ABN AMRO: Personeelstekort belemmert zakelijke dienstverlening in zijn groei Geplaatst 24 januari 2018 door Hugo-Jan Ruts Economische hoogconjunctuur 2017 was een uitstekend jaar voor de zakelijke dienstverlening. Samen met de bouw was deze sector met 5% de sterkst groeiende, zo schrijft de bank. De sector profiteert volgens ABN AMRO ook volgend jaar optimaal van de economische hoogconjunctuur in Nederland. “Door de sterk groeiende economie is er veel vraag naar de ondersteunende diensten die de sector, als smeerolie van de economie, biedt. Net als in 2017 zullen het in 2018 met name de organisatieadviesbureaus en de uitzendbureaus zijn die het meest bijdragen aan het sterke groeicijfer. Ook de andere branches laten gezonde groei zien. In 2019 neemt de groei van de sector iets af, in lijn met een algehele (lichte) afkoeling van de Nederlandse economie.” Voor 2018 wordt een volumegroei van 4.5% verwacht, voor 2019 3,5% Personeelstekort: zelfs uitzendbureaus hebben moeite met vinden personeel De toenemende vraag naar goed opgeleid personeel wordt volgens ABN AMRO met name in de zakelijke dienstverlening gevoeld. “Bedrijven in die sector geven over het algemeen aan dat er weinig hinderpalen zijn voor de groei van hun bedrijf. Het enige obstakel dat door veel bedrijven wordt genoemd, is het tekort aan personeel. In het bijzonder de uitzendbranche heeft hier last van. Het percentage bedrijven dat zich door personeelstekort belemmerd voelt, is onder uitzenders in enkele kwartalen gestegen van 29% naar 54%. Uitzendbureaus hebben natuurlijk baat bij een groeiende economie en een groeiende vraag naar personeel. Op dit moment echter is de balans tussen vraag en aanbod te ver doorgeschoten en blijkt het steeds moeilijker de juiste personen te vinden bij vacatures. De opwaartse druk op tarieven en marges die een dergelijk tekort met zich meebrengt, is te gering om dit te compenseren.” Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags marktinformatie, nieuws | Laat een reactie achter
‘Grote vis’ voor Source en Staffing Management Services: de werving van alle tijdelijke IT’ers van Atos Geplaatst 23 januari 2018 door Peter Boerman Het is – in de Nederlandse markt – ‘een van de grootste vissen die je kunt vangen’, zegt Robert van Gasteren, ceo van Staffing Management Services, de ‘onafhankelijke inhuurregisseur’. Al sinds vorig jaar zomer waren ze ermee bezig om de vis binnen te halen, al vrij snel samen met Source. Nu dat gelukt is, mag het gelegenheidsconsortium dat ze er samen voor oprichtten (Blue Force Alliance of kortweg BFA geheten) drie jaar lang alle werving en contracthandling van tijdelijk in te zetten professionals bij Atos in de Benelux & The Nordics verzorgen. Helemaal zomaar uit de hemel vallen kwam het nieuwe contract niet. Zowel Staffing MS als Source waren al actief voor Atos. Zo verzorgde de eerstgenoemde al de MSP-dienstverlening voor tijdelijk personeel voor de aan Atos gelieerde betalingsverwerker equensWorldline in Nederland, Italië en ‘een stukje Duitsland’ en was de laatstgenoemde al geruime tijd verantwoordelijk voor het contractmanagement van alle tijdelijke stafmedewerkers van Atos in de Benelux. Nog een schepje bovenop Maar met het huidige contract komt daar dus nog een flinke schep bovenop, legt Van Gasteren uit. ‘Atos wilde graag alles in één hand leggen, één leverancier, één volledig MSP, één VMS-systeem, en bovendien de interne en externe personeelsbehoefte afstemmen. Zo konden ze meer control krijgen op hun inhuuruitvraag.’ Samen met Source, dat volgens de ceo ‘zeer goed aansluit bij wat wij doen’, was dat totaalpakket mogelijk, zegt hij. ‘Atos heeft nu één loket waar alle inhuur geregeld wordt: de werving en contracthandling van alle tijdelijke professionals met specifieke vaardigheden.’ Om in termen van vissen te blijven, voegt hij toe: “Het is dan weliswaar een van de grootste vissen die je kunt vangen, maar het vangen is het moeilijkste niet. De juiste ingrediënten toevoegen, en het verder bereiden en opdienen, dát is waarom BFA is ingeschakeld. Wij hebben de juiste ingrediënten om er een mooi en vooral lekker menu van te maken.’ Een verlengstuk van de Atos-organisatie De BFA-werkwijze is volledig gestandaardiseerd en geautomatiseerd. ‘Hiermee creëren we een flexibele schil van experts uit de volledige markt die naar behoefte kan worden ingezet’, aldus Martin Schoenmakers, coo bij Atos Benelux & The Nordics. ‘Hierdoor zijn we in staat om specifieke expertise en competenties te vinden en in te huren waarmee we in staat zijn klanten te ondersteunen bij hun digitale transformatie.’ Atos: ‘Hiermee creëren we een flexibele schil van experts uit de volledige markt die naar behoefte kan worden ingezet’ BFA wordt echt een verlengstuk van de Atos-organisatie, benadrukt Van Gasteren. Hij noemt ‘een paar o’s’ als voordeel. ‘We ontzorgen Atos, door het hele administratieve proces te faciliteren en te zorgen dat de hele inhuur juridisch compliant is. Daarnaast ontsluiten we de markt. Door de portals die we inrichten kun je in principe in één keer duizenden leveranciers benaderen zodra je een opdracht hebt. En de derde o: het ontdubbelt. We maken de keten korter, omdat zzp’ers en leveranciers nu ook direct kunnen inschrijven. Dat maakt het proces dus ook voordeliger.’ Een professional die voor Atos wil werken, kan zich straks inschrijven via inhuurdeskatos.nl. Naar schatting gaat het continu om enkele honderden mensen die via deze inhuurdesk in de Benelux & The Nordics aan het werk kunnen zijn. Hiring managers zullen er ook niet omheen kunnen, vertelt Van Gasteren, doordat bijvoorbeeld ook de toegang tot een pand via het systeem geregeld is. ‘Het is echt een strategische keuze geweest van Atos om op deze manier het hele inhuurproces te professionaliseren.’ Geplaatst in ZP en Ondernemen | Laat een reactie achter
Nieuwe overleg met kabinet over de zzp-markt: The King is dead, long live the King. Geplaatst 23 januari 2018 door ABU Koningin Elizabeth II is de langst regerende monarch en staatshoofd ter wereld. Voor het eerst heeft zij zich onlangs in een tv-gesprek openhartig uitgesproken over haar kroning 65 jaar geleden. Met (droge) humor vertelt zij over haar kroning tot staatshoofd. Ondanks haar hoge leeftijd (91 jaar) zal zij niet aftreden. Tot haar dood zal ze als koningin aanblijven. Lang leve de Britse tradities. Duidelijkheid door fiscale ondernemersverklaring Onlangs ontvingen wij een uitnodiging van het ministerie van SZW voor een kick-offoverleg op woensdag 24 januari a.s. over “Werken als zelfstandige”. Toen ik deze uitnodiging las, moest ik even denken aan de Britse wijze van troonopvolging. Aan de genodigden werd namelijk gevraagd hoe zij de kabinetsvoorstellen tot een succes willen maken. Er werd niet gevraagd wat de stakeholders inhoudelijk vinden van de kabinetsvoorstellen. Kom eerst met voorstellen voor de bovenkant van de zzp-markt. Het Platform van ZZP dienstverleners, een initiatief van de ABU, is voorstander van een goed functionerende zzp-markt. Een zzp-markt waar zelfstandige ondernemers ruimte en vrijheid wordt geboden voor ondernemerschap. Maar tegelijkertijd ook voorzien wordt in een beschermingskader voor andere werkenden die dat nodig hebben. In de huidige zzp-discussie dient focus te worden aangebracht en wel door eerst met voorstellen te komen voor de bovenkant van de zzp-markt. Het betreft hier een groep van zelfstandige professionals. Het ligt niet voor de hand om voor deze groep de duur van de opdracht te beperken tot één jaar. Ook het onderscheid reguliere versus niet-reguliere bedrijfsactiviteiten past niet bij deze groep van zelfstandige ondernemers. De oplossing zal volgens ons gezocht moeten worden in de invoering van de ondernemersovereenkomst in combinatie met de introductie van de fiscale ondernemersverklaring. Het zou mooi zijn als op 1 januari 2019 dit nieuwe systeem up and running is. Uit de ervaringen met dit nieuwe systeem kunnen we dan nagaan in hoeverre deze aanpak ook voor een groter deel van de zzp-markt zou kunnen gaan werken. Bescherming kwetsbare zelfstandigen Als het gaat om zzp’ers met lage uurtarieven, staat het platform voor een gelijk speelveld en is tegen elke vorm van oneerlijke concurrentie. Hier dient de bescherming van de kwetsbare zelfstandigen juist centraal te staan. Het hanteren van een tarief kan daarbij helpen. Het aanbrengen van een onderscheid tussen reguliere en niet-reguliere bedrijfsactiviteiten heeft ook hier geen enkele zin. Het hanteren van een maximumduur kan bescherming bieden. Maar wat is in dit verband kort en wat is in dit verband lang? Tot slot is het platform geen voorstander van de introductie van een webmodule voor de middengroep. Hoe kan je bijvoorbeeld simpele objectieve criteria bedenken als het gaat om het criterium als gezag? De arbeidsmarkt is enorm in beweging. Dit leidt tot onzekerheid. In een tijd van onzekerheid is het juist van belang dat aan zelfstandige ondernemers en opdrachtgevers ruimte wordt geboden om te kunnen ondernemen. Zij hebben behoefte aan zekerheid, aan duidelijke en objectieve kaders. Kwetsbare zelfstandigen hebben juist behoefte aan bescherming. Hier liggen belangrijke taken voor het kabinet. Als het kabinet erin slaagt om deze taken goed te vervullen, kunnen wij zeggen: The King is dead, long live the King. Hier kunt u onze position paper downloaden. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags ABU, opdrachtgeversverklaring, wet dba, zzp-beleid | Laat een reactie achter
Waarom lukt het in Vlaanderen wel één centrale inhuurdesk op te zetten, en in Nederland niet? Geplaatst 23 januari 2018 door Peter Boerman Het was een opvallend bericht op nextconomy, het Belgische zusje van ZiPconomy: het interview met Vincent Van Malderen. In dat artikel legt de algemeen directeur van Jobpunt Vlaanderen hoe 330 verschillende Vlaamse (semi-)overheidsorganisaties de handen ineen hebben geslagen op inhuurgebied. Van provincies, steden en gemeenten tot brandweer, zorg- en onderwijsinstellingen, en van de De Lijn tot de VRT; allemaal zijn ze klant (of ‘vennoot’, zoals ze bij Jobpunt zeggen). Uitgebreide profielencatalogus Elke organisatie die verplicht is tot aanbesteden, kan zich aansluiten; aan de andere kant krijgen leveranciers snel overzicht van alle mogelijke opdrachten en kunnen ze zich makkelijk inschrijven voor de opdracht die hen aantrekkelijk lijkt. De centrale inhuurdesk van Jobpunt verzorgt verder de hele afhandeling, ondersteund door een combinatie van Randstad SourceRight (als Managed Service Provider) en het Vendor Management Systeem van Nétive. Die twee partijen bieden samen een uitgebreide ‘profielencatalogus’ aan waarop vennoten een beroep kunnen doen, zodat ze relatief eenvoudig in contact kunnen komen met kandidaten. Wat een verschil met Nederland Wat een verschil met