ZiPtalk: ‘Jongere generaties verkiezen vrijheid boven zekerheid’ Geplaatst 20 juni 2023 door Eline Vink De hoeveelheid rollen die jonge werkenden vervullen is tegenwoordig groot. Dat is al te zien aan het profiel van de gasten van deze editie van ZiPtalk, de podcast van ZiPconomy. Kim Trotz (32) is co-founder en creative director van Qommunity en freelance copywriter. Sem Overduin (26) is Public Affairs Officer bij Headfirst, gemeenteraadslid PvdA/GroenLinks Leiderdorp, trekker van de lobbyactiviteit binnen de Bovib én actief vrijwilliger. Jongere generaties willen autonomie en vrijheid Trotz begon zelf met freelancen toen zij tijdelijk in Italië woonde. Onder het motto: “Zelf kiezen voor wie je gaat werken, wanneer en waar.” Toen het coronavirus ervoor zorgde dat ze binnen 24 uur al haar werk kwijtraakte, verschoof ze haar focus en richtte samen met Kiki Calis The Freelance Qommunity op. “We zagen een trend dat mensen voor zichzelf beginnen, meer autonomie en vrijheid willen ervaren in hun werk, maar ook meer ‘purpose driven’ werk willen doen”. Het platform zorgt ervoor dat freelancers zich met elkaar verbinden, kennis en opdrachten uitwisselen, maar elkaar ook helpen in moeilijke tijden. Want, zoals Trotz ziet onder Gen Z en millennials: deze generaties willen “vrijheid boven zekerheid ervaren”. Overduin herkent onder leeftijdsgenoten dezelfde behoeften en waarden. Zo ziet hij vrienden veel switchen van baan of lang op reis gaan en vanaf daar werken. Ze doen graag veel verschillende dingen en willen vrijheid ervaren in het maken van die keuze. Zelf hecht hij ook veel waarde aan diversiteit van werkzaamheden maar doet dat in loondienst. Impact maken op de samenleving doet hij als vrijwilliger en in de gemeenteraad: “De maatschappelijke betrokkenheid is me met de paplepel ingegoten.” Freelancen is niet chillen in een hangmat op Bali Trotz benadrukt dat het ondernemerschap niet voor iedereen weggelegd is. Het beeld van de freelancer die als ‘digital nomad’ alleen maar op het strand ligt, is ongenuanceerd. “Freelancen is hard werken en onzekerheid”, legt ze uit. Ze ziet binnen Qommunity veel onrust, omdat er in de huidige arbeidsmarkt weinig werk is. “Je komt jezelf elke dag tegen, ook in een hangmat.” Volgens Trotz is het zonde dat er – zeker bij tekorten op de arbeidsmarkt – niet meer gebruik wordt gemaakt van freelancers: ze helpen organisaties om makkelijk op- en af te schalen, wat juist flexibel maakt. “Makkelijk talent kunnen inhuren en kijken buiten je bubbel.” Overduin ziet in zijn rol bij Headfirst dat er wel degelijk wordt ingespeeld op de jonge generatie: ‘employer branding’ op het gebied van duurzaamheid en diversiteit staat er hoog op de agenda. Moderniseren van de arbeidsmarkt Hoe kunnen opdrachtgevers dan inspelen op de behoeften van een freelancer uit de jongere generatie? Dat moet die freelancer voor een groot deel zelf aangeven, legt Trotz uit. “Eigenlijk heb jij de verantwoordelijkheid om tegen de opdrachtgever te zeggen: ‘dit zijn mijn waarden, hier sta ik voor’. Dan kun je op gelijke voet staan en is het wel de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever om de freelancer serieus te nemen.” Dat zzp’ers op meerdere plekken komen, betekent dat ze veel te brengen hebben. Trotz ziet dat daar meer mee kan worden gedaan door opdrachtgevers. Overduin vindt dat het moderniseren van de arbeidsmarkt en die aanpassen aan deze leeftijdsgroep ook op politiek vlak nodig is. Bepaalde groepen uit de arbeidsmarkt worden niet vertegenwoordigd. Ook ziet hij dat er ruimte nodig is om flexibeler te werken en banen makkelijk te kunnen combineren. “Ik geloof er nog steeds in dat we de basis, los van de contractvorm, moeten gaan regelen met elkaar.” “Iedereen die onderneemt, pakt het serieus aan” Het debat wat daarover speelt in de politiek, leidt onder jonge zelfstandigen tot veel onzekerheid. Trotz: “Het leeft heel erg”. De meesten denken serieus na over zekerheid en nemen deel aan schenkkringen of broodfondsen. Er zijn vooral zorgen over wat daarmee gaat gebeuren als de AOV verplicht wordt. Overduin snapt wel dat de overheid het zorgelijk vindt dat een grote groep onverzekerd rondloopt. De weerstand onder zzp’ers vindt hij óók begrijpelijk. Een wetsvoorstel waarin duurzame oplossingen worden voorgesteld op een betaalbare manier voor iedereen en waarin alle langetermijnrisico’s aan bod komen (pensioen, arbeidsongeschiktheid en ziekte) vinden Trotz en Overduin beiden wenselijk. “Jezelf continu blijven uitvinden” Hoewel Overduin toevoegt dat hij wel ook meer aandacht wil zien voor scholing, ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. “Skills die je vandaag de dag hebt, zullen volgend jaar minder relevant zijn.” Dat er in Den Haag wel gezegd wordt dat zzp’ers minder investeren in hun