Blog Archieven

Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten

De WWet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta)  voert een verplicht toelatingsstelsel in voor uitzendbureaus en andere partijen die arbeidskrachten ter beschikking stellen (“uitleners”), zoals detacheerders en payrollbedrijven. De kern is dat uitleners alleen arbeidskrachten ter beschikking mogen stellen als zij daartoe toegelaten zijn, en dat bedrijven die uitzendkrachten inhuren dit alleen mogen doen via toegelaten uitleners. Doel is het tegengaan van misstanden in de uitzend- en detacheringssector en het verbeteren van de positie van arbeidskrachten, met name arbeidsmigranten.

Om toegelaten te worden moeten uitleners onder meer:

  • Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) voor rechtspersonen aanvragen
  • Een waarborgsom van €100.000 storten (met uitzonderingen voor bedrijven die al langer actief zijn)
  • Voldoen aan gelijke-behandelingsnormen (Waadi artikelen 8/8a)
  • Identiteitsdocumenten administreren en werkvergunningen controleren

Uitleners worden toegelaten door de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU), die ook een openbaar register bijhoudt van goedgekeurde ondernemingen.

Belangrijkste data

Datum Gebeurtenis
15 april 2025 Tweede Kamer stemt in met het wetsvoorstel
11 november 2025 Eerste Kamer neemt de wet aan
1 november 2026 Start aanmeldperiode voor overgangsrecht (tot 1 januari 2027)
1 januari 2027 Beoogde inwerkingtreding van de wet
1 juli 2027 NAU begint met beoordelen van aanvragen
1 januari 2028 Start feitelijke handhaving door de Nederlandse Arbeidsinspectie

 

Let op: de minister benadrukt dat het stelsel op 1 januari 2027 nog niet volledig operationeel zal zijn en dat er een overgangsperiode volgt waarin controles geleidelijk worden opgebouwd.

  • Lees voor meer actualiteiten over deze wet dit overzicht. 
  • Zie voor een overzicht met alle wetten en vaktermen relevant voor uitzenders, payrollers, detacheerders en zzp-bemiddelaars dit overzicht
Laat een reactie achter

Wet toezicht gelijke kansen bij werving en selectie

Het voorstel voor de wet “Toezicht gelijke kansen bij werving en selectie” heeft in maart 2024 geen meerderheid gekregen in de Eerste Kamer. Dit wetsvoorstel zal er dus niet komen. 

In de wet lag vastgelegd dat werkgevers met 25 (dat zou verhoogd worden naar 50) of meer werknemers moeten deze werkwijze schriftelijk vastleggen. Bij het extern inhuren van arbeidskrachten moet een werkgever ook nagaan of deze verplichting wordt nageleefd (de vergewisplicht)

Bureaus die extern personeel leveren (zoals uitzendbureaus) worden verplicht melding te maken indien een opdrachtgever discriminerende verzoeken doet aan het bureau (meldingsplicht)

De Inspectie SZW ziet erop toe dat werkgevers een dergelijke werkwijze hebben. Als die ontbreekt, kan de Inspectie daarvoor een boete opleggen, die vervolgens ook openbaar wordt gemaakt. Het doel is om werkgevers bewuster te maken van arbeidsmarktdiscriminatie. De Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi) worden voor dit wetsvoorstel aangepast.

Lees voor meer actualiteiten over deze wet dit overzicht.
Zie voor een overzicht met alle wetten en vaktermen relevant voor uitzenders, payrollers, detacheerders en zzp-bemiddelaars dit overzicht 

Laat een reactie achter

Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden

De Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden (VBAR) is een voorstel gedaan door minister Van Gennip (Rutte IV).

Doel van het voorstel is om schijnzelfstandigheid te voorkomen en handhaving beter mogelijk te maken. De Wet kan gezien worden als opvolger van de Wet DBA.

De wet bestaat uit twee onderdelen.

Het eerste deel beoogt te verduidelijken wanneer een werkende ingehuurd kan worden als zzp’er. In concept wetsvoorstel werden daarvoor zijn drie type criteria opgesteld.

  • W: Indicaties die wijzen op werken als werknemer (werkinhoudelijke en organisatorische sturing)
  • Z: Indicaties die wijzen op werken als zelfstandige binnen de arbeidsrelatie (werken voor eigen rekening en risico)
  • OP: Kenmerken die wijzen op ondernemerschap van de persoon van de werkende (buiten de arbeidsrelatie gelegen) voor soortgelijke werkzaamheden

Indien W geheel ontbreekt, dan kan een opdracht uitgevoerd worden door een zzp’er (buiten dienstbetrekking). Indien W (deels) aanwezig is, dan dient naar Z gekeken gekeken worden. Indien criteria Z niet zwaar genoeg tegenwicht biedt, dan kan een opdracht niet ‘buiten dienstbetrekking’ gedaan worden. Indien Z zwaarder weegt dan W, dan kan dat wel. Alleen indien  W en Z in balans zijn, wordt er gekeken naar OP.

In april 2025 kondigde het kabinet aan met een aanpassing te komen, waarmee de OP criteria een gelijkwaardigere positie moet krijgen.

Een tweede deel moet zzp’ers die ingehuurd worden voor een uurtarief van onder de € 33 per uur betere bescherming te bieden.

Een voorstel voor deze wet is nog niet ingediend bij de Tweede Kamer. Met name het eerste deel van de wet stuit om stevige weerstand, zowel in de politiek als bij vertegenwoordigers van werkgevers en de flexbranche.

Het nieuwe kabinet heeft in het hoofdlijnenakkoord vast gelegd met de Wet VBAR door te willen gaan, maar mogelijk wordt deze nog wel aangepast.

  • Zie voor meer informatie deze artikelen op Flexnieuws of dit dossier op ZiPconomy.
  • Zie voor een overzicht met alle wetten en vaktermen relevant voor uitzenders, payrollers, detacheerders en zzp-bemiddelaars dit overzicht 
Laat een reactie achter

Zelfstandigenwet

De zelfstandigenwet begon als een initatiefwetsvoorstel van de VVD, D66, CDA en SGP. De partijen beogen hiermee wettelijke kader te ontwikkelen waarmee het duidelijk wordt of een zzp’er kan werken voor een zakelijk opdrachtgever. De wet, geïnspireerd op Belgische wetgeving, geldt als een alternatief voor de het VBA deel van de VBAR.

In deze Zelfstandigenwet wordt gewerkt met een drietal toetsen: de zelfstandigentoets, de werkrelatietoets en een sectoraal rechtsvermoeden. Een nadere uitleg over inhoud van de wet (met een link naar de tekst van de wet) vindt u hier

Het kabinet Jetten heeft dit wetsvoorstel omarmt.

Verantwoordelijke Minister Aartsen heeft op 1 oktober 2026 een concepttekst van een wet plus toelichting gepresenteerd.  (lees ook dit interview met de minister van 1 oktober 2026).

Doel van de wet is om een ‘veilige haven’ te bieden. Wie (zzp’ers en opdrachtgevers) voldoen aan de criteria en zich daar ook aan houden gedurende de opdracht hebben zekerheid vooraf dat de werkrelatie ook daadwerkelijk ‘buiten dienstbetrekking’ kan.

In het wetsvoorstel bestaat uit twee toetsen:

  • De zelfstandigentoets en
  • De werkrelatietoets.

In die twee toetsen wordt gekeken naar in totaal zeven criteria :

  1. De zelfstandige beschikt over de basisvoorwaarden om in het economisch verkeer als zelfstandige te kunnen werken.
  2. De zelfstandige heeft in een periode van 2 jaar (lopende kalenderjaar en voorgaande kalenderjaar) ten minste 3 klanten gehad.
  3. De zelfstandige heeft voorzieningen getroffen tegen risico’s die horen bij werken als zelfstandige.
  4. Beide partijen hebben de wil om te werken buiten een arbeidsovereenkomst
  5. De zelfstandige is vrij om te bepalen hóé de werkzaamheden worden uitgevoerd.
  6. De zelfstandige is vrij om te bepalen op welke tijden en op welke locatie de werkzaamheden worden uitgevoerd.
  7. De zelfstandige werkt voor eigen rekening en risico

Wat de criteria nu precies zijn, staat in dit artikel verder uitgelegd.

Verder is relevant

  • Geen plicht: de wet is niet verplicht, maar een optie. Voor wie een zekerheid vooraf wil (de ‘veilige haven’).
  • Alles of niets: er is geen rangorde en geen weging. Wordt aan één criterium niet voldaan, dan geeft de wet geen zekerheid.
  • Wezen gaat voor schijn: de feitelijke uitvoering telt, niet wat op papier staat. Verliest een zelfstandige tijdens de opdracht een criterium, dan vervalt de veilige haven vanaf dat moment.
  • Geen automatisch werknemerschap: wie niet voldoet, is niet vanzelf werknemer. Dan volgt de reguliere beoordeling zoals deze ook nu geldt (arbeidsrecht [artikel 7:610 BW], de Deliveroo criteria, Uber arrest etc), waarin zelfstandigheid nog steeds kan blijken.

De wet gaat op zijn vroegst in op 1 januari 2028. De huidige concepttekst zal op basis van feedback van brancheorganisties maar ook advies van bijvoorbeeld de Raad van State (op detail) nog wel aangepast worden voordat het naar de Tweede Kamer gestuurd wordt. Ook die kan natuurlijk nog wijzigingen aanbrengen.

Meer weten: zie voor een overzicht van artikelen over de Zelfstandigenwet dit overzicht

Laat een reactie achter