Maandelijkse archieven: april 2024

Schijnzelfstandigheid op de bouwplaats: kiest de politiek voor de werknemer of voor de zzp’er?

Door een ongelijk speelveld op de bouwplaats dreigt de werknemer het te verliezen van de zzp’er.

Een werkgever moet zich houden aan een CAO en/of aan alle regels en verplichtingen die de overheid heeft opgesteld, met alle financiële gevolgen vandien. Een zzp’er daarentegen heeft nog steeds weinig verplichtingen: geen arbeidsongeschiktheidsverzekering, geen pensioenopbouw en geen sociale afdrachten.

Door dit verschil in spelregels wordt het voor veel werkgevers onmogelijk om werknemers in dienst te houden. Veel werknemers worden letterlijk vervangen door zzp’ers, omdat de kosten en de risico’s een stuk lager liggen bij deze zzp’ers.

Maar door het vervangen van de werknemer ontstaat er een verkapt dienstverband met de zzp’er. De zzp’er wordt op dezelfde manier aangestuurd als de werknemer. Mogelijk krijgt de zzp’er zijn ‘loon’ anders uitgekeerd dan via betaling per uur, maar dat is dan ongeveer het enige verschil.

Verkapt dienstverband

Op een gemiddelde bouwplaats zijn er meerdere metselaars nodig om een klus te klaren. Bij een werkgever met werknemers wordt samengewerkt voor een goed resultaat en de werkgever is aansprakelijk en draagt het risico voor het geheel.

Op dezelfde bouwplaats is de individuele zzp’er een van de vele zzp’ers die daar aan het werk zijn. Bij het eindresultaat is niet vast te stellen welke muur de zzp’er heeft gemaakt. In dat geval kan de zzp’er niet aangesproken worden op zijn verantwoordelijkheden. Dus het risico ligt bij zijn opdrachtgever.

Hierdoor kan deze manier van werken gezien worden als verkapt dienstverband en kunnen de zzp’ers gezien worden als schijnzelfstandige, dus als werknemer.

Geen loongrens aan ondernemerschap

‘Echte zzp-ers’ nemen zelf een opdracht aan, voeren de opdracht zelf uit en lopen als individu zelf het risico. De schilder die een huis schildert, een kapper die zijn klanten heeft en een boekhouder die verantwoordelijk is voor zijn opdrachten. Dat zijn zzp’ers.

Er heerst een misvatting dat alle zzp’ers gezien kunnen worden als ondernemers. Het is een misverstand dat alle zzp’ers hun vak beheersen. En het is ook een misverstand dat er een loongrens zit aan ondernemerschap. Zzp’ers die onder de grens van 32,24 euro per uur zitten, kunnen meer ondernemer zijn dan zzp’ers die boven de 75,– euro per uur zitten. Dit uurloon is namelijk geheel afhankelijk van marktwerking en van de branche waarin de zzp’er werkt.

Ketenaansprakelijkheid

Het aanpakken van de schijnzelfstandige kan ook grote gevolgen hebben voor andere opdrachtgevers in de bouw en andere sectoren. De wet aanpak schijnconstructies en de wet ketenaansprakelijkheid zijn daarvan de bekendste en de meest relevante voorbeelden.

Bij de wet ketenaansprakelijkheid is de gehele keten afhankelijk van de zwakste schakel. Als een onderdeel van de keten de financiële gevolgen door de handhaving van de Belastingdienst op schijnzelfstandigheid niet kan of wil dragen, kan de volgende partij in de keten verantwoordelijk worden gehouden voor de naheffingen etc. Bij een faillissement zijn deze gevolgen niet af te dekken door overeenkomsten. Vaak zijn er al geen overeenkomsten als je lager in de ketens gaat kijken.

Banen op de tocht

De opdrachten in de bouw lopen terug, omdat diezelfde overheid geen vergunningen verleent. Daardoor is er minder werk en staan er arbeidsplaatsen op de tocht. De hoge kosten die de loondienst met zich meebrengt – door de sociale lasten, de CAO-vergoedingen en de loonstijgingen – maken het voor werknemers onmogelijk om te concurreren met zzp’ers.

De enige manier om snel een gelijk speelveld te creëren tussen de werknemer en de zzp’er, is het handhaven op de schijnzelfstandigheid. Voor ons, werkgever en werknemers in de bouw, is het in ieder geval 5 over 12.

 

 

 

 

 

 

Mark Priems, W&G Bouw

Lees ook:

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | 5s Reacties

Nieuwe digitale VOG vereenvoudigt aanvraagproces voor zzp’ers

Zzp’ers moeten regelmatig een VOG aanvragen voor een opdracht. De procedure hiervoor zal binnenkort eenvoudiger worden. Vanaf 22 mei 2024 zal de VOG voor iedereen digitaal beschikbaar zijn, wat het proces van aanvragen, bezorgen en doorsturen naar werk- en opdrachtgevers sneller, duurzamer en gemakkelijker maakt.

Deze aankondiging komt van screeningsautoriteit Justis, die sinds 20 maart jl. het digitaal ontvangen van de VOG in de Berichtenbox van mijnoverheid.nl mogelijk maakt. Voorheen was de VOG alleen op papier beschikbaar.

Voordelen van de digitale VOG

Bij het aanvragen van de VOG kunnen aanvragers kiezen tussen een digitale of papieren versie, waarbij de optie voor papier behouden blijft. Het digitale alternatief biedt voordelen voor zowel opdrachtnemers als opdrachtgevers, waaronder een snellere bezorging en gemakkelijker delen.

Bovendien bevat de digitale VOG onzichtbare, digitale echtheidskenmerken ter vervanging van de zichtbare kenmerken op de papieren versie, waardoor werk- en opdrachtgevers de echtheid eenvoudig online kunnen controleren.

Geleidelijke uitrol

De digitale ontvangstoptie wordt gefaseerd uitgerold om rekening te houden met de capaciteit van Justis-systemen, met een geplande voltooiing in vier fases gedurende twee maanden. Hierdoor kunnen nog niet alle organisaties onmiddellijk gebruik maken van de digitale VOG.

Voor meer informatie over de digitale VOG en een actuele planning van de uitrol, zie de website van Justis.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | Laat een reactie achter

Pascal Meerwijk nieuwe managing director Seven Stars (Circle8Group)

Pascal Meerwijk is de nieuwe managing director van IT-flexspecialist Seven Stars, onderdeel van de internationale HR-techdienstverlener Circle8Group. Meerwijk werkte meer dan 20 jaar werkzaam bij de Adecco Group, waarvan de laatste 10 jaar als eindverantwoordelijke voor verschillende onderdelen.

Europese groeistrategie

CEO Ineke Kooistra van Circle8Group denkt dat hij goed past bij het bedrijf. “Er zijn voor Seven Stars nog volop kansen om verder te groeien door verbreding, ook internationaal. Pascal heeft veel kennis van IT en sales. Vanuit zijn internationale staat van dienst is Meerwijk de juiste man om deze Europese groeistrategie te leiden.”

Seven Stars is sinds 2005 specialist op het gebied van bemiddeling van tijdelijke IT-professionals. Dagelijks werken meer dan 800 professionals via de organisatie bij publieke en private opdrachtgevers. Het bedrijf heeft kantoren in Zwolle, Utrecht en Groningen en een omzet van circa 120 miljoen euro.

“De passie en drive binnen Seven Stars spreken me erg aan”, zegt Pascal Meerwijk. “Dit bedrijf past bij me omdat ik ervan houd om met stoere, eigenwijze, ambitieuze mensen te werken. Een beetje rebels, laten zien hoe het anders kan.”

Aan de slag met digitale marketing

Meerwijk volgt Ronald Raidt op. Die maakt de overstap van Chief Commercial Officer binnen Seven Stars naar Chief Marketing Officer bij Circle8Group. In deze rol is hij verantwoordelijk voor de marketing van alle internationale labels binnen de groep, waaronder Seven Stars. Kooistra: “Raidt heeft Seven Stars digitaal op de kaart gezet en draagt meetbaar bij aan de groei van Circle8Group, inmiddels ook in Duitsland.”

Raidt noemt zijn nieuwe rol ‘een buitenkans’. “In onze branche liggen nog volop kansen als het gaat om digitale positionering en datagedreven marketing. Ik krijg nu de mogelijkheid om die te benutten.”

Circle8Group is een internationale bedrijfsgroep met een specialisatie in HR-tech. Onder Circle8Group vallen Circle8 (NL & BE), Seven Stars (NL), FixedToday (NL & BE), Königstein (DE) en Swisslinx (CH). Met ruim 12.000 professionals in de sectoren IT, Technologie en Financiën realiseert de groep een omzet van meer dan een miljard euro. De merken hebben elk hun eigen cultuur en een gedeelde overtuiging dat de mensen het belangrijkste zijn binnen elke succesvolle organisatie.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , | Laat een reactie achter

Minder zelfstandigen in de Europese Unie, hoogopgeleiden vaker zelfstandige

Er zijn sinds 2010 steeds minder zelfstandigen in de Europese Unie actief: een daling van 1,7%. Vooral onder mannen is het percentage fors lager: een daling van maar liefst 2,5%. Dat blijkt uit cijfers van Eurofound, een agentschap van de EU voor verbetering van arbeidsomstandigheden.

1. Aandeel zelfstandigen onder werkenden

 

De grote terugloop in het aantal zelfstandigen in de Europese Unie komt volgens Eurofound vooral door de vergrijzing. Het percentage zelfstandigen in de leeftijdscategorie 60 tot 64 en 65+ daalden repectievelijk met 10,1% en 15,5% (zie afbeelding 2).

2. Verandering in zelfstandig ondernemerschap per leeftijdsgroep

Verschil per regio

Ook valt op dat de toe- of afname van het aantal zelfstandigen per regio verschilt. Zo kent Oost-Europa een grote terugloop in het aantal zelfstandigen, met als koploper Roemenië (10,8% daling, zie afbeelding 3). Opmerkelijk is dat alle drie de Baltische Staten een toename kennen. Ook West-Europese landen als Nederland en Frankrijk kennen een toename van het aantal zelfstandigen.

3. Aandeel zelfstandigen in werkzame beroepsbevolking

Afhankelijk van type economie

De verklaring waarom bepaalde landen een sterke afname kennen en andere landen een toename schuilt in de aard van het type economie. Van oudsher zijn met name veel mensen in de agrarische sector werkzaam als zelfstandigen.

Uit de cijfers van Eurofound blijkt dat de agrarische sector een daling van maar liefst 26% in het aantal zelfstandigen kende tussen 2010 en 2022. Ten opzichte van het aantal medewerkers in deze sector, is dit een daling van 2,6%. Veel mensen die voorheen als dagloners op het land werkten, zijn nu in dienst getreden. Met name mensen uit Oost-Europa werken in deze sector.

4. Geïndexeerde ontwikkelingen in zelfstandigen, per sector

 

Daarentegen kennen economieën met een sterk dienstverlenend karakter een opwaartse trend. Zo kent de financiële sector een toename in het aantal zelfstandigen het opzichte van het aantal werknemers. Hier steeg dit percentage met 2,1%. Deze sectoren zijn vooral prominent in sterk ontwikkelende landen, zoals Nederland en Frankrijk.

5. Aandeel zelfstandigen in werkzame beroepsbevolking

Grootste toename in publieke sector

De grootste toename was in de publieke sector, zoals de zorg, het onderwijs en de ambtenarij. Hier nam het aantal zelfstandigen ten opzichte van 2010 toe met maar liefst 50%. Desondanks is de vertegenwoordiging van het aantal zelfstandigen ten opzichte van het aantal medewerkers in dienst in deze sector alsnog laag (zie afbeelding 5).

6. Percentage zelfstandigen en verandering in absolute aantallen, per beroep

 

De grootste groep mensen die als zelfstandigen zijn begonnen, zijn professionals. Tussen 2010 en 2022 kent deze groep de grootste stijging: een stijging van maar liefst 14,5%. Daarnaast zijn ook veel technici voor zichzelf begonnen: een toename van 11,3%.

Hoger opleidingsniveau

Uit de data over het opleidingsniveau van de zelfstandigen blijkt dat de aantrekkingskracht van het zelfstandige werken vooral lonkt voor hoog opgeleide Europeanen. Waar in 2010 nog slechts 27,3% van de zelfstandigen hoogopgeleid was, was in 2022 dit percentage 38%. Een tegengestelde ontwikkeling is te herkennen onder laag geschoolde zelfstandigen.

7. Niveaus van formeel onderwijs van zelfstandigen

 

“Dit is een cruciale trend,” schrijft Eurofound, “aangezien het opleidingsniveau verhogen en ervoor zorgen dat werknemers gedurende hun hele leven over relevante competenties en vaardigheden beschikken, van cruciaal belang zijn voor de EU om haar doel te bereiken, namelijk het wegnemen van kwetsbaarheden op de arbeidsmarkt en het duurzamer maken van werk in tijden van crisis.”

Lees het hele rapport

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , , , , | Laat een reactie achter

Het einde van het handhavingsmoratorium op schijnzelfstandigheid is in zicht: wat nu?

Over minder dan 9 maanden verloopt het handhavingsmoratorium op schijnzelfstandigheid. Vanaf dat moment mogen belastinginspecteurs weer boetes en naheffingen opleggen als zij merken dat een bedrijf onterecht met zzp’ers werkt. De podcast ZiPtalk gaat over wat dit betekent voor bemiddelaars, werkverschaffers en zzp’ers. Presentator Narada Bouwland en ZiPconomy-hoofdredacteur Hugo-Jan Ruts vragen het aan twee deskundigen: John Piepers (programmamanager Handhaving Arbeidsrelaties bij de Belastingdienst) en Boris Emmerig (Holla Tax & Legal).

 

Geen nieuwe wet, toch handhaving

“De politiek dacht dat er op 1 januari 2025 zeker wel nieuwe zzp-wetgeving zou zijn. Logisch om dan het handhavingsmoratorium af te laten lopen”, zegt Ruts. “Ondertussen weten we dat er eind van dit jaar nog geen nieuwe wet is, maar de datum van 1 januari 2025 blijft wel staan.” De belastingdienst dan scherper controleren. Overigens niet met terugwerkende kracht.  

Er kan ook gehandhaafd worden, want er is namelijk ook nu al wet- en regelgeving en vooral jurisprudentie over werken met zzp’ers. In de zaak Deliveroo werd nog eens duidelijk hoe de rechter kijkt naar het onderscheid tussen zzp’ers en werknemers in een organisatie. Als er binnenkort een uitspraak ligt in de Uber-zaak, wordt het nog duidelijker. Die zaak draait vooral om de vraag: wanneer is iemand een echte ondernemer?

Versterken en verbeteren

“Voldoen aan het arbeidsrecht is geen keuze, je moet je er gewoon aan houden”, zegt Piepers. Hij is programmamanager Handhaving Arbeidsrelaties bij de Belastingdienst. “We zijn nu bezig met ‘versterken en verbeteren’ van de handhaving. Dat wil zeggen dat we meer aandacht vragen voor dit thema, vaker bedrijfsbezoeken afleggen en ons voorbereiden op meer handhaving. Ondertussen verwachten we van werkenden en werkgevers dat zij aan de slag gaan.”

Onlangs publiceerde de Belastingdienst het Handhavingsplan arbeidsrelaties tranche 2024. Daarin staat hoe de fiscus op dit moment toewerkt naar de opheffing van het handhavingsmoratorium. 

Signaalfunctie van intermediairs en overheid

Piepers: “Werkgevers huren nog vaak zzp’ers in, terwijl ze weten dat iemand in loondienst zou moeten zijn, omdat zij simpelweg niet voldoende werknemers kunnen vinden. Zij moeten wel met zzp’ers aan de slag, zeggen ze zelf.”