ontwikkeling dan werkenden in loondienst, verbaast Trotz. Zij geeft aan dit precies andersom te zien. “Als freelancer moet je zelf waarde toevoegen, dus je moet jezelf continu opnieuw blijven uitvinden”. Zo ziet ze binnen Qommunity dat zzp’ers hun kennis veel delen en zo doorlopend leren van elkaar, bijvoorbeeld op het vlak van marketing of beveiliging van gegevens. Een basis voor iedereen Op de vraag wat Trotz als jonge ondernemer en freelancer graag in de maatschappij zou zien, denkt zij niet alleen aan zekerheid en een basisinkomen voor iedereen, maar ook aan samenwerken en van elkaar leren op een manier die klimaatneutraal is. “Dan kunnen we de wereld helpen.” Overduin is iets praktischer ingesteld. Hij zou graag een basisregeling zien voor alle werkenden die ervoor zorgt dat mensen sneller stappen durven te zetten in hun loopbaan en daarbij risico’s durven te nemen. ”We moeten die basis, ongeacht de contractvorm, gewoon voor iedereen gaan regelen.” Beluister deze aflevering van ZiPtalk op Spotify of bekijk de opname op YouTube Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags #zzpdebat, aov, Generatie Z, goed opdrachtgeverschap, podcast, ZiPTalk | 1 Reactie
Update rapport ‘Freelance ondernemen in Vlaanderen’ geeft inzicht in flexibilisering Vlaamse arbeidsmarkt Geplaatst 20 juni 2023 door Marleen Deleu De sociaal-economische Raad van Vlaanderen (SERV) heeft een update gepubliceerd van het eerste rapport Freelance ondernemen in Vlaanderen, dat in 2017 door de Stichting Innovatie & Arbeid uitgebracht werd. De uitgangspunten en analyses uit het rapport 2017 blijken verrassend actueel gebleven. Kwantitatieve en kwalitatieve data over freelancers zijn nodig voor de bredere visievorming op de ontwikkeling van de Vlaamse arbeidsmarkt om een gericht beleid uit te bouwen, zo concludeert de SERV. Opzet van het nieuwe onderzoek Het eerste rapport uit 2017 blijft een basisdocument om de problematiek van de freelancers in Vlaanderen te schetsen. De SERV heeft er daarom voor gekozen om dit niet te herhalen of te herformuleren, maar om aan het eerste rapport een update toe te voegen als een soort tweede deel. Vertrekkend van de bevindingen en topics van vijf jaar geleden, bevat dit nieuwe rapport een overzicht van de belangrijkste evoluties en tendensen die zich sedertdien voordoen, kwantitatief en kwalitatief. Het gaat zowel om de impact van gebeurtenissen als de coronapandemie, de Oekraïne- en energiecrisis, als om globale trends die al langer spelen zoals de krapte op onze arbeidsmarkt, individualisering, globalisering en digitalisering. Ook besteedt het aandacht aan nieuwe concepten die opgang maken, zoals platformwerk en goed opdrachtgeverschap. Aantal freelancers blijft groeien: +73% YTY 2015-2021 Vooraleer in de cijfers te duiken, definieert het rapport het begrip ‘freelancer’ uitgebreid. De SERV omschrijft het als volgt: Een freelancer is een zelfstandige zonder personeel, die als zakelijke dienstverstrekker actief is op tijdelijke – of projectbasis, met uitzondering van de gereglementeerde of vrije beroepen. Vlaanderen telt jaar na jaar meer freelancers, concludeert de SERV. Tussen 2015 en 2021 steeg het aantal freelance ondernemers met maar liefst 73% tot 206.018. De grootste sprong is te zien in 2021, met een toename van bijna 30 000 freelancers. Figuur 1: Groei in aantal freelancers per jaar in Vlaanderen In Vlaanderen is de grootste groep onder de freelancers, met name 27% of 54.591 personen (zie FIG 2), actief in het segment ‘Managements- en bedrijfsadvies’. Een tweede grote groep, goed voor 22% of 45.131 personen, is actief in het domein van ‘Communicatie, reclame, vormgeving en fotografie’. Samen maken zij de helft uit van het totaal aantal freelancers (49%). De derde grootste groep (16% of 33861 personen) situeert zich in het brede veld van de ‘IT-dienstverlening’. Figuur 2: Verdeling beroepsgroepen freelancers in % Is er sprake van ‘verzelfstandiging’ van de arbeidsmarkt? Met de onderstaande grafiek (FIG 3) illustreert SERV het antwoord op de vraag of er al dan niet een ‘verzelfstandiging’ van de arbeidsmarkt speelt. Het antwoord is duidelijk ‘nee’: de verhouding werknemers in loondienst versus zelfstandigen blijft al jaren schommelen rond 86% en 14%. figuur 3: Zelfstandigen in werkende bevolking van 20 tot 64 jaar Vlaams Gewest, 1999-2022, in % (bron: EAK Statbel Algemene Directie Statistiek – Statistics Belgium, bewerking Steunpunt Werk en Statistiek Vlaanderen) Binnen het segment zelfstandigen wordt de top 25 van startersactiviteiten het voorbije decennium jaarlijks aangevoerd door de NACE-5-digitcode ‘adviesbureaus op gebied van bedrijfsbeheer en -voering’. Dat toont onderzoek van onder andere UNIZO aan, zo meldt de SERV. Ook de ‘overige zakelijke diensten’ en de ‘IT dienstverlening’ scoren hoog. Dit zijn activiteiten die typisch door freelancers worden ingevuld. Flexibilisering van de arbeidsmarkt Het rapport legt gelijktijdig ook de link met een andere bredere trend in onze arbeidsmarkt. De voorbije decennia voltrekt zich namelijk op de arbeidsmarkten van hoge-inkomenslanden een verschuiving, waarbij het naoorlogse standaard tewerkstellingsmodel terrein verliest. Dit proces van de-standaardisering houdt in dat het aantal mensen met standaard voltijdbanen afneemt, terwijl er tegelijkertijd een toename is van gedestandaardiseerde banen. Deze evolutie is nog niet op een eindpunt, en wordt versterkt door de economische context of plotse crisissen. Dit vormt mede de achtergrond van de verdere opkomst van de freelancers op de arbeidsmarkt. Aan de zijde van organisaties stelt SERV vast dat standaardbanen in toenemende mate plaats hebben gemaakt voor deeltijdbanen, tijdelijke contracten, mini-jobs, flexi-jobs, interim-jobs en freelance tewerkstelling. Wat deze met elkaar gemeen hebben, is een grote mate van flexibiliteit met als doel via flexibel (personeels)beleid sneller te reageren op plotse marktverschuivingen. De verhouding werknemers in loondienst versus zelfstandigen blijft al jaren schommelen rond 86% en 14%. SERV pleit voor beter beheer van freelancers in organisaties Total Talent Management, Strategische Workforce Planning en Goed Opdrachtgeverschap. Voor menig HR-directie en bedrijfsleider zijn dit tot heden (nog) geen vertrouwde begrippen. Maar, zo schrijft SERV, voor opdrachtgevers is nu post-covid schaarste het centrale thema geworden: hoe kom ik aan talent, op alle functies? Dat geeft aanleiding tot interne hr-strategieën zoals Total Talent Management, met een integratie van alle HR-processen op vast en flexibel vlak. Tegen deze achtergrond is ook Goed Opdrachtgeverschap het nieuwe kader om op een correcte manier om te gaan met externen. SERV wijst op het belang van een strategisch onderbouwde beslissing bij het inschakelen van zelfstandige freelancers. Zo vermeldt SERV diverse onderzoeken en aanbevelingen waarbij organisaties worden aangespoord om een duidelijke visie te ontwikkelen over welke rollen en functies wel of niet kunnen ingevuld worden door extern ingehuurd personeel. Het is daarbij op zich denkbaar dat een freelancer kritische functies in een bedrijf uitoefent. Het is echter problematisch wanneer dit ondoordacht of zelfs onwetend gebeurt, wanneer bedrijven geen totaalbeeld hebben en niet weten dat freelancers daar verantwoordelijk voor zijn. Het uitbouwen van een specifiek proactief beleid dat gericht inspeelt op ondersteuning van de freelancers is niet mogelijk zolang er geen duidelijke uniforme definitie is. Het maakt dat er geen correcte statistieken en data beschikbaar zijn. Aanbevelingen uit het rapport SERV waarschuwt: het feit dat er geen uniforme of juridische definitie is van de freelancer bemoeilijkt het debat en vormt een uitdaging voor sociaal overleg. Maar, schrijft SERV, ook het uitbouwen van een specifiek proactief beleid dat gericht inspeelt op ondersteuning van de freelancers, is niet mogelijk zolang er geen duidelijke uniforme definitie is. Het maakt dat er geen correcte statistieken en data beschikbaar zijn. Het maakt ook dat er geen kwalitatieve analyses gevoerd worden waarbij voor iedereen buiten kijf staat welke afgebakende positie freelancers innemen. Om een gericht beleid uit te bouwen zal deze werkvorm op grond van kwantitatieve en kwalitatieve data ingebed moeten worden in de bredere visievorming op de ontwikkeling van de arbeidsmarkt. De bevindingen uit het rapport maken ook duidelijk dat beleidsmakers hierbij out of the box zullen moeten denken, want de inzet van freelancers is niet meer beperkt tot één enkel domein. Download het nieuwe SERV onderzoeksrapport – 2023 op de website van NextConomy Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags cijfers, flexibilisering, freelancers, SERV, Vlaanderen | Laat een reactie achter
Henk Timmer (Aanbestedingszaken): “De inhuurmarkt via een DAS is een zooitje.” Geplaatst 19 juni 2023 door Arthur Lubbers Rijkswaterstaat heeft een aanbesteding in de markt gezet voor de inhuur van personeel met een opdrachtwaarde van ruim € 920 miljoen. Voor zo’n forse opdracht was het tot voor kort gebruikelijk dit via een Dynamisch aankoopsysteem (DAS) te doen. Maar Rijkswaterstaat stapt daar nu vanaf en kiest ervoor twee neutrale mantelpartijen (brokers) te selecteren. ‘Gaat deze kentering marktbreed plaatsvinden?’, vraagt Timmer zich af in zijn post op LinkedIn. De discussie die daarop volgt geeft aan dat het onderwerp leeft in de markt. Reden om in te gaan op de kritiek op het DAS. Waarom werd DAS populair? Om te beginnen, wat is een DAS en waarom is het zo populair geworden? Een Dynamisch aankoopsysteem is een online omgeving waar inhurende managers (van aanbestedende diensten) hun uitvraag kunnen plaatsen en waarop vooraf ingeschreven partijen (detacheerders, intermediairs, brokers en zzp’ers) direct kunnen reageren. Het idee erachter is dat deze snelle inkoopprocedure alle leveranciers van extern personeel gelijke kansen biedt. De inzet van een DAS door aanbestedende diensten werd vooral populair vanaf 2016. Tot die tijd gold een beperkte vrijstelling van de Aanbestedingswet uit 2012 voor zogenoemde B2-diensten (waaronder arbeidsbemiddeling). Dit hield in dat een ‘passende mate van openbaarheid’ was vereist; het bekendmaken aan welke intermediair de opdracht was gegund was afdoende. In de in 2016 gewijzigde Aanbestedingswet 2012 is die beperkte vrijstelling voor B2-diensten afgeschaft. Ook de inhuur van personeel valt sindsdien onder de strenge aanbestedingsregels. Een DAS kan voldoen aan de eisen uit de Aanbestedingswet. En dus werd dit het meest gebruikte alternatief voor de marktplaatsen voor de inhuur van personeel. Beperkt middel, breed ingezet Maar er is vanuit de markt kritiek op de inzet van DAS’en voor de inhuur van personeel. Huib van Romburgh, adviseur bij het ministerie van Economische Zaken en hoogleraar aanbestedingsrecht, uitte in een interview met Aanbestedingscafé in 2017 al kritiek op het gebruik van een DAS voor de inhuur van externen. Volgens hem is het een uitstekend systeem om gangbare goederen en diensten via elektronische weg in te kopen, maar ‘ik ontraad het gebruik van een DAS voor de inhuur van externen. Een raamovereenkomst acht ik hiervoor een sterker instrument.” De reden: bij gebruik van een DAS moet alles volledig digitaal, mondelinge communicatie is uitgesloten. Dat werkt prima voor de inkoop van pennen en potloden, maar leent zich niet voor processen zoals de inhuur van personeel, stelt ook Timmer. Daarbij moet ook ruimte zijn voor mondelinge toelichting en overleg tussen intermediair/zzp’er en inhurende manager/opdrachtgever. “Het middel (DAS) is maar beperkt of zelfs ongeschikt voor de inhuur, terwijl er honderden in Nederland zijn ingezet en nog dagelijks worden gepubliceerd. Laatst nog door de Gemeente Amsterdam”, stelt Timmer tot zijn spijt vast. Rechtmatigheid betwist Timmer noemt het opmerkelijk dat er zo weinig discussie is over de rechtmatigheid van het DAS. “Er zijn door PIANOo en hoogleraar Aanbestedingsrecht Van Romburgh flinke kanttekeningen geplaatst bij de inzet van DAS’en voor externe inhuur. De huidige praktijk is ook nooit getoetst bij de Commissie van Aanbestedingsexperts of een rechter. Zolang die juridische toets er niet is, gaat de markt gewoon door. Het is de waan van de dag. Inmiddels hebben we met elkaar een markt gecreëerd waar heel veel mensen van moeten leven. (En die hebben er dus belang bij dit in stand te houden, red.).” Ook ziet Timmer een mogelijk gevaar doordat HR-partijen ook DAS-systemen aanbieden. Zij krijgen daarmee toegang tot alle kandidaten in die DAS’en en hebben dan de mogelijkheid die ‘gouden informatie’ te gebruiken in de strijd om de schaarse kandidaten in deze krappe arbeidsmarkt. “Het misbruik van deze data ligt op de loer.” Nadelen DAS, voordelen brokering Toch ziet Timmer een kentering in de markt. De reden: “De inhuurmarkt via een DAS is een zooitje. Aanbestedende diensten zien door de bomen het bos niet meer en willen grip op hun inhuur krijgen.” En dus stappen steeds meer, grotere overheidsorganisaties af van het DAS. Rijkswaterstaat is zeker niet de enige. Onlangs liet ook de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek weten niet meer met een DAS te werken, maar via een deskundige partij inhuuropdrachten in de markt te zetten. Want het lijkt misschien efficiënt, een online oplossing voor de inhuur van personeel, maar er kleven grote bezwaren aan het werken met een DAS. Timmer legt uit welke voordelen het sluiten van een mantelovereenkomst met enkele brokers heeft ten opzichte van werken met een DAS. Betere marktontsluiting Om via een DAS opdrachten te krijgen, dienen zzp’ers en leveranciers van personeel zich voorafgaand te hebben aangemeld bij de desbetreffende DAS. Leveranciers en vooral zzp’ers schrijven zich vaak niet in. Timmer: “De beste zzp’ers zitten continu op lopende opdrachten en die gaan zich in de avonduren niet vermoeien met het aanmelden bij verschillende DAS-portalen.” Waarschijnlijk zeer geschikte kandidaten sluit je dus uit door te werken met een DAS. Via brokers kunnen deze zzp’ers wel meedingen zodra er een concrete inhuuropdracht is. Bovendien mag je ervan uitgaan dat de geselecteerde mantelpartijen (brokers) kennis van de branche en een goed netwerk hebben, waardoor zij beter in staat zijn geschikte kandidaten te vinden. En een kandidaat wordt door een broker doorgaans alleen benaderd en