ACM publiceert definitieve richtlijn tariefafspraken zzp’ers Geplaatst 26 november 2019 door ZiPredactie De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft haar definitieve ‘Leidraad tariefafspraken zzp’ers’ gepubliceerd. De leidraad maakt duidelijk in welke gevallen zzp’ers gezamenlijk afspraken kunnen maken over hun tarief. Dat kan bijvoorbeeld om op het bestaansminimum te komen. Ook zzp’ers die ‘zij-aan-zij’ werken met werknemers (dus hetzelfde werk doen) in hun sector mogen tariefafspraken maken. Zo is onlangs in de CAO voor architecten opgenomen dat ingehuurde zzp-architecten minimaal een tarief moeten krijgen van 150% van het vergelijkbare loon. De nieuwe leidraad werd deze zomer al aangekondigd. Verschillende partijen hebben gereageerd op de concept-Leidraad. Naar aanleiding van de reacties is de Leidraad op een paar punten aangepast en verduidelijkt. De Leidraad geldt bijvoorbeeld ook voor zzp’ers die met hun arbeid “werken tot stand brengen”, zoals fotografen of kunstenaars. Lees ook: ACM en tariefafspraken, weinig nieuws onder de zon Martijn Snoep, bestuursvoorzitter van de ACM: “In onze economie werken meer dan een miljoen zzp’ers. We maken duidelijk dat zzp’ers die zij-aan-zij werken met werknemers bijvoorbeeld onder cao-afspraken kunnen worden gebracht. En zzp’ers mogen nu al, vooruitlopend op wettelijke regels, onderling afspraken maken om op het bestaansminimum te komen.” Twee situaties Er zijn twee belangrijke situaties waar zzp’ers tariefafspraken mogen maken. Zzp’ers die “zij-aan-zij” werken met werknemers mogen tariefafspraken maken Zzp’ers die “zij-aan-zij” werken met werknemers in het bedrijf of sector, zijn voor dat werk geen “onderneming” in de zin van de Mededingingswet. Dus als zzp’ers in de dagelijkse gang van zaken niet te onderscheiden zijn van werknemers in die sector, dan mogen zij gezamenlijk onderhandelen over tarieven. Dat mag ook in het kader van een cao. Deze situatie geldt dus niet alleen voor afspraken om op het bestaansminimum te komen. Zzp’ers kunnen onderhandelen over een tarief om op het bestaansminimum te komen Het kabinet wil in 2021 een wettelijk minimumtarief voor zzp’ers van 16 euro per uur invoeren. Het kabinet wil zo zzp’ers beschermen tegen armoede en voorkomen dat zij tegen een te laag tarief ingehuurd worden. Ook voorkomt het dat opdrachtgevers alleen vanwege lagere kosten zelfstandigen inhuurt. Dat leidt tot sociale dumping. De ACM zal tot de invoering van het wettelijk minimumtarief geen boetes opleggen bij afspraken tussen zzp’ers om dit minimumtarief nu al te realiseren. Klik hier voor de verkorte versie van de leidraad Klik hier voor de uitgebreide versie van de leidraad Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags ACM, minimumtarief | 1 Reactie
NBBU-congres: ‘minder Haagse regels, meer focus op millennial’ Geplaatst 25 november 2019 door Arthur Lubbers “We zijn 25 jaar geleden begonnen als een vrijgevochten bende, maar zijn nu volwassen geworden”, zo opende NBBU-voorzitter Brigitte van der Burg het jubileumcongres in de sfeervolle Rijtuigenloods in Amersfoort. Verder was er weinig tijd voor terugblikken, wel veel discussie over de arbeidsmarkt van morgen. De bijna 400 bezoekers – leden, stakeholders, politici, deskundigen – zijn vermaakt met spectaculaire acts en met enkele prikkelende presentaties. Voor een impressie van het Jubileumcongres Connect in Flex kijk op de site van de NBBU. Nieuwe coalities nodig Het meest opvallend was het relaas van Jacco Vonhof, sinds vorig jaar voorzitter van MKB-Nederland en self-made man die als glazenwasser is begonnen en nu een schoonmaakbedrijf van 2.100 mensen runt. Vonhof haalde (als ondernemer) flink uit naar Den Haag. “De verantwoordelijkheid voor sociale zekerheden van werkenden is volledig bij de ondernemer neergelegd. Dat heeft geleid tot complexe wet- en regelgeving. En de politiek komt met oplossingen die het voor ons nog ingewikkelder maken.” Vonhof ziet de gevolgen dagelijks in de praktijk. “Het wordt ons ondernemers niet gemakkelijk gemaakt. Hoe moet een MKB-ondernemer met zeven man in dienst dat allemaal voor elkaar krijgen? Als ik nu opnieuw zou beginnen als ondernemer, dan zou ik echt geen personeel meer aannemen.” Jacco Vonhof Logisch gevolg is volgens Vonhof dat bedrijven meer gebruik gaan maken van freelancers via platformen als Helpling en Uber Works. “Dat is lekker makkelijk voor een ondernemer. En de politiek dwingt ons er bijna toe. Maar dat moeten we niet willen, dat is ook niet goed voor de werkende zelf.” Hoe dan wel? “Ik ben het met de visie van Borstlap eens – overigens niet met de voorlopige uitkomsten – dat er een brede basis moet komen voor alle werkenden. Die basiszekerheden – verzekeringen (tegen bijvoorbeeld arbeidsongeschiktheid), hypotheek, pensioen – moeten gelden voor iedereen, ook als iemand even geen werk heeft.” Daarnaast moet volgens Vonhof volop worden ingezet op een leven lang ontwikkelen. “We moeten toe naar een circulair arbeidsmarkt waarin geïnvesteerd wordt in mensen om tijdens en buiten het werk te blijven leren.” Om dat te realiseren is veel werk in de polder nodig, weet de MKB-voorzitter. “We moeten nieuwe coalities gaan vormen. Ik roep de vakbonden op om dit samen met ons op te pakken.” Als ik nu opnieuw zou beginnen als ondernemer, dan zou ik echt geen personeel meer aannemen. ‘Millennial is zijn eigen BV’tje’ Het Jubileumcongres stond vooral in het teken van vergezichten, met name over de arbeidsmarkt van morgen. Centraal thema was dan ook: de millennial. Young Advisory Group verrichtte onlangs in opdracht van de NBBU onderzoek naar hoe millennials naar hun eigen carrière kijken. Korte conclusie uit het YAG-rapport ‘Visie van millennials op de arbeidsmarkt van morgen’ is: De millennial ziet zichzelf als ondernemer van zijn of haar eigen carrière; zij zijn niet zo loyaal aan bedrijven, maar hebben vooral behoefte aan zelfontplooiing en waardering. Zij willen voor wisselende werkgevers/opdrachtgevers aan de slag gaan en 45% overweegt op enig moment in zijn of haar carrière als zelfstandige te gaan werken. De ‘millenial is zijn eigen BV’tje’, zo vatte dagvoorzitter Jort Kelder samen. Van der Burg zei tijdens het Jubileumcongres in een reactie op de uitkomsten van het onderzoek dat het op zich al goed nieuws is dat een zo groot percentage flexibel wil werken. “En als je kijkt naar de motieven van de 55% die wel gaat voor de vaste baan, dan blijkt dat zij dit willen vanwege de onderliggende zekerheden als hypotheek en verzekeringen tegen bijvoorbeeld arbeidsongeschiktheid.” Vandaar dat Van der Burg – net als Jacco Vonhof – stelt: “We moeten toe naar sociale zekerheid die past bij deze tijd, ongeacht de contractvorm.” Minister Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) feliciteerde de NBBU in een videoboodschap. Toekomst van NBBU? Dagvoorzitter Jort Kelder gooide op een gegeven moment de knuppel in het hoenderhok door voor een volle zaal met uitzendondernemers te vragen of er überhaupt in deze tijd van internet en technologische ontwikkelingen nog intermediairs nodig zijn. Een van de aanwezige millennials die aan het YAG-onderzoek heeft meegewerkt denkt dat de intermediair wel degelijk nodig blijft: “Millennials hebben last van keuzestress en behoefte aan loopbaanbegeleiding.” Daar ligt een schone taak voor de intermediair. Of zoals NBBU-directeur Marco Bastian zegt: “Wij zijn nodig om mensen aan een nieuwe baan te helpen en mensen te helpen bij het omvormen naar nieuwe banen.” Op Kelders’ tweede vraag ‘Bestaat de NBBU nog over 25 jaar?’ antwoordde Van der Burg: “De NBBU wel, maar de flexmarkt zal er dan heel anders uitzien.” Lees ook: 25 jaar NBBU, belang branchevereniging groter dan ooit Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags millennials, NBBU | Laat een reactie achter
NOS in de fout met bewering: “merendeel zzp’ers is eigenlijk werknemer.” En er spelen heel andere zaken rond dit dossier. Geplaatst 25 november 2019 door Hugo-Jan Ruts “Uit een proef met een digitale vragenlijst van het ministerie van Sociale Zaken en de Belastingdienst blijkt dat het grootste deel van de zzp’ers waarschijnlijk gezien moet worden als werknemer. Dat heeft minister Koolmees bekendgemaakt.” Dat schrijft de NOS op haar website. Maar klopt dat? Nee, dat begrijpt u vast al. We laten toch maar even zien waarom dat niet klopt. En hoe de eerste proef met de webmodule aanleiding lijkt te zijn voor het kabinet om ook een ander traject in te zetten om het zzp-beest te temmen. Kamerbrief geeft geen cijfers De NOS trekt deze conclusie naar aanleiding van een Kamerbrief van Minister Koolmees, waar we al eerder over schreven. In deze brief gaat de minister in op de uitkomsten van een eerste proef met de webmodule. Meer dan 8.000 opdrachtgevers hebben een casus ingevuld op de webmodule. De uitkomsten zijn verwerkt tot een groot aantal casussen die vervolgens beoordeeld zijn door middel van de concept vragen. In de Kamerbrief van Koolmees staat te lezen dat: Een ‘substantieel aantal’ van die casussen levert de beoordeling ‘geen dienstbetrekking’ op. Over een ‘substantieel aantal’ kan geen oordeel gegeven worden. Bij een ‘substantiëler’ aantal wordt iemand ingehuurd als zzp’er terwijl ‘de feitelijke omstandigheden overeenkomen met werken in dienstbetrekking. Dat is waar de NOS zich op baseert bij hun bericht. Een ‘substantiëler’ aantal is nog niet het merendeel. Percentages worden in de brief niet genoemd. Daar is het ook nog veel te vroeg voor. In de brief wordt benadrukt dat “de testfase nog niet is afgerond en dat daarom alleen een nog vrij globale schets wordt gegeven van de voorlopige uitkomsten.” Sommige vragen zijn, zo blijkt uit de brief, ook verkeerd ingevuld. Reden voor een tweede proefronde. Maar er is nog veel meer af te dingen op de conclusie van de NOS. Wie zijn de “zzp’ers”? De online vragenlijst is uitgezet onder opdrachtgevers. Bedrijven dus die mogelijk zzp’ers inhuren, om gebruik te maken van hun arbeid. Van alle zzp’ers verdient 16,2% zijn/haar geld door het (uitsluitend) verkopen van producten (data: ZAE 2019, CBS/TNO) Van alle zzp’ers ‘eigen arbeid’, de CBS term voor de zzp’ers die geen producten verkopen, werkt 29% uitsluitend voor particulieren. Deze twee groepen, bijna de helft van alle zzp’ers, komen helemaal niet voor in de resultaten van deze online test van het ministerie. Dan heb je nog de groep zzp’ers ‘eigen arbeid’ met (heel) veel verschillende opdrachtgevers. Denkbaar is dat opdrachtgevers de test-versie van de webmodule niet hebben ingevuld met bijvoorbeeld hun advocaat in het achterhoofd. Of een andere type zzp’er waarvan je 1-2 keer per jaar gebruik maakt. 34,0% van alle zzp’ers ‘eigen arbeid’ heeft meer dan 20 opdrachtgevers per jaar. Het gros van het type opdrachten dat deze groep doet valt buiten de scope van de webmodule. Die vallen dus ook buiten de online test. Kortom: de stelling van de NOS dat het ‘merendeel van de zzp’ers eigenlijk werknemer is’ kan je niet uit de Kamerbrief halen, dat is voorbarig en onzorgvuldig. En daarbij is de stelling onjuist omdat het onderzoek gaat om een beperkt deel (ongeveer een derde) van alle zzp’ers. Er is meer. Webmodule zorgt niet voor gewenste korte termijn helderheid Feit is dat de webmodule momenteel meer situaties beoordeelt als ‘aanwijzing dienstverband’ dan ‘beoordeling geen dienstbetrekking’. De ‘beoordeling geen dienstbetrekking’ wordt een harde garantie voor opdrachtgevers, de ‘aanwijzing’ is geen definitief oordeel. Het is een ‘aanwijzing’. Met het wijzigen van een aantal omstandigheden kan alsnog dezelfde persoon ingehuurd worden als zelfstandigen. En de Belastingdienst zal ook nog steeds moeten bewijzen dat iemand niet ‘buiten loondienst’ kan werken. De conclusie dat iemand buiten loondienst kan werken, zal tot een naheffing leiden bij de opdrachtgever, maar dat wil nog niet zeggen dat die persoon gelijk werknemer is. Maar dat terzijde. Belangrijker is het feit dat er in de webmodule geen nieuwe regels staan. De vragen en beoordeling is gebaseerd op bestaande wetgeving en vooral jurisprudentie. En in nogal wat zaken de afgelopen tijd (TV kok Den Blijker, zeefdrukker in Amsterdam, dirigent koor: 18 jaar zzp, doorbetaald bij ziekte/vakantie) dacht de Belastingdienst steeds een stevige zaak te hebben, maar verloor keer op keer. Ook de Deliveroo zaak van de FNV leverde maar een halve overwinning op. Verder wijzen een aantal experts in dit rapport (bijlage bij Kamerbrief) de Minister er op dat de ‘wil der partijen’ (wil je als opdrachtgever – opdrachtnemer beiden buiten dienstbetrekking werken) vaak een zwaarwegend punt is bij rechtszaken. En laat die vraag nu juist niet in de eerste versie van de webmodule staan. Koppel het feit van de ‘wil der partijen’ aan het cijfer dat (maar) 11,8% van de “zzp’ers eigen arbeid” aangeeft liever in loondienst te werken (ZAE 2019), en dan ontstaat het beeld dat die webmodule wellicht toch niet het instrument lijkt te zijn om op korte termijn helderheid te geven. Dat terwijl een flink deel van de Kamer dat wel wil, zodat zzp-constructies rond bijvoorbeeld maaltijdbezorging, zorg en onderwijs onmogelijk worden. Koerswijziging Kabinet In het regeerakkoord stond nog aangekondigd dat het arbeidsrecht aangepast zou worden. De minister wil daar toch niet aan. Mogelijk is de veronderstelling dat zo’n aanpassing het opdrachtgevers te makkelijk maakt om zzp’ers in te huren. En nu blijkt het tegenovergestelde waar. De huidige jurisprudentie, met zijn holistische benadering, geeft keer op keer juist alle ruimte om wel zzp’ers in te huren, met name als de opdrachtgever-opdrachtnemer dat zelf prima vinden. Als het anders moet, dan moet de politiek maar andere kaders stellen, zo stelde de rechter in bijvoorbeeld de Deliveroo zaak. Dus start de Minister nu ook een ander traject op. In het persbericht bij de Kamerbrief kondigt hij een maatschappelijk debat aan over de vraag welk type werk nu wel en niet door zzp’ers gedaan kan worden. Hij noemt daarbij bewust geen voorbeelden, maar het is een voorzet voor open doel voor de Kamerleden in dit debat. Te beginnen woensdag aanstaande bij de behandeling van de begroting van het Ministerie van Sociale Zaken. Roept u maar: pizzakoeriers, verpleegkundigen in ziekenhuizen, leraren in het basisonderwijs, invalkrachten bij orkesten, enzovoort. Welk type werk wil de politiek (en maatschappij) uitsluiten voor zzp-constructies. In België en Duitsland gebeurt dat al. Die kant lijkt het kabinet nu op te willen gaan. Als aanvulling op een beperkt instrument als de webmodule. En – niet in de laatste plaats – door inschatting op het ministerie dat het politieke en maatschappelijk draagvlak voor de wetgeving voor het minimumtarief en de zelfstandigenverklaring wel eens heel broos zou kunnen zijn. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags Koolmees, minimumtarief zzp, Webmodule, Zelfstandigenverklaring, zzp-beleid | 5s Reacties
Sleutelen aan webmodule voor beoordeling zzp-opdrachten kost nog enkele maanden. Koolmees stuurt brief naar Kamer. Geplaatst 22 november 2019 door Hugo-Jan Ruts De webmodule die opdrachtgevers duidelijkheid moet geven of voor een opdracht een zelfstandige ingehuurd kan worden, laat nog een paar maanden op zich wachten. Dat meldt het kabinet in een brief aan de Kamer (zie hier voor brief, de gele arcering is van de ZiPconomy redactie). De webmodule moet zorgen voor een “laagdrempelige manier om zekerheid te krijgen over de kwalificatie van de arbeidsrelatie” aldus het kabinet. De webmodule wordt geen verplichting. Wanneer er geen twijfel is dat iemand als zzp’er ingehuurd wordt dan kan gewoon een overeenkomst afgesloten worden. Ook kan gewerkt blijven worden met de bestaande (branche) modelovereenkomsten of vooraf een beoordeling aangevraagd worden bij de Belastingdienst (vooroverleg). Vragenlijst Voor de vragen en met name de beoordeling daarvan wordt gebruik gemaakt van bestaande jurisprudentie. Die is alleen niet erg consistent: “De analyse van de UvA maakt duidelijk dat uit de rechtspraak een diffuus beeld ontstaat (over kwalificering zzp). Niet duidelijk is hoe dit komt.” Dat maakt het opstellen van de webmodule er niet eenvoudiger op. Zie ook: ZiPconomy whitepaper waarin we uitgebreid in gaan op de webmodule en de zelfstandigenverklaring (voor opdrachten boven 75,- per uur). Deze whitepaper is hier te vinden. Het kabinet geeft de moed echter nog niet op. Feedback van opdrachtgevers en experts wordt nu gebruikt om tot een kortere vragenlijst te komen. Het kabinet gaat de Kamer in het eerste kwartaal van 2020 informeren over de definitieve vragenlijst en de beslisboom ten behoeve van de webmodule. De vragen uit de webmodule komen grotendeels overeen met de criteria Indicaties gezagsverhouding zoals die zijn opgenomen in het Handboek Loonheffingen 2019. Er is een vraag toegevoegd over het aantal uren per week dat wordt gewerkt. “Dit omdat de omvang van het werk in relatie tot de duur van de opdracht mede kan bepalen in hoeverre er (economische) afhankelijkheid is van de opdrachtgever” aldus het kabinet. De nieuwe concept vragenlijst wordt vanaf 27 november openbaar. ‘Kan’, ‘kan niet’ of ‘weet niet’ Duidelijk is wel dat de uitkomsten van de webmodule niet altijd uitsluitsel zal geven. Na de beantwoording van de vragen kan de webmodule drie mogelijke uitkomsten geven: Een verklaring dat een opdracht buiten dienstbetrekking verricht kan worden. De opdrachtgever heeft dan de zekerheid dat er geen loonheffing hoeft ingehouden te worden (tenzij er blijkt dat er in de praktijk anders wordt gewerkt dan wat bij de antwoorden is aangegeven). Er volgt “een indicatie dienstbetrekking”. Dit wil volgens het kabinet “niet zeggen dat de arbeidsrelatie per definitie een dienstbetrekking is”, maar het is wel een sterke indicatie en daarmee advies om een ander type contract af te sluiten of de werkzaamheden anders in te richten. Een indicatie dienstbetrekking heeft geen rechtsgevolgen Een derde mogelijke uitkomst is: “Er kan geen oordeel gegeven worden.” In de brief werkt het kabinet alvast een negental casussen uit (zie einde van deze brief) Daarin wordt duidelijk dat bijvoorbeeld het uitvoeren van ‘reguliere werkzaamheden die ook door de werknemer gedaan wordt in combinatie met weinig regelvrijheid, tot het onderdeel ‘indicatie dienstbetrekking’ leidt. Daarbij wil het kabinet wel duidelijk maken dat het een misverstand is dat “als er één element wijst op werken in dienstbetrekking er geen sprake meer kan zijn van werken buiten dienstbetrekking.” Wil der partijen In de Kamerbrief verwijst de minister naar een onderzoek voor de UvA in opdracht van het Ministerie. Daarin zijn 274 uitspraken van rechters geanalyseerd, zaken waarin de vraag centraal staat of er wel of geen dienstbetrekking is. In hun adviesrapport wijzen de auteurs (onder andere Prof Evert Verhulp) er op dat de intentie die partijen (opdrachtgever / opdrachtnemer) hebben een belangrijke rol speelt bij de beoordeling van de rechter. Dus wanneer er expliciet wordt afgesproken dat een arbeidsovereenkomst niet gewenst is door beide partijen en dit ook duidelijk blijkt uit de correspondentie, dan is dat voor rechters een belangrijke indicator voor de afwezigheid van een dienstbetrekking. Dat element van de ‘wil der partijen’ ontbrak in de eerste versie van de webmodule. Onbekend is nog of het wel een rol gaat spelen in de nieuwe versie. Maatschappelijke discussie over welk type werk niet door zzp gedaan kan worden Het kabinet lijkt zich tot slot te realiseren dat de combinatie van een webmodule, een minimumtarief en de zelfstandigenverklaring geen definitief antwoord geeft op de vraag of bepaalde opdrachten nu wel of niet door zzp’ers gedaan kunnen worden. En vooral of dat maatschappelijk gewenst is. Het kabinet wil daarom een breed gesprek voeren “over de wijze waarop wordt gewerkt en in hoeverre bepaalde werkwijzen zich al dan niet lenen om buiten dienstbetrekking te werken.” En dat zal niet betekenen dat er altijd een voor iedereen wenselijke uitkomst komt, zo waarschuwt hij alvast in dit bericht. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Webmodule, zelfstanderigenverklaring | Laat een reactie achter
Kabinet wil brede discussie opstarten over welk type werk wel en niet door zzp’ers gedaan kan worden. Geplaatst 22 november 2019 door Hugo-Jan Ruts Voor welke opdracht mag een bedrijf een zzp’er inhuren en wanneer is iemand eigenlijk een werknemer? Over deze vraag loopt een lange discussie. Het kabinet gaat daarom de komende maanden in gesprek met werkgevers, werknemers, zzp’ers en betrokken organisaties. Dit brede gesprek moet het onderscheid helder maken. Ook moet hieruit duidelijk worden wat de maatschappelijke opvattingen zijn. Dat kondigen minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, staatssecretaris Snel van Financiën en staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken en Klimaat aan in de vierde voortgangsbrief Werken als zelfstandige die aan de Tweede Kamer is gezonden (zie hier voor brief, de gele arcering is van de ZiPconomy redactie) Webmodule nog niet klaar voor gebruik Het kabinet is bezig met nieuwe wet- en regelgeving rond het werken als zelfstandige. Een van de maatregelen is de ontwikkeling van een webmodule als extra, vrijwillig hulpmiddel in het verduidelijken van de regelgeving. Bedrijven die voor een opdracht een zzp’er willen inhuren kunnen deze webmodule straks vooraf invullen. Als uit de beantwoording van de vragen blijkt dat een zzp’er de opdracht mag doen (er buiten dienstbetrekking mag worden gewerkt), krijgt een opdrachtgever een opdrachtgeversverklaring. Deze geeft vooraf zekerheid dat er geen naheffingen komen van de loonbelasting en de werknemersverzekeringen, mits de webmodule naar waarheid is ingevuld. Lees ook: Sleutelen aan webmodule voor beoordeling zzp-opdrachten kost nog enkele maanden. De ontwikkeling van de webmodule is inmiddels vergevorderd. De afgelopen periode is er een conceptvragenlijst ontwikkeld. Hiervoor is onder meer door een werkgroep gekeken naar jurisprudentie en (inter)nationaal vergelijkbare vragenlijsten. De conceptvragenlijst is besproken met organisaties van werkgevers, werknemers en zzp’ers. Ook is de conceptvragenlijst voorgelegd aan 50.000 opdrachtgevers om te achterhalen hoe er in de praktijk wordt gewerkt. Dit heeft geleid tot een databestand van praktijkcasussen. Ten slotte hebben experts aan de hand van de ingevulde vragenlijsten de eerste resultaten beoordeeld. Uit deze eerste ronde blijkt dat de webmodule nog moet worden aangepast. Niet alle vragen worden even goed begrepen. Ook wordt nog bekeken of een kortere vragenlijst mogelijk is. Er komt daarom nog een tweede testfase waarbij de vragen opnieuw naar toekomstige gebruikers worden gestuurd. Voor welke opdracht vinden we nu dat je een zzp’er kunt vragen? Deze discussie is eigenlijk nooit echt goed gevoerd. (Min Koolmees) Uit de testfase komt wel een voorlopig beeld van de te verwachten uitkomsten over de werking van de webmodule naar voren. In een substantieel aantal gevallen is het mogelijk vast te stellen dat een opdracht door een zzp’er mag worden uitgevoerd. Maar op basis van de eerste beoordeling