Maandelijkse archieven: maart 2016

“De spagaat op de arbeidsmarkt tussen vast en flex wordt steeds groter”

Mathijs Bouman reageert op RTL Z op een onderzoek van Raet dat vandaag is verschenen. In dat onderzoek komt naar voren dat het zelfstandig ondernemerschap niet erg populair is onder werknemers in vaste loondienst. Met name de onzekerheid rond financien en sociale zekerheid plus de aversie tegen acquisitie worden genoemd als belangrijkste redenen.

Organisaties willen juist wel meer flex inzetten, blijkt uit hetzelfde onderzoek. Zie daar de spagaat op de arbeidsmarkt. Werknemers zitten met te gouden kettingen vast aan het vaste dienstverband, constateert Bouman in zijn duiding van het onderzoek. Al wordt in deze korte discussie wel wat te weinig onderscheid gemaakt tussen de verschillende flexvormen. Bouman vindt het apart dat voor flexwerkers in de regel minder betaald wordt dan voor vaste medewerkers. Ze zouden juist een premie moeten krijgen omdat ze bereidt zijn met minder zekerheden genoegen te nemen.

(zie hier voor vervolgartikel over dit onderzoek)

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags | Laat een reactie achter

Nationale Flex Praktijkdag – Seminar – Van VAR naar HR regie – 7 april 2016

nationale flex praktijkdag

Het zal u niet ontgaan zijn. Vanaf 1 mei a.s. komt een einde aan de fiscaal-juridische vrijwaring voor opdrachtgevers bij inhuur van zzp’ers via de VAR. De VAR komt te vervallen en wordt vervangen door de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). Deze wet schrijft het gebruik van modelcontracten voor die worden getoetst door de Belastingdienst.

Het wordt er vanaf 1 mei niet leuker op, maar ook niet makkelijker. Echter met het juiste beleid en beheersmaatregelen blijft het nog steeds prima mogelijk om zzp’ers in te huren. Het risico op (ongewenste) arbeidsrelaties met zzp’ers wordt volgens sommigen eerder kleiner dan groter. 

Dat vraagt van opdrachtgevers wel een set aan maatregelen en het beantwoorden van een aantal wezenlijke vragen:

  • Hoe beoordeelt u het zelfstandig ondernemerschap van een opdrachtnemer?
  • Hoe flexibel kunt u met de Wet DBA, maar ook binnen de grenzen van de Wwz en de Wet op de Ketenaansprakelijkheid, nog zijn?
  • Wat is vanuit strategisch en tactisch oogpunt, de ideale flexibele schil voor uw organisatie?
  • Waarom moet u de flexibele schil omarmen? Wat doen uw collega organisaties op dit vlak?

De DBA vraagt om een sterk controle mechanisme en goede coördinatie van flexwerkers. Boetes en onbedoelde arbeidscontracten liggen op de loer. De Wet DBA, en andere wetgeving rond ‘flex’, nopen tot een sterker inzicht in wet- en regelgeving en het opbouwen van kennis en expertise. Experts raden sterk aan om deze regiefunctie in handen te geven van HR.

Programma

Nationale FlexPraktijkdag is een dagvullend seminar, met sprekers uit de wereld van flex, wetgeving en praktijk. Topsprekers op het gebied van flexibele arbeidsrelaties helpen u op 7 april 2016 tijdens het congres de Nationale FlexPraktijkdag, koers te bepalen en kostbare fouten te voorkomen.

  • Gerard Evers is directeur-eigenaar van adviesbureau Euro-HRM en hoogleraar Human Capital Valuation (Tilburg)
  • Hugo-Jan Ruts is initiatiefnemer en hoofdredacteur van het kennisplatform ZiPconomy.
  • Edith Franssen is sinds 2002 werkzaam als advocate met als specialisatie het arbeidsrecht.
  • Elmer van Lienen is geregistreerd in het “Register for Tax Assurance Providers”.
  • Marieke Louwen loonheffing specialist bij PwC.
  • Rob de Laat is de auteur van Professioneel inhuren en oprichter en directeur van Staffing Management Services
  • Gijs Aanen (Manager Recruitment PostNL) & Laura van Willenswaard (Corporate Recruiter bij PostNL)

Het volledige programma is hier te vinden  ZiPconomy is als mediapartner verbonden aan dit seminar.

Praktische informatie

  • Datum: Donderdag 7 april 2016 (09.30-16.30 uur)
  • Plaats: Bussum
  • Doelgroep: iedereen (HR, Finance, Inkoop) binnen organisaties verantwoordelijk is voor de inhuur van flexibele medewerkers.
  • Organisator: Gids in Bedrijf
  • Prijs: € 495,- (excl. BTW)
  • Inschrijven: meer informatie plus aanmelden kan via deze link
Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags | Reacties uitgeschakeld voor Nationale Flex Praktijkdag – Seminar – Van VAR naar HR regie – 7 april 2016

Asscher: Wet- en regelgeving maken zzp-schap (te) aantrekkelijk.

Lodewijk_Asscher_2013-1Verschillen in wet- en regelgeving maken het het voor werkenden relatief interessant om als zzp’er te werken en voor werkgevers of opdrachtgevers om werk door een zzp’er uit te laten voeren. Die verschillen moeten kleiner worden. Dat stelt Minister Asscher in een brief aan de Eerste Kamer. Met de brief geeft Asscher uitvoering geeft aan een motie van senator De Graaf (D66), waarin hij het kabinet op riep met een reactie te komen op het interdepartementale onderzoek naar zzp’ers

Asscher wil voorkomen dat die verschillen in regelgeving tussen zzp’ers en werknemers leiden tot “keuzes die gedreven worden door instituties in plaats van door gezamenlijke wensen van werkenden en werk- en opdrachtgevers . Op langere termijn (moet) het grote verschil in de institutionele behandeling van zzp’ers en werknemers worden verkleind.”

Die verschillen bestaan primair uit het fiscale voordeel (zelfstandigenaftrek) voor zzp’ers en het ontbreken van verplichtingen verbonden aan het werkgeverschap op het moment dat iemand als zzp’ers ingehuurd wordt. Asscher wil die punten dus ter discussie stellen.

Maatschappelijk debat over hervormingen

Asscher erkent dat dergelijke hervormingen een grote impact hebben op de gehele arbeidsmarkt en de positie van zzp’ers in het bijzonder. Het vraagt volgens hem om zorgvuldigheid en tijd, waarmee hij bevestigd wat het Kabinet eerder aan de Tweede Kamer scheef: verwacht van ons geen groots standpunt over dit dossier. Daarvoor verschillen VVD en PvdA te veel van mening.

Het kabinet ziet meer in een maatschappelijk debat, ook al omdat er “in de samenleving verschillende visies (zijn) waarop (de hervormingen) zouden moeten worden vormgegeven (…). Ook in het IBO ZZP worden verschillende oplossingsrichtingen aangedragen, waarbij de werkgroep IBO ZZP aangeeft dat de vormgeving van een dergelijk stelsel in hoge mate de uitkomst van politiek debat zal zijn.”

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , | 1 Reactie

Een onnozele zzp’er in het land van de paperassen

PaperassenDe zzp-wereld is in paniek. De VAR wordt afgeschaft en staatssecretaris Wiebes stuurt ons een contractenmoeras in. In plaats van te zwaaien met een vrijbrief zitten we straks opgesloten in de juridische kerkers van de Belastingdienst, aan beide enkels geboeid met verzwaarde administratieve lasten en in de allengs vervliegende hoop dat we onze vrijheid ooit nog terugkrijgen.

Nu ben ik een onnozele zzp’er en ik begrijp de ophef niet zo goed.

Mijn werk bestaat uit een mengeling van korte en langer lopende opdrachten – variërend van een halve dag tot anderhalf jaar en meestal van alles door elkaar – en in mijn ervaring taalt een overweldigende meerderheid van opdrachtgevers bij korte opdrachten totáál niet naar de VAR. Omdat het zo overduidelijk ‘klussen’ zijn dat niemand op het idee komt om daar een baan van te maken (zelfs Lodewijk Asscher niet). Denk aan: het schrijven van zes vacatureteksten of het reviewen van een website.

