uniforce rechtzaak

Heeft Nederland behalve schijnzelfstandigen nu ook schijnwerknemers?

De Rechtbank in Den Haag zette vorige week een streep door de zogeheten Declarabele Uren BV’s van Uniforce. Maar die uitspraak roept bij fiscaal jurist Jasper Commandeur nog veel vragen op. Krijgen we nu ook te maken met zoiets als ‘schijnwerknemers’, vraagt hij zich af.

Het veelbesproken Uniforce-concept draait om de zogeheten Declarabele Uren B.V. (DUBV). Wie voor Uniforce kiest, richt samen met de Uniforce Groep zo’n DUBV op. Hij of zij gaat vervolgens in loondienst voor deze B.V. werken en is daar voor 80% aandeelhouder, directeur en bestuurder. Op het loon dat de B.V. uitbetaalt worden loonheffingen ingehouden.

Het is een constructie die al jaren erkend is door de Belastingdienst. Zo schreef de fiscus in een brief van 17 december 2014:
Op basis van de statuten, (…) de uitvoeringsovereenkomst en de vaststellingsovereenkomst moet (…) worden aangenomen dat de Uniforcer ter zake van zijn dienstbetrekking bij de DUBV verplicht verzekerd is voor de werknemersverzekeringen.

De met de Belastingdienst afgesloten vaststellingsovereenkomst, in combinatie met de door Uniforce afgegeven “Verklaring Uniforce Registratie” (de VUR-verklaring) geeft opdrachtgevers de zekerheid vooraf dat zij niet worden gezien als inhoudingsplichtige. Dat is de DUBV immers al. De DUBV draagt alle loonbelasting én premies af voor de werknemer, zoals een uitzendbureau of detacheerder dat ook doet voor haar werknemers.

In tegenstelling tot wat weleens wordt gedacht, is iemand die volgens het Uniforce-concept werkt dus geen zelfstandig ondernemer, maar een werknemer. De Belastingdienst hoeft daarom ook niet te controleren op ‘schijnzelfstandigheid’. Van een werknemer(achtige) die zich presenteert als ondernemer is immers geen sprake: de Uniforcer presenteert zich als een werknemer en was dat naar de mening van Belastingdienst ook.

Belastingdienst zegt de overeenkomst met Uniforce op

Waar komt dan nu toch de ophef vandaan? Die is terug te leiden tot een brief van de Belastingdienst, van 9 april 2018, waarin de vaststellingsovereenkomst met Uniforce wordt opgezegd.

In die brief staat als motivatie:

  1. De overeenkomst is overbodig geworden omdat de Regeling aanwijzing directeur-grootaandeelhouder gewijzigd is;
  2. De mogelijkheid van opzegging is nadrukkelijk opengehouden;
  3. Voor de wettelijke vrijwaring van de Verklaring arbeidsrelatie (VAR) is een systematiek van optionele voorwaardelijke goedkeuring in de plaats gekomen. De systematiek waarbij op voorhand zonder beoordeling van de onderliggende arbeidsverhouding een vrijwaringsverklaring voor alle opdrachtgevers van de Uniforcers wordt verstrekt (een collectieve arbeidsrelatie), past niet in de systematiek van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA);
  4. Uit onderzoeken zou blijken dat de feitelijke gang van zaken sterk afwijkt van de kwalificatie van de arbeidsverhouding in de vaststellingsovereenkomst. De Belastingdienst schrijft dat een groot deel van de Uniforcers rechtstreeks of via tussenkomst in dienstbetrekking is bij de opdrachtgever;
  5. De vaststellingsovereenkomst voortzetten leidt tot een ongelijk speelveld ten opzichte van opdrachtgevers die nog zekerheid moeten verkrijgen over hun inhoudingsplicht.

