1 op 20 werknemers overweegt te starten als zzp’er. 1 op 10 zzp’ers wil liever een baan. Geplaatst 17 juli 2019 door Hugo-Jan Ruts Een op de twintig mensen met een (vaste) baan overweegt binnen het jaar te starten als zzp’er. Dat zijn 337.000 mensen. Bijna een kwart (22%) zegt ‘misschien’ op de vraag of ze overwegen te starten als zelfstandige. Dat blijkt uit voorlopige cijfers uit het jaarlijks Arbeidsmarkt Gedragsonderzoek 2019 van de Intelligence Group. Aan dat onderzoek deden 2.923 mensen mee die nu een baan hebben of er een zoeken. In 2018 startten 168.233 mensen als fulltime of parttime zzp’er, zo laat KVK weten. In 2019 groeit tot nu toe dat aantal verder door, terwijl er minder zzp’ers stopten dan in 2018. Van de groep die overweegt om binnen het jaar zzp’er te worden zijn mannen wat over vertegenwoordigd. De helft heeft minimaal een HBO opleiding, terwijl 38% van de responsgroep hoger opgeleid is. De cijfers liggen in lijn met wie nu zzp’er is. 6 op de 10 zzp’ers is man en bijna de helft heeft een hogere opleiding. Starters leeftijd zzp’er daalt Van diegenen die zeggen te overwegen om binnen het jaar zzp’er te worden is de helft jonger dan 35 jaar, zo weet de Intelligence Group, terwijl in de totale responsgroep 30% onder de 35 is. Uit recente KVK cijfers blijkt dat de gemiddelde leeftijd van de zzp’ers licht oploopt. Net als die van werknemers met een baan. Daar ligt het gemiddelde op 42 jaar, net iets jonger dus. We zien wel dat de gemiddelde leeftijd van de startende zzp’ers de afgelopen jaren daalt. Bron: KVK Een op tien zzp’ers wil liever een baan Naast 5% werknemers die overwegen om binnen een jaar te starten als zzp’er, en een groep van 22% die daar over denkt, zijn er ook zzp’ers die liever een baan hebben. In de Zelfstandige Arbeid Enquete 2019 van TNO en CBS zegt 11,2% van alle zzp’ers dat – als ze de vrije keuze hebben – de voorkeur geven om in loondienst te werken. Dat zijn 120.000 mensen. In 2017 lag dat percentage op 10,5%. Vrouwen (12,6%) en mensen in de leeftijdscategorie 15-44 (12,2%) zeggen relatief vaker dat ze liever een baan hebben. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags cijfers, Intelligence Group, KvK, starters | Laat een reactie achter
Blijft payrolling bestaan of zal het ten onder gaan? Geplaatst 16 juli 2019 door Joyce Snijder Onmiddellijke werking maatregelen payrolling De maatregelen in de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) hebben onmiddellijke werking op payrolling. Dit betekent dat een arbeidsovereenkomst die onder de huidige wetgeving een uitzendovereenkomst is, per 1 januari 2020 ineens een payrollovereenkomst is wanneer: de payrollwerkgever geen allocatiefunctie heeft verricht ten opzichte van de werknemer en de derde, en de payrollwerknemer door de payrollwerkgever exclusief ter beschikking wordt gesteld aan de klant. Overgangsrecht Omdat de wetgever het niet redelijk vindt dat een voor 1 januari 2020 aangegane uitzendovereenkomst door de inwerkingtreding van de WAB direct een payrollovereenkomst voor onbepaalde tijd is, is er overgangsrecht geschreven. Het overgangsrecht heeft tot gevolg dat uitzendovereenkomsten die voor 1 januari 2020 voor bepaalde tijd zijn aangegaan, ook na 1 januari 2020 voor bepaalde tijd gelden en van rechtswege zullen eindigen. Geen payrollovereenkomst voor onbepaalde tijd dus, maar wel een payrollovereenkomst. De gevolgen van deze onmiddellijke werking zijn groot voor de (toekomstige) payrollwerkgever. Waarmee wordt de payrollwerkgever op dat moment