Alleen een ondernemende SER heeft een rol in de 21ste eeuw Geplaatst 11 februari 2016 door Arjan van den Born Indien de Sociaal-Economische Raad (SER) ook in deze eeuw relevant wil zijn moet het business model van de SER veranderen. Dat kan als de SER gaat leren van de stille revolutie in het bedrijfsleven waar in de afgelopen 10 jaar de traditionele bureaucratische methoden in rap tempo zijn vervangen door systemen gebaseerd op interactie en creativiteit. Dan kan zelfs de SER een inspirerende en lerende organisatie worden die richting geeft aan de sociaaleconomische verhoudingen van de 21e eeuw in plaat van een laffe debatclub. Ander model nodig Lange tijd werd het Nederlandse poldermodel waarin werkgevers, vakbonden en overheid samen sociaaleconomische vraagstukken aanpakken bejubeld. Het kroonjuweel in het consensusmodel was de SER. Door haar adviezen vernieuwde de Nederlandse arbeidsmarkt continu en werd opkomende maatschappelijke onvrede in de kiem gesmoord. Tegenwoordig is de glans van de SER verdwenen. De tijd is voorbij dat elk rapport indruk maakte. De term ‘poldermodel’ staat inmiddels synoniem voor het sluiten van halfzachte compromissen die de status quo bewaken. Lodewijk Asscher zei bij het aantreden van Mariëtte Hamer als voorzitster van de SER dat er behoefte is aan ‘durf om nieuwe richtingen’ in te slaan. Gedwongen door alle kritiek tracht de SER te veranderen. Zo is de diversiteit van de kroonleden iets toegenomen en zijn de zzp’ers tegenwoordig ook vertegenwoordigd in de SER. Ook probeert de SER een nieuwe rol aan te nemen door over zaken te gaan adviseren waar zij niet noodzakelijkerwijs verstand van heeft zoals het energieakkoord. Maar de huidige antwoorden van de SER zijn een typisch geval van ‘too little, too late’. Wil de SER overleven, dan dient zij de kern van haar probleem aan te pakken. Zij zal moeten veranderen van een bestuurlijk moloch naar een ondernemend en lerend instituut. Zij heeft een radicaal ander business model nodig. Aanpak SER werkt niet meer Het fundamentele probleem van de SER is namelijk dat de sociaaleconomische verhoudingen op dit moment heel sterk aan verandering onderhevig zijn. Dit in tegenstelling tot de stabiele jaren 1950-1990. De traditionele aanpak van de SER werkte in zo’n rustige omgeving. De SER vroeg verschillende partijen bedaard om adviezen en onderzoeksrapporten. Vervolgens nam de SER jaren de tijd om die adviezen te bediscussiëren en, eventueel, te implementeren. Deze traditionele aanpak van de SER lijkt veel op de traditionele ‘waterval’ aanpak van software ontwikkeling waarin sequentieel fasen worden doorlopen; analyse, grof ontwerp, detail, bouw en implementatie. Het essentiële probleem van de SER is dat deze aanpak niet meer werkt in de huidige, snel veranderende wereld. Zo is een uitgebreide analyse van het verleden vaak niet zinvol. Bovendien gaat er in de SER veel te veel tijd verloren met onzinnige ontwerpdiscussies en duurt het veel te lang voordat ideeën daadwerkelijk geïmplementeerd zijn. En eenmaal geïmplementeerd, kunnen ze niet of nauwelijks meer aangepast worden. SER als start-up De SER zou daarom moeten leren van het bedrijfsleven. Daar zijn de traditionele watervalmethoden in de afgelopen 10 jaar vervangen door nieuwe, agile en iteratieve ontwikkelmethoden. De traditionele systemen waren bureaucratisch, traag en bekrompen en belemmerde de creativiteit en effectiviteit. De SER zou de lean start-up methode van Eric Ries moeten omarmen. Het centrale gedachtegoed van Eric Ries is dat een start-up vooral wordt gekenmerkt door een hoge mate van onzekerheid. Als je begint met het opzetten van een nieuwe onderneming is er immers veel onzeker. De lean start-up methode stelt daarom dat beginnende bedrijven vooral veel moeten leren in de eerste jaren. Dit kunnen zij doen door iteratief veranderingen door te voeren en deze te zien als hypothese-gedreven experimenten. Een start-up moet een lerende organisatie zijn. Door als SER te kiezen voor het voeren van kleinschalige, iteratieve experimenten i.p.v. eenmalige ontzaglijke adviezen wordt zij ook een lerende organisatie. Deze ontwikkeling past ook in de trend van de sociale wetenschap waarin veldexperimenten ook steeds belangrijker zijn geworden als de methode om nieuwe kennis te vergaren. Waarom zou de SER niet parallel kunnen experimenteren (in verschillende sectoren en/of regio’s) met, bijvoorbeeld, vier verschillende pensioenstelsels voor zzp’ers? Dan kunnen we kijken welk stelsel het beste werkt en de beste variant kunnen we iteratief steeds beter maken. Bovendien kunnen politieke discussies zo veel beter worden geslecht. De beste manier om de toekomst te voorspellen is hem te creëren In plaats van een oeverloze discussie over uitgangspunten, principes en hoe het vroeger allemaal beter was, kunnen we gewoon kijken naar het bewijsmateriaal. Wat werkt en wat werkt niet in de 21 eeuw? Laat de data haar werk doen zoals dat past in een Big Data tijdperk. De SER zou het oude adagium van Alan Kay, “The best way to predict the future is to invent it” moeten omarmen. Als de SER haar business model wijzigt kan zij de lerende organisatie worden die de politiek en maatschappelijk middenveld door continue experimenten de weg kan wijzen in de 21e eeuw. Anders blijft de SER wat het nu is; “een platform voor discussie”. Dat is mooi, maar daar hebben we er al genoeg van met De Balie, Felix Merites en de Rode Hoed. Het effect daarvan is altijd hetzelfde; veel gelul en laffe compromissen. Wat we nodig hebben is een ondernemende SER. Een SER die niet alleen denkt, maar een SER die doet en leert. De vraag is natuurlijk of de SER kan veranderen. De huidige reactie op de scheuren in het business model is echter klassiek; overmoed en ontkenning. Mariëtte Hamer roemt de SER nog steeds als een “paleis voor co-creatie”. Als die houding niet verandert en er geen cruciale veranderingen worden doorgevoerd in haar business model stort de organisatie ongewild maar onherroepelijk in de disruptiekloof. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags ser, zzp-beleid | Laat een reactie achter
Staatssecretaris Wiebes gaat fouten in gepubliceerde modelovereenkomsten repareren. Geplaatst 9 februari 2016 door Hugo-Jan Ruts Op de website van de Belastingdienst staan modelovereenkomsten gepubliceerd waarin juridische onjuistheden staan. Staatssecretaris Wiebes heeft vanmiddag in het Vragenuurtje in de Tweede Kamer toegezegd dat deze fouten op korte termijn hersteld worden. Hij deed dat naar aanleiding van vragen van D66 Kamerlid Van Weyenberg. Volgens Van Weyenberg heerst er ‘totale verwarring’ onder zelfstandigen over de afschaffing van de Verklaring arbeidsrelatie (VAR). ‘Kafka is er niets bij’. Waar de markt van zzp’ers en opdrachtgevers dus dachten met de op dit moment gepubliceerde modelovereenkomsten uit te voeten te kunnen, is het nu wachten op een definitieve goedkeuring. Het wordt er daarmee niet duidelijker op. Er is verwarring omdat de Belastingdienst een ‘stempel van goedkeuring’ geeft op de modelovereenkomsten die horen bij de nieuwe Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. De Wet die de VAR per 1 mei gaat vervangen. Echter de Belastingdienst heeft alleen de fiscale zaken uit de overeenkomsten getoetst, niet andere bepalingen. Dat staat zo ook wel op de website, maar is onduidelijk. Er staan in sommige overeenkomsten zaken die juridisch evident onjuist zijn. In sommige overeenkomsten staat bijvoorbeeld dat een opdrachtgever bij een naheffing de claim volledig bij de zzp’ers neer kan leggen. Dat is wettelijk verboden en een dergelijk artikel houdt ook geen stand bij toetsing voor de rechter. Wiebes erkent dat dit verwarrend werkt en laat de huidig gepubliceerde overeenkomsten op korte termijn corrigeren. Over de paar honderd modelovereenkomsten die nog in de pijplijn zitten, kon hij nog niets melden. In de Eerste Kamer heeft hij eerder toegezegd dat een panel van deskundigen de overeenkomsten grondig gaat analyseren op met name arbeidsrechtelijke aspecten. Die toets moet eind van dit jaar klaar zijn. Op vragen van VVD Kamerlid Neppérus reageerde Wiebes dat er binnenkort gestart wordt met een ‘fijnmazig’ communicatie offensief. De modelovereenkomsten moet volgens Wiebes veel duidelijkheid verschaffen. Maar “we zijn nog te onduidelijk over de nieuwe duidelijkheid”, verzuchtte hij. De Belastingdienst heeft vandaag besloten om de voorlichting niet alleen op opdrachtgevers te richten, maar ook op individuele zzp’ers. Geplaatst in Professioneel inhuren, ZP en Politiek | Tags Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties | 7s Reacties
ING verwacht stop groei aantal zzp’ers. Alhoewel…? Geplaatst 9 februari 2016 door Hugo-Jan Ruts De ING verwacht een stabilisatie van de groei van startende bedrijven 2016. Een groot deel van die starters zijn zzp’ers. Per sector en regio zijn er wel grote verschillen. Dat stelt de ING in een vandaag verschenen rapport. Erg sterk onderbouwt is de stelling dat het aantal zzp’ers stabiliseert overigens niet. Zelfstandig ondernemerschap blijft volgens de ING onverminderd populair. “Ook, of juist, nu de economie weer aantrekt. Zo zijn vorig jaar 2% meer mensen een eigen bedrijf begonnen. De overgrote meerderheid van de starters bestaat uit zzp’ers. Zij zijn er mede verantwoordelijk voor dat de samenstelling van de arbeidsmarkt verandert.” “In 2015 kozen ruim 129.000 personen voor het zelfstandig ondernemerschap. Dit zijn er 2% meer ten opzichte van 2014. Na een sterke daling in het eerste kwartaal, steeg het aantal starters in de drie daaropvolgende kwartalen. Met name in het laatste kwartaal van 2015 was, met 9% meer starters sprake van een forse stijging”. Die sterke groei trekt zet zich volgens de ING echter niet door. “In navolging van de economie trekt ook de arbeidsmarkt aan. Het aantal werknemers dat zijn baan verliest en vervolgens als zzp’er aan de slag gaat zal daardoor afnemen.” Dat klopt ongetwijfeld, al wordt dat qua aantallen helaas niet onderbouwt in het rapport. De ING ziet een blijvende groei aan de vraag naar zzp’ers: “Tegelijkertijd is er echter sprake van een structureel veranderende arbeidsmarkt. Bedrijven hebben behoefte aan flexibiliteit en zijn daardoor terughoudend in het aannemen van vast personeel. Zij werken eerder samen met uitzendkrachten en zzp’ers. De vraag naar zzp’ers houdt voorlopig dan ook aan.” Per sector zijn er grote verschillen. Dat ‘organisatieadviesbureaus’ al jaren boven aan de lijst van subsectoren staat, heeft vooral te maken met gebrekkige registratie bij de KvK. Daar worden veel interim professionals (van interim-managers tot interim HR adviseur) bij gebrek aan goede codes voor interimmers voor het gemak bij inschrijving onder code 70221 gezet. Of toch groei De ING gaat nog even door: “Ook de komende jaren blijft de aanwas van nieuwe zzp’ers, bij onveranderd overheidsbeleid, hoog. Het aantal starters ligt de komende jaren naar verwachting dan ook blijvend op hoog niveau.” Effect van de Wet DBA op het aantal zzp’ers is dus niet meegenomen. Dat valt ook lastig uit te rekenen. Opvallender is dat de ING het hier weer heeft over ‘blijvend hoog niveau’ van het aantal starters. Nu ja, voorspelen blijft lastig. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags cijfers, onderzoek | Laat een reactie achter
‘Alles begint met het herkennen van je eigen talenten’. Frank Kwakman over professionals en personal branding. Geplaatst 9 februari 2016 door ManagementBoek.nl Samen met Rolf Rosenmöller schreef Frank Kwakman het boek Ik maak het verschil. Gebaseerd op zeven strategieën die professionals moeten helpen waarde toe te voegen voor hun klanten, organisatie en zichzelf. Managementboek sprak met Kwakman: ‘Alles begint met het herkennen van je eigen talenten’. Jullie richten je in het boek tot ‘de professional’. Wie is dat, die professional? De doelgroep van ons boek bestaat uit kenniswerkers die klantcontact hebben. Zij beschikken over specifieke, voor hun klant relevante kennis. Je moet dat heel breed zien. Dat kan intern een HR-manager of een marketingmanager zijn, of een externe professional zoals een accountmanager of organisatieadviseur. We maken in het boek geen onderscheid tussen interne of externe mensen, medewerkers met een vast dienstverband dan wel zzp’ers, omdat we in de praktijk merken dat ze allemaal tegen dezelfde vragen aanlopen. Hetzelfde geldt voor klanten; daar kun je ook consumenten, burgers, of desnoods cliënten lezen. Een kreet die geregeld valt, is de ‘nieuwe’ professional. Wat is er precies ‘nieuw’? Vandaag de dag moeten veel bedrijven hun businessmodel aanpassen om relevant te blijven, anders gaan ze het niet redden. Kenniswerkers moeten hun klanten daarbij kunnen helpen. Dat betekent ook dat ze hun eigen businessmodel moeten aanpassen om ook zelf toegevoegde waarde te blijven leveren. In het boek onderscheiden we zeven nieuwe talentgebieden waarop de nieuwe professional zich kan of misschien wel moet ontwikkelen. Denk aan persoonlijk leiderschap, affiniteit met de digitale wereld, of proactief met De tijd dat het werk bij de meeste professionals als vanzelf kwam aanwaaien, is allang voorbij je business bezig zijn. We willen mensen uitdagen over grenzen heen te kijken, van hun afdeling, hun sector, hun vakgebied. Het is tegenwoordig belangrijk ook andere talenten aan te boren dan die je tijdens je opleiding hebt aangescherpt. De tijd dat het werk bij de meeste professionals als vanzelf kwam aanwaaien, is allang voorbij. Kennis was toen nog veel belangrijker en moeilijker beschikbaar. De nieuwe professional is een vakman die de branche van zijn business goed kent en over een aantal van de zeven genoemde kenmerken beschikt. Natuurlijk zullen weinig professionals op alle kenmerken hoog scoren. Je hoeft niet alles zelf in huis te hebben, maar het gaat erom dat je je verbindt met professionals die jouw talenten versterken. Jullie boek gaat in wezen over het streven naar het vinden van leuk werk waar je goed in bent, maar ook over het toevoegen van waarde als werknemer. Hoe verhoudt zich dat tot elkaar? Wij gaan er vanuit dat de professional de ambitie heeft om met alles wat hij of zij in zich heeft, probeert het optimale voor de klant te bereiken. Alles begint met het herkennen van je eigen talenten, en vaststellen waar je zelf energie van krijgt. Als je die basis hebt, volgt het creëren van waarde doorgaans vanzelf. Het is wellicht ook mogelijk van waarde te zijn zonder dat je daar zelf plezier aan beleeft, al is het de vraag hoe lang je dat volhoudt. Ons boek heeft vele raakvlakken met personal branding, hoewel die benaming eigenlijk alweer ouderwets is. Toen Rolf en ik het in 2002 vanuit Amerika hier introduceerden, was het huis bij wijze van spreken te klein, nu heeft het zijn waarde wel bewezen. Welk etiket je er ook opplakt, het gaat erom dat je duidelijke keuzes maakt, en ervoor zorgt dat je omgeving weet waar jij van betekenis kan zijn. Goed, ik koop het boek: hoe en waar moet ik beginnen? Dat kan op verschillende manieren. Het is geen boek dat je integraal en van voor naar achteren hoeft te lezen. Elk hoofdstuk biedt een ingangsmoment. Voor ons bleek de zoektocht naar je persoonlijke missie, je drijfveer, een logisch begin. Zoektocht naar je persoonlijke missie, je drijfveer, is een logisch begin Die raakt erg aan de vraag wat je met je leven wilt, wat je ervan