De rechter gaat mee in de argumenten van de Belastingdienst

De rechter gaat mee in de stelling van de Belastingdienst dat de overeenkomst opgezegd kan worden in verband met de Wet DBA. Naar het oordeel van de rechter wordt in de nieuwe systematiek niet langer op voorhand een collectieve vrijwaring verstrekt.
Niet valt in te zien waarom ten aanzien van Uniforcers een uitzondering moet worden gemaakt, aldus de rechter. Daarmee heeft de Belastingdienst vooralsnog een zwaarwegende reden voor opzegging en is Uniforce een redelijke termijn gegund met het voorstel om de vrijwaring alleen nog te laten gelden als toetreding tot de regeling vóór 1 mei 2018 geformaliseerd is.

Uniforce gaat in hoger beroep

Uniforce heeft tegen de uitspraak van de rechter inmiddels hoger beroep aangetekend. Dat betekent dat nog eens kritisch naar de overwegingen van deze rechtbank zal worden gekeken. Bij die overwegingen zijn namelijk best wat kanttekeningen te plaatsen:

1. Werkt de Uniforcer wel in een dienstbetrekking bij haar opdrachtgevers?

Volgens de rechtbank is de achtergrond van deze vaststellingsovereenkomst om het bestaan van een dienstbetrekking vast te leggen . De overeenkomst heeft daarmee sterk het karakter van een bewuste standpuntbepaling van de Belastingdienst. Zo’n standpuntbepaling kan niet zomaar gewijzigd worden. De aangevoerde redenen om de overeenkomst op te zeggen, zeggen niets over het al dan niet bestaan van een dienstbetrekking in de Uniforce B.V. Ook niet als de Belastingdienst inmiddels van mening is dat het eerder ingenomen standpunt tegenwettelijk was.

De rechter lijkt haast op voorhand de suggestie voor ‘waar’ aan te nemen dat een groot deel van de Uniforcers nu in een dienstbetrekking bij haar opdrachtgevers werkt. Maar zo’n dienstbetrekking kan de rechter alleen achteraf vaststellen, aan de hand van alle relevante feiten en omstandigheden. Het ligt voor de hand dat de rechter eerst die stelling onderzoekt voordat hij concludeert dat sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden. De normen waaraan het bestaan van een dienstbetrekking moet worden getoetst, zijn sinds het sluiten van de overeenkomst overigens niet gewijzigd.

2. Is eigenlijk wel sprake van wijziging in wet- en regelgeving?

Ook over het oordeel dat sprake is van een wijziging van wet- en regelgeving valt te discussiëren. Zowel vóór als na de Wet DBA beoordeelt de Belastingdienst namelijk (individuele) arbeidsrelaties. Het enige inhoudelijke verschil is dat voor zekerheid vooraf eerst een VAR-beschikking aangevraagd moest worden en dat de beoordeling nu plaatsvindt aan de hand van modelovereenkomsten. In de uitspraak neemt de rechter aan dat er voorheen geen integrale toetsing van de werkelijke situatie op dat moment was. Feitelijk kan dat inderdaad zo zijn, maar daarmee komt slechts vast te staan dat de Belastingdienst zelf tekortgeschoten is bij de beoordeling van VAR-aanvragen. Dat de Belastingdienst modelovereenkomsten tegenwoordig strenger beoordeelt, is een aanpassing van de eigen werkwijze . Maar individuele beoordeling was altijd al de wettelijke systematiek en standpuntbepalingen zijn er ook altijd geweest (ook voor ‘collectieve’ situaties).

3. Gaat de rechter niet op de verkeerde stoel zitten?

De rechter gaat mee in de stelling van de Belastingdienst dat de beëindiging van de vaststellingsovereenkomst de situatie gelijktrekt voor alle opdrachtnemers. Daarmee wekt de rechter de suggestie dat ook hij vindt dat sprake is van concurrentievervalsing. Maar dit mag voor de rechter geen argument zijn. Dat had de Belastingdienst dan moeten afwegen voordat zij de overeenkomst sloot. Nu ontstaat het beeld dat de Belastingdienst naderhand van mening is veranderd over hoe een arbeidsrelatie moet worden beoordeeld. Het is evident dat een standpuntverklaring van de Belastingdienst altijd een concurrentievoordeel geeft bij de uitleg van complexe wetgeving.

4. Uniforce reageerde wél op een voorstel van de Belastingdienst

In de uitspraak staat dat Uniforce niet gereageerd heeft op de door de Belastingdienst voorgestelde overgangsregeling. Dat lijkt niet juist, want Uniforce heeft wel degelijk een brief van de Staatssecretaris van Financiën ontvangen waarin hij instemt met een andere overgangsregeling dan het voorstel van de Belastingdienst. Dat is vreemd. De rechter gaat hier echter niet op in.

5. Kan de Belastingdienst de vaststellingsovereenkomst wel per direct opzeggen?

Het belang van Uniforce bij deze uitspraak is zeer groot. Van de ene op de andere dag verliest de organisatie haar goedkeuring vooraf voor nieuwe situaties en de opzegging zorgt voor negatieve publiciteit. Is dit een redelijke belangenafweging geweest van de rechter? Heeft de rechter niet al te lichtvaardig geoordeeld dat de Belastingdienst de overeenkomst per direct kan opzeggen?

Met deze uitspraak krijgen we in Nederland te maken met een nieuw begrip. Naast ‘schijnzelfstandigen’ lijken we nu ook ‘schijnwerknemers’ te hebben. Kennelijk is het volgens de rechter mogelijk om gelijktijdig twee dienstbetrekkingen te hebben voor dezelfde werkzaamheden. Eén dienstbetrekking bij de DUBV, waarbij loonbelasting en premies worden afgedragen, waarbij overigens gewoon aan de werkgeversverplichtingen wordt voldaan en waarvan de realiteitswaarde eerder al door de Belastingdienst is erkend en een dienstbetrekking bij de opdrachtgever. Moet de opdrachtgever bij ‘schijnwerknemers’ voor hetzelfde werk nógmaals loonheffingen inhouden en afdragen? Hebben we dan straks ook modelovereenkomsten nodig voor werken in loondienst?

Jasper Commandeur, fiscaal jurist Brainnet BV

Een goed ingericht inhuurproces kan naast tijd- en kwaliteitswinst ook forse kostenbesparingen opleveren. Bij strategische personeelsplanning hoort een professioneel ingerichte flexibele schil. Brainnet adviseert organisaties bij het inrichten van hun flexibele schil. Wij ontzorgen organisaties volledig als het gaat om het zoeken en vinden van de juiste professionals, het opstellen en beheren van inhuurcontracten, de facturatie, realtime management informatie, leveranciersmanagement en het minimaliseren van inhuurrisico’s. Wij geloven in transparante samenwerkingsverbanden waarbij talent waarde toevoegt aan ondernemingen. Bekijk alle berichten van Brainnet

29 reacties op dit bericht

  1. Was ook een window-dressing constructie, niks meer dan dat.
    Zoals in het artikel ook staat, het gaat om de feitelijke situatie.

  2. En is bij detachering van werknemers bij een opdrachtgever binnenkort ook sprake van “schijn-werknemerschap”?

    • Als ze gewoon in loondienst zijn bij de detacheerder (de meesten!) dan zijn het al gewoon werknemers dan veranderd dat detacheren daar niks aan.
      Als het Zzp’ers zijn die via een detachering bureautje ergens langdurig geplaaats worden, dan wel denk ik. Ze gedragen zich dan meestal ook gewoon als werknemer (broodtrommel, 9-17, vakantie opgeven, werktijden etc)

  3. Het is en blijft een schijnconstructie, waarbij uniforce een lachende derde is.

  4. Waarom zijn werkers die ‘gewoon in loondienst zijn bij de detacheerder’ wel gewone werknemers en waarom is in loondienst zijn bij je eigen BV-constructie opeens een schijnconstructie?
    Volgens mij is dat in beide gevallen precies hetzelfde. Maar kennelijk niet (meer) voor de Belastingdienst. En ook niet voor de reageerders hier.

