Wiebes standvastig. Wil VAR weg per 1 januari. ** UPDATE: Eerste Kamer houdt bezwaren. **

Hugo-Jan Ruts door
1 reactie

Wiebes ziet geen aanleiding om de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties uit te stellen.

eric-wiebes-220Staatssecretaris Wiebes ziet geen aanleiding om de invoering van de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (Wet DBA) uit te stellen. Zijn Belastingdienst ligt op koers om de wet, die de VAR moet gaan vervangen, per 1 januari in werking te laten treden. Dat heeft de staatssecretaris vol overtuiging geantwoord op kritische vragen uit de Eerste Kamer.

** UPDATE  (30 sept):  Eerste Kamer heeft als reactie op deze antwoorden van Staatssecretaris Wiebes te kennen gegeven eerste nog een tweede ronde met schriftelijke vragen te willen houden voordat een plenaire behandeling en stemming volgt. De plenaire behandeling staat vooralsnog gepland op 27 oktober; de volgende vergadering van de commissie Financiën is op 6 oktober

** UPDATE (1 okt): de Belastingdienst heeft ondertussen de eerste goedgekeurde modelovereenkomsten gepubliceerd. zie hier  Ze zijn tamelijk simpel, nadere analyse volgt

Wiebes ziet geen aanleiding tot uitstel

De senatoren hebben een lange lijst met vragen ingediend, voordat ze het wetsvoorstel morgen verder gaan bespreken. Belangrijk zorgpunt van de senatoren is de snelheid van invoering. Wiebes weerspreekt die zorgen. In het antwoord (zie hier, met highlights) dat hij vrijdag naar de senatoren stuurde verklaart hij dat er grote voortgang is in het beoordelen van voorgelegde modelovereenkomsten.

Die vooraf goedgekeurde overeenkomsten vormen de kern van de nieuwe systematiek. Wiebes verklaart nog in september de eerste overeenkomsten op de website van de belastingdienst te gaan publiceren (dat is dus binnen twee dagen). In oktober volgen dan nog een groot aantal (voorbeeld)overeenkomsten. Er zijn er nu 190 ingediend ter beoordeling. Wiebes belooft elke ingestuurde overeenkomst binnen zes weken te kunnen beoordelen.  Volgens Wiebes hebben opdrachtgevers ruim de tijd om een van die gepubliceerde overeenkomsten te gaan gebruiken, of alsnog een eigen overeenkomst voor te leggen.

Deze mededeling van Wiebes staat wel wat haaks op de geluiden uit de markt. Op bijeenkomsten van Harvey Nash en Nétive de afgelopen week, waar veel grote opdrachtgevers aanwezig waren, kon desgevraagd geen van de aanwezige organisaties melden dat ze zo goed als klaar waren met een modelovereenkomst. Ondertussen verklaarden de nodige organisaties op die bijeenkomsten sterk te overwegen om per 1 januari te stoppen het inzetten van zzp’ers. Het grote overleg tussen werkgeversorganisaties, zzp-vertegenwoordigers en brancheorganisaties als de Bovib, ABU en Nbbu wil nog maar heel moeizaam vorderen.

Intermediairs

Naast de haast is ook het punt van de intermediairs een belangrijk punt voor de senatoren. Volgens de branche zelf werken ongeveer 100.000 zzp’ers via een bemiddelingsbureau. De bureaus zorgen voor het bij elkaar brengen van vraag en aanbod, maar handelen ook de administratie af (broker functie). Kunnen zij nog wel hun werk blijven doen, zo vragen de bureaus zichzelf af? En zo niet, dan vrezen ze dat hun klanten geen zzp’ers meer inzetten. Veel (met name grote) opdrachtgevers besteden namelijk momenteel de administratie (en risico’s) uit aan intermediairs.

Intermediairs werken soms volgens het bemiddelingsmodel, maar veelal via het tussenkomstmodel.

Bij het bemiddelingsmodel is er een overeenkomst tussen de zzp’er en de organisatie waar hij/zij de opdracht doet. Het bureau bemiddelt, en mag wat Wiebes betreft ook de facturatie verzorgen. Mits de juridische betalingsverplichting maar bij de opdrachtgever ligt.