verwacht, als je daar dus nog geen duidelijk beeld van hebt, ligt het voor de hand te beginnen bij hoofdstuk 1. Als je daar al uit bent, maar je bent bijvoorbeeld op zoek naar andere manieren om je dienstverlening vorm te geven, zal ik je aanraden te beginnen bij hoofdstuk 6, dat gaat over proactief met je business bezig zijn. Het slothoofdstuk gaat over het belang van vitaliteit en een goede balans tussen privé en werk. Als je het gevoel hebt dat daar een slag te maken is, moet je vooral daar beginnen. Jullie signaleren een veranderende context waar de nieuwe professional mee te maken krijgt. Kunt u daar een voorbeeld van geven? Het begrip ‘netwerk’ en het daarbijbehorende werkwoord ‘netwerken’ roept associaties op met ouderwetse technieken, zoals eerst geven en dan nemen. In de praktijk wordt dit steeds vaker vervangen door ‘community’, een woord dat een lading heeft die beter aansluit bij de hedendaagse praktijk. Het verschil zit in de betrokkenheid die de begrippen vertegenwoordigen. Een netwerk is vrijblijvend, van een netwerk ben je lid. Een community is een groep gelijkgestemden waar je niet zozeer lid van bent maar eerder deel van uitmaakt. Klanten, collega’s, instellingen, de context is dus breder geworden. Het beslaat het werkveld waarbinnen alle leden een gemeenschappelijke noemer hebben. Dat vraagt om een proactieve houding, al is het maar omdat je zult moeten kiezen met wie je binnen je community contact wilt onderhouden. Menig professional lijdt aan een gebrek aan ‘vertraagde tijd’. Wat verstaan jullie daaronder? Vertraagde tijd is een begrip uit de koker van filosoof Arnold Cornelis die beweerde dat werknemers de tijd te weinig als het ware stilzetten, om te kunnen reflecteren. Professionals in organisaties buffelen vaak maar door en racen van het ene project naar het andere. Veel van hen maken vaak structureel te lange dagen, terwijl ze hun werk willen combineren met een gezinsleven, sociale activiteiten, sport, waardoor je zomaar tegen een burn out aanloopt. Het is dus van belang goed na te denken over de vraag hoe je je leven inricht. Het blijkt dat een professional die zichzelf toestaat hier goed over na te denken, doorgaans tot andere keuzes komt. Hij zal zijn talent in een andere omgeving willen ontplooien, die hij zelf heeft gecreëerd, waarin meer ruimte is voor eigen keuzes en betekenis voor klanten, organisatie en zichzelf. Dit interview is eerder verschenen op Managementboek.nl Het boek Ik maak het verschil kost 24.50 en is o.a. hier verkrijgbaar Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags boek, boekenkast, personal branding | Laat een reactie achter
Oprichten eigen BV alternatief voor de modelovereenkomst? Geplaatst 4 februari 2016 door Uniforce Nu de Wet DBA de VAR (verklaring arbeidsrelatie) per 1 mei gaat vervangen, zijn sommige zelfstandige professionals op zoek naar alternatieven. Regelmatig wordt gesuggereerd dat het hebben van een BV elke discussie over een mogelijke arbeidsrelatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer uitsluit. Maar is dat wel zo? We legde deze vraag voor aan Piet de Bondt, directeur van Uniforce. Is het oprichten van een BV voor de zzp’er een oplossing voor situaties waarbij de arbeidsrelatie met de opdrachtgever de kwalificatie arbeidsovereenkomst kan krijgen? Loon, arbeid & gezag Nog steeds denken veel mensen dat je vanuit je eigen BV kan werken voor opdrachtgevers zonder dat er dan sprake kan zijn van een arbeidsovereenkomst met die opdrachtgever. Men geeft dan aan dat er sprake is van een overeenkomst tussen de BV en de opdrachtgever die zou kwalificeren als zakelijke overeenkomst. Niets is minder waar. Voor het Burgerlijk Wetboek moet in de feitelijke werksituatie worden gekeken of daar sprake is van een arbeidsovereenkomst. In deze situatie wordt er gekeken of de drie elementen die ervoor