    • Dat is duidelijk wat anders en dat weet je zelf ook wel. Waarom gaat die persoon die gewoon niet in dienst bij de eindklant dan? Ipv bij zijn eigen bv?
      Een detacheeringsbedrijf heeft ten doel geld te verdienen aan het uitlenen van mensen, ze verdienen aan de marge die ertussen zit. Ze hebben daardoor meerdere mensen nodig om rendabel te zijn.
      Dat is heel wat anders dan zelf een bv oprichten en alleen jezelf detacheren, dat heeft allen als doel maximaal (oneigenlijk) fiscaal voordeel te halen. Window-dressing.
      Ze zijn niet (helemaal) gek bij de bd.

  5. @Paul: Uniforce-ers worden niet onderbetaald (voldoen als werknemers ruimschoots aan de inlenersbeloning), ze betalen alle sociale premies (de Belastingdienst komt niets te kort), ze worden nergens toe gedwongen (ze betalen er zelfs voor aan Uniforce), ze hebben niet de fiscale aftrekposten die ZZP-ers wel hebben (IB-ondernemers – eenmanszaken en vof’s)… ik mis even je punt over dat het een schijnconstructie is…

    • Als het zo vervelend is, waarom gebruiken ze die constructie dan? Dan kunnen ze toch ook bij een detacheerder in dienst gaan, of bij de eindklant een tijdelijk contract.

      (Ws komt er geen antwoord op deze vraag)

      • Natuurlijk komt er een antwoord 🙂

        Volgens mij heb ik niet gezegd dat Uniforce “vervelend” is. Ik ben het met je eens dat een Uniforcer ook bij de klant in dienst kan gaan, of bij een andere detacheerder (dan zijn eigen DUBV), je mag toch zelf kiezen waar je in dienst gaat, of niet?

        En zoals ik al aan Paul vroeg, waar zit het maximale (oneigenlijke) fiscaal
        voordeel dan? Volgens mij benadeelt een Uniforcer niemand, niet de klant, niet de Belastingdienst, niet de maatschappij en niet zichzelf.

        • Maar mijn vraag is, waarom wil een Uniforcer dan zo graag op deze manier werken, als er helemaal geen voordelen aan zitten?
          Zo graag zelfs dat ze er deze gekke constructie helemaal voor optuigen met alle rompslomp die erbij hoort.

          • Behalve de hulp en de dienstverlening die je als Uniforce Professional van Uniforce krijgt op allerlei vlak, zijn er meerdere redenen waarom iemand beslist om van het Uniforce-concept gebruik te maken. Je krijgt bijvoorbeeld dezelfde sociale zekerheid als een werknemer (WW, WIA), je kunt ook alle opdrachten accepteren ongeacht de duur of de aard van de werkrelatie zoals bij een reguliere detachering en je leeft in de wetenschap dat zich ALLES bij een DUBV, ALTIJD en aantoonbaar volgens alle wet- en regelgeving afspeelt. Sommige mensen vinden dat fijn. Maar als je aan deze zaken geen waarde hecht moet je iets anders kiezen! Er zijn gelukkig meerdere vormen van dienstverband mogelijk als het zzp’en niet kan. Ik raad je alleen niet aan om voor een ‘schijnconstructie’ te kiezen.

            • Ik zie geen voordeel, voor we kan je ook gewoon in loondienst gaan, scheelt een hoop gedoe met zo’n bv.
              Ook opdracht accepteren kan in allerlei vormen, je bent niet voor niks zelfstandig, een dubv maakt niet dat je een opdracht kunt weigeren, dat kan altijd.

              • Ik zie al een heel groot voordeel. Je hoeft niet te dealen met een detacheerder. Ik ken veel mensen die bij een detacheerder werken, ikzelf heb het ook gedaan. Wat daar voornamelijk irritant aan is, is de detacheerder zelf. Die maakt je het leven vaak moeilijker ipv makkelijker. Dat beter jezelf detacheren, dan mis je al die rompslomp.
                Enkele voorbeelden
                -beperkte vrije dagen en vrij moeten vragen
                -beperkte keuze in opdracht aanname
                -verplichte urenregistratie voor de detacheerder.
                – loononderhandelingen, waarom krijg ik maar x terwijl je me voor y wegzet?