Nederland. Hier heeft bijna elke (semi-)overheidsorganisatie ervoor gekozen zélf een marktplaats, inhuurdesk of digitaal aankoopsysteem in te richten. En ook veel private partijen volgden dat voorbeeld. Het heeft geleid tot een wirwar van zeker 200 verschillende plekken waar potentiële leveranciers zich moeten inschrijven als ze willen meedingen naar een opdracht. Elke marktplaats heeft weer eigen regeltjes, eigen procedures. Het is vrijwel onmogelijk voor interim professionals of zzp’ers om in al die potentiële opdrachten een goed overzicht te krijgen, laat staan om er een opdracht vandaan te halen. Mark Bassie: ‘Waarom lukt zoiets wel in Vlaanderen, terwijl hier elke interesse bij de overheid ontbreekt?’ Dat constateerde bijvoorbeeld ook Mark Bassie, die daarom in Nederland eerder al het ‘Comité voor Marktplaatsgebruikers’ oprichtte. Hij kijkt met genoegen naar het Vlaamse voorbeeld. ‘Ja, dit zou ook mooi zijn in Nederland’, reageert hij. Volgens hem zou de Nederlandse overheid hier dan ook meer regie in moeten pakken. ‘Waarom lukt zoiets wel in Vlaanderen, terwijl hier elke interesse bij de overheid ontbreekt? Dus Ministerie van EZ, Pianoo, TenderNed, VNG, waar blijven jullie?’ Lees ook: ‘Overheid, pak je rol en verbeter de digitale marktplaatsen’ Zie ook : De ZiPconomy Marktplaatsen Kaart (totaal overzicht) 20 medewerkers als spin in het web Het Flexpunt van Jobpunt Vlaanderen is overigens zelf ook tot stand gekomen na een openbare aanbesteding. Ambitie is om dé referentie te worden voor alle flexibele arbeid binnen de Vlaamse overheden. Uitzendwerk zit er nu bijvoorbeeld nog niet in, omdat dat in België nog niet is toegestaan bij overheden, maar dat staat op het punt te veranderen. Van Malderen is inmiddels 1,5 jaar als directeur bij het Jobpunt aan de slag. Hij heeft nu een team van 20 medewerkers, dat als spin in het web fungeert tussen de ruim 300 overheidsbedrijven en ruim 50 private bedrijven die HR-diensten aan deze overheden leveren. Geen gedwongen winkelnering Er is geen enkele vorm van gedwongen winkelnering: overheden kunnen er zelf voor kiezen om zich aan te sluiten. Maar ze doen het dus vrij massaal, omdat Jobpunt Vlaanderen de rompslomp van het (vaak verplichte) openbaar aanbesteden bij hen uit handen neemt. Dat levert overigens ook aan de andere kant winst op. Door de schaal kan het Jobpunt bij topleveranciers lagere prijzen afspreken. En er zijn daardoor ook niche specialisten die input kunnen geven tijdens het aanbestedingsproces, wat de kwaliteit verhoogt. Door de centrale aanpak is het bovendien mogelijk de inhuur te professionaliseren, de transparantie te vergroten en risico’s te beperken. En doordat alle inhuur via het Nétive-VMS loopt, zijn er ook nog eens veel meer data dan ooit beschikbaar. En die data, die zijn ‘het nieuwe goud’, in woorden van Van Malderen. ‘Het VMS fungeert niet alleen als een beheerssysteem dat transparantie biedt, maar helpt ons ook om kwaliteit te monitoren over projecten en klanten heen.’ Jobpunt Vlaanderen wil 2018 gebruiken om het systeem zoveel mogelijk voor alle klanten toegankelijk te krijgen en uit te rollen. Vincent Van Malderen bespreekt deze case op 1 februari 2018 in ICC Gent op het jaarlijks congres rond HR in de overheid. Alle info hier. Lees ook: Marktplaats voor inhuur moet gewoon mogelijk blijven Zelfstandigen winnen slechts 1 op de 8 opdrachten op marktplaatsen Marktplaats inhuur personeel: in hoeverre is dat een Dynamisch Aankoop Systeem? Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags inhuurdesk, marktplaatsen, Nétive | 4s Reacties
ZZP en armoede. Oorzaak of gevolg? Zoeken naar de waarheid achter de cijfers. Geplaatst 22 januari 2018 door Hugo-Jan Ruts Het CBS is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een zeer actieve nieuwsmachine. Een niet aflatende stroom aan cijfers en berichten wordt door de rekenmeesters de wereld ingestuurd. Zonder al te veel duiding van die cijfers. Duiding is namelijk – terecht – niet aan het CBS, zo oordeelt het CBS zelf. Gevolg is wel dat al die cijfers en grafiekjes bron van inspiratie zijn voor de meest wilde interpretaties. Zo ook als het gaat over de wereld van de zzp’ers. Dat deze term nieuwswaardig is geworden, weten ze bij het CBS immers maar al te goed. Discussie over oorzaak Zo verschenen vorige week op tal van nieuwssites berichten over armoede onder zzp’ers. Die waren afgeleid van het CBS-persbericht: “Bijna 1 op de 10 zzp’ers loopt risico op armoede”. Het FD maakte daarvan: Zzp’er loopt grootste risico onder armoedegrens te belanden. “Opvallend is dat het percentage zzp’ers dat in armoede leeft toeneemt, terwijl voor álle werkenden juist sprake is van een daling”, zo schrijft het FD. Inderdaad opvallend. Maar wat nu de oorzaak hiervan is, daar kwam het FD niet toe, net zo min als andere nieuwsmedia. Net zo min als ze aan de vraag toe kwamen wat nu oorzaak en gevolg is in deze relatie. Op twitter vroeg bijvoorbeeld Wim Davidse zich af of de armoede juist niet groter zou zijn als er mínder zzp’ers waren. Meer zzp’ers, minder langdurige armoede? Zijn tweet deed me denken aan een uitspraak van Ive Marx, hoogleraar Sociaal-Economische Wetenschappen en Sociologie aan de Universiteit Antwerpen. In een debat in Brussel over de Nederlandse flexibele arbeidsmarkt wees hij zijn opponent erop dat er in Nederland dan wel veel meer zzp’ers zijn, maar ook veel minder (langdurige) armoede. Arbeidseconoom Ronald Dekker ziet het echter anders. In een reactie op de suggestie van Wim Davidse schrijft Dekker dat de lage drempel om zzp’er te worden in combinatie met het krijgen van ‘vaak minder dan het minimumloon’ leidt tot een arbeidsrisico. https://twitter.com/dekkerronald/status/953603540928401408 Laag uurloon of laag inkomen? De laatste tweet roept de vraag op of zzp’ers echt zo ‘vaak’ betaald worden onder het minimumloon. Over uurtarieven en of die vaak onder het minimum (uur)loon liggen, is helaas weinig bekend. Het CBS heeft cijfers over het totale inkomen. Of het aantal uren dat iemand beschikbaar is. Maar niet over uurtarieven van zzp’ers. Of ze dus uitbetaald krijgen onder het minimumloon, kunnen we uit de CBS-cijfers niet halen. Loonwijzer heeft wat cijfers (waarvan ik de validiteit niet ken) en die cijfers suggereren dat het betalen per uur onder het minimumloon zelden voorkomt. Ronald Dekker wijst in een andere tweet op de pakketjesbezorgers, die inderdaad geen uurtarieven kunnen maken om erg vrolijk van te worden. Maar dat is op de 1,4 miljoen zelfstandigen in Nederland natuurlijk maar een beperkte groep, waar bovendien al veel aandacht voor is. Waarbij er nog wel een verschil is met laag tarief/uren niet kunnen declareren. Of gewoon te weinig opdrachten hebben (zie bijv deel creatieve sector). https://t.co/53kbq3nhOh — Hugo-Jan Ruts (@hugojanruts) January 17, 2018 Verdienvermogen Zelf denk ik dat het armoederisico van zzp’ers niet zozeer te maken heeft met de tarieven die opdrachtgevers betalen. Het kabinet heeft een minimum-inhuurtarief voorgesteld. Wat mij betreft een prima maatregel. Hij zal echter maar een beperkt aantal opdrachtgevers raken en daarmee ook een beperkt effect hebben op de armoedecijfers. Het feit dat een groep zzp’ers niet in staan is om voldoende declarabele uren te maken (het verdienvermogen) lijkt mij een logischer verklaring voor deze cijfers. Zonder dat ik dit overigens kan staven met cijfers. Pierre Spaninks wees wel terecht op het onderbelichte feit dat het armoederisico vooral groter is bij een zelfstandige die een beperkt aantal uren werkt. https://twitter.com/PierreSpaninks/status/953871047090196480 Laag inkomen: tijdelijk of structureel ? Dat werknemers een veel kleiner risico hebben op een ‘laag inkomen’ is tamelijk logisch: ze hebben de bescherming van het minimumloon. Het punt van Wim Davidse gaat meer om de vergelijking met niet-werkenden. Een ander punt om te benoemen, en ook iets wat de discussie (in de pers) niet haalde: het CBS heeft het niet over daadwerkelijke armoede, maar over: het risico op armoede als gevolg van een laag inkomen. Een interim-manager die al een tijd geen opdracht heeft dan heeft hij/zij geen inkomen. Dat heeft niets te maken met tarieven onder het minimumloon. En mogelijk heeft hij/zij wel een stevige financiële buffer, wat niet wordt meegenomen in deze cijfers. Van de zzp’ers had 10% in de afgelopen jaren in één jaar een laag inkomen (dat is: een besteedbaar inkomen onder bijstandsniveau, minder dan 1.000 euro per maand). Over de periode 2011-2016 is dat cijfer redelijk stabiel (iets gedaald ten opzichte van piekjaar 2013). Als we kijken naar het ‘langdurig laag inkomen’ (dat lijkt me pas echt zorgelijk) dan ligt het cijfer bij zzp’ers een stuk lager. Zo heeft ‘slechts’ 2,1 procent van alle zzp’ers langdurig een laag inkomen. De rest van de 10% heeft blijkbaar dus vooral last van een tijdelijke dip. Met een beetje optimisme kun je zelfs stellen dat dit dus ook een ondernemersrisico is. Heel wat zelfstandigen hebben wel eens een jaar gehad met een heel lage omzet, of beter gezegd: laag financieel resultaat. Oorzaak of gevolg ? Het zou natuurlijk ook zo kunnen zijn dat sommige mensen een dermate matige positie op de arbeidsmarkt hebben, en daarmee al een armoederisico lopen, dat ze maar hun uitvlucht zoeken in het zelfstandig ondernemerschap. De suggestie dat voor een groep een dreigend armoedesituatie de aanleiding is om zzp’er te worden in plaats van dat armoede het gevolg is van het zzp-schap, vindt Ronald Dekker in ieder geval wat al te ver gezocht. https://twitter.com/dekkerronald/status/953626220515745792 Het beperkte verdienvermogen onder een deel van de zelfstandigen, die zich al dan niet gevangen voelen in het ondernemerschap, bracht PZO vorig jaar tot het vrij radicale idee om zelfstandigen eenmalig in de gelegenheid te stellen om de WW in te stromen. Eerst meer vragen, dan een antwoord Terug naar de kern van het CBS-bericht: zzp’ers hebben een hogere kans dan werknemers om een inkomen te hebben onder de minimumloon-grens. Op zich is dat nogal wiedes. Werknemers hebben de bescherming van de Wet Minimumloon. Zzp’ers hebben die bescherming niet. Bijna 10% zzp’ers met een (tijdelijk) laag inkomen is ook een relevant cijfer. Al was het maar om alle (aspirant) zelfstandig ondernemers voor ogen te houden dat ondernemerschap komt met pieken en dalen waar je ook financieel op voorbereid moet zijn. Dat 2% van de zzp’ers een structureel laag inkomen heeft, is echt zorgelijk. Maar dat vraagt om een steviger analyse en daarna om gericht aandacht. Het aangekondigde minimumtarief voor (let wel: zakelijke!) opdrachtgevers gaat daar waarschijnlijk maar beperkt iets aan doen. Ook niet als dat tarief wat hoger komt te liggen, zoals onder andere GroenLinks-Tweede Kamerlid Zihni Ozdil wil. https://twitter.com/ZihniOzdil/status/953547260276695040 Geplaatst in ZP en Ondernemen | Laat een reactie achter
Vrijdagondernemerstip. Invoering vlaktaks: aanleiding om terugkeer uit of inbreng in bv te overwegen? Geplaatst 19 januari 2018 door Ewoud de Ruiter Iedere ondernemer moet jaarlijks nagaan of de gekozen rechtsvorm nog voldoet. Dat geldt voor zowel de IB-ondernemer als de ondernemer met zijn besloten vennootschap. Is de gekozen rechtsvorm vanuit fiscaal oogpunt nog wel optimaal? De aangekondigde plannen van het nieuwe kabinet, om over te stappen op inkomstenbelastingheffing met twee tariefschijven in box 1, vormen de aanleiding om de rechtsvorm kritisch te beoordelen. Veel ondernemers drijven hun onderneming vanuit de besloten vennootschap, wat vanuit fiscaal oogpunt vaak niet aantrekkelijk is. Bij lagere winsten is IB-onderneming aantrekkelijker Bij de start van de onderneming is er voor een bepaalde rechtsvorm gekozen. Daarna wordt er vaak niet meer gekeken of de gekozen rechtsvorm nog voldoet. Als een ondernemer met een besloten vennootschap minder dan € 150.000 winst maakt op jaarbasis, is het goed om na te gaan of het voortzetten als IB-onderneming de voorkeur verdient. Bij lagere winsten scheelt dat fors in de belastingheffing. Omgekeerd zal een IB-ondernemer die succesvol is en hoge winsten behaalt er vanuit fiscaal oogpunt goed aan doen om de IB-onderneming in te brengen in een besloten vennootschap. Invoering vlaktaks verhoogt effectieve belastingdruk IB-ondernemer. Wordt de bv aantrekkelijker? Na invoering van de semi-vlaktaks is tot een inkomen uit werk en woning in box 1 van € 68.600 36,93% inkomstenbelasting verschuldigd. Over het surplus is 49,5% verschuldigd. De aftrek van de verschillende ondernemersfaciliteiten wordt beperkt tot de eerste tariefschijf (36,93%). Denk daarbij aan de zelfstandigenaftrek, de MKB-winstvrijstelling maar ook de stakingsaftrek. De eenmanszaak ten opzichte van de besloten vennootschap wordt daardoor minder aantrekkelijk. De invloed van de heffingskortingen zijn in de berekeningen niet meegenomen. Een korting van 14% (MKB-winstvrijstelling) op het inkomen leidt nu tot een effectieve belastingdruk van 44,72% over inkomen in de hoogste tariefschijf (nu: 52%). Als de MKB-winstvrijstelling straks slechts aftrekbaar is tegen de eerste belastingschijf van 36,93%, leidt dat tot een effectieve belastingdruk van 44,33 % in de hoogste tariefschijf (straks: 49,5%). Alhoewel het toptarief is verlaagd, daalt de belastingdruk voor de IB-ondernemer nagenoeg niet. Toch verwacht ik dat voor veel ondernemers een terugkeer naar de IB-onderneming vanuit de besloten vennootschap fiscaal interessant is. Er kunnen ook niet fiscale motieven zijn om een besloten vennootschap op te richten Er kunnen altijd andere motieven zijn om te kiezen voor een besloten vennootschap, bijvoorbeeld verwachte toekomstige groei, afnemers of leveranciers die dat vereisen of voor het beperken van aansprakelijkheidsrisico’s. De verkoop van de onderneming op korte termijn, kan ook aanleiding zijn om voor de rechtsvorm besloten vennootschap te kiezen. Deze aspecten moeten meegewogen worden bij de keuze om eventueel de onderneming vanuit privé voort te zetten. De nieuwe belastingplannen vormen nu een mooie aanleiding om na te gaan of de gekozen rechtsvorm nog optimaal is. Maar eigenlijk zou iedere ondernemer jaarlijks voor zichzelf moeten nagaan of de rechtsvorm nog wel past. Wilt u weten of een terugkeer uit de bv voor u aantrekkelijk is? Dan kunt u dat laten berekenen. Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags bedrijfsvoering, BV of niet | Laat een reactie achter