"Exploring the future of work & the freelance economy"

Nieuwste flexcijfers. 2,3% van de werkzame beroepsbevolking is detachering.

2,3 procent van de beroepsbevolking (187.000 personen) werkt in een detacheringsconstructie.

De afgelopen tien jaar is het aandeel werkenden met een flexibele arbeidsrelatie en het aandeel zzp’ers in Nederland in totaal toegenomen van 23 procent (2004) tot 34 procent (2014). Wat zijn werkenden met een flexibele arbeidsrelatie dan?

CBS hanteert de volgende criteria:

Een persoon die een arbeidsovereenkomst heeft die van beperkte duur of die niet voor een vast overeengekomen aantal uren in dienst is.

Hierbij wordt onderscheid gemaakt in:

  • werknemers met een tijdelijk dienstverband met uitzicht op een vast dienstverband én vaste uren
  • werknemers met een tijdelijk dienstverband van 1 jaar of langer én vaste uren
  • werknemers met een tijdelijk dienstverband korter dan 1 jaar én vaste uren
  • oproep/-invalkrachten
  • uitzendkrachten
  • werknemers met een vast dienstverband zonder vaste uren
  • werknemers met een tijdelijk dienstverband zonder vaste uren

Ik heb op basis van deze criteria al verschillende malen de flexibele schil van Nederland in kaart gebracht. Zie o.a. mijn gepubliceerde artikelen De actuele flexcijfers van Nederland op een rij en Hoe bepaal ik de ideale flexibele schil voor mijn organisatie?

Onder het lezend publiek waren de meningen verdeeld over het hanteren van deze criteria om de flexibele schil in Nederland te bepalen. Volgens sommigen horen gedetacheerden ook tot de flex schil.

Wanneer ik de criteria van het CBS strikt aanhoud dan valt de groep gedetacheerde werknemers buiten de flexibele schil. Dit omdat het doorgaans werknemers zijn met een vast dienstverband, die wel gedetacheerd worden op tijdelijke opdrachten bij andere organisaties. Toegegeven dat er sprake is van een grijs gebied, omdat 15% van deze groep is aangenomen op basis van een tijdelijk dienstverband en die rekent CBS tot een flexibele arbeidsrelatie.

Wat verstaan we onder gedetacheerde werknemers?

Dit zijn werknemers die voor een ander bedrijf werken dan het bedrijf waar ze in dienst zijn, terwijl ze geen uitzendkracht zijn. Het kan gaan om personen die bij een detacheringsbureau in dienst zijn en aan verschillende bedrijven worden uitgeleend. Maar het kunnen ook personen die tijdelijk voor een andere werkgever werken, maar bij hun ‘oude’ werkgever in dienst zijn gebleven. Over werknemers die via een payroll-constructie werken – en ook in een ander bedrijf aan het werk zijn dan waar ze in dienst zijn – heeft CBS geen cijfers.

Voor het eerst (naar mijn weten) is nu door het CBS in kaart gebracht welk aandeel van de werkzame beroepsbevolking is gedetacheerd. Dat blijkt in 2014 ruim 2% van de werkzame beroepsbevolking te zijn geweest (187.000 personen).

In 2014 was 2,7 procent (225.000 personen) van de werkenden een uitzendkracht, 2,3 procent (187.000 personen) was gedetacheerd en 9,4 procent (772.000 personen) een zzp’er.

Werkgevers huren uitzendkrachten vaak in om fluctuaties in de personeelsomvang op te vangen. Zzp’ers worden ingezet bij veelal specialistisch werk en bij het opvangen van piekperioden en seizoenswerk. Belangrijke redenen om gedetacheerde werknemers in te huren zijn de aard van het werk en de onvoldoende beschikbaarheid van eigen personeel. Gedetacheerde werknemers hebben tijdelijk werk bij een bedrijf, maar de meesten (85%) hebben wel een vast contract bij de uitlener.

Uitzendkrachten relatief jong, zzp’ers relatief oud en hoger opgeleid

Uitzendkrachten, zzp’ers en gedetacheerde werknemers verschillen flink naar leeftijd en opleiding.

  • Uitzendkrachten zijn relatief jong: een kwart van hen is 15 tot 25 jaar. Van de zzp’ers en gedetacheerde werknemers is dat minder dan 10%.
  • Zzp’ers zijn gemiddeld de oudsten: meer dan de helft is 45 jaar of ouder.
  • Uitzendkrachten zijn behalve jong ook relatief laagopgeleid.
  • Van de gedetacheerde werknemers en zzp’ers die eigen arbeid of diensten aanbieden is respectievelijk 48% en 46 % hoogopgeleid.

Samenstelling werkzame beroepsbevolking (15-75 jaar) naar leeftijd en contractvorm (2014)

beroepsbevolking_contractvorm

 

Ik ben overigens wel benieuwd naar de meningen van de lezers of gedetacheerde werknemers tot de flexibele schil moet worden gerekend, ook als deze werknemers een vast dienstverband hebben. Deel uw mening en laat een reactie achter.

 

Samenstelling werkzame beroepsbevolking (15-75 jaar) naar onderwijsniveau per contractvorm (2014) 

beroepsbevolking_opleidingsniveau

 

Bron: CBS 18 juni 2015

 

Drs. ing. Peter Bargon studeerde ICT en Bedrijfswetenschappen aan de Universiteit van Leiden. Hij is werkzaam bij de Kamer van Koophandel als Directeur Landelijke Dienstverlening. Bekijk alle berichten van Peter Bargon

12 reacties op dit bericht

  1. Peter,

    als reactie op je oproep: hangt misschien wat af van het perspectief. Maar ik zou zeggen: ja. detachering is onderdeel van de flex-schil. Als inhurende opdrachtgever wil je – op een sourcing strategie te kunnen ontwikkelen – weten hoe groot het aanbod van personeel is dat flexibel ingezet kan worden. In verschillende contractvormen. Daar hoort detachering dan ook bij.

    Hugo-Jan

    • Hallo Hugo,

      Hangt inderdaad van het perspectief af waar je vanuit redeneert. Redenatie 1: Als een werknemer een vast dienstverband heeft bij zijn werkgever dan behoort deze niet tot de flexibele schil van Nederland, ook als deze werknemer is gedetacheerd voor een tijdelijke opdracht. Redenatie 2: Als een werknemer wordt gedetacheerd voor een tijdelijke opdracht dan is deze werknemer geplaatst op een flexplek en behoort daarmee dus tot de flexibele schil van Nederland. Blijft interessant ….

      • Ik zou het nog iets scherper neerzetten: het perspectief is óf vanuit de BV Nederland/arbeidsmarkt/beroepsbevolking óf vanuit de inlener/opdrachtgever, voor de vraag of iemand behoort tot de flexschil.
        Voor het 1e perspectief tellen gedetacheerden met een vast contract in elk geval niet mee en de gedetacheerden met een tijdelijk contract zijn discutabel. Dit is relevant voor politici en beleidsmakers.

        Voor het 2e perspectief behoren alle gedetacheerden tot de flexibele schil van de opdrachtgever.

        • Mark,
          Prima uitgangspunten. Voor het 1ste perspectief zou je gedetacheerden met een tijdelijk contract wel mee moeten tellen als flex. Tijdelijk=flex wat mij betreft.

          Als alternatief zou je gedetacheerden met een tijdelijk contract die uitzicht hebben op een vast dienstverband mee kunnen tellen.

  2. Beste Peter,

    Opdrachtgever zal de gedetacheerde meestal tot de flex-schil beschouwen in sommige gevallen valt het onder een dienst die ze inkopen en is de scheidslijn tussen uren (flex) en dienst vaag (bijvoorbeeld trainingen advies etc). Afhankelijk van hoe een deta binnenkomt (business, inkoop, resourceoffice) wordt er anders omgegaan met flex en deta en dat maakt het minder transparant. Daarnaast wordt er ook vaak gestuurd op headcount en de grote van de flexschil waardoor men soms zal proberen deta als flex en soms als dienst te beschouwen.

    Als leverancier wordt ook door positionering getracht om binnen de scope van dienst en flexschil maar ook de toegevoegde waarde van de deta te bepalen waar de schijdslijn licht.

    De gedetacheerde zelf heeft ook vaak een gedachte hierover en invloed. Soms zien zij zichzelf zo als onderdeel van een bedrijf dat ze zelf de stap van flex-schil overslaan en zich als vaste medewerker van het bedrijf zien. Ook het andere uiterste bestaat ze zien het bedrijf waar uren in rekening worden gebracht alleen als een klant van hun eigenbedrijf en hebben er verder geen enkele band mee en beschouwen zich zelf zeker niet als flexschil.

    De drie vertrek punten zijn ook niet synchroon. De vraag blijft erg interessant en belangrijk om te weten wat vanuit de drie perspectieven de positie is die men in neemt veel van het gedrag en beslissingen die deze partijen nemen is daar van afhankelijk

    • Beste Herbert,

      Dank voor je reactie. Interessant om te zien dat je het beredeneert vanuit drie perspectieven opdrachtgever, leverancier en de gedetacheerde. Ik ging zelf in eerste instantie uit van twee perspectieven: 1) het dienstverband is leidend of 2) de opdracht is leidend.

  3. Hallo Peter, als reactie denk ik zeker dat gedetacheerden tot de flexibele schil moeten worden gerekend, want hoewel misschien in vaste dienst bij een detacheerder is het oogmerk dat de inhuurder (lees klant) gebruikt vaak flexibiliteit (naast specifieke expertise).
    En dat klantuitgangspunt zou m.i altijd leidend moeten zijn in een definitie.

    En als je die definitie gebruikt, is er in NL dus inmiddels bijna 15% flexibele arbeid (zijnde uitzenders, detacheerders en zzp’ers samen).
    En dat is veel en een signaal richting Den Haag gezien de herziening vh stelsel.

    Groet Arjan !

  4. Hallo Peter,

    In mijn optiek horen gedetacheerden en zzp’ers zeker ook thuis bij het organiseren van de flexibele arbeidscapaciteit. De behoefte aan flexibiliteit bestaat niet enkel uit uren, maar ook uit een specifieke kennis- , taak- of productiviteitsbehoefte. En in mijn optiek wordt juist de behoefte aan (specialistische) kennis vaak voorzien middels de inzet van zzp’ers. Overigens krijg ik altijd een beetje jeuk van de term ‘flexibele schil’. Een schil zit immers aan de buitenkant, terwijl flexibiliteit naar mijn mening integraal in de organisatie ingebed dient te zijn. Hierover heb ik begin dit jaar al eens een blog op LinkedIn geschreven:
    http://www.linkedin.com/pulse/de-flexibele-schil-toch-maar-niet-rudy-post

    groet
    Rudy

    • Beste Rudy,

      Dank voor je reactie en natuurlijk heb je een punt dat flexibiliteit integraal in de organisatie ingebed dient te zijn. Daar ben ik het ook mee eens. Persoonlijk hindert me de term flexibele schil niet, omdat ik het niet op de manier associeer zoals jij dat doet. Ik zie het meer als de schil van tijdelijk werk. In ieder geval ‘point taken’.

  5. Als nabrander. In het Perspectief van de overheid (belasting, premies WKA etc) zijn deta het vaste medewerkers in dienst van de detachering mits zij dit niet doen onder het uitzendbeding. Ook dat laatste is niet altijd transparant voor klant en mederwerker ondanks dat het natuurlijk wel formeel dient te worden vast gelegd.

  6. @Peter. al na-nabrander => je zo van bij de zzp’ers eigenlijk niet de zzp’ers mee moeten nemen die ‘producten verkopen’, dat zijn er 185.000 van de 808.000

    • Op zich mee eens, echter neemt CBS bij de publicatie van deze cijfers deze groep nu wel mee. Deze groep is nogal divers. Definitie die CBS hanteert is:

      Overige zelfstandigen zonder personeel die producten verkopen.
      Een persoon met als (hoofd)baan het verrichten van arbeid voor eigen
      rekening of risico in een eigen bedrijf of praktijk, of in een
      zelfstandig uitgeoefend beroep, die daarbij geen personeel in dienst
      heeft en waarbij het belangrijkste doel van het bedrijf het verkopen van producten of het aanbieden van grondstoffen is.

      Overigens is het cijfer van 808.000 het laatst bekende cijfer. Dit kan kennelijk nog wijzigen door correcties achteraf.