EY ontrafelt de mythes rondom de kluseconomie

‘Werken via online platformen geeft geen voldoening, maar straks doen we het allemaal.’ Feit of fictie? Expert David Jolley over de (on)waarheden over de kluseconomie.

Amerikaan David Jolley van accountant Ernest & Young (EY) is expert op het gebied van groeimarkten en volgt de ontwikkelingen op het gebied van de kluseconomie. De kluseconomie gaat over werk via online platformen zoals Uber, Upwork of Fiverr. Via deze site en apps kun je je parttime of fulltime laten inhuren. Je bent niet in dienst bij zo’n platform, maar werkt meestal als freelancer.

Dat biedt voordelen voor freelancers en bedrijven. In Amerika kunnen miljoenen mensen (bij)verdienen als taxichauffeur, tekstschrijver of schoonmaker. En ook voor zelfstandig professionals in de IT, marketing en financiële wereld is het een extra kanaal om opdrachten te werven. Ondernemers hebben via de platformen snel en eenvoudig toegang tot freelancers. Vooral start-ups maken goed gebruik van de kluseconomie, aldus Jolley. “Het helpt de organisatie klein en flexibel te blijven. En dat draagt bij aan de creativiteit en het succes.”

Klussen regelen via apps is relatief nieuw en lang niet iedereen is er bekend mee. Volgens Jolley bestaan er ook veel misvattingen over de ontwikkelingen. In een artikel op Harvard Business Review ontrafelt hij de mythes.

Mythe 1: Millennials willen werken via platformen

Uit recent onderzoek van EY blijkt dat 60 procent van de millennials (geboren tussen 1981 en 1996) niet bezig zijn met de kluseconomie. Slechts 24 procent verdient geld via platformen als Uber of Upwork.

Het percentage jongeren met een fulltime-baan steeg tussen 2016 en 2018 van 45 naar 66 procent. “Dat betekent niet alleen dat er in deze groeieconomie ruimte is voor fulltime werk, maar ook dat deze generatie misschien wel hetzelfde wil als hun ouders: vaste banen met een duidelijk ontwikkelpad, verzekeringen en vakantiedagen.”

Mythe 2: Iedereen wordt kluswerker

De grootte en groei van de kluseconomie wordt vaak overschat, schrijft Jolley. Uit een recente schatting van de Gig Economy Data Hub blijkt dat 25 tot 30 procent van alle werkende Amerikanen wel eens freelancet, maar slechts 10 procent doet dat fulltime. Daarbij gebruikt slechts 1 procent van alle werkenden apps als Uber, Lyft of Task Rabbit om opdrachten te vinden. Nog steeds vinden de meeste mensen hun opdrachten op de ‘ouderwetse’ manier, concludeert de EY-expert.

Mythe 3: Bedrijven werken liever via platformen

In de internationale EY Groeibarometer 2018 zien de onderzoekers dat bedrijven nog steeds op zoek zijn naar fulltime personeel. Zij vinden het belangrijk om ook vast personeel te hebben.

“Veel ondernemers die ik ken gebruiken de kluseconomie waar mogelijk, maar zijn tegelijkertijd op zoek naar fulltime, vast talent”, schrijft de EY-expert.

Ondernemers vinden het namelijk belangrijk om kennis en loyaliteit op te bouwen binnen de organisatie. Het is lastig een eigen bedrijfscultuur op te bouwen als je alleen maar werkt met externen, schrijft Jolley. Verder hebben bedrijven voor bepaalde functies gewoon iemand nodig die elke dag aanwezig is om een team te managen, dus ligt flex minder voor de hand.

Mythe 4: Freelancen geeft geen voldoening

Een carrière opbouwen kan wel degelijk in de kluseconomie, schrijft de EY-expert. Hij heeft het dan niet over de Uber-chauffeurs en Helpling-schoonmakers, maar over de hoogopgeleide experts.

Hij quote oprichter Jody Greenstone Miller van Business Talent Group (BTG), een bedrijf dat organisaties als Kraft en MasterCard koppelt aan experts op het gebied van financiën, fusies en overnames. Voor haar topspecialisten is freelancen geen noodzaak, maar een manier om zich te ontwikkelen bij diverse opdrachtgevers en via verschillende projecten. Er is veel vraag naar hooggeschoold personeel, dus je gaat makkelijk van ene naar de andere uitdagende klus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *