"Exploring the future of work & the freelance economy"
SLUIT MENU

Zo beoordeelt de Belastingdienst zelf haar inhuur zzp (en dat is niet met de webmodule)

Het Ministerie van Financiën gebruikt de webmodule om te beoordelen of ze zelf schijnzelfstandigen aan het werk hebben. Maar de Belastingdienst heeft een eigen kader ontwikkeld. Tot verbazing van NSC Kamerlid Tjebbe van Oostenbruggen.

Minister Van Weyenberg (Financiën) heeft bekendgemaakt welke afwegingen de Belastingdienst zelf maakt bij het beoordelen of een ingehuurde zzp’er wel of geen schijnzelfstandige is.

Hij deed dit op verzoek van NSC-kamerlid Tjebbe van Oostenbruggen. Hij stelde Kamervragen naar aanleiding van een nieuwsbericht op ZiPconomy over het groeiende aantal schijnzelfstandigen op het Ministerie van Financiën.

Afwegingskader Belastingdienst

In het afwegingskader dat de Belastingdienst voor haar eigen inhuur heeft ontwikkeld, dient een beoordelaar antwoorden te geven op vragen zoals de voorgeschiedenis van de kandidaat (heeft hij/zij eerder voor de Belastingdienst gewerkt), of er sprake is van leiding en toezicht, wordt er werk gedaan dat ook door werknemers gedaan wordt, hoe zit het met de hoogte van de beloning en mag iemand zich laten vervangen?

De korte vragenlijst, met toelichting, is hier te vinden. In 214 gevallen is iemand volgende deze vragenlijst momenteel onjuist ingehuurd als zelfstandige.

Heel verrassend zijn de vragen natuurlijk niet. Wat wel opvalt, is dat het tarief van 75 euro of meer terugkomt. Een oud idee uit de tijd van Koolmees, maar dat verder niet ergens op gebaseerd is.

Afwegingskader Ministerie van Financiën

Opvallend genoeg gebruikt de rest van het Ministerie van Financiën een ander afwegingskader, zo blijkt uit de antwoorden. Het kerndepartement en uitvoeringsorganisaties gebruiken namelijk die van de webmodule (zie hier, in december 2023 nog aangepast voor het Ministerie van SZW).

Deze vragenlijst is aanzienlijk uitgebreider. Bovenal werkt dat kader – anders dan het kader van de Belastingdienst – met een puntensysteem. De optelsom van die punten geeft een oordeel: is er sprake van een “indicatie dienstbetrekking” (70 punten of meer), kan er een opdrachtgeversverklaring afgegeven worden (minder dan 45 punten) of is er (nog) geen oordeel mogelijk.

Op het Kernministerie kwamen 26 gevallen boven die 70 punten uit, bij de Douane 24 en bij de afdeling Toeslagen gaat het om 759 werkenden. Ze zijn vooral actief bij de projectorganisatie hersteloperatie Kinderopvangtoeslag.

Verbazing

Van Oostenbruggen zegt in een reactie aan ZiPconomy verbaasd te zijn over de verschillen binnen een ministerie. En bovenal dat de Belastingdienst blijkbaar zelf geen gebruik maakt van de webmodule. Een woord dat overigens niet in de antwoorden gebruikt wordt. “Hoe wil de Belastingdienst gaan controleren op schijnzelfstandigheid in het bedrijfsleven, als ze zichzelf al niet eens aan de huidige wetgeving houden of beschikbare verduidelijkingsinstrumenten (red. webmodule) gebruiken?”

Het Ministerie van Sociale Zaken lanceerde, zonder daar veel ruchtbaarheid aan te geven, in december 2023 een vernieuwde versie van de webmodule op de website: https://beoordelingarbeidsrelatie.nl/. Werkgevers die op zoek zijn naar informatie op de website van de Belastingdienst, worden doorverwezen naar die website. Met dus een ander kader dan dat de Belastingdienst zelf gebruikt.