geconfronteerd? Recht op ruimer arbeidsvoorwaardenpakket De payrollwerknemer heeft op 1 januari 2020 direct recht op een ruimer arbeidsvoorwaardenpakket dan hij als uitzendwerknemer had. De payrollwerknemer heeft recht op dezelfde primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden als de vaste werknemer werkzaam in een gelijke of gelijkwaardige functie in dienst van de onderneming waar de terbeschikkingstelling plaatsvindt. Geen beroep meer mogelijk op uitzendbeding Waar de payrollwerkgever ook rekening mee moet houden, is dat hij na 1 januari 2020 geen beroep meer kan doen op het uitzendbeding. Wanneer de klant de inzet tussentijds beëindigt, heeft dat geen einde van de payrollovereenkomst tot gevolg. Reguliere ontslagrecht van toepassing op payrollovereenkomsten Het reguliere ontslagrecht met reguliere opzegtermijnen is dan van toepassing. Wanneer de payrollwerkgever afscheid wil nemen van een payrollwerknemer kan het UWV worden verzocht toestemming te verlenen de arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen op te zeggen, mits de bedrijfseconomische omstandigheden bij de klant het verval van de arbeidsplaats van de payrollwerknemer vereisen en de payrollwerknemer na toepassing van het afspiegelingsbeginsel bij de klant voor ontslag in aanmerking komt. De kantonrechter kan worden verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden bij persoonlijke redenen. Een persoonlijke grond is bijvoorbeeld disfunctioneren of een verstoring van de arbeidsverhouding. Omdat dit niet in alle gevallen door de payrollwerkgever bewezen kan worden, zal de h-grond ofwel restgrond, de oplossing moeten bieden. Met een procedure gaat echter tijd gemoeid en gedurende deze tijd geldt een loondoorbetalingsverplichting van de payrollwerkgever. Wat brengt de toekomst? De gevolgen van de WAB zijn groot voor de flexbranche. Vanzelfsprekend kunnen werkgevers nadenken over de wijze waarop zij hun bedrijfsmodel willen inrichten na de inwerkingtreding van de WAB. Werkgevers die zich onder het huidige recht uitzendwerkgever wanen kunnen echter niet voorkomen dat hun huidige uitzendkrachten per 1 januari 2020 ineens payrollwerknemers worden wanneer aan de vereisten van de wettelijke definitie van de payrollovereenkomst wordt voldaan. Wanneer het huidige bedrijfsmodel deze risico’s niet zal kunnen dragen zullen deze uitzendwerkgevers met de klant overeen moeten komen dat deze de ruimere inlenersbeloning financiert en de inzet niet eerder mag worden beëindigd dan de payrollwerkgever afscheid van de payrollwerknemer kan nemen. Wanneer de klant niet bereid is deze afspraken te maken, wat niet ondenkbaar is, dan zal de payrollwerknemer vanaf 2020 ofwel in vaste dienst treden van de klant ofwel van het speelveld verdwijnen. En dat is nu juist wat minister Koolmees wenst te realiseren. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags payrolling, WAB | 2s Reacties
Baas over eigen online reputatie: is dat wel zo’n goed idee? Geplaatst 15 juli 2019 door ZiPredactie Platformen verzamelen data over reputatie en ervaring van platformwerkers. Ze bouwen eigenlijk een online cv, gevalideerd door soms wel honderden opdrachtgevers. En die reputatiedata zouden de werkers eenvoudig moeten kunnen meenemen naar een ander platform, is de stelling tijdens de laatste workshop van de Universiteit Utrecht over de platformeconomie. Tijdens de workshop waren vertegenwoordigers van de overheid, vakbonden, academici, het bedrijfsleven en natuurlijk de platformondernemers zelf aanwezig. De