Zzp’er maakt zich het meest zorgen over arbeidsongeschiktheid

Zzp’ers zijn niet zielig, maar ze maken zich wel zorgen. Vooral als het gaat over arbeidsongeschiktheid, blijkt uit onderzoek van Wieteke Conen (UvA).

Wieteke Conen

“Ze zijn vaak stoer van buiten, kwetsbaar van binnen. Die combinatie is fascinerend”, vindt Wieteke Conen, onderzoeker arbeidsmarkt aan de Universiteit van Amsterdam. “Geen enkele zzp’er wil zielig gevonden worden. Ze zijn trots, ondernemend en hebben een sterke drang om actief mee te doen in de maatschappij. Ondertussen zijn ze op sommige terreinen ook kwetsbaar. Ze maken zich zorgen, maar dat laten ze liever niet zien.”

Conen begon haar onderzoek naar zelfstandig ondernemers in 2014 met een postdoctorale studie. Samen met collega’s in Duitsland onderzocht ze in hoeverre we ons zorgen moeten maken over zzp’ers. Uitgangspunt: waar liggen zzp’ers ‘s nachts wakker van?

De onderzoekers vroegen iets meer dan 1500 zzp’ers in Nederland en Duitsland naar onder andere sociale zekerheid en motieven om te ondernemen. Bovendien hielden ze interviews om te achterhalen hoe zzp’ers beslissingen nemen, bijvoorbeeld rondom sociale zekerheid.

Duitse zzp’ers hebben zorgen over pensioen…

De uitkomsten verschillen nogal tussen de buurlanden. Duitse zzp’ers maken zich bijvoorbeeld zorgen over armoede na hun pensioenleeftijd. Duitsland vergrijst en het aantal arme ouderen is de afgelopen jaren sterk toegenomen, niet alleen onder zelfstandig ondernemers. In 2016 leefden dubbel zoveel gepensioneerden onder de armoedegrens als in 2003.

Dat komt deels door het pensioenstelsel. In Duitsland is er geen AOW voor iedereen, zoals in Nederland. Alleen als je een baan hebt, bouw je bij de Duitse overheid pensioen op. Zit je even zonder werk? Dan stopt je pensioenopbouw.

…Nederlandse zzp’ers hebben wel ‘iets geregeld’

In Nederland is dat anders. “Nederlandse zzp’ers maken zich minder zorgen over pensioen, maar ze denken er wel degelijk over na”, vertelt Conen. “En ze hebben vaak wel een idee hoe ze het later gaan regelen.”

Uit haar studie blijkt dat 70 procent van de ondernemers maatregelen neemt om zijn pensioen aan te vullen. De overige 30 procent doet niets extra’s. “Soms heel bewust”, zegt Conen. “Veel zzp’ers die ik sprak, hebben uitgerekend hoe ze willen rondkomen op hun oude dag. Meestal bestaat die berekening uit AOW in combinatie met andere verwachte inkomsten.”

Uit haar enquête blijkt dat een behoorlijk deel van de zzp’ers een vorm van pensioen uit loondienst verwacht. Soms omdat ze daarnaast parttime werken, soms uit het verleden. “Andere verwachtingen zijn bijvoorbeeld lagere lasten omdat ze hun huis hebben afbetaald, een erfenis, verkoop van de zaak, pensioen van de partner”, vertelt Conen. “En er zijn zzp’ers met een ‘potje voor slechte tijden’. Als de zaken goed gaan, dan is dat potje voor pensioen.”

Zzp’er kan wel wat tools gebruiken

Zelfstandig ondernemers kijken naar ‘het grote plaatje’ als het gaat om de financiële situatie na hun pensioen. “Veel ondernemers verwachten dat het linksom of rechtsom wel goed komt”, zegt Conen. Maar dat betekent niet dat hun berekeningen altijd kloppen. Ondernemers kunnen wel wat hulp gebruiken.

Conen: “Er is vooral behoefte aan hulpmiddelen die inzicht geven. Volgens mij zijn zulke tools een rendabele investering voor financiële instellingen. Zeker omdat het aantal zzp’ers alleen maar toeneemt.”

Dat zzp’ers geen pensioen of verzekering willen, klopt in elk geval niet volgens Conen. “Ik kom ze niet tegen en dat vind ik interessant. Als een zzp’er helemaal niets geregeld heeft, dan is dat niet omdat hij niet wil maar omdat hij het of niet nodig heeft, of het niet kan.”

Stoere, trotse ondernemers

“Alle zzp’ers die ik spreek hebben een sterke wil om te participeren en actief te zijn”, zegt Conen. “Nederlandse zzp’ers zien zichzelf als echte ondernemers. Als je met ze praat, hoor je eerst trotse verhalen. Ze vinden zichzelf niet zielig en willen ook niet zo gezien worden. Pas als je echt doorvraagt, durven zzp’ers hun kwetsbare kant te tonen.”

Dit maakt het lastig om de pijnpunten te ontdekken, vertelt de onderzoeker. “Maar dat is wel belangrijk. Zzp’ers hebben namelijk wel degelijk angsten en zorgen.”

Bidden dan het goedkomt

Over arbeidsongeschiktheid (AOV) hoort Conen ‘de meest schrijnende verhalen’. “Zo sprak ik bijvoorbeeld een alleenstaande moeder zonder AOV. Ze heeft zich wel in een verzekering verdiept, maar kan het echt niet betalen. Ondertussen maakt ze zich wel zorgen, vooral voor de gevolgen voor haar kind als er iets met haar gebeurt. Ze realiseert zich het risico, maar meer dan elke avond bidden dat het goed komt kan ze niet doen.”

Zo’n 24 procent van de zzp’ers uit haar studie heeft een AOV. Dat percentage stijgt onder de groep ‘hoofdkostwinner, meer dan 32 uur werk per week’. Daarvan heeft 41 procent zich verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid.


Het is de taak van de overheid om arbeidsongeschiktheid op te vangen voor alle werkenden, vindt 47 procent van zzp’ers. Ook zzp’ers die wél een AOV hebben, zijn het vaak eens met de stelling. Een kwart is het oneens.


Collectieve basis

“Een deel heeft zo’n verzekering niet nodig, omdat ze bijvoorbeeld kunnen rekenen op het inkomen van hun partner”, zegt Conen. “Maar al met al is dit wel zorgelijk. Voornaamste reden om niets te regelen zijn de kosten van zo’n AOV. En als je als zzp’er specifieke gezondheidsproblemen hebt, is het nog lastiger.”

Wat is de oplossing? “Dat weet ik ook niet”, zegt Conen, “Maar een aparte oplossing voor zzp’ers is in elk geval niet efficiënt. Je kunt zoiets als AOV simpeler en goedkoper maken als het voor een grote groep is. Een basis voor alle werkenden, flex en vast, zou enorm helpen tegen de angst voor armoede.”

Eén reactie op dit bericht

  1. Opmerking met betrekking tot het appeltje voor de dorst, zzp’ers met een ‘potje voor slechte tijden’. Als de zaken goed gaan, dan is dat potje voor pensioen.” Mijn zorgen hier is dat door de ECB bank die rente steeds verlaagd, wij ons potjes steeds zien slinken. Daar zou de overheid ook iets meer aan kunnen doen.