Aangezien werken met een contract niet verplicht is, heb ik er het volste vertrouwen in dat er straks voor dit soort opdrachten net zo vaak – dat wil zeggen: ongeveer nooit – om zo’n ding zal worden gevraagd als nu om de VAR.

Geringe investering

Bij langer lopende opdrachten, vooral die met een interimkarakter (als je een e-mailadres van het bedrijf krijgt lijkt het al gauw op een dienstverband), vragen de meeste van mijn opdrachtgevers wél om de VAR. Maar naast de VAR wordt er negen van de tien keer óók gevraagd om een kopie van mijn KvK-inschrijving (die maximaal drie maanden oud mag zijn, dus dat betekent het geregeld aanvragen van een nieuw, digitaal gewaarmerkt

Daar kan zo’n Wiebescontractje nog wel bij

uittreksel à € 7,50) en ben ik doorgaans toch al aan het hannesen met allerlei papieren en formulieren, zoals een offerte, leveranciersverklaring, opdrachtovereenkomst, inkooporder, verklaring omtrent het gedrag of een kopie identiteitsbewijs.

Daar kan zo’n Wiebescontractje echt nog wel bij, zeker als het een standaardmodel is dat ik zo van de harde schijf vis.

Bovendien, langere opdrachten leveren over het algemeen meer geld op dan korte (ze leveren in elk geval langer geld op) en als ik de ‘kosten’ van het in orde maken van al die paperassen afweeg tegen de opbrengsten, lijkt het mij persoonlijk een geringe (extra) investering.

Hoogwaardige werkgelegenheid

Nu ben ik niet zo onnozel dat me ontgaat dat er in bepaalde hoeken van de zzp-markt – wat dat ook mag zijn – van alles loos is. Mogelijk dat de wet DBA daar verandering in gaat brengen, al vind ik dat er met een kanon op een bacterie wordt geschoten en maak ik me over de uitvoering weinig illusies. Het lukt al niet om de relatief eenvoudige VAR te handhaven. Misschien hadden ze dáár mee moeten beginnen (of ophouden met het sluiten van anti-VAR-dealtjes met zuinige werkgevers). Het had een hoop geld en gedoe kunnen schelen.

Tenzij deze nieuwe wet een manier is om een soortement van min of meer hoogwaardige werkgelegenheid te creëren voor de 5.000 Belastingdienstmedewerkers die er binnenkort uitgegooid dreigen te worden (om te worden vervangen door 1.500 ICT’ers die zo schaars zijn dat ze vermoedelijk alleen als zzp’er kunnen worden ingehuurd). Dan zou er nog iets goeds uit voort kunnen komen.

Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , | 23s Reacties

Zzp’er: van held naar One-Trick-Pony of Jack-Of-All-Trades?

wiebes 2Per 1 mei 2016 treedt de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) in werking. De Wet DBA moet het aantal schijnzelfstandigen terugdringen en de handhaving mogelijkheden gaan verbeteren. Feitelijk kan nu alleen bij de opdrachtnemer (de zzp’er) loonbelasting worden nageheven. Onder de Wet DBA kan dat straks ook bij de opdrachtgever.

Eric Wiebes, Staatssecretaris van Financiën, zei in een interview met het NRC in 2014 het volgende over de Belastingdienst: “Het herstel van vertrouwen in de Belastingdienst is alleen mogelijk als de dienst bereid is om de samenleving totale openheid te geven over de eigen werkwijze”.

Er is aanhoudende kritiek op de Wet DBA. Deze kritiek richt zich op het feit de wet in de praktijk lastig uitvoerbaar lijkt te zijn. Ook zijn er onduidelijkheden over de werkwijze van de Belastingdienst.

Dagelijks zijn er nieuwe voorbeelden die het nieuws halen en steeds weer gaat het om onduidelijkheid over de wet en de werkwijze van de Belastingdienst.

Wie gaat nu aan wie uitleggen hoe het echt werkt?

Het verleden heeft aangetoond dat de Belastingdienst niet altijd even goed raad weet met nieuwe werkprocessen. Wiebes schreef in januari in een brief aan de Eerste Kamer dat er 400 voorbeeldovereenkomsten behandeld zijn en dat er nog 350 in de pijplijn zitten. Als we zo doorgaan, hebben we straks duizenden modelovereenkomsten die ervoor moeten zorgen dat er vooraf tussen opdrachtgever en opdrachtnemer duidelijkheid bestaat over de arbeidsrelatie.

De onduidelijkheid over wat nu precies duidelijkheid moet zijn, vormt het grootste probleem. Volgens Wiebes een grap. Maar voor honderdduizenden hardwerkende zzp’ers een uiterst serieuze aangelegenheid. Ter illustratie twee voorbeelden van de onduidelijkheden die zijn ontstaan:

Voorbeeld 1: eindverantwoordelijkheid in de zorg

De Belastingdienst weigert honderden ingediende modelovereenkomsten aan zorg-zzp’ers toe te kennen vanwege de nieuwe kwaliteitswet Wkkgz. De ministeries van Financiën en VWS zijn het oneens met elkaar. Kern van het probleem is dat in de kwaliteitswet Wkkgz staat beschreven dat de eindverantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de zorg altijd bij de eerste partij ligt die een klant in zorg neemt. ‘Dat betekent bijvoorbeeld dat als een thuiszorginstelling een klant opneemt en een zelfstandige wijkverpleegkundige de opdracht geeft om bij deze klant langs te gaan, de instelling eindverantwoordelijk is voor de kwaliteit. Dit gaat dan vooral over de naleving van alle zorgwetten en -regels. De Belastingdienst leest hierin echter dat er sprake is van een gezagsverhouding in arbeidsrechtelijke zin. De bewuste wijkverpleegkundige is in de ogen van de Belastingdienst dus niet zelfstandig maar een schijnzelfstandige (zie Zorgvisie).

Voorbeeld 2: zzp’ers met een langere opdracht

Er is onduidelijkheid over de duur van de opdracht. Het gaat dan om zzp’ers die volgens de Belastingdienst langer voor een opdrachtgever werken dan ‘gebruikelijk is in de branche’. Wat is gebruikelijk in welke branche? Wat is te lang? Is een jaar lang? Twee jaar of vijf jaar? Stel een zzp’er gaat aan de slag als projectdirecteur bij een bruggenbouwer. Als projectdirecteur is hij verantwoordelijk voor het ontwerp, de bouw, de plaatsing en de opening van de brug. Je zou kunnen zeggen dat het een project is met een duidelijke kop en staart. Het begintraject tot en met de opening neemt vijf jaar in beslag. Is dat te lang? De Belastingdienst is onduidelijk over wat ze verstaat onder ‘gebruikelijk in de branche’.

Middel of kwaal?

De kwaal is volgens Wiebes schijnzelfstandigheid. Wat de omvang van de kwaal dan ook precies mag zijn. In de recente antwoorden van Minister Asscher op vragen naar aanleiding van het IBO ZZP onderzoek, blijkt dat slechts 2% van alle zzp’ers in Nederland aangeeft dat ondernemerschap een geen eigen keuze was maar een gedwongen keuze vanuit de werkgever.

De vorig jaar ingevoerde flexwet WWZ moest leiden tot betere bescherming en meer werkgarantie voor flexmedewerkers. De nieuwe wet is echter een drama voor MKB bedrijven. Zij geven aan moeite te hebben met het betalen van de transitievergoeding waardoor ze in financiële problemen komen. Werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland herkennen zich in dit beeld.

MKB-Nederland wil zo snel mogelijk met de vakbonden en minister Asscher om de tafel om de wet aan te passen. ,,We kunnen niet twee tot drie jaar wachten en dan pas evalueren. Op die manier creëren we een ongezonde arbeidsmarkt aldus MKB Voorzitter van Straalen. De wet wordt binnenkort geëvalueerd door de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De vraag is gerechtvaardigd of de middelen om flex-arbeid aan banden te leggen ondertussen niet erger zijn dan de ‘kwaal’ zelf.

Een blog zorgt (wel) voor kamervragen

De Tweede Kamerleden Schut-Welkzijn, Neppérus (beiden VVD) en van Weyenberg (D66) hebben de afgelopen weken kamervragen gesteld aan Staatssecretaris Wiebes. De Kamerleden Mei Li Vos en Groot (PvdA) hebben dat vorige week ook gedaan, zij het (pas) naar aanleiding van een goed geschreven blog.  Opmerkelijk: er zijn in de afgelopen drie weken al bijna meer Kamervragen gesteld over de impact van de Wet DBA op het zzp landschap dan de gehele Tweede Kamer gezamenlijk tijdens de plenaire behandeling van het wetsvoorstel in 2015.

Dat geeft toch te denken…

Vraag het de Belastingdienst!

Tijdens de landelijke verkiezingen in 2012 riep de PvdA dat zzp’ers de helden waren van de economie van de 21e eeuw. De VVD riep in datzelfde jaar dat zzp’ers ondernemers zijn en dat zij gelooft dat zzp’ers ruimte moeten krijgen om ondernemer te zijn. Hoe anders is het vier jaar later. De huidige toonzetting over zzp’ers zorgt voor One-Trick-Pony of Jack-Of-All-Trades. Teveel van het één (zielig) of teveel van het ander (belastingprofiteurs).

In mijn optiek doet dit geen recht aan honderdduizenden hardwerkende ondernemers. Zij vormen de smeerolie van onze bloeiende diensteneconomie. Om onder de  ‘One-Trick-Pony of Jack-Of-All-Trades’ van de Belastingdienst uit te komen kunnen zzp’ers, individuen en kleine ondernemingen massaal gebruik van maken van hun recht op vooroverleg en ruling.

De Belastingdienst schrijft hierover op hun eigen website:

“Ruling zorgt voor zekerheid vooraf, en wijkt niet af van wet. De uitleg van fiscale wet- en regelgeving voor belastingplichtigen is altijd gelijk’.

Stel je eens voor. Één miljoen zzp’ers gaan individueel een verzoek in dienen bij de Belastingdienst om vooraf zekerheid te krijgen over de toepassing van wet- en regelgeving op hun wijze van (fiscaal) ondernemerschap. Na de verkregen zekerheid via een individuele ruling kunnen ze weer gaan ondernemen. Een geweldige kans voor de Belastingdienst om in één keer het vertrouwen te herstellen!

NB: Ter lering en ter vermaak heb ik een aantal goed gelezen artikelen op Internet over de wet DBA op een rijtje gezet:

  1. De afschaffing van de VAR is een clusterfuck
  2. Wiebes geeft toe: er zitten fouten in nieuwe modelcontracten voor zzp’ers
  3. Omstreden modelovereenkomsten
  4. Petitie zzp’ers tegen VAR-vervanger
  5. Inzet van zorg-zzp’ers ernstig in gevaar
  6. Wiebes belooft beterschap aan zzp’ers
  7. Belastingdienst publiceert factsheet Wet DBA. Eerste stap in communicatieoffensief.
  8. ANP-freelancers vanaf 1 mei alleen nog ingehuurd via payrolling
  9. ZZP’er maakt zich zorgen om modelovereenkomst
  10. de VAR verdwijnt en zzp’ers worden blootgesteld aan een systeem dat ik maar vast heb omgedoopt tot De Grote Chaos.
  11. Afschaffing VAR mag niet leiden tot ZZP’er pesten
  12. Belastingdienst stuurt alle ZZP’ers brief over implementatie DBA
  13. FNV Zelfstandigen: Veel onduidelijkheid over afschaffing VAR
  14. Zzp-organisaties willen duidelijkheid over wet DBA
  15. Kritiek op zzp-contract in nieuwe wet DBA
  16. Telegraaf: De impact van de Zzp-HorrorWet
  17. D66-Kamerlid Van Weyenberg : “Welke zzp’ers snapt dit nog?”
  18. Bedrijven in paniek over arbeidsrelatie met zzp’er
  19. Wet DBA feest voor uitzendbureaus
  20. Gematigde reacties ABU en NBBU op wet DBA
Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags , | 5s Reacties

“Goed opdrachtnemerschap? De opdrachtgever is koning, maar zit samen aan de ronde tafel.”

Wat is goed opdrachtnemerschap? Wat is goed opdrachtgeverschap? Een succesvolle interim opdracht staat en valt natuurlijk bij een goede relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Niet dat ze het elkaar (te) gemakkelijk moeten maken. Integendeel. Een goed interim manager weet te werken op het snijvlak van de kritische buitenstaander en de betrokken businesspartner van zijn/haar opdrachtgever. 

In navolging van het ZiPconomy onderzoek naar goed opdrachtgeverschap starten we met een nieuwe serie interviews met interim-managers.

Centraal daarin: wat verwacht je als interim-manager van je opdrachtgever om je opdracht succesvol te kunnen uitvoeren. En – bovenal – wat doe jij zelf om er voor te zorgen dat je van de opdrachtgever krijgt wat je nodig hebt. Of te wel:  wat is voor jouw goed opdrachtnemerschap?  

Als eerste aan het woord: Martine Huizing  

martine huizing profiel

Wat is voor jou goed opdrachtgeverschap, wat is goed opdrachtnemerschap?

Een goede opdrachtgever heeft een goed beeld van de opdracht, steunt de opdracht en heeft duidelijke verwachtingen qua resultaten. Als goede opdrachtnemer moet je weten waar je grenzen liggen, durf je nee te zeggen, zodat je minimaal kan leveren waartegen je ja zegt en liefst een beetje meer, beter en/of sneller. Daarbij is je agenda gedurende een opdracht flexibel en komt de opdrachtgever van rechts.

Verder vind ik het erg belangrijk om zelfkritiek te durven hebben en de humor in te zien van situaties en uitdagingen op je weg. Die laatste zijn er sowieso en dan kan je het maar beter aangenaam maken.

Welke factoren zijn voor jou bepalend om tot een goede interim opdracht te komen?

Duidelijkheid in afspraken en verantwoordelijkheid. Het is zonde om parallel binnen een organisatie gescheiden aan hetzelfde bezig te zijn in plaats van samen met elkaar. Daarnaast een mate van zelfstandigheid en mandaat om woorden te kunnen omzetten in concrete resultaten.

Een goede relatie met je opdrachtgever is essentieel. Toch moet je hem/haar ook scherp houden en met een been buiten de organisatie staan. Eens? En hoe doe jij dat?

Door duidelijk te communiceren en respectvol met elkaar om te gaan, houd je de relatie goed. Ook is het belangrijk je dienstbaar op te stellen en mee te bewegen met de opdrachtgever. Dit laatste betekent iets anders dan reactief volgen en uitvoeren.

Doordat je verder een korte termijn visie hebt betreffende je opdracht – ten opzichte van werknemerschap – heb je sowieso al één been buiten, is mijn ervaring. Dit creëert op een natuurlijke manier de ruimte om kritische te kunnen zijn en te blijven.

Een tevreden opdrachtgever of een geslaagde opdracht. Heeft daar wel eens spanning tussen gezeten bij je en hoe ging je daar mee om.

Gelukkig heb ik maar één keer te maken gehad met negatieve spanning in een opdracht. In deze opdracht kwam mijn eigen integriteit in het gedrang. Ik heb er toen voor gekozen, met een respectabele aanzegperiode, de opdracht te beëindigen.

Verder zijn mijn opdrachten altijd naar tevredenheid afgerond voor beide partijen en heb ik met de meeste opdrachtgevers nog steeds een goed contact. Mits qua tijd in het redelijke, verleen ik ook altijd nog een soort after-care en deze uren reken ik niet extra. Ik verwacht ook service als ik iets koop, dus dat verleen ik zelf ook.

Samenvattend: wat is voor jou de kern van goed opdrachtnemerschap?

De klant (lees opdrachtgever) is koning, maar zit samen aan de ronde tafel.

Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Ondernemen | Tags , , , | Laat een reactie achter