Om daar verandering in te brengen rekent Piepers op meer samenwerking met de markt. “Brancheorganisaties, intermediairs en grote werkgevers hebben een signaalfunctie”, zegt hij. “Tussenpersonen zijn daarbij heel belangrijk en ik ben blij dat zij met ons meewerken. Zij kunnen ons helpen de markt te informeren, zodat wij meer tijd hebben voor zaken als boekenonderzoeken.”

Ook de overheid moet meer verantwoordelijkheid nemen en stoppen met onterechte inhuur van zzp’ers, vindt Piepers. “Dit is namelijk een van de grootste opdrachtgevers van Nederland.”

Ga nu aan de slag

Als werkgever moet je nu echt aan de slag, benadrukt advocaat Emmerig. “Om te beginnen: meten is weten”, zegt hij. “Inventariseer hoe je nu werkt met zzp’ers. Zet feiten en omstandigheden op een rij. Classificeer vervolgens: is dit goed, fout of onduidelijk? Vervolgens ga je aan de slag om te zorgen dat jouw werkwijze past binnen de wet- en regelgeving.”

Zo’n aanpassing is niet alleen juridisch, maar ook cultureel, zegt hij. “De mensen in jouw organisatie zijn gewend om op een bepaalde manier met zzp’ers te werken”, legt Emmerig uit. “Het vergt soms een flinke gedragsverandering en een andere manier van denken.”

Waar moet je op letten?

“In het Deliveroo-arrest staan tien criteria, die bepalen in samenhang of er sprake is van een arbeidsrelatie of een zzp-opdracht”, vertelt de advocaat. De belangrijkste drie zijn volgens hem:

  • In hoeverre is er een gelijkwaardige relatie tussen opdrachtgever en werkende?
  • In hoeverre is de werkende ingebed in de organisatie?
  • In hoeverre gedraagt de werkende zich als ondernemer?

“Vaak is de situatie heel duidelijk, bijvoorbeeld een student die in de horeca werkt volgens een rooster en instructies opvolgt van zijn manager. Dat is een werknemer”, zegt Emmerig. “Toch is het een utopie om te komen tot een vinklijstje. Of iemand werknemer of zzp’er is, blijft afhankelijk van verschillende criteria in onderling verband.”

Meer weten? Luister hier de hele podcast of bekijk de opname hieronder.

 

Geplaatst in ZP en Politiek | Tags , , | 1 Reactie

Tweede Kamer start behandeling Wet toelatingsstelsel

De Tweede Kamer gaat starten met de behandeling van de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (WTTA). De exacte datum is nog niet bekend, maar zal naar verwachting voor de zomer zijn. Maar het is zeker nog geen gelopen koers. Er zijn nog wel wat politieke obstakels te overwinnen voordat zeker is dat het toelatingsstelsel daadwerkelijk op 1 januari 2026 ingaat.

Het wetsvoorstel kan in de Tweede Kamer op een kritische ontvangst rekenen. Er is kamerbrede steun om de adviezen van de Commissie Roemer uit te voeren om veel meer bescherming te bieden aan arbeidsmigranten. De vraag is echter in hoeverre de brede impact die de WTTA heeft voor alle bureaus (waaronder onder meer ook detacheerders) en de hoge kosten (143 miljoen per jaar, volgens het Adviescollege Toetsing Regeldruk) in verhouding staat met de omvang van de problematiek (proportionaliteit). Daarnaast zijn er grote zorgen omtrent de uitvoerbaarheid: is er voldoende capaciteit om bureaus te toetsen voordat ze toegelaten moeten worden? 

De zorgen omtrent die proportionaliteit waren juist voor de VVD en BBB in de Eerste Kamer aanleiding om hun steun in te trekken bij de Wet Toezicht Gelijke Kansen bij Werving en Selectie

Onderstaand overzicht geeft de fasen aan waarin de verschillende aangekondigde wetten in het wetgevingsproces zitten.

Lees ook: Adviescollege: misstanden flexbranche vragen om handhaving, niet om een nieuwe wet

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags | Laat een reactie achter