aangeboden wanneer hij geschikt wordt geacht. Meerdere raamovereenkomsten (mantels) sluiten met partijen (brokers) die gespecialiseerd zijn in verschillende segmenten, zorgt dus voor een groter marktbereik. Bovendien blijkt een DAS-procedure lang niet altijd eerlijk te werken. Timmer: “Ik zie dat de DAS-procedure in de praktijk regelmatig wordt misbruikt. Om bijvoorbeeld toch de voorkeurskandidaat te krijgen wordt de inhuuropdracht pas gepubliceerd nadat de gewenste kandidaat zich (alsnog) heeft aangemeld. Efficiency van aanbestedende dienst Ook draagt een DAS niet altijd bij aan de gewenste efficiency van de organisatie (aanbestedende dienst); via een DAS wordt elke inhuuropdracht afzonderlijk in de markt gezet. Niet per se het meest efficiënt. De doorlooptijd van DAS-aanvragen is daardoor relatief lang (wettelijk minimaal 10 dagen). En door in plaats van een DAS twee brokers te selecteren, heeft de financiële administratie van Rijkswaterstaat slechts te maken met twee crediteuren. Ook de inhuurdesk heeft te maken met twee opdrachtnemers in plaats van honderden. Persoonlijke match In tegenstelling tot bij het werken met een DAS, kan een inhurende manager ingeval van brokerdienstverlening wel kiezen uit de aangeboden kandidaten, kennismakingsgesprekken voeren, de keuze voor een kandidaat motiveren en de wensen/voorkeuren beter afstemmen met brokers. De inhurende manager is het aanspreekpunt en heeft direct contact met de broker, wat een veel ‘menselijkere’ manier van werken is. Conclusie: een DAS biedt allesbehalve de garantie dat je de beste kandidaat/zzp’er uit de markt haalt. Lees ook: Dynamisch aankoopsysteem (DAS): een vloek of een zegen voor aanbestedende diensten? Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags aanbestedingen, DAS | 16s Reacties
Circle8 blijft knokken tegen ‘oneerlijke’ TenneT-aanbesteding Geplaatst 19 juni 2023 door Arthur Lubbers Voor de inhuur van tijdelijke arbeidskrachten maakt TenneT gebruik van de diensten van brokers. Omdat de huidige contracten met Magnit (de nieuwe naam van Brainnet) en Harvey Nash eind 2022 aflopen, start de netbeheerder in zomer van 2022 een nieuwe aanbestedingsprocedure met als doel één broker te selecteren. Een aanbesteding met een totale geraamde waarde tussen de € 1,5 en € 3,5 miljard in zes jaar tijd. En dus dingt ook Circle8 als nieuwe potentiële contractant graag mee naar deze opdracht. Magnit wint de aanbesteding en krijgt de voorlopige gunning. Oneerlijke concurrentie bij aanbesteding Circle8 is echter van mening dat de aanbesteding niet eerlijk is verlopen en stapt naar de rechter om een heraanbesteding te eisen. Niet omdat deze broker een slechte verliezer is, benadrukt Mike Korenvaar (bestuurder Circle8). “Het gaat ons ook niet om Magnit. Die gun ik dat en die kunnen deze opdracht prima uitvoeren. Een aanbesteding kun je winnen of verliezen. You win some, you lose some. Dat hoort erbij.” “Het gaat ons nu in hoger beroep ook niet alleen om TenneT en deze opdracht”, vult Martin Westerhof (directeur MSP Circle8) aan. “Waar het ons wel om gaat, is dat er een gezond, eerlijk speelveld moet zijn voor alle inschrijvende partijen. En daarvan is hier geen sprake geweest. Wij kregen niet de gevraagde, cruciale informatie vooraf, waarover bestaande contractpartijen wel beschikten. Dat gaf hen een oneerlijk concurrentievoordeel.” Gelijkheidsbeginsel geschonden Mike Korenvaar, bestuurder Circle8 Advocaat aanbestedingsrecht Leyla Bozkurt, die Circle8 vertegenwoordigt, stelt in haar pleitnota dat TenneT ‘voorbij gaat aan haar verantwoordelijkheid als aanbesteder om het level playing field te waarborgen’ en spreekt van ’schending van de aanbestedingsrechtelijke beginselen’, in dit geval het gelijkheidsbeginsel. TenneT heeft volgens Circle8 gedurende de aanbestedingsprocedure informatie achtergehouden waardoor de huidige contractpartijen een onaanvaardbare kennisvoorsprong hadden. Volgens Circle8 heeft TenneT bovendien een systematiek gehanteerd waardoor de kennisongelijkheid nog groter werd. Als in de offertefase drie partijen overblijven – de huidige contractpartijen en Circle8 als nieuwe inschrijver – wordt deze informatie des te belangrijker. Spelen met brokerfee Westerhof licht dit toe; er is een prijsmodel gemaakt waarin inschrijvende partijen brokerfees moesten afgeven voor vier onderdelen: werving, contractbeheer, payrolling en internationale dienstverlening. Die tellen in de berekening voor de aanbesteding even zwaar mee, maar vinden in de praktijk niet in gelijke verhoudingen plaats. “Dus hebben wij TenneT gevraagd hoe die huidige verdeling is voor de populatie van 1.200 man. Als antwoord kregen wij ‘die informatie hebben we niet’.” Martin Westerhof, directeur MSP Circle8 Maar de zittende contractpartijen hebben die informatie natuurlijk wel. En