zorgen dat er een arbeidsovereenkomst tot stand komt aanwezig zijn. Volgens vaste jurisprudentie zijn voor de aanwezigheid van een arbeidsovereenkomst de volgende elementen van belang: Arbeid: de opdrachtnemer is verplicht de arbeid persoonlijk te verrichten; Loon: de opdrachtgever is verplicht tot betaling van loon; Gezag: er is sprake van leiding en/of toezicht door de opdrachtgever. Persoonlijke BV In de door de Belastingdienst en het UWV gezamenlijk opgestelde Beleidsregels beoordeling dienstbetrekking, wordt aangegeven dat de bestuurder voor de werkzaamheden binnen de eigen BV als DGA wordt gezien en niet als werknemer van de BV. Ook indien iemand een BV heeft blijven dus de bovengenoemde elementen van een mogelijke arbeidsovereenkomst van kracht. Wanneer de directeur van een persoonlijke BV om zijn persoonlijke kennis en kunde wordt ingehuurd door “derde-opdrachtgevers”, kan er sprake zijn van een verzekeringsplichtige arbeidsverhouding (arbeidsovereenkomst). Bijvoorbeeld als er nadrukkelijk onder leiding en toezicht van de opdrachtgever wordt gewerkt en de opdracht langere tijd loopt. Op het moment dat de Belastingdienst of een rechter gaat uitzoeken of er sprake is van een arbeidsovereenkomst dan wordt er gekeken naar natuurlijke personen. De opdrachtgever geeft een natuurlijk persoon de opdracht om persoonlijke arbeid te verrichten. Een arbeidsovereenkomst ontstaat van rechtswege met een natuurlijk personen, dus niet met een B.V.. Daarbij wordt voor de toepassing van de werknemersverzekeringen aan het bestaan van een houdstervennootschap (personal holding) of een management-BV weinig betekenis toe, indien voldoende duidelijk is dat de DGA van die vennootschap geacht wordt persoonlijk arbeid te verrichten voor degene waarvoor de overeengekomen (management-)taak wordt vervuld. Kortom: met een eigen BV kunt u derhalve de regels van het arbeidsrecht en de sociale verzekeringswetgeving niet ontlopen. Ook niet de nieuwe Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties. Waarbij opgemerkt dat wanneer u veel verschillende opdrachten en opdrachtgevers heeft, en u dus ‘evident ondernemer’ bent, zoals Staatssecretaris Wiebes dat formuleert, wij er van uit gaan dat er dan geen discussie zal zijn of er mogelijk een arbeidsovereenkomst is tussen u en een van uw opdrachtgevers. Een BV of niet. Binnen het Uniforce-concept is het overigens wel mogelijk om vanuit een BV (Declarabele Uren B.V.) te werken, zonder last te hebben van de Wet DBA. Uniforce professionals zijn in dienst bij hun eigen DUBV. De professional heeft wel de aandelen die recht geven op de winst van de BV, maar niet de aandelen met stemrecht over het aanname- en ontslagbeleid van de directeur van de B.V. Uniforce Group heeft al sinds 2008 een vaststellingsovereenkomst met de Belastingdienst en UWV. Kijk hier voor meer informatie. Lees meer over zelfstandig ondernemerschap en rechtsvormen in het nieuwe ZiPdossier ‘Rechtsvormen’ Geplaatst in ZP en Ondernemen, ZP en Politiek | Tags rechtsvormen, Uniforce, Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties | 27s Reacties
Sociale innovatie vergroot kansen zakelijke dienstverleners. Surfen op zeven grote golven. Geplaatst 4 februari 2016 door Han Mesters De omzet in de zakelijke dienstlening stijgt weer; een te grote focus op economisch herstel is echter risicovol. Niet alle ondernemers slagen er in fundamentele ontwikkelingen – nieuwe wetgeving, digitalisering en de transformatie van dienstverlener naar adviseur – effectief het hoofd te bieden. . Dit concluderen wij in ons rapport ‘De FutureShift op snelheid. Surfen op de zeven grote golven’, dat vandaag wordt gepubliceerd. Technologie maakt weg vrij naar netwerkmodellen De omzetten in de zakelijke dienstverlening zijn in de afgelopen twee jaar sterk gestegen. Zo bedroeg de omzetstijging in 2015 maar liefst 6,5 procent. Hoewel de economie aantrekt en vrijwel alle sectoren goed presteren, is dit geen reden om achterover te leunen. Ondernemers moeten zich rekenschap geven van structurele factoren die invloed “Mijn definitie van krankzinnigheid: hetzelfde blijven doen, en betere resultaten verwachten.” Albert Einstein hebben op het voortbestaan van bedrijven. De laatste golf van nieuwe technologieën – van pc tot mobiele communicatie en van internet tot connectiviteit – bevindt zich in de fase van ontplooiing, terwijl een nieuwe golf van ‘groene’ technologie voor de deur staat. Tegelijkertijd gaan organisatiemodellen op de schop: organisaties ontwikkelen zich steeds meer tot wendbare, klantgerichte en innovatieve netwerken. Netwerkeconomie biedt nieuwe kansen Ook de economie zal transformeren naar een cross-over economie. Hierin gaan fysiek, digitaal en virtueel een symbiose aan en ontwikkelt zich een diensteneconomie waarin beleving centraal staat. We consumeren, produceren en organiseren ons werk anders en dat vereist nieuwe vaardigheden. Een andere belangrijke verandering is de sterke groei van de flexibele schil. In 2009 omvatte deze nog 29 procent van de beroepsbevolking, in 2015 was dit 36 procent. Wij denken dat in deze veranderende economische structuur de behoefte aan professionals met de juiste combinatie van harde en zachte kwaliteiten zal groeien en dat hier voor de zakelijke dienstverlening veel kansen liggen. Traditionele kloof private en publieke sector vervaagt In navolging van de Verenigde Staten krijgt maatschappelijk verantwoord ondernemen of sociaal ondernemerschap een steeds grotere rol. Deze ontwikkeling wint ook in Nederland aan belang nu de overheid zich terugtrekt en er een groter beroep wordt gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van burgers. Hierdoor ontstaan nieuwe producten als social impact bonds die de kloof tussen de private en publieke sector verkleinen. Door de vele structurele ontwikkelingen worden er vraagtekens gezet bij de houdbaarheid van bedrijfsmodellen in veel sectoren. De zakelijke dienstverlening heeft echter een belangrijke troef in handen. De sector is niet kapitaalsintensief en het opleidingsniveau is doorgaans hoger dan in andere sectoren. In de zakelijke dienstverlening maken mensen het verschil: zij moeten in staat worden gesteld naar eigen inzicht te handelen. We zijn onderweg naar een postindustrieel tijdperk, waarin kleine groepen professionals (tijdelijk) verbinding zoeken en met creatieve oplossingen komen voor klanten. De toenemende automatisering loopt hier als een rode draad doorheen. De technologie zal uiteindelijk niet doorslaggevend zijn voor het lot van zakelijke dienstverleners, sociale innovatie wel. Zeven golven We komen tot deze conclusie nadat we voor dit rapport ons de volgende hebben gesteld, en beantwoord: Hoe hebben de omzetten in de zakelijke dienstverlening zich ontwikkeld? Wat zijn nú de verwachtingen ten aanzien van de toen al in beeld gebrachte megatrends, en zijn er wellicht megatrends weggevallen of bijgekomen? En wat zijn inspirerende en tegelijk navolgbare voorbeelden van vernieuwing en van transformatie? We hebben die vragen beantwoord door nader in te gaan op de volgende trends: Politiek: de conciërge van de wereld Demografie: complexe onderbenutte groeiende bron van vooruitgang Maatschappij, mens & mindset: to be energetic or not to be energetic Globalisering & geopolitiek: onze enorme en turbulente arena Technologie & organisatie: nieuw gereedschap voor onze vooruitgang Ecologie: no more plenty Economie: nieuwe kansen zien, ideeën realiseren, welvaart uitbouwen Het volledige rapport, dat is gemaakt in samenwerking met Wim Davidse van Djengz, is hier te downlaoden. Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags innovatie, onderzoek, trends | Laat een reactie achter