blijkt ook dat in een groter aantal gevallen de omstandigheden wijzen op een dienstbetrekking. Bijvoorbeeld omdat de zzp’er op vrijwel dezelfde manier werkt als de werknemers. In een deel van de gevallen kan de webmodule geen uitsluitsel geven. Bijvoorbeeld omdat de vragenlijst geen rekening houdt met kenmerken die per sector weer anders zijn. Dit hoeft geen probleem te zijn. Opdrachtgevers kunnen op andere manieren de arbeidsrelatie helder krijgen. Bijvoorbeeld door met de belastingdienst te overleggen of de manier van werken aan te passen. Discussie Het kabinet vindt het in deze fase verstandig om een breed gesprek te voeren over de kwalificatie van de arbeidsrelatie. Minister Koolmees: “De onderliggende vraag is: voor welke opdracht vinden we nu dat je een zzp’er kunt vragen? Deze discussie is eigenlijk nooit echt goed gevoerd. Er is altijd in techniek over gesproken (VAR/DBA), of in emotie. En met het uitgangspunt dat alle zzp’ers hetzelfde zijn. Maar de zzp’er bestaat niet. We gaan als kabinet daarom een breed gesprek voeren. Over de wetgeving en jurisprudentie en hoe dat uitpakt en met oog voor de veranderende samenleving.’’ Dit zal niet betekenen dat er altijd een voor iedereen wenselijke uitkomst komt. “We werken aan de nieuwe wet- en regelgeving omdat we ook echt zorgelijke trends zien, zoals de onbedoelde concurrentie tussen werknemers en zzp’ers, tussen MKB en zzp en zzp’ers onderling. We kunnen niet stilzitten.’’ In het eerste kwartaal van 2020 wil het kabinet de definitieve vragenlijst, de weging van de vragenlijst en de uitkomsten van de testfase naar de Tweede Kamer sturen. Naast de webmodule komt er ook andere wet- en regelgeving. Zo komt er voor zzp’ers een minimumtarief van 16 euro per uur. En kunnen zzp’ers die meer dan 75 euro per uur verdienen straks voor maximaal een jaar een zelfstandigenverklaring opstellen in overleg met de opdrachtgever. Het wetsvoorstel met beide maatregelen is momenteel in internetconsultatie. Geplaatst in ZP en Politiek | 20s Reacties
‘Echt leiderschap zit in contact maken’ Geplaatst 22 november 2019 door AIM4 Gabriël Anthonio neemt vaak een Zwitsers zakmes mee. Dat gebruikte zijn opa altijd, een man die geweldige verhalen kon vertellen. Net als Anthonio dat kan. De AIM4 netwerkbijeenkomst over waardegedreven leiderschap werd dus geen standaard presentatie met een powerpoint en bullet points. In plaats daarvan kregen we verhalen. Mooie, ontroerende en persoonlijke verhalen. Verhalen die vertellen en duidelijk maken wat leiderschap echt is. “Het blijft toch een mooi ding zo’n Zwitsers zakmes” Anthonio trekt het grote mes eruit. Voor Anthonio is het zakmes een metafoor voor hoe we kwesties in het leven aanpakken. “Tien functies heeft ie, maar we grijpen steeds terug op dat ene grote mes, dat is vaak versleten, de negen andere mogelijkheden van het mes blijven dikwijls onbenut.” We hebben veel mogelijkheden om kwesties aan te pakken maar gebruiken vaak één voorkeurstijl, datgene waar we bekend mee zijn. Vooral op stressvolle momenten vallen we terug op automatische reflexen, op wat we denken te moeten doen. “Zoals de manager die nóg meer druk gaat toevoegen in een stressvolle situatie.” Wat is leiderschap? De definitie van leiderschap is simpel: Invloed uitoefenen. Op je eigen gedachten, de mensen om je heen én op de grotere omgeving. Heel doelbewust. Toch denken we te weinig bewust na over hoe we onszelf én onze omgeving beïnvloeden. Leiderschap is niet gebonden aan een hiërarchische positie. Iedereen kan zichzelf en de mensen om zich heen beïnvloeden ongeacht zijn of haar positie. Inzichten Inzichten over leiderschap vond Anthonio op plekken waar je het misschien ‘t minst verwacht. Zoals in de tbs-kliniek waar hij in 1997 solliciteerde (hij bleek achteraf de enige sollicitant) op de functie van directeur. De kliniek zat in een crisis. Er waren suïcides, ontsnappingen, het ziekteverzuim lag op 14 procent én een van zijn voorgangers was gekidnapt geweest door een patiënt. In die sfeer vestigde hij – tegen alle adviezen in – zich in een open kantoorruimte op de afdeling. Niet hoog en veilig in een mooi kantoor met kunst aan de muur, maar midden tussen de patiënten. “Zo kon ik elk moment contact maken met de patiënten en voelen hoe de zaken ervoor stonden.” Acht jaar heeft hij daar gewerkt. Naïef en onvoorzichtig is hij zeker niet maar onveilig heeft hij zich nooit gevoeld. “Veiligheid komt voort uit menselijk contact, niet uit afgesloten deuren en hekken.” Onorthodox Echt contact maken met de ander. Het komt steeds weer terug in zijn verhaal. Want hoe vaak is er nog echt contact tussen mensen? Toen in de tbs-kliniek de toenmalige minister Korthals op werkbezoek kwam ging dat niet volgens het protocol. De minister kreeg niet de gebruikelijke rondleiding en briefing. Wel at hij samen aan een grote tafel, middenin de kliniek, appeltaart. Die hadden de tbs’ers zelf gebakken. Ondertussen spraken ze met elkaar over hun achtergrond en reden van opname in de kliniek. In openheid en oprechtheid. Er was sprake van menselijk contact op horizontaal niveau. Zijn onconventionele manier van leiding en verantwoordelijkheid geven sloeg aan in de kliniek. Ook omdat hij de patiënten een vorm van autonomie gaf binnen de muren van de kliniek. “Patiënten voelden zich mede verantwoordelijk voor het functioneren van de afdeling en waarschuwden de leiding als andere patiënten niet zo’n goede dag hadden én tegen zichzelf beschermd moesten worden”. Het percentage recidive daalde naar 3,3% – het laagste in Europa. Doe méér van wat wél werkt Leiderschap betekent invloed uitoefenen. Als we die invloed willen vergroten zullen we moeten stoppen met wat niet werkt en meer doen wat wel werkt. “In mijn tijd bij Jeugdzorg kwam ik bij een gezin waar de situatie heel beroerd was. Ik vroeg moeder en dochter welk cijfer ze hun relatie zouden geven. Dat was een magere 4. Ik was benieuwd waarom ze hun relatie geen 1 gaven. Toen vertelden ze dat ze laatst gezamenlijk pannenkoeken hadden gebakken. Dat was gezellig geweest. Ik stelde voor dat ze vaker dingen zouden doen waar ze gelukkig van werden. Zoals pannenkoeken bakken.” Het klinkt simpel, maar de boodschap is duidelijk – doe meer van wat wel werkt. Leer verkeerde gewoonten af én doorbreek vastgeroeste patronen. Dan komt er ruimte om die dingen te doen die echt impact hebben. Paarden Anthonio vergeet het zelf ook wel eens. In de ochtend, tijdens het aankleden van zijn zoon en belangrijkste leermeester Mahil. “Hij is 22, autistisch, en cognitief een kleuter van 3 maar hij leert mij veel over leiderschap.” Als zijn gedachten afdwalen naar een vergadering later die dag laat zijn zoon hem gelijk merken dat er maar één moment belangrijk is: Contact, in het hier en nu. Met contact maken en leiderschap tonen krijg je zelfs een groep van zo’n 200 angstige paarden in beweging. In 2006 zitten ze, door plotseling hoogwater, muurvast op een piepklein stukje land bij het Friese plaatsje Marrum. Een aantal is al verdronken. Er wordt een reddingsactie opgezet. Eerst wordt geprobeerd ze te lokken met hooi. Het werkt niet. Vervolgens probeert de koninklijke landmacht ze van het eiland te jagen. Een aantal paarden breekt een been. Tot Friezin Micky Nijboer voorstelt de paarden te laten leiden door andere paarden. “Want paarden volgen paarden.” Micky en vijf andere meisjes te paard waden zich door het water en maken contact met de groep op het eiland. De kudde volgt en binnen een kwartier zijn alle paarden weer op het veilige vaste land. “Zo werkt het ook met mensen. Maak contact en geef richting . “Mensen komen in beweging van mensen.” Auteur: Juliette de Swarte Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags leiderschap | 4s Reacties