“Er is een crisis op komst en dan heb je de flexmarkt harder nodig dan ooit”

Een politiek klimaat waarin veel te negatief naar de markt van zelfstandige professionals wordt gekeken brengt grote risico’s met zich mee, zo waarschuwen intermediairs in de flexbranche. Namens brancheverenigingen I-ZO.nl en RIM doen Josien van Breda en Geert-Jan Poorthuis een oproep aan de politiek: Haal geen dingen onnodig overhoop in een segment waar het juist heel goed gaat.

Josien van Breda en Geert-Jan Poorthuis zijn zeer actief in de wereld van bemiddelen van zelfstandige professionals. Zij maken zich zorgen over de wijze waarop de politiek naar de zp’er kijkt en waarschuwen voor de gevolgen van het onderschatten van de waarde van een sterke flexmarkt. Josien van Breda, voorzitter van I-ZO.nl (Intermediairs voor Zelfstandig Ondernemers Nederland) zegt: “De corona-crisis vraagt het uiterste van bedrijven om uit het dal te komen en de juiste dingen te gaan doen. Bedrijven hebben daarom juist nu toegang nodig tot de expertise van zzp’ers. Die kennis moet snel ontsloten kunnen worden teneinde nieuwe energie en nieuwe ideeën bij bedrijven binnen te brengen. Dat is een voorwaarde om weer goede stappen vooruit te kunnen zetten.

Autonomie

Een grote groep mensen kiest er bewust voor om zelfstandig ondernemer te zijn. Zij willen eigen keuzes maken, ze zoeken autonomie en willen hun kennis met verschillende opdrachtgevers delen. Op het moment dat je deze groep zelfstandigen én de opdrachtgevers beperkt in hun mogelijkheden leidt dat tot terughoudendheid en vraaguitval, en dat is nu juist wat we niet moeten hebben in de corona- en post-corona-tijd.”

Geert-Jan Poorthuis

Geert-Jan Poorthuis, voorzitter van de werkgroep Governance bij de Raad voor Interim-management (RIM), benadrukt eveneens dat het juist in deze tijd van belang is dat de flexmarkt goed functioneert: “Er is een crisis op komst en dan heb je die flexmarkt hard nodig. Het is in ieders belang dat de flexmarkt niet helemaal overhoop gehaald wordt. Als er constant wetswijzigingen over de markt worden uitgestrooid veroorzaakt dat onnodige onrust.

Wij begrijpen volledig dat de politiek de onderkant wil beschermen. Daar zijn we bij de RIM ook helemaal voor. Maar zorg dan wel dat je de balans niet verstoort in de segmenten waar het juist goed gaat. In de bovenkant van de markt zitten vooral hoogopgeleide mensen die bewust gekozen hebben voor een bestaan als zelfstandige. En daar zitten bemiddelaars die alles goed kunnen begeleiden en die zorgen dat de juiste contracten worden gebruikt.”

Oude instituties

Josien van Breda

Van Breda maakt zich zorgen over de geluiden uit Den Haag, zegt ze: “De benadering vanuit Den Haag is veel te eenzijdig en veel te veel erop gericht om zoveel mogelijk mensen door het deurtje van de oude instituties te krijgen. Maar die oude instituties zijn lang niet perfect en ook werknemers vallen uit de boot als het gaat om thema’s als een goed pensioen en een goede regeling bij ziekte. Er zijn ongeveer een miljoen zzp’ers, maar een net zo grote groep werknemers bouwt géén pensioen op via hun werkgever en die groep groeit. De arbeidsovereenkomst mag dan wel de toegangspoort tot pensioen zijn, maar voor een miljoen werknemers blijft die poort desondanks op slot. Daarom vinden wij dat we die poort tot pensioen niet alleen voor zzp’ers, maar voor alle werkenden wijd open moeten zetten. Dus maak alsjeblieft vaart met de uitwerking van het pensioenakkoord. Zorg niet dat je zoveel mogelijk werkenden door de huidige deur probeert te persen, maar vervang de deur door eentje die wel voor iedereen open staat. Wij doen een oproep aan politieke partijen om veel breder te kijken en zich niet te beperken tot het behouden van huidige systemen. We moeten echt toe naar vernieuwing.”

Wij doen een oproep aan politieke partijen om veel breder te kijken. We moeten echt toe naar vernieuwing.

Ook het recente advies van advocaat-generaal De Bock is volgens Josien van Breda een voorbeeld van die verkeerde bril waardoor mensen vaak naar het vraagstuk vast – flex kijken: “De advocaat-generaal stelt dat werk dat is ingebed in een organisatie door een werknemer gedaan moet worden. Daar zijn wij het niet mee eens, omdat het bij enorm veel activiteiten die ingebed zijn in een organisatie enorm waardevol is als dat door externen gedaan kan worden. Denk aan een MKB-ondernemer die een externe inhuurt omdat hij een organisatieverandering wil doorzetten. Of denk aan een ICT-project dat vastloopt en weer van de grond getild moet worden. Het is vaak juist heel logisch of zelfs noodzakelijk om hier een buitenstaander voor in te huren, ofwel voor het hele project ofwel voor een specialistisch deel. Vanuit de zelfstandige geredeneerd is dat criterium van ingebed zijn al even onwenselijk. Stel dat iemand heel veel weet van online marketing en die kennis op veel plekken wil inzetten. Wat is er mis mee dat zo iemand zich als extern expert laat inhuren?”