                Nog een aantal argument tegen tijdelijk in dienst gaan:
                – Elke keer onderhandelingen over secundaire arbeidsvoorwaarden. Elke keer een andere lease auto bijvoorbeeld, of een nieuwe laptop?
                – Geen grip op je pensioen. Na een aantal verschillende “opdrachten” zit je pensioen verdeeld over meerdere partijen.

  6. Maar dan ga je ervan uit dat het alleen maar om fiscaal voordeel te doen is, het gaat toch niet alleen om de euro’s? Het gaat ook om vrijheid, work-life balance (Uniforcer kan zelf uren bepalen/invulling geven aanwerkgeverschap) etc. etc.. En vergeet niet, dat het feit dat je je opdrachtgever vooraf duidelijkheid wil geven over de van toepassing zijnde arbeidsrelatie, in deze tijd van onduidelijkheid rondom ZZP-ers, écht een concurrentievoordeel kan zijn ten opzichte van ZZP-ers.

    • Wat voor vrijheid is dat dan, als je niet eens je werktijden zelf kan bepalen, of hoelang je zomers vakantie neemt, of dat je thuis werky of bij de opdrachtgever.
      Moet er wel om lachen hoe hier altijd om de hete brei heen wordt gedraaid, geef nou eindelijk eens toe dat het allemaal om financieel voordeel te doen is.

        • Bv pensioen opbouw, afschrijving van goederen, afschrijven goodwill, aftrek allerlei kosten, (lease)auto op kosten van de zaak rijden, enz.
          Allemaal zaken die een werknemer in soms exact dezelfde functie niet kan.

          • Dat zit toch ook allemaal in de kostenopbouw van een “normaal” detacheringsbureau? De fundamentele vraag is hier óf je je eigen detacheringsbureau mag zijn. En volgens de (huidige) wet mag dat. Als je dit een schijnconstructie noemt, dan scheer je Uniforcers over dezelfde kam als ZZP-bezorgers en onderbetaalde uitzendkrachten, en dát is wat mij betreft volstrekt onterecht. In de Uniforce-constructie wordt niemand benadeeld ten koste van iemand anders.

  7. Natuurlijk is het Uniforce concept een schijnconstructie. Wie dat wil blijven ontkennen heeft echt een bord voor de kop.

    Een onderneming (BV) starten. Vervolgens jezelf daarbinnen plaatsen als werknemer, niet als DGA. En dan enkel daar buiten gaan werken buiten als werknemerachtige (fictief) bij een ander.

    Ga zo door BD. Dit soort onzin moet echt uit de markt.

    En ja een beetje rancuneus ben ik ook. Uniforce (maar zeker niet uniforce alleen) heeft natuurlijk willen profiteren van de DBA-onduidelijkheid. En lijkt nu zijn eigen bestaansrecht te verliezen. Mooier kan de belastingdienst mijn dag niet maken…

  8. Als je zoiets onwaar en onaardigs zegt over een concept dat 18 jaar geleden voor en door freelancers is uitgevonden en opgericht, dan ben je:
    1. Van harte uitgenodigd om eens bij een kop koffie uitleg te krijgen over het concept zodat je kan zien dat ALLES klopt, zowel voor als na de Wet DBA.
    2. Vermoedelijk zelf geraakt door de (onduidelijkheid van) Wet DBA waardoor enige rancune invoelbaar is. Helaas is het Uniforce-concept in een dergelijk geval niet altijd een passende oplossing.

    • Volgens mij vindt de rechter ook dat niet alles klopt. Als jullie bij Uniforce er wel van overtuigd zijn dat alles klopt. Waarom dan zo moeilijk doen over een vrijwaringsverklaring voor de uiteindelijke opdrachtgevers?