“Ik vind dat de Belastingdienst voor zichzelf dezelfde lijn moet hanteren als haar eigen externe handhavingskader waarmee ze het bedrijfsleven gaat controleren op 1 januari 2025” vindt Van Oostenbruggen. Hij verwijst daarbij naar het Handboek Loonheffingen. Sinds 2019 zijn daarin nieuwe indicaties en contra-indicaties voor de beoordeling van de arbeidsrelatie vastgelegd (zie hier voor een toelichting). De nu openbaar gemaakte eigen kaders van de Belastingdienst wijken daar op onderdelen van af en zijn bovenal een stuk korter.

Uitvoering hersteloperatie Kinderopvangtoeslag in gevaar bij aanpak schijnzelfstandigen

Het ministerie van Financiën streeft ernaar per 1 januari 2025 niet meer te werken met (potentiële) schijnzelfstandigen. Daarbij wordt overigens gewezen op het feit dat alle zelfstandigen ingehuurd worden via mantelpartijen. “Formeel is de schijnzelfstandigheid bij de mantelpartij, maar gezien de voorbeeldfunctie van het ministerie vinden wij het onwenselijk als via zo’n constructie mensen bij ons aan het werk zijn.” Om die doelstelling te halen is een aanvullend actieplan opgesteld.

Wel weet het ministerie dat de afdeling verantwoordelijk voor de hersteloperatie Kinderopvangtoeslagen (UHT) op 1 januari 2025 niet compliant zal zijn. “Er wordt zoveel mogelijk gestuurd om de uitloop zo kort mogelijk te houden en er wordt zo min mogelijk gebruik gemaakt van inhuur van arbeidskrachten die mogelijk kwalificeren als potentiële schijnzelfstandige. UHT is een tijdelijke organisatie en wil voldoen aan politieke toezeggingen en vertraging van de hersteloperatie voorkomen.”

De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie

10 reacties op dit bericht

  1. Het is toch met alles, de overheid die jou moet controleren hanteert voor zichzelf op basis van dezelfde wetgeving aangepaste regels en wie moet deze overheid controleren? De auditdienst Rijk? Deze hebben alleen een controle mogelijkheid maar geen stok. Dus ondernemer mocht het straks wederom zo gaan stap naar de rechter en op basis van gelijkheid kan er alleen maar geconcludeerd worden dat of de wet niet uitvoerbaar is dan wel dat de overheid de ondernemers op dezelfde wijze moeten beoordelen als dat de overheid met de regels voor zichzelf omgaat

  2. Los van de onzinnigheid van het maken van dit onderscheid, staan er ook belachelijke vragen op, die je zelfs bij overduidelijke zelfstandigheid niet van inhuur accepteert.

    Zelfs als een meubelleverancier een archiefkast komt inbouwen (overduidelijke zelfstandige) moet deze zich houden aan afspraken over wannéér ze komen, welke (bedrijfs)spullen ze mogen gebruiken, wie er komt (dus niet de boekhouder), is er een te laag uurtarief en kan het zomaar zijn dat er andere werknemers zijn die dit werk ook kunnen!

    Het is een volstrekt overbodige toets die alleen maar tot gezeik gaat leiden en het onderliggende probleem niet oplost.

    Behandel ingehuurde zelfstandigen gewoon als werknemers met een andere contractvorm. Je kunt ze sneller ontslaan en daar betaal je een (hogere) vergoeding voor.

    • Aparte stelling: “Behandel ingehuurde zelfstandigen gewoon als werknemers met een andere contractvorm. Je kunt ze sneller ontslaan en daar betaal je een (hogere) vergoeding voor.”

      Ga je dan ook de werknemersverzekeringen betalen? Verplichte cursussen volgen? Functioneringsgesprekken ondergaan? ‘In de houding springen, als de baas dat vraagt’?
      Ik heb er bewust voor gekozen om hiervan gevrijwaard te blijven. Dat is waarom ik zelfstandige ben. Niet meer onder het juk van de werkgever. De overheid doet hard z’n best om dat juk weer terug te krijgen bij iedereen.

  3. Uiteindelijk zijn het de ouderen in verzorgingshuizen en patiënten in ziekenhuizen die geen zorg zullen krijgen , de kinderen op scholen die geen onderwijs zullen krijgen en de gedupeerde ouders in de Toeslagenaffaire die geen recht zullen krijgen als de regering persisteert in het onzalige plan om het moratorium op te heffen en te gaan handhaven op schijnzelfstandigheid. Daarnaast loopt de Belastingdienst aanzienlijke inkomsten mis.

    Het legioen ZZP-ers van Nederland vormt de kurk waar onze economie op drijft. Deze mensen worden nu in een hoek gedreven en hun bestaanszekerheid ernstig bedreigd. Het is bij de beesten af.

    Een groot gedeelte van de meer dan 1 miljoen hardwerkende ZZP-ers in dit land maakt zich hele grote zorgen (zie artikel Telegraaf vandaag). Veel organisaties zullen kopje onder gaan als zij niet meer met ZZP-ers kunnen werken. Nog meer burgers zullen essentiële diensten in de zorg- en onderwijssector moeten ontberen en de zwaar gedupeerde ouders van de (door overheidsfalen!) Toeslagenaffaire zullen nog langer moeten wachten om hun recht te kunnen halen.

    Het zijn de politici en beleidsambtenaren die nog nooit normaal werk hebben gedaan die hier verantwoordelijk voor zijn

    Belastingdienst, CDA (Cie Borstlap) en NSC (CDA 2.0) bedankt!

  4. Het is ontzettend jammer dat de politiek er niet in slaagt om dit zelfgecreëerde probleem op te lossen. Waar ging het ook alweer om bij de afschaffing van de VAR? Het beschermen van potentieel kwetsbare medewerkers tegen gedwongen schijnzelfstandigheid. Maar niemand heeft het hier nog over. Schrijnend.

    Er zijn zoveel concrete oplossingen mogelijk die duidelijkheid verschaffen en misbruik tegengaan. Een van de genoemde oplossingen, een minimum uurtarief van €50 – €75, lijkt mij een helder en haalbaar idee. Met dat tarief kunnen zelfstandigen fatsoenlijke verzekeringen afsluiten. Ook mijn eigen idee van de ZZPE (ZZP Entiteit) als alternatief tussen een BV en eenmanszaak, jaren geleden op ZiPconomy gepost, kan het probleem van schijnzelfstandigheid oplossen. Dit idee omvat onder andere betere verzekeringen en aangepaste aftrekposten.

    Wanneer gaat de politiek weer terug naar de kern en begint ze het juiste probleem op te lossen?

    • Ik denk dat het grote probleem komt door artikel 7:610 van het Burgerlijk Wetboek. Daarin staan drie criteria: arbeid, loon en “in dienst van” (gezag). Daar wordt elke keer bij een rechtszaak over mogelijke schijnzelfstandigheid door de rechtelijke macht op getoetst. Indien er conflicten zijn tussen een bepaalde overeenkomst en dit artikel, zal de rechter altijd voor de laatste gaan. Komt door wat in het begin van dit artikel staat:
      1. De arbeidsovereenkomst is de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten.
      2. Indien een overeenkomst zowel aan de omschrijving van lid 1 voldoet als aan die van een andere door de wet geregelde bijzondere soort van overeenkomst, zijn de bepalingen van deze titel en de voor de andere soort van overeenkomst gegeven bepalingen naast elkaar van toepassing. In geval van strijd zijn de bepalingen van deze titel van toepassing.

      De laatste zin in punt 2 doet het hem, volgens mij.

      Dit wetsartikel is gewoon niet meer passend in de huidige maatschappij. De politiek zou dit artikel aan moeten passen en daarin zelfstandigen een aparte positie moeten geven. Nu worden er elke keer kunstgrepen toegepast die niet werken, want dit wetsartikel blijft leidend bij toetsing door de rechtelijke macht.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *