De Wab en Poldermodel 2.0

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is bezig met een ‘internetconsultatie’ over de nieuwe wet Arbeidsmarkt in balans. Ik had nog nooit van een internetconsultatie gehoord, maar het is blijkbaar Poldermodel 2.0 en als je een uurtje overhebt is het interessant om een blik te werpen op de reacties.

Beschaving

Tot op heden hebben zo’n 130 mensen, c.q. instanties aanleiding gezien om hun standpunt aan de minister mee te delen. Dat levert relatief zinloze teksten op als: “Ik ben het niet eens met de door jullie voorgestelde verhoging van de arbeidskosten”, “Schieten met een kanon op een mug” of “Onzalig plan”, maar ook het communistische vibes oproepende “Slechts voordelen voor werkgevers”. Een constatering die in één geval wordt gevolgd door het advies om het gewoon door de sociale partners te laten regelen, wat volgens mij ook de werkgevers zijn, dus het is de vraag wat de indiener ermee denkt op te schieten.

We treffen parels van juridisch tang-taalgebruik aan: “De wetgever is namelijk op de stoel van de rechter gaan zitten door de rechter te ontnemen de – diens functioneren bij uitstek typerende – vrijheid de individuele zaak in het licht van alle omstandigheden van het geval te toetsen aan de zorgvuldigheid die in die individuele casus betaamt”, wat zelfs de Trias Politica in haar bestaan bedreigt. Onze beschaving trilt op haar grondvesten, als we meester Blom mogen geloven. En het wordt volgens H. Tulner nog véél erger als er na invoering van de wet een economische crisis optreedt, want dan ontstaat er een flexibele schil van 65% van de Nederlandse beroepsbevolking, wat “sociale onrust” gaat veroorzaken en mensen bevattelijk maakt “voor populisme waardoor de Nederlandse samenleving als geheel onstabiel wordt”.

 

Tegenstribbelen

De FNV heeft maar liefst 15 pagina’s nodig om haar stokpaardje ‘alleen vaste banen zijn goed’ te berijden en ervoor te pleiten dat we zzp’ers duurder moeten maken. Een aantal brancheorganisaties roept wat over seizoenswerk, maar van alle reacties zijn er slechts een paar die het opnemen voor flex. Zoals de heer Arentsen: “Als overheid kun je tegenstribbelen en proberen met wetten en heffingen de ontwikkelingen tegen te gaan, maar er is geen houden aan”. Want hoe optimistisch J. Grupstra ook zegt: “Zorg dat werknemers weer loyaal worden aan hun werkgever en laat de werkgever die loyaliteit belonen, dan zal het een stuk beter met Nederland gaan”, werknemers worden steeds meer loyaal aan zichzelf. Wat ook J. Kuijs ziet: “De generatie millennials, die over enkele jaren tweederde van de beroepsbevolking vormt, ziet [een vast contract] in de regel ook helemaal niet als cruciale arbeidsvoorwaarde. Voor hen is zinvol werk, ontplooing en een goede werk/prive balans veel belangrijker”.

Grof vuil

Wat veel inzenders met elkaar gemeen hebben, is een vaste overtuiging dat d’arme tot ’t merg wordt uitgezogen: “Er moet weer eens beter/socialer met de beroepsbevolking worden omgegaan i.p.v. de mensen alleen maar uit te knijpen en dan bij het grof vuil te zetten!!!”, zoals mevrouw I. de Koning met gevoel voor drama meldt. Maar het probleem is niet meer of minder vaste contracten, drie of vijf maanden proeftijd of een cumulatieve ontslaggrond; het is het feit dat de grondslag van sociale zekerheid – voor mijn part inclusief de mogelijkheid om wel of geen hypotheek te krijgen – is gekoppeld aan de exclusieve relatie tussen werkgevers en werknemers. Zolang we in dat keurslijf blijven denken, komt er geen ruimte voor ‘nieuwe’ mogelijkheden. Waarom geen individuele arrangementen die samen een collectieve zekerheid vormen? De Noren hebben toch ook een Staatsfonds? Nou ja, ik ben geen jurist, maar ik zie best mogelijkheden voor een rijksbreed broodfonds. Want ik denk ook dat er geen houden aan is.

Ik heb wel een beetje te doen met de ambtenaren die de reacties allemaal moeten doorlezen (en het tot op zekere hoogte serieus moeten nemen). Net als mij zal de reactie van Kees de Vos hen waarschijnlijk het meest aanspreken: een blanke pagina, geen woord. En misschien moeten ze maar ‘s een zaaltje gaan huren, voor al die inzenders die bereid zijn om hun mening ‘persoonlijk toe te lichten’.

Annemarie Stel is voorlichtingskundige en gedurende 22 jaar gepokt en gemazeld bij de Rijksoverheid, zowel bij ministeries als bij uitvoeringsorganisaties. Zij heeft een achtergrond in ICT en sinds 1992 in arbeidsmarktcommunicatie, als beleidsmedewerker, adviseur, coördinator en campagnemanager, als laatste van Werken bij het Rijk. Sinds 2007 adviseert ze onder de naam Wervingsvisie.nl organisaties over arbeidsmarktcommunicatie, employer branding en recruitment. Meer informatie? Kijk op http://www.wervingsvisie.nl/ Bekijk alle berichten van Annemarie Stel