Geert-Jan Poorthuis vult aan: “Het idee dat mensen niet meer ingebed mogen zijn in de organisatie lijkt op het Duitse model, waar interim-managers een zekere afstand moeten hebben tot de organisatie. Ze mogen bijvoorbeeld geen mailadres hebben van het bedrijf waar ze werken en ze moeten werken vanuit een eigen bv, waarmee ze aantonen dat ze echt extern zijn en een soort adviseursrol hebben. Het lastige is dat je invloed op de organisatie dan een stuk kleiner wordt. Ik heb bijvoorbeeld een interim-bestuurder geplaatst bij een woningcorporatie, met de taak om allerlei verbeteringen door te voeren. Als interimmer kan hij binnen een paar weken starten. Maar als deze persoon niet meer de rol van bestuurder kan vervullen omdat hij dan ingebed zou zijn, wordt zijn positie zwakker.

We zien dat vanuit de politiek hele ingewikkelde oplossingen worden gezocht die ten koste gaan van de professie van interim manager. Ik vraag me soms af waar die drang vandaan komt. Laatst zat ik in een radioprogramma en toen werden ook meteen weer vragen op me afgevuurd over de cowboywereld van interimmers. Misschien is dat nog een beeld uit de jaren negentig, waarin mensen vaak op latere leeftijd interimmer werden nadat ze vaak decennia bij één grote corporate hadden gewerkt. Maar interim management is inmiddels een heel professioneel vak geworden met ervaren en goedopgeleide mensen.”

Waarde van het intermediair

Juist de driehoek opdrachtgever – opdrachtnemer – intermediair heeft grote waarde in moeilijke tijden, benadrukt Van Breda: “Wat ons bij I-ZO.nl tijdens de corona-crisis is opgevallen is dat onze leden allemaal snel in de telefoon zijn geklommen om de opdrachtgevers te ondersteunen. Waar veel organisaties in paniek raakten waren het juist de intermediairs die dingen in perspectief plaatsen en die stimuleerden dat besluiten niet alleen op emotionele maar ook op rationele gronden genomen werden. Moeten contracten wel of niet verlengd worden, is het verstandig om nieuwe opdrachten aan te gaan. Rondom dit soort vragen hebben de intermediairs zich echt ontpopt als sparringpartner van de opdrachtgevers.

De intermediair neemt veel marktkennis en -kunde mee. Veel intermediairs zijn niche-spelers die heel goed thuis zijn in bepaalde branches en daardoor een paar stappen eerder zijn in hun denken en ideeën dan opdrachtgevers. Ze kunnen opdrachtgevers daardoor echt verder helpen.

Veel intermediairs zijn niche-spelers die heel goed thuis zijn in bepaalde branches. Ze kunnen opdrachtgevers daardoor echt verder helpen.

Daarnaast neemt de intermediair opdrachtgevers veel werk uit handen, net als de boekhouder. Het is echt een vak, want inhuren van zelfstandigen is door de huidige wet- en regelgeving knap ingewikkeld. De intermediair zorgt dat de contracten die er liggen deugen, dat mensen de tarieven kennen en dat je geen mensen met slechte papieren aanneemt. Door gebruik te maken van die kennis kunnen opdrachtgevers veel sneller schakelen.”

Onzekerheid leidt tot verstoring

Kern van de boodschap van Van Breda en Poorthuis: Haal geen dingen overhoop in segmenten die juist heel goed lopen. Geert-Jan Poorthuis noemt de modelovereenkomst: “Wij vonden dat in het begin best een gedrocht. Maar als RIM hebben we een eigen modelovereenkomst gemaakt die door alle bureaus wordt gebruikt en dat loopt nu goed. Ga daar dan mee door en haal het nu niet weer overhoop. Je kunt kijken of je aspecten kunt verbeteren, maar ga niet met het vooruitzicht van een crisis on de markt allerlei zaken veranderen. Dat leidt tot alleen maar tot onzekerheid en dus tot verstoring van de markt.”

Van Breda: “Helemaal mee eens. Vanuit I-ZO.nl zeggen wij tegen de politiek: Maak het niet nodeloos ingewikkeld. Richt je niet op het terugdringen van het aantal zp’ers, maar op het moderniseren van de instituties. Beperk je tot zaken als arbeidsongeschiktheid, een pensioen voor alle werkenden en het hervormen van de zelfstandigenaftrek. Nu is de zelfstandigenaftrek een vrij bedrag. Zet het om in een bufferbox die je belastingvrij opzij kunt zetten ten behoeve van een AOV of als je even geen omzet hebt. Door de zelfstandigenoptrek op die manier te oormerken los je de belangrijkste pijnpunten op zonder dat je de autonomie van de contractvorm van mensen raakt.”

Poorthuis: “Wat ik de politiek zou adviseren is om juist de zp’ers meer ruimte te geven dan ze nu hebben. Dat is goed voor de economie en de arbeidsvreugde. Zorg tegelijk dat je de sociale zekerheid hervormt en arbeidscontract-neutraal maakt, door het meer aan het individu te koppelen dan aan het contract. Als je die angel eruit haalt hoef je niet moeilijk te doen over de vraag of een ICT’er nu werknemer of zp’er is.”

De ZiPredactie plaatst hier interviews en eigen artikelen. Daarnaast persberichten, aankondigingen of (met toestemming) overgenomen artikelen. (contact: info[AT]zipconomy.nl) Bekijk alle berichten van ZiPredactie