      • Het klopt ook niet, waarom dat toch vol blijven houden?
        BD heeft het concept toch ook afgeschoten, dat is niet voor niks.

        Zelf heb ik helemaal geen last van de wet dba, ik werk volledig zelfstandig, fixed price opdrachten. Die ik in eigen kantoor uitvoer wanneer ik zelf wil. Bepaal zelf de prijs, hoe laat ik begin en hoe lang ik vakantie neem, hoe lang ik lunch, enz.

        Vroeger wel lange opdrachten bij klanten op kantoor gedaan, klant bepaalde hoe laat ik moest beginnen, max 2 of 3 weken zomer vakantie, verplicht doorwerken tussen kerst en oud-en-nieuw.
        Dat deed ik via payroller, dus in feite gewoon werknemer. Heerlijk eenvoudige boekhouding (jaaropgaven), wel volle uurtarief voor mezelf. Fiscaal niet het onderste uit de kan gehaald natuurlijk, maar ook niet altijd de “angst” voor de BD die een keer aanklopt.

  9. Payrolling kan natuurlijk een prima oplossing zijn bij fiscale of arbeidsrechtelijk onzekerheid. Net als het Uniforce-concept gewoon een vorm van loondienstverband.
    De rechter heeft overigens de juistheid van het Uniforce-concept niet betwijfeld. In tegendeel. Zij volgde in eerste instantie de wens van de Belastingdienst om geen vrijwaringen vooraf meer te geven voor Uniforce Professionals nu ook de VAR niet meer bestaat. De Belastingdienst wil de tewerkstelling van Uniforce Professionals voortaan als reguliere detacheringen gaan beoordelen. Het concept verliest daarmee een unieke fiscale positie maar behoudt gewoon de arbeidsrechtelijke status van normaal civielrechtelijk dienstverband.

  10. Payrollers, brokers, detacheerders maar ook Uniforce hebben ieder een eigen rol op de arbeidsmarkt. Indien een van deze concepten je niet bevalt, kies je er toch gewoon niet voor?

    Op het moment dat aantoonbaar alle premies netjes worden afgedragen en er geen (oneigenlijk) fiscaal voordeel te bespeuren valt, waarom besteedt de BD haar schaarse tijd dan aan het destabiliseren van een prima wekend concept?

    Een detacheerder of payroller is een commercieel bedrijf; zij dient marge te maken om te kunnen voortbestaan. Als je daar geen onderdeel van wilt zijn en meer flexibiliteit wenst (of als je bijv. geen ‘last’ meer wilt hebben van wat ‘fieldmanagers’ bij detacheerders van je willen ed.), dan bezorgt Uniforce je de prima optie om als het ware je eigen payrolling BV op te zetten. Het is in mijn ogen daarom juist goed dat een dergelijke optie bestaat.

  11. Wat ik niet begrijp is: een Uniforcer zit in dezelfde positie als iemand de voor een detacheringsbedrijf werkt. Alleen het aantal werknemers van het bedrijf verschilt. Gaat de Belastingdienst nu ook achteraf beoordelen of de gedetacheerden van andere detacheringsbedrijven niet toevallig een arbeidscontract met de opdrachtgever hebben? En zo nee: welk argument is er dan om dat bij een detacheringsbedrijf met één werknemer wel te doen?

  12. Dat is een hele goeie vraag Paul. Dat is de centrale vraag. De BD geeft aan dat dergelijke controles niet uit te sluiten zijn en er is momenteel geen argument om een eenpersoons detacheerder anders te bezien.

    • Uit welke publicatie blijkt dat de BD ook ‘dergelijke controles’ niet uitsluit? Ik zou graag die bron bestuderen.

    • Ze zullen wel moeten. Ik begrijp dat de actie van de BD is ingegeven door het idee dat er een level playing field zou moeten zijn tussen DGA’s en Uniforcers. Daarmee raken we het level playing field tussen verschillende detacheerders kwijt, tenzij ze allemaal gecontroleerd gaan worden.