Maandelijkse archieven: december 2018

Interim-manager: zelfreflectie is niet truttig

Als interim-manager wordt veel van je verlangd: in korte tijd een analyse en plan van aanpak op tafel leggen, om dat vervolgens doeltreffend uit te voeren met gevoel voor machtsverhoudingen en organisatieculturen.. Het zijn sterke vakmensen, gericht op wat een organisatie nodig heeft.

Opleidingsaanbod

Ga er maar aan staan. Je zou zeggen dat elke interim-manager regelmatig in de schoolbanken zit om bij te schaven of op z’n minst te reflecteren op zijn handelen. Hoe ziet het opleidingsaanbod eruit? Een rondje in het veld.

Sioo presenteert zich met dé opleiding voor interim-managers: Interim management & Organisatieverandering. Dat wordt aangeboden als een ‘build your own academy’-track. Ook InterExcellent verzorgt in samenwerking met Nyenrode een programma: Leergang Executive Interim Management.

Beide instituten vragen de hoofdprijs van ruim € 10.000. Daarvoor ben je wel zeven tot twaalf maanden onder de pannen. Is er animo voor? Terwijl ik het navraag bij beide instituten, trekt de Vrije Universiteit (VU) de stekker uit de leergang Executive Master Management Consulting opleiding (achttien maanden). Vanwege het feit dat langdurige programma’s slecht bij de dynamiek van de consultancysector en de huidige arbeidsmarkt passen.

Dubbel investeren

Interessant. Toch geven zowel Sioo als InterExcellent aan dat bij hen geen sprake is van terugloop. Ze ontvangen jaarlijks gemiddeld 20 interim-managers in hun programma’s. In tijden van de economische crisis was dat anders, maar wie had toen geen last van terugloop?

De interim-manager zelf zat opdrachtloos op de bank. Een perfecte tijd om te investeren in jezelf, maar niets is minder waar. Dergelijke leergangen worden overwegend gevolgd door zelfstandig interim-managers en dat betekent dubbel investeren: de kosten voor de opleiding en omzetderving. Sioo en InterExcellent zien dat interim-managers leergangen naast hun opdracht volgen en niet in-between-jobs. Het voordeel ligt voor de hand: inbreng van casuïstiek en directe toepassing in de praktijk. Reden voor deelname is ook netwerken en vergroting van de kans op opdrachten. Bij InterExcellent behoor je automatisch tot de inner circle na afronding van de opleiding.

Reflectie en persoonlijke ontwikkeling

Bij de twee genoemde aanbieders volgen dus circa veertig interim-managers per jaar een programma, wat doet dan de rest van interim-Nederland? Op LinkedIn hanteren bijna 300.000 mensen de term ‘interim-management’ in hun functieprofiel. Wat een markt voor potentiële opleidingsaanbieders! Dat is niet de ervaring van Yvette Paludanus van Tijdvoornu. Zij ontwikkelde een aantal jaar geleden een training voor interim-managers gericht op reflectie en persoonlijke ontwikkeling. Reactie op social media: dat hebben we toch niet nodig!

Zij werd bijna uitgelachen. Zorgen voor jezelf is truttig. Het draait om kennis. Op internet stuit ik zelfs op een schriftelijke opleiding tot interim-manager. Heerlijk een thuisstudie volgen voor nog geen 700 euro en dan examen afleggen voor een erkend diploma interim-manager. Zo van de sofa zonder praktijkervaring de wijde wereld in en veranderopdrachten uitvoeren. Mag ik nu even lachen?

Waar zit de vernieuwing? Interim-managers zijn allang geen mannetjesputters meer die de vijftig zijn gepasseerd en moeite hebben met zelfreflectie. Vroeger leerde je vooral door experimenteren en ervaren, huidige leerprogramma’s gaan meer over reflectie en analyse van het effect van handelen. Verder gaat het over her-diagnosticeren en daarover in gesprek komen met je (soms lastige) opdrachtgever. Daar is niets lacherigs aan, vindt de groep interim-managers die regelmatig bijschoolt.

Zorgen voor jezelf is niet truttig

Voor de rest geldt deze boodschap: het is eenzaam daar. Als je wakker ligt, te veel werkt en niet goed bent in nee zeggen kan dat ten koste gaan van jezelf. Een burn-out ligt op de loer. Beste interim-manager, zorgen voor jezelf is niet truttig!

Kan je je geen duur of langdurig traject veroorloven, dan zijn er toch mogelijkheden voor verdieping. Een nieuwe trend is dat interim-managers ‘hun eigen opleiding organiseren’ en sprekers uitnodigen, al dan niet gefaciliteerd door een bureau. Dan staat inspiratie opdoen centraal. Verder gebruiken ze vaker aanpalende vakken voor reflectie en verdieping, bijvoorbeeld organisatie-antropologie en -filosofie.

Helaas is er geen vereniging voor interim-managers meer. De Orde van Organisatieadviseurs (Ooa) ziet echter een toename van interim-managers onder haar leden. De overlap in vaardigheden draagt bij aan hybride werken tussen de twee vakgebieden. De Ooa heeft haar professionaliseringsaanbod niet afgestemd op het specifieke werkveld van de interim-manager. Daar ligt wel een wens. Bij voorkeur in samenwerking met andere partijen en zodoende de achterbannen te verenigen.

Vaardigheden ontwikkelen

De vraag die elke interim-manager zich moet stellen is ‘wat ontbreekt mij als ik niet ontwikkel of reflecteer?’ Je profiel versterk je niet alleen met werkervaring en kennis. Je loopt de kans te veel in dezelfde opdrachtomgeving gevraagd te worden. Carrière maken als interim-manager is al lastig genoeg, dan helpt het als je aantoonbaar ontwikkelt op vaardigheden. Niet vastroesten in je eigen bewezen aanpak, maar bewust handelen in de context waarin je je begeeft. Je werkt tenslotte met mensen en wat verandering met hen doet. Dat vraagt om scherpte en bijblijven in je vak.

Geplaatst in ZP en Ondernemen | Tags , | 4s Reacties

Over de WAB en het waterbedeffect van het arbeidsmarktbeleid

Minister Koolmees heeft de Wet arbeidsmarkt in balans (Wab) aangeboden aan de Tweede Kamer. In een persbericht noemde de minister de wet een ‘grondige opknapbeurt voor de arbeidsmarkt’, bedoeld om de tweedeling op de arbeidsmarkt aan te pakken.

Vandaag is de hoorzitting in de Tweede Kamer. Ook de ABU zal daar aantreden. Niet alleen om commentaar te leveren op wat de Wab wél regelt, maar vooral om onze zorgen te uiten over wat het kabinet nog niet regelt. Namelijk de positie van de zelfstandige aan de basis van de arbeidsmarkt. Die regelgeving is voorlopig uitgesteld tot 1 januari 2021.

Platformen

Uitstel in een razendsnel digitaliserende arbeidsmarkt is vragen om problemen. Eerder dit jaar kondigde Uber aan met Uber Works op de markt te komen. Voor ‘klussen’ in de horeca en de beveiliging. Ook Temper roerde zich onlangs en sprak over uitbreiding naar retail en recreatie. Straks doen ‘ondernemers’ ‘klussen’ achter de kassa in winkels, in de bediening, bij de garderobe en als beveiligers bij festivals. Het moet niet gekker worden.

ING publiceerde deze week een onderzoek naar de potentiële impact van platformwerk. Het haalde de voorpagina van het FD. Schrik niet: tweehonderdduizend tot een miljoen banen zijn, afhankelijk van technologie en regelgeving vatbaar voor platformisering door ‘zelfstandigen’.

Platformisering is niet disruptief maar de combinatie met haperende regelgeving en verkeerde prikkels vormt een explosief mengsel.

In die snel veranderende arbeidsmarkt introduceert de minister forse beprijzing van flexibel werk, zonder het lek van deze markt te dichten. Regelgeving voor zzp’ers is namelijk nog ongewis en de introductie loopt niet synchroon. De WAB gaat de ‘onbalans’ op de arbeidsmarkt dus niet verhelpen, maar op zijn best verplaatsen. Dat is wat de Raad van State in hun advies het ‘waterbed-effect’ noemt.

Platformisering is niet disruptief maar de combinatie met haperende regelgeving en verkeerde prikkels vormt een explosief mengsel. Om dat gevaar te ontmantelen is het op zijn minst nodig dat de Wab en de nieuwe regels voor zzp’ers op hetzelfde moment worden ingevoerd. Anders dreigt het beeld uit het ING-rapport versneld werkelijkheid te worden.

Geplaatst in Professioneel inhuren | Tags , , | Laat een reactie achter

EY ontrafelt de mythes rondom de kluseconomie

Amerikaan David Jolley van accountant Ernest & Young (EY) is expert op het gebied van groeimarkten en volgt de ontwikkelingen op het gebied van de kluseconomie. De kluseconomie gaat over werk via online platformen zoals Uber, Upwork of Fiverr. Via deze site en apps kun je je parttime of fulltime laten inhuren. Je bent niet in dienst bij zo’n platform, maar werkt meestal als freelancer.

Dat biedt voordelen voor freelancers en bedrijven. In Amerika kunnen miljoenen mensen (bij)verdienen als taxichauffeur, tekstschrijver of schoonmaker. En ook voor zelfstandig professionals in de IT, marketing en financiële wereld is het een extra kanaal om opdrachten te werven. Ondernemers hebben via de platformen snel en eenvoudig toegang tot freelancers. Vooral start-ups maken goed gebruik van de kluseconomie, aldus Jolley. “Het helpt de organisatie klein en flexibel te blijven. En dat draagt bij aan de creativiteit en het succes.”

Klussen regelen via apps is relatief nieuw en lang niet iedereen is er bekend mee. Volgens Jolley bestaan er ook veel misvattingen over de ontwikkelingen. In een artikel op Harvard Business Review ontrafelt hij de mythes.

Mythe 1: Millennials willen werken via platformen

Uit recent onderzoek van EY blijkt dat 60 procent van de millennials (geboren tussen 1981 en 1996) niet bezig zijn met de kluseconomie. Slechts 24 procent verdient geld via platformen als Uber of Upwork.

Het percentage jongeren met een fulltime-baan steeg tussen 2016 en 2018 van 45 naar 66 procent. “Dat betekent niet alleen dat er in deze groeieconomie ruimte is voor fulltime werk, maar ook dat deze generatie misschien wel hetzelfde wil als hun ouders: vaste banen met een duidelijk ontwikkelpad, verzekeringen en vakantiedagen.”

Mythe 2: Iedereen wordt kluswerker

De grootte en groei van de kluseconomie wordt vaak overschat, schrijft Jolley. Uit een recente schatting van de Gig Economy Data Hub blijkt dat 25 tot 30 procent van alle werkende Amerikanen wel eens freelancet, maar slechts 10 procent doet dat fulltime. Daarbij gebruikt slechts 1 procent van alle werkenden apps als Uber, Lyft of Task Rabbit om opdrachten te vinden. Nog steeds vinden de meeste mensen hun opdrachten op de ‘ouderwetse’ manier, concludeert de EY-expert.

Mythe 3: Bedrijven werken liever via platformen

In de internationale EY Groeibarometer 2018 zien de onderzoekers dat bedrijven nog steeds op zoek zijn naar fulltime personeel. Zij vinden het belangrijk om ook vast personeel te hebben.

“Veel ondernemers die ik ken gebruiken de kluseconomie waar mogelijk, maar zijn tegelijkertijd op zoek naar fulltime, vast talent”, schrijft de EY-expert.

Ondernemers vinden het namelijk belangrijk om kennis en loyaliteit op te bouwen binnen de organisatie. Het is lastig een eigen bedrijfscultuur op te bouwen als je alleen maar werkt met externen, schrijft Jolley. Verder hebben bedrijven voor bepaalde functies gewoon iemand nodig die elke dag aanwezig is om een team te managen, dus ligt flex minder voor de hand.

Mythe 4: Freelancen geeft geen voldoening

Een carrière opbouwen kan wel degelijk in de kluseconomie, schrijft de EY-expert. Hij heeft het dan niet over de Uber-chauffeurs en Helpling-schoonmakers, maar over de hoogopgeleide experts.

Hij quote oprichter Jody Greenstone Miller van Business Talent Group (BTG), een bedrijf dat organisaties als Kraft en MasterCard koppelt aan experts op het gebied van financiën, fusies en overnames. Voor haar topspecialisten is freelancen geen noodzaak, maar een manier om zich te ontwikkelen bij diverse opdrachtgevers en via verschillende projecten. Er is veel vraag naar hooggeschoold personeel, dus je gaat makkelijk van ene naar de andere uitdagende klus.

Geplaatst in Toekomst van Werk | Tags , , , , | Laat een reactie achter