meesten van hen pleiten ervoor dat je als individu je eigen data moet kunnen meenemen. Denk aan de sterren die je krijgt als Uber-chauffeur, je profiel op schoonmaakplatform Helpling of de beoordelingen van jouw gastvrijheid op Airbnb. Minder afhankelijk van één platform “Eigenlijk zijn de partijen het erover eens: we moeten grip krijgen op onze reputatiegegevens”, zegt Arets. Dit past binnen een bredere ontwikkeling. Denk bijvoorbeeld aan de nieuwe Europese privacywet, die consumenten meer controle geeft over hun eigen data. “En ook in de zorg zijn partijen bezig met zogenaamde persoonlijke ‘datakluisjes’ met toegang voor de patiënten.” Ook op platformen zou je de beoordelingen van jouw werk (je reputatiedata) moeten kunnen downloaden en meenemen. Dat schrijft bijvoorbeeld Gijs van Dijk (PvdA) in zijn initiatiefnota voor de platformeconomie. Als je als platformwerker je reviews kunt meenemen, ben je namelijk minder afhankelijk van één platform. Diploma of reputatiedata? Petra Zaal van Deloitte onderzocht of dat zin heeft. Tijdens haar studie aan de Universiteit Utrecht onderzocht zij of diploma’s nog belangrijk zijn op de online arbeidsmarkt. De conclusie: je reputatie is op werk- en klusplatformen veel belangrijker dan je opleiding, vertelde Zaal tijdens haar presentatie. Dit geldt vooral voor onbeschermde beroepen, zoals ontwerper, tekstschrijver of vertaler. Dit onderzoek onderstreept het belang om nu eens echt goed na te denken over wat we doen met reputatiedata en hoe de continuïteit hiervan kan worden geborgd. – Arets- Overzicht en grip De Deense Sara Green Brodersen presenteerde een mogelijke oplossing. Met haar dienst Deemly kun je één profiel maken van al je reviews op verschillende platformen. Dit geeft je overzicht van al je reputatiedata. Je kunt dat profiel ook via digitale koppelingen (widgets en API’s) delen met andere partijen. “Dit is de eerste oplossing die voor iedereen nuttig is”, zegt Arets. “Ten eerste voor gebruikers, want die krijgen zo meer overzicht en grip op gegevens. Bovendien kunnen ze makkelijker aan de slag op nieuwe platformen: ze kunnen al laten zien dat ze betrouwbaar of deskundig zijn.” Beter slechte reviews, dan geen reviews Ook platformen hebben baat bij een oplossing als Deemly, denkt Arets. “Zij worstelen namelijk met het ‘newbie-dilemma’. Nieuwe gebruikers hebben nog geen beoordelingen en daardoor kiezen opdrachtgevers minder snel voor deze ‘newbies’, wat de groei van platformen afremt. We nemen nu eenmaal niet graag risico’s.” Een algeheel reputatieprofiel lost dat op. Als je dit upload op een nieuw platform, kun je namelijk direct laten zien dat je een betrouwbaar persoon bent. “Natuurlijk is de reputatie van een chauffeur anders dan die van een klusjesman”, zegt Arets. “Scores binnen eenzelfde beroepsgroep uitwisselen werkt het best, maar ook niet sectorspecifieke scores dragen bij aan meer vertrouwen. Het gaat erom dat je laat zien dat je bestaat. Zelfs een slechte score is beter dan helemaal geen score.” Van reviews naar cv Hetzelfde geldt voor compleet nieuwe platformen, waarbij gebruikers nog helemaal geen reputatiedata hebben. Die kunnen zo sneller op gang komen. Bij het Zweedse UWV gaan ze nog een stap verder. Voor de overheid ontwikkelen Lisa Hemph en Nils Ahlsten daar ‘My Digital Backpack’: een digitale rugtas waar je je reputatiedata in stopt. Al die gegevens worden vertaald naar een cv. Het is een manier voor sollicitanten om hun werkervaring via platformen te laten zien aan potentiële werkgevers. Een soort overzicht van digitale referenties dus. Vraagstukken “Als het gaat over vraagstukken in de platformeconomie lopen de meningen van werkgevers, vakbonden en politici helemaal niet zo ver uit elkaar”, vertelt Arets. “De praktische uitvoering, dat blijft lastig. Tijdens de workshop hebben we vraagstukken die we in elk geval moeten beantwoorden om tot een oplossing te komen.” Hoeveel zin heeft het om reputatiedata mee te nemen? Eén studie is niet genoeg, er is meer onderzoek nodig. Hoe vergelijk je de kwaliteit van reviews? Moet er een standaard komen voor online reputatie? Op het ene platform geef je sterren voor de hele ervaring, op het ander zijn bijvoorbeeld klantvriendelijkheid en vakkundigheid uitgesplitst. Hoe voorkom je dat gebruikers ‘review-moe’ worden? Je wilt misschien nog wel een paar keer per jaar iets schrijven over je hotel. Maar als je 20 werknemers per maand inhuurt voor je organisatie, heb je geen zin om die allemaal apart beoordelen. Wie beheert de data? Is dat een taak van de overheid? Van de markt? Of moet er een onafhankelijke entiteit (een “reputatiedata-coöperatie”) komen? Je wilt tenslotte niet dat je reputatie ‘verdwijnt’ als een platform ermee stopt. Hoe zorg je voor ruimte om te leren van fouten? Een negatieve review neem je namelijk ook mee. Arets begint volgend jaar een nieuw onderzoek naar deze vraagstukken. Op ZiPconomy.nl houden we je uiteraard op de hoogte. Geplaatst in ZP en Politiek | Tags platformeconomie, Platformen | Laat een reactie achter
Uniforce verliest hoger beroep en daarmee haar vaststellingsovereenkomst. “Ons concept blijft overeind”. Geplaatst 12 juli 2019 door ZiPredactie Uniforce Professionals, een ondernemersvorm waarbij zelfstandig professionals via een ‘Declarabele Uren B.V., werken en hun opdrachtgevers vrijwaren, is haar vaststellingsovereenkomst met de Belastingdienst definitief kwijt. Dat is de conclusie na uitspraken in twee rechtszaken die Uniforce tegen de Belastingdienst aanspande. “We hebben onze fiscale uitzonderingspositie verloren”, zo reageert Stef Witteveen namens Uniforce. “De vaststellingsovereenkomst betekent niet het einde van ons concept. De Uniforce Professionals blijven hoe dan ook hun opdrachtgever vrijwaren”. Vaststellingsovereenkomst Uniforce biedt al zo’n twintig jaar een werkvorm aan waardoor professionals zichzelf kunnen detacheren zonder risico’s voor die opdrachtgevers en met sociale zekerheid voor de professional. Niet voor iedereen geschikt maar voor hen die het past een prettige en stabiele oplossing; momenteel maken tussen de 6 en 700 professionals van dit concept gebruik. In 2008 sloot Uniforce een vaststellingsovereenkomst (VSO) met de Belastingdienst om te borgen dat er landelijk op uniforme wijze met Uniforce Professionals kon worden omgegaan. Vorig jaar heeft de Belastingdienst deze VSO met Uniforce opgezegd omdat deze volgens de Belastingdienst werkte als een algemene vrijwaring vooraf. Dergelijke vrijwaringen worden, sinds het verdwijnen van de VAR in 2016, niet meer afgegeven. De Belastingdienst wil in alle gevallen de feitelijke werksituatie kunnen controleren. Uniforce verloor in eerste instantie het kort geding dat zij tegen de opzegging had aangespannen maar ging daartegen in hoger beroep en spande tevens een bodemprocedure tegen de beslissing aan. Hoger beroep Op 2 juli jl. heeft het Hof uitspraak gedaan in het hoger beroep tegen het kort geding vonnis en op 10 juli heeft de Rechtbank uitspraak gedaan in de bodemprocedure. In beide uitspraken wordt de Belastingdienst in het gelijk gesteld en de opzegging van de VSO als reglementair gezien. De Belastingdienst hoeft, nadat ook de VAR werd afgeschaft, geen algemene fiscale vrijwaringen vooraf meer af te geven. Wel werd een overgangsregeling toegezegd tot 1 januari 2020 om Uniforce in de gelegenheid te stellen aanpassingen aan hun concept te doen. Zoals eerder de zzp’er de VAR kwijtraakte, zo is nu ook de Uniforce Professional zijn fiscale uitzonderingspositie per 1 januari 2020 kwijt. In beide rechtszaken wordt geoordeeld dat, op grond van de Wet DBA, geen algemene vrijwaringen vooraf meer worden gegeven door de Belastingdienst. “De vrijwarende brief van de Belastingdienst, die altijd werd meegezonden met de VUR (Verklaring Uniforce Registratie), wordt gezien als onlosmakelijk verbonden met de VSO en om die reden mag deze VSO dus ook worden opgezegd. Uniforce heeft gevochten om deze fiscale positie te kunnen behouden maar heeft uiteindelijk verloren” zo zegt Witteveen. “Voor de duidelijkheid: De door Uniforce opgestarte rechtszaken behandelen de opzegging van de verklaring vooraf door de Belastingdienst. Deze uitspraken zeggen helemaal niets over de werking van het Uniforce-concept. Het Uniforce-concept is in de afgelopen 20 jaar al vele malen getoetst door de Belastingdienst en door andere instanties en is in al die toetsingen steeds goed bevonden. Deze uitspraak gaat over de VSO en niet over het Uniforce-concept.” “Concept staat niet ter discussie” “Ook nu weer geeft de Belastingdienst in de procedures aan dat het dienstverband tussen de Uniforce Professional en de DUBV niet ter discussie staat en dat Uniforcers daarmee verplicht verzekerd zijn in het sociaal stelsel. Het staat dus vast dat de DUBV als werkgever de inhoudingsplichtige is.” Er verandert daarmee volgens Witteveen niets aan de waarde van het Uniforce-concept als reguliere detacheringsformule. “De DUBV’s raken wel hun fiscale uitzonderingspositie ten opzichte van andere detacheerders vanaf 1 januari 2020 kwijt. Uniforce Professionals zullen hun opdrachtgevers/intermediairs op dezelfde wijze 100% zekerheid vooraf moeten gaan geven als elke andere detacheerder. Dat blijft vanzelfsprekend nog steeds het uitgangspunt en dat blijven de Uniforcers, ook na 1 januari 2020, hoe dan ook doen. DUBV’s kunnen tenslotte als leveranciers in de keten, aan alle criteria daartoe voldoen.” Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags belastingdienst, Uniforce | Laat een reactie achter
Ben jij wel of niet bereikbaar op vakantie? Geplaatst 12 juli 2019 door Jellow Als freelancer heb je toch altijd vakantie? Veel freelancers vinden het lastig om vakantie te nemen. Niet werken betekent geen inkomsten. Dat is heel wat anders dan doorbetaald krijgen voor je vrije dagen als je in vaste loondienst zit. Maar hé, jij zal als freelancer vast een extra potje, rekening of oude sok onder je bed hebben waarin je geld spaart om je vakantie, plus de weken dat je niet werkt, te financieren. Want vakantie nemen hoort er eenmaal bij en geeft je vaak nieuwe energie. Als je er dan toch voor kiest om op vakantie te gaan, komt de afweging: neem ik echt vakantie of ga ik toch semi aan het werk? Aan de ene kant heb je een lange tijd hard gewerkt en ben je toe aan een echte vakantie, zonder dat je om de haverklap met een opdrachtgever aan de lijn hangt of achter je laptop e-mails loop te tikken. Aan de andere kant zorg je er het hele jaar voor dat opdrachtgevers snel met jou kunnen schakelen en zou het zonde zijn als je dat moet doorbreken. Op deze site worden 9, redelijk platte, scenario’s geschetst met voor- en nadelen van doorwerken op vakantie tot 100% onbereikbaar op vakantie gaan als freelancer. Misschien dat jij door het lezen van deze scenario’s een keuze kan maken ;). Maar waar de een voor kiest, hoeft niet meteen een oplossing te zijn voor de ander. Jij moet doen wat goed voelt voor jou. Voel jij je gestresst als je in een hangmat ligt, terwijl je gedachten eigenlijk in Nederland liggen bij de opdrachten die jij eventueel misloopt? Vind jij jouw werk zo leuk, dat je daar het liefst altijd en overal wat tijd aan besteedt? Is de omgeving waar jij op vakantie bent zo inspirerend, dat je het liefst je laptop openslaat om te werken aan die 36 nieuwe ideeën die in je hoofd oppoppen en die te delen met jouw klanten? Misschien is het voor jou dan juist verstandig om bereikbaar te zijn. Als dit niet het geval is, geen man overboord. Opdrachtgevers zullen begrijpen dat ook jij graag op vakantie gaat. Alleen is een palmboompje achter je naam op Slack of een automatische e-mail waarin staat dat je op vakantie bent, zijn hierbij niet voldoende. Het is belangrijk dat je goed overlegt over jouw vakantieplannen, zodat de opdrachtgever op de hoogte is van wat zij/hij precies van jou kan verwachten. Wanneer moet je dan eigenlijk op vakantie? We horen van veel freelancers dat zij vaak in de zomer een aantal dagen of weken vrij nemen. Vaak omdat dan ook vrienden vrij hebben, omdat de kinderen ook vrij zijn van school of omdat ze het gevoel hebben dat ze er dan echt even tussenuit moeten. Van andere freelancers horen we dat ze heel graag op vakantie willen, maar dat het niet lukt om een gaatje te vinden tussen de opdrachten door in de zomer. Is dat bij jou ook het geval? Dan mag je eigenlijk in je handen knijpen, want niet iedereen bevindt zich in de luxepositie dat de weken vol zitten met opdrachten. Je kan natuurlijk ook een andere vakantieperiode kiezen dan de zomer, niet alleen kan je dan tijdens de zomer opdrachten binnenslepen terwijl jouw concullega’s met hun billen in een hangmat liggen, de vakanties voor en na het hoogseizoen zijn ook nog eens veel goedkoper. Veel (kleinere) bedrijven zijn op zoek naar freelancers gedurende de zomerperiode, het is dan ook de perfecte tijd om op zoek te gaan naar deze extra opdrachten. Vakantietips Enfin, als je dan besloten hebt om op vakantie te gaan of om in ieder geval vakantie te nemen is het wel praktisch om een beslissing te maken of je wel of niet bereikbaar wil zijn. Dit gebruik je vervolgens in je communicatie, zodat er in ieder geval geen onduidelijkheid ontstaat met (nieuwe) opdrachtgevers. Je kan dit namelijk gebruiken in je communicatie en dan ontstaat er ook geen onduidelijkheid met (nieuwe) opdrachtgevers. Hieronder geven we in ieder geval een aantal tips waar je misschien wat aan hebt. Uiteraard verdeeld onder wanneer je wel en wanneer je niet bereikbaar wil zijn: Als eerste een algemene tip. Laat op tijd weten aan jouw opdrachtgevers dat je op vakantie bent. Als het goed is heb je alle contactgegevens, dus doe dit dan ook telefonisch, face-to-face of door een berichtje te sturen. Van de daken schreeuwen dat je op een bepaalde periode met vakantie bent, bijvoorbeeld door op je website of op sociale media te benoemen kan ervoor zorgen dat je sommige opdrachtgevers misloopt. Daarnaast kan het zijn dat je daarmee juist de verkeerde mensen wél op de hoogte worden gebracht van jouw vakantie…zoals inbrekers. Niet echt wat je wil. Vakantietips voor de freelancers onder ons die wel bereikbaar willen zijn: Let op je verzekering in verband met ‘zakelijke spullen’ die je meeneemt Met je opdrachtgevers overleggen welk kanaal je gaat gebruiken voor de communicatie. Gewoon telefonisch? Of misschien Google Hangouts? Skype? FaceTime? Standaard moment van de dag mail/telefoon checken, zodat opdrachtgevers weten wanneer ze antwoord van je kunnen verwachten Hotspots op zoeken. Per stad heb je speciale plekken waar jij een werkplek kan vinden als freelancer. Je kan natuurlijk ook een extra 4G bundel nemen en naast het zwembad, strand, terras, etc. je laptop openklappen. Vakantietips voor de onbereikbaren: Telefoontjes van klanten doorschakelen naar een (aangepaste) voicemail Posts voor sociale media van te voren klaar zetten en automatisch laten posten Misschien kan je nadenken over een ‘back-up’ freelancer, misschien met kennis op jouw vakgebied. Zij/hij kan jou helpen met het beantwoorden van vragen die je krijgt via de mail of bijvoorbeeld zelf de klanten aannemen. Afwezigheidsmail instellen waarin je laat weten wanneer je weer terug bent. Je kan hierbij in het midden laten wat je precies aan het doen bent. Enkele tips, maar er zijn vast nog veel meer (kleine) dingen die handig zijn te weten wanneer je op vakantie juist wel of niet bereikbaar wil zijn. Zijn er dingen waar jij tegenaan bent gelopen tijdens je vakantie? Deel die dan hieronder! Oh en bijna vergeten: geniet gewoon van je vakantie! Jij verdient het, neem het er dan ook echt van! Je hoeft jezelf niet te vergelijken met de anderen die geen vakantie nemen, doorwerken op vakantie of wel altijd bereikbaar zijn. Zij nemen misschien wel veel meer rust tijdens andere periodes wanneer jij kneiterhard aan het werk bent. Als jij liever compleet verdwijnt tijdens vakantie, heb je die rust waarschijnlijk echt nodig….dan zul je ook zien dat die onbetaalde vakantieperiode zichzelf terugbetaalt. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags freelancer, jellow | 1 Reactie
De top 10 meest schaarse beroepen op de Europese arbeidsmarkt Geplaatst 11 juli 2019 door ZiPredactie ICT managers, managing directors, CEO’s en software developers zijn de meest schaarse beroepen in Europa. In bijna elk Europees land is het zeer moeilijk om hen te werven. Bijna overal, want in Griekenland en Zweden is de wervingshaalbaarheid normaal. De minst schaarse beroepen in Europa zijn journalisten, taalkundigen, leraren basisonderwijs en artistieke en culturele vakspecialisten. Dit blijkt uit de resultaten van analyses en algoritmes van Intelligence Group, gebaseerd op het European Recruitment Dashboard en data van Eurostat. Top 10 meest schaarse functies in Europa In onderstaande tabel staan de tien meest schaarse beroepen van Europa, gebaseerd op de gemiddelde schaarste in 27 Europese landen. De wervingshaalbaarheidsscore varieert van 1 (helemaal niet schaars) tot 10 (extreem schaars). Met een gemiddelde score van 8,5 in 27 landen, is de ICT manager het meest schaars in Europa. In Hongarije en Litouwen is de wervingshaalbaarheidsscore 9,8, terwijl dit in Griekenland 5,7 is (normale wervingshaalbaarheid) en in Zweden 6,0. Voor elke moeilijk te werven functie zijn er plekken in Europa waar dit talent makkelijker te vinden is. De strijd om installateurs en reparateurs van elektrische apparatuur om West-Europa te helpen in de energietransitie, is veel makkelijker gewonnen in Letland, Portugal en Polen, dan bijvoorbeeld in Duitsland of Nederland. Beroepsgroepen (ISCO-3) Kwalificatie schaarste door Intelligence Group Gemiddelde Europese schaarste 1. Informatie- en communicatietechnologie service managers Zeer moeilijk om te werven 8,5 2. Managing directors en chief executives Zeer moeilijk om te werven 8,2 3. Software- en applicatieontwikkelaars en –analisten Zeer moeilijk om te werven 8,2 4. Databank- en netwerkspecialisten Moeilijk om te werven 7,9 5. Managers in de industrie, de mijnbouw, de bouwnijverheid en de handel Moeilijk om te werven 7,6 6. Installateurs en reparateurs van elektronische en telecommunicatieapparatuur Moeilijk om te werven 7,7 7. Ingenieurs (m.u.v. elektrotechnisch ingenieurs) Moeilijk om te werven 7,3 8. Installateurs en reparateurs van elektrische apparatuur Moeilijk om te werven 7,2 9. Wiskundigen, actuarissen en statistici Moeilijk om te werven 7,2 10. Elektrotechnisch ingenieurs Moeilijk om te werven 7,2 Top 10 minst schaarse functies in Europa Waar we schaarste zien voor leraren in delen van Europa, zoals Groot-Brittannië, Denemarken en sommige delen van Nederland, zien we ook dat dit gemiddeld in Europa een van de minst schaarse beroepen is. In tegenstelling tot IT’ers of engineers is het lastiger om deze minder schaarse functies in andere Europese landen te werven. Naast de verschillen in taal en cultuur, zijn er ook veel mis-matches in certificaten en diploma’s. Dat maakt het onmogelijk om een complete vrije markt te hebben voor de Europese beroepsbevolking. Beroepsgroepen (ISCO-3) Kwalificatie schaarste door Intelligence Group Gemiddelde Europese schaarste 1. Vakspecialisten op artistiek, cultureel en culinair gebied Niet moeilijk om te werven 2,3 2. Basisschoolleraren en docenten voor het voorschoolse onderwijs Niet moeilijk om te werven 3,3 3. Auteurs, journalisten en taalkundigen Niet moeilijk om te werven 3,4 4. Secretariaatsmedewerkers, algemeen Niet moeilijk om te werven 3,8 5. Professoren en docenten in het hoger onderwijs Niet moeilijk om te werven 3,8 6. Administratieve medewerkers, algemeen Niet moeilijk om te werven 3,9 7. Docenten voortgezet onderwijs Niet moeilijk om te werven 3,9 8. Administratief secretaressen en gespecialiseerde secretaressen Redelijk moeilijk om te werven 4,1 9. Winkelverkopers Redelijk moeilijk om te werven 4,3 10. Technici op medisch en farmaceutisch gebied Redelijk moeilijk om te werven 4,4 Schaarste het grootst in Midden- en Oost-Europa. Zuid-Europa heeft genoeg talent beschikbaar In onderstaande ranking staan de 27 Europese landen (waarvan wij data hebben), gebaseerd op de gemiddelde schaarste op de arbeidsmarkt en de wervingshaalbaarheid. Met name in het midden en oosten van Europa is schaarste, gevolgd door het westen en noorden van Europa. In het zuiden van Europa zijn de meeste werknemers beschikbaar. “Met een werkeloosheid van 2,9% in Nederland, lijkt deze 11e plaats opmerkelijk. Maar deze score is niet alleen gebaseerd op werkgelegenheid, maar ook op de wervingshaalbaarheid. Op de Nederlandse arbeidsmarkt is het makkelijker om talent te werven dan in Duitsland of Hongarije. Daarnaast zijn er in kleine landen zoals België en Nederland al enorme lokale verschillen, bijvoorbeeld in België tussen Wallonië, Brussel en Vlaanderen,” aldus Geert-Jan Waasdorp, CEO van Intelligence Group. “Transparantie op de Europese arbeidsmarkt geeft werkgevers en werknemers meer inzicht in waar ze elkaar kunnen vinden, met alle voordelen voor de Europese economie.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags European Recruitment Dashboard, IG | 2s Reacties