dus konden de bestaande contractanten ‘spelen’ met de inschrijfprijzen; voor veelgebruikte onderdelen een hoger tarief hanteren, bij de minder voorkomende onderdelen voor een minimum inschrijven (en dus gemiddeld – gedeeld door 4 – een laag inschrijftarief). Gevolg volgens Westerhof: “Wij waren als inschrijvende partij veel duurder (in totaal 30x!) dan de zittende partijen. Terwijl wij altijd marktconforme tarieven hanteren.” Bozkurt vat het bezwaar samen: de zittende dienstverleners wisten tot op de komma alle cijfers die relevant zijn voor de inschatting voor de toekomst (nieuwe uitvraag), waar Circle8 als nieuwkomer moest afgaan op globale, of helemaal geen informatie. Zij ziet dit als oneerlijke concurrentie. Korenvaar vindt dat TenneT hierin tekortgeschoten is. “TenneT heeft een inspanningsverplichting, die had de informatie moeten opvragen bij de bestaande leveranciers en moeten delen met alle partijen.” Westerhof vult aan: “Dit is des te kwalijker, omdat Circle8 meerdere malen expliciet om deze informatie vroeg en niet kreeg. Op de zitting gaf TenneT aan deze informatie wel te hebben.” “Als dit de praktijk wordt voor aanbestedingen de komende jaren, dan moet iedereen in de branche zich zorgen gaan maken.” Mike Korenvaar (bestuurder Circle8) Stunten met prijzen En datzelfde geldt voor het vaststellen van de uurtarieven. Inschrijvende partijen moesten tijdens de offertefase voor verschillende profielen, met meerdere functieschalen, een tarief afgeven. Opnieuw kreeg Circle8 geen concreet antwoord van TenneT op de vraag ‘voor welke tarieven kopen jullie nu in?’ Waar Circle8 als nieuwe inschrijver dit dus moet bepalen op basis van aannames, kunnen bestaande contractanten op basis van hun historische data grotendeels bepalen welke functieschalen er naar verwachting wel en welke niet veel uitgevraagd zullen worden. En dus opnieuw ‘spelen’ met de tarieven die zij per functie(schaal) afgeven. Westerhof: “Hierdoor konden bestaande leveranciers tot wel 10% besparen ten opzichte van de schalen die door TenneT zijn vastgesteld. En dat is ook gebeurd. Dat is natuurlijk niet geloofwaardig in de huidige arbeidsmarkt in combinatie met de torenhoge inflatie.” Leyla Bozkurt, advocaat Korenvaar trekt het bezwaar breder: “Als dit de praktijk wordt voor aanbestedingen de komende jaren, dan moet iedereen in de branche zich zorgen gaan maken. Want dan is er geen level playing field. Dan geef je de zittende partijen altijd een groot voordeel. Nu trekt Circle8 aan het kortste eind, de volgende keer is het een andere branchegenoot.” Ook Bozkurt waarschuwt hiervoor. “Als nieuwe inschrijver moet je dan gaan stunten met prijzen om kans te maken om binnen te komen. En dat is geen optimale concurrentie. Uiteindelijk moet iedereen dezelfde informatie krijgen en op basis daarvan een prijs en kwaliteit indienen waar de aanbestedende dienst hen aan kan houden.” Level playing field De voorzieningenrechter stelt dat inschrijvers inderdaad over dezelfde informatie moeten kunnen beschikken, maar dat dit level playing field niet zo ver gaat dat alle voordelen van de bestaande contractpartijen moeten worden weggenomen. Die zullen altijd enig voordeel hebben. Er mag alleen geen ‘ontoelaatbare verstoring van de mededinging door voorkennis bij huidige contractanten zijn’. Daarvan was wel degelijk sprake, stelt Westerhof. “Gaandeweg zagen we steeds meer ons onderbuikgevoel – dat wij de gevraagde cruciale informatie misten – bewaarheid worden. Wij kregen steeds te horen dat die informatie er niet was, maar die bleek er later wel te zijn.” Vonnis rechter De rechter ziet dat echter anders. Op 7 maart jl. doet de Rechtbank Gelderland uitspraak. De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van Circle8 resoluut af en stelt dat TenneT over kan gaan tot de definitieve gunning. De rechter veegt de bezwaren van tafel en stelt dat Circle8 te laat bezwaar heeft gemaakt en wel degelijk antwoord heeft gekregen op vragen die tijdens de aanbestedingsprocedure zijn gesteld. Te laat bezwaar gemaakt? Circle8 weerlegt deze argumenten op haar beurt. De broker stelt dat zij TenneT voortdurend heeft gewezen op schending van het level playing field en herhaaldelijk de informatie heeft opgevraagd waarover de bestaande contractpartijen wel beschikten en Cirlcle8 niet. TenneT ontkent dit en beroept zich bovendien op het zogenoemde Grossmann-arrest. De rechter gaat daarin mee en oordeelt dat Circle8 niet pro-actief genoeg is geweest. Uit het Grossmann-arrest is namelijk af te leiden dat een inschrijvende partij bij een aanbesteding zo snel mogelijk bezwaar moet maken en tijdig moet wijzen op gebreken in de aanbestedingsprocedure. Volgens TenneT heeft Circle8 bovendien impliciet ingestemd met de methode van aanbesteding door aan alle fasen van de aanbesteding deel te nemen. Circle8 is het daar niet mee eens en heeft naar eigen zeggen wel degelijk vragen gesteld, ook in het begin. “Bovendien kwamen de bezwaren van Circle8 pas in de laatste fase van de aanbesteding aan bod. Toen heeft Circle8 wel degelijk meerdere malen aan de bel getrokken bij TenneT. Het Grossmann-arrest gaat hier dus niet op”, stelt Bozkurt. Vóór de inschrijving procederen, is de conclusie in het vonnis. Maar dat is volgens Korenvaar praktisch onmogelijk. “Dan weet je zeker dat je de aanbesteding niet gegund krijgt.” Als inschrijvende partij gedurende de aanbesteding een rechtszaak starten tegen een aanbestedende dienst wordt algemeen als ‘commerciële zelfmoord’ beschouwd. Vragen wel/niet beantwoord? TenneT stelt dat zij de vragen van Circle8 om meer informatie te verschaffen wel degelijk heeft beantwoord. En ook daarin geeft de rechter de aanbestedende dienst gelijk. Maar Bozkurt plaatst hierbij een belangrijke kanttekening. “In de selectiefase zijn inderdaad de algemene vragen beantwoord, maar niet de belangrijkste vragen in de offertefase (waar het uiteindelijk om gaat).” Circle8 claimt herhaaldelijk om de informatie gevraagd te hebben, zelfs buiten de procedure om en in het (Best And Final Offer) BAFO-gesprek. Westerhof: “We hebben er wel degelijk meerdere keren expliciet om gevraagd, maar steeds als antwoord gekregen ‘we hebben die informatie niet.’ Pas later bleek die gevraagde informatie er wel te zijn. Dan kun je dus niet eerder klagen en ons dus ook niet verwijten dat we niet pro-actief genoeg zijn geweest.” Hoger beroep Wat de mensen bij Circle8 het meest steekt, is dat de rechter stelt dat zij direct een kort geding hadden moeten aanspannen bij de start van de aanbestedingsprocedure. Maar als gaandeweg de aanbestedingsprocedure pas blijkt dat cruciale informatie ontbreekt, is het ‘te gemakkelijk’ om dit te stellen, vindt Bozkurt. En de rechter gooit in de tijdlijn volgens Bozkurt alles op één hoop als zij zegt dat de vragen door TenneT wel beantwoord zijn. “Dat geldt misschien voor de selectiefase, maar niet voor de offertefase waarin relevante informatie en de prijssystematiek pas voor het eerst bekend werd gemaakt door TenneT. We vinden dat je die twee fasen uit elkaar moet trekken.” En dus gaat Circle8 in hoger beroep tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter. De inzet van Circle8? Westerhof en Korenvaar zijn duidelijk: “Het gaat niet alleen om deze opdracht. Waar het ook om gaat is dat je eerlijk moet kunnen meedingen als nieuwe inschrijvende partij.” Ook Westerhof stelt dat het belang van deze zaak deze specifieke aanbesteding overstijgt. “Wij zijn deze zaak begonnen, omdat ook nieuwe inschrijvers kans moeten maken op gunning van de aanbesteding. Daarvoor is een gezond, eerlijk speelveld nodig. Dat is belangrijk voor de kwaliteit van aanbestedingen in de toekomst, anders kan een aanbesteding net zo goed achterwege gelaten worden.” Het is dus relevant voor alle partijen die betrokken zijn bij aanbestedingen voor de inhuur van personeel wat de rechter in hoger beroep gaat oordelen. Wordt vervolgd.. Reactie Tennet “Wij zijn in 2021 begonnen met deze Tender en hebben hier bewust veel tijd voor genomen. Voor ons staat de kwaliteit van de broker en het samenwerken met deze broker in een nauwe samenwerkingsrelatie centraal. Voor wat betreft kwaliteit doelen wij daarbij op zowel de kwaliteit op het gebied van de werving, de juiste persoon op de juiste plaats maar ook op de kwaliteit om op tijd genoeg gekwalificeerd personeel voor TenneT te kunnen werven. Deze waarden staan dan ook centraal in deze aanbesteding. Daarnaast streven wij als TenneT er nadrukkelijk naar om met 1 unieke broker te gaan werken om op deze manier voldoende grip te kunnen krijgen op het wervingsproces. Omdat wij de rol van broker voor TenneT op een geheel andere en nieuwe wijze willen invullen zijn wij juist op zoek naar waardevolle input van met name nieuwe partijen om deze rol samen opnieuw vorm te kunnen geven. In de tender is deze beoogde nieuwe rol van de broker helder weer gegeven. De daarbij behorende informatie en overige details is in zijn geheel aan alle partijen gelijktijdig verstrekt. Wij hebben dan ook vertrouwen in de uitkomst van deze procedure.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags aanbestedingen, Brainnet, Circle8, jurisprudentie | Laat een reactie achter
Uurtje-factuurtje: het meest gevaarlijke verdienmodel voor freelancers Geplaatst 16 juni 2023 door Selim Tunçyürek Het uurtje-factuurtje-model is één van de meest gangbare verdienmodellen onder freelancers. Dit model, waarbij freelancers betaald worden op basis van het aantal gewerkte uren, belemmert de professionele ontwikkeling en financiële groei van individuen die in de gig-economie werken. Het drukt niet alleen de tarieven, maar brengt ook de mentale en fysieke gezondheid van freelancers in gevaar. Volgens een recent onderzoek, blijkt dat freelancers die vastzitten in het ‘uurtje-factuurtje’ model gemiddeld 20% minder verdienen dan freelancers die alternatieve facturatiemethoden toepassen. Bovendien ervaart meer dan de helft van de freelancers stress en burn-out symptomen als gevolg van de voortdurende druk om zoveel mogelijk uren te werken om hun inkomsten op peil te houden. Constant klanten najagen “Het ‘uurtje-factuurtje’ model is een vicieuze cirkel die freelancers beperkt in hun professionele groei en hen verhindert om hun volledige potentieel te bereiken”, zegt Digna Brand, een business coach die voortdurend met dit onderwerp bezig is. “Door uitsluitend te worden betaald voor de uren die ze werken, worden freelancers gedwongen om constant klanten na te jagen en hun kostbare tijd te besteden aan administratieve taken in plaats van zich te richten op waar ze het beste in zijn: hun expertise inzetten om waarde te leveren aan hun klanten.” Gelukkig zijn er alternatieve facturatiemethoden die freelancers kunnen helpen om uit deze verstikkende cyclus te ontsnappen. Het aanbieden van vaste prijzen voor specifieke projecten of het implementeren van abonnementsmodellen zijn slechts enkele van de innovatieve benaderingen die succesvolle freelancers hebben toegepast om hun inkomsten te verhogen en hun tijd beter te beheren. Betere alternatieven Het wordt tijd om het uurtje-factuurtje model voor freelancers achter ons te laten én te kijken naar betere alternatieven. Daarom organiseert Bluelance, het e-learningplatform voor freelancers samen met Digna Brand een webinar voor freelancers die uit dit model willen ontsnappen. De kosten bedragen €49, maar het webinar is gratis voor de eerste 100 freelancers die zich aanmelden. Claim hier jouw gratis ticket voor het webinar op 29 juni om 09:00. Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags businessmodel, uurtje-factuurtje, verdienmodel | Laat een reactie achter
AB&C Groep – het moederbedrijf van oa Boer & Croon – komt in Franse handen. Geplaatst 16 juni 2023 door ZiPredactie Private-equityfirma Gate Invest verkoopt haar meerderheidsbelang van 55% in de AB&C Groep aan het Franse Epsa. Een aantal consultants en bestuurders die ook aandeelhouders van de AB&C Groep zijn kopen zich na de transactie in het nieuwe bedrijf in. AB&C Groep ontstond in mei 2022 toen Aeves Group, met een aantal labels rond inkoopadvies en -bemiddeling, het bekende interim-management en advies bureau Boer & Croon overnam. Ook YESS en Vanderkruijs maken deel uit van de AB&C Groep van in totaal negen bedrijven die zich richten zich op consultancy, detachering, interim management, outsourcing, digitale transformatie, executive search en talentontwikkeling in het publieke, semi-publieke en private domein. Het Franse EPSA Group ontstond in 2001 als inkoopadviesbedrijf voor de toerisme en wijnindustrie in Frankrijk. Het bedrijf groeit flink door een reeks van overnames en zet zich nu neer als specialist in business performance consulting en de partner voor iedere organisatie die haar bedrijfsvoering, prestaties en winstgevendheid wil verbeteren. Met meer dan 1.500 medewerkers in 35 landen en een eigen geïntegreerde digitale oplossing. Merknamen blijven Onder het aandeelhouderschap van EPSA zullen de bedrijven binnen AB&C Groep autonoom blijven opereren. Een aantal consultants en bestuurders van AB&C Groep zijn ook aandeelhouders. Zij kopen zich na de transactie in het nieuwe bedrijf in. S: In de aanloop naar deze transactie hebben we EPSA leren kennen als een ondernemend en professioneel bedrijf. We zien daarnaast een sterke strategische fit. De transactie is een bewuste stap om de eerder gekozen strategie van AB&C Groep succesvol uit te kunnen voeren” zo licht Sherief Abdalla, CEO van de AB&C Groep de overname toe. “Bovendien staan er solide investeerders achter EPSA die verdere ontwikkeling van AB&C Groep mogelijk maken. Onze huidige aandeelhouders, waaronder Gate Invest, zijn we dankbaar voor hun bijdrage en vertrouwen in de afgelopen jaren.” Claire Leussink-Nies, COO van AB&C Groep: Naast aansluiting op onze strategie en ambities is de match in organisatiecultuur een belangrijk selectiecriterium geweest voor een nieuwe aandeelhouder. De manier waarop EPSA haar deelnemingen alle ruimte geeft autonoom te blijven ondernemen, sluit naadloos aan bij onze visie en de wijze waarop wij onze bedrijven met hun eigen leiderschap, strategie en DNA laten ondernemen. Bovendien voorzien we, met een verwachte toename in internationale opdrachten, nieuwe carrièrekansen voor onze medewerkers.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags Boer & Croon, marktupdate, overname | Laat een reactie achter