Voor het tussenkomstmodel, waar het bureau tussen de inlener en de zzp’ers in staat, ziet Wiebes eigenlijk geen oplossing binnen de nieuwe wet. De scheidslijn tussen een zelfstandige (zonder een arbeidsrelatie) en een uitzendkracht (met een arbeidsrelatie) is voor hem te dun om vooraf zekerheid te geven via een modelovereenkomst. Wiebes vindt dat de intermediairs zelf prima kunnen beoordelen of de zzp’er wel of geen ondernemer is en of er wel of geen arbeidsrelatie is tussen die bureaus en de zzp’ers. De Belastingdienst komt dat dan achteraf controleren bij de bureaus. Een ‘ruling’ vooraf, via een modelovereenkomst, is wat Wiebes betreft niet verenigbaar met het tussenkomstmodel.

Alle risico’s liggen zo bij de bureaus.

Brokers, die sec de zzp-contracten beheren voor organisaties, zullen zich afvragen welke risico’s ze willen dragen indien dat risico daadwerkelijk bij hen komt te liggen. Vaak ontvangen ze minder dan een euro per uur voor het beheren van de contracten. Niet veel ten opzichte van een veel groter risico dat ze nu mogelijk gaan lopen.

De bemiddelingsbranche blijft een harde lobby voeren om meer ruimte te krijgen om via de bestaande manier te blijven werken.

Mocht Wiebes voet bij stuk houden en de senatoren niet dwars gaan liggen, dan is het opletten geblazen voor zowel opdrachtgevers als zzp’ers die via bureaus werken. Of wel die bureaus gaan (raam)overeenkomsten ombouwen richting het bemiddelingsmodel (waarbij risico’s anders komen te liggen) of wel ze zullen scherp bekijken welke risico’s ze zelf lopen bij het inzetten van zzp’ers.

Echte ondernemers

Wiebes verklaart in zijn antwoord ook nog maar eens dat de Wet DBA alleen bedoeld is om vooraf zekerheid te geven over de relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer indien er twijfel is of er wel of geen werkgever/werknemer relatie is. Voor de echte ondernemer, dat is voor Wiebes iemand met veel verschillende opdrachten en veel verschillende opdrachtgevers, is het gewoon duidelijk. Dat zijn ondernemers, en dus is er voor hen geen modelovereenkomst nodig.

Feit is dat ongeveer dertig tot veertig procent van alle zzp’ers langdurig voor één opdrachtgever werkt. De helft daarvan via een intermediair of broker. Denk aan mensen in de bouw of vervoerssector, maar ook al die interim professionals die een fulltime opdracht doen bij een en dezelfde opdrachtgever. Voor die grote groep is het dus nog even afwachten hoe dit voorstel hun positie mogelijk aantast.

Wordt vervolgd.

** UPDATE  (30 sept):  Eerste Kamer wil als reactie op deze antwoorden van Staatssecretaris Wiebes eerste nog een tweede ronde met schriftelijke vragen voordat een plenaire behandeling c.q. stemming volgt! **

U kunt de actualiteit rond de Wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties volgen via deze speciale pagina. Daar treft u ook een overzicht van columns en  opinies plus verwijzingen naar meer informatie en betrokken belangenorganisaties. 

wet deregulering beoordeling arbeidsrelatie

Hugo-Jan Ruts

Over Hugo-Jan Ruts

Hugo-Jan Ruts is ‘editor-in-chief’ en uitgever van ZiPconomy.

Bekijk meer artikelen van Hugo-Jan Ruts >

Reacties

  1. Herken totaal niet de “grote vooruitgang” die de heer Wiebes aangeeft. De echte stappen moeten nog gemaakt worden als het gaat om de rol van de intermediairs.
    Kan niet uitweiden over het overleg met o.a. de BOVIB, want dat is niet gepast. Maar bovenstaande mag wel gezegd worden.

    Worden alle externen die voor de Overheid ingehuurd worden door de grote bedrijven (waaronder grote IT-dienstverleners) ook langs de lat van het tussenkomstmodel gelegd ?
    Want in dat geval gaan we meemaken dat ALLE grote dienstverleners ineens 20-40% van de bij de Overheid en haar klanten ingezette zelfstandigen terug moeten trekken.

    De heer Wiebes gaat ondoordacht tekeer in zijn (verkeerd beeld) argumenten.

    Maar dat zullen de senatoren ook wel beseffen ! Zo niet, dan zet de heer Wiebes absoluut een footprint in de neergang van werkgelegenheid, zelfstandigheid en de flex in Nederland.
    Dat kan en mag niet de bedoeling zijn.