rol in je sociale contacten. Dus werk is veel meer dan alleen een  economische productiefactor of een bron van inkomsten. Het bepaalt in hoge mate de rol die mensen in hun leven hebben, hoe ze zich staande kunnen houden en hoe ze hun leven zin geven. Arbeid is dus een ongelooflijk belangrijk onderwerp.”

Wat verandert er door corona op de arbeidsmarkt?

Net als bij elke crisis is er de angst dat veel mensen hun baan kwijtraken. Door de geschiedenis heen, althans de afgelopen honderd jaar, speelt voortdurend de vraag of werk gaat verdwijnen en iedere keer blijkt dat er gewoon weer nieuw werk bijkomt. Daar kunnen we dus ook nu wel van uitgaan. De mens is creatief en werk gaat altijd door. Ik ben daar optimistisch over. Ik zie werk zelfs als een soort vorm van luxe consumptie. We creëren nieuw werk omdat juist dat zin geeft in het leven. Je kunt je zelfs afvragen of al het werk dat we doen nog wel echt nodig is. Sterker nog, je zou kunnen zeggen dat werkzaamheden die de minste economische betekenis hebben juist het hoogste gewaardeerd worden. Dat zie je aan de banen waar je niks doet, behalve communiceren en vergaderen. Dat zijn de banen met aanzien.”

Ik zie werk zelfs als een soort vorm van luxe consumptie. We creëren nieuw werk omdat juist dat zin geeft in het leven.

“Wat er door corona gaat veranderen, vind ik heel moeilijk te beoordelen. De reden is dat ik in de laatste twintig jaar heb kunnen constateren dat veranderingen altijd traag gaan, ondanks de grote verwachtingen die worden gewekt. Ik zie dat veel werkzaamheden niet echt ingrijpend veranderd zijn in de afgelopen decennia. De impact van technologische ontwikkelingen op veranderingen in werk wordt enorm overschat. Dat geldt ook bij verschillende crises. Grote verwachtingen blijken in de praktijk vaak niet uit te komen.”

“Zo moet ik nog maar zien of we met straks massaal blijven thuiswerken. Deze verwachting is eerder gewekt. Zo’n tien jaar geleden zijn boeken vol geschreven over het nieuwe werken. Dat zou het helemaal worden, vanwege het milieu, fileproblemen en efficiency. En ondanks al deze belangrijke voordelen is er de afgelopen tien, twaalf jaar heel weinig van terechtgekomen. Corona laat ook zien dat mensen het contact met collega’s missen. Er is een groot verlangen elkaar weer te ontmoeten. Dus ik vermoed dat zodra het weer kan we toch allemaal weer massaal naar kantoor gaan. En ja – natuurlijk – zullen we iets vaker online vergaderen. Ik ga niet meer drie uur reizen voor een vergadering. Maar los hiervan verwacht ik dat we gewoon weer zullen doen wat we voor corona deden.”

Wat vind je van het groeiende aantal zzp-ers en flexwerkers?

De discussie over de arbeidsmarkt richt zich sterk op het onderscheid tussen flex en vast. Van belang is dat er grote verschillen zijn in de groep die flexibel is op de arbeidsmarkt. Om maar wat te noemen: zzp-ers zijn gemiddeld hoger opgeleid, terwijl andere flexkrachten juist lager opgeleid zijn. Meer zzp-ers en meer flexkrachten zijn echt verschillende fenomenen die min of meer toevallig tegelijkertijd een sterke opmars hebben gemaakt. Veel zzp-ers hebben bewust gekozen voor zzp-schap, dus voor ondernemerschap, en dat geldt zeker niet voor andere flexwerkers. Die zitten noodgedwongen in de flexibele schil omdat het ze gewoon niet lukt een vaste baan te vinden.”

Meer zzp-ers en meer flexkrachten zijn echt verschillende fenomenen, die min of meer toevallig tegelijkertijd een sterke opmars hebben gemaakt.

“We hebben onderzoek gedaan naar ‘de waarde van werk’, daaruit bleek dat zzp-ers echt andere opvattingen hebben over wat ze belangrijk vinden in hun werk. Zij zijn minder gericht op zekerheid en meer op zingeving en autonomie. Dus de groep flexwerkers mag je niet over één kam scheren. Autonomie is voor veel mensen een argument om zzp-er te worden. Opvallend is dat uit een onderzoek van TNO naar arbeidsomstandigheden blijkt dat autonomie van werknemers in loondienst de afgelopen tien jaar juist is afgenomen. Je zou verwachten dat nu het opleidingsniveau stijgt, mensen meer autonomie krijgen, maar het tegendeel is dus waar. Dit is opvallend en zal denk ik leiden tot een verdere groei van het aantal zzp-ers.”

“Toch is autonomie in mijn beleving niet de belangrijkste oorzaak van de groei van flexwerk. Nederland is koploper flexwerk in Europa. Dat heeft vooral te maken met het feit dat werkgevers proberen de loonkosten te drukken en zo de ondernemersrisico’s afwentelen op de factor arbeid. Het is gemakkelijker om meer gebruik te maken van flexibele krachten. Ik vind dat zorgelijk, want het betekent dat een steeds groter deel van het ondernemersrisico in feite bij werknemers komt te liggen. Hierin zie je dat de factor kapitaal als machtsfactor sterker is geworden dan de factor arbeid. De vakbonden zijn verzwakt en mede daardoor kunnen werkgevers makkelijker ondernemersrisico’s afwentelen op arbeid. Ik vind dit een onwenselijke ontwikkeling, temeer omdat ik denk dat het op langere termijn ook slecht is voor het bedrijfsleven. Als je te veel flexkrachten hebt waar je niet in investeert, die geen duurzame banden hebben met een onderneming, die zich niet verder kunnen ontwikkelen, die weinig scholing krijgen, dan tast dat op den duur ook het productievermogen van de economie aan. Ik denk dat bedrijven daar op termijn zelf last van krijgen.”

Hoe moeten we de sociale zekerheid inrichten?

Sociale zekerheid is in de eerste plaats een compensatie voor het verlies aan inkomen uit arbeid. Een zzp-er valt hier dus buiten, want die is gewoon ondernemer en een ondernemer moet zijn eigen risico dragen. Voor flexwerkers geldt dat zij een hoger risico lopen op werkloosheid. Zij kunnen natuurlijk wel aanspraak maken op een WW-uitkering.

Echter de vraag is of het terecht is dat dit uit de collectieve middelen wordt betaald en niet door de werkgever die profiteert van zijn flexibiliteit. Het kabinet heeft, en ik denk terecht, de WW-premie die bedrijven moeten betalen voor flexwerkers verhoogd. Simpelweg omdat het risico dat flexwerkers aanspraak moeten maken op de WW groter is.

Ik ben  geen voorstander van een basisverzekering tegen werkloosheid die ook voor zelfstandigen geldt.

Bij elke vorm van verzekeren moet je prikkels inbouwen om het risico te beperken, anders zullen mensen er onbeperkt aanspraak op maken. Ik ben dus geen voorstander van een basisverzekering tegen werkloosheid die ook voor zelfstandigen geldt.”

Maar dan moet je dus duidelijk onderscheid maken tussen de zelfstandige die ondernemer is en de zelfstandige of flexwerker die eigenlijk in loondienst is. Juist dat onderscheid is in de praktijk niet te maken, tenminste het is de wetgever niet gelukt dit te doen…

De criteria om vast te stellen of je zzp-er bent of een schijnzelfstandige die aanspraak zou moeten maken op werknemersvoorzieningen zoals de werkloosheidsuitkering, moeten worden aangescherpt. Dit leidt ertoe dat meer (schijn)zelfstandigen gewoon als werknemer beschouwd kunnen worden. Dan maakt deze groep natuurlijk ook gewoon aanspraak op sociale zekerheid.

Er moet dus een scherp onderscheid komen tussen de echte zzp-er en de zzp-er die eigenlijk in loondienst is. Die scherpe grenzen kun je misschien wel op papier formuleren, maar in de praktijk zijn er altijd grijze gebieden dus blijft er altijd discussie. We proberen dit probleem met regels, dus juridisch, op te lossen, maar het is de vraag of dat wel goed mogelijk is.”

Moeten we het ‘te’ juridische denken niet loslaten als we nadenken over de toekomst van de arbeidsmarkt?

Sterker nog, dit is een heel belangrijk onderzoeksgebied waar ons instituut zich de komende jaren op wil richten. Wij willen juridische vraagstukken rond de regulering van werk koppelen aan meer sociale en morele vraagstukken. Wat zijn de fundamentele waarden? Wat vinden werkenden van belang? Wat vinden ze minder van belang? En hoe sluit het aan bij bestaande regulering? Zijn bestaande wetten en regels niet juist een belemmering? Waar zijn ze ondersteunend en hoe zou je eventueel die wetten en regels moeten aanpassen, zodat die het morele, de praktijk en het juridische beter op elkaar aansluiten?”

Dus ‘de waarden van arbeid’ moeten als thema meewegen in de discussie over de toekomst van arbeid?

Ik vind dat echt nodig, want volgens mij kom je er niet met uitsluitend veranderingen in de wet- en regelgeving. Dat is nu zichtbaar in de praktijk. Ons denken over arbeid en de inrichting van het systeem rond arbeid is ontstaan in de twintigste eeuw. Het kostwinnersmodel en een vaste baan in loondienst waren daarbij het uitgangspunt. De man verdiende de kost voor het hele gezin en had een vaste fulltime baan. Op dit gegeven is ons hele systeem gebaseerd: de sociale zekerheid, de ontslagbescherming, de arbeidstijden en noem maar op.

Nog geen tien procent van de beroepsbevolking werkt volgens het klassieke kostwinnersmodel. Het systeem gaat dus steeds meer wringen.

Dit systeem van wet- en regelgeving rond werk en inkomen is sinds de jaren zeventig steeds minder geschikt geraakt omdat de arbeidsmarkt is veranderd. Er zijn meer deeltijdbanen, meer vrouwen zijn gaan werken, er zijn meer tweeverdieners, veel meer flexkrachten, meer zzp’ers, noem maar op. Toch nemen we nog steeds het kostwinnersmodel als uitgangspunt. Nog geen tien procent van de beroepsbevolking werkt volgens het klassieke kostwinnersmodel. Het systeem gaat dus steeds meer wringen, kraken en piepen. We hebben het in de lucht proberen te houden door pleisters te plakken, extra regels en wetten te bedenken, maar het is onhoudbaar. Het is tijd om dat te erkennen.”

Is de zzp-er dan niet het fundament van de nieuwe arbeidsmarkt?

“Ik heb wel eens gezegd: ‘De moderne zzp-er is eigenlijk het ideaal van Marx’. De arbeider is niet langer een loonslaaf, maar iemand die gewoon zelf bepaalt of hij ‘s ochtends gaat vissen en ‘s middags gaat werken, of andersom. Het lastige is natuurlijk dat dit alleen maar geldt voor enkele zzp’ers. De praktijk is natuurlijk complexer.”

Wordt het niet tijd om helemaal met een schone lei te beginnen en dus een nieuw systeem voor de arbeidsmarkt te ontwikkelen?

Dat spreekt mij enorm aan. Ik heb eigenlijk ook in de vakbeweging, tevergeefs overigens, vaker gepleit voor het ontwerpen van een nieuw en toekomstbestendig systeem. Probeer je voor te stellen: hoe zouden we de arbeidsmarkt, of beter gezegd werk, het liefst willen organiseren als we gewoon vrij zouden zijn om te doen zoals we dat willen? Dus los van alle de huidige machtsverhoudingen, los van het gecreëerde onderscheid tussen vast en flex. Hoe zou de ideale arbeidsmarkt er dan uitzien?

Om hier beelden bij te krijgen moet je helemaal afstand kunnen nemen van het huidige systeem en de belangenorganisaties die er nu zijn. Misschien kom je wel tot de conclusie dat je helemaal geen vakbond nodig hebt. Dat is voor de bonden natuurlijk niet gemakkelijk om te erkennen. Misschien geldt voor werkgevers hetzelfde, hebben zij nog wel werkgeversorganisaties nodig?”

Wie moet er aan tafel om een nieuw ontwerp te maken?

Volgens mij zou je een gemêleerde groep moeten hebben, inclusief de polderpartijen, omdat die uiteindelijk wel in hoge mate bepalend zijn voor maatschappelijk draagvlak. Daarnaast moeten er mensen aan tafel die wat meer vrij kunnen denken, denk aan filosofen, sociologen, psychologen en mensen uit het bedrijfsleven. Belangrijk is dat zij afstand kunnen nemen van de waan van de dag.”

Zijn er al dit soort initiatieven?

Er zijn mensen die nadenken over ‘the future of work’. Ik ken die initiatieven niet allemaal, maar wat ik vaak zie, is dat ze uitgaan van een soort van historisch materialisme. Ik bedoel te zeggen dat er dan bijna altijd wordt nagedacht vanuit het idee dat er een aanleiding is voor de verandering, zoals de nieuwe technologie of een crisis. Hiermee wordt gesuggereerd dat de technologie of die ene gebeurtenis dan bepaalt hoe we ons werk moeten gaan inrichten, en dat is natuurlijk grote onzin.”

We moeten een transitie maken naar een meer duurzame economie.

“Wat ik bijvoorbeeld een mooi discussieonderwerp vindt, is waarom we de fulltime baan van veertig uur nog steeds als basis zien. Willen werkenden dit? Past het bij de morele waarden van hoe we naar werk kijken? Een ander onderwerp is de actuele discussie over verhoging van het minimumloon. Hoe kijken we daar naar? Moet het minimumloon gebaseerd zijn op een fulltime werkweek, terwijl maar de helft van de mensen fulltime werkt? Ook zoiets als de duurzame economie is van groot belang in deze discussie. We moeten een transitie maken naar een meer duurzame economie. Wat betekent dat voor het werk? Kunnen we in het model van de toekomst minder nadruk leggen op alleen maar het inkomensaspect van werk of durven we breder te denken. Zijn andere onderwerpen niet ook relevant, bijvoorbeeld hoe kunnen we werk meer zinvol en betekenisvol maken?”

Wat zijn de belangrijkste vier woorden op het lege vel als we de toekomst van arbeid gaan uitdiepen?

Dat is een leuke vraag. Woorden waar we het over moeten hebben, zijn zinvol, autonomie, zekerheid of bestaanszekerheid en iets van sociale relaties of zo.”

Tekst: Auke Klijnsma, Peter Blok


Interviewbundel In betere banen

Dit interview komt uit de bundel In betere banen. Daarin interviewen Auke Klijnsma, Peter Blok en Simone Lensink vijftien experts over de knelpunten in de huidige organisatie van werk en over de arbeidsmarkt van de toekomst. Naast dit interview met Paul de Beer bevat de bundel interviews met: Cristel van de Ven, Daan Nijssen, Evert Verhulp, Hugo-Jan Ruts, Jacco Vonhof, Kees Vuyk, Lawrence van Woensel, Marcel Becker, Reinier Castelein, Ronald Dekker, Roos Wouters, Ruben Houweling, Sjanne Marie van den Groenendaal en Ton Wilthagen.

Het boek In betere banen is te bestellen via Managementboek.


 

Geplaatst in Toekomst van Werk, ZP en Ondernemen | Tags , , , | 1 Reactie

Potentie en problemen van de platformeconomie

In de podcastserie ‘Werken aan Nederland’, georganiseerd door de Werkvereniging, spreek ik samen met Martijn Aslander met verschillende gasten over de arbeidsmarkt. Deze keer was internationaal platformexpert Martijn Arets onze gast.

Met Arets bespraken we de potentiële voor- en nadelen van de platformeconomie voor werkenden. Onze conclusie: politieke discussies over platformen gaan te veel over contractvorm en te weinig over waar het echt om draait: zekerheid en perspectief.

Wat is er eigenlijk nieuw in de kluseconomie? Welke taak is er voor de vakbonden van de toekomst? En hoe zorgen we dat het debat gevoerd wordt op basis van feiten in plaats van emoties? Je hoort het in de podcast, luister hem hier.

Fragmenten

Benieuwd naar een specifiek onderwerp? Scroll naar de volgende fragmenten:

2:15: Platformen kunnen potentieel een grote rol spelen in het verlagen van drempels op de arbeidsmarkt. Dit is nog maar het begin.

2.40: “Platforms are cutting out the middleman”, zegt Martijn Aslander. Martijn Arets benadrukt de opkomst van de nieuwe ‘middlemen’: de platformen en hun algoritmes. “Het ontbreekt aan discussie over zekerheid en perspectief van de werkenden.”

4:05: De discussie anno nu gaat over vakjes: is de platformwerker een medewerker in loondienst, een uitzendkracht of een freelancer? Waar de discussie over zou moeten gaan zijn waarden: zekerheid, continuïteit, de balans tussen individu en collectief. Die debatten worden nu over het hoofd gezien.

8:45: Zijn platformmedewerkers modern werkenden bij uitstek? Dat is lastig te zeggen, want er zijn veel verschillende typen platformwerkers. Is iemand afhankelijk van het platformwerk? Kan hij een eigen business opbouwen of blijft hij afhankelijk van het algoritme voor klussen?

11:50: De platformeconomie is geen hele nieuwe tak van sport. Taxibedrijven werken al jarenlang met freelancers en oppaswerk is vaak gewoon zwart betaald. Het gaat erom dat drempels lager worden. Er is een ‘planeet platformeconomie’.”

13:35: Het is jammer dat de focus in discussie alleen ligt op contractvorm, dat is een gemiste kans. Veel belangrijkere discussies voor de toekomst gaan bijvoorbeeld over de impact van automatische besluitvorming, waarbij het algoritme jouw manager is.

16:00: Arets mist ook de echte discussie over de toekomst van de arbeidsmarkt. “Iedereen snapt dat de tijd van pleisters plakken voorbij is. Herontwerp is nodig. Maar die volgende stap zetten, dat is moeilijk.”

17:30: Arets vertelt over de strategie van grote platformbedrijven uit Silicon Valley, zoals Uber. “Platformen weten dat er op een gegeven moment regelgeving komt. Je moet dus snel groeien en zorgen dat je zo min mogelijk last heb van regels.”

21:10:Waarom zorgen we niet dat iedere werkende een koffertje heeft met een batterij aan zekerheden, gekoppeld aan het individu? Als je een werkende centraal zet, maakt dienstverband niet meer uit.

36:20: Arets: “Het concept vakbond vind ik onwijs belangrijk. Maar de uitvoering, die kan beter. Zorg dat het weer draait om hetgeen waar het ooit mee begon: tegenmacht en verheffing van de werkenden. Je moet echt waarde toevoegen voor mensen.”

50:50: Waarom is er nog geen collectieve overeenkomst van opdracht voor de kluseconomie? Arets: “De eerste jaren werkten platformen nog niet samen, dat gebeurt nu wel vaker. En platformen zijn heel divers, met heel andere modellen en doelgroepen. Ze zouden meer moeten samenwerken rond dingen die ze wel met elkaar delen, zoals transparantie in automatische besluitvorming.”

58:30: Elk land heeft eigen uitdagingen rondom de platformeconomie. Een ratingsysteem zoals dat van Uber is in sommige minder geïnstitutionaliseerde landen een uitkomst. Als je daar vroeger een taxi bestelde had je geen idee welke gek er achter het stuur zat. Het is de taak van overheden om de positieve kanten te versterken en negatieve zaken de kop in te drukken.

64:20: De overheid zou zich meer moeten bezighouden met data. Vooral lokale bedrijven zijn meestal welwillend om data te delen. Er is een gebrek aan feiten en kennis in het debat, en een overvloed aan emoties en individuele belangen.

69:30: Welke advies heb je voor het kabinet? Arets: “Kijk naar de arbeidsmarkt in de breedste zin van het woord. Wees sterk en hoor de polder aan, maar maak eigen keuzes. En schiet op. We kunnen hier nog 30 jaar over praten, maar die luxe hebben we niet.”

 


Podcasts “Werken aan Nederland”

Bekijk voor meer highlights uit de podcasts in de serie “Werken aan Nederland? deze overzichtspagina


Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Opdrachtgever moet zorgen voor ‘verbinding’ met zzp’er

“Ik vind het raar dat HR niet betrokken is bij zzp’ers in de organisatie. Dat zijn toch ook mensen?”, zegt Sjanne Marie van den Groenendaal, docent HRM, onderzoeker en consultant. “Als een zzp’er binnenkomt gaat het alleen maar om ‘Wat kost je, wat is jouw expertise en wanneer is jouw opdracht klaar?’ Maar als je vanuit een HR-perspectief kijkt kun je een veel hogere kwaliteit uit de samenwerking halen.” Een zzp’er die echt gezien en gehoord wordt is veel meer bereid alles op alles te zetten om de klus goed af te ronden. En hij zal ook verder kijken dan alleen zijn eigen opdracht en meedenken in het belang van de organisatie. En – ook belangrijk in tijden van schaarste aan goed professionals – de kans dat die zzp’er opnieuw voor jouw organisatie wil werken is dan veel groter.

Duurzame inzetbaarheid zzp’ers

Ook voor de zzp’er is werkgeluk (happiness) en duurzame inzetbaarheid (health) belangrijk. Met die tevredenheid zit het wel goed, stelt Van den Groenendaal op basis van eigen onderzoek. Maar HR zou zich meer moeten bekommeren om de duurzame inzetbaarheid van zzp’ers. “Denk aan IT-professionals, die zitten meestal fulltime op een opdracht en moeten in de avonduren en in het weekend hun kennis en expertise bijspijkeren. Hoe duurzaam is dat?” Volgens Van den Groenendaal ligt daar een taak voor HR. “Als we niet zuinig zijn op onze IT-professionals, worden ze nog moeilijker te vinden. En dat is uiteindelijk ook een probleem voor de organisatie.”

Het is belangrijk om ook met de flexibele schil over werkgeluk in gesprek te gaan. – Ulrika Léons – 

Digitale vervreemding

Ook Ulrika Léons, psycholoog en directeur van Skils (onderdeel Zorg van de Zaak), vindt dat opdrachtgevers extra zorgvuldig met zzp’ers moeten omgaan. “Tijdens de coronacrisis trad digitale vervreemding op. We hebben allemaal de behoefte weer in contact te komen en zoeken verbinding. Ook zzp’ers. Zeker in deze tijd van krapte op de arbeidsmarkt is het belangrijk de verbinding met zzp’ers te versterken.” Hoe zorgt een organisatie daarvoor? Volgens Léons moet een opdrachtgever in het contact met zzp’ers laten blijken dat zij hun ondernemerschap waarderen, kijken wat hun drijfveer is en wat zij zoeken? “Het is belangrijk om ook met de flexibele schil over werkgeluk in gesprek te gaan. Dat werkgeluk blijkt vooral te bestaan uit verbinding, contact met collega’s en uitwisseling van kennis. Dus wij proberen zzp’ers in onze organisatie juist dat te bieden.”

Onboarding is belangrijk, ook voor zzp’ers. Die zijn vaak langer verbonden aan een organisatie dan vaste medewerkers. – Ardienne Verhoeven –

Onboarding van zzp’ers

Ardienne Verhoeven, recruitment & onboardingspecialist van Workwonders, vindt dat er direct bij de instroom van nieuwe medewerkers moet worden geïnvesteerd in de verbinding. “Onboarding is belangrijk voor iedereen, ook zzp’ers.” Maar waarom gebeurt dit in de praktijk dan toch vaak niet? “Het idee is vaak dat een freelancer er tijdelijk is en dat dus de investering niet loont. Terwijl zzp’ers vaak langer verbonden zijn aan een organisatie dan vaste medewerkers.”

Binding is nog geen verbinding

“Bij veel organisaties wordt het vergroten van het werkgeluk ingevuld door vaak feestjes te organiseren, er zijn tafeltennistafels – alles voor de leuk. Maar deze vorm van binding is nog geen verbinding. Het zegt nog niets over hoe graag mensen bij jouw organisatie willen blijven.”

Voor echte verbinding moet er aandacht zijn voor het individu, stelt Verhoeven. Oprechte, intrinsieke motivatie bepaalt volgens haar of een zzp’er zich verbonden voelt met de organisatie. Daarvoor zijn drie aspecten van belang:

  1. competenties; kan ik die klus aan en kan ik mijn vaardigheden goed inzetten?
  2. autonomie; kan ik die rol invullen en zelfstandig beslissingen nemen en zelfstandig werken?
  3. verbinding; krijg ik aandacht, word ik gezien door de opdrachtgever, is er betrokkenheid en kan ik goed overweg met de collega’s?

Ulrika Léons is het met Verhoeven eens. Volgens haar worden zzp’ers in deze tijd van krapte op de arbeidsmarkt meer gewaardeerd binnen organisaties. En dus meer betrokken, bij zowel bij informele als formele activiteiten. “Tegenwoordig laten wij zzp’ers ook de opleidingen volgen die vaste medewerkers aangeboden krijgen. En natuurlijk nodigen wij hen uit voor het Kerstdiner.”

 

Dit is een beknopt verslag van de recente aflevering van BNR Werkverkenners waarin Rens de Jong in gesprek ging met experts over het thema ‘verbinding’. De volledige podcast van BNR is hier te beluisteren.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Vers groeikapitaal voor FinanceFactor

FinanceFactor maakt een grote stap richting haar toekomstige groeiambities. Daarvoor gaat zij een samenwerking aan met FireFly, een investeringsmaatschappij die zich kenmerkt door een hoge persoonlijke en strategische betrokkenheid. Met het aantrekken van groeikapitaal werkt FinanceFactor aan de doelstelling om tot de top van Nederland te gaan behoren.

Albert Allmers (zie foto), initiatiefnemer en directeur FinanceFactor, is trots op de aangekondigde samenwerking. “Ik begon FinanceFactor tien jaar geleden. De afgelopen jaren zijn we sterk gegroeid en staat er een bedrijf met negen man personeel en een miljoenenomzet. Dat is opgemerkt: we staan voor de vierde keer in de Top 250 Groeibedrijven en hebben herhaaldelijk de FD Gazellen Award gewonnen, een award voor de snelst groeiende bedrijven van Nederland. En daar stopt het niet. FinanceFactor wil verder groeien en marktleider worden in de bemiddeling van finance professionals.”

Impresariaat

FinanceFactor werd opgericht in 2011 en ziet zichzelf als meer dan een intermediair. Het bureau positioneert zich als een ‘impresario’, waarbij carrièrewensen en behoeften van kandidaten centraal staan. Die kandidaten worden actief ondersteund in hun loopbaan door coaching en advies over hun persoonlijke en professionele ontwikkeling.

FireFly levert geld, ervaring en netwerk

Hun groeiambitie bracht Allmers en managing partner Simon Anderiesen op een kantelpunt in de keuze voor de richting die ze met hun organisatie op willen gaan. In het vraagstuk over de toekomst speelden zowel een groot verantwoordelijkheidsgevoel voor de interne organisatie als reflectie op de mogelijkheden van autonome groei een belangrijke rol. Een van de kernwaarden van FinanceFactor is het investeren in de relatie. Met dat gegeven in het achterhoofd kwamen zij uit bij investeringsmaatschappij FireFly.  Jeroen Schras, partner FireFly: “We participeren met een hoge persoonlijke en strategische betrokkenheid. We zetten onze kennis, onze ervaring en ons netwerk in om ondernemers te ondersteunen in het realiseren van groei. Bij FinanceFactor springt de menselijke maat eruit. Dat is wat wij bij FireFly ook nastreven. Vanuit die overtuiging en ondernemerschap hebben wij elkaar gevonden.”

We versterken om te versnellen

Met deze samenwerking krijgt FinanceFactor de slagkracht om haar ambities waar te maken, zonder de kernwaarde van persoonlijke aandacht en ontwikkeling te verliezen. Allmers: “We versterken om te versnellen. Met schaalvergroting van onze organisatie zijn wij in staat onze finance professionals en klanten nog meer te ontzorgen en hen de juiste keuzes te laten maken. De persoonlijke ontwikkeling van de finance professional blijft onverkort onze core business. De impuls die we nu krijgen door de samenwerking met FireFly houdt de kern waarop FinanceFactor is gebouwd intact en versterkt deze zelfs: we blijven authentiek inspireren en duurzame zingeving creëren.”

Lees meer over de achtergronden van deze samenwerking in dit interview.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , | 1 Reactie