Op zoek naar een Europees beleid voor zp’ers Geplaatst 19 februari 2018 door Marleen Deleu 32 miljoen zelfstandigen In de EU was het tot de jaren 70 de norm om met een fulltime, vast dienstverband te werken dat garanties bood in verband met werk, inkomen en toegang tot sociale zekerheid. Sindsdien is werken als zelfstandige ondernemer fors toegenomen en in 2015 werkt reeds 14% van de werkende populatie in de EU op zelfstandige basis. Het gaat in de EU28 over 32 miljoen mensen op een totaal van 220 miljoen werkenden. Maar er is meer, er zijn ook allerlei nieuwe vormen van zelfstandige arbeid ontstaan in deze periode en die worden in toenemende mate in allerlei sectoren ingezet. Het klassieke onderscheid tussen zelfstandigen met of zonder personeel omvat daarom al lang niet meer deze diversiteit en zelfs de heersende tweedeling werknemer vrs. zelfstandige is soms diffuus. EU-beleid voor zelfstandigen focust op 3 thema’s Deze vaststelling was voor EUROFOUND de aanleiding om het uitgebreide rapport “Exploring the self-employment in the Europan Union” met een bundeling van de resultaten van 2 onderzoeken uit te brengen. Het rapport werd op 9 februari jl. in Brussel uitgebreid toegelicht, gevolgd door een kort debat met het aanwezige publiek. Het statuut en de sociale bescherming van alle werkenden staan hoog op de politiek agenda van de Europese Unie, dus ook die van de zelfstandige ondernemers. Specifiek voor deze groep werkenden focust de EU op 3 thema’s: hoe kan ondernemerschap worden gestimuleerd? Wat met situaties waarin ondernemerschap geen vrijwillige keuze is, en het onduidelijk is of het een werknemer of een ondernemer betreft? Als derde topic op de politieke agenda staat de vraag naar de duurzaamheid van het ondernemerschap: is de zelfstandige activiteit financieel leefbaar op de korte termijn, maar ook op de lange termijn, bijvoorbeeld na pensionering? Heterogene groep Het goede nieuws is dat de helft van alle zelfstandigen in de EU uiterst tevreden is met zijn of haar statuut en een hoge levensstandaard heeft. Ze zijn economisch onafhankelijk en bepalen autonoom hoe ze ondernemen. Hun keuze om te ondernemen, is uit vrije wil gemaakt. Minder positief is de vaststelling dat een kwart van alle zelfstandige ondernemers reden tot bezorgdheid geeft. Zij zijn economisch erg afhankelijk, nauwelijks autonoom en financieel erg kwetsbaar. Dit komt doordat ze doorgaans slechts 1 of een erg beperkt aantal klanten bedienen. Zij zijn meestal zelfstandige geworden uit noodzaak. Het laatste kwart vertoont een gemengd beeld: zij zijn ondernemer geworden omdat ze een opportuniteit zagen, maar vinden het ondernemerschap toch zwaar om te dragen. Tot slot raakt het rapport ook de trend van digitalisering aan: dienstverleners bieden online ondersteuning, training en bemiddeling van vraag en aanbod aan voor zelfstandigen. Er is een groeiend aanbod maar ook vraag naar dit soort diensten. Aanbevelingen Eurofound formuleert in het rapport ook aanbevelingen voor beleidsmakers. Zo moet in het belang van een dynamische economie, het innovatief vermogen van de markt en het creëren van nieuwe banen ondernemerschap worden aangemoedigd. De drempel om te starten als ondernemer moet worden weggewerkt, en bestaande ondernemingen ondersteund om te kunnen groeien. Er moet ook een sociaal vangnet komen om de risico’s die met ondernemerschap samengaan te verminderen. Concreet benoemt men toegang tot voordelen in geval van werkloosheid, arbeidsongevallen en ziekte als een grote stap voorwaarts. Het rapport stelt ook vast dat de grenzen tussen een vaste medewerker en een ingehuurde zelfstandige soms erg vaag zijn geworden. Zelfstandigen met slechts 1 klant zijn immers even afhankelijk als iemand in loondienst op gebied van autonomie en financiën. Hierdoor stelt zich de vraag of een derde, hybride statuut nodig is dan wel dat de definitie van loondienst (werknemer) dient te worden herzien. Alle onduidelijkheid in dit domein moet worden weggewerkt, stelt Eurofound, en dus ook de kans op misclassificatie. Conclusies Dit rapport maakt duidelijk dat de grote groep zelfstandigen in de EU erg heterogeen is, en dat beleidsmakers hier rekening mee moeten houden. In de steeds meer complexe wereld van werk zal wisselen van statuut eerder de norm dan de uitzondering zijn. Aan het beleid om niet alleen voor de korte termijn financiële zekerheid en bescherming te waarborgen, maar ook op langere termijn een aanvaardbare levensstandaard aan iedereen te waarborgen, bijvoorbeeld na het pensioen of bij ziekte. Meer weten? EUROFOUND Rapport (2017), Publications Office of the European Union, Luxembourg – “Exploring the self-employment in the European Union” Vanavond organiseren ZiPconomy & NextConomy samen met Vlaams-Nederlandse huis voor debat en cultuur DeBuren een debat met Vlaamse en Nederlandse politici en wetenschappers onder de titel “Vrij maar niet vrijblijvend: de toekomst van de freelance-economie. Wat kunnen Vlaanderen en Nederland van elkaar leren?”. Het debat is uitverkocht, maar er volgt later een verslag. Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags EU, Eurofund, schijnzelfstandigheid, sociale zekerheid, zelfstandige statuut | 1 Reactie
Limmen (CNV): “Flextrend moet nu echt gestopt worden” Geplaatst 19 februari 2018 door Hugo-Jan Ruts De economie groeit, net als het aantal banen. Maar dat zijn nog veel te veel flexbanen en dat moet anders. Maurice Limmen, voorzitter CNV Vakcentrale, reageert op de CBS cijfers Flexwerk 2017. “Ondanks mooie groeicijfers van de economie als geheel neemt het aantal flexbanen nog steeds toe. Vier op de tien Nederlanders heeft een flexbaan. Goed dat het aantal vaste banen groeit, maar dat stopt nog niet de doorgaande structurele trend van flexibilisering van de arbeidsmarkt. De groei van flex neemt namelijk net zo goed toe, vooral onder jongeren en vrouwen. Die flextrend maakt mensen onzeker en moet nu echt gestopt worden. Ik roep dan ook het kabinet op om hier snel maatregelen voor te nemen’ aldus Limmen. Sectoren die grossieren in flexbanen gaan daar last van krijgen Limmen: “Werkgevers schijnen bang te zijn voor het ‘droogkoken’ van het aanbod van arbeidskrachten. Ik zeg u: Sectoren die grossieren in flex- en oproepbanen blijven onaantrekkelijk en zullen daar steeds meer last van krijgen.” Naast meer vaste banen pleit Limmen ook voor hogere lonen. Flex is vooral interne flex Wim Davidse zette de jongste CBS cijfers in de onderstaande grafiek. Daaruit wordt duidelijk dat het aantal flexbanen nog steeds wel groeit, maar de groei neemt wel flink af. De groei van het aantal vaste banen ligt nu op een gelijk niveau als het aantal flexbanen. Een Flex-unicum, noemt Davidse dat in een bericht op LinkedIn: de “externe flexschil (uitzenden/deta + zzp) is gekrompen in 2017 Q4, met -1,0%. Laatste keer dat dat gebeurde: dipje in 2011 Q1. Interne flex nog stevig gegroeid, met +5,5%; m.n. tijdelijke contracten met uitzicht op vast en oproep-/invalkrachten”. Waarbij opgemerkt dat Davidse alle zzp’ers mee telt in de flexbanen (daar valt wel wat op af te dingen: zie dit artikel. Met een wat scherpere blik op de achtergrond van zzp’ers daalt de omvang van de flexschil al flink). Bij een flink deel van die flexbanen gaat het om wat Davidse ‘interne flex’ noemt. Mensen met bijvoorbeeld een tijdelijk dienstverband of bijvoorbeeld oproep- of nuluren contracten. Het percentage ‘flex’ is onder lager opgeleiden overigens aanzienlijk hoger dan onder hoger opgeleiden. 45,2% van alle lager opgeleiden heeft een vorm van ‘flex-baan’; onder hoger opgeleiden is dat net 29,6%. Dat terwijl de cijfers onder de zzp’ers juist omgekeerd zijn. Daar is het aantal lager opgeleiden juist veel minder in aantal. In een column in het FD zette Mathijs Bouman onlangs een aantal cijfers over zzp’ers, werknemers en flexwerkers naast elkaar. Zie rechts. Steeds kwamen de zzp’ers er beter uit dat de werknemers, maar de flexwerkers minder (uitzendkrachten, oproepkrachten etc). Van die vier op de tien waar Limmen over praat heeft het zzp-deel het over het algemeen prima naar zijn zin. Zie ook webinar van Wim Davidse: Geplaatst in ZP en Ondernemen | Laat een reactie achter
Welcome to Flatland. Hoe ziet een holacratische organisatie eruit? Geplaatst 16 februari 2018 door Han Mesters Eind 2017 stonden we in de publicatie Hoe haal ik toptalent binnen? stil bij het gedachtegoed van Frédéric Laloux. In zijn boek ‘Reinventing Organizations’ pleit hij voor de ‘holacratische’, ofwel zelfsturende organisatie. Hierin nemen medewerkers twee belangrijke managementtaken over: Collega’s aanspreken op freeriden Door het ontbreken van directe leidinggevenden zet niet iedereen zich even hard in. Conflicten oplossen Medewerkers zullen de meeste onenigheid op de werkvloer zelf de wereld uit moeten helpen. Het proces hiervoor moet dus duidelijk zijn. Laloux inspireerde een aantal bedrijven om daadwerkelijk vaart te maken met de introductie van zijn visie. Het bekendste voorbeeld is online schoenwinkel Zappos. Zappos In ons rapport Winst wordt afgeleide van bedrijfscultuur (2016) gaven we al aan hoe bedrijven langzaam maar zeker ‘opschuiven’: van hiërarchisch georganiseerd en winstgedreven naar plattere netwerkorganisaties met een duidelijke maatschappelijke relevantie. Ook destijds noemden we Zappos als voorbeeld van een zelfsturende organisatie. Valve Figuur 1: de evolutie van bedrijven, gezien vanuit structuur en reden van bestaan Maar er is nog een onderneming die al tijden succesvol gebruikmaakt van zelfsturing: Valve. Dit Amerikaanse softwarebedrijf heeft zijn filosofie overzichtelijk en aansprekend op papier gezet, speciaal voor nieuwe medewerkers. Een opzienbarend document. Benieuwd? Download het onder aan dit blog, waarin ik eerst iets dieper inga op de twee zelfsturende bedrijven Zappos en Valve. Zappos’ competentiewaaier Begin 2015: in een lange e-mail legt Zappos-oprichter Tony Hsieh zijn medewerkers uit waarom de draai naar holacratisch werken onvermijdelijk is. Even dringend als dwingend nieuws, want het is meedoen of wegwezen. Interessant is dat hij in dit bericht ook de directe coaching vermeldt die hij van Frédéric Laloux kreeg. Verder noemt hij welke vijf competenties naar zijn mening onmisbaar zijn bij een succesvolle transitie naar zelfsturing: Initiatief nemen – een belangrijke randvoorwaarde om collega’s feedback te geven en processen te verbeteren. Afwijkende meningen accepteren – kies welke verzoeken van collega’s binnen welke deadlines moeten zijn gehonoreerd. (Zelf)bewustzijn – dit is de basis van het vermogen om te handelen, ook wanneer er weerstand is te verwachten. Een ‘contribution mindset’ – deze mentaliteit impliceert de wens om (ook ongevraagd) informatie met collega’s te delen. Gevoel voor machtsafstand – effectief zelfmanagement betekent dat medewerkers voor iedereen in de organisatie openstaan; communicatie is dus allesbepalend. Valve: holacratisch pionier Gabe Newell richtte in 1996 Valve Software Corporation op. Het bedrijf is gevestigd in Bellevue (Washington) en maakt computerspellen. Het bekendste is Half-Life. Deze game bracht miljoenen op. De vraag is of Laloux de geestelijk vader van het holacratische werken is, gezien de invloed die hij op Zappos-CEO Tony Hsieh had. Het antwoord is nee. Drie jaar voor het verschijnen van Laloux’ boek (2015) kon je de ‘handleiding voor nieuwe medewerkers’ al downloaden van de Valve-website. Nogmaals: doe dit vooral zelf ook (zie de link onderaan) en lees dit boekje. Het is een openbaring. Dit fragment uit de Valve-handleiding spreekt voor zichzelf: Welcome to Flatland Hierarchy is great for maintaining predictability and repeatability. It simplifies planning and makes it easier to control a large group of people from the top down, which is why military organizations rely on it so heavily. But when you’re an entertainment company that’s spent the last decade going out of its way to recruit the most intelligent, innovative, talented people on Earth, telling them to sit at a desk and do what they’re told obliterates 99 percent of their value. We want innovators, and that means maintaining an environment where they’ll flourish. That’s why Valve is flat. It’s our shorthand say of saying that we don’t have any management, and nobody “reports to” anybody else. We do have a founder/president, but even he isn’t your manager. This company is yours to steer – toward opportunities and away from risks. You have the power to green-light projects. You have the power to ship products. Je kunt hier drie conclusies uit trekken: Valve koos al in 2012 voor zelfsturend werken. Het bedrijf had hier een doordachte strategie voor uitgewerkt. En heeft succes met deze werkwijze. Lessen voor kennisintensieve bedrijven: the war for talent is over – talent has won Natuurlijk zit er een grens aan hoeveel mensen zelfsturend kunnen werken. Maar Valve is met zo’n vijfhonderd medewerkers relatief klein. Zappos heeft er ongeveer 1.800 en is bij mijn weten het grootste holacratisch georganiseerde bedrijf. Wat ze beide delen, los van omvang, is hun groeivisie: ‘We do not have a growth goal. We intend to continue hiring the best people as fast as we can, and to continue scaling up our business as fast as we can, given our existing staff. Fortunately, we don’t have to make growth decisions based on any external pressures – only our own business goals.’ Het is onvermijdelijk dat ook corporate organisaties deze opvatting gaan omarmen. Naast de huidige economische voorspoed en toenemende schaarste van talent, is er nog een belangrijke oorzaak van het sterk groeiende belang van holacratisch werken: de ‘millennials’. De Y-generatie vormt een steeds groter deel van de beroepsbevolking. Rond 2020 in de VS zelfs de helft, volgens schattingen van PwC. Deze millennials werken bij voorkeur in niet-hiërarchische structuren en zullen veel eerder een baan accepteren bij een holacratisch bedrijf dan bij een traditionele corporate. De uitdaging voor grote bedrijven is dan ook aantrekkelijker te worden voor Millennials door het overnemen van kenmerken van start-ups en kleinere organisaties. Dat betekent dus minder hiërarchie en een meer empathische bedrijfscultuur. Download Zie hier voor het Valve Handbook for new employees Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags anders organiseren, zelfsturing | Laat een reactie achter
‘Nederland al best Total Talent Management-minded, al heet het niet zo’ Geplaatst 14 februari 2018 door Peter Boerman Dat constateerde ZiPconomy-hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts in het openingswebinar van de Webinar Week. ‘Total Talent Management is aan de ene kant misschien een hype. Ik hoor vaak dat het in de praktijk in Nederland nog niet zo hard gaat met het integraal benaderen van het hele talentvraagstuk. Maar aan de andere kant: er zijn volgens mij ook weinig restricties om op een vacature een zelfstandige professional in te zetten. Althans: veel minder dan in andere landen. Dus in de praktijk gebeurt het al wel. Het besluit wordt alleen vaak al heel vroeg in het proces genomen. Dat zou denk ik ook later kunnen.’ Ook de wet van de remmende voorsprong doet zich in Nederland gelden, denkt Ruts. ‘We zijn hier zo gewend om flex in te zetten, dat er soms te weinig wordt nagedacht over hoe precies.’ Volgens hem is het denken in Total Talent Management zeker een trend, en geen hype. ‘Maar het is ook nog niet de Heilige Graal.’ Donderdag 15 februari staat de WebinarWeek de hele dag in het teken van Total Talent Management. Schrijf je hier in voor 5 gratis webinars. 4 grote trends Total Talent Management is 1 van de 4 grote trends die Ruts schetste tijdens de opening van de Webinar Week. De andere 3: de hele wet- en regelgeving, de professionalisering van het inhuurvak, en – natuurlijk: de opkomst van HR-technologie, die beoogt om werving en selectie veel makkelijker te maken. Door alle thema’s heen speelt de krappe arbeidsmarkt een grote rol, constateerde Ruts. ‘Het best bezochte webinar gaat niet voor niets over schaarste. Bizar hoe dat in een paar jaar is omgeslagen.’ Minder inhuur, meer inzet Bij de professionalisering van het inhuurvak, en het thema ‘goed opdrachtgeverschap’ valt het Ruts op dat het steeds meer een apart vakgebied wordt. ‘Het is een mix van inkoop en HR, of eigenlijk: inkoop en recruitment. Je hebt er mensen voor nodig met één been binnen, en één been buiten de organisatie. Het gaat erom: hoe diep kun je meedenken? Het gaat niet zozeer om welk poppetje je op welk moment nodig hebt, maar om hoe je een hiring manager kunt helpen zijn taken te organiseren.’ We moeten minder nadenken over de inhuur van interim, maar meer over de inzet van interim, vatte hij die trend samen. Technologie En technologie, de vierde grote trend die hij schetste, kan daar zeker bij helpen. ‘Ik ga niet dezelfde fout maken als 20 jaar geleden en zeggen dat technologie bureaus overbodig gaat maken. Maar toch raak ik knap onder indruk als ik op een aantal beurzen zie wat er tegenwoordig allemaal kan met technologie. Rond samenwerken, rond vinden van mensen, en rond selectie – zonder tussenkomst van mensen, die – zo is mijn stellige overtuiging – nu juist níet de beste matchmakers zijn.’ Meer weten? Kijk hier het hele openingswebinar terug Geplaatst in ZP en Ondernemen | Laat een reactie achter
Hoe ‘de kracht van het netwerk’ al 15 jaar de juiste kandidaat vindt Geplaatst 14 februari 2018 door Peter Boerman Volgens een bekende theorie zitten er maar zes stappen tussen jou en Kevin Bacon, of welke andere willekeurige persoon op de wereld ook. Het is onduidelijk of deze theorie al opgang deed toen AIM4 werd opgericht, maar het is wél het principe waar de organisatie al 15 jaar op stoelt. Het interim bemiddelingsbureau neemt namelijk de kracht van haar netwerk als uitgangspunt. AIM4 heeft geen database met duizenden cv’s klaarstaan, waaruit het bij een zoekopdracht kan putten. Sterker nog: dat wíllen ze ook helemaal niet. Het netwerk telt een ‘inner circle’ van zo’n 350 leden, en ‘veel groter moet dat ook niet zijn’, zegt Edo Roggenkamp, één van de vier partners. Want die 350 mensen kennen ieder op hun beurt weer honderden mensen. Goede mensen kennen weer goede mensen. Ons netwerk selecteert zelf. En met het uitzetten van een opdracht in dit netwerk, heb je binnen een paar dagen ‘een steen in de vijver’, vult collega-partner Anne Turksma aan. En dus ook: de juiste kandidaat voor de opdracht. ‘We nemen alleen de – volgens ons – beste interim managers op in ons netwerk, die ook qua ‘DNA’ bij ons passen’, legt ze uit. ‘En goede mensen kennen weer goede mensen. Ons netwerk selecteert zélf bij het aandragen van kandidaten: want de kwaliteit van een kandidaat straalt af op wie hem of haar heeft voorgesteld. Zo vinden we altijd de juiste mensen.’ Niet zoeken, maar kennen Het motto van AIM4 is: ‘De beste mensen moet je niet zoeken, je moet ze kennen’. Het is een motto dat misschien logisch klinkt, maar dat niettemin bij de oprichting van AIM4 behoorlijk onconventioneel was. En misschien nog steeds is. Roggenkamp kwam zelf zo’n 11 jaar geleden bij het bureau, na een loopbaan in de interim-bemiddeling, waar hij het werk steeds onpersoonlijker vond worden. Turksma startte in dezelfde tijd bij AIM4, waarmee ze zelf in aanraking was gekomen via ‘het netwerkconcept’. Een goede vriend gun je nu eenmaal meer dan een vreemde. Dat concept is volgens beiden zoveel mogelijk gebaseerd op hoe je zelf je privéleven inricht. Ook daar heb je immers te maken met een inner circle. Roggenkamp: ‘Mensen die je persoonlijk kent, regelmatig ontmoet, vertrouwt en iets gunt. Het blijkt dat er vanuit dit hechte netwerk veel opdrachten als het ware naar je toekomen, ook al omdat je elkaar door de jaren steeds beter leert kennen. Een goede vriend gun je nu eenmaal meer dan een vreemde.’ Persoonlijk en zakelijk gecombineerd De bemiddelaar waar hij hiervóór werkte, was maar wat trots op de 30.000 cv’s in de eigen database. Opdrachtgevers waren daar ook van gecharmeerd en wilden best betalen voor die database. Want als je zoveel mensen kende, dan moest er toch wel een goede tussen zitten? Maar dat bleek in de praktijk niet te kloppen, merkte Roggenkamp. ‘Ik werkte nooit met die 30.000 mensen. Ik werkte met mensen die ik kende, mensen met wie ik regelmatig contact had en met wie ik dat contact ook langdurig onderhield. Zij belden jou ook weer als er ergens iets te doen was.’ En juist dat is de basis van AIM4, zegt hij. ‘Het combineren van het persoonlijke met het zakelijke netwerk.’ Maar dat netwerk in stand houden gaat natuurlijk niet zomaar. ‘Je moet waarde toevoegen en mensen faciliteren’, zoals Roggenkamp het noemt. Van netwerkbijeenkomst tot zeiltochtje En dus besteedt AIM4 veel aandacht aan het warm houden van de contacten en de persoonlijke ontwikkeling van netwerkleden. Onder meer door regelmatig inhoudelijke – gratis toegankelijke – bijeenkomsten te organiseren, maar ook borrels of bijvoorbeeld de jaarlijks terugkerende zeildagen op het IJsselmeer. ‘We hebben géén jaar-fee of abonnement. Iedereen is welkom, mits zijn of haar kennis, ervaring en ‘DNA’ aansluiten bij waar AIM4 voor staat. En hij of zij het netwerk ook verder kan en wíl helpen.’ Iedereen is welkom, mits zijn of haar kennis, ervaring en ‘DNA’ aansluiten bij waar wij voor staan. Turksma: ‘Ons netwerk is een organisch model. We hebben eigenlijk nauwelijks consultants op opdrachtgevers zitten. Onze consultants richten zich bijna volledig op onze netwerkleden. Want daar waar ons netwerk zit, zitten wij vervolgens ook op introductie van hen voor een concrete opdracht.’ De introductie van de één levert werk op voor de ander. Veel interim managers zijn ook op zoek naar een soort ‘huiskamergevoel’, vertelt ze. ‘Je zoekt aansluiting bij een netwerk van professionals waarmee je je verbonden voelt. En dan gaat het balletje vaak vanzelf rollen.’ Zoektocht naar balans Het is wel een continue zoektocht naar balans, vult Roggenkamp aan. ‘Aan de ene kant wil je zo persoonlijk mogelijk contact hebben, aan de andere kant moet je wel iets van schaalgrootte hebben om aan de marktvraag te kunnen voldoen.’ De tijd van ‘bigger is better’ is echt wel voorbij. Ik denk dat mensen dat donders goed inzien. Hij zegt ervoor te waken niet te groot te worden. ‘Met secretaresses en zo’. Daar heeft hij geen zin in. ‘Onze netwerkleden hebben mijn 06-nummer, we doen veel werk zelf, ik beheer m’n eigen agenda. Zo werkt het volgens ons het beste en kun je lekker snel schakelen. De tijd van ‘bigger is better’ is echt wel voorbij. Ik denk dat mensen dat donders goed zien. Het gaat niet om groter, het gaat om: beter.’ Referral voor de flexmarkt Op basis van de afgelopen 11 jaar praktijkervaring is hij ervan overtuigd de goede keuze te hebben gemaakt door het massawerk te verruilen voor de persoonlijke benadering. Want zowel opdrachtgever als -nemer zijn doorgaans zeer tevreden erover. AIM4 groeit dan ook al jaren gestaag door, niet alleen in interim managementopdrachten, maar de laatste jaren ook in executive search. Met over 2017 een record omzet van zo’n 10 miljoen euro. Een net aangetreden nieuwe collega, Robert Blaauw, gaat dat succes verder helpen uitbouwen. Je ziet steeds meer dat de kandidaat zo schaars én gewild is dat het systeem daaraan ondergeschikt wordt gemaakt. En daarnaast heeft AIM4 natuurlijk ook het tij mee. ‘We geloven bijvoorbeeld niet in vacaturebanken of geautomatiseerde bemiddelingssites’, zegt Turksma. ‘Kandidaten in onze doelgroep zoeken daar nauwelijks in, ze reageren vaak alleen als ze iets via hun directe netwerk krijgen toegespeeld.’ Noem het gerust ‘referral voor de flexmarkt’, zegt Roggenkamp. En dat is belangrijk, nu de kandidaat steeds meer leidend wordt op de arbeidsmarkt. ‘Tijdens de crisis had de afdeling inkoop vaak de regie. Het moest zoals zij het wilden, anders gebeurde het niet. Nu zie je steeds meer dat de kandidaat zo schaars én gewild is dat het systeem daaraan ondergeschikt wordt gemaakt.’ Elkaar helpen als kracht ‘Op papier is ons model natuurlijk best te kopiëren’, zegt Turksma. ‘Maar we merken dat we in de praktijk de enige zijn die het zo doen en dit ook al 15 jaar volhouden.’ Het geheim? ‘Oprechte interesse in mensen en blijven investeren in je netwerk, ook in slechte tijden. Én consequent vasthouden aan het principe van ‘halen en brengen’. Want als iedereen in het netwerk zit om er alleen maar zoveel mogelijk uit te halen, dan wordt het niks. Als niemand iets brengt, dan houdt het snel op. Maar zo werken we gelukkig niet. Omdat we elkaar kennen en vertrouwen, hebben we ook iets voor elkaar over. ’ Niet te automatiseren De aanpak van AIM4 laat zich niet zo makkelijk automatiseren, denkt Roggenkamp. ’We zitten echt in de individuele bemiddeling, niet in de massa. We leveren elke keer maatwerk, zowel op cv als op de persoon. En dat laatste is vaak het belangrijkst voor een geslaagde bemiddeling’. Ook een digitaal netwerk als LinkedIn zien we niet echt als een bedreiging, vult Turksma aan. ‘Daar staan zoveel bomen in het bos dat je echt niet meer weet welke boom het beste is voor jouw doel. En een mooi digitaal profiel kan iedereen maken. Door de sterk gegroeide transparantie wordt de arbeidsmarkt paradoxaal genoeg ook weer ondoorzichtiger. Een netwerkorganisatie die mensen écht kent en die precies weet wie bij welke organisatie en opdracht past, kan je dan uit de brand helpen.’ En dus kijken beiden met veel vertrouwen de toekomst in. Op weg naar de volgende 15 jaar AIM4. Lees ook: Hans Bos (AIM4): ‘Goed opdrachtgeverschap begint al vóór de start van de opdracht’ Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags interim management, intermediair, netwerken | Laat een reactie achter
Nieuwe baan: smart product designer Geplaatst 13 februari 2018 door Bas van de Haterd De baan bestaat misschien al, al wordt het nog niet zo genoemd. In de (nabije) toekomst gaat deze baan steeds belangrijker worden en hij zal zowel voor MBO als HBO functies ontstaan. De smart product designer bedenkt hoe je met de modernste technologie, met name sensoren, maar ook augmented reality en mobiele data, producten beter en slimmer kan maken. Een paar voorbeelden. (meer…) Geplaatst in nieuwe banen | Laat een reactie achter